Beslissing nr. 2002-C/C-57 van 12 juli 2002 INZAKE : N.V.WARCOING, met maatschappelijke zetel te 7740 Warcoing, Rue de la Sucrerie 1; EN De N.V. TIENSE SUIKERRAFFINADERIJ, met maatschappelijke zetel te 1150 Brussel, Tervurenlaan 182; EN De N.V. SUIKERFABRIEK VAN VEURNE, met maatschappelijke zetel te 8630 Veurne, Zuidburgweg 40; Gelet op de wet tot bescherming van de economische mededinging, zoals gecoördineerd op 1 juli 1999 (hierna W.B.E.M.); Gezien de aanmelding aan het Secretariaat van de Raad voor de Mededinging van een concentratie op 7 juni 2002; Gezien de mededeling voor onderzoek door het Secretariaat van de Raad voor de Mededinging aan het Korps Verslaggevers conform artikel 32 bis §1 van de W.B.E.M. op 12 juni 2002; Gezien het onderzoeksdossier van de Dienst voor de Mededinging, zoals medegedeeld aan de Verslaggever op 19 juni 2002; Gezien het gemotiveerd verslag van de Verslaggever in toepassing van artikel 32 §2 van de W.B.E.M., opgesteld op en betekend aan de Raad voor de Mededinging op 20 juni 2002; Gehoord ter zitting van 12 juli 2002: - De heer Bert Stulens, verslaggever; - Mr. Hans Gilliams en mr. Jan Bocken, advocaten te Brussel, namens de NV Warcoing; Mr. Annick Vroninks, advocaat te Brussel, namens de NV Tiense Suikerraffinaderij. 1. De aanmeldende en betrokken partijen Als koper treedt op de N.V. Warcoing, de houdstervennootschap van de Groep Warcoing. De N.V. Warcoing is actief in de productie en de verkoop van enerzijds een aantal gespecialiseerde voedingsingrediënten (voedingsvezels, proteïnes en stijfsel, telkens behaald uit de behandeling van cichorei en/of erwten) die worden geleverd aan de voedingsindustrie en van anderzijds zoetstoffen, namelijk suiker (uit suikerbieten) en fructose (uit cichorei). De N.V. Warcoing is tevens actief in de productie en de verkoop van een aantal bijproducten van suiker, namelijk melasse, bietenpulp en schuimaarde. De N.V. Warcoing houdt voorts een meerderheidsbelang aan in twee landbouwbedrijven (de N.V. Ferme de l’Anglée en de N.V. Ferme du Petit Fresnoy). Tenslotte beschikt de N.V. Warcoing tevens over 50% van de aandelen van de N.V. Sucrerie de Fontenoy, terwijl de overige 50% van de aandelen van deze N.V. in handen zijn van de N.V. Sucrerie Couplet. Als verkoper treedt op de N.V. Tiense Suikerraffinaderij, die actief is op de Belgische markt voor industriesuiker en huishoudsuiker. De zeggingschap over de N.V. Tiense Suikerraffinaderij behoort volledig tot het Duitse concern AG Südzucker, die wereldwijd tot de grootste suikerproducenten behoort en actief is in de productie en de distributie van industriesuiker, huishoudsuiker en suiker voor handelsmerken evenals de bijproducten van suiker. 254 Jaarverslag 2002 - Bijlagen De doelonderneming betreft de N.V. Suikerfabriek Van Veurne, die enkel actief is op het gebied van industriesuiker en in de sector van de bijproducten van industriesuiker, namelijk melasse, bietenpulp en schuimaarde. De N.V. Suikerfabriek Van Veurne wordt gecontroleerd door de N.V. Tiense Suikerraffinaderij, die 67,95 van de aandelen in handen heeft. De overige aandelen zijn in handen van de N.V. Warcoing. Bovenvermelde vennootschappen zijn ondernemingen in de zin van artikel 1 van de W.B.E.M. 2. De aanmeldingsplicht - overeenkomst van concentratie De aanmeldende partijen hebben op 17 mei 2002 een overeenkomst (genaamd "Stock Purchase Agreement") gesloten, waardoor de N.V. Tiense Suikerraffinaderij haar aandelenpakket in de N.V. Suikerfabriek Van Veurne (67,95% van de aandelen, zijnde 897 aandelen) overdraagt aan de N.V. Warcoing, die reeds 32,05% (zijnde 423 aandelen) van de aandelen in de N.V. Suikerfabriek Van Veurne bezat. De overeenkomst betreft derhalve een overdracht van aandelen, waardoor de N.V. Warcoing de volledige eigendom (100 % van de aandelen) van de N.V. Suikerfabriek Van Veurne in handen krijgt, zodat het een concentratie in de zin van artikel 9 §1
- b)van de W.B.E.M. betreft. De overeenkomst houdende overdracht van aandelen geschiedt ten gevolge van de verbintenissen die AG Südzucker op zich genomen heeft ten opzichte van de EG Commissie in de beschikking van 20 december 2001 (zaak nr. COMP/M.2530-Südzucker /Saint Louis Sucre). De concentratie die aan de EG Commissie werd voorgelegd betrof een operatie, waardoor de AG Südzucker de alleencontrole verwierf over de holding maatschappij Financière Franklin Roosevelt SAS, waardoor ook indirect de controle over de Franse Onderneming SA Louis Sucre verworven werd. Teneinde te vermijden dat de overname van SA Louis Sucre SA een negatieve invloed zou kunnen hebben op de Belgische Suikermarkt, werd door de EG Commissie geëist dat de AG Südzucker haar aandeel in de N.V. Suikerfabriek Van Veurne zou verkopen aan één van haar concurrenten, teneinde de mededinging in de Belgische Suikerindustrie te versterken. De verbintenis houdt tevens in dat de overnemende onderneming in staat moet zijn Veurne als een actieve concurrent van Südzucker te laten opereren. (zie paragraaf 151 en 154 tot en met 156 van de Beschikking van de EG Commissie van 20 december 2001, reeds geciteerd). De overeenkomst gesloten op 17 mei 2002 bevat drie opschortende voorwaarden : - De goedkeuring van de concentratie door de Raad voor de Mededinging De goedkeuring door de EG Commissie van Warcoing als verwerver. Bij fax van 11 juli 2002 hebben partijen een brief van 5 juli 2002 overhandigd waaruit blijkt dat de EG Commissie haar goedkeuring verstrekt heeft, onder de voorwaarde dat Warcoing kan beschikken over de totaliteit van de A en B quota van de Suikerfabriek van Veurne. - De goedkeuring van de concentratie door de moedervennootschap van de verkoper, de AG Südzucker, die volgens de aanmelding op 19 juni 2002 zou verleend worden. Ter zitting overhandigen partijen een verklaring dd. 26 juni 2002 van dhr. Dirk Claeys in zijn hoedanigheid van General Counsel van de NV Tiense Suikerraffinaderij die bevestigt dat de goedkeuring door de Aufsichtsrat van de AG Südzucker gegeven werd. De overeenkomst werd gesloten op 17 mei 2002 en aangemeld op 7 juni 2002, zodat de overeenkomst tijdig werd aangemeld in toepassing van artikel 12 §1 van de W.B.E.M. De Belgische omzet van de N.V. Warcoing bedraagt 20,8 miljoen euro, terwijl de Belgische omzet van de N.V. Suikerfabriek Van Veurne 26,1 miljoen euro bedraagt. Rapport annuel 2002 - Annexes 255 De drempels voorzien in artikel 11 §1 van de W.B.E.M. werden derhalve overschreden, zodat de concentratie aangemeld diende te worden. De aangemelde concentratie valt overeenkomstig artikel 33 §1.1 van de W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied van de wet. 3. De marktafbakening 3.1. De relevante productmarkt Huidige concentratie heeft betrekking op de suikermarkt. Er dient opgemerkt te worden dat de mededingingsregels onverkort van toepassing zijn op de suikermarkt (zie H.v.J., 16 december 1975, gevoegde zaken 40-48, 50, 54-56, 111, 113 en 114 /73, Suiker Unie e.a. / Commissie, Jur., 1975, 1673). De Raad voor de Mededinging sluit zich aan bij de beschikkingspraktijk van de EG Commissie, die in de suikermarkt drie onderscheiden markten heeft afgebakend (zie Beschikking van 20 december 2001 van de EG Commissie in zaak nr. COMP/ M.2530, reeds geciteerd): - De markt van "industriesuiker": industriesuiker wordt los ( in bulk) of in grote verpakkingen (in zakken) dit wil zeggen in hoeveelheden van meer dan 5 kg verkocht. Industriesuiker wordt hoofdzakelijk afgenomen door verwerkingsbedrijven in de levensmiddelen- en drankindustrie (zie paragraaf 14 van de Beschikking van 20 december 2001. - De markt van de "huishoudsuiker": huishoudsuiker (ook "kleinhandelssuiker" genoemd) wordt onder het merk van de betrokken producent en in kleinere hoeveelheden (verpakkingen tot 5kg) verkocht. Hij wordt hoofdzakelijk door eindverbruikers in het huishouden of in de horeca gebruikt. Huishoudsuiker wordt via de groot- en kleinhandel verkocht. (zie paragraaf 15-16 van de Beschikking van 20 december 2001). De markt van de "levering van suiker voor handelsmerken": het gaat hierbij om de levering van suiker aan handelsondernemingen, met name grote winkelketens, die huishoudsuiker onder hun eigen merk verkopen en die van suiker worden voorzien door producenten (zie paragraaf 17-21 van de Beschikking van 20 december 2001). - De koper en de doelonderneming zijn enkel actief in de markt van de industriesuiker zodat er met betrekking tot deze producten een horizontale relatie bestaat. De koper en de doelonderneming zijn tevens beiden actief in de sector van de bijproducten van de industriesuiker (melasse, bietenpulp en schuimaarde). Voor zover de bijproducten van de industriesuiker als een afzonderlijke markt zouden dienen beschouwd te worden, hetgeen impliciet tegengesproken wordt door de Commissiebeschikking van 20 december 2001 waar deze producten niet als een afzonderlijke markt worden omschreven, zijn de marktaandelen op deze markten in ieder geval niet hoger dan de marktaandelen op de Belgische suikermarkt. Enkel de koper is voorts actief op de markt van de suikervervangers en de gespecialiseerde voedingsingrediënten. Deze producten hebben echter geen horizontale noch een verticale band en vormen derhalve geen betrokken markt. De koper is tenslotte tevens actief op de markt van de landbouwproducten via twee landbouwbedrijven die o.m. suikerbieten telen zodat er een verticale relatie is met de markt van de industriesuiker waarop de doelonderneming actief is. 3.2. De relevante geografische markt De Raad voor de Mededinging sluit zich aan bij de Beschikkingspraktijk van de EG Commissie, die terecht van oordeel is dat de relevante geografische markt voor industriesuiker in wezen nationaal is (Beschikking van de EG Commissie van 20 december 2001, reeds geciteerd, paragraaf 42). Voor zover de bijproducten van industriesuiker als een afzonderlijke markt zouden beschouwd worden, dient ook deze markt als nationaal gekwalificeerd te worden. 256 Jaarverslag 2002 - Bijlagen De afbakening van de overige markten kan opengelaten worden, nu deze geen betrokken markten zijn. 3.3. De marktaandelen De gezamenlijke marktaandelen voor industriesuiker van de koper en de doelonderneming bedragen berekend naar volume 11,85%, naar suikerproductie quota 14% en naar bewerkte oppervlakte 14,19%. Derhalve blijven de gezamenlijke marktaandelen in de drie gevallen ontegensprekelijk onder de 25%. Deze cijfers worden tevens bevestigd door de EG Commissie (Beschikking van 20 december 2001, reeds geciteerd, paragraaf 54) waar gesteld wordt dat de koper en de doelonderneming samen een marktaandeel van 14 % realiseren, gebaseerd op de suikerquota. Gezien de marktaandelen voor de bijproducten van industriesuiker nauw aansluiten bij de marktaandelen voor industriesuiker, bedraagt dit marktaandeel evenzeer minder dan 25%. Op de markt van de landbouwproducten heeft enkel de koper een zeer klein marktaandeel, zodat deze markt geen betrokken markt is. Samengevat kan derhalve gesteld worden dat de koper en de doelonderneming op geen enkele markt een marktaandeel van 25% behalen, zodat er geen betrokken markten zijn. 4. Economische analyse Gezien huidige operatie kadert in een beslissing van de EG Commissie teneinde de concurrentiestructuur op de Belgische suikermarkt te verbeteren, spreekt het voor zich dat de resultaten van de economische analyse positief zijn (onder voorbehoud van de goedkeuring door de EG Commissie van de overname van de doelonderneming door de koper). Uit het aanmeldingsdossier blijkt bovendien dat partijen een afzonderlijke "service agreement" hebben opgesteld teneinde de overnemer (koper) als een actieve concurrent van de AG Südzucker te laten optreden, hetgeen de concurrentiesituatie op de Belgische suikermarkt dient te garanderen. Tenslotte dient opgemerkt te worden dat na de publicatie van de aanmelding in het Belgisch Staatsblad noch de concurrenten noch andere belanghebbende derden opmerkingen hebben overgemaakt. De voorgelegde concentratie kan dan ook toegelaten worden conform artikel 33 §2.1
- a)van de W.B.E.M. Om deze redenen De Raad voor de Mededinging Gelet op de artikelen 2, 30-37 van de Wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, van toepassing overeenkomstig artikel 54 bis van de W.B.E.M.; Stelt vast dat de betrokken concentratie aanmeldingsplichtig is en conform artikel 33 §1, 1 van de W.B.E.M. binnen het toepassingsgebied van de Wet valt; Verklaart de concentratie toelaatbaar conform artikel 33 §2, 1
- a)van de W.B.E.M. Aldus uitgesproken op 12 juli 2002 door de Kamer van de Raad voor de Mededinging, samengesteld uit : Mevrouw Béatrice Ponet, Kamervoorzitter, De heren Frank Deschoolmeester, Patrick Van Cayseele, en Robert Vanosselaer, leden van de Raad. Rapport annuel 2002 - Annexes 257