← België

Arrest 262811 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 28/03/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 maart 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.811 Rolnummer: A. 242757/X-18809 Zaak: Arrest 262811 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 28/03/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-04-01 Raadplegingen: 83 - laatst gezien 2026-06-17 01:43 Fiche Arrest nr 262.811 van 28 maart 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 262.811 van 28 maart 2025 in de zaak A. 242.757/X-18.809 In zake: P.C. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat John Toury kantoor houdend te 1800 Vilvoorde Jean Baptiste Nowélei 13 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het BRUSSELSE HOOFDSTEDELIJKE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Dominique Vermer en Laurens De Brucker kantoor houdend te 1160 Brussel Tedescolaan 7 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de STAD BRUSSEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Renaud Van Melsen, Manuela Von Kuegelgen en Laurine Gillot kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 250 bus 10 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 16 augustus 2024, strekt tot de nietigverklaring en de schorsing van “het [b]esluit van de gemachtigde ambtenaar van 12 juni 2024 waarbij het Besluit van de gemachtigde ambtenaar van 22 september 2023 wordt ingetrokken en opnieuw een stedenbouwkundige vergunning wordt afgeleverd voor het bouwen van een nieuw scholencomplex met een basisschool voor 384 kinderen, een middelbare school voor 288 jongeren, een X-18.809-1/4 omnisportzaal en een kunstacademie op een terrein met als adres Laken, Laneaustraat 85 en Louis Wittouckstraat 46”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 261.368 van 19 november 2024 wordt het debat in het administratief kort geding heropend en is de tussenkomst toegestaan. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 28 maart
  3. Staatsraad Stephan De Taeye heeft verslag uitgebracht. Advocaat John Toury, die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Marthe Vandenbossche, die loco advocaten Dominique Vermer en Laurens De Brucker verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Onderzoek
  5. Het bestreden besluit wordt vernietigd bij ’s Raads arrest nr. 262.531 van 28 februari 2025 in de zaak A. 242.753/X-18.
  6. Het voorliggende beroep is derhalve zonder voorwerp geworden.
  7. Artikel 30, § 5, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt: X-18.809-2/4 “Wanneer een vordering tot schorsing en een verzoekschrift tot nietigverklaring aanhangig gemaakt worden bij de Raad van State, en wanneer de verzoeker zich in de loop van de schorsingsprocedure terugtrekt, of wanneer de aangeklaagde akte ingetrokken wordt zodat er geen uitspraak meer gedaan moet worden, kan de Raad van State in één en hetzelfde arrest uitspraak doen over de vordering tot schorsing en over het verzoekschrift tot nietigverklaring zonder dat de voortzetting van de procedure gevorderd kan worden, en is het recht dat daarmee verband houdt niet verschuldigd.” Aangezien een nietigverklaring van de aangeklaagde akte met een intrekking ervan gelijkgesteld mag worden, is er reden tot toepassing van de geciteerde bepaling.
  8. Gelet op de omstandigheden eigen aan de zaak, past het om de kosten van de vordering, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding, ten laste van de verwerende partij te leggen. BESLISSING
  9. De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring.
  10. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. X-18.809-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op achtentwintig maart tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Stephan De Taeye, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut Stephan De Taeye X-18.809-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.811 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.261.368 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.