← België

Arrest 265045 - Monumenten en Landschappen - 03/12/2025

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 december 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.045 Rolnummer: A. 242355/X-18726 Zaak: Arrest 265045 - Monumenten en Landschappen - 03/12/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2025-12-04 Raadplegingen: 79 - laatst gezien 2026-06-15 06:29 Fiche Arrest nr 265.045 van 3 december 2025 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Monumenten en Landschappen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 265.045 van 3 december 2025 in de zaak A. 242.355/X-18.726 In zake: de NV E. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Günther L’Heureux en Arne Van Audenhove kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Isabelle Cooreman kantoor houdend te 1082 Brussel Keizer Karellaan 586 bus 9 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 3 juli 2024, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de Vlaamse minister voor Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed van 26 april 2024 ‘tot vaststelling van de inventaris bouwkundig erfgoed in de provincie West-Vlaanderen’, in zoverre dit betrekking heeft op het ‘Hof van Heule, Preetjesmolen, Heulebeek en omgeving’ te Kortrijk. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een verslag opgesteld. X-18.726-1/6 De verzoekende partij heeft een laatste memorie ingediend. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 24 oktober
  3. Kamervoorzitter Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Günther L’Heureux, die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Brent Van Sande, die loco advocaat Isabelle Cooreman verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Wouter De Cock heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. De verzoekende partij is eigenaar van twee percelen met daarop twee hoogspanningspylonen te Kortrijk (hierna: verzoekers percelen). Verzoekers percelen zijn opgenomen in de perimeter van het bij ministerieel besluit van 9 juni 1995 beschermde dorpsgezicht ‘Hof van Heule, Preetjesmolen en omgeving, Heulebeek’. 3.
  6. Van 1 april 2023 tot 30 mei 2023 organiseert de verwerende partij een openbaar onderzoek over het ontwerp van een nieuwe inventaris van het bouwkundig erfgoed in de provincie West-Vlaanderen. X-18.726-2/6 In dit ontwerp is het beschermde dorpsgezicht ‘Hof van Heule, Preetjesmolen, Heulebeek en omgeving’ opgenomen. De verzoekende partij dient een bezwaarschrift in. 3.
  7. Met het bestreden besluit stelt de bevoegde Vlaamse minister de inventaris van het bouwkundig erfgoed vast. Het beschermde dorpsgezicht ‘Hof van Heule, Preetjesmolen, Heulebeek en omgeving’ wordt erin opgenomen. 3.
  8. Het bezwaarschrift van de verzoekende partij wordt als volgt beantwoord: “Er wordt niet ingegaan op de vraag om de afbakening van het object Hof van Heule, Preetjesmolen, Heulebeek en omgeving te wijzigen. De afbakening die voorligt voor de opname in de vastgestelde inventaris bouwkundig erfgoed is identiek aan de afbakening van de sinds 1995 als dorpsgezicht beschermde site van het Hof van Heule, Preetjesmolen, Heulebeek en omgeving: https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/
  9. […] De opname van deze percelen in de vastgestelde inventaris bouwkundig erfgoed voegt geen rechtsgevolgen toe aan de rechtsgevolgen gekoppeld aan de bescherming als dorpsgezicht en wijzigt deze rechtsgevolgen niet. De bescherming als dorpsgezicht primeert daarenboven.” IV. Ontvankelijkheid Standpunten van de partijen
  10. De verwerende partij werpt als exceptie op dat het beroep onontvankelijk moet worden verklaard omdat de betrokken onroerende goederen als dorpsgezicht beschermd zijn en de opname in de inventaris van het bouwkundig erfgoed aan die bescherming geen voor de verzoekende partij nadelige rechtsgevolgen toevoegt. X-18.726-3/6
  11. In haar memorie van wederantwoord repliceert de verzoekende partij dat de bestreden beslissing wel degelijk rechtsgevolgen heeft. Zij stelt dat het voordeel van de vernietiging zou zijn dat haar eigendom niet in de inventaris wordt opgenomen en dat de opname in de inventaris en de bescherming als dorpsgezicht als afzonderlijke rechtsfiguren met eigen rechtsgevolgen te beschouwen zijn, waardoor een gebeurlijke opheffing van de bescherming de opname in de inventaris onverlet zou laten.
  12. In haar laatste memorie benadrukt de verzoekende partij dat de opname van een goed in de inventaris van het bouwkundig erfgoed zowel wat de finaliteit betreft als op het vlak van rechtsgevolgen fundamenteel verschilt van de bescherming van een onroerend goed als dorpsgezicht. Waar inventarissen dienen als basis voor strategische beleidsvoering en daartoe een feitelijk overzicht geven van het voorkomen van onroerenderfgoedwaarden in Vlaanderen, strekt de bescherming van een goed (als dorpsgezicht) ertoe om waardevol onroerend erfgoed te beschermen en te bewaren voor toekomstige generaties. Nadat de Raad van State de gevorderde nietigverklaring van de erfgoedinventaris zal hebben uitgesproken, zullen verzoekers percelen niet meer dienen als basis voor de strategische beleidsvoering inzake onroerend erfgoed. Beoordeling
  13. Het beroep is gericht tegen de opname in de inventaris van het bij ministerieel besluit van 9 juni 1995 beschermde dorpsgezicht. Terecht wijst de verwerende partij erop dat de bestreden opname van verzoekers percelen in de inventaris van het bouwkundig erfgoed geen voor de verzoekende partij nadelige rechtsgevolgen toevoegt aan de rechtsgevolgen van de bescherming als dorpsgezicht en de laatstgenoemde rechtsgevolgen niet wijzigt. Anders dan de verzoekende partij blijkbaar meent, zouden de erfgoedwaarden van verzoekers percelen ook na een gebeurlijke vernietiging van de opname in de inventaris van het bouwkundig erfgoed blijven dienen als basis X-18.726-4/6 voor de (strategische) beleidsvoering inzake onroerend erfgoed, gelet op het ministerieel beschermingsbesluit van 9 juni
  14. Dat de verzoekende partij voordeel zou hebben bij de gevorderde nietigverklaring als er in de toekomst zou worden beslist tot een opheffing van het beschermingsbesluit van 9 juni 1995 is al te hypothetisch om er in het kader van deze procedure een voldoende belang aan te kunnen ontlenen.
  15. De aangevoerde exceptie is gegrond. Het beroep is niet ontvankelijk. BESLISSING
  16. De Raad van State verwerpt het beroep.
  17. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. X-18.726-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op drie december tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, kamervoorzitter, Stephan De Taeye, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut Jan Clement X-18.726-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.045 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.