id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 september 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.367 Rolnummer: A. 243060/XIV-39653 Zaak: Arrest 264367 - Economische sancties waaronder het bevriezen van tegoeden - 29/09/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-10-02 Raadplegingen: 71 - laatst gezien 2026-06-14 04:17 Fiche Arrest nr 264.367 van 29 september 2025 Economische zaken - Economische sancties waaronder het bevriezen van tegoeden Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 264.367 van 29 september 2025 in de zaak A. 243.060/XIV-39.653 In zake: JSC C. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Benoît Lemal kantoor houdend te 1000 Brussel Waterloosesteenweg 880 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan door advocaten Etienne Epron en Cassandra Gimbert kantoor houdende te 75116 Parijs (Frankrijk) Avenue Klëber
- tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Gauthier Vlassenbroeck en Bart Martel kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 99 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 20 september 2024, strekt tot de nietigverklaring van De beslissing van de administrateur-generaal van de Algemene Administratie van de Thesaurie, gedateerd op 26 augustus 2024 en met referentie “PID: XXXXX: XXXXXX”, in het kader van de Verordening (EU) nr. 269/2014 van de Raad van 17 maart 2014 betreffende beperkende maatregelen tegen handelingen die de territoriale integriteit, soevereiniteit en onafhankelijkheid van Oekraïne schaden of bedreigen, waarmee het verzoek tot toestemming voor de vrijgave van bij het NSD (het National Settlement Depository van Rusland) aangehouden obligaties, couponbetalingen en aflossingsbedragen en overdracht XIV-39.653-1/3 van deze obligaties, couponbetalingen en aflossingsbedragen richting een rekening aangehouden door de verzoekende partij bij Raiffeisenbank AO (Rusland), werd afgewezen. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 12 december
- Op 26 en 31 maart 2025 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, respectievelijk aan de verwerende partij en de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partij van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent. XIV-39.653-2/3 De verzoekende partij heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent zoals die werd verlengd met toepassing van artikel 89 van hetzelfde besluit.
- Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negenentwintig september tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-39.653-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.367 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.