id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 november 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.416 Rolnummer: A. 240867/XII-9717 Zaak: Arrest 261416 - Dierenwelzijn - 22/11/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-11-25 Raadplegingen: 100 - laatst gezien 2026-06-17 04:24 Fiche Arrest nr 261.416 van 22 november 2024 Sociale zaken en volksgezondheid - Dierenwelzijn Beslissing : afvoering Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 261.416 van 22 november 2024 in de zaak A. 240.867/XII-9717 In zake : de BV HOEVE HOOGLAND bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tristan Carolus kantoor houdend te 1090 Brussel Odon Warlandlaan 187 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Isabelle Cooreman kantoor houdend te 1082 Brussel Keizer Karellaan 586 bus 9 bij wie woonplaats wordt gekozen Verzoekende partij tot tussenkomst: de VZW GLOBAL ACTION IN THE INTEREST OF ANIMALS gevestigd te 1000 Brussel Hopstraat 43 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Anthony Godfroid kantoor houdend te 2970 Schilde Drijverslaan 13 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 26 december 2023, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing met kenmerk E-19-104 25 oktober 2023 genomen door de heer [K.Z.], Inspecteur-dierenarts van het Departement Omgeving […] waarbij de erkenning met nummer HK4010106383 voor de XII-9717-1/4 uitbating van dierenpension voor honden en katten de facto werd ingetrokken door de opgelegde maatregelen en verbod”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 259.589 van 23 april 2024 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. Op 10 september 2024 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 71, vierde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 71, vierde lid, van voormeld besluit van de Regent zal, indien de in het eerste lid bedoelde rekening niet gecrediteerd is binnen de termijn van dertig dagen na de ontvangst van het overschrijvingsformulier, het ingestelde beroep van de rol worden geschrapt. XII-9717-2/4 In het schrijven waarbij aan de verzoekende partij de voor het overschrijven van de verschuldigde kosten vereiste gegevens werden meegedeeld, heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 71, vierde lid. De verzoekende partij heeft de betrokken rekening niet gecrediteerd binnen de voormelde termijn van dertig dagen. Om die reden dient het beroep van de rol te worden geschrapt. IV. Rechtsplegingsvergoeding
- De verwerende partij vraagt de verzoekende partij te veroordelen tot het betalen van een rechtsplegingsvergoeding “begroot op 924 [euro] (verhoging omwille van schorsingsprocedure)”. Er is geen reden om een rechtsplegingsvergoeding hoger dan het basisbedrag van 770 euro toe te kennen. V. Verzoek tot tussenkomst
- Aangezien het beroep van de rol wordt geschrapt, dient het door de verzoekende partij tot tussenkomst betaalde rolrecht te worden terugbetaald. BESLISSING
- Het beroep wordt van de rol geschrapt.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en XII-9717-3/4 een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Het door de verzoekende partij tot tussenkomst betaalde rolrecht van 150 euro dient te worden terugbetaald. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op tweeëntwintig november tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Chantal Bamps, kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Chantal Bamps XII-9717-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.416 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.589 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.