← België

Arrest 259856 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 24/05/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 mei 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.856 Rolnummer: A. 241198/X-18593 Zaak: Arrest 259856 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 24/05/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-05-31 Raadplegingen: 93 - laatst gezien 2026-06-06 16:28 Fiche Arrest nr 259.856 van 24 mei 2024 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.856 no lien 277300 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 259.856 van 24 mei 2024 in de zaak A. 241.198/X-18.593 In zake: M.V. tegen: de GEMEENTE ETTERBEEK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jacques Sambon en Erim Açikgöz kantoor houdend te 1030 Brussel August Reyerslaan 110 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: B.J. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Olivia Van Der Kindere en Charlotte Kin kantoor houdend te 1000 Brussel Lloyd Georgelaan 16 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingediend op 12 februari 2024, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Etterbeek van 16 oktober 2023 waarbij de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor de inrichting van een woning in een achtergebouw gelegen in de Olmstraat te Etterbeek. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een verslag opgesteld. X-18.593-1/7 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 3 mei
  3. Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. M.V., die in persoon verschijnt, advocaat Patrick Masureel, die loco advocaten Jacques Sambon en Erim Açikgöz verschijnt voor de verwerende partij, en advocaat Charlotte Kin, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten
  5. De tussenkomende partij dient op 22 juli 2021 bij het gemeentebestuur van de gemeente Etterbeek een aanvraag in om een stedenbouwkundige vergunning te verkrijgen voor de inrichting van een woning in een achtergebouw op een perceel langs de Olmstraat te Etterbeek. Achteraan paalt dit perceel aan het langs de Charles Degrouxstraat gelegen terrein waarop verzoekers woning staat.
  6. Van 17 januari 2022 tot 31 januari 2022 wordt een openbaar onderzoek georganiseerd. Er worden twaalf bezwaarschriften ingediend.
  7. Op 8 februari 2022 verleent de overlegcommissie een ongunstig advies. X-18.593-2/7
  8. Op 18 februari 2022 deelt de tussenkomende partij mee dat zij haar aanvraag wil wijzigen om tegemoet te komen aan de opmerkingen van de overlegcommissie.
  9. Op 18 mei 2022 dient de tussenkomende partij een gewijzigde aanvraag in.
  10. Er wordt opnieuw een openbaar onderzoek georganiseerd, van 26 augustus 2022 tot 9 september
  11. Tijdens dit openbaar onderzoek worden vijf bezwaarschriften ingediend.
  12. Op 20 september 2022 verleent de overlegcommissie opnieuw een ongunstig advies.
  13. Met een op 17 oktober 2022 ondertekende brief deelt de aanvrager opnieuw mee dat hij gewijzigde plannen wenst in te dienen om tegemoet te komen aan de opmerkingen van de overlegcommissie.
  14. Op 17 april 2023 wordt een tweede gewijzigde aanvraag ingediend.
  15. Er wordt nogmaals een openbaar onderzoek georganiseerd, van 22 mei 2023 tot 5 juni
  16. Tijdens dit openbaar onderzoek worden vijf bezwaarschriften ingediend.
  17. Op 20 juni 2023 verleent de overlegcommissie een voorwaardelijk gunstig advies. Daarbij wordt als voorwaarde onder meer opgelegd dat de zichten vanuit het raam op de eerste verdieping achteraan moeten worden ingeperkt, bijvoorbeeld door het gebruik van gehamerd glas.
  18. Op 28 juni 2023 brengt het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Etterbeek een voorwaardelijk gunstig advies uit waarbij de voorwaarden van de overlegcommissie worden hernomen. X-18.593-3/7
  19. Op 30 juni 2023 richt het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Etterbeek een brief aan de aanvrager met de vraag om een gewijzigde aanvraag in te dienen teneinde tegemoet te komen aan de voorwaarden geformuleerd door het college op 28 juni
  20. Op 26 september 2023 wordt een derde gewijzigde aanvraag ingediend.
  21. Op 16 oktober 2023 verleent het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Etterbeek de stedenbouwkundige vergunning. Dit is het bestreden besluit. IV. Tussenkomst
  22. B.J. blijkt voordeel te halen uit de bestreden beslissing en heeft er belang bij dat de vordering wordt afgewezen. Bijgevolg moet zijn verzoek tot tussenkomst worden ingewilligd. V. Ontvankelijkheid
  23. De verwerende partij en de tussenkomende partij betwisten de ontvankelijkheid van de vordering met excepties. Een onderzoek van en een uitspraak over deze excepties zouden zich alleen opdringen indien aan de grondvoorwaarden voor een schorsing voldaan mocht zijn, wat, zoals hierna zal blijken, niet het geval is. X-18.593-4/7 VI. Grondvoorwaarden voor een schorsing
  24. Krachtens artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring. VII. Onderzoek van de ernst van de middelen
  25. In het verzoekschrift wordt aangevoerd dat de inrichting van de woning in het achtergebouw leidt tot een aantasting van de privacy van verzoeker. Meer concreet hekelt verzoeker de inkijk in twee slaapkamers en de woonkamer van zijn woning en de lawaaihinder en de minder goede levenskwaliteit door het voorziene terras op het gelijkvloers. Voorts bekritiseert verzoeker de vermindering van lichtinval en uitzicht door de verhoging van de gemeenschappelijke muur, hetgeen ook leidt tot een aantasting van de esthetiek. Verzoeker benadrukt de onduidelijke formulering van de vergunningsvoorwaarde met betrekking tot het ondoorzichtig maken van het raam op de eerste verdieping aan de achterkant. Het zou logisch zijn ook het raam van het gelijkvloers aan de achterzijde van het vergunde achtergebouw ondoorzichtig te maken. Volgens verzoeker is het gelijkheidsbeginsel geschonden daar er niet op consequente wijze rekening werd gehouden met de aantasting van de privacy op de verschillende omwonenden omdat aan de voorkant (kant van de Olmstraat) de afstand tot de naburige muur verhoogd werd naar 6 meter terwijl aan de achterkant (kant van de Charles Degrouxstraat) de afstand tot de naburige muur slechts aangepast werd naar 3,4 meter.
  26. In haar nota wijst de verwerende partij erop dat het vergunde achtergebouw zich in het verlengde van het woongebouw aan de Olmstraat bevindt ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.856 X-18.593-5/7 en rechtstreekse uitzichten heeft op dit woongebouw die door geen enkel fysiek obstakel worden belemmerd. Daarentegen ligt verzoekers terrein aan de Charles Degrouxstraat haaks op het perceel waarop de bestreden vergunning betrekking heeft en is het hiervan afgescheiden door een gemene tuinmuur van meer dan drie meter hoog. In het licht van deze verschillen is het op het eerste gezicht terecht dat de verwerende partij opmerkt dat verzoeker er niet in slaagt een schending van het gelijkheidsbeginsel aan te tonen. Voorts doet de verwerende partij prima facie terecht gelden dat er geen “visuele intrusie” kan zijn vanuit de raamopening op het gelijkvloers van het vergunde achtergebouw daar de bovenrand ervan gelegen is onder de hoogte van de gemene tuinmuur. Dat deze tuinmuur geen obstakel vormt voor een schuin zicht op de achterzijde van verzoekers slaapkamers vanuit het raam op de eerste verdieping van het vergunde achtergebouw is juist, maar voorshands wordt aangenomen dat daaruit geen onwettigheid blijkt, temeer nu het bestreden besluit als voorwaarde oplegt om het laatstgenoemde raam ondoorzichtig te maken. Anders dan verzoeker meent, lijkt het feit dat aan de bouwheer de keuze wordt gelaten tussen verschillende manieren waarop deze ondoorzichtigheid kan worden gerealiseerd – bijvoorbeeld door het gebruik van gehamerd glas of door het aanbrengen van een ondoorzichtige folie op helder glas – de grenzen van de redelijkheid niet te buiten gaan of anderszins onwettig te zijn. De bedenkingen en opmerkingen van verzoeker in verband met de te verwachten hinder en nadelen tonen op het eerste gezicht geen onwettigheid aan.
  27. De conclusie is dat in het verzoekschrift geen ernstig middel wordt aangevoerd. Uit het voorgaande volgt dat niet voldaan is aan ten minste één van de cumulatieve voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State om de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te bevelen. Die vaststelling volstaat om de schorsingsvordering af te wijzen. X-18.593-6/7 BESLISSING
  28. Het verzoek van B.J. tot tussenkomst wordt ingewilligd.
  29. De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op vierentwintig mei tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Jan Clement X-18.593-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.856 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.611 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.