id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 juni 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.303 Rolnummer: A. 241420/VII-42442 Zaak: Arrest 260303 - Niet begeleide minderjarigen - 27/06/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-07-04 Raadplegingen: 94 - laatst gezien 2026-06-06 01:56 Fiche Arrest nr 260.303 van 27 juni 2024 Vreemdelingen - Niet begeleide minderjarigen Beslissing : heropening debatten Voortzetting gewone procedure Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.303 no lien 277907 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 260.303 van 27 juni 2024 in de zaak A. 241.420/VII-42.442 In zake : M.M. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Oriane Todts kantoor houdend te 1060 Brussel Henri Jasparlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ine De Cneudt kantoor houdend te 3054 Vaalbeek (Oud-Heverlee) Maurits Noëstraat 145 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Verzoeker dient met een enig verzoekschrift op 11 maart 2024 een vordering tot schorsing en een beroep tot nietigverklaring in van de beslissing van de Federale Overheidsdienst Justitie, dienst Voogdij, van 10 januari 2024 waarbij wordt beslist verzoeker te beschouwen als ouder dan 18 jaar en dat verzoeker geen voogd zal krijgen. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. VII-42.442-1/5 Eerste auditeur Marijke Van Limbergen heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 juni 2024, om 14 uur. Kamervoorzitter Carlo Adams heeft verslag uitgebracht. Advocaat Oriane Todts, die verschijnt voor verzoeker, en advocaat Filip Stouthuysen, die loco advocaat Ine De Cneudt verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Marijke Van Limbergen heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Verzoeker komt België binnen en hij wordt op 23 oktober 2023 als niet-begeleide minderjarige vreemdeling aangemeld door de dienst Vreemdelingenzaken bij de dienst Voogdij. Hij heeft verklaard van Afghaanse nationaliteit te zijn en geboren te zijn op 4 mei
- De dienst Vreemdelingenzaken uit twijfel over verzoekers voorgehouden leeftijd. In het Universitair Ziekenhuis Sint-Rafaël te Leuven ondergaat verzoeker op 25 oktober 2023 een medisch onderzoek om na te gaan of hij al dan niet de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. De arts besluit dat verzoeker “op datum van 25-10-2023 een leeftijd heeft van 20 jaar met een standaarddeviatie van 2 jaar”. VII-42.442-2/5 Op 31 oktober 2023 bezorgt de sociaal assistent van het opvangcentrum waar verzoeker op dat ogenblik verblijft een Afghaans identiteitsdocument aan de dienst Voogdij. De dienst Voogdij beslist op 10 januari 2024 verzoeker te beschouwen als ouder dan 18 jaar en dat verzoeker geen voogd zal krijgen. Dit is de bestreden beslissing. IV. Voorgestelde toepassing van de versnelde rechtspleging van artikel 93 van de algemene procedureregeling
- De auditeur-verslaggever heeft een verslag opgesteld met toepassing van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ waarin zij verzoekers enige middel niet gegrond bevindt en van oordeel is dat het beroep tot nietigverklaring met korte debatten definitief kan worden beslecht door het te verwerpen. Naar luid van artikel 93, vierde lid, van voornoemd besluit van de Regent, wordt de zaak definitief beslecht indien de kamervoorzitter het eens is met de conclusie van het verslag. Het vijfde lid van dit artikel bepaalt dat, indien de kamervoorzitter van oordeel is dat de zaak niet gereed is om definitief te worden beslecht, hij deze verwijst naar de gewone rechtspleging.
- Te dezen heeft verzoeker in het derde onderdeel van het enige middel onder meer aangevoerd dat de bestreden beslissing niet correct werd gemotiveerd, omdat erin wordt gesteld dat “bij u zegt de medische test dat uw jongste leeftijd 18 jaar is en volgens uw verklaringen en documenten bent u ongeveer 15,0 jaar. Er is een verschil van ongeveer 3,0 jaar, dit vinden we te groot”. Verzoeker wijst er echter op dat de door hem overgelegde taskara aantoont dat hij op het ogenblik van het medisch onderzoek 16 jaar en 5 maanden oud was, zoals hij dit ook verklaard heeft. Ten opzichte van de resultaten van de medische ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.303 VII-42.442-3/5 leeftijdsschatting levert dit aldus een verschil van 1 jaar en 7 maanden op. De dienst Voogdij stelt in de bestreden beslissing bovendien uitdrukkelijk dat hij documenten aanvaardt “wanneer het verschil tussen de resultaten van de medische test en de leeftijd volgens de documenten redelijk is (niet te groot)” en oordeelt vervolgens dat een verschil van 3 jaar te groot is. Voorts stelt verzoeker vast dat de dienst Voogdij niet bijkomend motiveert waarom een verschil van 3 jaar te groot is en het onduidelijk is wanneer het verschil tussen de resultaten van de medische test en de leeftijd zoals die blijkt uit de aangereikte documenten wel “redelijk” wordt geacht. Dienvolgens is hij van oordeel dat op basis van de bestreden beslissing onmogelijk kan worden achterhaald of de dienst Voogdij zijn taskara wel zou hebben aanvaard indien hij rekening had gehouden met een verschil van 1 jaar en 7 maanden in plaats van 3 jaar.
- De dienst Voogdij beschikt, wat de beoordeling van de bewijswaarde van de hem voorgelegde stukken betreft, over een discretionaire beoordelingsbevoegdheid. Hiervoor kan, onder meer, worden gewezen op artikel 28, § 2 van de wet van 16 juli 2004 ‘houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht’, naar luid waarvan het tegenbewijs van de door de buitenlandse overheid vastgestelde feiten mag worden aangebracht met alle middelen. Het resultaat van een medische leeftijdsschatting vormt dergelijk (tegen)bewijsmiddel. Te dezen stelt de dienst Voogdij vast dat de overgelegde taskara niet is gelegaliseerd, doch lijkt hij terzelfdertijd aan te geven dat hij documenten zal aanvaarden op voorwaarde dat het verschil tussen de betreffende documenten en de resultaten van de medische leeftijdsschatting redelijk is. De dienst Voogdij acht het verschil, dat volgens hem te dezen ongeveer 3,0 jaar bedraagt, te groot. De Raad van State dient echter vast te stellen dat het verschil tussen verzoekers taskara en de jongste leeftijd volgens de medische leeftijdsschatting alleszins geen drie jaar bedraagt, maar minder dan twee jaar. Het komt de Raad van State voor dat over het enige middel geen uitspraak kan worden gedaan in de zin als voorgesteld in het auditoraatsverslag, dit na “korte debatten” zoals bedoeld in artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.303 VII-42.442-4/5 23 augustus
- Derhalve moet het middel tot nietigverklaring worden onderworpen aan het normale debat.
- Uit het voorgaande volgt dat de zaak nog niet in zoverre gereed is dat de beslechting van het geschil kan worden afgedaan met korte debatten. Ze wordt derhalve met toepassing van het vijfde lid van het voormelde artikel 93 verwezen naar de gewone rechtspleging. BESLISSING
- De Raad van State heropent het debat.
- De zaak wordt verwezen naar de gewone rechtspleging. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zevenentwintig juni tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Carlo Adams, kamervoorzitter bijgestaan door Bryan Geerts, toegevoegd griffier. De griffier De voorzitter Bryan Geerts Carlo Adams VII-42.442-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.303 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div