← België

Arrest 264679 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 28/10/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 oktober 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.679 Rolnummer: A. 246163/X-19204 Zaak: Arrest 264679 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 28/10/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-10-29 Raadplegingen: 79 - laatst gezien 2026-06-14 04:02 Fiche Arrest nr 264.679 van 28 oktober 2025 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 264.679 van 28 oktober 2025 in de zaak A. 246.163/X-19.204 In zake: K.S. woonplaats kiezend te tegen: de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steven Van Garsse en Simon Verhoeven kantoor houdend te 2600 Antwerpen Prins Boudewijnlaan 18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 18 oktober 2025, strekt tot de nietigverklaring en de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “[h]et parkeerreglement dat op 1 oktober 2025 in werking trad in de wijk Hoboken Oost (Antwerpen), waarbij eigenaars van voertuigen van het type ‘kampeerwagen’ of ‘campervan’ worden uitgesloten van het recht op een bewonerskaart, ongeacht hun feitelijke afmetingen of gebruik”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij beschikking van 20 oktober 2025 werd de procedurekalender vastgesteld. X-19.204-1/4 De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 24 oktober 2025, om 11.30 uur. Staatsraad David D’Hooghe heeft verslag uitgebracht. Verzoeker en advocaat Simon Verhoeven, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. III. Afstand
  4. Bij brief van 22 oktober 2025 deelt verzoeker de Raad van State mee dat hij “het verzoek tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, evenals het verzoek tot vernietiging ten gronde, integraal wens[t] in te trekken”.
  5. Artikel 30, § 5, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt: “Wanneer een vordering tot schorsing en een verzoekschrift tot nietigverklaring aanhangig gemaakt worden bij de Raad van State, en wanneer de verzoeker zich in de loop van de schorsingsprocedure terugtrekt, of wanneer de aangeklaagde akte ingetrokken wordt zodat er geen uitspraak meer gedaan moet worden, kan de Raad van State in één en hetzelfde arrest uitspraak doen over de vordering tot schorsing en over het verzoekschrift tot nietigverklaring zonder dat de voortzetting van de X-19.204-2/4 procedure gevorderd kan worden, en is het recht dat daarmee verband houdt niet verschuldigd.”
  6. Niets verzet zich tegen de inwilliging van de afstand van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring. IV. Rechtsplegingsvergoeding
  7. In geval van afstand van de vordering kan de verwerende partij als een in het gelijk gestelde partij worden beschouwd. De verwerende partij vraagt in haar nota een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro ten laste van verzoeker te leggen.
  8. Overeenkomstig artikel 30/1, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan de rechtsplegingsvergoeding worden verlaagd, waarbij onder meer de complexiteit van de zaak in aanmerking kan worden genomen. Te dezen is het verzoekschrift beperkt tot twee bladzijden, met een minimale ontwikkeling van middelen. In die omstandigheden komt het verantwoord voor om het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding te beperken tot het geïndexeerde minimumbedrag van 140 euro. BESLISSING
  9. De Raad van State verleent akte van de afstand van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring. X-19.204-3/4
  10. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 154 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op achtentwintig oktober tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: David D’Hooghe, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut David D’Hooghe X-19.204-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.679 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.