Beslissing nr. 2000 - C/C – 40 van 13 december 2000 Inzake: NV ORDA-B en NV COI Gelet op de Wet op de Bescherming van de Economische Mededinging, zoals gecoördineerd op 1 juli 1999 (WBEM) ; Gezien de aanmelding aan het Secretariaat van de Raad voor de Mededinging van een concentratie, neergelegd op 30 oktober 2000 ; Gezien de mededeling voor onderzoek door het Secretariaat van de Raad aan het korps van verslaggevers conform art. 32bis §1 WBEM op 31 oktober 2000 ; Gezien het gemotiveerd verslag van de verslaggever d.d. 23 november 2000 ; Gehoord het mondeling verslag van de verslaggever de heer Kris Boeykens ; Gehoord de partijen die verschenen ter zitting op 13 december 2000: · · · · · mr. Hans Gilliams mr. Bart Gombert mr. Sofie Beernaert dhr. Guy Vranken namens Orda-B dhr. Jan de Maesschalck namens COI
- De aanmeldende en betrokken partijen - Enerzijds treedt op: de NV ORDA-B, met zetel te 3001 Leuven, Interleuvenlaan
- Deze vennootschap naar Belgisch recht heeft als activiteiten: computerdienstverlening in de ruimste zin, zoals probleem- en systeemanalyse, standaardpakketten, softwareprogramma’s, programmaties, opleiding, bedrijfsconsultancy, verhuring van computertijd en alle diensten die rechtstreeks of onrechtstreeks hiermede in verband staan. - Anderzijds treedt op: de NV COI (CENTRUM VOOR ORGANISATIE EN INFORMATICA), met zetel te 3001 Leuven, Researchpark-Zone 2, Interleuvenlaan
- Deze vennootschap naar Belgisch recht heeft als activiteiten: de uitvoering van informatica-opdrachten en informaticawerkzaamheden, met inbegrip van de organisatie van de informaticastromen ten behoeve van derden, inzonderheid rechtspersonen en aandeelhouders, alsook de ontwikkeling en commercialisatie van informaticatoepassingen. Genoemde vennootschappen zijn ondernemingen in de zin van art. 1 WBEM.
- Aanmeldingsplicht - overeenkomst van concentratie De aangemelde overeenkomst, door partijen ondertekend op 28 september 2000, betreft de integrale fusie van partijen tot één enkele juridische entiteit. Zij werd tijdig aangemeld op maandag 30 oktober
- Wat de NV ORDA-B betreft, zijn de participaties die zij aanhoudt in SA ORDA-S (100%) en BV DATA B. MAILSERVICE (55%) ook in de fusie betrokken. Wegens het specifieke karakter van hun resp. markten, blijven de SA ORDA-S (markt van de KMO’s) en de BV DATA B. MAILSERVICE (werkt in belangrijke mate voor de Nederlandse overheid) als afzonderlijke entiteiten voortbestaan. De fusie heeft als doel een schaalvergroting te realiseren en het gezamenlijk financieel resultaat te optimaliseren. Door de schaalvergroting wordt de slagkracht vergroot en de concurrentiepositie versterkt. De fusie moet leiden tot een grotere performantie, een betere service, een betere beheersing van diverse technologieën en lagere kosten. Uit de voorgelegde omzetcijfers van de betrokken ondernemingen (blz. 7 van de aanmelding) blijkt dat de drempels zoals opgelegd conform art. 11§1 WBEM worden behaald, zodat de concentratie diende te worden aangemeld. De aangemelde concentratie valt overeenkomstig art. 33§1.1 WBEM binnen het toepassingsgebied van de wet. Rapport du Conseil de la Concurrence - Année 2000 - Annexe I Verslag van de Raad voor de Mededinging - Werkingsjaar 2000 - Bijlage I 157
- Het marktonderzoek - analyse en beoordeling De relevante productenmarkt kan worden omschreven als de “markt van Information Technology-diensten voor administratieve projecten” (zie blz.12 van de aanmelding). De geografische omvang van de markt bestrijkt het hele Belgische grondgebied. Uit het onderzoek van de Dienst is gebleken dat de meeste ondervraagde concurrenten (IBM, Oracle, Kern International) de marktafbakening zoals voorgesteld door de aanmeldende partijen bevestigen. Volgens hen blijkt een strikte afbakening van de informatica-diensten zelfs onmogelijk vermits deze activiteiten soms in elkaar overlopen. Verder is gebleken dat huidige concentratie weinig impact zal hebben op de Belgische markt. Uit de verstrekte cijfergegevens blijkt dat de betrokken ondernemingen op de Belgische markt van voormelde “Information Technology-diensten” gezamenlijk een marktaandeel bereiken van minder dan 25%. Er moet bijgevolg vastgesteld worden dat de aangemelde concentratie toelaatbaar is conform art. 33 §2.1.a WBEM. OM DEZE REDENEN DE RAAD VOOR DE MEDEDINGING Gelet op de art. 2 e.v. van de Wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken van toepassing overeenkomstig art. 54bis WBEM ; Stelt vast dat de betrokken concentratie aanmeldingsplichtig is en conform art. 33 §1.1 WBEM binnen het toepassingsgebied valt van de wet ; Verklaart de concentratie toelaatbaar conform art. 33 §2.1.a WBEM ; Aldus uitgesproken op 13 december 2000 door de Kamer van de Raad voor de Mededinging, samengesteld uit: de heer Frank Deschoolmeester, kamervoorzitter ; mevrouw Beatrice Ponet ,Voorzitter a.i. van de Raad ; de heren Wouter Devroe en Willem Rycken, leden. 158 Rapport du Conseil de la Concurrence - Année 2000 - Annexe I Verslag van de Raad voor de Mededinging - Werkingsjaar 2000 - Bijlage I