id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 februari 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.816 Rolnummer: A. 246011/X-19191 Zaak: Arrest 265816 - Sluitingen van vestigingen - 24/02/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-02-26 Raadplegingen: 124 - laatst gezien 2026-06-18 06:36 Fiche Arrest nr 265.816 van 24 februari 2026 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Sluitingen van vestigingen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 265.816 van 24 februari 2026 in de zaak A. 246.011/X-19.191 In zake: de BV A.C. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Alper Darici kantoor houdend te 3530 Houthalen-Helchteren Sint-Luciastraat 17 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Julie Swerts kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 30 september 2025, strekt tot de nietigverklaring van “[d]e beslissing van de waarnemend burgemeester van [de] stad Antwerpen dd. 25.09.2025 tot handhaving [van de] openbare orde waarbij de volledige doch tijdelijke sluiting van de inrichting aan de [V.]straat […], 2060 Antwerpen wordt bevolen voor de periode van 01.10.2025 t.e.m. 31.10.2025”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 264.440 van 6 oktober 2025 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd. X-19.191-1/4 Het genoemde arrest is op 6 oktober 2025 aan de verwerende partij ter kennis gebracht. Op respectievelijk 5 december 2025 en 15 december 2025 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verwerende partij en de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/2, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ (hierna: het algemeen procedurereglement). Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Gelet op artikel 17, § 6, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 11/2, § 1, van het algemeen procedurereglement kan de beslissing waarvan de schorsing gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien de verwerende partij of degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing bevolen wordt. De verwerende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.
- In zijn arrest nr. 264.440 van 6 oktober 2025 heeft de Raad van State bij uiterst dringende noodzakelijkheid de tenuitvoerlegging van de bestreden X-19.191-2/4 beslissing geschorst, na het eerste en het derde middel, in de besproken mate, ernstig te hebben bevonden. Geoordeeld werd dat de bestreden beslissing op het eerste gezicht niet een onmiddellijke sluiting, zonder enige voorafgaande verwittiging, om de openbare orde en veiligheid te vrijwaren, verantwoordt.
- De verwerende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. Kennelijk kan zij zich vinden in deze beoordeling. De Raad van State ziet op zijn beurt geen reden om de onwettigheid die in het schorsingsarrest voorlopig is vastgesteld, ten gronde niet bij te vallen. Het eerste en derde middel zijn gegrond in de mate waarin ze eerder in het voornoemde schorsingsarrest ernstig werden bevonden. IV. Kosten
- De verzoekende partij vordert in het enig verzoekschrift een rechtsplegingsvergoeding begroot op het basisbedrag te verhogen met 20% omdat het annulatieberoep gepaard gaat met een vordering tot schorsing.
- Te dezen wordt voor de oplossing van het geschil toepassing gemaakt van artikel 11/2 van het algemeen procedurereglement. Met toepassing van artikel 67, § 2, derde lid, van het algemeen procedurereglement, is derhalve geen verhoging van de rechtsplegingsvergoeding verschuldigd. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt de beslissing van de waarnemend burgemeester van de stad Antwerpen van 25 september 2025 met ref. 2025_BB_01549 ‘Handhaving openbare orde’, waarbij de volledige doch tijdelijke sluiting van de inrichting uitgebaat door de bv A.C., gelegen aan de X-19.191-3/4 V. straat, 2060 Antwerpen, van woensdag 1 oktober 2025 om 00.00 uur tot en met vrijdag 31 oktober 2025 om 24.00 uur, wordt bevolen.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 26 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op vierentwintig februari tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, kamervoorzitter, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut Jan Clement X-19.191-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.816 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.264.440 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div