id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 december 2025 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.266 Rolnummer: A. 246361/X-19213 Zaak: Arrest 265266 - Varia (economische zaken) - 19/12/2025 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-01-13 Raadplegingen: 208 - laatst gezien 2026-06-18 06:17 Fiche Arrest nr 265.266 van 19 december 2025 Economische zaken - Varia (economische zaken) Beslissing : Bevolen Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.266 no lien 286865 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 265.266 van 19 december 2025 in de zaak A. 246.361/X-19.213 In zake: A.C. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Fleur Suetens kantoor houdend te 2560 Kessel Torenvenstraat 16 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de GEMEENTE ZONHOVEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wouter Poelmans kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 10 november 2025, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van “[h]et besluit van het college van burgemeester en schepenen van 26 augustus 2026 houdende de weigering van de wijziging van standplaats op de wekelijkse markt op vraag van [de] marktkramer”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij beschikking van 18 november 2025 werd, in samenspraak met het aangeduide lid van het auditoraat, de procedurekalender vastgesteld. De verwerende partij heeft een nota met opmerkingen en een administratief dossier ingediend. X-19.213-1/6 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 december 2025, om 11.30 uur. Staatsraad David D’Hooghe heeft verslag uitgebracht. Advocaat Fleur Suetens, die verschijnt voor verzoekster, en advocaat Jory Brabants-D’Hooghe, die loco advocaat Wouter Poelmans verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Verzoekster is uitbaatster van een marktkraam met handtassen. Zij heeft al een geruime tijd een standplaats op de wekelijkse zondagsmarkt van de gemeente Zonhoven. 3.
- In de loop van het jaar 2025 wordt haar standplaats meerdere keren gewijzigd. 3.
- Bij brief van 4 juli 2025 worden de standhouders ingelicht over een aangepaste indeling van de marktzone. Aan verzoekster wordt een standplaats op het marktplein (kerkplein) toegewezen. 3.
- Bij brieven van 25 juli en 22 augustus 2025 vraagt verzoekster bevestiging dat zij haar eerdere standplaats mag behouden. 3.
- Op 26 augustus 2025 wijst het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Zonhoven de vraag van verzoekster “om terug te keren ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.266 X-19.213-2/6 naar de standplaats in de Heuvenstraat af. De toegewezen standplaats op het marktplein blijft bijgevolg behouden”. Deze – bestreden – beslissing wordt als volgt gemotiveerd: “De verplaatsing gebeurde omwille van productspreiding. Op de Heuvenstraat bevinden zich drie standen met lederwaren, waarbij de betrokken standhouder de middelste positie innam. Bij de herindeling werd rekening gehouden met: - het type product; -de aanwezigheidsgeschiedenis van de standhouders; -de standplaats in de straat. Op basis van deze criteria werd beslist om de standhouder te verplaatsen naar het marktplein. Bovendien is [C.] een gekende naam bij de marktbezoekers en een vaste waarde naar wie de marktbezoekers op zoek gaan. Samen met andere publiekstrekkers zoals kaas- en visstanden, kan zij bijdragen tot het aantrekken van bezoekers naar het plein.” IV. Schorsingsvoorwaarden
- Krachtens artikel 17, § 1, derde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan de schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden bevolen onder de dubbele voorwaarde dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring en indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd waarvan het onderzoek zich leent voor een versnelde behandeling en waarmee de nietigverklaring van deze beslissing prima facie kan worden verantwoord. V. Spoedeisendheid Standpunt van verzoekster
- Verzoekster betoogt dat de bestreden beslissing, die tot gevolg heeft dat haar wordt geweigerd om de oorspronkelijke standplaats weer in te nemen, “onmiddellijke en ingrijpende gevolgen voor de beroepsactiviteiten [heeft] , aangezien zij haar inkomsten quasi volledig verwerft uit haar deelname aan de wekelijkse zondagsmarkt op haar oorspronkelijke standplaats in de Heuvenstraat waar zij intussen een sterke reputatie heeft opgebouwd”. X-19.213-3/6 Dit terwijl “haar nieuwe standplaats ter hoogte van het Marktplein aanzienlijk minder marktbezoekers aantrekt én zich bovendien bevindt naast een ander marktkraam waar dezelfde lederwaren worden verkocht”. Verzoekster wijst erop dat de minder gunstige ligging en het lager bezoekersaantal waarmee zij wordt geconfronteerd reeds heeft geleid tot “een significante daling van haar omzet van maar liefst 3.200,00 euro op een zeer korte periode (lees: juli 2025-oktober 2025)”. Zij verwijst daarvoor naar de verklaring van een boekhoudkantoor Zij vervolgt: “Op amper drie maanden tijd blijkt dus dat de cijfers van [verzoekster] er reeds sterk op achteruit zijn gegaan. Wanneer deze tendens zich voortzet, loopt de verzoekende partij – gelet ook op de specifieke sector waarin zij werkt – het reëel risico dat zij de volledige periode tot aan een vernietigingsarrest ten gronde financieel niet zal kunnen overbruggen.” Beoordeling
- Het komt er voor een verzoekende partij die beweert dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het vernietigingsberoep te kunnen afwachten, op aan om van die urgentie te overtuigen aan de hand van de concrete feiten die zij in haar vordering aanvoert. Dit houdt in dat het aan de verzoekende partij toekomt aan de eigen zaak, specifieke gegevens bij te brengen die in concreto aantonen dat de zaak spoedeisend is, gelet op de nadelige gevolgen die een tenuitvoerlegging van het bestreden besluit voor haar persoonlijk veroorzaken.
- Verzoekster beroept zich in wezen op een financieel nadeel. Zij maakt aannemelijk dat de (laatste) wijziging van haar standplaats een negatieve financiële impact heeft. Zij laat echter na een duidelijk beeld te verschaffen van haar financiële toestand. Zo wordt geen informatie bijgebracht aangaande de andere markten die door verzoekster worden bezocht, en de inkomsten die daardoor X-19.213-4/6 worden gegeneerd. Ook wat betreft de onkosten van de onderneming van verzoekster blijft elke informatie achterwege.
- In die omstandigheden wordt niet aangetoond dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het vernietigingsberoep te kunnen afwachten.
- Er is niet voldaan aan de voorwaarde inzake spoedeisendheid. VI. Besluit
- Er is niet voldaan aan ten minste één van de voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State die cumulatief vervuld moeten zijn wil een vordering tot schorsing worden toegewezen.
- De Raad van State geeft de partijen ter overweging dat er, behalve het voeren van gerechtelijke procedures, nog andere mogelijkheden bestaan om te komen tot een oplossing van het conflict dat tussen hen bestaat. Zo kan ook worden geopteerd voor een open dialoog, op grond waarvan de partijen kunnen komen tot duidelijke en werkbare afspraken. Indien partijen zelf niet tot een dergelijk gesprek kunnen komen, kan ook een beroep worden gedaan op de techniek van bemiddeling (zie de artikelen 1723/1 tot 1737 van het Gerechtelijk Wetboek). BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. X-19.213-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negentien december tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: David D’Hooghe, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq David D’Hooghe X-19.213-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.266 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.