← België

Arrest 262805 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 28/03/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 maart 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.805 Rolnummer: A. 242888/X-18830 Zaak: Arrest 262805 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 28/03/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-04-01 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-17 01:41 Fiche Arrest nr 262.805 van 28 maart 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 262.805 van 28 maart 2025 in de zaak A. 242.888/X-18.830 In zake: de BV A. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sylvie Doggen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 122/14 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christophe COEN kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 210A bus 10 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 29 augustus 2024, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van 3 juli 2024 van de burgemeester van de stad Antwerpen waarbij aan de verzoekende partij wordt opgelegd de vaste terrasconstructie aan haar handelszaak af te breken. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 4 december
  3. X-18.830-1/4 Adjunct-auditeur Daniël Plas heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs-rechtspraak van de Raad van State’ (hierna: het algemeen procedurereglement). De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 28 maart
  4. Staatsraad Stephan De Taeye heeft verslag uitgebracht. Advocaat Juliette Bakker, die loco advocaat Sylvie Doggen verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Christophe Coen, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Adjunct-auditeur Daniël Plas heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Beoordeling
  6. Het gegeven dat een medewerker van de verwerende partij met een mail van 16 oktober 2024 aan de verzoekende partij heeft laten weten dat gelet op de afbraak van de gesloten terrasconstructie haar geen “collegesanctie” meer zal worden opgelegd, maakt de huidige procedure nog niet zonder voorwerp, zoals de verzoekende partij meent. X-18.830-2/4
  7. Naar luid van artikel 21, tweede lid, RvS-wet, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partij van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van het algemeen procedurereglement. De verzoekende partij heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van het algemeen procedurereglement, zodat het ontbreken van het vereiste belang in haren hoofde moet worden vastgesteld. BESLISSING
  8. De Raad van State verwerpt het beroep.
  9. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op achtentwintig maart tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Stephan De Taeye, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter X-18.830-3/4 Karin Meerschaut Stephan De Taeye X-18.830-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.805 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.