← België

Arrest 265603 - Dossiers in verband met die geschillenberechtingen (cultuur, media en telecommunicatie) - 28/01/2026

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 januari 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.603 Rolnummer: A. 246802/IX-10857 Zaak: Arrest 265603 - Dossiers in verband met die geschillenberechtingen (cultuur, media en telecommunicatie) - 28/01/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-02-02 Raadplegingen: 190 - laatst gezien 2026-06-18 06:12 Fiche Arrest nr 265.603 van 28 januari 2026 Onderwijs en cultuur - Dossiers in verband met die geschillenberechtingen (cultuur, media en telecommunicatie) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 265.603 van 28 januari 2026 in de zaak A. 246.802/IX-10.857 In zake: A.D. woonplaats kiezend te tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2630 Aartselaar Groenenhoek 61 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 19 december 2025, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van het Agentschap voor Onderwijsdiensten van 14 november 2025 waarbij het aan verzoekster uitbetaalde salaris voor de maanden februari en maart 2025 wordt teruggevorderd. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij beschikking van 24 december 2025 werd de procedurekalender vastgesteld. De verzoekende partij heeft “een nota bij verzoekschrift tot schorsing” ingediend. De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. IX-10.857-1/5 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 26 januari
  3. Staatsraad Jim Deridder heeft verslag uitgebracht. Advocaat Jan Fransen, die verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Auditeur Daniël Plas heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. Verzoekster is als vast benoemd personeelslid deeltijds aangesteld bij het centrum voor leerlingenbegeleiding (‘CLB’) van de stad Gent. In die instelling is zij in ziekteverlof van 21 juli 2024 tot en met 30 juni
  6. Daarnaast is verzoekster sinds 1 februari 2025 deeltijds aangesteld als personeelslid bij de school voor secundair onderwijs ‘Instituut voor Verpleegkunde Sint-Vincentius’. In die instelling is zij in ziekteverlof vanaf 1 mei 2025 tot en met 30 juni
  7. IX-10.857-2/5 3.
  8. Met een brief van 14 november 2025 nodigt het Agentschap voor Onderwijsdiensten (‘Agodi’) verzoekster uit om het salaris voor de maanden februari en maart 2025 terug te betalen voor 14 december
  9. Dat is de bestreden beslissing. IV. Regelmatigheid van de rechtspleging 4.
  10. Verzoekster heeft op 18 januari 2026 een “nota bij verzoekschrift tot schorsing” ingediend. Naar luid van artikel 5, § 1, tweede lid, 2°, van het koninklijk besluit van 19 november 2024 ‘tot bepaling van de rechtspleging in kort geding en tot wijziging van diverse besluiten betreffende de procedure voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ (‘procedurereglement kort geding’) bepaalt de beschikking waarbij de procedurekalender wordt vastgesteld “de uiterste datum van indiening van de nota met opmerkingen van de verwerende partij”. 4.
  11. De rechtspleging in kort geding voorziet niet in de mogelijkheid voor de verzoekende partij om, ter aanvulling van haar verzoekschrift, een nota met opmerkingen in te dienen. De door verzoekster ingediende nota dient derhalve uit het debat te worden geweerd. 5.
  12. In de beschikking van 24 december 2025 is, wat de procedurekalender betreft, bepaald dat de verwerende partij het administratief en een nota met opmerkingen kan neerleggen uiterlijk op 19 januari 2026 om 12.00 uur. De verwerende partij heeft het administratief dossier en haar nota met opmerkingen neergelegd buiten de voormelde termijn. IX-10.857-3/5 5.
  13. De nota van de verwerende partij dient op grond van artikel 17, § 4, zesde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 7, § 3, van het procedurereglement uit het debat te worden geweerd. V. Ontvankelijkheid Exceptie
  14. Ter terechtzitting werpt de verwerende partij op dat de vordering betrekking heeft op een subjectief recht en derhalve, op grond van de artikelen 144 en 145 van de Grondwet, buiten de bevoegdheid van de Raad van State valt. Vooralsnog bestaat er geen noodzaak om over de door de verwerende partij opgeworpen ontvankelijkheidsexceptie uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over die exceptie zouden alleen nodig zijn indien de grondvoorwaarden voor het toewijzen van de vordering tot schorsing vervuld zijn. Dat is, zoals hierna zal blijken, niet het geval. VI. Toepassing van artikel 11, derde lid, van de procedureregeling kort geding
  15. Verzoekster is ter terechtzitting niet aanwezig, noch vertegenwoordigd. Naar luid van artikel 11, derde lid, van het procedurereglement kort geding wordt, wanneer de verzoekende partij noch verschijnt noch vertegenwoordigd is, de vordering tot schorsing afgewezen. De mededeling van verzoekster in een e-mail van 25 januari 2026 dat zij voor de terechtzitting op het werk geen verlof kon krijgen, is niet van aard om van de toepassing van het voormelde artikel 11, derde lid, te doen afzien.
  16. De vordering tot schorsing moet derhalve worden afgewezen. IX-10.857-4/5 BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op achtentwintig januari tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Jim Deridder, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Jim Deridder IX-10.857-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.603 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.