← België

Arrest 262901 - Natuurbehoud - Vergunningen - 03/04/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 april 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.901 Rolnummer: A. 244145/VII-42795 Zaak: Arrest 262901 - Natuurbehoud - Vergunningen - 03/04/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-04-15 Raadplegingen: 85 - laatst gezien 2026-06-16 05:21 Fiche Arrest nr 262.901 van 3 april 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Natuurbehoud - Vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 262.901 van 3 april 2025 in de zaak A. 244.145/VII-42.795 In zake:

  1. de STAD HERK-DE-STAD
  2. de GEMEENTE GEETBETS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Gaël Bedert kantoor houdend te 2560 Kessel Torenvenstraat 16 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Verbist kantoor houdend te 3550 Heusden-Zolder Pastoor Paquaylaan 184 tegen: het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Brusselmans kantoor houdend te 2000 Antwerpen Scheldestraat 9 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
  3. De vordering, ingesteld op 10 februari 2025, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van “[h]et ministerieel besluit tot goedkeuring van het natuurbeheerplan type 4 en de uitbreiding van de erkenning als natuurreservaat van ‘Aronsthoek’ te Geetbets, Herk-de-Stad, Nieuwerkerken en Zoutleeuw, met registratienummer NBP-VB-18-0014”. VII-42.795-1/7 II. Verloop van de rechtspleging
  4. Bij beschikking van 14 februari 2025 werd de procedurekalender vastgesteld en werden de partijen opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 27 maart
  5. De nota met opmerkingen en het administratief dossier werden ingediend overeenkomstig de procedurekalender. Eerste auditeur Ronny Vercruyssen heeft op 18 maart 2025 een verslag opgesteld. Staatsraad Peter Sourbron heeft verslag uitgebracht. Advocaat Gaël Bedert, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Wannes Op de Becq, die loco advocaat Stijn Brusselmans verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Ronny Vercruyssen heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. III. Feiten 3.
  7. De vzw Natuurpunt Beheer dient bij het Agentschap voor Natuur en Bos een aanvraag in voor de goedkeuring van het natuurbeheerplan voor het natuurrreservaat ‘Aronsthoek’. 3.
  8. In het kader van de goedkeuringsprocedure brengen de verzoekende partijen elk een ongunstig advies uit. VII-42.795-2/7 3.
  9. Met een besluit van 7 juni 2024 keurt de Vlaamse minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme het natuurbeheerplan voor het natuurrreservaat ‘Aronsthoek’ goed en wordt het natuurreservaat uitgebreid met een oppervlakte van 132,14 ha. Dit is de bestreden beslissing. IV. Schorsingsvoorwaarden
  10. Krachtens artikel 17, § 1, derde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring en indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd waarvan het onderzoek zich leent voor een versnelde behandeling en waarmee de nietigverklaring van de bestreden beslissing prima facie kan worden verantwoord. Spoedeisendheid Uiteenzetting van de verzoekende partijen
  11. Ter verantwoording van de ingeroepen spoedeisendheid zetten de verzoekende partijen het volgende uiteen: “[…] De gemiddelde doorlooptijd van een gewone procedure tot nietigverklaring bij uw Raad kan al snel oplopen tot twee jaar. […] Gelet op het feit dat met het bestreden ministerieel besluit wordt voorzien in een afwijking van het ontbossingsverbod vermeld in artikel 47, tweede lid, van het Bosdecreet dat geldt voor de percelen 24017C0210/00B000; 24017C0210/00C000; 24017C0219/00B000; 24017C0241/00C000; 24017C0241/00D000; 24017C0243/00C000; 24028A0008/00_000; 24028A0009/00_000; 24028A0010/00_000; 24028A0015/00_000; 24032A0181/00D000; 24037B0276/00N000; 24037B0279/00F000; 24037B0279/00G000; 24095A0139/00B000; 24095G0003/00A000; 71012B0351/00A000; 71012B0354/00A000 en 71012B0450/00B000, voor een totale oppervlakte van 15,79 ha zodoende VII-42.795-3/7 dat de ontbossing reeds na eenvoudige melding aan de entiteit AVES van het Agentschap voor Natuur en Bos zou uitgevoerd mogen worden. Er zou geen omgevingsvergunning nodig zijn en er zou geen boscompensatieplicht gelden. […] De specifieke aard van de met de bestreden beslissing laat toe op slechts enkele dagen de schade te kunnen veroorzaken. De toekomst van het enorme bos gelegen op het grondgebied van zowel de gemeente Herk-de-Stad als de gemeente Geetbets komt alzo onmiddellijk in het gedrang. Verzoekende partijen duiden hieronder de voormelde percelen aan die op hun grondgebied liggen: […]. […] Verzoekende partijen vorderen thans voor Uw Raad de schorsing van de tenuitvoerlegging van het Ministerieel Besluit tot goedkeuring van het natuurbeheerplan met kenmerk NBP-VB-18-
  12. […] […] De uitvoering van de bestreden beslissing zou een ernstig en onherstelbaar nadeel veroorzaken, meer bepaald een enorme bomenkap welke elk moment, minstens gedeeltelijk toch, kan worden gerealiseerd. De ontbossing zou onmiddellijk kunnen worden uitgevoerd aangezien - weliswaar foutief - in het bestreden besluit wordt gesteld dat voor een gedeelte van de bossen geen ontheffing van het ontbossingsverbod zou moeten worden bekomen. Zo worden in het bestreden besluit ontheffingen verleend van de verbodsbepalingen van artikel 35, § 2, van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu zoals deze zijn opgenomen in paragrafen 4.3.
  13. en 4.5 van het natuurbeheerplan. Ook wordt een afwijking verleend op het ontbossingsverbod vermeld in artikel 47, tweede lid, van het Bosdecreet geldt voor de percelen 24017C0210/00B000; 24017C0210/00C000; 24017C0219/00B000; 24017C0241/00C000; 24017C0241/00D000; 24017C0243/00C000; 24028A0008/00_000; 24028A0009/00_000; 24028A0010/00_000; 24028A0015/00_000; 24032A0181/00D000; 24037B0276/00N000; 24037B0279/00F000; 24037B0279/00G000; 24095A0139/00B000; 24095G0003/00A000; 71012B0351/00A000; 71012B0354/00A000 en 71012B0450/00B000, voor een totale oppervlakte van 15,79 ha. Op het grondgebied van Herk-de-Stad wordt met het natuurbeheersplan voorzien in de kapping van 8,3045 ha aan bossen gelegen in de omgeving van Chateau d'Hamont (Korpsestraat Donk). Op het grondgebied van Geetbets betreft dit nog een veel grotere oppervlakte. Er wordt echter niet voorzien wordt in een compensatie van het te rooien bos. […] De indiener van een natuurbeheerplan heeft evenwel de verplichting om ervoor te zorgen dat de bosbalans minstens nul en liefst positief is. Dit is in dit beheerplan niet het geval gezien in het voorliggende natuurbeheersplan de kapping wordt gevraagd van maar liefst 21 ha aan bos hetgeen concreet impliceert dat er opnieuw zoveel hectaren aan bos verdwijnt. De bebossingsindex van verzoekende partijen was een aantal jaren geleden al minder dan 6 %, terwijl intussen ook al vele hectaren ontbost zijn op het grondgebied in het Schulensbroek door Natuurpunt. Door de beoogde ontbossing zal eens te meer de bebossingsindex afnemen om zogenaamd open natuur te creëren, waardoor de bebossingsindex van verzoekende VII-42.795-4/7 partijen sterk onder het gemiddelde van Vlaanderen komt te liggen, welke anno 2023 al maar 10 % (meer) bedraagt. Vastgesteld moet worden dat de ontbossing, zonder compensatie, in geen geval te rijmen valt met de ambitie van de Vlaamse Regering om tegen 2024 4000 hectare extra bos te creëren. Ook is de ontbossing manifest in strijd met het klimaatactieplan dat aan gemeenten, waaronder ook aan verzoekende partijen, wordt opgelegd. […] Aangezien een ontbossing, bij gebreke aan een ontbossingsverbod, dadelijk kan worden uitgevoerd en een arrest ten gronde van uw Raad te laat komen.” Beoordeling
  14. Een zaak is spoedeisend, en dus vatbaar voor beoordeling in kort geding, zodra de vrees voor schade van enig belang, of zelfs voor ernstige nadelen, een onmiddellijke beslissing wenselijk maakt. Bijgevolg mag het kort geding worden gehanteerd wanneer het geschil niet met de gewone procedure binnen de gewenste tijdspanne kan worden opgelost. Het komt aan de verzoekende partij toe dienstige, precieze en specifieke gegevens bij te brengen die in concreto aantonen dat de zaak spoedeisend is, gelet op de gevolgen van een voortdurende tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing. De spoedeisendheid van de zaak wordt niet vermoed, welke ook de aard van de bestreden beslissing is.
  15. De uiteenzetting van de verzoekende partijen komt er in essentie op neer dat het bestreden natuurbeheerplan over een oppervlakte van ongeveer 15,79 ha ontbossingen zou toelaten waarvoor geen bijkomende machtiging moet worden verkregen en die aldus op zeer korte termijn uitgevoerd kunnen worden na een eenvoudige melding bij het Agentschap voor Natuur en Bos.
  16. In zoverre de verzoekende partijen wijzen op de gemiddelde doorlooptijd van een annulatieprocedure, wordt daarmee de spoedeisendheid van de zaak niet aangetoond. Het volstaat dan ook niet dat het natuurbeheerplan toelaat VII-42.795-5/7 om op elk ogenblik via een vereenvoudigde procedure bepaalde kappingen uit te voeren. Voorts verliezen zij uit het oog dat in punt 3.2.1.2 van het bestreden natuurbeheerplan het volgende wordt verduidelijkt met betrekking tot de bosbalans: “Om de gestelde landschapsdoelen, vegetatiestreefbeelden en soortdoelen te bereiken worden op sommige plaatsen in het gebied bomen gekapt om deze zones terug opener te maken. Er dient bijgevolg geen bijkomende vergunning aangevraagd te worden en niet gecompenseerd te worden.” Gelet op de specifieke doelstelling van de ontbossingen, met name de geleidelijke realisatie van de ecologische doelstellingen inzake de bescherming en verdere ontwikkeling van bepaalde soorten en habitats gedurende de looptijd van het natuurbeheerplan die 24 jaar bedraagt, maken de verzoekende partijen niet aannemelijk dat een gebeurlijk vernietigingsarrest te laat zal komen om de (gedeeltelijke) ontbossing van de in het verzoekschrift aangeduide percelen te verhinderen.
  17. De voorwaarde van het spoedeisend karakter is een schorsingsvoorwaarde die afzonderlijk onderzocht moet worden. De onwettigheden die tegen een bestuursbeslissing worden aangevoerd kunnen op zich geen reden zijn om het bestaan van spoedeisendheid te aanvaarden. Waar de verzoekende partijen het bestreden natuurbeheerplan inhoudelijk bekritiseren omdat het zou voorzien in een negatieve bosbalans en de ontbossing niet zal worden gecompenseerd, met alle gevolgen van dien voor de bebossingsindex en het klimaatactieplan van de betrokken gemeenten, steunt hun uiteenzetting op een aantal onwettigheden die zij tegen het bestreden natuurbeheerplan aanvoeren en sturen zij aan op een onderzoek van de middelen. Een gebeurlijk ernstig middel kan evenwel geen reden zijn om het bestaan van spoedeisendheid te aanvaarden. VII-42.795-6/7
  18. De spoedeisendheid van de vordering wordt niet aangetoond.
  19. Er is niet voldaan aan één van de voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, derde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State die cumulatief vervuld moeten zijn wil een vordering tot schorsing worden toegewezen. Deze vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op drie april tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-42.795-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.901 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.