id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.127 Rolnummer: A. 240532/X-18507 Zaak: Arrest 266127 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 20/03/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-03-30 Raadplegingen: 113 - laatst gezien 2026-06-18 06:08 Fiche Arrest nr 266.127 van 20 maart 2026 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 266.127 van 20 maart 2026 in de zaak A. 240.532/X-18.507 In zake :
- Y.T. woonplaats kiezend te 1731 Zellik Vliegwezenlaan 40 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk De Greef kantoor houdend te 1700 Dilbeek Eikelenberg 20
- A.T. woonplaats kiezend te 1731 Zellik Brusselsesteenweg 453 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk De Greef kantoor houdend te 1700 Dilbeek Eikelenberg 20 tegen : de GEMEENTE ASSE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sofie Albert kantoor houdend te 1000 Brussel Wolvengracht 38/2 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de NV S. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas Ryckalts kantoor houdend te 1000 Brussel Wolvengracht 38/2 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 17 november 2023, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de gemeenteraad van de gemeente Asse van X-18.507-1/9 28 augustus 2023 houdende “Goedkeuring tracé, wegenis en rioleringsontwerp te Zellik, F. Thirrystraat […]”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoekers hebben een memorie van wederantwoord ingediend. De nv S. heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een verslag opgesteld. Verzoekers hebben een verzoek tot voortzetting van het geding ingediend. De verwerende partij en de tussenkomende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 januari
- Kamervoorzitter Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Jade De Putter, die loco advocaat Dirk De Greef verschijnt voor verzoekers, advocaat Boris Cresens, die loco advocaat Sofie Albert verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Ruben Basiliades, die loco advocaat Thomas Ryckalts verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- X-18.507-2/9 III. Feiten 3.
- Er wordt verwezen naar ’s Raads arresten nr. 255.504 van 17 januari 2023 en nr. 258.809 van 13 februari
- 3.
- Op een terrein in de onmiddellijke omgeving van het eigendom van verzoekers (hierna: het betrokken terrein), wil de tussenkomende partij (hierna: de verkavelaar) een verkavelingsproject realiseren. 3.
- Op 10 januari 2020 dient de tussenkomende partij daartoe een omgevingsaanvraag in, waaraan een wegenisdossier wordt toegevoegd dat ertoe strekt een voor het gemotoriseerd verkeer doodlopende T-vormige weg aan te laten sluiten op de Frans Thirrystraat. Deze weg eindigt aan de noordelijke grens van het betrokken terrein, waarlangs de in de Atlas der Buurtwegen opgenomen voetweg nr. 34 loopt. 3.
- Tijdens het openbaar onderzoek dient tweede verzoeker een bezwaarschrift in. 3.
- Met een besluit van 22 juni 2020 keurt de gemeenteraad van de gemeente Asse het wegenisdossier goed (hierna: het gemeenteraadsbesluit van 22 juni 2020). 3.
- Op 2 november 2020 dienen verzoekers bij de Raad van State een beroep tot nietigverklaring van het gemeenteraadsbesluit van 22 juni 2020 in (zaak A. 232.151/X-17.829). 3.
- Nadat in het auditoraatsverslag in de laatstgenoemde zaak de vernietiging is voorgesteld van het gemeenteraadsbesluit van 22 juni 2020, om reden van het ontbreken van een formele inhoudelijke motivering, neemt de gemeenteraad op 28 augustus 2023 een nieuw besluit. X-18.507-3/9 Artikel 1 van dit nieuwe besluit trekt het gemeenteraadsbesluit van 22 juni 2020 in, artikel 2 verwerpt de ingediende bezwaarschriften en artikel 3 keurt het wegendossier (opnieuw) goed. IV. Tussenkomst
- De in het bestreden gemeenteraadsbesluit vervatte goedkeuring van het wegenisdossier strekt de verkavelaar tot voordeel, zodat zijn verzoekschrift tot tussenkomst ingewilligd moet worden. V. Onderzoek van de middelen A. Het eerste middel Uiteenzetting van het middel 5.
- Het eerste middel is afgeleid uit de schending van artikelen 8, 11 en 12 van het decreet van 3 mei 2019 ‘houdende de gemeentewegen’ (hierna: het gemeentewegendecreet), “bevoegdheidsoverschrijding”, “het ontbreken van een rechtens vereiste grondslag” en het vertrouwens- en zorgvuldigheidsbeginsel als algemene beginselen van behoorlijk bestuur. 5.
- Verzoekers werpen op dat de procedure van artikel 12, § 2, van het gemeentewegendecreet niet kon worden toegepast omdat het bestreden besluit niet kadert binnen een lopende omgevingsvergunningsaanvraag. De omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden is immers definitief verleend op 13 juni
- In hun memorie van wederantwoord stellen verzoekers dat bij gebrek aan retroactieve werking het bestreden gemeenteraadsbesluit onmogelijk alsnog tijdig en voorafgaandelijk aan het verlenen van de omgevingsvergunning kan zijn genomen. Men kan er immers niet om heen dat het bestreden besluit zich X-18.507-4/9 in de tijd situeert na de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, wat op gespannen voet staat met artikel 32, § 6, eerste lid, van het decreet van 25 april 2014 ‘betreffende de omgevingsvergunning’. Beoordeling
- Zoals bevestigd is in ’s Raads arrest nr. 104.008 van 26 februari 2002, dient een intrekkende overheid het ex tunc-effect van een intrekking in al haar consequenties te eerbiedigen. Noch artikel 12, § 2, van het gemeentewegendecreet, noch enige andere van de door verzoekers ingeroepen rechtsregels belet de gemeenteraad om zich na een intrekking opnieuw uit te spreken over de zaak van de wegen, ook al is de omgevingsvergunning inmiddels verleend.
- Het middel wordt verworpen. B. Het tweede middel Uiteenzetting van het middel 9.
- Het tweede middel is afgeleid uit de schending van artikel 10 van het gemeentewegendecreet “in samenhang gelezen met” de artikelen 3 en 4 van dit decreet, alsook uit de schending van “de beginselen van behoorlijk bestuur waaronder het zorgvuldigheids- en vertrouwensbeginsel”. 9.
- Verzoekers voeren aan dat de gemeenteraad geen concrete toetsing heeft doorgevoerd aan de doelstellingen en principes uit de artikelen 3 en 4 van het gemeentewegendecreet om zo zijn beslissing te verantwoorden en te motiveren. De aanwezigheid van voetweg nr. 34 had de gemeenteraad “tot een grotere zorgvuldigheid en voorzichtigheid moeten nopen”. Doordat de gemeenteraad over dit alles het stilzwijgen bewaart, staat de schending van de aangehaalde beginselen en bepalingen vast. X-18.507-5/9
- In hun memorie van wederantwoord voegen verzoekers toe dat voetweg nr. 34 niet correct is aangeduid op het door de verkavelaar ingediende rooilijnplan. Beoordeling 11.
- Zoals ook is vastgesteld in het auditoraatsverslag, overtuigen verzoekers er niet van dat voetweg nr. 34 niet correct zou zijn aangeduid op het door de verkavelaar ingediende rooilijnplan. 11.
- Voorts gaat het middel eraan voorbij dat het bestreden besluit volgende formele motivering bevat: “Bezwaren: De bezwaren die betrekking hebben op de wegenis kunnen als volgt samengevat worden: […] • De bebouwing en wegeniswerken zullen een bovenmatige hinder uitmaken voor de omgeving. […] Bespreking bezwaren: […] • Het betreft de aanleg van wegenis en 10 loten voor ééngezinswoningen. Uit het bezwaar blijkt niet in welk opzicht de nieuwe verkaveling en wegenis bovenmatige hinder zou veroorzaken. Het betreft hier een beperkt inbreidingsproject met louter ééngezinswoningen in aansluiting op de Frans Thirrystraat, gelegen in woongebied. Gezien het louter een woonproject betreft, sluit het dan ook goed aan bij de omliggende bebouwing. Door te voorzien in ééngezinswoningen wordt de densiteit ook laag gehouden. De nieuwe wegenis sluit aan op de Frans Thirrystraat, en loopt dood. Er wordt dus enkel bestemmingsverkeer verwacht en geen doorgaand verkeer waardoor de hinder voor de omwonenden beperkt zal zijn […] Toetsing aan het decreet houdende gemeentewegen: Dit decreet heeft tot doel om structuur, de samenhang en de toegankelijkheid van de gemeentewegen te vrijwaren en te verbeteren, in het bijzonder om aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit te voldoen. De nieuwe wegenis wordt aangelegd ter hoogte van de hoek met de F. Thirrystraat en de A. De Deckerstraat. De overgang tussen de F. Thirrystraat en de Galgenberg is enkel doorlopend voor fietsers en voetgangers. Via de Galgenberg kan de F. Thirrystraat/A. De Deckerstraat niet bereikt worden met de wagen. Het doorgaand verkeer wordt in deze X-18.507-6/9 straten al geweerd. Het huidige voorliggende openbaar domein, F. Thirrystraat dient nu al in hoofdzaak voor louter bestemmingsverkeer, maar is aangepast om het beperkt aantal bijkomende loten en nieuw wegenis te ontsluiten. Binnen de verkaveling wordt er geopteerd voor een enkelvoudige ontsluiting van het terrein, enkel via de Frans Thirrystraat. Er wordt dus in hoofdzaak enkel bestemmingsverkeer gegenereerd aangezien de nieuwe wegenis een doodlopende straat betreft. Wanneer doorgaand verkeer wordt vermeden, verkrijgt de site een verkeersluw en erfachtig karakter. De nieuwe wegenis wordt dus aangelegd onder de vorm van een woonerf, waar geen aparte voet- en fietspaden voorzien worden. Er wordt voorzien in gemengd verkeer waarbij fietsers en voetgangers de volledige breedte van de straat kunnen benutten. Een doodlopende straat leent zich voor deze vorm. De nieuwe wegenis is voldoende zichtbaar voor fietsers en voetgangers vanuit de verschillende straten. Lot 1 in de nieuwe verkaveling wordt ook naar achter geplaatst (tov. de F. Thirrystraat) wat de zichtbaarheid nog verhoogt tov. voorliggende straat.” Nu verzoekers de hiervoor geciteerde motivering, waarin wel degelijk in concreto is stilgestaan bij de doelstellingen en principes uit de artikelen 3 en 4 van het gemeentewegendecreet, niet in hun middel betrekken, maken zij geen schending van de aangevoerde rechtsregels aannemelijk.
- Het middel wordt verworpen. C. Het derde middel Uiteenzetting van het middel 13.
- Het derde middel is afgeleid uit de schending van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 ‘betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen’ en van het zorgvuldigheidsbeginsel als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur, “eventueel – en voor zover van toepassing – samen gelezen met het artikel 31 Omgevingsvergunningsdecreet en artikel 47 van het Omgevingsvergunningsbesluit”. 13.
- Verzoekers klagen aan dat het bestreden besluit steunt op het feitelijke gegeven dat de overgang tussen de Frans Thirrystraat en de Galgenberg X-18.507-7/9 enkel doorlopend zou zijn voor fietsers en voetgangers, terwijl uit een door hen neergelegde foto blijkt dat de fysieke barrière weggenomen is zodat ook gemotoriseerd verkeer aldaar een doorgang kan nemen.
- In hun memorie van wederantwoord stellen verzoekers dat de verwerende partij toegeeft dat er een doorgangsmogelijkheid was voor gemotoriseerd verkeer, in tegenstelling tot hetgeen ze in het bestreden besluit heeft overwogen. Het tijdelijke karakter ervan doet hieraan geen afbreuk. Beoordeling
- De door verzoekers bijgebrachte foto waarop geen fysieke barrière tussen de Frans Thirrystraat en de Galgenberg te zien is, blijkt een momentopname uit april 2023 te zijn, ten gevolge van tijdelijke wegenwerken in de omliggende straten. Zoals in het auditoraatsverslag wordt opgemerkt, is de fysieke barrière na het uitvoeren van de wegeniswerken hersteld en overtuigen verzoekers er niet van dat het bestreden besluit gesteund zou zijn op een onjuist feitelijk gegeven.
- Het middel wordt verworpen. VI. Besluit
- Gelet op de verwerping van de aangevoerde middelen moet het beroep hoe dan ook worden verworpen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- Verzoekers worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van X-18.507-8/9 24 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op twintig maart tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, kamervoorzitter, Stephan De Taeye, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Jan Clement X-18.507-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.127 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div