← België

2000CC32

Beslissing nr. 2000 - C/C – 32 van 25 oktober 2000 INZAKE : DE BEERS AUSTRALIA HOLDINGS Pty Ltd, vennootschap naar Australisch recht, met maatschappelijke zetel te Level 37, 101 Collins Street, Melbourne, Victoria 3000 in Australië en : ASHTON MINING Ltd, vennootschap naar Australisch recht, met maatschappelijke zetel te 4th Floor, 441 Sint Kilda Road, Melbourne, Victoria 3004 in Australië Gezien het verzoekschrift tot heropening van de debatten namens DE BEERS AUSTRALIA HOLDINGS Pty Ltd neergelegd op 23/10/2000; Gezien het schrijven dd 23/10/2000 van meester Marc Pittie en meester Dirk Arts;

  1. Verzoekende partij wenst thans door middel van het neergelegde verzoekschrift tot heropening van de debatten dat de Raad voor de Mededinging beslist om de debatten te heropenen om vervolgens de aangemelde concentratie toelaatbaar te verklaren in eerste fase en zulks ten laatste op 26 oktober 2000,in ondergeschikte orde, voor zover de heropening van de debatten geweigerd wordt, alsdan de termijnen van het bijkomend onderzoek alsook de zitting, zoals voorzien in de beslissing van 18 oktober 2000 te handhaven.
  2. De algemene bepalingen van het gerechtelijk wetboek zijn conform art 2 Ger. Wetb. van toepassing op de procedures die gevoerd worden in toepassing van de wet op de bescherming van de economische mededinging (W.B.E.M.), voor zover deze wet en haar uitvoeringsbesluiten geen bijzondere procedureregels voorzien (zie o.a. Hof van Beroep te Brussel 5/4/1996, BS, 16 april 1996, 9014). De bepalingen van art 772 en volgende Ger. Wetboek zijn in casu van toepassing nu hiervan niet uitdrukkelijk is afgeweken in de W.B.E.M.
  3. Art 772 Gerechtelijk Wetboek bepaalt: “Indien een verschijnende partij gedurende het beraad een nieuw stuk of feit van overwegend belang ontdekt, kan hij, zolang het vonnis niet uitgesproken is, de heropening van de debatten vragen”
  4. “Los van de vraag of de beslissing dd 18 oktober 2000, waardoor een tweede fase werd ingesteld in toepassing van art. 33, § 2.1.b, en art. 34, § 1, van de Wet op de Bescherming van de Economische mededinging, zoals gecoördineerd bij koninklijk besluit van 1 juli 1999, al dan niet een vonnis is in de zin van art. 772 Ger. Wetb., dient alleszins vastgesteld te worden dat de voorwaarden voor het vorderen van een heropening der debatten, niet vervuld zijn.
  5. Een heropening is slechts mogelijk indien het ingeroepen stuk of feit “nieuw” is, d.w.z. op het ogenblik van de in beraadname aan huidig verzoekster “niet bekend was of kon zijn” (zie in Artikelsgewijze Commentaar Gerechtelijk Recht, Uitgeverij Kluwer rechtswetenschappen, commentaar 6 bij art 772 Gerechtelijk Wetboek). Argumenten of stukken waarvan men tijdens de hoorzitting kon kennis hebben, doch die niet werden meegedeeld kunnen derhalve nooit het voorwerp van een heropening der debatten uitmaken.
  6. Verzoekende partij stelt ten onrechte dat wij in onze beslissing dd 18/10/2000 rekening gehouden hebben met “gedetailleerde commentaren van Rio Tinto”. Uit onze beslissing dd 18/10/2000 blijkt enkel dat wij ons gebaseerd hebben op de verklaring van Rio Tinto zoals aangehaald in het verslag van de verslaggever, m.a.w. op een gegeven dat huidig verzoekende partij ook bekend was. Aan huidig verzoekende partij werd bovendien ter zitting van 18/10/2000 uitdrukkelijk gevraagd standpunt in te nemen over de toelaatbaarheid ten gronde, zowel door de kamervoorzitter als door de voorzitter a.i. van de Raad voor de Mededinging (zie PV. van de zitting dd 18/10/2000)
  7. Verzoekende partij stelt ten onrechte dat onze beslissing dd 18/10/2000 i.v.m. de aanmelding door Rio Tinto, beslissing gekend onder nr. MEDE - C/C – 00/0042, een nieuw element is. De uitslag van onze beslissing in de zaak Rio Tinto/Ashton kon verzoekende partij uiteraard niet op voorhand kennen. Verzoekende partij wist daarentegen wel dat er ook over de zaak Rio Tinto/ Ashton een beslissing zou zijn op 18/10/2000, wat blijkt uit de namens de verzoekende partij neergelegde brieven en nota, waarbij door haar de aandacht werd gevestigd op de overnamestrijd tussen haarzelf en Rio Tinto. Vermits huidig verzoekende partij wist dat er in de zaak Rio Tinto/Ashton op 18/10/2000 ook een beslissing in de ene of andere zin zou zijn, kan deze beslissing dan ook niet als een nieuw feit beschouwd worden. 134 Rapport du Conseil de la Concurrence - Année 2000 - Annexe I Verslag van de Raad voor de Mededinging - Werkingsjaar 2000 - Bijlage I Hierbij moet overigens opgemerkt worden dat de Raad voor de Mededinging moet oordelen met het oog op de bescherming van het algemeen belang, dat primeert op het eigen belang (nl. de overnamestrijd) van de betrokken partijen.
  8. Verzoekende partij vestigt ten slotte de aandacht op de uitvoerige toelaatbaarheidsanalyse. Reeds hierboven is gesteld dat verzoekende parij de mogelijkheid had om dit debat te voeren toen zij op 18/10/2000 gehoord werd, terwijl dit debat gezien onze beslissing dd 18/10/2000 door haar zal kunnen hernomen worden op 22/11/
  9. Het verzoek tot heropening van de debatten moet dan ook verworpen worden. OM DEZE REDENEN, De Raad voor de Mededinging, Verwerpt het verzoek tot heropening van de debatten zoals neergelegd op 23/10/2000 Aldus uitgesproken bij beslissing van 25 oktober 2000 door de Kamer van de Raad voor de Mededinging samengesteld uit : de heer Peter Poma, kamervoorzitter, Mevrouw Beatrice Ponet, Voorzitter a.i. Raad voor de Mededinging, de heren Frank Deschoolmeester en Robert Vanosselaer, leden. Rapport du Conseil de la Concurrence - Année 2000 - Annexe I Verslag van de Raad voor de Mededinging - Werkingsjaar 2000 - Bijlage I 135

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.