← België

2000CC12

Beslissing van 3 mei 2000 – nr. 2000 – C/C - 12 INZAKE : MEDE - C/C - 00/014 Nutreco Belgium nv, met maatschappelijke zetel te 9000 Gent, Akkerhage nr.4 en Haeck Finance Corporation (Hafinco) nv, met maatschappelijke zetel te 8730 Beernem, Industriepark nr.

  1. Gezien de aanmelding aan het Secretariaat van de Raad voor de Mededinging van een concentratie neergelegd op 21 maart
  2. Gezien de mededeling voor onderzoek door het secretariaat van de Raad aan het korps van verslaggevers overeenkomstig art. 32 bis § 1 van de wet op dezelfde datum. Gezien de stukken van het dossier en het gemotiveerd verslag van de Dienst voor de Mededinging zoals dit werd medegedeeld aan de verslaggever op 23 maart
  3. Gezien het gemotiveerd verslag van de verslaggever zoals dit op 17 april 2000 werd opgesteld en betekend aan de Raad. Gehoord het verslag van de verslaggever de heer Johan Isselée.
  4. Feitelijke gegevens De overeenkomst waarvan de aanmelding is gebeurd, heeft als doel de verwerving door de nv Nutreco van alle aandelen van de vennootschappen Voeders Haeck nv en Buyse nv. Deze doelvennootschappen zijn voor 99,99 % dochtervennootschappen van Haeck Finance Corporation nv. De aangemelde concentratie situeert zich in de sector van de vervaardiging van veevoeders. De activiteiten van de nv Hendrix, een 100 % dochter van de nv Nutreco situeren zich in dezelfde sector. Een overeenkomst werd door partijen ondertekend op 20 maart 2000 en de aanmelding daarvan is gebeurd op 21 maart 2000 zodat de aanmelding is gebeurd binnen de termijn van art. 12 § 1 van de wet
  5. Aanmeldingsplicht Alle betrokken ondernemingen zijn ondernemingen in de zin van art. 1 van de wet en de operatie zoals hoger omschreven vormt een concentratie in de zin van art. 9 van dezelfde wet hetgeen niet wordt betwist door de aanmeldende partijen. De nv Hendrix realiseerde in 1998 in België een omzet van 3,5 miljard , de nv Voeders Haeck een omzet van 1,9 miljard frank en de nv Buyse 0,087 miljard. De drempels zoals opgelegd overeenkomstig art 11 § 1 van de wet worden bijgevolg gehaald en de concentratie diende te worden aangemeld.
  6. Relevante markt De aangemelde concentratie heeft betrekking op de sector van de vervaardiging van veevoeders waarbij een onderscheid kan worden gemaakt tussen de ruwvoeders en enkelvoudige veevoeders enerzijds en de samengestelde veevoeders anderzijds. Zowel de doelvennootschappen als de dochtervennootschap van de overnemer zijn actief in deze sectoren. De relevante geografische markt is Belgie. Over de omschrijving van deze markt bestaat geen betwisting.
  7. Overeenkomst De overeenkomst heeft tot doel een versterking van het aandeel van de nv Nutreco op de relevante markt. 78 Rapport du Conseil de la Concurrence - Année 2000 - Annexe I Verslag van de Raad voor de Mededinging - Werkingsjaar 2000 - Bijlage I Door de uitbreiding van distributiekanalen, de logistieke voordelen , de schaalvergroting complementariteit van de activiteiten zal de de positie op de markt ook effectief worden versterkt. en de
  8. Toelaatbaarheid Op de markt van veevoeders bezit de nv Hendrix in België een aandeel van 4 % en de doelvennootschappen nv Voeders Haeck en nv Buyse samen een aandeel van 4,5 %. Het totale marktaandeel van de betrokken ondernemingen op de markt van veevoeders zal in België derhalve oplopen tot 8,5 %. De concentratie van de betrokken partijen op de desbetreffende productenmarkt blijft derhalve beduidend onder de de grens van 25 % en dient derhalve toelaatbaar te worden verklaard zonder dat een verdere analyse van de concurrentiepositie noodzakelijk is.
  9. Besluit De Raad van de Mededinging besluit dan ook dat de concentratie overeenkomstig art. 33 § 1 van de wet binnen het toepassingsgebied van de Wet tot Bescherming van de Economische Mededinging valt. De Raad beslist eveneens dat overeenkomstig art. 33 § 2.1.a van dezelfde wet dat de concentratie toelaatbaar moet worden verklaard. OM DEZE REDENEN De Raad van de Mededinging Gelet op de artn.. 2 e.v. van de Wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken van toepassing overeenkomstig art. 54 bis W.B.E.M. Stelt vast dat de betrokken concentratie aanmeldingsplichtig is en conform art. 33 § 1.1 W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied valt van de wet. Verklaart de concentratie toelaatbaar overeenkomstig art. 33 § 2.1.a W.B.E.M. Aldus uitgesproken op 3 mei 2000 door de Kamer voor de Raad van de Medinging samengesteld uit : De heren Frank Deschoolmeester, kamervoorzitter, Olivier Gutt, Willem Rycken en Robert Vanosselaer, leden. Rapport du Conseil de la Concurrence - Année 2000 - Annexe I Verslag van de Raad voor de Mededinging - Werkingsjaar 2000 - Bijlage I 79

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.