← België

2001CC43

Beslissing nr. 2001-C/C-43 van 23 augustus 2001 Inzake : N.V. TELENET BIDCO, met zetel te 2800 Mechelen, Liersesteenweg 4; en N.V. TEVEWEST, met zetel te 8000 Brugge, stadhuis Brugge; N.V. TEVEOOST, met zetel te 9101 Lokeren, gemeentehuis Lokeren; C.V. TEVELO, met zetel te 9120 Beveren-Waas, gemeentehuis Beveren-Waas; C.V. TELEKEMPO, met zetel te 2180 Antwerpen (Ekeren), Districthuis Ekeren; C.V.B.A. IVERLEK, met zetel te 2800 Mechelen, Stadhuis Mechelen; C.V. IVEKA, met zetel te 2390 Malle, gemeentehuis Malle; C.V. INTERTEVE, met zetel te 2500 Lier, Stadhuis Lier; C.V. IMEA, met zetel te 2000 Antwerpen, Stadhuis Antwerpen; C.V. INTERGEM, met zetel te 9300 Dendermonde, Stadhuis Dendermonde; C.V.B.A. Gaselwest, met zetel te 8800 Roeselaere, Stadhuis Roeselaere; Gelet op de wet tot bescherming van de economische mededinging, zoals gecoördineerd op 1 juli 1999 (hierna W.B.E.M.); Gezien de aanmelding aan het secretariaat van de Raad voor de Mededinging van een concentratie, aangemeld op 9 juli 2001; Gezien de mededeling voor onderzoek door het Secretariaat van de Raad voor de Mededinging aan het Korps van Verslaggevers conform artikel 32 bis §1 W.B.E.M. op 10 juli 2001; Gezien de stukken van het dossier en het onderzoeksverslag van de Dienst voor de Mededinging, zoals meegedeeld aan de Verslaggever op 3 augustus 2001; Gezien het gemotiveerd verslag van de Verslaggever in toepassing van artikel 32§2 van de W.B.E.M. op 7 augustus 2001 opgesteld en betekend aan de Raad; Gezien de memorie van antwoord door de aanmeldende partijen neergelegd op 20 augustus 2001; Gehoord de verslaggever de heer P.Marchand en de heer H. Sleebus van de Dienst; Gehoord de partijen die verschenen zijn ter zitting op 23 augustus 2001; - Mr. A. Van der Hauwaert voor N.V. TELENET BIDCO; Mr. K. Haegeman en A. De Raeve voor de Intercommunales; De Heer L. Vanfleteren en Mevrouw M. Cohen voor NV TELENET BIDCO. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 253

  1. De aanmeldende en betrokken partijen - Als koper treedt op de N.V. TELENET BIDCO. TELENET werd in 1996 opgericht als een telecommunicatiebedrijf met exclusieve gebruiksrechten inzake spraaktelefonie en Internet op de coaxiale kabelnetwerken van 16 intercommunale kabelmaatschappijen in Vlaanderen (10 gemengde intercommunales en 6 zuivere intercommunales). - Als verkopers treden 10 gemengde intercommunales op, die hun aandelen in de N.V. MIXT aan de Telenetgroep verkopen. Het betreft de N.V. TEVEWEST, N.V. TEVEOOST, C.V. TEVELO, C.V. TELEKEMPO, C.V.B.A. IVERLEK, C.V. IVEKA, C.V. INTERTEVE, C.V. IMEA, C.V.INTERGEM en de C.V.B.A. Gaselwest. Deze gemengde intercommunales bestaan uit de openbare overheden enerzijds en Electrabel anderzijds. De ICS-activiteiten van deze gemengde intercommunales bestaan hoofdzakelijk uit kabeltelevisie en het kabelnetwerk. - De doelonderneming is de N.V. MIXT, die opgericht werd door de 10 Vlaamse gemengde intercommunales. Bovenvermelde ondernemingen zijn ondernemingen in de zin van artikel 1 W.B.E.M.
  2. De aanmeldingsplicht - overeenkomst van concentratie Op 21 februari 2001 sloot de CALLAHAN-groep (de TELENET-groep inbegrepen) een “verkoopoptie-overeenkomst” met de 10 Vlaamse gemengde intercommunales. In een eerste fase richten de Intercommunales een nieuwe onderneming op, de N.V. MIXT, waarbij zij hun ICS-activiteiten inbrengen in de N.V. MIXT in ruil voor aandelen in de N.V. MIXT. Dit werd geregeld via 10 inbrengovereenkomsten (1 per intercommunale). De verkoopoptie-overeenkomst geeft aan de intercommunales een onherroepelijk recht om, op ieder tijdstip tussen 30 maart en 11 juni 2001, alle aandelen in de N.V. MIXT aan TELENET BIDCO over te dragen en dit in ruil voor cash en TELENET BIDCO-aandelen. Op 8 juni 2001 heeft elk van de gemengde intercommunales de verkoopoptie gelicht waardoor ze allen verplicht werden om hun MIXT-aandelen aan de TELENET-groep te verkopen. Hierdoor wordt de TELENET-groep 100% eigenaar van de N.V.MIXT en krijgt TELENET de controle over alle kabelactiviteiten van de Intercommunales. Deze operatie is een concentratie in de zin van artikel 9§1 van de W.B.E.M. De aanmelding van de concentratie gebeurde op 9 juli
  3. De aanmelding geschiedde tijdig conform artikel 12 § 1 van de W.B.E.M. Gezien de termijn voor aanmelding verstreek op een zondag, eindigt de termijn bij het verstrijken van de eerstvolgende werkdag, op grond van artikel 22 van het koninklijk besluit van 15 maart 1993 betreffende de procedures inzake bescherming van de economische mededinging (B. S., 01.04.1993), gewijzigd door de koninklijke besluiten van 22 januari 1998 (B. S., 24.04.1998), 11 maart 1999 (B. S., 19.05.1999) en 28 december 1999 (B. S., 01.02.2000). Uit de voorgelegde (vertrouwelijke) omzetcijfers van de betrokken ondernemingen blijkt dat de drempels voorzien in artikel 11 §1 van de W.B.E.M. werden overschreden, zodat de concentratie diende te worden aangemeld. De aangemelde concentratie valt overeenkomstig artikel 33 §1.1 W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied van de wet. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 254
  4. De marktafbakening 3.
  5. De relevante productmarkten. De Raad is van oordeel dat de volgende relevante productmarkten dienen onderscheiden te worden : - - Vooreerst dient een onderscheid gemaakt te worden tussen twee capaciteitsmarkten, met name: - De markt inzake capaciteit voor spraaktelefonie en Internet-toegang. Deze markt omvat zowel het kabelnetwerk als het netwerk van Belgacom. Deze markt is verticaal verbonden met de huidige telefonie- en Internet activiteiten van TELENET. - De markt inzake transmissie voor broadcasting diensten. Gezien deze markt noch horizontale noch verticale banden met de huidige activiteiten van TELENET heeft, en het derhalve geen betrokken markt kan zijn, dient de Raad zich hierover niet verder uit te spreken. Voorts dient een onderscheid gemaakt te worden tussen de verschillende dienstenmarkten, waarbij de volgende vier markten kunnen onderscheiden worden : - Inzake spraak- en data telecommunicatiediensten worden twee markten onderscheiden met name : - De markt van spraaktelefonie. Gezien het betrokken marktaandeel van TELENET zeer laag is, en dit derhalve geen betrokken markt kan zijn, dient de Raad zich hier niet verder over uit te spreken. - De markt voor Internet-toegang. De Raad is van oordeel dat op dit ogenblik binnen de markt voor Internet-toegang geen onderscheid dient gemaakt te worden tussen enerzijds de gewone Inbel-Internet en ISDN-Inbel-Internet-markt waarbij een computer aangesloten wordt op een gewone telefoonlijn en anderzijds de Fast Internet-markt, waarbij snelle aansluitingen via kabel (TELENET) of ADSL (BELGACOM) worden verkregen. - Voorts is er de markt van de broadcasting-diensten die als volgt verder onderverdeeld wordt : de markt van de Free-to-Air TV-diensten en de markt van de Pay TV-diensten. Gezien deze markten noch een horizontale noch een verticale band hebben met de activiteiten van TELENET, zijn dit evenmin betrokken markten. 3.
  6. De relevante geografische markt. De Raad is van oordeel dat de relevante geografische markt inzake capaciteit voor spraaktelefonie en Internet-toegang Vlaanderen en niet België is. De Raad stelt immers vast dat vanuit mededingingsrechtelijk perspectief, alhoewel de markten in de betrokken sectoren meestal als nationale markten worden omschreven, in casu dient vastgesteld te worden dat enkel in Vlaanderen via kabel zo algemeen telefoon en Internet aangeboden wordt en enkel daar de twee concurrenten TELENET en BELGACOM tegenover elkaar staan gezien TELENET enkel in Vlaanderen telefoon en Internet aanbiedt op de kabel. 3.
  7. De marktaandelen Uit de verstrekte (vertrouwelijke) marktaandelen blijkt dat een marktaandeel van meer dan 25% bereikt wordt in zowel de markt capaciteit voor spraaktelefonie en Internet-toegang. Dit is een betrokken markt.
  8. Economische analyse De Raad dient zich enkel uit te spreken over de betrokken markt. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 255 Met betrekking tot deze markt stelt de Raad vast dat er sprake is van een verticale integratie, nu TELENET reeds actief was op de markten van de telecommunicatiediensten maar nu ook de controle over het netwerk zelf verkrijgt. Een dergelijke gang van zaken is ook in andere Lidstaten van de EU gangbaar. Naast het netwerk van TELENET blijft ook het netwerk van BELGACOM bestaan. Met betrekking tot de markt van Internet stelt de Raad vast dat : - - de markt nog niet rijp is, waardoor marktaandelen snel kunnen veranderen en Belgacom een inhaalbeweging kan doen. er nog heel wat ruimte is voor expansie op de Belgische markt, nu de Internet-penetratie op dit ogenblik minder dan 20% bedraagt (in tegenstelling tot de Amerikaanse markt, waar de penetratie 40% bedraagt.) de technologie zeer snel kan evolueren, waardoor marktaandelen even snel kunnen mee evolueren. Het betreft derhalve een zeer dynamische markt. de meeste derden (VTM, BIPT, B-TELECOM (NMBS), INTEGAN en UPC) geen bezwaren tegen de concentratie hebben aangevoerd en integendeel van oordeel zijn dat de mededinging niet negatief zal beïnvloed worden doch integendeel de technologische ontwikkelingen de mededinging tussen de spelers op de markt zullen versterken. Enkel VT4 heeft enig voorbehoud geformuleerd, doch opgemerkt dient te worden dat deze opmerkingen eerder betrekking hebben op de markten van de broadcasting-diensten en de markt inzake de transmissiecapaciteit voor broadcasting-diensten. De Raad is dan ook van oordeel dat uit het onderzoek door het Korps Verslaggevers gevoerd, blijkt dat niet aangetoond wordt dat de bovengenoemde concentratie een machtspositie in het leven roept of versterkt die tot gevolg heeft dat een daadwerkelijke mededinging op een wezenlijk deel van de nationale markt op significante wijze wordt belemmerd. De Raad beslist dan ook dat voorgelegde concentratie kan toegelaten worden conform artikel 33 §2, 1a van de W.B.E.M. Om deze redenen De Raad voor de Mededinging Gelet op de artikelen 2, 30-37 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, van toepassing overeenkomstig artikel 54bis van de W.B.E.M.; Stelt vast dat de betrokken concentratie aanmeldingsplichtig is en conform artikel 33 §1,1 van de W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied van de wet valt; Verklaart de concentratie toelaatbaar conform artikel 33 §2.1.a W.B.E.M. Aldus uitgesproken op 23 augustus 2001 door de Kamer van de Raad voor de Mededinging, samengesteld uit Mevrouw Béatrice Ponet, Kamervoorzitter; de heren Peter Poma, Patrick Van Cayseele en Wouter Devroe, leden. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 256

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.