← België

2001CC53

Beslissing nr. 2001-C/C-53 van 1 oktober 2001 Inzake : N.V. Gebroeders DELHAIZE en Cie “De Leeuw”, met zetel te 1080 Brussel, Osseghemstraat 53; N.V. DELIMMO, met zetel te 1080 Brussel, Osseghemstraat 53; en: De heer Jan DE VOS, Boshoekstraat 109, 2540 Hove; De heer Emanuel DE WOLF, Fruithoflaan 21, 2530 Boechout; Mevrouw Lydia PROOST, Fruithoflaan 21, 2530 Boechout; en: N.V. SUPERMARKT DE WOLF, met zetel te 2530 Boechout, A.Franckstraat 6; Gelet op de wet tot bescherming van de economische mededinging, zoals gecoördineerd op 1 juli 1999 (hierna W.B.E.M.); Gezien de aanmelding aan het secretariaat van de Raad voor de Mededinging van een concentratie, aangemeld op 17 augustus 2001; Gezien de mededeling voor onderzoek door het secretariaat van de Raad voor de Mededinging aan het Korps van Verslaggevers conform artikel 32 bis §1 W.B.E.M. op 20 augustus 2001; Gezien het onderzoeksdossier van de Dienst voor de Mededinging, zoals meegedeeld aan de verslaggever op 3 september 2001; Gezien het gemotiveerd verslag van de verslaggever in toepassing van artikel 32 §2 van de W.B.E.M. opgesteld op 12 september 2001 en betekend aan de Raad voor de Mededinging op 13 september 2001; Gehoord de verslaggever de heer Bert Stulens ter zitting dd.1 oktober 2001; Gehoord de partijen die ter zitting verschenen zijn op 1 oktober 2001: - Mr. Alexis Goeminne Mr. Nicolas Lievens

  1. De aanmeldende en betrokken partijen - - Als koper treedt op de N.V. Gebrs. Delhaize en Cie De Leeuw, die actief is op het gebied van de verkoop van dagelijkse consumptiegoederen, met name voedingsmiddelen, dranken, dierenvoeding, rookwaren en huiselijke non-food verbruiksgoederen. Als tweede koper treedt op de N.V. Delimmo, die een 100% dochter van de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw is. De N.V. Delimmo is een patrimoniumvennootschap, waarvan de activiteiten tot de onroerende goedsector is beperkt. Als verkopers treden op de heer Jan De Vos, de heer Emanuel de Wolf en mevrouw Lydia Proost, de huidige aandeelhouders en bestuurders in de N.V. Supermarkt De Wolf. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 293 - De doelonderneming is de N.V. Supermarkt De Wolf, die actief is op het gebied van de verkoop van dagelijkse consumptiegoederen, met name voedingsmiddelen, dierenvoeding, rookwaren en huiselijke non-foodverbruiksgoederen. Bovenvermelde ondernemingen zijn ondernemingen in de zin van artikel 1 van de W.B.E.M.
  2. De aanmeldingsplicht - overeenkomst van concentratie Op 3 augustus 2001 sloten de drie verkopers en de twee kopers een overeenkomst houdende overdracht van alle aandelen van de doelonderneming ( N.V. Supermarkt De Wolf), waardoor de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw de uitsluitende zeggingschap over de N.V. Supermarkt De Wolf verwerft door de overdracht van het geheel van de aandelen van de N.V. Supermarkt De Wolf aan de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw. Deze operatie is een concentratie in de zin van artikel 9 §1 van de W.B.E.M. De aanmelding van de concentratie gebeurde op 17 augustus
  3. De aanmelding geschiedde derhalve tijdig conform artikel 12 §1 van de W.B.E.M. Uit de voorgelegde (vertrouwelijke) omzetcijfers van de betrokken ondernemingen blijkt dat de drempels voorzien in artikel 11 §1 van de W.B.E.M. werden overschreden, zodat de concentratie diende te worden aangemeld. De aangemelde concentratie valt derhalve overeenkomstig artikel 33 §1,1 van de W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied van de wet.
  4. De marktafbakening 3.
  5. De relevante productmarkten Uit het onderzoek en de aanmelding blijkt dat zowel de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw als de N.V. Supermarkt De Wolf actief zijn op het gebied van de verkoop van dagelijkse consumptiegoederen. De Raad is van oordeel dat de volgende relevante productmarkten dienen onderscheiden te worden : - - De detailhandelsmarkt voor dagelijkse consumptiegoederen. Deze markt omvat de verkoop van voedingsmiddelen, dranken, dierenvoeding, rookwaren en huiselijke non-food verbruiksgoederen aan de eindverbruiker. Deze markt slaat zowel op verkooppunten met een klein oppervlakte als op winkels met een middelgrote en grote oppervlakte en discounters. De inkoopmarkten voor dagelijkse consumptiegoederen. Het betreft de markten voor de verkoop van dagelijkse consumptiegoederen door producenten of leveranciers aan hun afnemers, zoals groothandelaars, detailhandelaars en andere ondernemingen (zoals café’s, hotels en restaurants). De Raad merkt op dat de Europese Commissie deze marktafbakening eveneens reeds weerhouden heeft (zie Beschikking van de Europese Commissie van 28 september 2000 in de zaak IV/M.2115 Carrefour/GB; Beschikking van de Europese Commissie van 25 januari 2000, in de zaak IV/M 1684, Carrefour/Promodes). 3.
  6. De relevante geografische markt Met betrekking tot de relevante geografische markt inzake de detailhandelsmarkt voor dagelijkse consumptiegoederen, stelt de Raad vast dat de Europese Commissie in voornoemde beschikkingen erkend heeft dat de relevante geografische markt zowel de nationale markt als een regionale markt en/of een lokale markt kan zijn. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 294 De Raad stelt vast dat de aanmeldende partijen hun voorkeur voor één van deze drie onderscheiden geografische marktafbakeningen niet bekend gemaakt hebben (gezien zij van oordeel zijn dat er in ieder geval geen sprake is van een betrokken markt). De Raad sluit zich aan bij het standpunt van de Verslaggever, die van oordeel is dat voor deze markt een lokale marktafbakening dient weerhouden te worden. Dit wordt overigens bevestigd door de aanmeldende partijen bijgebrachte stukken, waaronder een geografische kaart houdende de lokale marktafbakening voor de detailhandelsmarkt voor dagelijkse consumptiegoederen. Met betrekking tot de relevante geografische markt voor de inkoopmarkten voor dagelijkse consumptiegoederen, is de Raad van oordeel dat een nationale afbakening voor deze markt dient weerhouden te worden. Deze markt heeft immers minstens een nationale dimensie. De Europese Commissie aanvaardt in haar beschikkingen (zie voornoemd) tevens dat deze markten in principe nationaal zijn, zij het dat deze markten in toenemende mate Europees dienen te worden afgebakend. In huidig geval blijkt echter niet dat een Europese marktafbakening dient weerhouden te worden. 3.
  7. De marktaandelen Uit de verstrekte (vertrouwelijk) marktaandelen blijkt dat zowel op de markt voor de detailhandelsmarkt voor dagelijkse consumptiegoederen als op de inkoopmarkten het gezamenlijk marktaandeel van de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw en de N.V. Supermarkt De Wolf als hun afzonderlijke marktaandelen (bij elke productmarktdefiniëring en bij elke geografische marktafbakening) voor het jaar 2000 beneden de 25% liggen. Er is derhalve geen sprake van een betrokken markt.
  8. Economische analyse De Raad merkt op dat de betrokken sector zelf geen opmerkingen inzake deze concentratie heeft geformuleerd. De gecontacteerde concurrenten (Colruyt, Aldi en Makro) hadden immers geen probleem met de overname van de N.V. Supermarkt De Wolf door N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw (Opgemerkt dient te worden dat concurrent Carrefour Belgium niet gereageerd heeft op de vragen van de Dienst voor de Mededinging, zodat aangenomen dient te worden dat ook deze concurrent geen opmerkingen te formuleren heeft). Uit het onderzoek blijkt voorts dat de marktaandelen van de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw door deze overname amper zullen wijzigen. Niettegenstaande de positie van de N.V. Gebroeders Delhaize en Cie De Leeuw binnen de relevante geografische markt door de overname van de N.V. Supermarkt De Wolf (lichtjes) zal versterkt worden, ziet geen van de ondervraagde concurrenten hierdoor zijn positie in gevaar gebracht of aangetast. De Raad beslist dan ook dat voorgelegde concentratie toegelaten kan worden conform artikel 33 §2, 1a van de W.B.E.M. Om deze redenen De Raad voor de Mededinging Gelet op de artikelen 2, 30-37 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, van toepassing overeenkomstig artikel 54 bis van de W.B.E.M.; Stelt vast dat de betrokken concentratie aanmeldingsplichtig is en conform artikel 33 §1, 1 van de W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied van de wet valt; Verklaart de concentratie toelaatbaar conform artikel 33 §2, 1.a van de W.B.E.M. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 295 Aldus uitgesproken op 1 oktober 2001 door de Kamer van de Raad voor de Mededinging, samengesteld uit Mevrouw Béatrice Ponet, Kamervoorzitter; de heren Frank Deschoolmeester, Wouter Devroe en Geert Zonnekeyn, leden. Jaarverslag - Bijlagen - 2001 - Annexes - Rapport annuel 296

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.