← België

Arrest 259365 - Wegenwezen - 29/03/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 maart 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.365 Rolnummer: A. 240583/X-18512 Zaak: Arrest 259365 - Wegenwezen - 29/03/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-04-05 Raadplegingen: 95 - laatst gezien 2026-06-11 07:56 Fiche Arrest nr 259.365 van 29 maart 2024 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Wegenwezen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.365 no lien 276297 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 259.365 van 29 maart 2024 in de zaak A. 240.583/X-18.512 In zake: de BVBA H.B. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Gaël Bedert kantoor houdend te 2560 Kessel Torenvenstraat 16 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Verbist kantoor houdend te 3550 Heusden-Zolder Pastoor Paquaylaan 184 tegen:

  1. de GEMEENTE MAASMECHELEN
  2. het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jonas De Wit kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de BV WATERSIDE LIVING DEVELOPMENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Filip Van Der Veken kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 182 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
  3. De vordering, ingesteld op 24 november 2023, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van: a. het besluit van de gemeenteraad van de gemeente Maasmechelen van 23 mei 2023 houdende de goedkeuring van het tracé der wegen en de gratis ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.365 X-18.512-1/6 verwerving en opname in het openbaar domein van de wegenis in het kader van het bouwproject voor vijf appartementsgebouwen op het terrein aan de Sint-Barbarastraat 25 te Maasmechelen (hierna: het betrokken terrein) en b. het besluit van de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken van 7 september 2023 waarmee het bestuurlijk beroep van de verzoekende partij tegen het voornoemde gemeenteraadsbesluit onontvankelijk wordt verklaard. II. Verloop van de rechtspleging
  4. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Met een verzoekschrift van 19 januari 2024 heeft de bv Waterside Living Development gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een verslag opgesteld. Met toepassing van artikel 90, § 1, vierde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, is de zaak verwezen naar een kamer met drie leden. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 15 maart
  5. Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Gaël Bedert, die loco advocaat Stijn Verbist verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Dylan Vercammen, die loco advocaat Jonas De Wit verschijnt voor de verwerende partijen en advocaat Ali Mohibbi, die loco advocaat Filip Van Der Veken verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. X-18.512-2/6 Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  6. III. Feiten
  7. De tussenkomende partij wil op het betrokken terrein een bouwproject voor vijf appartementsgebouwen realiseren. De verzoekende partij is een bouwonderneming die eigenaar is van een aan het betrokken terrein palend perceel.
  8. Met het eerste bestreden besluit keurt de gemeenteraad van de gemeente Maasmechelen de zaak van de wegen goed in het kader van de omgevingsvergunningsaanvraag van de tussenkomende partij.
  9. Met het tweede bestreden besluit verklaart de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken het bestuurlijk beroep van de verzoekende partij tegen het voornoemde gemeenteraadsbesluit onontvankelijk.
  10. Met een besluit van 12 oktober 2023 verleent de deputatie van de provincieraad van de provincie Limburg (hierna: de deputatie) aan de tussenkomende partij de omgevingsvergunning om op het betrokken terrein bestaande constructies te slopen, bos te rooien, vijf appartementsgebouwen op te richten en wegen aan te leggen.
  11. Bij arrest nr. RvVb-S-2324-0482 van 22 februari 2024 verwerpt de Raad voor Vergunningsbetwistingen de schorsingsvordering van de verzoekende partij tegen het laatstgenoemde besluit. X-18.512-3/6 IV. Tussenkomst
  12. De bv Waterside Living Development blijkt voordeel te halen uit de bestreden beslissing en heeft er belang bij dat de vordering wordt afgewezen. Bijgevolg moet haar verzoek worden ingewilligd. V. Ontvankelijkheid
  13. De tussenkomende partij betwist de ontvankelijkheid van de vordering met een exceptie. Een onderzoek van en een uitspraak over deze exceptie zouden zich alleen opdringen indien aan de grondvoorwaarden voor een schorsing voldaan mocht zijn, wat, zoals hierna zal blijken, niet het geval is. VI. Grondvoorwaarden voor een schorsing
  14. Krachtens artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring. VII. Onderzoek van de spoedeisendheid
  15. Het komt er voor een verzoekende partij die beweert dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het annulatieberoep te kunnen afwachten, op aan om van die urgentie te overtuigen aan de hand van de concrete feiten die zij in haar verzoekschrift aanvoert. Dit houdt in dat het aan de verzoekende partij toekomt aan de zaak eigen, specifieke gegevens bij te brengen die in concreto aantonen dat de zaak spoedeisend is, gelet op de nadelige gevolgen die een tenuitvoerlegging van het bestreden besluit voor haar persoonlijk veroorzaken in de periode voorafgaand aan de uitspraak ten gronde. X-18.512-4/6
  16. Te dezen doet de verzoekende partij in het verzoekschrift gelden dat de bestreden besluiten “manifest onwettig tot stand gekomen [zijn]”. Bovendien beschikt de tussenkomende partij over een uitvoerbare omgevingsvergunning en is ze deze reeds op het terrein aan het uitvoeren, terwijl de deputatie die vergunning “mogelijk verleend [heeft] zonder een voorafgaandelijke wettige gemeenteraadsbeslissing aangaande het tracé der wegen”. Reeds alle bomen op het betrokken terrein werden gekapt. Indien de uitspraak over de nietigverklaring moet worden afgewacht zal de omgevingsvergunning volledig uitgevoerd zijn. De verzoekende partij schrijft dat “de specifieke gevolgen” die uit de uitvoering van de omgevingsvergunning voortvloeien niet alleen nefast zullen zijn voor haar perceel maar ook voor het algemeen belang. Tot slot verwijst de verzoekende partij naar de uiteenzetting van haar middelen die “één voor één […] ernstig [zijn]”.
  17. In haar uiteenzetting gaat de verzoekende partij er aan voorbij dat de voorwaarde van de spoedeisendheid te onderscheiden is van de voorwaarde van het aanvoeren van minstens één ernstig middel. Uit haar stellingen dat de bestreden besluiten “manifest onwettig” zijn en dat zij ernstige middelen aanvoert volgt geen spoedeisendheid. Hetzelfde geldt voor haar bewering dat de omgevingsvergunning het algemeen belang schaadt. Wat die omgevingsvergunningsvergunning betreft, moet voorts worden vastgesteld dat de Raad voor Vergunningsbetwistingen in het voormelde arrest de ertegen ingestelde schorsingsvordering heeft verworpen omdat de verzoekende partij niet overtuigt van het bestaan van nadelige gevolgen die de spoedeisendheid zouden verantwoorden. Het onderhavige verzoekschrift laat na om concreet te maken wat nu precies de nadelige gevolgen zullen zijn die de bestreden besluiten voor de verzoekende partij persoonlijk zullen veroorzaken in de periode voorafgaand aan de uitspraak ten gronde. X-18.512-5/6
  18. De conclusie is dat het verzoekschrift niet aannemelijk maakt dat de vordering spoedeisend zou zijn. Uit het voorgaande volgt dat niet voldaan is aan ten minste één van de cumulatieve voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State om de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te bevelen. Die vaststelling volstaat om de schorsingsvordering af te wijzen. BESLISSING
  19. Het verzoek van de bv Waterside Living Development tot tussenkomst wordt ingewilligd.
  20. De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negenentwintig maart tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-18.512-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.365 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.482 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.