id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 juni 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.263.686 Rolnummer: A. 241752/VII-42489 Zaak: Arrest 263686 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 23/06/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-07-03 Raadplegingen: 78 - laatst gezien 2026-06-16 03:25 Fiche Arrest nr 263.686 van 23 juni 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VIIe KAMER nr. 263.686 van 23 juni 2025 in de zaak A. 241.752/VII-42.489 In zake : XXX (overleden) rechtsgeding hervat door:
- XXX
- XXX
- XXX
- XXX
- XXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Konstantijn Roelandt kantoor houdend te 2600 Antwerpen Koninklijkelaan 16/00 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de PROVINCIE OOST-VLAANDEREN Tussenkomende partij : de NV IMMO-36 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Karolien Beké en Karlien Vernieuwe kantoor houdend te 9000 Gent Kasteellaan 141 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het cassatieberoep, ingesteld op 23 april 2024, strekt tot de nietigverklaring van arrest nr. RvVb-A-2324-0545 van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 14 maart 2024 in de zaak 2223-RvVb-0705-A. VII-42.489-1/6 II. Verloop van de rechtspleging
- Het cassatieberoep is toelaatbaar verklaard bij beschikking van 14 juni
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend. De oorspronkelijke verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. De nv IMMO-36 heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 20 augustus
- De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Eerste auditeur Wouter De Cock heeft op 9 oktober 2024 een verslag opgesteld, op grond van artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State’ (hierna: cassatieprocedurebesluit). De oorspronkelijke verzoeker heeft een verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Na het overlijden van de oorspronkelijke verzoeker hervatten de verzoekende partijen het geding. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 juni
- Staatsraad Francis Van Nuffel heeft verslag uitgebracht. VII-42.489-2/6 Advocaat Wienke Ceulemans, die loco advocaat Konstantijn Roelandt verschijnt voor de verzoekende partijen en advocaat Karlien Vernieuwe, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Wouter De Cock heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 (hierna: RvS-wet). III. Feiten 3.
- Het college van burgemeester en schepenen van Sint-Martens- Latem verleent aan de tussenkomende partij een omgevingsvergunning voor het verkavelen van een reeds bebouwde grond met het oog op de creatie van een bouwkavel in de achtertuinzone. 3.
- De oorspronkelijke verzoeker tekent bestuurlijk beroep aan tegen deze beslissing. Op 30 maart 2023 verklaart de deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen het beroep ongegrond, en verleent de omgevingsvergunning. 3.
- Het bestreden arrest verwerpt het beroep van de oorspronkelijke verzoeker tot vernietiging van de deputatiebeslissing van 30 maart
- 3.
- Op 30 september 2024 verleent het college van burgemeester en schepenen van Sint-Martens-Latem een omgevingsvergunning om op de in voormelde verkavelingsvergunning voorziene kavel een ééngezinswoning te bouwen. VII-42.489-3/6 IV. Hervatting van het geding
- De oorspronkelijke verzoeker is op 21 december 2024 overleden. Met een verzoekschrift van 21 mei 2025 verklaren de verzoekende partijen het geding te hervatten. V. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- De tussenkomende partij werpt op dat het cassatieberoep niet ontvankelijk is. De omgevingsvergunning van 30 september 2024 voor het bouwen van een ééngezinswoning is definitief en uitvoerbaar geworden, zodat de verzoekende partijen niet langer over het wettig vereiste belang zouden beschikken.
- De voorwaarde van het belang bij een administratief cassatieberoep bestaat hierin dat de verzoekende partij, na een gebeurlijke vernietiging van de door haar bestreden jurisdictionele beslissing, enig voordeel moet kunnen putten uit een gebeurlijk nieuw onderzoek van de zaak door het administratief rechtscollege. Het belang bij een cassatieberoep voor de Raad van State moet niet enkel bestaan bij het instellen van dat beroep maar ook gedurende de gehele procedure, tot op het ogenblik van de uitspraak. Het kan teloorgaan door omstandigheden die zich in de loop van het geding voordoen.
- Blijkens het cassatieberoep en het verzoek tot hervatting van het geding leiden de verzoekende partijen hun belang bij het beroep af uit de omstandigheid dat zij de eigenaars zijn van een perceel dat paalt aan de grond waarvoor op 30 maart 2023 de omgevingsvergunning werd verleend die voor de Raad voor Vergunningsbetwistingen werd bestreden. Die omgevingsvergunning staat de verkaveling toe van die aanpalende grond waardoor een bouwkavel wordt gecreëerd in de achtertuinzone van de reeds aanwezige woning. VII-42.489-4/6 Op 30 september 2024 verleende het college van burgemeester en schepenen van Sint-Martens-Latem een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning op de bouwkavel die gecreëerd wordt door de omgevingsvergunning van 30 maart
- Volgens de tussenkomende partij, die daarin niet wordt tegengesproken door de verzoekende partijen, werd de omgevingsvergunning van 30 september 2024 niet bestreden met een bestuurlijk beroep en is zij definitief en uitvoerbaar geworden. In geval van cassatie van het bestreden arrest kan de Raad voor Vergunningsbetwistingen in deze omstandigheden niets anders vaststellen dan dat de verzoekende partijen niet langer beschikken over een actueel belang bij de vernietiging van de omgevingsvergunning van 30 maart
- Hieruit volgt dat de verzoekende partijen ook geen actueel belang meer hebben bij het cassatieberoep. Het cassatieberoep is niet ontvankelijk. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.
- De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 24 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. VII-42.489-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op drieëntwintig juni tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Carlo Adams, kamervoorzitter, Peter Sourbron, staatsraad, Francis Van Nuffel, staatsraad, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Carlo Adams VII-42.489-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.263.686 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div