← België

Arrest 261890 - Overheidsopdrachten - 27/12/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 december 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.890 Rolnummer: A. 243417/XIV-39674 Zaak: Arrest 261890 - Overheidsopdrachten - 27/12/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-12-31 Raadplegingen: 111 - laatst gezien 2026-06-17 03:42 Fiche Arrest nr 261.890 van 27 december 2024 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 261.890 van 27 december 2024 in de zaak A. 243.417/XIV-39.674 In zake: de BV M. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Koen Geelen, Thomas Christiaens en Cato Bevers kantoor houdend te 3600 Genk Wolfbergstraat 65 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de PROVINCIE LIMBURG bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Inke Dedecker en Estelle Briers kantoor houdend te 3500 Hasselt Spoorwegstraat 105 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de BV F. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Chris Schijns kantoor houdend te 3600 Genk Grotestraat 122 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering 1. De vordering, ingesteld op 6 november 2024, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “[d]e beslissing van de deputatie van de provincie Limburg van 17 oktober 2024 waarin de overheidsopdracht voor het ‘leveren en plaatsen van audiovisuele infrastructuur in het nieuwe opleidingsgebouw PLOT – Zwartegoudlaan Genk met als voorwerp raamovereenkomst audiovisuele infrastructuur PLOT’ voor wat XIV-39.674-1/5 betreft perceel 1 van de opdracht ‘Audiovisuele infrastructuur’ wordt gegund aan [de bv F.].” II. Verloop van de rechtspleging 2. Met een verzoekschrift van 19 november 2024 heeft [de bv F.] gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 18 december 2024 om 11.00 uur. Staatsraad Kaat Leus heeft verslag uitgebracht. Advocaat Thomas Christiaens, die verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Inke Dedecker, die verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Dieter Torfs, die loco advocaat Chris Schijns, verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Adjunct-auditeur Lennard Michaux heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. III. Feiten 3.1. De verwerende schrijft een overheidsopdracht uit in de vorm van een raamovereenkomst voor het “leveren en plaatsen van audiovisuele infrastructuur in het nieuwe opleidingsgebouw van het PLOT (provincie Limburg opleiding en training, de provinciale veiligheidsschool voor de opleiding van politie, brandweer en ambulanciers) met als voorwerp ‘Provincie Limburg – Raamovereenkomst audiovisuele infrastructuur PLOT’.”. XIV-39.674-2/5 De raamovereenkomst heeft een looptijd van 60 maanden (vijf jaar). 3.2. De opdracht is onderworpen aan het bijzonder bestek met referentie 2024N108602 en omvat twee percelen, met name, perceel 1 met als voorwerp ‘Audiovisuele-infrastructuur’ en perceel 2 met als voorwerp ‘Digitale Signage schermen & Software’. De voorliggende vordering heeft betrekking op perceel 1. 3.3. Met een beslissing van 17 oktober 2024 wordt (

  1. i)het (nieuw) verslag van nazicht van de offertes voor perceel 1 waarin de verzoekende partij als tweede werd gerangschikt, goedgekeurd en (
  2. ii)wordt perceel 1 ‘Audiovisuele infrastructuur’ gegund aan de economisch meest voordelige regelmatige bieder, zijnde de bv F., dit is de verzoekende partij tot tussenkomst. Dit is de bestreden beslissing. 3.4. Nadat de verzoekende partij op 6 november 2024 met de voorliggende vordering de Raad van State verzoekt om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de tenuitvoerlegging van de bestreden gunningsbeslissing te schorsen, beslist de deputatie van de provincieraad van de provincie Limburg op 14 november 2024 om (
  3. i)de bestreden gunningsbeslissing van 17 oktober 2024 in te trekken en (
  4. ii)om een nieuwe plaatsingsprocedure voor te bereiden op basis van een geactualiseerd bestek dat aan de provincieraad zal worden voorgelegd. Tegen die intrekking- en stopzettingsbeslissing van 14 november 2024 dient de verzoekende partij tot tussenkomst op 29 november 2024 bij de Raad van State een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in. Die zaak is bij de Raad van State gekend onder het nummer 243.611/XIV-39.686. Met zijn arrest nr. 261.889 van heden heeft de Raad van State beslist om de in die zaak ingestelde vordering tot schorsing te verwerpen. XIV-39.674-3/5 IV. Tussenkomst 4. De bv F. blijkt voordeel te halen uit de bestreden beslissing en heeft er belang bij dat de vordering worden afgewezen. Bijgevolg wordt haar verzoek tot tussenkomst ingewilligd. V. Intrekking 5. Met een beslissing van 14 november 2024 heeft de deputatie van de provincieraad van de provincie Limburg de bestreden beslissing van 17 oktober 2024 houdende de gunning van de overheidsopdracht met als voorwerp “Raamovereenkomst audiovisuele infrastructuur PLOT Genk – Perceel 1 (Audiovisuele infrastructuur)” aan een derde ingetrokken en de betrokken gunningsprocedure stopgezet. De vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid die de tussenkomende partij tegen de intrekkings- en stopzettingsbeslissing van 14 november 2024 heeft ingediend, is verworpen bij arrest nr. 261.889 van heden van de Raad van State (cfr. supra punt 3.4). Ingevolge dit verwerpingsarrest is de intrekkings- en stopzettingsbeslissing niet in haar tenuitvoerlegging geschorst waardoor de bestreden gunningsbeslissing zonder voorwerp is zodat er geen reden meer is om een vordering tot schorsing hier tegen in te stellen. BESLISSING 1. Het verzoek van de bv F. tot tussenkomst wordt ingewilligd. 2. De Raad van State verwerpt de vordering. 3. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van XIV-39.674-4/5 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. 4. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zevenentwintig december tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Kaat Leus, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Kaat Leus XIV-39.674-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.890 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.