← België

Arrest 266632 - Varia (onderwijs en cultuur) - 11/05/2026

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 mei 2026 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.632 Rolnummer: A. 244551/IX-10647 Zaak: Arrest 266632 - Varia (onderwijs en cultuur) - 11/05/2026 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2026-05-19 Raadplegingen: 33 - laatst gezien 2026-06-18 11:23 Fiche Arrest nr 266.632 van 11 mei 2026 Onderwijs en cultuur - Varia (onderwijs en cultuur) Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 266.632 van 11 mei 2026 in de zaak A. 244.551/IX-10.647 In zake : A.G. bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Miet Driessen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Vleminckveld 24-26 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de UNIVERSITEIT ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christophe Coen kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 210A bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het cassatieberoep

  1. Het cassatieberoep, ingesteld op 2 april 2025, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing nr. RSTVB-2425-0583 van 28 februari 2025 van de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij beschikking nr. 16.291 van 16 mei 2025 is het cassatieberoep toelaatbaar verklaard. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. IX-10.647-1/3 Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 29 oktober
  3. Op 12 februari 2026 heeft de hoofdgriffier aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 18, § 1, vierde lid, van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie- procedure bij de Raad van State’. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Beoordeling
  5. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting ingediend binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in artikel 18, § 1, eerste lid, van voormeld koninklijk besluit.
  6. Het vermoeden van afstand van geding is van toepassing. IX-10.647-2/3 BESLISSING
  7. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  8. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 26 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op elf mei tweeduizend zesentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Van Haegendoren IX-10.647-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2026:ARR.266.632 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.