← België

Arrest 258820 - Overheidsopdrachten - 14/02/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 februari 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.820 Rolnummer: A. 238867/XII-9363 Zaak: Arrest 258820 - Overheidsopdrachten - 14/02/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-02-23 Raadplegingen: 91 - laatst gezien 2026-06-05 06:55 Fiche Arrest nr 258.820 van 14 februari 2024 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Geen grond tot uitspraak Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 258.820 van 14 februari 2024 in de zaak A. 238.867/XII-9363 In zake: de NV CURITAS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Fien D’Haenens en Sofie Logie kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bert Verhaeghe kantoor houdend te 8940 Wervik Nieuwstraat 38 tegen: de CVBA INTERGEMEENTELIJKE VERENIGING VOOR AFVALBEHEER IN GENT EN OMSTREKEN (IVAGO) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Maeyaert en Ellen Verschuere kantoor houdend te 1000 Brussel Koloniënstraat 18-24 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partijen:

  1. de BV VLAAMS INZAMEL CENTRUM TEXTIEL (V.I.C.T.)
  2. de BV VICTRANS
  3. de NV RECUTEX, samen vormend een tijdelijke maatschap bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Kris Wauters, Jorien Van Belle en Marie Poisquet kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- XII-9363-1/4 I. Voorwerp van de vordering
  4. De vordering, ingesteld op 14 april 2023, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de raad van bestuur van de Intergemeentelijke Vereniging voor Afvalbeheer in Gent en Omstreken (IVAGO) van 29 maart 2023 om de opdracht met als voorwerp ‘Inzameling, herbestemming en verwerking van textiel via containers op standplaatsen en recyclageparken in het werkingsgebied van IVAGO – perceel 1 (Inzameling, herbestemming en verwerking van textiel via containers op de door de opdrachtnemer te kiezen locaties op publiek domein en op publiek toegankelijk privéterrein, in respectievelijk Gent

(1a)en Destelbergen
(1b))’ te gunnen aan de tijdelijke maatschap bestaande uit de bv Vlaams Inzamel Centrum Textiel (V.I.C.T.), de bv Victrans en de nv Recutex, en van de impliciete beslissing om de opdracht niet te gunnen aan de nv Curitas. II. Verloop van de rechtspleging
  1. Bij arrest nr. 256.532 van 15 mei 2023 is de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen van de tenuitvoerlegging van de beslissing om de opdracht te gunnen aan de voornoemde tijdelijke maatschap. Overeenkomstig artikel 26, § 2, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’, heeft de voorzitter van de XIIe kamer bij beschikking van 21 november 2023 aan de partijen voorgesteld dat de zaak niet op een openbare terechtzitting wordt behandeld, tenzij één van de partijen hierom verzoekt. Geen van de partijen heeft om een terechtzitting gevraagd. XII-9363-2/4 Overeenkomstig bovenvermelde beschikking, werd het debat gesloten en werd de zaak in beraad genomen op 23 januari 2024 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  2. III. Opheffing van de schorsing
  3. De verzoekende partij heeft na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om de nietigverklaring van de bestreden beslissing te vorderen. De Raad van State is in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van de gecoördineerde wetten ertoe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen.
  4. Met brieven van respectievelijk 5 en 13 december 2023 delen de verwerende partij en de verzoekende partij overigens mee dat de raad van bestuur van de verwerende partij de bestreden beslissing op 24 mei 2023 heeft ingetrokken. IV. Kosten
  5. Gelet op de intrekking van de bestreden beslissing past het de kosten, zijnde het rolrecht van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en de door de verzoekende partij gevraagde rechtsplegings- vergoeding van 770 euro, ten laste te leggen van de verwerende partij. BESLISSING
  6. De Raad van State heft de bij arrest nr. 256.532 van 15 mei 2023 bevolen schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid op. XII-9363-3/4
  7. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partijen worden verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 450 euro, elk voor een derde. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op veertien februari tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Paul Lemmens XII-9363-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.820 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.532 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.