id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.545 Rolnummer: A. 243939/XII-9826 Zaak: Arrest 264545 - Dierenwelzijn - 17/10/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-10-20 Raadplegingen: 79 - laatst gezien 2026-06-14 04:22 Fiche Arrest nr 264.545 van 17 oktober 2025 Sociale zaken en volksgezondheid - Dierenwelzijn Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 264.545 van 17 oktober 2025 in de zaak A. 243.939/XII-9826 In zake: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Erik Van Gerven kantoor houdend te 9080 Lochristi Dorp West 73 tegen: het FEDERAAL AGENTSCHAP VOOR DE VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN (FAVV) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Rik Depla kantoor houdend te 8310 Sint-Kruis (Brugge) Karel van Manderstraat 123 bij wie woonplaats wordt gekozen ------------------------------------------------------------------------------------------------ I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 13 januari 2025, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing d.d. 18.11.2024 van het FAVV m.b.t. de maatregelen in verband met de hond […]: Pomeriaan, chipnummer 528210008251218, geboortedatum 01/08/2024, Europees paspoort 528-NL B 63923, genaamd ‘Marie’, dewelke op een niet conforme manier in België werd binnengebracht en in verband met de andere dieren van verzoekster (referte FAVV: CONT/OVB/PRI/2024/1924)”. XII-9826-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 262.021 van 20 januari 2025 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. Verzoekster heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 27 maart
- Op 27 juni 2025 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoekster en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoekster heeft gevraagd om te worden gehoord. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 oktober
- Kamervoorzitter Chantal Bamps heeft verslag uitgebracht. Advocaat Erik Van Gerven, die verschijnt voor verzoekster, en advocaat Margaux Kerkhofs, die loco advocaat Rik Depla verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Anja Somers heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. XII-9826-2/4 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan verzoekster van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van het voormelde besluit van de Regent. Verzoekster heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van het voormelde besluit van de Regent.
- Ter terechtzitting toont verzoekster geen overmacht noch onoverkomelijk dwaling aan.
- Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep. XII-9826-3/4
- Verzoekster wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 48 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeventien oktober tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Chantal Bamps, kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Chantal Bamps XII-9826-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.545 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.262.021 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.