← België

2003CC40

Beslissing nr. 2003-C/C-40 van 30 april 2003 Dossier MEDE-C/C-03/0002 : NV Sutrans / NV Sugro / NV Maas Services Belgie / NV Caritas / NV Tabaccomat Inzake: - NV Sutrans, met zetel te 9140 Temse, Laagstraat 63 NV Sugro, met zetel te 9140 Temse, Laagstraat 63 NV Maas Services Belgie, met zetel 2550 Kontich, Duffelsesteenweg 164 en - NV Caritas, met zetel te 1130 Brussel, Waterranonkelstraat 2G-1 NV Tabaccomat, met zetel te 1130 Brussel, Waterranonkelstraat 2G-1 Gelet op de Wet op de Bescherming van de Economische Mededinging, zoals gecoördineerd op 1 juli 1999 (WBEM) ; Gezien de aanmelding aan het Secretariaat van de Raad voor de Mededinging van een concentratie, neergelegd op 17 januari 2003 ; Gezien de beslissing van de Raad voor de Mededinging (nr. 2003-C/C-15) in datum van 5 maart 2003, waarbij gesteld werd dat er conform art. 33§2 1.b WBEM ernstige twijfels bestaan omtrent de toelaatbaarheid van de concentratie; Dat op basis van art. 34 WBEM aan de Verslaggever werd verzocht een bijkomend onderzoek in te stellen ; Gezien het onderzoeksdossier 2de fase van de Dienst voor de Mededinging zoals medegedeeld aan de Verslaggever op 2 april 2003 ; Gezien het gemotiveerd verslag van de Verslaggever zoals dit op 7 april 2003 werd opgesteld en op 8 april 2003 werd betekend aan de Raad ; Gezien de opmerkingen van de aanmeldende partijen, gemaakt bij brieven resp. d.d. 3 april, 16 april en 17 april 2003 ; Gehoord de verslaggever dhr. Bert Stulens ; Gehoord de partijen die verschenen ter zitting op 30 april 2003: - Meester Coenegrachts, advocaat, gemeenschappelijke vertegenwoordiger ; Dhr. De Meese ; Dhr. de Vries ; Dhr. Van Vlierberghe ; Beoordeling Zoals reeds in de beslissing van 5 maart 2003 gesteld, gebeurt huidige concentratie in drie deeltransacties: (a) Sugro zal het handelsfonds van Caritas verwerven ; (b) Maas Services zal het handelsfonds van Tabaccomat (activiteiten en personeel) verwerven ; (c) Sutrans zal de sigarettenautomaten van Tabaccomat overnemen, met het oog op de latere verhuring ervan aan Maas Services. De aanmeldende partijen hebben daartoe op 30 december 2002 drie overeenkomsten ondertekend, die gezamenlijk een verkrijging van zeggenschap en dus een concentratie uitmaken in de zin van art. 9§1b WBEM. De ondernemingen, die betrokken zijn bij deze transactie, kopen hun producten aan in het groot en verkopen deze door aan de detailhandel. Deze producten kunnen verdeeld worden in drie categorieën:

(1)tabaksproducten ;
(2)gebruikelijke consumptiegoederen van het type suikerwaren, dranken en snacks ;
(3)voorafbetaalde telefoon- en herlaadkaarten van de mobiele operatoren. 1) de markt van de groothandel van tabaksproducten Caritas/Lekkerland België hebben in het kader van LCT een gezamenlijk marktaandeel voor de groothandel in tabakswaren van 27,2% (19,2% Caritas + 8% Lekkerland België). De fusie tussen Caritas en Sugro - zonder genoemd samenwerkingsakkoord - leidt reeds tot een gezamenlijk marktaandeel dat even groot is. M.b.t. de invloed van de concentratie op de aanbodzijde, kan niet ontkend worden dat de producenten vanwege hun positie belangrijke spelers zijn inzake prijsbepaling. De stelling van de aanmeldende partijen dat de groothandel m.b.t. de winstmarges geen druk kan uitoefenen op de producenten, wordt door het bijkomend onderzoek van de Dienst niet bevestigd. Zowel uit de antwoorden van de concurrenten als van de producenten blijkt dat er onderhandeld kan worden over de kortingpercentages. Dit wordt aangetoond aan de hand van het samenwerkingsakkoord (LCT), welk geen enkele zin zou hebben indien de producenten unilateraal de winstmarges van de groothandel en kleinhandel zouden bepalen. Het doel van LCT (samenwerkingsverband Caritas en Sitagro) is juist door gezamenlijke benadering van de producent d.m.v. grotere aankoopvolumes, betere marges te bekomen. Na deze concentratie verkrijgen de betrokken ondernemingen ook grotere aankoopvolumes, waardoor ze in staat zullen zijn om betere aankoopcondities te bekomen. M.b.t. de invloed van de concentratie aan de vraagzijde, blijkt uit het onderzoek dat het aantal groothandelaars van betekenis inzake tabakswaren na de concentratie beperkt zou zijn tot drie zonder behoud van LCT en slechts tot twee met behoud van LCT. De keuzemogelijkheid van de afnemers wordt derhalve ingeperkt. Deze keuze wordt bovendien nog meer beperkt gezien Lekkerland België en Caritas door een gezamenlijke benadering van de producenten een grotere winstmarge proberen te bekomen. Ook bestaat de mogelijkheid dat men zich gezamenlijk gaat richten tot bepaalde afnemers zoals nu al met Carrefour gebeurt. Aangezien Sitagro een dochter is van Lekkerland België en Sitagro levert aan Makro, waar veel kleinhandelaars hun inkopen doen, staat vast dat de keuze wordt beperkt en de druk op de afnemers toeneemt. Na deze concentratie zullen er slechts twee echt onafhankelijke belangrijke groothandelaars overblijven: de groep Sugro/Caritas in samenwerking met Sitagro (LCT) en Lyfra Partagro. Uit het marktonderzoek is gebleken dat verschillende concurrenten en leveranciers zich zorgen maken omtrent deze concentratie. De eerste marktspeler zal inderdaad een marktaandeel bereiken dat tweemaal zo groot is als dat van de tweede speler. Deze operatie leidt dan ook tot de creatie van een dominante machtspositie die tot gevolg kan hebben dat de mededinging op de Belgische markt ernstig wordt verstoord. Het is meteen duidelijk dat het verbreken van het samenwerkingsverband LCT tussen Caritas en Sitagro/Lekkerland België de keuzemogelijkheden voor de grootdistributie zou verbeteren. Bij het ontbinden van het LCT-akkoord zijn er opnieuw drie onafhankelijke spelers zoals dit voor de concentratie het geval was. 2 Na kennisname van het door de Dienst uitgevoerd bijkomend onderzoek, is de Raad van oordeel dat de aangemelde concentratie enkel toelaatbaar is indien voormeld samenwerkingsakkoord tussen Caritas/Lekkerland België wordt ontbonden, zowel aan aanbodzijde als aan vraagzijde. Deze regeling zou trouwens geen verschuivingen of versterking van machtspositie teweegbrengen op de markt van de groothandel van de tabakswaren. De aanmeldende partijen vragen in elk geval een uitzondering voor één grote afnemer van rookwaren, nl. Carrefour, gezien de overeenkomst tussen LCT en Carrefour loopt tot 31 december 2003. Vanaf 1 januari 2004 zal Carrefour zelf bepalen (wellicht via een biedproces) wie hem zal mogen beleveren en dit zouden kunnen andere marktspelers zijn dan de aanmeldende partijen. Deze uitzondering kan worden toegestaan voor de gezamenlijke verkoop van tabakswaren aan Carrefour, die van de inschrijvers op zijn offerte voor tabaksproducten eist dat zij nadien gezamenlijk de logistiek organiseren inzake tabakswaren. Een mogelijk verbod voor de aanmeldende partijen zou een discriminatie inhouden jegens de twee andere grote spelers (Lyfra en Sitagro), die niet aan dit verbod zouden zijn onderworpen. 2) de markt van de groothandel van snoepwaren Sugro en Caritas ramen hun gezamenlijk marktaandeel op de markt van de groothandel van snoepwaren (inclusief dranken) op 4,5% (Caritas 0,4% en Sugro 4,1%), alhoewel uit het onderzoek is gebleken dat zij eigenlijk zelf geen duidelijk beeld hebben van de juiste marktaandelen. De meeste concurrenten schatten het gezamenlijk marktaandeel van Sugro/Caritas groter tot zelfs véél groter. Er dient evenwel vastgesteld te worden dat in elk geval de concentratie Sugro/Caritas op de markt van de groothandel in snoepwaren vrijwel geen verschuivingen zal meebrengen, vermits Caritas op deze markt slechts een zeer kleine speler is (minder dan 1%). Ook de ondervraagde concurrenten zijn van hetzelfde oordeel. Deze visie kan door de Raad worden bijgetreden op voorwaarde dat ook hier de mogelijkheid tot gezamenlijke marktbenadering in het kader van LCT met Lekkerland België langs aanbod- en vraagzijde wordt verbroken. Dit zal geen enkel probleem meebrengen voor de aanmeldende partijen, vermits zij stellen dat enige samenwerking inzake snoep-waren nog niet in de praktijk is gebracht. 3) de markt van de groothandel van telefoonkaarten Na deze concentratie zullen de aanmeldende partijen een gezamenlijk marktaandeel hebben op de markt van de groothandel in telefoonkaarten van 15,5% (Caritas 7,9% en Sugro 7,6%). Op deze markt ontstaat er geen probleem aan de aanbodzijde en de afnemers hebben nog voldoende keuze uit een drietal groothandelaars die ongeveer even groot zijn. Ook is deze markt sterk gereglementeerd. Aan de vraagzijde betalen de consumenten vaste prijzen. Een beperkt aantal operatoren leveren de kaarten aan vastgestelde prijzen. Het samenwerkingsakkoord heeft hier geen uitwerking gezien de concentratie op deze markt geen enkele invloed heeft op de aanbodzijde. Er treedt bijgevolg geen verschuiving op en er is geen versterking van een machtspositie. 4) de distributie van tabaksproducten via de exploitatie van automaten In tegenstelling tot de aanmeldende partijen, zijn de concurrenten van oordeel dat de vending markt moet beschouwd worden als een deelmarkt of een volledig aparte markt. De meeste producenten beschouwen "vending" als een modaliteit van verkopen. De Raad beschouwt de vending markt wel als een afzonderlijke markt wegens de specifieke criteria die deze markt kenmerken op organisatorisch gebied, inzake prijsvorming, klantenbinding, verkochte hoeveelheden en aard van het cliënteel. Maas Services België exploiteert op heden 6.433 automaten in België en Tabaccomat exploiteert 3.631 automaten op een totaal in de markt van 16.070 automaten in België. Na de concentratie zouden 3 de partijen dus een gezamenlijk marktaandeel op basis van het aantal automaten (verkooppunten) van méér dan 60% hebben, hetgeen door het onderzoek wordt bevestigd. Volgens de aanmeldende partijen wordt de rentabiliteit van de automaten bepaald door de combinatie schachtvergoeding (= de bijdrage per schacht betaald door de producent aan de exploitant om de aanwezigheid van zijn tabaksproducten in de automaten te verzekeren) en de afzet van de diverse merken. Echter dient de winstmarge uit verkoop (= het verschil tussen de aankoopprijs en de banderolprijs) niet vergeten te worden. Sterke merken hebben een hoge afzet, kleine merken zijn zwakker en daar moet voor betaald worden om ze in de automaat te krijgen. Grote spelers hebben betere winstmarges en dito kortingen. De winstmarge op sigaretten uit een automaat ligt hoger dan via andere verkoopkanalen en de kleinere spelers moeten een hogere omzet hebben om rendabel te zijn. De vending markt is mogelijks een verzadigde markt en de toetreding van nieuwe spelers is moeilijk haalbaar. De extra inkomsten uit vending (hogere winst) kunnen aangewend worden om de concurrentie in de tabakssector nadelig te beïnvloeden. Een sterke speler zal proberen de beste locaties in te palmen ten nadele van kleinere regionale spelers en door zijn schaalgrootte betere voordelen kunnen bedingen bij de producenten. Maas kan tegen veel gunstiger voorwaarden de machines exploiteren (inzake onderhoud en het feit dat een deel van de machines eigendom zijn van BAT) en bovendien voordeel halen uit het feit dat ze deel uitmaken van een groothandel die de leverancier is van bepaalde regionale spelers. Deze concentratie zou aldus kunnen leiden tot geleidelijke eliminatie van deze kleine spelers. De dominante positie wordt door huidige concentratie fors versterkt. Maas Services Belgium zal de enige nationale speler worden met een quasi monopolie in het Franstalige landsgedeelte en een zeer belangrijke positie in het Nederlandstalige landsgedeelte. Ook hier zal de Raad voorwaarden moeten opleggen. 5) algemene besluiten Als resultaat van het gevoerde tweede fase onderzoek, acht de Raad het noodzakelijk om voorwaarden op te leggen teneinde de mededinging op de markten waarop de aanmeldende partijen actief zullen zijn, te waarborgen. De concentratie wordt toelaatbaar verklaard mits voorwaarden conform art. 34 §1, al3 WBEM zoals in het beschikkend gedeelte hierna bepaald: Om deze redenen De Raad voor de Mededinging Gelet op de art. 2 e.v. van de Wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken van toepassing overeenkomstig art. 54bis WBEM ; Stelt vast dat de betrokken concentratie aanmeldingsplichtig is en conform art. 33 §1.1 WBEM binnen het toepassingsgebied valt van de wet ; Verklaart de concentratie toelaatbaar mits volgende voorwaarden conform art. 34 §1, al3 WBEM worden nageleefd: 1) Het samenwerkingsakkoord tussen Lekkerland België en Caritas (LCT), zoals gepubliceerd in de Bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 29 juli 1998 moet aan aanbodzijde (gezamenlijke inkopen) en aan vraagzijde (gezamenlijke benadering van afnemers) en dit zowel op de markt voor groothandel van tabakswaren als deze voor snoepwaren worden ontbonden ; 4 2) Eén uitzondering op voorstaande voorwaarde wordt toegestaan voor de gezamenlijke verkoop middels LCT van tabakswaren aan Carrefour, doch slechts tot 31 december 2003 ten laatste. 3) Het beëindigen van voorzegd LCT-akkoord moet gebeuren binnen een termijn van 60 kalenderdagen te rekenen vanaf de datum van huidige beslissing. 4) Alle automaten van Tabaccomat in België en de daaraan verbonden exploitatie dienen verkocht te worden tegen redelijke en marktconforme prijzen aan één of meerdere kopers in of bij dewelke de aanmeldende partijen geen meerderheidsbelang hebben. 5) De voorzegde verkoop van de automaten van Tabaccomat moet gebeuren binnen een termijn van 60 kalenderdagen na datum van huidige beslissing. 6) Voor zover aan de voorwaarden gesteld onder de punten 4 en 5 niet kan worden voldaan, legt de Raad aan de aanmeldende partijen op om opnieuw voor de Raad te verschijnen op woensdag 25 juni 2003 om 15 uur teneinde de Raad voor te lichten om zich gebeurlijk over bijkomende maatregelen te kunnen beraden. Aldus uitgesproken op 30 april 2003 door de Kamer van de Raad voor de Mededinging, samengesteld uit: de heer Frank Deschoolmeester, kamervoorzitter ; de heren Peter Poma, Robert Vanosselaer en Eric Mewissen, leden. 5

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.