← België

Arrest 258967 - Natuurbehoud - Vergunningen - 29/02/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 februari 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.967 Rolnummer: A. 234884/VII-41246 Zaak: Arrest 258967 - Natuurbehoud - Vergunningen - 29/02/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-03-14 Raadplegingen: 96 - laatst gezien 2026-06-16 01:33 Fiche Arrest nr 258.967 van 29 februari 2024 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Natuurbehoud - Vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.967 no lien 276132 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VIIe KAMER nr. 258.967 van 29 februari 2024 in de zaak A. 234.884/VII-41.246 In zake :

  1. M.D.
  2. E.V.
  3. W.D. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frank Judo en Filip De Preter kantoor houdend te 1000 Brussel Keizerslaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Filip Vincke kantoor houdend te 8580 Avelgem Leopoldstraat 63 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij : de BVBA ROCES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Laurent Proot kantoor houdend te 9000 Gent Kasteellaan 141 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  4. Het beroep, ingesteld op 27 oktober 2021, strekt tot de nietigverklaring van het voorwaardelijk gunstig advies van het Agentschap voor Natuur en Bos van 30 augustus 2021 over de aanvraag ingediend door de bvba Roces tot het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen voor het bouwen van een koppelwoning te Koksijde, waarin in het bijzonder wordt aangegeven dat “dit gunstig advies […] VII-41.246-1/7 mits naleving van de voorwaarden gesteld in het advies, [geldt] als afwijking op de verboden van artikel 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu”. II. Verloop van de rechtspleging
  5. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoeksters hebben een memorie van wederantwoord ingediend. De bvba Roces heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 21 februari
  6. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Eerste auditeur Tom De Waele heeft op 26 april 2023 een verslag opgesteld. De verwerende partij en de tussenkomende partij hebben een laatste memorie ingediend. De verzoeksters hebben een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 9 november
  7. Staatsraad Peter Sourbron heeft verslag uitgebracht. Advocaat Filip De Preter, die verschijnt voor de verzoeksters, advocaat Filip Vincke, die verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Laurent Proot, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Tom De Waele heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. VII-41.246-2/7 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  8. III. Feiten 3.
  9. Op 4 juni 2021 dient de bvba Roces een omgevingsvergunningsaanvraag in voor het bouwen van een dubbelwoonst op een terrein gelegen te Koksijde. Het bouwperceel is gesitueerd achter de percelen die in eigendom toebehoren aan de verzoeksters. Het grenst aan een duingebied dat aangewezen is als VEN- en habitatrichtlijngebied. 3.
  10. Over de aanvraag verleent het Agentschap voor Natuur en Bos op 30 augustus 2021 een voorwaardelijk gunstig advies waarin onder meer het volgende wordt gesteld: “Op het terrein was verboden te wijzigen duinvegetatie aanwezig (reeds verwijderd bij aanleg ondergrondse delen en vloerplaat). Er was zeker duindoornstruweel aanwezig. Gezien de vegetatie reeds vernietigd is, is niet meer vast te stellen of nog andere verboden te wijzigen vegetaties voorkwamen. Duinvegetaties zijn verboden te wijzigen conform art. 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu van 23/07/
  11. De aanvrager vraagt een afwijking op het verbod op wijzigen verboden te wijzigen vegetaties (punt 14 in de nota). Vrijstelling op dit verbod is hier niet van toepassing (geen activiteit op een huiskavel en geen activiteit uitgevoerd op basis van een regelmatige machtiging of vergunning, afgeleverd op basis van het Bosdecreet). De aanvrager stelt dat de gevraagde boscompensatie beschouwd kan worden als een herstelmaatregel, maar beschrijft ook het herstel van natuurontwikkeling rondom en op het gebouw. In de natuurtoets staat tevens dat de aanvrager via natuurgericht beheer duindoornstruweel zal herstellen. Het dossier bevat geen details over hoe en waar dit zal gebeuren. Het herstel kan o.i. gebeuren op perceel 1035D én perceel 1035E (samen voorheen 1035A en beide in eigendom van de aanvrager). Dit herstelbeheer dient terdege uitgewerkt te worden (volgens de natuurtoets zal dit gebeuren met het studiebureau) en voorgelegd te worden aan het ANB. Dit beheer dient in lijn te zijn met de beschermingen op het VEN en de instandhoudingsdoelstelling van het habitatrichtlijngebied. Dit herstelbeheer dient ten minste gelijktijdig met de fase van afwerking van het gebouw uitgevoerd te worden. […] De aanvraag omvat het wijzigen van vegetaties die onder toepassing vallen ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.967 VII-41.246-3/7 van artikel 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. Dit gunstig advies van het Agentschap voor Natuur en Bos geldt, mits naleving van de voorwaarden gesteld in het advies, als afwijking op de verboden van artikel 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, volgens artikel 10 van het vermelde besluit. Een ongunstig advies betekent dat er geen afwijking wordt verleend door het Agentschap voor Natuur en Bos en dat het wijzigen van vegetaties onder toepassing van artikel 7 van hogervermeld besluit bijgevolg verboden zijn.” Dit is de thans bestreden akte. 3.
  12. Bij besluit van 11 oktober 2021 verleent het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Koksijde aan de tussenkomende partij de gevraagde omgevingsvergunning, mits naleving van een aantal voorwaarden. 3.
  13. Tegen deze vergunningsbeslissing stellen de verzoeksters bestuurlijk beroep in bij de deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen. 3.
  14. In het kader van de beroepsprocedure verleent het Agentschap voor Natuur en Bos op 16 februari 2022 opnieuw een voorwaardelijk gunstig advies waarin het volgende wordt gesteld: “In het beroepschrift wordt ingegaan op de verboden te wijzigen vegetatie die aanwezig was op het terrein (reeds verwijderd bij aanleg ondergrondse delen en vloerplaat). Er was duindoornstruweel aanwezig. Gezien de vegetatie reeds vernietigd is, is niet meer vast te stellen of nog andere verboden te wijzigen vegetaties voorkwamen. Duinvegetaties zijn verboden te wijzigen conform art. 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu van 23/07/
  15. In het beroepschrift wordt gesteld dat de bouwheer geen afwijking op het verbod tot vernietigen van verboden te wijzigen vegetaties heeft aangevraagd, en dat er dus niet kan van uitgegaan worden dat deze afwijking werd gegeven. Het ANB heeft dit element in de aanvraag pragmatisch aangepakt. In de nota van de aanvrager (punt 14) staat dat een afwijking op het verbod op wijzigen verboden te wijzigen vegetaties wordt aangevraagd - het ANB heeft dit als een aanvraag beschouwd, hoewel er ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.967 VII-41.246-4/7 verder geen dossierstukken zijn omtrent dit onderdeel. De aanvrager stelt dat de gevraagde boscompensatie beschouwd kan worden als een herstelmaatregel, maar engageert zich bijkomend ook tot het herstel van natuurontwikkeling rondom en op het gebouw. In de natuurtoets staat dat de aanvrager via natuurgericht beheer duindoornstruweel zal herstellen. Het dossier bevat geen details over hoe en waar dit zal gebeuren. Daarom heeft ANB hieromtrent een voorwaarde in het advies eerste aanleg opgenomen: Er gebeurt herstel van duinvegetatie op perceel 1035D volgens plan, maar ook op 1035E, conform natuurgericht beheer. Dit beheer wordt terdege uitgewerkt en voorgelegd aan ANB en is in lijn met de beschermingen op het VEN en de instandhoudingsdoelstelling van het habitatrichtlijngebied. Dit herstelbeheer gebeurt ten minste gelijktijdig met de fase van afwerking van het gebouw. […] De aanvraag omvat het wijzigen van vegetaties die onder toepassing vallen van artikel 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. Dit gunstig advies van het Agentschap voor Natuur en Bos geldt, mits naleving van de voorwaarden gesteld in het advies, als afwijking op de verboden van artikel 7 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, volgens artikel 10 van het vermelde besluit. Een ongunstig advies betekent dat er geen afwijking wordt verleend door het Agentschap voor Natuur en Bos en dat het wijzigen van vegetaties onder toepassing van artikel 7 van hogervermeld besluit bijgevolg verboden zijn.” Tegen dit advies hebben de verzoeksters eveneens een beroep tot nietigverklaring ingesteld bij de Raad van State (zaak A 235.877/VII-41.333). 3.
  16. Met een besluit van 21 april 2022 wijst de deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen het beroep van de verzoeksters tegen de vergunningsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Koksijde van 11 oktober 2021 als ongegrond af. Dit besluit werd inmiddels door de Raad voor Vergunningsbetwistingen vernietigd bij arrest nr. RvVb-A-2223-0473 van 26 januari
  17. IV. Verzoek tot samenvoeging
  18. De verzoeksters vragen de samenvoeging met de zaak VII-41.246-5/7 A. 235.877/VII-41.
  19. In het belang van een goede rechtsbedeling werden de beide zaken behandeld op dezelfde openbare terechtzitting. De goede rechtsbedeling vereist voorts niet dat over die zaken in één arrest uitspraak wordt gedaan. V. Doelloos beroep Standpunt van de partijen
  20. De tussenkomende partij werpt op dat de verzoeksters niet langer over een actueel belang bij het beroep beschikken, aangezien het Agentschap voor Natuur en Bos in graad van beroep een nagenoeg identiek advies heeft verstrekt dat, gelet op de devolutieve werking van het bestuurlijk beroep, het thans bestreden advies heeft vervangen.
  21. De verzoeksters erkennen dat het annulatieberoep niet langer een voorwerp heeft, daar de bestreden beslissing geacht moet worden impliciet te zijn ingetrokken door het in graad van beroep uitgebrachte advies van 16 februari
  22. Zij vragen dat de bestreden beslissing toch vernietigd zou worden “voor de duidelijkheid in het rechtsverkeer”. Beoordeling
  23. Op 16 februari 2022 heeft het Agentschap voor Natuur en Bos in het kader van het heronderzoek van de zaak ingevolge het bestuurlijk beroep van de verzoeksters tegen de vergunningsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Koksijde van 11 oktober 2021, een nieuw advies uitgebracht dat het thans bestreden advies volledig heeft vervangen. Bijgevolg is het voorwerp van het annulatieberoep teloor gegaan en is het doelloos geworden.
  24. Aangezien de bestreden akte niet meer bestaat, is er geen aanleiding om in te gaan op de vraag van de verzoeksters om ze “voor de duidelijkheid in het rechtsverkeer” te vernietigen. VII-41.246-6/7 BESLISSING
  25. De Raad van State verwerpt het beroep.
  26. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 600 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoeksters. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negenentwintig februari tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Carlo Adams, kamervoorzitter, Peter Sourbron, staatsraad, Frédéric Vanneste, staatsraad, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Carlo Adams VII-41.246-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.967 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.