← België

Beslissing over de aanvraag tot goedkeuring betreffende de tarieven voor het gebruik van de methaantankerterminal van Zeebrugge van de NV FLUXYS LNG v

Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS Versie (*) bestemd voor de bekendmaking van BESLISSING (B)031120-CDC-221 over ‘de aanvraag tot goedkeuring betreffende de tarieven voor het gebruik van de methaantankerterminal van Zeebrugge van de NV FLUXYS LNG voor het jaar 2004’ genomen met toepassing van artikels 15/5, § 2, en 15/14, §2, tweede lid, 9°bis, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen en van artikel 10, §1, van het koninklijk besluit van 15 april 2002 betreffende de algemene tariefstructuur en de basisprincipes en procedures inzake de tarieven en de boekhouding van de aardgasvervoersondernemingen actief op het Belgisch grondgebied 20 november 2003 (*) De individuele en vertrouwelijke gegevens opgenomen in de Beslissing werden verwijderd uit de versie bestemd voor de bekendmaking. BESLISSING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, met toepassing van artikel 10 van het koninklijk besluit van 15 april 2002 betreffende de algemene tariefstructuur en de basisprincipes en procedures inzake de tarieven en de boekhouding van de aardgasvervoersondernemingen actief op het Belgisch grondgebied (hierna “tariefbesluit”), de aanvraag tot goedkeuring betreffende de tarieven voor het gebruik van de methaantankerterminal van Zeebrugge van de NV FLUXYS LNG voor het jaar 2004, overeenkomstig artikel 15/5, § 2, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen (hierna “gaswet”). Artikel 10, § 3, van het tariefbesluit bepaalt dat de CREG haar goedkeuring of afkeuring dient te verlenen aan het tariefvoorstel voor het volgend exploitatiejaar. Overeenkomstig artikel 10, §1, van het tariefbesluit, moet de vervoersonderneming uiterlijk op 30 september van ieder jaar haar tarieven voor het volgende exploitatiejaar ter goedkeuring aan de CREG voorleggen. Het voorstel neergelegd door de NV FLUXYS LNG op 30 september 2003 vormt de formele aanvraag tot goedkeuring van de tarieven voor het jaar 2004. De voorliggende beslissing werd goedgekeurd door het Directiecomité op 20 november 2003. 2/35 I. WETTELIJK KADER DE GASWET 1. Overeenkomstig artikel 15/5, § 2, van de gaswet, is elke vervoersonderneming verplicht jaarlijks de tarieven voor de aansluiting op en het gebruik van het vervoersnet dat zij exploiteert, evenals de tarieven voor de ondersteunende diensten, ter goedkeuring voor te leggen aan de CREG. Deze tarieven dienen vastgesteld te worden met inachtneming van de richtlijnen die in de gaswet vooropgesteld zijn in artikel 15/5, § 2, tweede lid, en op basis van de algemene tariefstructuur die door de Koning bepaald werd. 2. De gaswet bepaalt in artikel 15/5, § 2, tweede lid, dat de tarieven : 1° niet-discriminerend en transparant zijn; 2° worden bepaald in functie van de vervoersonderneming mogelijk om alle kosten reële en het maken de kosten te dekken die toerekenbaar zijn aan de taken bedoeld in de artikelen 15/1, 1°, en 15/2; 3° een billijke winstmarge inhouden ter vergoeding van het kapitaal geïnvesteerd in het transmissienet om de optimale werking ervan op lange termijn te waarborgen; 4° in de mate van het mogelijke beogen het gebruik van de capaciteit van het vervoersnet te optimaliseren; 5° op voldoende wijze zijn opgesplitst, inzonderheid :

  1. a)in functie van de gebruiksvoorwaarden en –regels van het vervoersnet;
  2. b)wat de ondersteunende diensten betreft;
  3. c)wat de eventuele toeslagen voor openbare dienstverplichtingen betreft; 6° de tariefstructuren houden rekening met de gereserveerde capaciteit die nodig is om de dienstverlening van het transport te waarborgen. 3/31/ 3. Op basis van artikel 15/5, §2, derde lid, van de gaswet, heeft de Koning de regels vastgelegd met betrekking tot : 1° de procedure voor de voorlegging en goedkeuring van de tarieven ter uitvoering van artikel 15/5, § 2, eerste lid; 2° de bekendmaking van de bedoelde tarieven zoals voorzien in artikel 15/5, § 2, eerste lid; 3° de verslagen en gegevens die de vervoersonderneming aan de CREG moet verstrekken met het oog op de controle van deze tarieven door haar; 4° de basisprincipes die de vervoersonderneming moet toepassen voor de boekhoudkundige verwerking van de kosten; 5° de doelstellingen die de vervoersonderneming moet nastreven inzake kostenbeheersing. 4. Op basis van artikel 15/14, § 2, tweede lid, 9°bis, van de gaswet, keurt de CREG de tarieven bedoeld in artikel 15/5, § 2, eerste lid, van de gaswet goed, en controleert zij de toepassing ervan door de vervoersondernemingen voor wat betreft hun respectievelijke vervoersnetten. HET TARIEFBESLUIT 5. Het tariefbesluit is opgebouwd rond vijf grote delen :
  4. a)De algemene tariefstructuur De algemene tariefstructuur is vastgelegd in hoofdstuk II van het tariefbesluit dat het artikel 15/5, § 2, van de gaswet uitvoert. Binnen elk van de hoofdactiviteiten in verband met het vervoersnet voor aardgas, wordt een onderscheid gemaakt naargelang het gaat om een - basisdienst : dienst die noodzakelijk is om deze activiteit te verzekeren; - complementaire dienst :dienst die de basisdienst aanvult zonder absoluut noodzakelijk te zijn; - supplementaire dienst :dienst die geen deel uitmaakt van een basisdienst of van een complementaire dienst. Met elk van deze diensten komt een tarief overeen. 4/31/
  5. b)Goedkeuring van de tarieven Elke vervoersonderneming die een vervoersnet exploiteert in België moet haar tarieven voor het komende exploitatiejaar ter goedkeuring voorleggen aan de CREG.
  6. c)De verslagen en gegevens die de vervoersonderneming moet verstrekken Zonder afbreuk te doen aan artikel 15/5, §2, derde lid, 3°, van de gaswet, bepaalt het tariefbesluit in de artikelen 14 en 16, welke verslagen en gegevens iedere vervoersonderneming die in België actief is, moet voorleggen aan de CREG om haar in staat te stellen de tarieven te controleren en goed te keuren. Derhalve moet de NV FLUXYS LNG, buiten de voorlegging van het budget met tariefvoorstel (herwerkt of niet), in elk geval aan de CREG de volgende verslagen en gegevens meedelen : • de trimestriële verslagen in verband met de resultaten van het vervoersnet van het voorbije trimester met alle details zoals vermeld in artikel 14 van het tariefbesluit; • de verwachte evolutie van het BNP; • de verwachte evolutie van de vraag naar overbrenging met bestemming van de Belgische markt en voor de transit van grens naar grens op het betrokken vervoersnet; • de verwachte evolutie van de vraag naar opslag en naar activiteiten die verband houden met de LNG-terminals van het betrokken vervoersnet; • de activiteiten van de flexibiliteitskamer, indien van toepassing; • de verwachte inflatievoet; • de geplande weddenaanpassingen, globaal en per categorie; • de verwachte personeelsmutaties, met name de aanwervingen en afvloeiingen; • de verwachte intrestvoeten; • de gewogen gemiddelde financieringskost voor de komende periode; • de effectieve belastingsvoet; • de andere macro-economische gegevens die het resultaat in termen van output en van tarieven kunnen beïnvloeden. In verband met de voorziene investeringen moet de NV FLUXYS LNG in elk geval de informatie verschaffen in de vorm van gemotiveerde bijlagen met betrekking tot : • de lijst van de investeringen voorzien voor het volgend exploitatiejaar : 5/31/ - met opsplitsing tussen de vervangingsinvesteringen voor vaste activa, de uitbreidingsinvesteringen en de investeringen voor openbare dienstverplichtingen; - met opsplitsing tussen de investeringen verbonden aan de verwerving van het eigendom van bestanddelen van het vervoersnet enerzijds en de investeringen verbonden aan de verwerving van het genot van bestanddelen van het vervoersnet die eigendom zijn van derden en voor het gebruik waarvan de vervoersonderneming een vergoeding zal betalen anderzijds; - met opgave van de aanschaffingswaarde en de jaarlijkse afschrijving of van de gebruiksvergoeding die zal moeten betaald worden. • voor alle investeringen boven de 2.500.000 EUR, met inbegrip van de nieuw in gebruik te nemen infrastructuurdelen die niet op de balans voorkomen, een financiële investeringsen rendementsanalyse, die minstens de volgende gegevens bevat : - de omschrijving van het project; - de doelstellingen van het project; - de detaillering van de belangrijkste kostenposten van het project; - een overzicht van de leveranciers en (onder)aannemers die meewerken aan de realisatie van het project; - een vergelijking van de offertes van leveranciers en aannemers voor bestellingen die samen in totaal meer dan 20% van het geïnvesteerde totaal uitmaken; - het verloop in de tijd van het project, waarbij het volledige tijdsverloop vermeld wordt als het project over meer dan één jaar loopt; - de impact op de afschrijvingen met aanduiding van de afschrijvingspercentages; - de beoogde efficiëntieverbeteringen, inzonderheid de energie-efficiëntie; - de milieueffecten; - een financiële analyse, insluitende een cashflowplanning, rekening houdend met de financieringsbehoeftes tijdens de levensduur van het project en een gevoeligheidsanalyse van de projectrentabiliteit in verband met redelijke hypothesen. Met betrekking tot het personeelsbestand dient de NV FLUXYS LNG in elk geval informatie te geven in de vorm van met redenen omklede bijlagen i.v.m. : - een uitgebreid personeelsplan met organogram voor het komende exploitatiejaar; 6/31/ - een overzicht van het aantal personeelsleden in voltijdse equivalenten per dienst en subdiensten, met inbegrip van de voorgenomen aanwervingen en afvloeiingen; - een gedetailleerd plan van de voorziene opleidingen. Met betrekking tot de analyse van de sterktes en zwaktes dient de NV FLUXYS LNG in elk geval informatie te geven in de vorm van met redenen omklede bijlagen i.v.m. : - de technologie; - het personeel; - de administratieve organisatie; - de betrekkingen met de klanten; - het milieu; - het aankoopbeleid; - het onderhoud; - de exploitatie; - de benutting van het net; - de capaciteitsknelpunten ; - de veiligheid; - de concurrentie; - het doorvoerverkeer; - het verloop van de langetermijncontracten; - het onderzoek en de ontwikkeling. De NV FLUXYS LNG dient eveneens over te maken : - een geprojecteerde balans per hoofdactiviteit volgens het genormaliseerd schema van de jaarrekening voor de eerste drie komende exploitatiejaren; - een overzicht van de acties en de investeringen specifiek gericht op efficiëntieverbetering en/of kostenbesparing, met een analyse en berekening van de verhoopte kostenbesparing; - de onderscheiden tarifaire formules, toepasselijk op de door de vervoersonderneming aangeboden diensten waarvoor de gebruikers kunnen opteren, en de verwachte ontvangsten per dienst en per klantengroep; - een omstandige toelichting bij de volgende soorten kosten en opbrengsten: ƒ uitzonderlijke kosten; ƒ uitzonderlijke opbrengsten; ƒ kosten voor onderzoek en ontwikkeling; ƒ kosten voor studies uitgevoerd door derden; 7/31/ ƒ kosten voor informatica-investeringen.
  7. d)De boekhoudkundige verplichtingen van de vervoersondernemingen De specifieke boekhoudkundige verplichtingen die opgelegd worden aan de vervoersondernemingen die actief zijn op het Belgisch grondgebied hebben vooral betrekking op de analytische boekhouding van die ondernemingen om de regulator in staat te stellen een controle uit te oefenen op de bestemming van de kosten volgens de diverse diensten en subdiensten en per klantengroep.
  8. e)De kostenbeheersing Het tariefbesluit heeft regels uitgevaardigd i.v.m. de streefdoelen die iedere vervoersonderneming die op het Belgische grondgebied actief is, moet nastreven op het vlak van de kostenbeheersing. Zo moet de vervoersonderneming de kostprijs per eenheid aardgas zo laag mogelijk houden door de factoren die de kostprijs bepalen maximaal te beheersen. Daartoe moet rekening gehouden worden met de kwaliteit en de veiligheid die vereist is voor een goede werking van het vervoersnet, met respect voor het milieu, voor goede arbeidsomstandigheden en inachtneming van de openbare dienstverplichtingen. Het tariefbesluit voorziet dat indien de tarieven die toegepast werden tijdens het voorbije exploitatiejaar geleid hebben tot een bonus of malus voor de vervoersonderneming, deze de mogelijkheid heeft om het verlies of de winst over te dragen naar het volgend exploitatiejaar mits voorlegging aan de CREG ter goedkeuring. EVOLUTIE VAN HET WETTELIJK KADER 6. Sinds de introductie van de aanvraag tot goedkeuring van de tarieven voor het exploitatiejaar 2003 werd het juridisch kader aangevuld, in hoofdzaak door : • het koninklijk besluit van 4 april 2003 houdende de gedragscode voor de toegang tot de aardgasvervoersnetten ; • en de wet van 12 augustus 2003 tot wijziging van artikel 15/5, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen (hierna “de wet van 12 augustus 2003) die voorziet in afwijkingen van de 8/31/ jaarlijkse tarieven voor de aansluiting op het transportnet en het gebruik ervan ter bevordering van de realisatie van investeringsprojecten die belangrijk zijn voor de gasvoorziening in België en Europa. 7. De verplichtingen in het kader van de gedragscode hebben geleidelijk effect gehad en de NV FLUXYS LNG heeft bij de CREG een dossier over de "belangrijkste voorwaarden" ingediend. Dat proces zal niet afgerond zijn vóór het einde van het jaar 2003, en zal voortgezet worden gedurende 2004. 8. Nog steeds in overeenstemming met het tariefbesluit wordt dit tariefvoorstel ingediend met behulp van het rapporteringsmodel zoals voorzien in artikel 15 van het genoemde koninklijk besluit. 9/31/ II. PROCEDURE EN TIJDSCHEMA 9. Overeenkomstig artikel 10, §1, van het tariefbesluit dient de vervoersonderneming uiterlijk op 30 september van elk jaar haar budget met tariefvoorstel voor het volgende exploitatiejaar aan de CREG voor te leggen. Dit budget met tariefvoorstel wordt per drager en tegen ontvangstbewijs overhandigd aan de CREG. 10. De NV FLUXYS LNG moest haar aanvraag tot goedkeuring van de tarieven bij de CREG indienen op uiterlijk 30 september 2003, wat zij ook effectief deed. 11. Na een grondige studie van de aanvraag werd besloten dat het dossier niet volledig was en er bijkomende informatie (zie hierna) diende gevraagd te worden om de CREG toe te laten een beslissing te nemen over het al dan niet goedkeuren van het tariefvoorstel. Zoals voorzien in artikel 10, § 2, van het tariefbesluit, meldde de CREG bij brief van 14 oktober 2003 met ontvangstbewijs aan de NV FLUXYS LNG dat er bijkomende informatie noodzakelijk was en dat de NV FLUXYS LNG deze binnen de 15 kalenderdagen aan de CREG diende te bezorgen, te weten ten laatste op 29 oktober 2003. 12. De bijkomende inlichtingen gevraagd door de CREG betreffen : - op pagina 5 van bijlage 1, het bedrag van de exploitatiekosten voor het jaar 2004 verschilt van het bedrag weergegeven op pagina 8 van dezelfde bijlage 1. Er wordt gevraagd aan de NV FLUXYS LNG om dit verschil te rechtvaardigen; - zoals afgesproken met de NV FLUXYS LNG in het kader van het werkprogramma 2002-2004, wordt gevraagd om het rapporteringsmodel 2004 over te maken aan de CREG met daarin het budget per trimester, teneinde dit compatibel te maken met de trimestriële rapporten die de vervoersonderneming gehouden is over te maken, overeenkomstig artikel 14, § 1, van het tariefbesluit; - de NV FLUXYS LNG zal erover waken om aan de CREG zijn ontwerp van analytische boekhoudplan voor het exploitatiejaar 2004 over te maken. 13. Bij brief van 29 oktober 2003 (bezorgd per drager met ontvangstbewijs) maakte de NV FLUXYS LNG de hierboven vermelde bijkomende inlichtingen over. 10/31/ 14. Vanaf het ogenblik van ontvangst van de bijkomende gegevens beschikt de CREG over 30 kalenderdagen om het tariefvoorstel te aanvaarden of te verwerpen. 11/31/ III. BESCHRIJVING VAN HET TARIEFVOORSTEL VAN 30 SEPTEMBER 2003 VAN DE NV FLUXYS LNG Aanvraag tot goedkeuring 15. Dit hoofdstuk vat het tariefvoorstel neergelegd door de NV FLUXYS LNG samen, door de meest betekenisvolle passages ervan te hernemen. De CREG is bijgevolg niet gebonden door de formuleringen die voorkomen in dit hoofdstuk. 16. Overeenkomstig artikel 15/5, §2, van de gaswet legt de NV FLUXYS LNG zijn tarieven voor het gebruik van het vervoersnet en de ondersteunende diensten voor het jaar 2004 (LNG-terminal van Zeebrugge) zoals beschreven in het document en zijn bijlagen ter goedkeuring voor aan de CREG. In overeenstemming met het tariefbesluit dient de aardgasvervoersonderneming uiterlijk op 30 september van ieder jaar de tarieven voor het volgende exploitatiejaar in bij de CREG. 17. Het door de NV FLUXYS LNG ingediende document vormt de formele aanvraag tot goedkeuring van de tarieven voor het jaar 2004. Dit document is het resultaat van talrijke contacten met de CREG over de toepassing van de goedgekeurde tarieven voor de toegang van derden tot de LNG-terminal van Zeebrugge voor 2002 en 2003. 18. Deze aanvraag tot goedkeuring van de tarieven voor 2004 bevat alle bijlagen die in het tariefbesluit zijn voorzien en ligt wat de hoofdzaak betreft volledig in de lijn van de in 2002/2003 ingediende dossiers, rekening houdend met de door de CREG geformuleerde opmerkingen. 19. Zoals voorzien in het tariefbesluit wordt deze aanvraag tot goedkeuring ingediend met behulp van het in artikel 15 aangehaalde rapporteringsmodel. Uitbreiding van de capaciteit van de LNG-terminal van Zeebrugge 20. De NV FLUXYS LNG heeft de markt van de LNG-operatoren geraadpleegd via een « open-seasonprocedure » en peilde naar de belangstelling van de wereldmarkt voor het 12/31/ gebruik van de vrije capaciteit na 2006, d.i. na afloop van de lopende langetermijnovereenkomst. 21. De NV FLUXYS LNG beschikt nu over een door Europa als prioritair erkend project voor de uitbreiding van zijn LNG-terminal en heeft in het kader van de wet van 12 augustus 2003 vanaf 14 augustus 2003 een voorstel voor meerjarentarieven ingediend, waarin sprake is van een nieuwe formule voor de berekening van de vergoeding van het geïnvesteerde kapitaal, aangepast aan het project, om door de aandeelhouders gunstig te worden onthaald. 22. Door de wet van 12 augustus 2003 evolueert de wetgeving naar een betere overweging van de voorwaarden voor de toepassing van projecten die noodzakelijk zijn voor het toekomstige Belgische en Europese gaslandschap. In het bijzonder de LNG-terminals vormen een onderdeel van een kapitaalintensieve geïntegreerde keten; een onafhankelijke LNG-terminaloperator zoals de NV FLUXYS LNG kan een dergelijke activiteit in concurrentie met geïntegreerde productiebedrijven alleen ontwikkelen door zijn producenten capaciteiten op lange termijn en zijn investeerders een aangepast rendement aan te bieden. 23. Het bestuur van de NV FLUXYS LNG moet zich vervolgens vóór het einde van het boekjaar 2003 uitspreken over deze investering, teneinde de nieuwe capaciteiten voor opslag, hervergassing van vloeibaar gas en emissie naar het net van de NV FLUXYS LNG vrij te maken binnen de termijnen die aansluiten bij de verwachtingen van de markt. Die beslissing berust enerzijds op het bestaan van langetermijnovereenkomsten met gebruikers van de terminal en anderzijds op de aanvaarding door de CREG van een aangepast opbrengstniveau voor de aandeelhouders-investeerders. 24. Dit project, als het wordt gerealiseerd, draagt bij tot de liquiditeit van de markt door een uitbreiding van het aanbod, versterkt de bevoorradingszekerheid van de Belgische en Europese markt en bevestigt de rol van België in het hart van het Europese gastransit. De concurrentie met de andere Europese projecten is hard, maar het project beschikt over heel wat troeven. 25. Merk op dat de investeringsuitgaven van 2004 in het kader van het uitbreidingsproject geen invloed hebben op de RAB van de NV FLUXYS LNG in 2004. Zij worden slechts in aanmerking genomen op het ogenblik dat de uitbreiding effectief in dienst wordt genomen. 13/31/ Algemene oriëntatie 26. Wat de algemene politiek van de NV FLUXYS LNG achter de uitwerking van de tarieven voor 2004 betreft, verwijst de NV FLUXYS LNG naar de aanvragen tot goedkeuring van de tarieven 2002 en 2003 van de NV FLUXYS in het licht van de capaciteit van de LNGterminal van Zeebrugge, ter goedkeuring voorgelegd aan de CREG op 24 juni 2002 en 30 september 2002. 27. Bij de uitwerking van de tarieven voor 2004 werden de wettelijke voorschriften en reglementen terzake nageleefd. 28. De tarieven voor 2004 worden, op enkele punten na, die sindsdien zijn verduidelijkt door de gedragscode, beïnvloed door dezelfde onzekerheden als die waarvan sprake in de aanvragen tot goedkeuring van de tarieven 2002 en 2003. Deze laatste worden in deze aanvraag tot goedkeuring van de tarieven 2004 gewoon herhaald. 29. De tarieven voor 2004 maken het mogelijk de in artikel 15/2, § 1, 1° en 15/2, van de gaswet beoogde kosten te dekken en het in de zin van artikel 15/5, § 2, lid 2, 3°, van dezelfde wet geïnvesteerde kapitaal te vergoeden. 30. In de tarieven voor 2004 en de bijbehorende bijlagen werd rekening gehouden met een groot aantal opmerkingen, vragen en commentaren van de CREG, in naleving van wat in de briefwisseling of de contacten vóór 30 september 2003 was overeengekomen. 31. De berekening van de winstmarge is gebaseerd op de methodologie die werd gehanteerd in de tariefvoorstellen voor de exploitatiejaren 2002 en 2003. Die methodologie is op haar beurt gebaseerd op de aanbevelingen van de CREG met betrekking tot het vervoer van elektriciteit. 32. De « regulatory asset base » (RAB) evolueert op basis van de eerder beschreven regels, d.w.z. op basis van de nieuwe investeringen, de bestemmingswijzigingen en de afschrijving van de historische investeringswaarden. 33. De WACC-voet (weighted average cost of capital) is zonder meer overgenomen uit de goedkeuringsaanvraag 2003 daar hij volgens de NV FLUXYS LNG een minimum vertegenwoordigt. Hij is namelijk gebaseerd op een opsplitsing van het 14/31/ geïnvesteerde kapitaal in eigen fondsen en geleende fondsen en op een risicobenadering waarin de risico’s van de activiteit zwaar worden onderschat. De evolutie van de wetgeving, door de wet van 12 augustus 2003, impliceert voor de NV FLUXYS LNG dat de problematiek van haar vergoeding zal behandeld worden volgens een nieuwe meerjarenprocedure, wat meer duidelijkheid zou moeten bieden voor alle betrokkenen. 34. De belangrijkste kenmerken van de basisdiensten blijven behouden in 2004. Tariferingsmethodes voor 2004 35. Voor het jaar 2004 heeft de enige verandering betrekking op de toewijzing van de kosten voor de ontvangst van de LNG-tankers, de opslag van het vloeibaar gas en de emissie van het opnieuw vergaste product. Deze evolutie is ingegeven door commentaren van de CREG, die bij haar onderzoek van de tariefvoorstellen van de NV FLUXYS en conform het tariefbesluit een toewijzing van de kosten per dienst had gevraagd voor de LNGopslag in de Peak Shaving van Dudzele. Het gevraagde onderzoek werd uitgevoerd en heeft geleid tot een toewijzing onder de diensten van deze opslagterminal. Naar analogie werd ook de bestaande toewijzing voor de installaties van de LNG-terminal geanalyseerd en werd er een nieuwe verdeling toegepast. Zij is verenigbaar met die van de Peak Shaving en die van het businessplan rond het project voor uitbreiding van de terminal, dat aan de CREG werd overhandigd op 14 augustus 2003. 36. De NV FLUXYS LNG heeft zich, volgens haar, voor het jaar 2004 gebaseerd op de richtlijnen inzake elektriciteit van de CREG en op de principes die door het Forum van Madrid naar voor zijn geschoven. 37. Wat het werkprogramma betreft, heeft de NV FLUXYS LNG rekening gehouden met de resultaten van de samenwerking met de CREG, meer bepaald op het vlak van het synthetische, elektronische en gedetailleerde rapporteringsmodel. Dat rapporteringsmodel wordt nu aangevuld met een verklarende nota volgens de richtlijnen van de CREG. Niveau van de gereglementeerde tarieven voor 2004 38. De NV FLUXYS LNG heeft erop toegezien dat, naar aanleiding van de sectorinbreng in het tweede semester van 2002, de toegewezen kosten niet zouden stijgen zonder specifieke rechtvaardiging. De lichte stijging van de kosten die voor 2004 in het vooruitzicht 15/31/ wordt gesteld, ongeveer 2,5% ten opzichte van het tariefvoorstel voor 2003, is hoofdzakelijk toe te schrijven aan de verzekeringspremies, een gevolg van de uiterst gespannen situatie op de markt van de verzekering van de industriële risico’s en is dus niet specifiek voor de LNG-markt. Het saldo van de stijging vloeit voort uit de evolutie van de personeelskosten toegekend aan die activiteit. De tarieven dekken de kosten en vertonen globaal een lichtstijgende tendens, maar deze beweging brengt het concurrentievermogen van de tarieven niet in gevaar. Rapporteringsmodel 2004 39. De gegevens overgemaakt door de NV FLUXYS LNG op 30 september 2003 zijn vertrouwelijk en zijn niet opgenomen in het voorliggend document. 16/31/ IV. ANALYSE VAN HET TARIEFVOORSTEL VAN 30 SEPTEMBER 2003 VAN DE NV FLUXYS LNG 40. In het algemeen stelt de CREG een gevoelige verbetering vast van de kwaliteit en de kwantiteit van de inlichtingen die haar in het kader van het tariefvoorstel voor het jaar 2004 worden verstrekt. Dat is meer bepaald het geval voor de tussentijdse gegevens met betrekking tot de sleutels voor de verdeling van de kosten van de verschillende kostencentra over de activiteiten en diensten van het tariefbesluit. 41. Dit hoofdstuk valt uiteen in twee delen : de analyse van de kostenraming en de berekening van de billijke winstmarge (RAB x WACC). 1. Analyse van de kostenramingen 1.1 Bestemming van de regularisatierekening 42. Artikel 25, §1, van het tariefbesluit voorziet dat de bonus of de malus die voortvloeit uit de toepassing van de tarieven in de loop van het voorbije exploitatiejaar na goedkeuring door de Commissie en rekening houdend met de wisselvalligheid van het weer en de financiële noden van het voorbije jaar, mag worden overgedragen naar de winst of het verlies van het volgend exploitatiejaar. In de praktijk is die bepaling niet uitvoerbaar. De boekhouding van het afgelopen exploitatiejaar moet vóór 14 februari van het jaar nadien bij de CREG zijn neergelegd. Het budget en de tarieven voor het volgend exploitatiejaar worden evenwel ter goedkeuring aan de CREG voorgelegd op 30 september van het jaar voordien. Het is dus niet mogelijk in een budget een bonus of een malus op te nemen die pas zes maanden na de opstelling en de goedkeuring van dat budget wordt bepaald. 43. Om in te spelen op het principe van de bonusoverdracht zoals voorzien in het tariefbesluit en met de bedoeling de stabiliteit van de tarieven te verzekeren stellen de NV FLUXYS en de NV FLUXYS LNG voor : - 20% van het bedrag dat op 1 januari 2003 beschikbaar was op de regularisatierekening, te gebruiken om de stijging van de vervoerskosten te 17/31/ compenseren, wat neerkomt op een spreiding van de regularisatierekening over een termijn van 5 jaar; - een deel van de regularisatierekening te gebruiken om de ontoereikende inkomsten van het eerste trimester van 2004 op te vangen. 44. De CREG vindt dat de NV FLUXYS en de NV FLUXYS LNG een te klein bedrag van de regularisatierekening overdragen naar de tarieven voor 2004 en dat om twee redenen : - de geest van het tariefbesluit, dat de overdracht van de totaliteit van de bonus naar één boekjaar voorziet, wordt niet gerespecteerd ; - voor de invoering van de op korte termijn aangekondigde meerjarentarieven zou de regularisatierekening, ontstaan uit de toepassing van de jaartarieven, gelijk moeten zijn aan nul. De CREG vraagt bijgevolg dat het totaal van de regularisatierekening zou worden overgedragen ten gunste van de tarieven voor 2004, daarbij de boekhoudkundige scheiding van de activiteiten overbrenging, opslag en LNG terminaling respecterend. De CREG vraagt ten slotte ook dat de interesten op de belegging van dat bedrag zouden worden gekapitaliseerd en geboekt op de regularisatierekening ten gunste van de tarieven. De CREG verwacht een gedetailleerde berekening. 1.2 Analyse van de evolutie van de kosten tussen 2003 en 2004 45. De CREG stelt vast dat de globale exploitatiekosten van de NV FLUXYS LNG van 2003 tot 2004 gestegen zijn. De belangrijkste stijgingen worden veroorzaakt door verzekeringspremies en personeelskosten. De CREG vraagt de NV FLUXYS LNG haar voor 2003 en 2004 de namen van de personen per kostencentrum mee te delen volgens het organogram op pagina 8 van bijlage 2 van 30 september 2003 met vermelding van de eventuele mutaties tussen kostencentra en de geplande aanwervingen voor 2004. De CREG vraagt de NV FLUXYS LNG uit te leggen waarom er een verhoging is van de verzekeringspremies. 18/31/ - Verwijdering van het DISTRIGAS-logo 46. Naar aanleiding van de splitsing van DISTRIGAS eind 2001 werd een programma « corporate identity project » uitgewerkt om het DISTRIGAS-logo te vervangen door het logo van FLUXYS. Na een eerste analyse besluit de CREG dat alle kosten voor de verandering van logo voor de terminal van Zeebrugge ten laste van de NV FLUXYS LNG zijn. De CREG vraagt de NV FLUXYS LNG haar een gedetailleerd overzicht van de globale kosten (installaties, signalisatie, wagenpark, werkkleding, materiaal, enzovoort) voor de vervanging van het logo te bezorgen voor de jaren 2001, 2002, 2003 en 2004. - Kostenverdeelsleutels 47. De CREG stelt een wijziging vast van de verdeelsleutels van de kosten tussen de diensten voor ontvangst, opslag en emissie. De CREG vraagt aan de NV FLUXYS LNG om de redenen hiervoor te verduidelijken en de berekeningen die leiden tot het resultaat gedetailleerd op pagina 40 van de verklarende nota over het analytische boekhoudsysteem weer te geven. 1.3 Pensioenen 48. Bij de controle van de rekeningen van het jaar 2002 van de NV FLUXYS en de NV FLUXYS LNG stelde de CREG een aanzienlijke stijging van de toelage voor het pensioenfonds vast, naast de gebruikelijke budgettaire toelage. Hoewel er in 2003 een bijkomende toelage werd overwogen, merkt de CREG met voldoening op dat deze niet is voorzien voor dit jaar, noch voor 2004. 1.4 Akkoord over tewerkstelling 49. In oktober laatstleden hebben de sociale partners een akkoord bereikt over de tewerkstelling. De beoogde maatregelen voor 2004 hebben betrekking op lastenverlagingen voor ondernemingen, meer bepaald voor de lage lonen, de hoge lonen, werk in ploegen en deeltijds werk. 19/31/ De CREG vraagt aan de NV FLUXYS LNG om een raming te maken van de impact van deze maatregelen op het budget voor de personeelskosten voor het jaar 2004 en hiermee rekening te houden in haar aangepast tariefvoorstel. 1.5 Rekeningen van de dienst “verhoogde flexibiliteit opslag” 50. De CREG vraagt aan de NV FLUXYS LNG om de afsplitsing van deze dienst van de dienst “opslag van gas” te verantwoorden. 2. Berekening van de billijke winstmarge (RAB x WACC) 51. Voor de berekening van de billijke winstmarge is in het kader van het tariefvoorstel 2004 enerzijds een berekening uitgevoerd voor de RAB voor 2004 en anderzijds de WACC die van toepassing is in 2004. 2.1 Berekening van de RAB 52. De formulering van de berekeningswijze van de RAB als onderdeel van de berekening van de marge voor belastingen (hoofdstuk 6.1 van bijlage 1) zoals deze gehanteerd wordt door de NV FLUXYS LNG is: ƒ het geïnvesteerde kapitaal bestaat uit de vervangingswaarde van de materiële vaste activa (RAB of Regulated Asset Base), vermeerderd of verminderd met het nominale (vlottende) bedrijfskapitaal; ƒ de RAB voor 2004 wordt bekomen door de RAB van 2003 te verminderen met de restwaarde van de installaties die buiten dienst genomen zijn, vermeerderd met de helft van de investeringen voorzien in 2003 en de helft van de investeringen voorzien in 2004, verminderd met de helft van de afschrijvingen voorzien op de historische waarde van de vaste activa en de voorziene investeringen in 2003 en 2004, en tenslotte vermeerderd met eventuele transfers; ƒ het vlottend bedrijfskapitaal is de waarde van de voorraad materiaal voor interventies op het net en van de goederen bestemd voor investeringsprojecten voor de activiteit ‘overbrenging’. 20/31/ Deze definitie werd als dusdanig ook gehanteerd in de twee voorgaande tariefvoorstellen die reeds ter goedkeuring voorgelegd zijn aan de CREG, meer specifiek het voorstel van 24 juni 2002 en dit van 30 september 2002 (hierna «tariefvoorstel 2003»), gevolgd door de aanpassing van dit laatste tariefvoorstel op 9 december 2002. Teneinde onderhavige analyse van de berekeningswijze van de RAB in het tariefvoorstel 2004 te stroomlijnen is in de bespreking ervan dezelfde volgorde van samenstellende elementen gebruikt als weergegeven in bovenstaande definitie uit het tariefvoorstel 2004. Een inleidende maar belangrijke opmerking is dat de weergave in de tabellen van de RAB berekening van de verschillende gereguleerde activiteiten verschilt in het tariefvoorstel 2004 ten opzichte de versie van 2003. Tijdens de vergadering van 7 november 2003 tussen de CREG en de NV FLUXYS LNG is reeds overeengekomen dat de NV FLUXYS LNG een aangepaste weergave van de cijfers zal bezorgen aan de CREG om de evaluatie van de berekeningswijze op dit specifieke punt beter te kunnen uitvoeren. Per uitbreiding van deze laatste opmerking en teneinde de vergelijkbaarheid over de jaren heen te vergemakkelijken, acht de CREG het essentieel om in het kader van de huidige controle van het tariefvoorstel 2004 ook additionele sturing te geven omtrent het type data dat noodzakelijk is om haar controletaak efficiënt en effectief te kunnen uitvoeren voor wat de RAB betreft. Algemeen kan gesteld worden dat minimaal het cijfermateriaal zoals dit onder meer vervat is in de tabellen digitaal en in een bewerkbare formaat (bijvoorbeeld Excel) aangeleverd dient te worden. Stap 0 : Uitgangspunt RAB: 2003 53. In zijn algemeenheid is het uitgangspunt voor de berekening van de RAB voor het jaar X dat het onderwerp vormt van het tariefvoorstel (in casu tariefvoorstel 2004) de RAB waarde van het voorgaande jaar of het jaar X-1 (in casu 2003). De bedoelde RAB waarde van het jaar X-1 zoals deze bepaald is in het tariefvoorstel dat aanvaard werd door de CREG in het jaar X-2 (in casu 2002) dient echter in lijn gebracht te worden met de realiteit. Dit betekent concreet dat rekening dient gehouden te worden met de werkelijke investeringen die gerealiseerd zijn in 2001 en 2002. Startende van de RAB waarde van het jaar 2003, zoals deze berekend is in het tariefvoorstel ingediend in 2002, dient de ‘voorziene’ 21/31/ investeringskost van de lopende investering in 2001 en 2002 vervangen door de ‘gerealiseerde’ investeringskosten. De CREG vraagt bijgevolg een overzicht van de werkelijke investeringskosten van 2001, 2002 en 2003 zoals deze in het actuele en voorgaand tariefvoorstel gekoppeld zijn aan de verschillende activiteiten en dit voor zowel de immateriële vaste activa, de terreinen en constructies, de installaties, het rollend materieel als het overig materieel. Op termijn dient ernaar gestreefd te worden om hieromtrent een detailgraad van informatie te voorzien die dezelfde is als deze die gegeven wordt voor de voorziene investeringen in bijlage 2, hoofdstuk 2 van het onderhavige tariefvoorstel van de NV FLUXYS LNG. 54. In de voorstelling van de resultaten van de RAB berekening in het tariefvoorstel 2004 is de benadering uitgaande van de RAB van het tariefvoorstel 2003 niet gevolgd daar vertrokken wordt van de berekende netto boekwaarde op 1 januari 2004 waarna de waardevermeerderingen die in 2001 geboekt zijn voor de activa hierbij opgeteld worden. Hierdoor wordt voor zover in te schatten door de CREG methodologisch impliciet rekening gehouden met de aanpassing voor wat betreft het verschil tussen de realiteit ex post en de schattingen ex ante van de verwezenlijkte investeringen daar deze in de netto boekwaarde van de activa gereflecteerd is. Daar echter uitgegaan wordt van een berekende waarde voor de netto boekwaarde van 1 januari 2004, dient aan de CREG echter wel aangetoond te worden dat geen van de investeringen vermeld als lopende en in gebruik genomen investeringen in 2002 en 2003 vervat zijn in de netto boekwaarde van de immateriële vaste activa, de terreinen en constructies, de installaties, het rollend materieel en overig materieel. 55. Een blijvend nadeel van de berekening zoals deze voorgesteld is in het tariefvoorstel 2004 en die afwijkt van de wijze van definitie die in hetzelfde document gegeven wordt, is dat de controle van de RAB van het voorgaande jaar niet kan gebeuren. Daarom stelt de CREG voor om, in lijn met het uitgangspunt van de definitie alsook de wijze waarop de richtlijnen van de elektriciteitssector en tevens de richtlijnen voor de gassector de berekening van de RAB vastleggen, de eerste benadering en voorstellingswijze te hanteren die uitgaat van een herberekende RAB. 56. De voorgestelde aanpak is dus te starten op basis van de RAB uit het tariefvoorstel X-1 (in casu 2003) en door regularisatie van de daadwerkelijke investeringen in het jaar X-2 22/31/ (in casu 2002) en de in X-1 gebudgetteerde investeringen voor dat jaar, de ‘werkelijke’ RAB waarde van het jaar X-1 (in casu 2003) te berekenen die als uitgangspunt gebruikt wordt voor de berekening van de RAB van het jaar X (in casu 2004). Stap 1 : Vermindering met restwaarde van buitengebruikstellingen van 2003 57. De eerste bewerking die dient te gebeuren volgens de definitie vermeld in het tariefvoorstel 2004 en tevens volgens de richtlijnen elektriciteit en de richtlijnen voor de gassector, is op de hoger herberekende RAB waarde van 2003 twee correcties door te voeren. Enerzijds dient een correctie doorgevoerd (in principe een vermindering met de helft van de voorziene buitengebruikstellingen in 2003) om de waarde van de RAB aan te passen voor de activa die effectief buiten dienst gesteld zijn in het jaar X-1 zijnde 2003. Anderzijds dient een vermindering te gebeuren met de helft van de RAB waarde van de activa die in 2004 voorzien zijn om buiten gebruik gesteld te worden. Dit is in tegenstelling met hetgeen in de formule van het tariefvoorstel 2004 gebruikt wordt, zijnde de aftrekking van de restwaarde van de buitengebruikstellingen van 2003. Op basis van deze elementen is de CREG van oordeel dat de RAB voor wat betreft de berekeningswijze zoals deze door de NV FLUXYS LNG voor de incorporatie van de voorzienbare buiten gebruikstellingen wordt uitgevoerd, gemiddeld genomen een half jaar achterop hinkt op de realiteit. De CREG besluit dat de voorzienbare buitengebruikstellingen in 2004 voor de helft van hun waarde eveneens afgetrokken dienen te worden van de RAB voor 2004. 58. In elk geval wordt duidelijk gesteld door de CREG dat enkel de nuttige en in gebruik zijnde bestanddelen die noodzakelijk zijn voor de gereguleerde activiteiten een onderdeel mogen zijn van de economische reconstructiewaarde op een bepaald moment. Bij een (partiële of gehele) buitengebruikstelling van een bepaald activum dient bijgevolg de economische reconstructiewaarde dienovereenkomstig naar beneden bijgesteld te worden ten bedrage van de som van de netto boekwaarde op dat moment én het aandeel dat het betrokken activum had in de herwaarderingsmeerwaarden die geboekt zijn. In het tariefvoorstel 2004, dat ter controle voorligt, is geen afzonderlijke melding gemaakt van de waarde die in rekening gebracht is voor de buitengebruikstelling van bepaalde activa. 23/31/ Mocht uit de toelichting van de NV FLUXYS LNG blijken dat de buitengebruikstelling niet afgetrokken is, dient de correctie te gebeuren zoals hoger beschreven is. De CREG vraagt aan de NV FLUXYS LNG om de politiek van buitengebruikstellingen verder toe te lichten. In het verlengde van een rapportage van de gerealiseerde investeringen in 2001, 2002 en - voor zover mogelijk - 2003, dient eenzelfde type overzicht bezorgd te worden voor wat betreft de buiten gebruikstellingen die uitgevoerd zijn in het verleden en die een invloed hebben op onderhavige en vorige tariefvoorstellen.1 Teneinde de nodige verificatie te kunnen uitvoeren in het kader van het huidige tariefvoorstel en degene die in de toekomst nog ingediend zullen worden, vraagt de CREG een gedetailleerd overzicht van de toedeling van de herwaarderingsmeerwaarden die geboekt zijn in 2001 en die in het kader van het tariefvoorstel 2004 in sterk gereduceerde vorm vermeld zijn op pagina 14 van bijlage 1 van het tariefvoorstel voor NV FLUXYS LNG. De bedoelde detailgraad is in een eerste fase gesitueerd op het niveau zoals dat gangbaar is in het rapportage model : het betreft met andere woorden dezelfde indeling in kolommen zoals toegepast is op pagina 16 van de bijlage waarnaar verwezen is in de vorige zin. Een meer specifieke ‘format’ waarin de data verstrekt dienen te worden zal in de loop van verdere besprekingen van het tariefvoorstel 2004 en in het werkingsjaar 2004 gebeuren. 59. In het korte tijdsbestek waarbinnen het tariefvoorstel 2004 behandeld dient te worden, zal door de CREG als indicatieve parameters voor de buitengebruikstellingen, die ter hare beschikking zijn ten tijde van voorliggende beslissing, een combinatie van de volgende benaderingen gebruikt worden : ƒ de “micro”-benadering waarbij de geplande “vervangings”-investeringen gebruikt worden indien het onderscheid met de zogenaamde “uitbreidings”-investeringen (zie bijlage 2, hoofdstuk 2 van het voorliggend tariefvoorstel) gebaseerd is op ‘een vervanging van een bestaand actief’ dat bijgevolg reeds in de RAB vervat is en vervolgens buiten gebruik genomen wordt en aldus in min gebracht dient te worden van de RAB voor zijn netto boekwaarde en de herwaarderingen die geboekt zijn; ƒ de “macro”-benadering waarbij als uitgangspunt genomen wordt dat na een nader te bepalen periode (uitgedrukt in jaren) een activum of een bepaalde groep van activa niet alleen economisch maar tevens technisch buiten gebruik gesteld is. Op basis 1 In de marge van de analyse van het tariefvoorstel 2004 en de vergelijking die gemaakt is met het tariefvoorstel 2003 is de expliciete vermelding van de buitengebruikstelling van een onderdeel van de installatie van de LNG terminal (p. 51) vermeld. In de kolom ‘herwaarderingen van activa en buitengebruikstellingen 2002’ staat een positief getal dat de CREG nader toegelicht zou willen zien door weergave van de diverse componenten van dit getal. 24/31/ van deze termijn wordt een pro rata bepaald van jaarlijkse buitengebruikstellingen om uiteindelijk tot een RAB waarde te komen voor deze activa die gelijk is aan nul. De logica die aan de basis ligt is dat op lange termijn alle activa vervangen dienen te worden en de iRAB volledig vervangen is door nieuwe investeringen die jaarlijks toegevoegd worden aan de RAB waarde, zoals voorzien in stap 2. De verdere bespreking van de waarde van de RAB in het kader van deze beslissing gaat uit van het huidige niveau van buitengebruikstellingen dat gehanteerd is. Stap 2 : Vermeerdering met de helft van de investeringen voorzien in 2003 en de helft van de investeringen voorzien in 2004 60. In de voorstelling van de berekening van de RAB door de NV FLUXYS LNG worden de investeringen voorzien in het lopende jaar 2003 opgedeeld in enerzijds een gedeelte dat reeds in gebruik genomen is en anderzijds een gedeelte dat nog in uitvoering is. De eerder geponeerde vraag van de CREG naar informatie omtrent de werkelijke investeringskosten in 2001, 2002 en 2003 zal meer duidelijkheid scheppen over de accuraatheid van de geschatte waarden voor 2003 en nuttige informatie zal geïncorporeerd worden teneinde de RAB waarde correct te bepalen. De geplande investeringen in 2004 zijn weergegeven op pagina 7 van bijlage 2 van het tariefvoorstel voor de NV FLUXYS LNG. In lijn met de bespreking van de noodzakelijke aanpassing van de RAB voor het jaar 2003 op basis van een correctie voor de ‘werkelijke’ investeringen die gebeurd zijn in 2001 en 2002, zal een analoge aanpassing voor 2003 en 2004 plaatsvinden bij indiening van respectievelijk het tariefvoorstel voor het jaar 2005 en 2006. In de algemeenheid is de CREG van mening dat het raadzaam is om ter aanvulling van de bespreking van de geplande investeringen in bijlage 2, hoofdstuk 3 eveneens onder punt 3.6 op te nemen wanneer welke kosten gepland zijn teneinde tot een meerjaarlijks overzicht te komen van lopende investeringskosten. 25/31/ Stap 3 : Vermindering met de helft van de afschrijvingen voorzien op de historische waarde van de vaste activa en de voorziene investeringen in 2003 en 2004 61. In het tariefvoorstel 2004 wordt in hoofdstuk 5.4 van bijlage 1 gerefereerd naar de gebruikte afschrijvingspercentages en de bijhorende afschrijvingstermijnen. Er dient aan de CREG echter meer detail verstrekt te worden teneinde haar in staat te stellen de controletaak van de berekening van de gebudgetteerde afschrijvingen te kunnen uitvoeren, temeer daar deze laatste een onderdeel vormen van de berekening van de RAB. De correctheid van de gebudgetteerde afschrijvingen kan enkel bepaald worden indien voor elk activum dat vermeld is in bijlage 3 voor de NV FLUXYS LNG, de volgende data meegedeeld worden : ƒ de netto boekwaarde van het activum of de groep van activa; ƒ de historische aanschaffingswaarde van het activum of de groep van activa; ƒ de geboekte herwaarderingsmeerwaarden in 2001; ƒ het bedrag van de gecumuleerde afschrijvingen; ƒ de afschrijvingstermijn die reeds verstreken is tot op 1 januari 2004. De goede verstaander dient onder bovenstaande opsomming te begrijpen dat door de NV FLUXYS LNG voldoende informatie dient verstrekt te worden om voor de individuele activa of een groep van activa niet alleen de gebudgetteerde afschrijvingen te bepalen maar in bredere zin tevens een indicatie te krijgen van de boekhoudkundige waardering van een activum of groepen van activa versus de opname in RAB en de waardering die deze daarin hebben. 62. De verwijzing naar het begrip ‘groep van activa’ betekent dat een zekere homogeniteit in de aard van de activa aanwezig dient te zijn, zowel technisch als voor het toegepaste afschrijvingspercentage en de verlopen periode van de afschrijvingstermijn. Dit laatste is essentieel om te bepalen wanneer een activum of een groep van activa volledig afgeschreven is hetgeen desgevallend indicatief kan zijn voor de waarde die het betrokken activum of de groep van activa nog heeft binnen de RAB. Deze informatie is essentieel daar de verwijdering van een activum of een groep van activa normaliter automatisch gebeurt voor wat betreft de netto boekwaarde daar deze tot nul herleid is. De herwaarderingsmeerwaarde die op het betrokken activum of de groep van activa geboekt is, dient echter afzonderlijk in min gebracht te worden van de desbetreffende RAB waarde waar het activum of de groep van activa een onderdeel van vormen. 26/31/ De digitaal aan te leveren informatie dient werkbaar te zijn voor de CREG, hetgeen betekent dat het verband duidelijk dient te zijn tussen de individuele activa enerzijds en de activa zoals deze voor wat betreft de RAB gedefinieerd zijn op pagina 14 van bijlage 1 voor de gereguleerde activiteit anderzijds. De weergave van de totale afschrijvingstermijn alsook het percentage van de afschrijving in bijlage 7 van het tariefvoorstel van de NV FLUXYS kan hiervoor als uitgangspunt gebruikt worden. Stap 4: Vermeerdering met eventuele transfers 63. Met betrekking tot deze stap zijn er geen opmerkingen toepasselijk voor de NV FLUXYS LNG. Stap 5: Definitie en berekening ‘vlottend’ bedrijfskapitaal 64. In het tariefvoorstel 2004 van de NV FLUXYS LNG is het vlottend bedrijfskapitaal niet gedefinieerd. Dit element is zowel in onderhavig als in voorgaande tariefvoorstellen niet aanwezig. Via de formule gebruikt door de NV FLUXYS LNG wordt voor de gereguleerde activiteit impliciet een bedrag van nul miljoen € berekend. Methodologisch is voor de CREG duidelijk dat het netto bedrijfskapitaal gedefinieerd is als rekening gehouden wordt met de wijze waarop de activa, zij het vlottende of vaste activa, gefinancierd zijn. In de formulering zoals deze gehanteerd is door de NV FLUXYS LNG is slechts een onderdeel van de vlottende activa, toe te wijzen aan de activiteit 'overbrenging' benoemd als zijnde het netto bedrijfskapitaal en wordt er geen melding gemaakt van de financieringswijze. Tevens is duidelijk dat de formule die in het tariefvoorstel gehanteerd wordt enkel herzieningen van de RAB naar boven toe als gevolg heeft, wat voorbij gaat aan de redeneringen vastgelegd in het kader van de richtlijnen die van toepassing zijn voor de elektriciteits- en de gassector. De CREG stelt daarom dat de definitie en berekening van het bedrijfskapitaal wordt aangepast om ze in lijn te brengen met de richtlijnen waar de NV FLUXYS LNG van op de hoogte is. 65. Zowel de richtlijnen voor de elektriciteitssector - waar in het tariefvoorstel 2004 naar wordt verwezen als methodologische basis voor de berekeningen - als de richtlijnen voor de 27/31/ gassector definiëren het netto bedrijfskapitaal op een andere wijze. Er wordt, zoals het methodologisch hoort, expliciet rekening gehouden met het type financiering. Het netto bedrijfskapitaal is volgens de richtlijnen gelijk aan het verschil tussen de som van de voorraden en bestellingen in uitvoering plus de vorderingen op ten hoogste één jaar plus de regularisatierekeningen van het actief en de som van de schulden op ten hoogste één jaar en de regularisatierekeningen van het passief. De samenstellende elementen van het netto bedrijfskapitaal die reeds vergoed zijn, worden dus expliciet verwijderd uit de RAB daar ze geen tweede maal vergoed kunnen worden. 2.2 Berekening van de WACC 66. Voor wat betreft de formulering van de berekeningswijze van de WACC als onderdeel van de berekening van de marge voor belastingen (hoofdstuk 6.2 van bijlage 1) wordt door de NV FLUXYS LNG verwezen naar de methode zoals deze beschreven is in de aanvraag tot goedkeuring van de tarieven 2002. De berekening van de actuele WACC is dus niet weergegeven in het tariefvoorstel 2004. De CREG vraagt dat, zoals bepaald is in de richtlijnen voor de elektriciteitssector en tevens in de richtlijnen voor de gassector, de WACC elk jaar herberekend zal worden. Een referentie naar de WACC van het voorgaand jaar of het jaar daarvoor is dus ongeschikt. 67. Volgens de berekeningen van de CREG gebaseerd op de richtlijnen van de elektriciteitssector dienen twee percentages aangepast te worden, zijnde de risicovrije intrestvoet van 5,18% en de belastingsdruk van 37%. De risicovrije intrestvoet is berekend als de rekenkundige gemiddelde rente van de in het voorbije jaar (in casu 2002) door de Belgische overheid uitgegeven OLO-obligaties met een looptijd van 10 jaar. Indien dit gemiddelde berekend wordt, bekomt men een waarde van 4.97%. In het kader van de verlaging van de vennootschapsbelasting is de belastingsdruk herzien naar 33.99% in plaats van de 37% procent die in de benadering voor het tariefvoorstel 2004 gebruikt is. Een andere mogelijkheid voor de NV FLUXYS LNG, die door de CREG aanvaard wordt, is om de risicopremie van 4.3% toe te passen in combinatie met de equity beta gelijk aan één. 28/31/ V. BESLISSING OVER DE AANVRAAG VAN DE NV FLUXYS LNG TOT GOEDKEURING VAN DE TARIEVEN VOOR HET GEBRUIK VAN DE METHAANTANKERTERMINAL VAN ZEEBRUGGE VOOR HET JAAR 2004 68. Na een eerste analyse van het tariefvoorstel van de NV FLUXYS LNG van 30 september 2003 te hebben gemaakt, naar aanleiding waarvan de CREG een reeks aan te passen punten inzake de geraamde kosten, de berekening van de billijke winstmarge (RAB x WACC) en de tarieven voor het gebruik van het vervoersnet heeft bekendgemaakt; 69. Overwegende dat de CREG geen volledige controle van de kosten inbegrepen in de tarieven heeft kunnen uitvoeren wegens een te verbeteren analytisch boekhoudplan en omdat de opgelegde termijnen nog niet toegelaten hebben alle gewenste onderzoeken uit te voeren; 70. Overwegende dat het deel van de regularisatierekening dat de NV FLUXYS LNG wenst in te brengen in de rekening van de tarieven van 2004 door de CREG als onvoldoende wordt beschouwd; 71. Overwegende dat het in het tariefvoorstel 2004 opgenomen organogram onvoldoende detailinformatie verschaft over de personeelssituatie en -mutaties van de NV FLUXYS LNG; 72. Overwegende dat het onredelijk is dat de NV FLUXYS LNG alle kosten voor vervanging van de naam en het logo van DISTRIGAS op de terminal van Zeebrugge ten hare laste neemt; 73. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG de impact van het akkoord van de sociale partners over de werkgelegenheid nog niet heeft doorgerekend wat betreft haar budget 2004 voor personeelskosten; 74. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG nog niet alle (cijfermatige) data zoals deze ondermeer zijn vervat in de tabellen, in digitaal en bewerkbaar formaat aanlevert aan de CREG; 29/31/ 75. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG geen overzicht geeft van de werkelijke investeringskosten van 2001, 2002 en 2003 gekoppeld aan de verschillende activiteiten en dit voor zowel de immateriële vaste activa, de terreinen en constructies, de installaties, het rollend materieel als het overig materieel; 76. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG niet kan aantonen dat geen van de investeringen vermeld als lopende en in gebruik genomen investeringen in 2002 en 2003 vervat zijn in de netto boekwaarde van de immateriële vaste activa, de terreinen en constructies, de installaties, het rollend materieel en overig materieel; 77. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG de voor 2004 voorzienbare buitengebruikstellingen niet voor de helft van hun waarde in mindering brengt van de RAB voor 2004; 78. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG geen afzonderlijke melding maakt van de waarde die in rekening is gebracht voor de buitengebruikstelling van bepaalde activa; 79. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG de herwaarderingsmeerwaarden die geboekt zijn in 2001 in een te gereduceerde vorm en zonder voldoende detailinformatie vermeldt; 80. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG de geplande investeringen in een te gereduceerde vorm en zonder voldoende detailinformatie vermeldt; 81. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG – ondanks de referentie naar de gebruikte afschrijvingspercentages en de bijhorende afschrijvingstermijnen – onvoldoende detailinformatie verstrekt om voor individuele activa of een groep van activa een controle uit te voeren op de gebudgetteerde afschrijvingen, hun boekhoudkundige waardering, de opname ervan in de RAB en hun waardering in de RAB; 82. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG zonder het netto bedrijfskapitaal te definiëren een bedrag daarvoor uitkomt dat niet overeenstemt met het bedrag dat zou worden bekomen met toepassing van de richtlijnen; 83. Overwegende dat de NV FLUXYS LNG de WACC niet berekent conform de richtlijnen, zonder gegronde motivatie; 30/31/ 84. heeft de CREG besloten, in het raam van de opdracht die haar wordt toevertrouwd door artikel 15/14, §2, tweede lid, 9°bis, van de gaswet en conform artikel 10, §3, van het tariefbesluit: - het tariefvoorstel 2004 van de NV FLUXYS LNG niet te aanvaarden ; - de NV FLUXYS LNG te vragen, met verwijzing naar artikel 10, §4, van het tariefbesluit, om binnen de vijftien kalenderdagen na ontvangst van de afwijzing een budget met aangepast tariefvoorstel in te dienen volgens de procedure bedoeld in §1, tweede lid, van ditzelfde artikel; - te bevestigen dat, overeenkomstig artikel 10, §3, van het tariefbesluit, de minimumpunten op dewelke de vervoersonderneming het budget met tariefvoorstel zal moeten aanpassen om de goedkeuring van de CREG te bekomen, diegene zijn welke in hoofdstuk IV staan; - zich het recht voor te behouden het aangepaste tariefvoorstel af te wijzen overeenkomstig artikel 10, §4, van het tariefbesluit; - te onderstrepen dat haar beslissing geen enkel precedent schept en dus later niet kan ingeroepen worden wat de tarieven noch wat de kosten betreft; - te onderstrepen dat, aangezien de NV FLUXYS bepaalde van haar kosten factureert aan de NV FLUXYS LNG, er geen enkele beslissing tot goedkeuring van de tarieven voorgesteld door de NV FLUXYS LNG kan genomen worden, zolang de CREG niet beschikt over de rechtvaardigingen en aanpassingen die zij aan de NV FLUXYS heeft gevraagd. aaaa Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas : François POSSEMIERS Christine VANDERVEEREN Directeur Voorzitter van het Directiecomité 31/31/

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.