← België

Cassatiebeschikking 15959 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 26/08/2024

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 26 augustus 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ORD.15.959 Rolnummer: A. 242496/VII-42591 Zaak: Cassatiebeschikking 15959 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 26/08/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-08-28 Raadplegingen: 93 - laatst gezien 2026-06-17 05:34 Fiche Beschikking nr 15.959 van 26 augustus 2024 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 15.959 van 26 augustus 2024 in de zaak A. 242.496/VII-42.591 In zake : XXXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jürgen Millen kantoor houdend te 3730 Hoeselt Tongersesteenweg 4 bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de STAD LOMMEL ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Het cassatieberoep, ingesteld op 13 juli 2024, strekt tot de cassatie van arrest nr. 308.176 van 12 juni 2024 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Het dossier van de zaak is op 26 juli 2024 aangekomen ter griffie. Er is toepassing gemaakt van artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en van de artikelen 7 tot en met 11 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatieprocedure bij de Raad van State’. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari

  1. Eerste middel
  2. De algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn niet van toepassing op jurisdictionele beslissingen zoals het bestreden arrest. Verzoeker herhaalt in wezen zijn voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen aangevoerde kritiek tegen de beslissing van de verwerende VII-42.591-1/3 partij van 19 september 2023 en hij gaat voorbij aan de desbetreffende motieven in de punten 3.4 en 3.5 van het bestreden arrest.
  3. Het eerste middel is kennelijk niet ontvankelijk. Tweede middel
  4. In de mate dat verzoeker aanvoert dat zijn tweede middel voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen “ten onrechte […] ontvankelijk doch ongegrond werd verklaard”, vraagt hij in wezen een nieuwe beoordeling van de zaak zelf, waarvoor de Raad van State als cassatierechter niet bevoegd is. Artikel 32 van de Grondwet verplicht het bestuur er niet toe om samen met een beslissing ook het administratief dossier mee te delen aan de rechtsonderhorige, noch om de rechtsonderhorige mee te delen dat hij er inzage van kan vragen. Verzoeker toont niet aan dat hij geen inzage van het administratief dossier heeft kunnen krijgen op de griffie van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen en hij maakt wat dat betreft ook geen schending aannemelijk van het recht van verdediging. Dat verzoeker het inhoudelijk niet eens is met de beoordeling in het bestreden arrest, houdt geen verband met de jurisdictionele motiveringsplicht. Verzoeker toont aldus geen gebrek aan in de motivering van het bestreden arrest
  5. Het tweede middel is, voor zover ontvankelijk, kennelijk ongegrond. VII-42.591-2/3 BESLUIT:
  6. Het cassatieberoep is niet toelaatbaar.
  7. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro. Deze beschikking is, na beraad, uitgesproken te Brussel op zesentwintig augustus tweeduizend vierentwintig, door: Carlo Adams, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Carlo Adams VII-42.591-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ORD.15.959 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.