← België

Arrest 266056 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 17/03/2026

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.056 Rolnummer: A. 243785/X-18947 Zaak: Arrest 266056 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 17/03/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-03-24 Raadplegingen: 109 - laatst gezien 2026-06-18 06:08 Fiche Arrest nr 266.056 van 17 maart 2026 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Vernietiging Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 266.056 van 17 maart 2026 in de zaak A. 243.785/X-18.947 In zake:

  1. D.M.
  2. N.M. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Leen Vanbrabant kantoor houdend te 1000 Brussel Jan Jacobsplein 5 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de GEMEENTE SCHAARBEEK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Patrick Masureel kantoor houdend te 1030 Brussel Eugène Smitsstraat 28-30 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: G.C. bijgestaan en vertegenwoordigd door Jonathan Commans en Nicolas Barbier kantoor houdend te 1300 Waver Chemin du Stocquoy 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 22 december 2024, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Schaarbeek van 22 oktober 2024 waarbij een stedenbouwkundige vergunning wordt verleend om op drie percelen met vooraan woongelegenheden, de gedeeltelijke sloop van het achtergebouw te regulariseren, de bestemming van X-18.947-1/5 een deel van het achtergebouw te wijzigen in productieactiviteit (890 m²), kantoren (562 m²) en een conciërgewoning (92 m²), een terras op een plat dak aan te leggen, buitentrappen en passerellen te bouwen en structurele binnenwerken uit te voeren. II. Verloop van de rechtspleging
  4. Bij arrest nr. 263.081 van 25 april 2025 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd. De tussenkomende partij heeft een verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verzoekende partijen hebben een toelichtende memorie ingediend. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verwerende partij en aan de tussenkomende partij ter kennis gebracht op 11 en 12 december
  5. Op 3 februari 2026 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verwerende partij en de tussenkomende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verwerende partij en de tussenkomende partij hebben niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. X-18.947-2/5 III. Tussenkomst
  7. De tussenkomende partij heeft bij brief van 28 mei 2025 een verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. Als begunstigde van de bestreden vergunning heeft hij er belang bij in deze procedure tussen te komen, zodat zijn tussenkomst kan worden ingewilligd. IV. Beoordeling
  8. Gelet op artikel 30, § 3, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’, kan de beslissing waarvan de nietigverklaring gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien noch de verwerende partij, noch degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, een verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag van de auditeur waarin de nietigverklaring wordt voorgesteld.
  9. In het auditoraatsverslag wordt de nietigverklaring voorgesteld op grond van het eerste, tweede en vierde middel, die in het voormelde schorsingsarrest in de aldaar besproken mate ernstig werden bevonden, welk standpunt in het verslag ten gronde wordt onderschreven, temeer daar er geen inhoudelijk verweer wordt gevoerd.
  10. De verwerende en de tussenkomende partij hebben na dit voor hen ongunstig verslag geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Kennelijk kunnen zij zich vinden in de beoordeling van het auditoraatsverslag. X-18.947-3/5
  11. Ook de Raad van State ziet geen reden om deze beoordeling niet bij te vallen. De middelen zijn in de aangeven mate gegrond. BESLISSING
  12. Het verzoek tot tussenkomst van G.C. wordt ingewilligd.
  13. De Raad van State vernietigt het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Schaarbeek van 22 oktober 2024 waarbij aan G.C. een stedenbouwkundige vergunning wordt verleend om op drie percelen met vooraan woongelegenheden, de gedeeltelijke sloop van het achtergebouw te regulariseren, de bestemming van een deel van het achtergebouw te wijzigen in productieactiviteit (890 m²), kantoren (562 m²) en een conciërgewoning (92 m²), een terras op een plat dak aan te leggen, buitentrappen en passerellen te bouwen en structurele binnenwerken uit te voeren.
  14. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 800 euro, een bijdrage van 48 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen gezamenlijk. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. X-18.947-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zeventien maart tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, kamervoorzitter, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut Jan Clement X-18.947-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.056 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.263.081 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.