← België

Arrest 260401 - Overheidsopdrachten - 05/07/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 juli 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.401 Rolnummer: A. 242148/XII-9508 Zaak: Arrest 260401 - Overheidsopdrachten - 05/07/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-07-05 Raadplegingen: 108 - laatst gezien 2026-06-11 03:19 Fiche Arrest nr 260.401 van 5 juli 2024 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe VAKANTIEKAMER nr. 260.401 van 5 juli 2024 in de zaak A. 242.148/XII-9508 In zake: de NV BEKAERT BUILDING COMPANY bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Carlos De Wolf kantoor houdend te 9680 Maarkedal Etikhovestraat 6 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Charlotte De Wolf kantoor houdend te 9000 Gent Fortlaan 95 tegen: de GEMEENTE DESTELBERGEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wim Rasschaert en Manik Peferoen kantoor houdend te 9620 Leeuwergem Gentsesteenweg 323 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 4 juni 2024, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “de beslissing d.d. 23 mei 2024 van verwerende partij zijnde: ‘Artikel
  2. De opdracht ‘Bouw van de nieuwe gemeentelijke basisschool te Destelbergen’ wordt gegund aan de economisch meest voordelige regelmatige bieder, zijnde ALGEMENE ONDERNEMINGEN ROBERT WYCKAERT NV, Ottergemsesteenweg 415, 9000 Gent tegen het nagerekende offertebedrag van €7.564.230,97 excl. btw of € 8.018.084,83 incl. 6% btw.’” XII-9508-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  3. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 4 juli
  4. Staatsraad Ann Coolsaet heeft verslag uitgebracht. Advocaat Carlos De Wolf, die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Ruben Merckx die, loco advocaat Wim Rasschaert verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Frederic Eggermont heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Intrekking van de bestreden beslissing
  6. Met een beslissing van de gemeente Destelbergen van 25 juni 2024 is de bestreden beslissing ingetrokken. De vordering is bijgevolg zonder voorwerp, minstens heeft de verzoekende partij haar belang bij de vordering verloren. IV. Kosten
  7. In de gegeven omstandigheden past het de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen.
  8. De verzoekende partij vraagt ter terechtzitting om de in het verzoekschrift gevraagde rechtsplegingsvergoeding te verhogen, onder meer omwille van de door haar telkens opnieuw te leveren inspanningen en het gegeven XII-9508-2/4 dat de opdracht nu reeds voor de derde keer werd gegund en deze gunning voor de derde keer werd ingetrokken.
  9. Overeenkomstig artikel 84/1 van het algemeen procedurereglement, gelezen in samenhang met artikel 2 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 ‘tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State’, kan de rechtsplegingsvergoeding worden aangevraagd in elk procedurestuk of elke nota tot vereffening van de kosten, ingediend door tussenkomst van een advocaat en zulks ten laatste vijf dagen vóór de zitting, behalve in het geval van de vordering tot schorsing of tot voorlopige maatregel, ingediend bij uiterst dringende noodzakelijkheid waarbij de rechtsplegingsvergoeding gevraagd kan worden tot aan de sluiting van de debatten. Derhalve moet ook een verhoging van de in het verzoekschrift gevraagde rechtsplegingsvergoeding gebeuren in een procedurestuk of een nota tot vereffening van de kosten. Het louter mondeling ter terechtzitting vragen van een verhoogde rechtsplegingsvergoeding beantwoordt niet aan de in het voornoemde artikel 84/1 gestelde vereisten. De door de verzoekende partij gevraagde verhoging van de basisrechtsplegingsvergoeding wordt bijgevolg afgewezen. BESLISSING
  10. De Raad van State verwerpt de vordering.
  11. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. XII-9508-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op vijf juli tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, XIIe vakantiekamer, samengesteld uit: Ann Coolsaet, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Ann Coolsaet XII-9508-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.401 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.