← België

Arrest 265023 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 28/11/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 november 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.023 Rolnummer: A. 245390/X-19114 Zaak: Arrest 265023 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 28/11/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-12-04 Raadplegingen: 80 - laatst gezien 2026-06-15 06:38 Fiche Arrest nr 265.023 van 28 november 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.023 no lien 286492 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 265.023 van 28 november 2025 in de zaak A. 245.390/X-19.114 In zake :

  1. P.V.
  2. E.V. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ive Van Giel kantoor houdend te 2000 Antwerpen Molenbergstraat 10, bus 25 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de GEMEENTE KNOKKE-HEIST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jonas De Wit kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 19 juli 2025, strekt tot de nietigverklaring van: “- het besluit van 30 mei 2025 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist betreffende de weigering tot opheffing van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist van 25 oktober 2024 […]. - het besluit van 25 oktober 2024 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Knokke-Heist betreffende de opheffing van een vergunning voor het plaatsen van een strandcabine […].” II. Verloop van de rechtspleging
  4. Adjunct-auditeur Nino Vermeire heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.023 X-19.114-1/3 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 28 november
  5. Staatsraad Stephan De Taeye heeft verslag uitgebracht. Advocaat Anton Buyens, die loco advocaat Ive Van Giel verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Iman Mohamed Dierckx, die loco advocaat Jonas De Wit verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. III. Intrekking
  7. De bestreden besluiten werden ingetrokken bij besluit van het college van burgemeester en schepenen van de verwerende partij van 8 augustus
  8. Het voorliggende beroep is derhalve zonder voorwerp geworden. IV. Kosten en rechtsplegingsvergoeding
  9. In de gegeven omstandigheden past het de kosten, inbegrepen een rechtsplegingsvergoeding, ten laste van de verwerende partij te leggen. De Raad van State ziet in het feit dat de verzoekende partijen de uitspraak over hun klacht bij het agentschap Binnenlands Bestuur tegen de weigering tot intrekking van de bestreden beslissing van 25 oktober 2024 niet hebben afgewacht alvorens een annulatieberoep in te stellen, geen reden om deze vergoeding niet toe te ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.023 X-19.114-2/3 kennen, zoals de verwerende partij ter terechtzitting vraagt. Evenmin ziet de Raad reden om deze vergoeding te verminderen omdat de procedure volgens de verwerende partij een eenvoudig verloop zou hebben gekend, zoals deze partij in subsidiaire orde vraagt. BESLISSING
  10. De Raad van State verwerpt het beroep.
  11. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen gezamenlijk. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op achtentwintig november tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Stephan De Taeye, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut Stephan De Taeye X-19.114-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.023 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.