id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 maart 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.363 Rolnummer: A. 240572/X-18509 Zaak: Arrest 259363 - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) - 29/03/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-04-05 Raadplegingen: 103 - laatst gezien 2026-06-14 03:31 Fiche Arrest nr 259.363 van 29 maart 2024 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 259.363 van 29 maart 2024 in de zaak A. 240.572/X-18.509 In zake: de BV D.L. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Peter Flamey en Glenn Declercq kantoor houdend te 2018 Antwerpen Jan Van Rijswijcklaan 16 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Bob Martens, Matthias Stinissen en Tatyana Lebedeva kantoor houdend te 1000 Brussel Wolstraat 70 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingediend op 24 november 2023, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van: a. het besluit van de gemeenteraad van de stad Antwerpen van 25 september 2023 waarbij wijzigingen aan het algemeen reglement op de gemeentelijke parkeervergunning worden goedgekeurd; b. het besluit van de gemeenteraad van de stad Antwerpen van 25 september 2023 waarbij de wijzigingen aan het retributiereglement met betrekking tot het parkeren op de openbare weg worden goedgekeurd; c. het besluit van de gemeenteraad van de stad Antwerpen van 25 september 2023 waarbij wijzigingen aan het retributiereglement betalende gemeentelijke parkeervergunningen worden goedgekeurd. X-18.509-1/5 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. Auditeur Benny De Sutter heeft een verslag opgesteld. Met toepassing van artikel 90, § 1, vierde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, is de zaak verwezen naar een kamer met drie leden. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 15 maart
- Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Glenn Declercq, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaten Matthias Stinissen en Tatyana Lebedeva, die verschijnen voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Benny De Sutter heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- De verzoekende partij is een onderneming voor de installatie en het onderhoud van liften en roltrappen die actief is in heel Vlaanderen en Brussel. Vanuit haar vestigingseenheid in Aartselaar verleent zij haar diensten aan appartementsgebouwen, winkels, kantoren, overheidsinstellingen, bedrijven, enzovoort, in het westelijk deel van de provincie Antwerpen, waaronder de stad Antwerpen. X-18.509-2/5
- Op 16 december 2013 keurt de gemeenteraad van de stad Antwerpen het algemeen reglement op de gemeentelijke parkeervergunning goed. 5.
- Op 27 juni 2022 voegt de gemeenteraad van de stad Antwerpen aan het algemeen reglement op de gemeentelijke parkeervergunning een “parkeervergunning voor ondernemingen” toe. 5.
- Met een ander besluit van 27 juni 2022, het “retributiereglement betalende gemeentelijke parkeervergunningen”, legt de gemeenteraad de retributietarieven voor de nieuwe parkeervergunning voor ondernemingen vast. 6.
- Met drie besluiten van 22 mei 2023 voert de gemeenteraad van de stad Antwerpen wijzigingen door aan de gemeentelijke parkeerreglementering, die alle in werking treden vanaf 1 augustus
- 6.
- De door de verzoekende partij ingestelde vordering tot schorsing van de drie laatstgenoemde besluiten wordt door de Raad van State verworpen bij arrest nr. ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.612 van 26 januari 2024 (zaak A. 239.712/X-18.442).
- Met de bestreden besluiten van 25 september 2023 voert de gemeenteraad van de stad Antwerpen opnieuw wijzigingen door aan de gemeentelijke parkeerreglementering, die alle in werking treden vanaf 1 oktober
- IV. Ontvankelijkheid
- De verwerende partij betwist de ontvankelijkheid van de vordering met meerdere excepties. Een onderzoek van en een uitspraak over deze excepties zouden zich alleen opdringen indien aan de grondvoorwaarden voor een schorsing voldaan mocht zijn, wat, zoals hierna zal blijken, niet het geval is. X-18.509-3/5 V. Grondvoorwaarden voor een schorsing
- Krachtens artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring. VI. Onderzoek van de spoedeisendheid
- Het komt er voor een verzoekende partij die beweert dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het annulatieberoep te kunnen afwachten, op aan om van die urgentie te overtuigen aan de hand van de concrete feiten die zij in haar verzoekschrift aanvoert. Dit houdt in dat het aan de verzoekende partij toekomt aan de zaak eigen, specifieke gegevens bij te brengen die in concreto aantonen dat de zaak spoedeisend is, gelet op de nadelige gevolgen die een tenuitvoerlegging van het bestreden besluit voor haar persoonlijk veroorzaken in de periode voorafgaand aan de uitspraak ten gronde.
- Te dezen doet de verzoekende partij in het verzoekschrift gelden dat zij ernstige financiële schade leidt als gevolg van de aankoop van parkeervergunningen voor ondernemingen.
- In haar nota werpt de verwerende partij op dat het derde bestreden besluit de tarieven voor de parkeervergunningen voor ondernemingen verlaagt. Het blijkt niet dat de drie bestreden besluiten voor de verzoekende partij enig nadeel meebrengen.
- In het auditoraatsverslag wordt gesteld dat de verzoekende partij niet overtuigt van het bestaan van nadelige gevolgen die de spoedeisendheid zouden verantwoorden. X-18.509-4/5
- Ter terechtzitting stelt de verzoekende partij dat zij zich wat de voorwaarde van de spoedeisendheid betreft, gedraagt naar de wijsheid van de Raad van State.
- De Raad van State acht het wijs de zienswijze van de auditeur bij te vallen dat het verzoekschrift niet aannemelijk maakt dat de vordering spoedeisend zou zijn. Uit het voorgaande volgt dat niet voldaan is aan ten minste één van de cumulatieve voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State om de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te bevelen. Die vaststelling volstaat om de schorsingsvordering af te wijzen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negenentwintig maart tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-18.509-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.363 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.263.859 citeert: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.612 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div