← België

Arrest 265875 - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen - 03/03/2026

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.875 Rolnummer: A. 241523/IX-10442 Zaak: Arrest 265875 - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen - 03/03/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-03-05 Raadplegingen: 131 - laatst gezien 2026-06-18 06:36 Fiche Arrest nr 265.875 van 3 maart 2026 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI WARNING ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.875 no lien 288004 identiques RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 265.875 van 3 maart 2026 in de zaak A. 241.523/IX-10.442 In zake: N.G. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Walter Van Steenbrugge en Quinten De Keersmaecker kantoor houdend te 9300 Mariakerke Durmstraat 29 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jürgen Vanpraet kantoor houdend te 8820 Torhout Oostendestraat 306/a bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 25 maart 2024, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de voorzitter van het directiecomité van de federale overheidsdienst Justitie van 24 januari 2024 waarbij verzoekster, met een opzegtermijn van drie maanden, wordt ontslagen wegens beroepsongeschiktheid. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 260.235 van 24 juni 2024 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. IX-10.442-1/3 De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Werner Weymeersch heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 2 oktober
  3. Op 8 december 2025 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Beoordeling
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.875 IX-10.442-2/3 verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  6. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  7. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  8. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 48 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op drie maart tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Vanhaegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Vanhaegendoren IX-10.442-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.875 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.235 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.