← België

Arrest 264583 - Artsen, geneesheren-specialisten en dierenartsen en paramedische beroepen - 21/10/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.583 Rolnummer: A. 243842/XII-9817 Zaak: Arrest 264583 - Artsen, geneesheren-specialisten en dierenartsen en paramedische beroepen - 21/10/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-10-23 Raadplegingen: 80 - laatst gezien 2026-06-14 04:06 Fiche Arrest nr 264.583 van 21 oktober 2025 Sociale zaken en volksgezondheid - Artsen, geneesheren-specialisten en dierenartsen en paramedische beroepen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 264.583 van 21 oktober 2025 in de zaak A. 243.842/XII-9817 In zake: M.B. tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Bart Staelens en Joost Hoste kantoor houdend te 8000 Brugge Stockhouderskasteel Gerard Davidstraat 46, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 6 december 2024, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de Administrateur-generaal van het Agentschap Zorg en Gezondheid van 7 oktober 2024 tot weigering van de erkenning in de heelkunde. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partij ter kennis werd gebracht op 13 mei
  3. Op respectievelijk 12 augustus 2025 en 5 augustus 2025 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 XII-9817-1/3 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Beoordeling
  5. Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partij van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent. De verzoekende partij heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.
  6. Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. BESLISSING
  7. De Raad van State verwerpt het beroep. XII-9817-2/3
  8. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van eenentwintig oktober tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Chantal Bamps, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Chantal Bamps XII-9817-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.583 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.