← België

Arrest 264905 - Telecommunicatie - 19/11/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 november 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.905 Rolnummer: A. 245928/IX-10747 Zaak: Arrest 264905 - Telecommunicatie - 19/11/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-11-24 Raadplegingen: 84 - laatst gezien 2026-06-15 07:04 Fiche Arrest nr 264.905 van 19 november 2025 Economische zaken - Telecommunicatie Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 264.905 van 19 november 2025 in de zaak A. 245.928 /IX-10.747 In zake: K.V. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Katrien Van Der Straeten kantoor houdend te 9200 Dendermonde Justitieplein 5/1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het BELGISCH INSTITUUT VOOR POSTDIENSTEN EN TE- LECOMMUNICATIE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jasper De fauw en Helena Verschueren kantoor houdend te 1050 Brussel Eugène Flageyplein 18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 22 september 2025, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie van 10 september 2025 ‘inzake de toegang van [verzoeker] tot de kritieke infrastructuren van Proximus’. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij beschikking van 13 oktober 2025 werd de procedurekalender vastgesteld. IX-10.747-1/6 De verwerende partij heeft een nota met opmerkingen en een ad- ministratief dossier ingediend. Adjunct-auditeur Lennard Michaux heeft een verslag opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 17 november 2025, om 11.00 uur. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge- bracht. Advocaat Elise Van Daele, die loco advocaat Katrien Van Der Straeten verschijnt voor de verzoekende partij en advocaten Jasper De fauw en Helena Verschueren, die verschijnen voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Lennard Michaux heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoör- dineerd op 12 januari
  3. III. Feiten 3.
  4. Verzoeker verzuimt in het inleidend verzoekschrift om ook maar enige informatie te verschaffen over zijn hoedanigheid. Een afschrift van een loon- brief die bij het verzoekschrift gaat, laat evenwel begrijpen dat hij voor onbepaalde duur voltijds tewerkgesteld is als arbeider (hulpwerkman - monteur infrastructuur- kabels) door een onderneming met zetel in Deerlijk – dus geen werknemer van Proximus. IX-10.747-2/6 3.
  5. Verzoeker dient bij het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie (BIPT) een aanvraag in om hem te onderwerpen aan een veilig- heidsverificatie opdat hij een veiligheidsadvies zou verkrijgen, met het oog op de toegang tot bepaalde infrastructuur van de operator Proximus. Op basis van de veiligheidsverificatie verleent de federale politie op 18 augustus 2025 aan het BIPT een negatief advies. Met het thans bestreden besluit van 10 september 2025 ‘inzake de toegang van [verzoeker] tot de kritieke infrastructuren van Proximus’ volgt het BIPT het advies van de federale politie en besluit: “De fysieke of logische toegang (dat wil zeggen op afstand) tot de kritieke infrastructuur van Proximus of tot de elementen daarvan, is verboden voor de betrokkene. Proximus neemt de nodige maatregelen opdat die persoon er geen toegang toe heeft.” IV. Schorsingsvoorwaarden
  6. Krachtens artikel 17, § 1, derde lid, van de gecoördineerde wet- ten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat de zaak te spoedeisend is voor een be- handeling ervan in een beroep tot nietigverklaring en indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd waarvan het onderzoek zich leent voor een versnelde behandeling en waarmee de nietigverklaring van de bestreden beslissing prima fa- cie kan worden verantwoord. V. Spoedeisendheid Uiteenzetting in het inleidend verzoekschrift
  7. Verzoeker betoogt dat de “noodzakelijkheid” voor het verzoek tot schorsing ligt “in het feit dat het bestreden besluit een onmiddellijk verbod tot de fysieke of logische toegang tot de kritieke infrastructuur van Proximus of tot IX-10.747-3/6 elementen daarvan beveelt”. Het besluit houdt een plaatsverbod in met onmiddel- lijke ingang. Dit verbod heeft een “aanzienlijke impact” op zijn tewerkstelling. Zijn functie “bestrijkt een breed spectrum aan verantwoordelijkheden en taken” en hij staat in “voor het opvolgen van bijzondere en complexe problemen bij installaties, zoals geluidsklachten en technische storingen, de opvolging van elektrische keu- ringen, het beheer van de stock, de behandeling van opmerkingen voortvloeiend uit audits en site-inspecties, evenals de controle en aansturing van externe aan- nemers”. Verzoeker is als enige verantwoordelijk voor de volledige regio Vlaan- deren en Brussel en op vraag van Proximus neemt hij tevens deel aan de aanstelling van nieuwe werknemers. Zijn taken houden rechtstreeks verband met de toegang tot en de werking van kritische infrastructuren, zodat de bestreden beslissing “on- verenigbaar” is met de huidige functie. Bovendien stelt verzoeker dat hij, naast de “financiële en econo- mische impact”, ook “ernstige, niet te herstellen imago- en reputatieschade” zou lijden. Beoordeling
  8. Het komt er voor een verzoekende partij die beweert dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het annulatieberoep te kunnen afwachten, op aan om van die urgentie te overtuigen aan de hand van de concrete feiten die zij in haar vordering aanvoert. Dit houdt in dat het aan deze partij toevalt om in haar verzoekschrift op de omstandigheden van haar zaak betrokken, specifieke gege- vens bij te brengen die in concreto aantonen waarom de nadelige gevolgen die een tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing voor haar persoonlijk veroorzaakt, niet gedragen kunnen worden gedurende de gewone doorlooptijd van de annulatie- procedure en waarom de afloop van deze procedure bijgevolg niet afgewacht kan worden. IX-10.747-4/6 Die gegevens moeten door de verzoekende partij worden onder- bouwd op een wijze die de rechter toelaat om ze te verifiëren, zodat hij kan aftoet- sen of ze de beweerde spoedeisendheid inderdaad verantwoorden.
  9. In de mate dat verzoeker betoogt dat de spoedeisendheid zou vol- gen uit “het feit dat het bestreden besluit een onmiddellijk verbod” tot bepaalde kritieke infrastructuur inhoudt, is dit gegeven uit zichzelf niet voldoende. Verzoe- ker brengt daarmee uitsluitend de strekking van de bestreden beslissing in herinne- ring, waaruit niet automatisch volgt dat de procedure ten gronde niet kan worden afgewacht.
  10. Verzoeker laat geheel na om de “aanzienlijke impact” die de be- streden beslissing zou hebben op zijn tewerkstelling te concretiseren. Het is daarbij volstrekt onduidelijk in welke mate de toegang tot de kritieke infrastructuur van Proximus cruciaal is voor het “breed spectrum” aan taken uitgevoerd door verzoe- ker bij zijn werkgever – zoals hiervóór opgemerkt, is dat niet Proximus. Verzoeker zet uiteen dat hij zich in zijn onderneming heeft opgewerkt, wat impliceert dat hij er al enige tijd is tewerkgesteld. Zoals de verwerende partij in haar nota opmerkt, heeft hij enkel recent om het veiligheidsonderzoek verzocht dat heeft geleid tot de thans bestreden beslissing en verhindert de beslissing niet de toegang tot de niet- kritische infrastructuur van Proximus. Het is volstrekt onduidelijk – want verzoe- ker bewaart daarover het stilzwijgen – waarom de toegang tot de kritische struc- turen van Proximus nu plots – want al die jaren voorheen blijkbaar niet – noodza- kelijk is voor de uitvoering van zijn taken en hij laat al evenzeer na de beweerd negatieve weerslag van de bestreden weigering op zijn tewerkstelling inzichtelijk te maken en te onderbouwen. Over de “financiële en economische impact” wordt geen enkel concreet element aangereikt, zodat daarmee al evenmin rekening kan worden ge- houden. IX-10.747-5/6 Wat ten slotte de “imago- en reputatieschade” betreft, toont ver- zoeker niet aan welke schade hij bedoelt – in dat verband mag worden aangestipt dat de feiten die aanleiding gaven tot de bestreden beslissing niet openbaar worden gemaakt. Hoe dan ook maakt verzoeker evenmin inzichtelijk waarom deze even- tuele morele schade niet hersteld wordt door een latere nietigverklaring van de be- streden beslissing na het doorlopen van de procedure ten gronde.
  11. De stukken die verzoeker één werkdag vóór de terechtzitting aanvullend neerlegt – en die hij overigens niet toelicht – werpen op wat voorafgaat geen ander licht.
  12. Hetgeen voorafgaat brengt de Raad tot de conclusie dat de spoedeisendheid niet is aangetoond, hetgeen betekent dat de vordering moet wor- den afgewezen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negentien november tweeduizend vijfen- twintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Van Haegendoren IX-10.747-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.905 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.