id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 maart 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.128 Rolnummer: A. 241684/X-18649 Zaak: Arrest 266128 - Wegenwezen - 20/03/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-03-30 Raadplegingen: 117 - laatst gezien 2026-06-18 06:09 Fiche Arrest nr 266.128 van 20 maart 2026 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Wegenwezen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 266.128 van 20 maart 2026 in de zaak A. 241.684/X-18.649 In zake :
- de NV M.
- J.V. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Erika Rentmeesters kantoor houdend te 9100 Sint-Niklaas Vijfstraten 57 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen :
- de GEMEENTE LONDERZEEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Isabelle Cooreman kantoor houdend te 1082 Brussel Keizer Karellaan 586/9 bij wie woonplaats wordt gekozen
- de PROVINCIE VLAAMS-BRABANT
- het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Bronders kantoor houdend te 8400 Oostende Zandvoordestraat 444 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 15 april 2024, strekt tot de nietigverklaring van: a. het besluit van de gemeenteraad van Londerzeel van 26 september 2017 waarin wordt voorgesteld om de buurtweg met nummer 63 van de Atlas der Buurtwegen van Londerzeel gedeeltelijk te verplaatsen; b. het besluit van de deputatie van de provincieraad van de provincie Vlaams-Brabant van 23 november 2017 houdende de goedkeuring van X-18.649-1/7 het rooilijnplan en de gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg nr. 63 in de gemeente Londerzeel en c. het besluit van de Vlaamse minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme van 16 februari 2024 tot goedkeuring van het voornoemde besluit van de deputatie van 23 november 2017 en tot verwerping van twee daartegen ingestelde bestuurlijke beroepen. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partijen hebben een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partijen hebben een laatste memorie ingediend. De eerste verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 december
- Kamervoorzitter Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Robrecht Van Steenkiste, die loco advocaat Erika Rentmeesters verschijnt voor de verzoekende partijen, advocaat Joeri Leten, die loco advocaat Isabelle Cooreman verschijnt voor de eerste verwerende partij, en advocaat Sarah Beckers, die loco advocaat Bart Bronders verschijnt voor de derde verwerende partij, zijn gehoord. Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. X-18.649-2/7 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- De eerste verzoekende partij is eigenaar van een kasteel met omliggend park te Londerzeel (hierna: het kasteeldomein). Vóór 31 oktober 2022 is de patrimoniumvennootschap van W. de enige bestuurder van de eerste verzoekende partij. Vóór 31 oktober 2022 woont W. op het kasteeldomein. 3.
- Op 18 mei 2017 vraagt de eigenaar van een perceel dat paalt aan het kasteeldomein om een deel van het tracé van de in de Atlas der Buurtwegen opgenomen voerweg nr. 63 te verleggen. 3.
- Met een besluit van 26 september 2017 keurt de gemeenteraad van Londerzeel het voorstel tot gedeeltelijke verplaatsing van voetweg nr. 63 goed. Dit is het eerste bestreden besluit (hierna: het gemeenteraadsbesluit). 3.
- Met een besluit van 23 november 2017 keurt de deputatie van de provincieraad van de provincie Vlaams-Brabant het rooilijnplan en de gedeeltelijke verlegging van voetweg nr. 63 goed. Dit is het tweede bestreden besluit (hierna: het deputatiebesluit). 3.
- Op 8 maart 2018 stelt “[d]e heer [W.] wonende [op het kasteeldomein]” tegen het deputatiebesluit bestuurlijk beroep in bij de Vlaamse regering. X-18.649-3/7 3.
- Met een besluit van 16 februari 2024 keurt de Vlaamse minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme het deputatiebesluit goed en verwerpt zij onder meer het in het vorige randnummer bedoelde bestuurlijk beroep. Dit is het derde bestreden besluit (hierna: het mininisterieel besluit). 3.
- Vanaf 31 oktober 2022 volgt de patrimoniumvennootschap van tweede verzoeker de patrimoniumvennootschap van W. op als enige bestuurder van de eerste verzoekende partij. De bedoeling is dat, na verbouwingswerken, tweede verzoeker gaat wonen op het kasteeldomein, dat W. verlaten heeft. IV. Ontvankelijkheid Standpunt van de partijen
- De verwerende partijen werpen als exceptie op dat de verzoekende partijen geen ontvankelijk bestuurlijk beroep hebben ingesteld tegen het deputatiebesluit, zodat zij hun recht hebben verbeurd om een annulatieberoep in te stellen bij de Raad van State.
- In hun memorie van wederantwoord antwoorden de verzoekende partijen dat het Vlaamse Gewest slechts een goedkeuringstoezicht uitoefent ten aanzien van het deputatiebesluit, hetgeen niet zonder meer gelijkgesteld kan worden met een bestuurlijk beroep dat voorafgaand zou moeten worden ingesteld vooraleer de Raad van State te kunnen vatten. Bovendien kon tweede verzoeker onmogelijk verondersteld worden om in 2017 beroep aangetekend te hebben bij de Vlaamse regering, aangezien er op dat ogenblik nog geen sprake was van zijn intentie om op het kasteeldomein te gaan wonen. X-18.649-4/7
- In hun laatste memorie stellen de verzoekende partijen dat het te dezen door de minister uitgeoefende goedkeuringstoezicht niet beschouwd kan worden als een georganiseerd bestuurlijk beroep. Een georganiseerd bestuurlijk beroep heeft immers als kenmerk dat het devolutieve werking heeft, wat impliceert dat het beroepsorgaan de volledige zaak opnieuw beoordeelt en zijn beslissing in de plaats van de beroepen beslissing stelt. Bovendien heeft de eerste verzoekende partij op 8 maart 2018 bestuurlijk beroep ingesteld. Beoordeling
- Het te dezen toepasselijke artikel 28 van de wet van 10 april 1841 op de buurtwegen luidt: “Het voornemen tot opening, afschaffing, wijziging of verlegging van een buurtweg wordt onderworpen aan een openbaar onderzoek. […] De beraadslagingen der gemeenteraden worden onderworpen aan de bestendige deputatie van de provinciale raad, welke beslist binnen de 90 dagen na ontvangst van de beraadslaging van de gemeenteraad, behoudens beroep bij de Koning vanwege de gemeente of van de belanghebbende derden. Bij ontstentenis van een tijdige beslissing van de deputatie kan de gemeente beroep instellen tegen het uitblijven van de beslissing. De beslissingen van de deputatie worden bekendgemaakt door de colleges van burgemeester en schepenen, van de zondag af na dezelver ontvangst en blijven gedurende acht dagen aangeplakt. Het beroep bij de Koning schorst de beslissingen. Het moet uitgeoefend en aan de gouverneur overgemaakt worden, binnen de vijftien dagen volgende op de in vorige paragraaf vermelde bekendmaking.”
- Van diegene die een jurisdictioneel beroep instelt, mag worden verwacht dat hij voorafgaandelijk alle procedureel gewaarborgde mogelijkheden uitput teneinde zijn rechten te vrijwaren. Gelet op de verhouding tussen het gemeenteraadsbesluit (voorstel), het deputatiebesluit (beslissing) en het besluit van de Vlaamse minister (goedkeuring), moet worden vastgesteld dat de in artikel 28, tweede en vijfde lid, van de buurtwegenwet bedoelde beroepsmogelijkheid een substantieel onderdeel van de besluitvormingsprocedure is die een belanghebbende in beginsel moet X-18.649-5/7 aanwenden opdat hij zijn recht op het instellen van een annulatieberoep bij de Raad van State niet zou verbeuren. Aan die vaststelling wordt geen afbreuk gedaan door de omstandigheid dat dit beroep bij de Vlaamse regering geen devolutieve werking heeft.
- Uit de gegevens van de zaak blijkt dat de eerste verzoekende partij geen in artikel 28, tweede en vijfde lid, van de buurtwegenwet bedoeld beroep heeft ingesteld. Als bewoner van het kasteeldomein heeft W. op 8 maart 2018 (randnr. 3.5) wél een dergelijk beroep ingesteld en tweede verzoeker dient zich aan als de rechtsopvolger van deze laatste. Het beroep van W. bij de Vlaamse regering is in het ministerieel besluit onontvankelijk verklaard omdat het buiten de beroepstermijn is ingesteld. In het onderhavige verzoekschrift wordt geen enkel middel aangevoerd tegen deze onontvankelijkheidsverklaring. Aldus staat definitief vast dat W. tekort is geschoten wat de verplichting betreft om op ontvankelijke wijze beroep in te stellen bij de Vlaamse regering. Als rechtsopvolger van W. dient tweede verzoeker de gevolgen van deze tekortkoming te ondergaan.
- In de voornoemde omstandigheden hebben, ten gevolge van het niet (ontvankelijk) uitputten van het bestuurlijk beroep bij de Vlaamse regering, zowel de eerste verzoekende partij als tweede verzoeker het recht verbeurd om annulatieberoep in te stellen bij de Raad van State.
- De aangevoerde exceptie is gegrond. Het beroep is niet ontvankelijk. X-18.649-6/7 BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partijen worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, en een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de eerste en de derde verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op twintig maart tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, kamervoorzitter, Stephan De Taeye, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Jan Clement X-18.649-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.128 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div