← België

Arrest 264423 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 03/10/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.423 Rolnummer: A. 245981/VII-43032 Zaak: Arrest 264423 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 03/10/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-10-07 Raadplegingen: 76 - laatst gezien 2026-06-14 04:18 Fiche Arrest nr 264.423 van 3 oktober 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.423 no lien 285441 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 264.423 van 3 oktober 2025 in de zaak A. 245.981/VII-43.032 In zake: de BV VDC MILIEU bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Luc Bijnens kantoor houdend te 3600 Genk Grotestraat 119 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de OPENBARE VLAAMSE AFVALSTOFFENMAATSCHAPPIJ bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steve Ronse en Thomas Quintens kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 26 september 2025, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de verwerende partij van 10 september 2025 tot schorsing van de erkenning van de verzoekende partij als bodemsaneringsdeskundige type 2 voor een duur van drie maanden. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij beschikking van 26 september 2025 werd, in samenspraak met het aangeduide lid van het auditoraat, de procedurekalender vastgesteld. VII-43.032-1/5 De verwerende partij heeft een nota met opmerkingen en een administratief dossier ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 2 oktober 2025, om 10 uur. Staatsraad Francis Van Nuffel heeft verslag uitgebracht. Advocaat Liam Vranckx, die loco advocaat Luc Bijnens verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Thomas Quintens, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Benny De Sutter heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  3. III. Feiten
  4. De verzoekende partij wordt bij besluit van 1 september 2020 door de verwerende partij erkend als bodemsaneringsdeskundige type
  5. Per brief van 30 mei 2025 deelt de verwerende partij de verzoekende partij mee dat zij meerdere klachten ontving over de werking van de verzoekende partij op het vlak van de klantvriendelijkheid en het tijdig afwerken van dossiers. Zij maant de verzoekende partij aan zich onmiddellijk in regel te stellen met de gebruikseisen van het besluit van de Vlaamse regering van 19 november 2010 ‘tot vaststelling van het Vlaams reglement inzake erkenningen met betrekking tot het leefmilieu’ (hierna: Vlarel) en de lopende rapporten binnen een redelijke termijn in te dienen. VII-43.032-2/5
  6. Op 1 juli 2025 bezorgt de verzoekende partij aan de verwerende partij een plan van aanpak om de achterstand in de dossiers weg te werken en de kwaliteitszorg te verbeteren.
  7. De verwerende partij meldt per brief van 14 juli 2025 aan de verzoekende partij haar voornemen om de erkenning voor een periode van drie maanden te schorsen. De verzoekende partij wordt daarbij uitgenodigd op een hoorzitting op 1 september
  8. Voorafgaand aan de hoorzitting van 1 september 2025 dient de verzoekende partij een schriftelijke verweernota in.
  9. Op 10 september 2025 beslist de verwerende partij om de erkenning van de verzoekende partij als bodemsanerinsgdeskundige type 2, te schorsen voor een periode van drie maanden, met ingang van 1 oktober
  10. Het besluit legt de verzoekende partij ook op om uiterlijk op 1 november 2025 volgende documenten te bezorgen: - een concrete timing voor de afwerking van de dossiers waarin klachten werden ontvangen; - een plan van aanpak met een concrete timing om alle achterstand weg te werken; - een uitgewerkt verbeterplan in verband met eerlijke en realistische communicatie naar de klanten. Dit is het bestreden besluit. Het wordt met een brief van 16 september 2025 ter kennis gebracht van de verzoekende partij. VII-43.032-3/5 IV. Herinnering aan de schorsingsvoorwaarden
  11. Krachtens artikel 17, § 1, derde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring en indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd waarvan het onderzoek zich leent voor een versnelde behandeling en waarmee de nietigverklaring van de bestreden beslissing prima facie kan worden verantwoord. Overeenkomstig paragraaf 5 van datzelfde artikel wordt de zaak behandeld bij uiterst dringende noodzakelijkheid en derhalve binnen een termijn van vijftien dagen of minder, wanneer zulks in het opschrift wordt vermeld. V. Ernstig middel
  12. Artikel 2, § 1, tweede lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ bepaalt dat een middel bestaat uit de vermelding van de rechtsregel waarvan de schending aangevoerd wordt en van de wijze waarop die rechtsregel concreet overtreden zou zijn.
  13. Onder de titel “aangaande de gegrondheid van het beroep” zet de verzoekende partij uiteen dat zij het niet eens is met de klachten over haar werking, en niet akkoord kan gaan met de schorsing van drie maanden. Zij vermeldt daarbij echter niet op een duidelijke wijze (bv. in de aanhef of bij een conclusie) de rechtsregels waarvan de schending wordt aangevoerd. In de uiteenzetting kan weliswaar een verwijzing worden teruggevonden naar artikel 34 Vlarel, wordt de verwerende partij terloops een onvoldoende motivering verweten, en wordt gesteld dat de sanctie disproportioneel is. Hiermee lijkt de verzoekende partij echter niet op een voldoende duidelijke wijze de rechtsregels te hebben vermeld waarvan zij de schending aanvoert, laat ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.423 VII-43.032-4/5 staan dat zij concreet zou hebben uiteengezet op welke wijze die rechtsregels dan zouden zijn overtreden.
  14. Het verzoekschrift lijkt op het eerste gezicht geen ontvankelijk middel te bevatten, zodat er geen ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring prima facie kan verantwoorden. VI. Conclusie
  15. Er wordt niet voldaan aan ten minste één van de voorwaarden die vervuld moeten zijn wil een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden toegewezen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op drie oktober tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Francis Van Nuffel, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Francis Van Nuffel VII-43.032-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.423 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.729 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.