id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.971 Rolnummer: A. 246181/VII-43058 Zaak: Arrest 265971 - Milieuvergunningen - 11/03/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-03-12 Raadplegingen: 131 - laatst gezien 2026-06-18 06:09 Fiche Arrest nr 265.971 van 11 maart 2026 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : heropening debatten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 265.971 van 11 maart 2026 in de zaak A. 246.181/VII-43.058 In zake : de NV BOREALIS ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ilse Cuypers kantoor houdend te 2600 Antwerpen Posthofbrug 6, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Johan Verbist en Joyce Van Caeyzeele kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 187/302 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 20 oktober 2025, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van het afdelingshoofd van de afdeling Beleidsontwikkeling en Juridische Ondersteuning van het departement Omgeving van 26 augustus 2025 dat het op 12 augustus 2025 door de verzoekende partij ingediend bestuurlijk beroep niet ontvankelijk verklaart. II. Verloop van de rechtspleging
- Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling VII-43.058-1/5 bestuursrechtspraak van de Raad van State’ (hierna: algemeen procedurereglement). De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 maart 2026 . Staatsraad Francis Van Nuffel heeft verslag uitgebracht. Advocaat Pieter Marstboom, die loco advocaat Ilse Cuypers verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Joyce Van Caeyzeele, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- In opdracht van de bv 3M Belgium wordt een beschrijvend bodemonderzoek uitgevoerd op terreinen te Zwijndrecht, in de ruime omgeving van het bedrijfsterrein van de verzoekende partij. Het verslag van dat onderzoek wordt bezorgd aan de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (hierna: OVAM). Bij beslissing van 20 februari 2024 spreekt OVAM zich uit over de aard en de ernst van de verontreiniging, bepaalt zij dat de bv 3M Belgium moet overgaan tot bodemsanering, en stelt zij termijnen vast voor de opmaak van de vereiste bodemsaneringsprojecten. 3.
- De verzoekende partij stelt bestuurlijk beroep in tegen de beslissing van OVAM van 20 februari
- Op 6 mei 2025 verwerpt de Vlaamse VII-43.058-2/5 minister, bevoegd voor omgeving, dit bestuurlijk beroep. De beslissing van 6 mei 2025 wordt met een aangetekende brief van 13 mei 2025 ter kennis gebracht van de verzoekende partij. 3.
- De verzoekende partij stelt bij de Raad van State een beroep in tot vernietiging van de beslissing van 6 mei
- Dat beroep, met rolnummer A. 245.261/VII-42.948, is nog aanhangig. 3.
- In de beslissing van 6 mei 2025 wordt verwezen naar een bijkomend beschrijvend bodemonderzoek dat in opdracht van de bv 3M Belgium werd uitgevoerd en de beslissing van OVAM van 28 oktober 2024 over de aard en de ernst van de verontreiniging die uit dat beschrijvend bodemonderzoek blijkt. Nadat zij OVAM hierom heeft verzocht, ontvangt de verzoekende partij op 14 juli 2025 een afschrift van de beslissing van 28 oktober
- De verzoekende partij vraagt vervolgens OVAM om een kopie van het verslag van het bijkomend beschrijvend bodemonderzoek, en ontvangt dit op 7 augustus
- 3.
- De verzoekende partij stelt op 12 augustus 2025 bestuurlijk beroep in tegen de beslissing van OVAM van 28 oktober
- Het bestreden besluit verklaart dit bestuurlijk beroep niet ontvankelijk. Volgens het bestreden besluit begon de beroepstermijn van 30 dagen te lopen op 16 mei 2025, de dag na de kennisname van de beslissing van 6 mei 2025, zodat het beroep laattijdig werd ingesteld. IV. Kort debat
- De eerste auditeur – afdelingshoofd heeft een verslag opgesteld met toepassing van artikel 93 van het algemeen procedurereglement waarin hij aanneemt dat het beroep tot nietigverklaring slechts een kort debat vereist. In zijn verslag adviseert hij om het enig annulatiemiddel gegrond te verklaren, en bijgevolg het bestreden besluit te vernietigen. VII-43.058-3/5
- De procedure die wordt voorzien in artikel 93 van het algemeen procedurereglement moet met de nodige omzichtigheid worden toegepast. De inwilliging van het voorstel van de auditeur door de alleen zetelende staatsraad ontzegt immers aan de partijen de waarborgen die door de gewone rechtspleging worden geboden, en met name de behandeling van hun zaak door een kamer met drie magistraten, en de mogelijkheid om hun standpunten schriftelijk uiteen te zetten in memories. Op de vraag om een beroep met een kort debat te behandelen wordt dan ook slechts ingegaan wanneer het op grond van een eenvoudige kennisname van het beroep onmiddellijk duidelijk is welke oplossing aan de zaak dient gegeven te worden en/of wanneer de partijen geen ernstige betwisting lijken te kunnen voeren over de oplossing die door de auditeur wordt voorgesteld.
- Het is op grond van een eenvoudige kennisname van het beroep niet onmiddellijk duidelijk dat het gegrond is. Uit de uiteenzetting van de verwerende partij op de zitting blijkt verder dat zij een ernstige betwisting lijkt te kunnen voeren over de oplossing die door het auditoraat wordt voorgesteld. De zaak leent zich niet dan ook niet tot een kort debat. BESLISSING De Raad van State heropent het debat en verwijst de zaak naar de gewone rechtspleging. VII-43.058-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op elf maart tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Francis Van Nuffel, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Francis Van Nuffel VII-43.058-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.265.971 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div