← België

Arrest 266385 - Wegenwezen - 16/04/2026

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 april 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.385 Rolnummer: A. 241573/X-18632 Zaak: Arrest 266385 - Wegenwezen - 16/04/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-04-21 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-18 06:48 Fiche Arrest nr 266.385 van 16 april 2026 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Wegenwezen Beslissing : Vernietiging bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 266.385 van 16 april 2026 in de zaak A. 241.573/X-18.632 In zake : N.V. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jan Wesemael kantoor houdend te 9300 Aalst Pontstraat 6 bus 11 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de GEMEENTE LUBBEEK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Jadzia Talboom kantoor houdend te 2560 Kessel Torenvenstraat 16 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 30 maart 2024, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de gemeenteraad van de gemeente Lubbeek van 30 januari 2024 tot gedeeltelijke verplaatsing van de ter hoogte van de Lijsterdreef gelegen voetweg nr.
  2. II. Verloop van de rechtspleging
  3. Bij arrest nr. 259.857 van 24 mei 2024 wordt het debat heropend en de zaak verwezen naar de gewone rechtspleging. Bij arrest nr. 259.858 van 24 mei 2024 wordt de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. X-18.632-1/10 Verzoekster heeft een verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoekster heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een verslag opgesteld. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. Verzoekster heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 23 januari
  4. Kamervoorzitter Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Julie Romanus, die loco advocaat Jan Wesemael verschijnt voor verzoekster, en advocaat Jadzia Talboom, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Feiten 3.
  6. Verzoekster woont sedert begin 2023 in de gemeente Lubbeek in een straat die uitmondt op de Lijsterdreef. Zij is eigenaar van haar woonperceel. X-18.632-2/10 Op de Lijsterdreef takt de in de Atlas der Buurtwegen opgenomen voetweg nr. 32 aan. 3.2.
  7. Met een besluit van 24 oktober 2023 stelt de gemeenteraad van Lubbeek het rooilijnplan tot gedeeltelijke verplaatsing van voetweg nr. 32 voorlopig vast. In dit besluit wordt het volgende overwogen: “Contact met de eigenaars Met brief dd. 19/9/2023 worden de eigenaars ingelicht over de concrete procedure […]. Er werd met betrokken eigenaars overlegd om tot een gedragen oplossing te komen. Juridische gronden […] Het decreet [van 3 mei 2019 ‘houdende de gemeentewegen’ (hierna: het gemeentewegendecreet)] van kracht sinds 1 september
  8. De procedure voor de wijziging van gemeentewegen wordt beschreven in afdeling 2 […] procedurele bepalingen over gemeentelijke rooilijnplannen - de artikels 16 tot 19.” 3.2.
  9. De ontworpen noordelijke rooilijn van het nieuwe tracé van voetweg nr. 32 valt samen met een gedeelte van de achterste perceelsgrens van verzoeksters woonperceel. 3.
  10. Verzoekster wordt niet met een afzonderlijke mededeling in kennis gesteld van het – van 10 november tot 12 december 2023 gehouden – openbaar onderzoek over het voorlopig vastgestelde rooilijnplan. 3.
  11. Met een besluit van 30 januari 2024 keurt de gemeenteraad van de gemeente Lubbeek het rooilijnplan voor de gedeeltelijke verplaatsing van voetweg nr. 32 definitief goed. Dit is het bestreden besluit. In dit besluit wordt het volgende overwogen: “Juridische gronden […] X-18.632-3/10 Het [gemeentewegendecreet] van kracht sinds 1 september
  12. De procedure voor de wijziging van gemeentewegen wordt beschreven in afdeling 2 […] procedurele bepalingen over gemeentelijke rooilijnplannen - de artikels 16 tot 19.” Ten opzichte van wat in randnummer 3.2.2 is vermeld, wordt in het bestreden besluit niets gewijzigd. Ter verduidelijking volgt hierna een uittreksel uit het bij het bestreden besluit horende rooilijnplan, waarop benaderende aanduidingen zijn aangebracht. Op deze afbeelding is het nieuwe tracédeel groen ingekleurd en het afgeschafte tracégedeelte rood. 3.
  13. Verzoekster wordt niet met een afzonderlijke mededeling in kennis gesteld van het bestreden besluit. IV. Ontvankelijkheid De aangevoerde exceptie
  14. In haar memorie van antwoord voert de verwerende partij als exceptie aan dat het beroep onontvankelijk is omdat verzoekster nagelaten heeft X-18.632-4/10 het door het gemeentewegendecreet georganiseerde bestuurlijk beroep bij de Vlaamse regering tegen het bestreden besluit uit te putten. Beoordeling
  15. Zoals in ’s Raads tussenarrest nr. 259.857 van 24 mei 2024 is vastgesteld, voert verzoekster aan dat het precies het in haar enig middel aangeklaagde onwettig handelen van de verwerende partij is dat ervoor gezorgd heeft dat zij het in de exceptie bedoelde bestuurlijk beroep niet kon uitputten.
  16. Het beginsel dat van diegene die een jurisdictioneel beroep instelt mag worden verwacht dat hij voorafgaandelijk alle procedureel gewaarborgde mogelijkheden uitput teneinde zijn rechten te vrijwaren, kan niet onverkort worden toegepast, wanneer in concreto moet worden vastgesteld dat door het handelen van het bestuur zelf het bestuurlijk beroep niet de vereiste effectiviteit kon hebben, wat te dezen – zoals hierna zal blijken – het geval is. In die omstandigheden kan verzoekster niet de toegang tot de Raad van State worden ontzegd. De exceptie wordt verworpen. V. Onderzoek van het enige middel Standpunt van de partijen
  17. In een enig middel voert verzoekster de schending aan van de door de wetgeving voorgeschreven verplichting om een rechtsreeks getroffen eigenaar zoals verzoekster met een aangetekende zending te informeren over het openbaar onderzoek. De gemeente Lubbeek voerde voor de verlegging van voetweg nr. 32 naar de achterzijde van haar perceel een onregelmatig openbaar onderzoek. Daar verzoekster op geen enkel ogenblik rechtstreeks is geïnformeerd, X-18.632-5/10 had zij geen weet van de verlegging van de voetweg en heeft zij haar rechten onvoldoende kunnen doen gelden. 8.
  18. In haar memorie van antwoord voert de verwerende partij als exceptie aan dat het enige middel – en bijgevolg het beroep – niet ontvankelijk is daar het betoog van verzoekster nergens vermeldt welke bepalingen zouden worden geschonden door het bestreden besluit. Een algemene verwijzing naar het gemeentewegendecreet volstaat te dezen niet om als ontvankelijk middel te kwalificeren. Bovendien komt verzoekster niet verder dan de algemene en niet onderbouwde stelling dat de gemeente Lubbeek een gebrekkig openbaar onderzoek zou hebben gevoerd. Deze stelling wordt niet onderbouwd. 8.
  19. Ten gronde voert de verwerende partij aan dat de bewering van verzoekster als zou zij een gebrekkig openbaar onderzoek hebben georganiseerd feitelijk en juridisch fout is. Verzoekster diende – anders dan zij beweert – niet individueel aangeschreven te worden over het openbaar onderzoek. Zij diende geen bezwaarschrift in tijdens het openbaar onderzoek, hoewel dit laatste reglementair werd bekendgemaakt en zij er aldus kennis van kon hebben. Ingevolge die vaststelling diende verzoekster ook niet bij de definitieve vaststelling van het rooilijnplan een afzonderlijke kennisgeving te ontvangen en diende zij via de reguliere wijzen van bekendmaking van de bestreden beslissing kennis te nemen, met name de aanplakking of de aankondiging op de website van de gemeente.
  20. In haar memorie van wederantwoord reageert verzoekster dat de uiteenzetting in haar verzoekschrift ruimer is dan hetgeen de verwerende partij laat uitschijnen. De verwerende partij heeft artikel 17, § 2, 4°, van het gemeentewegendecreet miskend door verzoekster als eigenaar van een perceel dat zich bevindt in het ontwerp van rooilijnplan niet individueel op de hoogte te brengen van het openbaar onderzoek. 10.
  21. In haar laatste memorie benadrukt de verwerende partij dat verzoeksters perceel gelegen is langs de nieuwe wegenis, maar niet erin. Om die reden is er volgens de verwerende partij geen sprake van een eigenaar in de zin van X-18.632-6/10 het gemeentewegendecreet en diende verzoekster niet per beveiligde zending in kennis te worden gesteld van het openbaar onderzoek. Bovendien is het een loutere veronderstelling of hypothese dat verzoekster een bezwaarschrift zou hebben ingediend als zij per beveiligde zending op de hoogte zou zijn gebracht van het openbaar onderzoek. Deze veronderstelling doet niets af aan de vaststelling dat verzoekster onzorgvuldig is geweest door tegen het bestreden gemeenteraadsbesluit geen bestuurlijk beroep bij de Vlaamse regering in te stellen. 10.
  22. De verwerende partij vervolgt dat ook voor degenen die geen bezwaar indienden tijdens het openbaar onderzoek – zoals verzoekster – en dus geen individuele betekening ontvangen, er voldoende garanties voorhanden zijn om kennis te kunnen nemen van het gemeenteraadsbesluit waarmee het rooilijnplan definitief wordt vastgesteld, meer bepaald de aanplakking en de bekendmaking op de gemeentelijke website. Op 16 februari 2024 is – zoals in het verzoekschrift wordt erkend – het bestreden gemeenteraadsbesluit op de gemeentelijke website bekendgemaakt, zodat verzoekster nog tijdig het bestuurlijk beroep bij Vlaamse regering kon uitputten. Beoordeling
  23. Wat de in randnummer 8.1 bedoelde exceptie betreft, moet vooreerst worden vastgesteld dat verzoekster in haar verzoekschrift het volgende schrijft: “Als aangelande van deze nieuwe voetweg had de verzoeker via een aangetekende zending geïnformeerd moeten worden over het lopende openbare onderzoek. Deze noodzaak staat beschreven in het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019.” Voorts bevat het middel een voldoende duidelijke uiteenzetting van de wijze waarop te dezen de in het volgende randnummer geciteerde bepalingen van het gemeentewegendecreet geschonden zijn. De exceptie wordt verworpen. X-18.632-7/10
  24. Het gemeentewegendecreet bepaalt: “Hoofdstuk
  25. Aanleg, wijziging, verplaatsing en opheffing van gemeentewegen […] Afdeling
  26. Procedurele bepalingen over gemeentelijke rooilijnplannen […] Art.
  27. §
  28. De gemeenteraad stelt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan voorlopig vast. §
  29. Het college van burgemeester en schepenen onderwerpt het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan aan een openbaar onderzoek dat binnen een ordetermijn van dertig dagen na de voorlopige vaststelling, vermeld in paragraaf 1, minstens wordt aangekondigd door: […] 4° een afzonderlijke mededeling die met een beveiligde zending wordt gestuurd naar de woonplaats van de eigenaars van de onroerende goederen die zich bevinden in het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan; […] Art.
  30. Het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan wordt onmiddellijk na de definitieve vaststelling gepubliceerd op de gemeentelijke website, en aangeplakt bij het gemeentehuis en ter plaatse, minstens aan het begin- en eindpunt van het nieuwe, gewijzigde of verplaatste wegdeel. Het college van burgemeester en schepenen brengt iedereen die in het kader van het openbaar onderzoek een standpunt, opmerking of bezwaar heeft ingediend met een beveiligde zending op de hoogte van het besluit van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan. […].”
  31. Het gemeentewegendecreet bevat waarborgen voor belanghebbenden bij de creatie van een nieuwe gemeenteweg of de wijziging van een bestaande gemeenteweg. Zo dient er een openbaar onderzoek te worden georganiseerd over het voorlopig vastgestelde ontwerp van rooilijnplan en kunnen belanghebbenden tegen het definitief vastgestelde rooilijnplan een bestuurlijk beroep instellen bij de Vlaamse regering. Deze waarborgen vormen een geheel daar ze op elkaar voortbouwen. Specifiek voor “de eigenaars van de onroerende goederen die zich bevinden in het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan” bepaalt artikel 17, § 2, 4°, van het gemeentewegendecreet – als startpunt van het geheel van waarborgen – dat zij door “een afzonderlijke mededeling die met een beveiligde zending wordt X-18.632-8/10 gestuurd naar [hun] woonplaats” op de hoogte worden gebracht van het openbaar onderzoek over het voorlopig vastgestelde ontwerp van rooilijnplan.
  32. Verzoekster is eigenaar van haar woonperceel dat zich – anders dan de verwerende partij betoogt – wel degelijk “bevin[dt] in het ontwerp van gemeentelijk rooilijnplan” in de zin van de laatstgenoemde bepaling. Verzoeksters woonperceel wordt immers getroffen door de noordelijke rooilijn van het nieuwe tracé van voetweg nr.
  33. Verzoekster is niet, zoals artikel 17, § 2, 4°, van het gemeentewegendecreet voorschrijft, met een afzonderlijke mededeling die met een beveiligde zending wordt gestuurd, op de hoogte gebracht van het openbaar onderzoek over het voorlopig vastgestelde ontwerp van rooilijnplan. Terecht wijst verzoekster erop dat zij hierdoor haar rechten niet voldoende heeft kunnen doen gelden: doordat zij niet op de hoogte was van het openbaar onderzoek heeft zij geen bezwaarschrift tegen het voorlopig vastgestelde ontwerp van rooilijnplan ingediend, wat op zijn beurt heeft meegebracht dat ook het besluit tot definitieve vaststelling van de rooilijn haar niet individueel ter kennis is gebracht, zodat zij er geen beroep bij de Vlaamse regering tegen heeft ingesteld. Door het niet-naleven van artikel 17, § 2, 4°, van het gemeentewegendecreet heeft de verwerende partij ten aanzien van verzoekster het startpunt miskend van het geheel van waarborgen dat dit decreet voorziet voor de eigenaars van de onroerende goederen die zich bevinden in het ontwerp van het gemeentelijk rooilijnplan. Deze tekortkoming heeft de effectiviteit van het geheel van waarborgen – waaronder de mogelijkheid om een bestuurlijk beroep in te stellen bij de Vlaamse regering – beslissend ondergraven. De tekortkoming kan niet worden verschoond door de elementen die de verwerende partij aanbrengt, maar vitieert de gehele procedure tot vaststelling van het rooilijnplan.
  34. Het middel is ontvankelijk en gegrond. X-18.632-9/10 BESLISSING
  35. De Raad van State vernietigt het besluit van de gemeenteraad van de gemeente Lubbeek van 30 januari 2024 ‘Linden - voetweg 32 -rooilijnplan gedeeltelijke verplaatsing voetweg 32 t.h.v. de Lijsterdreef - definitieve vaststelling’.
  36. Dit arrest dient bij uittreksel te worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het vernietigde besluit.
  37. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 48 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zestien april tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Jan Clement, kamervoorzitter, Patricia De Somere, staatsraad, David D’Hooghe, staatsraad, bijgestaan door Karin Meerschaut, griffier. De griffier De voorzitter Karin Meerschaut Jan Clement X-18.632-10/10 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.385 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.857 ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.259.858 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.