Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. : 02/289.76.11 Fax : 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS BESLISSING (B) 040108-CDC-245 over ‘de vraag tot goedkeuring van belangrijkste voorwaarden van N.V. FLUXYS LNG’ de de genomen met toepassing van de artikelen 10 en 11 van het koninklijk besluit van 4 april 2003 betreffende de gedragscode inzake toegang tot de vervoersnetten voor aardgas 8 januari 2004 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op basis van de artikelen 10 en 11 van het koninklijk besluit van 4 april 2003 betreffende de gedragscode inzake toegang tot de vervoersnetten voor aardgas (hierna : de gedragscode), de belangrijkste voorwaarden voor de toegang tot de LNGterminal van Zeebrugge van de N.V. FLUXYS LNG (hierna : de Belangrijkste voorwaarden). De Belangrijkste voorwaarden werden door de N.V. FLUXYS LNG op 11 juli 2003 bij de CREG per drager tegen ontvangstbewijs ingediend. Deze beslissing bestaat uit vier delen. Het eerste deel geeft een beschrijving van het wettelijk kader. Het tweede deel geeft een analyse van de voorafgaandelijke opmerkingen met betrekking tot de belangrijkste voorwaarden die door de N.V. FLUXYS LNG werden ingediend. De Belangrijkste voorwaarden worden geanalyseerd in het derde deel en de beslissing ten slotte wordt geformuleerd in het vierde deel. Om deze beslissing voor te bereiden, heeft de CREG besloten om een raadpleging te organiseren, zelfs al was zij wettelijk niet gehouden om de spelers van de markt te bevragen. Iedereen die belangstelling heeft voor het gebruik van de LNG-terminal van Zeebrugge, heeft de mogelijkheid gekregen om zijn standpunt kenbaar te maken met betrekking tot de Belangrijkste voorwaarden, die gepubliceerd werden op de websites van de CREG en de N.V. FLUXYS LNG. De geïnteresseerden konden zich tot de CREG wenden per e-mail of vragen om door de CREG gehoord te worden. Overigens hadden de deelnemers aan de raadpleging de mogelijkheid om te antwoorden op alle of een deel van de Belangrijkste voorwaarden en konden zij de CREG alle bijkomende informatie bezorgen die zij nuttig achtten. De raadpleging werd afgesloten op 22 september
(2002), 488, p 20). 16. Een belangrijke investering kan lange termijnovereenkomsten rechtvaardigen en dit om de financiële risico’s van het project te dekken. Dergelijke lange termijnovereenkomsten mogen in principe geen contractuele duur hebben die langer is dan de afschrijvingsduur van de installatie zelf. Bovendien moeten voldoende garanties worden geboden voor een effectieve werking van een vrije markt, meer in het bijzonder voor de uitbouw van een secundaire markt. Zonder deze garanties maakt het afsluiten van een lange termijnovereenkomst een schending uit van het Europees mededingingsrecht. In de gedragscode zijn algemene principes voorzien om de liquiditeit en de mededinging op de Belgische aardgasmarkt te vrijwaren. De bepalingen van de gedragscode aangaande de 11/42 capaciteitstoewijzingsregels, de verhandelbaarheid van capaciteit en flexibiliteit, informatie, de toepassing van het principe use-it-or-lose-it dat zo ruim mogelijk moet worden geïnterpreteerd en bijgevolg ook van toepassing moet zijn voor opslag- en emissieactiviteiten, moeten door de vervoersonderneming verder uitgewerkt worden in de belangrijkste voorwaarden, die aan de goedkeuring van de CREG zijn onderworpen. Betreffende de concrete invulling en de goedkeuring van de goedgekeurde belangrijkste voorwaarden wordt in de gedragscode geen onderscheid gemaakt tussen korte en lange termijnovereenkomsten. Dit betekent dat goedgekeurde belangrijkste voorwaarden ook van toepassing zijn op lange termijnovereenkomsten. Dit principe is een absolute vereiste om de flexibiliteit en de openstelling van de aardgasmarkt aan alle marktspelers te garanderen. 17. De N.V. FLUXYS LNG wijst bovendien op het volgende : “De bovenvermelde onderhandelingen zouden ook invloed kunnen hebben op de aard en de voorwaarden van de diensten die in verband met de LNG-terminal worden verstrekt. Bijgevolg behoudt de N.V. FLUXYS LNG zich het recht voor, overeenkomstig de gedragscode, desgevallend nieuwe Belangrijkste voorwaarden aan de CREG voor te leggen afhankelijk van de uitkomst van de onderhandelingen met kandidaat-gebruikers van de LNG-terminal.” De formulering « Fluxys LNG behoudt zich het recht voor » doet, verkeerdelijk, vermoeden dat de N.V. FLUXYS LNG de mogelijkheid heeft om de bestaande Belangrijkste voorwaarden tijdens de onderhandelingen over een langetermijncontract aan de kant te schuiven en de CREG vervolgens te vragen om nieuwe Belangrijkste voorwaarden goed te keuren die zouden voortvloeien uit de onderhandelingen. Conform de gaswet zijn het de goedgekeurde Belangrijkste voorwaarden die het referentiekader vormen voor de onderhandeling van nieuwe contracten en niet omgekeerd. Overigens, aangezien de gedragscode de vervoersonderneming het recht geeft om Belangrijkste voorwaarden voor te stellen en in artikel 11 expliciet in de mogelijkheid voorziet om de Belangrijkste voorwaarden te wijzigen, mag hieruit worden afgeleid dat de onderneming steeds het recht heeft om wijzigingen voor te stellen. De ervaring die de vervoersonderneming heeft opgedaan in haar relatie met de gebruikers van het net, kan eventueel ook aan de basis liggen van een vraag tot wijziging van de Belangrijkste voorwaarden. II.3. INLEIDING 18. De beschrijving van de installaties van de N.V. FLUXYS LNG in Zeebrugge is niet volledig, onder meer wat de capaciteit voor het ontvangen van LNG-tankers betreft. 12/42 19. De N.V. FLUXYS LNG bevestigt dat de Belangrijkste voorwaarden geen afbreuk mogen doen aan de rechtmatige verwachtingen van de partijen van bestaande contracten : “Vloeibaar aardgas vervult op dit moment een sleutelrol in de bevoorrading van de Belgische gasmarkt, o.m. in piekperioden. Deze vaststelling is voor Fluxys aanleiding om twee fundamentele principes in overweging te nemen : (…) anderzijds de noodzaak om geen afbreuk te doen aan de rechtmatige belangen van de partijen van bestaande contracten, op zijn minst tot de afloopdatum (2006-2007), temeer omdat deze contracten de naleving door de partijen van hun openbare dienstverplichtingen waarborgen.” Voor wat de rechtmatigheid van de verwachtingen van de partijen van bestaande contracten betreft, stelt het Hof van Cassatie2 dat de oude wet van toepassing blijft op privaatrechtelijke contracten, tenzij de nieuwe wet van openbaar belang is of de toepassing ervan op lopende overeenkomsten uitdrukkelijk voorschrijft. Verwijzend naar de paragrafen 1 tot en met 3 van deze beslissing moet hier nogmaals worden bevestigd dat de Belangrijkste voorwaarden voor de toegang tot het vervoersnet van openbare orde zijn en dus, steunend op voormelde cassatierechtspraak, moeten de lopende vervoerscontracten aan de goedgekeurde Belangrijkste voorwaarden onverwijld worden aangepast. Voor een aantal meer praktische aspecten van de naleving van lopende contracten verwijst de CREG naar paragraaf 21 van deze beslissing. 20. Voor wat de openbare dienstverplichtingen (hierna ODV) van de gebruikers van het vervoersnet betreft, merkt de CREG op dat een groot deel van de ladingen die in 2002/2003 oorspronkelijk bestemd waren voor Zeebrugge, konden worden doorverwezen naar andere terminals en, via ‘s Gravenvoeren, vervangen door Nederlands gas. Het is juist dat de continue bevoorrading van de markt in het kader van de verplichtingen die voortvloeien uit artikel 6 van het koninklijk besluit van 23 oktober 2002 op de ODV in de sector van het aardgas, steeds moet worden gewaarborgd, maar waar het tot vandaag nog mogelijk was om daar voor een deel van de langetermijncontracten aan te ontsnappen, wijst niets erop dat dit in de toekomst niet langer mogelijk zal zijn. Bovendien werd de markt ten gevolge van de openstelling van de gasmarkt in Vlaanderen behoorlijk beperkt. De bovenvermelde ODV waarnaar de N.V. FLUXYS LNG verwijst, leggen dus een resultaatsverbintenis op in termen van continue bevoorrading, maar leggen geen bijzondere oplossing op, zoals bijvoorbeeld de levering minstens van LNG of het sluiten van contracten op min of meer lange termijn. 2 Cass., RG 7835, 12 februari 1993, Arr. Cass. 1993, 180. 13/42 Het mechanisme dat door de N.V. FLUXYS LNG in de Belangrijkste voorwaarden wordt voorgesteld, is er in de eerste plaats op gericht langetermijncontracten af te sluiten en in voorkomend geval ongebruikte slots op transparante en niet-discriminerende wijze beschikbaar te stellen op basis van kortetermijncontracten. De N.V. FLUXYS LNG bevestigt voorts dat : “In de onderhavige belangrijkste voorwaarden is rekening gehouden met het gemeenschappelijk standpunt ingenomen door de Europese Ministerraad met het oog op de goedkeuring van een richtlijn van het Europees Parlement en van de Raad betreffende de gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas. Deze richtlijn heft de richtlijn 98/30/EG op. Zo wordt o.m. rekening gehouden met de erkenning dat langetermijncontracten een belangrijk deel van de gasvoorziening van de lidstaten zullen blijven uitmaken en dienen te worden gehandhaafd als optie voor de gasondernemingen. Het mechanisme dat in de onderhavige belangrijkste voorwaarden wordt voorgesteld, is er in de eerste plaats op gericht langetermijncontracten te sluiten en in voorkomend geval ongebruikte slots van de LNGterminal op transparante en niet-discriminerende wijze beschikbaar te stellen op basis van kortetermijncontracten. Dit principe maakt het mogelijk de beschikbare capaciteiten optimaal te benutten.” De CREG wenst te onderstrepen dat richtlijn 2003/55/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2003 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne aardgasmarkt die richtlijn 98/30/EG opheft, daadwerkelijk erkent dat “langetermijncontracten een belangrijk deel van de gasvoorziening van de Lidstaten zullen blijven uitmaken”, maar geen prioriteit vastlegt tussen de langetermijncontracten en kortetermijncontracten. De richtlijn stelt dat het wenselijk is dat de langetermijncontracten “een optie blijven voor de gasondernemingen, op voorwaarde dat zij geen afbreuk doen aan de doelstellingen van onderhavige richtlijn en verenigbaar zijn met het verdrag, met inbegrip van de regels inzake mededinging”. Het nietdiscriminerende karakter van de toegang tot de installaties blijft dus primordiaal. De gedragscode verbiedt verder iedere discriminatie tussen gebruikers of categorieën van gebruikers van het net. Met uitzondering van langetermijncontracten noodzakelijk voor de financiering van nieuwe vervoersinfrastructuur die erkend wordt als zijnde van nationaal of Europees belang en die nodig is voor de ontwikkeling op lange termijn van het vervoersnet, lijkt absolute prioriteit voor langetermijncontracten dan ook niet gerechtvaardigd. 14/42 III. ANALYSE VAN DE BELANGRIJKSTE VOORWAARDEN VAN DE N.V. FLUXYS LNG III. 1. ALGEMENE OPMERKINGEN 21. De belangrijkste voorwaarden moeten de gebruikers van het net informeren over de principes en methodes die de toegang tot het net regelen. De belangrijkste voorwaarden die door de N.V. FLUXYS LNG worden voorgelegd, realiseren deze doelstelling slechts gedeeltelijk, want over tal van punten blijft men in het ongewisse. Voor zover de artikelen van de Belangrijkste voorwaarden slechts een herhaling zijn van wat in de gaswet en de gedragscode bepaald wordt, moeten deze artikelen weggelaten worden daar deze geen goedkeuring vereisen van de CREG. De belangrijkste voorwaarden moeten een concrete invulling zijn van de wettelijke basisprincipes. Niets belet dat de belangrijkste voorwaarden verwijzen naar de gedragscode. Voor de netwerkcode, die vergelijkbaar is met de algemene voorwaarden bij een handelsovereenkomst, staat het vrij de basisprincipes en de belangrijkste voorwaarden te incorporeren of hiervoor naar de gedragscode respectievelijk de belangrijkste voorwaarden te verwijzen. De belangrijkste voorwaarden bevatten alle regels die op elke netgebruiker van toepassing zijn. Zij vormen de gemeenschappelijke noemer van alle vervoerscontracten, waarvan niet mag afgeweken worden. Zij moeten voldoende uitgewerkt worden om elke discriminatie tussen netgebruikers te voorkomen. 22. De CREG stelt vast dat de structuur die in de belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG wordt gehanteerd, nauw aansluit bij de punten van artikel 10, §2 van de gedragscode. Toch dienen enkele lacunes te worden ingevuld, met name voor wat artikel 10, §2 van de gedragscode stelt met betrekking tot het volgende :
- a)de berekeningsmethodologie inzake de niet-gebruikte capaciteit bedoeld in artikel 47, §2, (artikel 10, §2, 2°) ;
- b)de manier waarop onderbreekbare capaciteit wordt aangeboden (artikel 10, §2, 3°) ;
- c)de regels inzake de verhandelbaarheid van de flexibiliteit en de wijze waarop dit wordt vastgelegd in de vervoerscontracten (artikel 10, §2, 4°) ;
- d)de tolerantiewaarden bedoeld in artikel 53 (artikel 10, §2, 6°) ; 15/42
- e)de eventuele schadevergoedingen die verbonden zijn aan de ontbinding van een vervoerscontract (artikel 10, §2, 13°). 23. De definities van de diensten die in het verleden door de gebruikers van de terminal werden onderschreven, kunnen verschillen van de definities de diensten die uiteindelijk door de CREG in het kader van onderhavige procedure zullen worden goedgekeurd. Wanneer de Belangrijkste voorwaarden van kracht worden, zullen de voorwaarden van vroegere contracten zo moeten worden aangepast dat de inhoud, en met name de reikwijdte van de diensten die in het contract zijn opgenomen, in de mate van het mogelijke wordt gerespecteerd. Indien bijvoorbeeld het vroegere contract “contractuele” slots aanbiedt waarvan de definitie niet overeenkomt met die van de slots die zijn goedgekeurd in het kader van de procedures voorzien in de gedragscode, dan zal moeten worden overgegaan tot een aanpassing. Na afloop daarvan beschikt de bevrachter over dezelfde hoeveelheid diensten. De verhandelbaarheid van zowel gebundelde als losse capaciteit moet de waarborg bieden dat de partijen van het contract daar geen enkel nadeel van ondervinden. Iedere slot kan worden opgesplitst in diensten en omgekeerd : de capaciteit die in de verschillende diensten zit, kan zo worden gebundeld dat deze in de vorm van nieuwe slots kunnen worden gecommercialiseerd. 24. Het is aanbevolen dat de N.V. FLUXYS LNG overgangsmaatregelen onderzoekt die nodig zullen zijn door de toepassing van de bepalingen van de gedragscode, zodat eventuele aanpassingen aan de bestaande contracten op een transparante en nietdiscriminerende manier kunnen gebeuren. 25. Een principe van de vrije markt is dat afnemers de hoeveelheid en de combinatie van de diensten die zij bestellen vrij kunnen bepalen. Het is bijgevolg niet aangewezen dat aan de bevrachters diensten worden opgedrongen, en dus ook gefactureerd, die zij niet nodig hebben. Dit principe moet worden gerespecteerd, vooral voor de definitie van een slot. Het is aangewezen dat iedere basiseenheid van de vervoersdienst verhandelbaar is en dit normaal gezien in termen van capaciteit. De Belangrijkste voorwaarden geven niet de nodige preciseringen om dit principe te kunnen invoeren3. 26. De Belangrijkste voorwaarden maken geen duidelijk onderscheid tussen de begrippen reservatie en nominatie van capaciteit en de bijbehorende processen. Indien de procedures met betrekking tot de nominaties (zoals bijvoorbeeld de vereiste protocols) deel 3 Zie de artikelen 6, 10,§2,4° en 24 van de gedragscode. 16/42 uitmaken van de netwerkcode, dan moeten de Belangrijkste voorwaarden de principes vastleggen : de timing van de nominaties en hernominaties, de bepalingen die de bevrachters ertoe moeten aanzetten om correct te nomineren. Dit is onder meer nodig om volledige tarieven op te maken. De regels met betrekking tot de nominaties en hernominaties bepalen, onder andere, de methodologie voor de berekening van de capaciteit die wordt toegewezen aan de netgebruikers, maar die niet werd genomineerd4. III. 2. ANALYSE VAN DE DEFINITIES 27. De bladzijden 11 tot 14 van de aanvraag tot goedkeuring van de Belangrijkste voorwaarden bevatten de definities voor een aantal begrippen. De CREG stelt enkele onsamenhangendheden vast tussen deze definities en de definities die zijn opgenomen in de gaswet, in het koninklijk besluit van 15 april 2002 betreffende de algemene tariefstructuur en de basisprincipes en procedures inzake de tarieven en de boekhouding van de aardgasvervoersondernemingen die actief zijn op het Belgische grondgebied (hierna : het tariefbesluit) en in de gedragscode. Wanneer een begrip reeds is gedefinieerd in een wettekst dan is het niet aangewezen om er in de Belangrijkste voorwaarden een andere betekenis aan te geven. Wanneer een andere betekenis noodzakelijk is, moet een ander begrip worden gekozen. Het is dan ook aangewezen om de formulering van de definities in de Belangrijkste voorwaarden te herzien. 28. Wij stippen onder meer aan dat het begrip « kandidaat-gebruiker » nergens wordt gedefinieerd, maar lijkt overeen te komen met de definitie van « aanvrager », zoals voorzien in artikel 1, 3° van de gedragscode. Daarnaast is er de definitie van « noodsituatie » die verwijst naar het begrip overmacht. De noodsituatie is niet vergelijkbaar met een geval van overmacht, aangezien de operator in geval van overmacht wordt vrijgesteld van zijn contractuele verplichtingen, terwijl hij in een noodsituatie de nodige maatregelen moet nemen, zij het voorlopig, om de schade te beperken. De CREG is dan ook van oordeel dat de woorden “al dan niet als overmacht beschouwd” uit de definitie van de noodsituatie moeten worden geschrapt. 29. De bundeling in een zelfde definitie van de Belangrijkste voorwaarden van de begrippen « Slot » en « basisdienst » valt niet te rijmen met de definities van artikel 1 van het tariefbesluit. 4 Zie artikel 8 van de gedragscode. 17/42 Indien de activiteiten vermeld in artikel 15 van de Belangrijkste voorwaarden, namelijk het ontvangen en lossen van een LNG-tanker binnen een door de N.V. FLUXYS LNG bepaald getijvenster, het opslaan van LNG tijdens de basisopslagduur, alsook het hervergassen en het beschikbaar stellen van gas op het interconnectiepunt met het aangrenzende vervoersnet tijdens de basisopslagduur en voor een basisemissiecapaciteit, basisdiensten zijn, dan is het aanbieden van een slot een basisactiviteit. Dit is conform artikel 3, §2 van het koninklijk besluit van 15 december 2003 betreffende de algemene tariefstructuur en de basisprincipes en procedures inzake de tarieven en de boekhouding van de aardgasvervoersondernemingen die actief zijn op het Belgische grondgebied voor hun nieuwe vervoersinfrastructuur die erkend wordt als zijnde van nationaal of Europees belang en nodig voor de ontwikkeling op lange termijn van deze infrastructuur. 30. Het toewijzingscontract zoals gedefinieerd in de Belangrijkste voorwaarden is drieledig, maar de N.V. FLUXYS LNG lijkt er buiten te vallen : « Contract tot regeling van de betrekkingen tussen Fluxys, de eindafnemer of operator van het aangrenzende vervoersnet en de bevrachters met betrekking tot de gastoewijzing tussen de verschillende bevrachters of gebruikers van de LNG-terminal op een punt van het vervoersnet als bedoeld in het overbrengings- of terminallingcontract.» De betrekkingen tussen de vervoersonderneming en de operator van het aangrenzende vervoersnet moeten worden geregeld via een akkoord dat de onevenwichten tussen de gasstromen van de verschillende vervoersnetten beheert (hierna : balanceringsakkoord), zoals voorzien door artikel 3, §2, 2°, van de gedragscode. Het toewijzingscontract waar hier naar wordt verwezen, zal worden gesloten tussen de N.V. FLUXYS, de desbetreffende leveranciers en, in voorkomend geval, de eindafnemer of distributieonderneming, conform artikel 64 van de gedragscode, maar de N.V. FLUXYS LNG is hier niet bij betrokken. Aangezien het begrip toewijzingscontract nergens in de Belangrijkste voorwaarden wordt gebruikt en ook niet moet worden gebruikt, is de definitie hiervan overbodig. 31. De CREG vraagt dat de N.V. FLUXYS LNG meer uitleg verschaft over wat zij verstaat onder “behoudens de verschuldigde bedragen die zij verschuldigd is” zoals verwoord in de definitie van overmacht. 32. Voor een zelfde begrip mogen geen twee uitdrukkingen gebruikt worden met het voegwoord of. Voor de duidelijkheid moet één term gebruikt worden, met de voorkeur voor de wettelijke term. De CREG verwijst hiervoor naar het begrip “client final” dat verkozen moet worden boven het begrip “utilisateur final”. 18/42 III.3. ANALYSE VAN DE BELANGRIJKSTE VOORWAARDEN PER ARTIKEL Hoofdstuk I – Capaciteiten van de LNG-terminal Artikel 1 33. De voetnoot van artikel 1 van de Belangrijkste voorwaarden moet worden geschrapt. Deze voetnoot wekt de indruk dat de belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG niet van toepassing zouden zijn op het desbetreffende contract, wat niet correct is, zoals aangegeven in paragraaf 19 hierboven. Bovendien heeft de CREG geen kopie ontvangen van dit contract en kan zij zich dus niet uitspreken over de inhoud van deze voetnoot. Artikel 5 34. De CREG is van oordeel dat dit artikel moet worden aangepast aan en moet verwijzen naar de procedures en modaliteiten voor het vragen van toegang tot de installaties van de N.V. FLUXYS LNG, zoals beschreven in hoofdstuk 3 van de gedragscode. Daarnaast moet artikel 5 deze lijst bevatten of, op zijn minst, vermelden dat de lijst met alle informatiedocumenten, vergunningen en certificaten die de beheerder van de LNG-terminal nodig heeft om zijn wettelijke of contractuele verplichtingen na te komen (cf. artikel 19, 10° van de gedragscode) op de website van de N.V. FLUXYS LNG wordt gepubliceerd en van toepassing is op alle gebruikers van het net van de N.V. FLUXYS LNG. Aan deze laatste voorwaarde kan worden voldaan door de lijst op te nemen in de netwerkcode. Artikel 6 35. Het feit dat voorzien is dat de kandidaat-gebruiker van de LNG-terminal op vraag van de N.V. FLUXYS LNG het bewijs levert dat voldoende capaciteit wordt onderschreven door hemzelf of door zijn afnemer in het vervoersnet stroomafwaarts van de LNG-terminal, zet de deur open voor discriminatie. Immers, de wijze waarop dit artikel is neergeschreven, biedt de mogelijkheid aan de N.V. FLUXYS LNG om arbitrair te kiezen aan wie zij deze vraag uiteindelijk zal stellen. Bovendien is het niet gebruikelijk dat vervoersondernemingen erop toezien dat de netgebruikers stroomopwaarts of stroomafwaarts voldoende capaciteit reserveren. Deze eis houdt in dat vertrouwelijke gegevens dienen te worden verstrekt, terwijl er andere middelen 19/42 zijn om het door de N.V. FLUXYS LNG nagestreefde doel te bereiken. Stroomafwaarts van de LNG-terminal bevindt zich de hub van Zeebrugge. De CREG wil dat men onderzoekt in welke mate de overbrenging van aardgas tussen de hub en de verschillende terminals (LNG, Interconnector, Statoil) en gasleidingen (vTn, Troll, “Vlaamse leiding”, en andere) zou kunnen gebeuren zonder reservering van capaciteit. Stroomafwaarts van de LNG-terminal zou er, na de hub, dus niet één vervoersnet, maar meerdere vervoersnetten zijn. Voor zover de eisen van artikel 6 van de Belangrijkste voorwaarden erop zijn gericht een tijdige en correcte emissie te waarborgen om de integriteit van de terminal te vrijwaren, hoort deze bepaling thuis bij de regels inzake netevenwicht. Artikelen 7 en 8 36. De CREG stelt vast dat er in afdeling II van het eerste hoofdstuk van de Belangrijkste voorwaarden een beschrijving van de ontvangstcapaciteit van de terminal ontbreekt met o.a. de informatie over het losinstallatie, de vereiste kenmerken van de LNGtankers, de beschrijving van de getijvensters die de toegangsperiodes tot de haven bepalen, enz… Deze elementen zijn noodzakelijk om de methodologie voor het berekenen van de capaciteit zoals voorzien door artikel 10, §2, 1° en 2° van de gedragscode te kunnen begrijpen. De bovenstaande lijst is niet limitatief. 37. Over het algemeen is de definitie van de capaciteiten te vaag en moet de gehanteerde methodologie, conform artikel 10, §2, 1° en 2° van de gedragscode, worden beschreven. Artikelen 9, 11 en 13 38. Deze artikelen vermelden de operationele behoeften van de N.V. FLUXYS. De definities van de capaciteiten die door de N.V. FLUXYS worden gereserveerd voor haar operationele behoeften, zijn in het bijzonder problematisch. Het gaat hier over een dienst van de N.V. FLUXYS LNG aan derde. Bij het aanbieden van deze dienst mag er geen discriminatie zijn. Indien de N.V. FLUXYS LNG de netbeheerders een dienst wil aanbieden die hen in staat stelt beter in te spelen op hun operationele behoeften, dan moet zij deze dienst aanbieden aan alle netbeheerders. Hier moet dus worden aangegeven hoe deze behoeften worden geëvalueerd en volgens welke modaliteiten de netbeheerders in dit kader eventueel een voorkeursbehandeling kunnen genieten. Wat er ook van zij, het onderscheid tussen de operationele behoeften van de N.V. FLUXYS LNG en die van de andere netbeheerders moet worden verduidelijkt. 20/42 39. Artikel 13 van de Belangrijkste voorwaarden stelt dat de LNG-overdracht tussen de LNG-terminal en de piekbesnoeiingsinstallatie van Dudzele een aanvullende dienst is van de N.V. FLUXYS LNG. De opsomming en beschrijving van deze diensten is noodzakelijk. Artikel 14 40. Dit artikel heeft geen reden van bestaan aangezien er in hoofdstuk 4 van de gedragscode hierover precieze bepalingen zijn opgenomen. Hoofdstuk II – Toewijzing van de capaciteiten van de LNG-terminal Artikel 15 41. Voor wat de definities betreft, verwijst de CREG naar paragraaf 27 hierboven. De CREG stelt vast dat de Belangrijkste voorwaarden nergens melding maken van het bestaan van onderbreekbare emissiecapaciteit, terwijl dit type van capaciteit voorzien is in de Voorwaarden en Tarieven die de N.V. FLUXYS LNG hanteert voor het jaar 2004. Artikel 10, §2, 3°, van de gedragscode stelt expliciet dat de belangrijkste voorwaarden betrekking moeten hebben op de manier waarop de onderbreekbare capaciteit wordt voorgesteld. Het is bovendien onontbeerlijk dat de regels voor aanvullende opslag- en emissiediensten waarnaar de artikelen 15 en 28 van de Belangrijkste voorwaarden verwijzen, worden gepreciseerd. 42. Wat de basisdienst « ontvangen en lossen van LNG »5 betreft, zou het tarief voor het gebruiksrecht voor de kaaimuur, dat wordt uitgedrukt in uren6, verschuldigd moeten zijn of er nu een schip aanmeert of niet. De basisdienst “ontvangen en lossen” kan onafhankelijk van de slots worden gecommercialiseerd, net als de diensten opslag en hervergassing. Om een schip met een bepaalde tonnenmaat te kunnen lossen, moet men over een minimumhoeveelheid van elk van de drie basisdiensten beschikken. De definitie van een slot moet overeenkomen met deze minimumhoeveelheid7, zonder evenwel afbreuk te doen aan het recht om aanvullende diensten te commercialiseren. Zoals aangegeven in paragraaf 21 hierboven, moet het mogelijk zijn om slots op te splitsen in basisdiensten en omgekeerd, en om diensten onder iedere vorm te commercialiseren. 5 Zie paragraaf 27 van deze beslissing. Zie voor wat de tijdseenheid betreft, de opmerking onder paragraaf 63 hierna. 7 Zie paragraaf 23 hierboven. 6 21/42 Voor de definitie van een slot moet in principe worden verwezen naar de tonnenmaat van de schepen, want de afhandeling van een schip met dubbel laadvermogen veronderstelt een dubbele hoeveelheid basisdiensten inzake “opslag” en “hervergassing”. Artikel 16 43. Er moet een duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen de primaire en secundaire capaciteitsmarkt. Hier moet worden toegelicht volgens welk proces de capaciteit wordt toegewezen : verkoop en regels voor toewijzing van capaciteit op lange termijn of, naar gelang de programmatie van de ladingen, verkoop en regels voor toewijzing van capaciteit op korte termijn op de primaire en op de secundaire markt. 44. Artikel 16 van de Belangrijkste voorwaarden is vaag en schept geen duidelijkheid over de verplichtingen van de N.V. FLUXYS LNG die onder meer voortvloeien uit de artikelen 8 en 46 van de gedragscode. De N.V. FLUXYS LNG mag de reikwijdte van de gedragscode niet beperken door slechts bepaalde capaciteiten voor te stellen, waarbij overigens niet wordt aangegeven op welke basis zou worden beslist om deze capaciteiten al dan niet te gaan commercialiseren. 45. Artikel 8 van de gedragscode stelt dat de vervoersonderneming een zo groot mogelijk percentage van de vaste capaciteit die aan de netgebruikers is toegewezen, die niet is genomineerd, op de primaire markt aanbiedt als onderbreekbare capaciteit. Dit artikel stelt verder dat de vervoersonderneming een deel van de beschikbare capaciteit op de primaire markt aanbiedt als vaste capaciteit, zoals voorzien in het indicatieve vervoersprogramma bedoeld in artikel 9 van de gedragscode. De CREG is er zich van bewust dat de tijdsbepaling “voor de volgende dag” die is opgenomen in artikel 8 van de gedragscode, niet geschikt is voor de commercialisering van slots en verwacht hier een realistisch voorstel van de N.V. FLUXYS LNG. 46. Artikel 46 van de gedragscode slaat op de secundaire markt en in de derde alinea wordt met name gesteld dat, indien er geen openbare beurs voor capaciteit en flexibiliteit is of indien de netgebruiker zijn capaciteit niet via deze beurs wenst aan te bieden, de netgebruiker de vervoersonderneming telkens als hij een aanbod indient of wijzigt, inlicht over de hoeveelheid en de prijs van het aanbod. De vervoersonderneming moet dit aanbod samen met het aanbod van de primaire markt publiceren. 22/42 47. Artikel 46 van de gedragscode bevat bijzondere bepalingen met betrekking tot gevallen van congestie. Het probleem van congestie wordt verder behandeld (cf. paragrafen 77 en 78). Artikel 17 48. Dit artikel slaat op de primaire markt. Er wordt geen melding gemaakt van de toewijzing van capaciteit op lange termijn. Toewijzing van capaciteit op korte termijn alleen volstaat niet. 49. Het concept first committed, first served is niet geschikt voor de toewijzing van capaciteit op lange termijn. Indien alle bruikbare vaste capaciteit op lange termijn op de primaire markt wordt toegewezen, dan wordt de terminal geconfronteerd met aanhoudende congestie, volgens de bepalingen van artikel 48, §5 van de gedragscode. Dan moet immers worden gewacht op de bouw van een uitbreiding van de terminal of op het afsluiten van een langetermijncontract vooraleer er beschikbare capaciteit vrijkomt op de primaire markt. De CREG meent dat het klassiek mechanisme van veilingen niet toegelaten is door de gaswet8 waar de tarieven gereguleerd zijn. Evenwel zijn de openbare verkoop of de open season de enige niet-discriminerende manieren om de beperkte capaciteit toe te wijzen. De toewijzing van de vervoersdiensten dient dan op basis van andere criteria dan de aangeboden prijs9 te gebeuren. Indien de aanvragers die op gelijke voet staan qua selectiecriteria gezamenlijk meer capaciteit aanvragen dan vrijkomt, worden deze vervoersdiensten onder hen verdeeld volgens transparante en niet-discriminerende regels. Hoofdstuk III – Overdracht van capaciteiten van de LNG-terminal 50. Artikel 10 §2, 4° van de gedragscode bepaalt dat de belangrijkste voorwaarden ook regels moet bevatten inzake de verhandelbaarheid van capaciteit en flexibiliteit en de wijze waarop dit wordt vastgelegd in de vervoerscontracten. De gedragscode bepaalt dat de verhandeling van capaciteit en flexibiliteit gebeurt via de secundaire markt (artikelen 24 tot en met 26 van de gedragscode) en dat de vervoersonderneming, bij gebreke aan een beurs, de uitbouw van deze secundaire markt zal ondersteunen. 8 CREG, voorstel (C)020606-CREG-90, 6 juni 2002, van koninklijk besluit betreffende de gedragscode inzake toegang tot de vervoersnetten voor aardgas, paragraaf 6. 9 In de vaktaal heet dit een “beauty contest”. 23/42 In toepassing van artikel 46 van de gedragscode wordt gesteld dat bij gebreke aan een openbare beurs of wanneer een netgebruiker geen beroep wil doen op een openbare beurs, de wijze waarop deze verhandeling gebeurt, geschiedt door het doen van een aanbod door de netgebruiker op de secundaire markt van een hoeveelheid capaciteit en flexibiliteit en de prijs waartegen hij wenst te verhandelen. De CREG stelt vast dat de bepalingen opgenomen in Hoofdstuk III van de belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG hier niet beantwoorden aan de bepalingen van de gedragscode. Artikel 46 van de gedragscode vervolgt dat wanneer een vervoersonderneming een dergelijk aanbod ontvangt, hij dit aanbod samen met het aanbod van de primaire markt publiceert in overeenstemming met artikel 34 van de gedragscode. Er wordt aan de N.V. FLUXYS LNG gevraagd om in haar Belangrijkste voorwaarden uiteen te zetten hoe en waar zij dit zal publiceren, met dien verstande dat een kandidaat-netgebruiker een vergelijking moeten kunnen maken tussen wat op de primaire en wat op de secundaire markt aangeboden wordt. In de Belangrijkste voorwaarden zal dus uitgewerkt moeten worden op welke manier de N.V. FLUXYS LNG desgevallend tussenkomt tussen de overdrager die een aanbod doet en overnemer die het aanbod geheel/gedeeltelijk en tijdelijk/permanent overneemt. Eens het aanbod is aanvaard, is de overdracht tot stand gekomen. Opdat de overdracht van capaciteit en flexibiliteit aan de N.V. FLUXYS LNG tegenstelbaar wordt, volstaat het dat overdrager en overnemer de N.V. FLUXYS LNG haar hiervan in kennis stellen. De in kennisstelling is in principe aan geen vormvereisten onderworpen (artikel 1690 van het Burgerlijk Wetboek, hierna : B.W.). Het doen van een aanbod heeft voor gevolg dat eens het aanbod van een netgebruiker-overdrager op de secundaire markt werd aanvaard door een netgebruiker-overnemer, de overdracht definitief heeft plaatsgevonden en er dus geen mogelijkheid meer bestaat voor de netgebruiker-overdrager om zijn aanbod in te trekken. De in kennisstelling van deze overdracht aan de N.V. FLUXYS LNG geschiedt gelijktijdig. Slechts wanneer door een netgebruiker-overnemer een tegenaanbod gedaan wordt (bijvoorbeeld wanneer een netgebruiker-overnemer slechts een deel van een slot wenst over te nemen of de overname tegen andere prijsvoorwaarden wenst te bekomen), zal de overdracht van dit tegenaanbod en dus ook de in kennisstelling hiervan slechts zijn gebeurd op het ogenblik van de aanvaarding door de netgebruiker-overdrager van het tegenaanbod. De CREG verzoekt de N.V. FLUXYS LNG om hiermee rekening te houden bij het uitwerken van haar Belangrijkste voorwaarden. 24/42 51. In het voorstel van het koninklijk besluit betreffende de gedragscode inzake de toegang tot de vervoersnetten voor aardgas10 werd gesteld dat de verhandelbaarheid van capaciteit en flexibiliteit juridisch uitgevoerd zal worden aan de hand van de rechtsfiguur “contractsoverdracht met of zonder bevrijding”. In de belangrijkste voorwaarden moet dit onderscheid gerespecteerd worden. Daar het Belgische recht alleen overdracht van schuldvordering kent (artikel 1689 van het B.W.) en geen overdracht van schulden, biedt de rechtsfiguur van contractsoverdracht deze mogelijkheid. Vandaar het onderscheid tussen overdracht met of zonder bevrijding. Voor contractsoverdracht met bevrijding zal een in kennisstelling van de overdracht aan de N.V. FLUXYS LNG, waarvan sprake in paragraaf 50, niet voldoende zijn maar moet bovendien een overeenkomst van contractsoverdracht worden afgesloten tussen de N.V. FLUXYS LNG, de netgebruiker-overdrager en de netgebruiker-overnemer waarin de N.V. FLUXYS LNG uitdrukkelijk aanvaard dat de verplichtingen van de netgebruikeroverdrager, die zeker en vaststaand zijn op het ogenblik van de overdracht, overgedragen worden op de netgebruiker-overnemer. Voor contractsoverdracht zonder bevrijding volstaat de in kennisstelling. Dit stemt trouwens overeen met wat in artikel 50 van de gedragscode bepaald is, zijnde dat vervoerscontracten geen bepalingen mogen bevatten waardoor de overdracht zonder bevrijding belemmerd wordt. Overdracht zonder bevrijding heeft dan ook tot gevolg dat de netgebruiker-overdrager hoofdelijk gehouden is samen met de netgebruiker-overnemer voor alle verplichtingen die voortvloeien uit het vervoerscontract dat werd overgedragen, dus ook voor de schulden van de netgebruiker-overnemer. 52. Verder moet bij het uitwerken van de Belangrijkste voorwaarden aangaande de verhandelbaarheid van capaciteit en flexibiliteit ook aandacht besteed worden aan de artikelen 15, 5° en 6°, en 19, 7° en 8°, van de gedragscode die bepalen wat een netgebruiker-overnemer moet melden bij een vervoersonderneming om toegang te hebben tot het vervoersnet indien hij capaciteit op de secundaire markt heeft aangekocht. Het gaat hem om het meedelen van informatie over uitbreiding van zijn bestaand vervoerscontract of het afsluiten van een nieuw vervoerscontract wanneer hij er nog geen heeft. Dit betekent dat een netgebruiker-overnemer die geen vervoerscontract heeft afgesloten met de N.V. FLUXYS LNG capaciteit en flexibiliteit kan aankopen op de secundaire markt in plaats van op de primaire markt. 53. Tot slot wenst de CREG de N.V. FLUXYS LNG er attent op te maken dat het verhandelen van slots ook gedeeltelijk moet kunnen gebeuren en dus niet beperkt mag 10 CREG, voorstel (C)020606-CREG-90, 6 juni 2002, van koninklijk besluit betreffende de gedragscode inzake toegang tot de vervoersnetten voor aardgas. 25/42 blijven tot een verhandeling van slots in hun geheel op de secundaire markt, zoals opgemerkt in paragraaf 41 van deze beslissing. Artikel 18 54. Het recht van een netgebruiker om zijn slots te mogen verhandelen op de secundaire markt vloeit niet voort uit een vervoerscontract. Het recht op verhandeling van slots heeft een wettelijke basis, zijnde de gedragscode. In toepassing van artikel 50 van de gedragscode is het verboden om in een vervoerscontract bepalingen op te nemen die een beperking stellen aan dit wettelijk recht. De eigendomsoverdracht moet totaal vrij kunnen gebeuren. Artikel 19 55. De vereiste van een voorafgaandelijk aanvaarding door de N.V. FLUXYS LNG betreffende de overdracht van slots is slechts vereist wanneer het gaat om een overdracht met bevrijding. In geval van overdracht zonder bevrijding volstaat een in kennisstelling (artikel 1689 van het B.W.). Wat betreft artikel 19, tweede lid, van de Belangrijkste voorwaarden, verwijst de CREG naar paragraaf 35 van deze beslissing. Artikel 20 56. De capaciteiten voor ontvangst, opslag en emissie die een slot uitmaken, moeten geheel of gedeeltelijk en onafhankelijk van elkaar kunnen worden overgedragen. De bepaling van artikel 20 van de Belangrijkste voorwaarden moet bijgevolg worden aangevuld en moet dit recht vermelden. Verder moet voorzien worden in de overdracht van aanvullende capaciteiten, die bovenop de slots worden gecontracteerd. En ten slotte kan een netgebruiker die losse capaciteiten heeft die gelijk zijn aan de capaciteiten die zijn opgenomen in een slot, deze capaciteiten bundelen in een slot en het als dusdanig gebruiken. Hoofdstuk IV – Toegangsprogramma’s en balancering van het net 57. Over het algemeen dient afdeling I van Hoofdstuk IV van de belangrijkste voorwaarden, met als titel “Toegangsprogramma’s”, verder te worden uitgewerkt. De CREG stelt vast dat het merendeel van de elementen die hierin zijn opgenomen, er niet in 26/42 thuishoren en dat de methodologie die zal worden gehanteerd voor het uitwerken van het toegangsprogramma er dan weer niet in is opgenomen. Artikel 21 58. De inhoud van dit artikel heeft te maken met de toewijzing van de capaciteit van de terminal en niet met het toegangsprogramma. De N.V. FLUXYS LNG moet eveneens uitleggen hoe zij van plan is een gelijke behandeling van de gebruikers bij het vastleggen van de kalender voor de slots te waarborgen en onder meer hoe de verdeling zal gebeuren over twee gebruikers die dezelfde slot wensen. Artikel 22 59. Artikel 22 van de Belangrijkste voorwaarden stelt dat het terminallingcontract de regels vastlegt met betrekking tot de inhoud, de ontvankelijkheid, de aanpassing en de uitvoering van de toegangsprogramma’s. De wetgever hecht erg veel belang aan de procedures en modaliteiten inzake toegang tot het net, aangezien deze bepalend zijn voor het fundamentele recht inzake toegang tot het net. Daarom maken deze regels deel uit van de gedragscode. De CREG is van oordeel dat deze regels, voor zover nodig, in de Belangrijkste voorwaarden moeten worden opgenomen. Artikel 22 moet bijgevolg worden aangepast. Artikel 23 60. Voor zover de inhoud van artikel 23 van de Belangrijkste voorwaarden betrekking heeft op het mechanisme use-it-or-lose-it, verwijst de CREG naar haar opmerkingen met betrekking tot de artikelen 16 en 37 van deze Belangrijkste voorwaarden. 61. Artikel 23 van de Belangrijkste voorwaarden moet duidelijker zijn over de termijnen waarbinnen de gebruiker van de LNG-terminal de N.V. FLUXYS LNG op de hoogte moet brengen van elke gebeurtenis die de kalender van de slots kan beïnvloeden. Artikelen 25 en 26 62. Deze twee artikelen verduidelijken de werking van het net van de N.V. FLUXYS. Het lijkt niet aangewezen om in de belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG regels op te nemen die van toepassing zijn op het aangrenzende net en die overigens nog moeten worden goedgekeurd. Niets weerhoudt de N.V. FLUXYS LNG er evenwel van om in haar betrekkingen met de gebruikers van de LNG-terminal hun aandacht 27/42 te vestigen op de beperkingen waaraan de herleveringspunten met de aangrenzende netten zijn onderworpen. Hoofdstuk V – Tolerantiewaarden Artikelen 27 tot en met 29 63. De artikelen 27 tot en met 29 van de Belangrijkste voorwaarden bevatten de regels die door de N.V. FLUXYS LNG werden voorgesteld in toepassing van artikel 10, §2, 6° van de gedragscode. De CREG vraagt om dit hoofdstuk aan te passen en aan te vullen, aangezien het niet voldoet aan de voorschriften van artikel 53 van de gedragscode. De toleranties, onder meer op het vlak van de overschrijding van het opgeslagen volume of de tonnenmaat van de aangekondigde tanker, worden niet vermeld. Article 27 64. Artikel 27 van de Belangrijkste voorwaarden heeft betrekking op de tijdvensters voor het lossen van een tanker. Het gaat niet over capaciteit of over balancering. Het is dan ook niet nodig om hier over tolerantie te spreken (cf. definitie van artikel 1, 38°, van de gedragscode). 65. In plaats van de tolerantie uit te drukken in aantal getijden rond een referentiegetijperiode, kan men zich afvragen of dit niet beter zou worden uitgedrukt in aantal uren rond een referentie-uur. Dit laatste hangt uiteraard samen met de getijden. De beperking dat de haven alleen toegankelijk is bij vloed, is een havenregel en niet een eis van de LNG-terminal. Artikel 28 66. De eis van artikel 28 van de Belangrijkste voorwaarden, volgens welke een gebruiker van de LNG-terminal op het einde van de basisopslagduur de volledige hoeveelheid gelost LNG moet hebben uitgezonden, is een balanceringsregel. Het lijkt aangewezen dat deze regel wordt opgenomen in de afdeling met betrekking tot balancering en niet in het hoofdstuk over toleranties. 67. De woorden « mits voorafgaand akkoord door Fluxys LNG » moeten worden geschrapt. De gebruiker van de LNG-terminal reserveert aanvullende opslag, of hij is in 28/42 onevenwicht. De N.V. FLUXYS LNG mag geen (gratis) vrijstelling verlenen, daar dit aanleiding zou kunnen geven tot discriminatie. Artikel 29 68. De CREG is van oordeel dat de inhoud van dit artikel onduidelijk is en verzoekt de N.V. FLUXYS LNG dit te verduidelijken. Hoofdstuk VII – Kwaliteitsvereisten voor het lossen van LNG in de LNG-terminal Artikel 31 69. Artikel 31 van de Belangrijkste voorwaarden kan voor verwarring zorgen, door de indruk te wekken dat de N.V. FLUXYS LNG de vrijheid geniet om de kwaliteitsvereisten voor het LNG naar eigen goeddunken te wijzigen, terwijl de wijziging van deze specificaties een aanpassing van de Belangrijkste voorwaarden vereist, die ter goedkeuring aan de CREG moet worden voorgelegd. 70. De CREG maakt overigens voorbehoud bij de deugdelijkheid van de specificaties die momenteel zijn toegestaan voor de levering van LNG aan de terminal van Zeebrugge, met name voor wat betreft een aantal niet gerechtvaardigde verschillen van deze specificaties met deze van de aangrenzende netten. Artikelen 32 en 33 71. De kwaliteitsconversiediensten waar in artikel 32 van de Belangrijkste voorwaarden naar wordt verwezen, moeten in de Belangrijkste voorwaarden worden verduidelijkt. Voor zover de kwaliteitsspecificaties voor het LNG deel uitmaken van de Belangrijkste voorwaarden, mogen de terminallingcontracten daar uitsluitend in specifieke omstandigheden die exhaustief in de Belangrijkste voorwaarden zijn opgenomen, van afwijken. In die optiek dienen de artikelen 32 en 33 te worden aangevuld en moeten gedeeltelijke opsommingen, die ingeleid worden door bijvoorbeeld de term ‘onder meer’, worden vermeden. Artikel 34 72. De CREG wenst dat dit artikel wordt verduidelijkt. Bovendien is de CREG van oordeel dat het gas slechts mits toestemming van de N.V. FLUXYS LNG mag worden gelost 29/42 en indien de specificaties van het geloste gas expliciet of impliciet door de N.V. FLUXYS LNG zijn aanvaard. De vervoersonderneming kan haar verantwoordelijkheid niet afwijzen en niet a posteriori de terugbetaling vragen van de kosten voor de niet-naleving van de kwaliteitsspecificaties zoals zij dat doet in artikel 34, eerste alinea, van de Belangrijkste voorwaarden, tenzij ze kan aantonen dat het onredelijk is om de gaskwaliteit voor het lossen te controleren. 73. Het probleem van de herlevering, op het interconnectiepunt tussen de LNG-terminal en het aangrenzende net, van gas dat niet aan de specificaties voldoet, wat wordt behandeld in artikel 34 van de Belangrijkste voorwaarden, tweede alinea, moet worden geregeld in het kader van een akkoord tussen FLUXYS LNG en de operator van het aangrenzende net. 74. Voor zover de N.V. FLUXYS LNG « herlevering van gas » verstaat als herlevering van aardgas dat niet aan de specificaties voldoet, moet worden aangegeven hoe zij dit aardgas van de andere ladingen wil scheiden. Indien het opslaan van LNG dat niet aan de specificaties voldoet aanleiding geeft tot de vermindering van de beschikbaarheid van de opslagcapaciteit, dan vormt dit een aanvullende dienst waarvoor overeenkomstige tarieven gelden. Het aanbod van een dienst mag de vaste capaciteiten die in het kader van andere diensten worden aangeboden, niet in gevaar brengen. 75. De regels die van toepassing zijn indien het LNG van de LNG-tanker niet aan de opgelegde kenmerken voldoet, waarbij het lossen door het onderschrijven van aanvullende diensten wordt toegestaan, moeten dus in de Belangrijkste voorwaarden worden vastgelegd. Artikel 35 76. De testmethoden en procedures voor het controleren van de kwaliteit van het geïnjecteerde gas worden vastgelegd conform de artikelen 75 tot 83 van de gedragscode en worden conform artikel 87, 5° van de gedragscode nader beschreven in de netwerkcode. Hoofdstuk VIII – Nalevingsprogramma Artikel 36 77. De principes met betrekking tot het nalevingsprogramma van de N.V. FLUXYS LNG moeten, zoals bepaald in artikel 10, §2, 9° van de gedragscode, in de belangrijkste voorwaarden worden opgenomen. Het feit dat artikel 36 van de Belangrijkste voorwaarden verwijst naar de belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS, is niet aanvaardbaar en dit 30/42 om redenen van transparantie en het gebruiksvriendelijk maken van de goedgekeurde Belangrijkste voorwaarden door de netgebruiker. Hoofdstuk IX – Congestiebeheer Artikel 37 78. De inhoud van artikel 37 van de Belangrijkste voorwaarden hoort niet thuis in het hoofdstuk « Congestiebeheer ». Dit heeft betrekking op de toewijzing van capaciteit en moet worden behandeld in de paragrafen 42 tot 45 van onderhavige beslissing. Wij stippen eveneens aan dat de terminologie “publiceert ten indicatieve titel” niet overeenstemt met de eis van een, eventueel onderbreekbaar, capaciteitsaanbod. 79. Voor wat het congestiebeheer betreft, zijn de artikelen 45 tot en met 48 van de gedragscode van toepassing. De Belangrijkste voorwaarden behandelen bovendien de “contractuele bepalingen” niet zoals dat is voorzien in artikel 10, §2, 10° van de gedragscode. Hoofdstuk X – Eigen gebruik Artikelen 38 tot en met 40 80. De N.V. FLUXYS LNG stelt niet duidelijk dat zij een deel van het geloste LNG wil afnemen. Indien de N.V. FLUXYS LNG dat zou willen doen, dan moeten de Belangrijkste voorwaarden transparant en niet-discriminerend zijn en moet de gebruiker van de LNGterminal weten welke, forfaitaire, hoeveelheid gas van de lading zal worden afgenomen. Om haar eigen gasgebruik aan te vullen, kan de N.V. FLUXYS LNG zich conform artikel 2, §3, van de gedragscode wenden tot de markt. 81. Artikel 39, 2°, van de Belangrijkste voorwaarden heeft slechts zin indien de N.V. FLUXYS LNG de warmtekrachtkoppeling in eigen beheer exploiteert. Indien het een andere onderneming is die elektriciteit produceert op basis van warmtekrachtkoppeling en die warmte verkoopt aan de N.V. FLUXYS LNG, dan moet deze onderneming haar aardgas aankopen. 82. De CREG is ten slotte van oordeel dat de omschrijving « andere activiteiten » in artikel 39, 4° van de Belangrijkste voorwaarden niet transparant is. Ter vergelijking : de 31/42 operationele behoeften waarvoor de vervoersonderneming capaciteit op het vervoersnet kan reserveren en gebruiken, worden uitvoerig beschreven in artikel 2, §2, van de gedragscode. Artikelen 41 en 43 83. De artikelen 41 en 43 van de Belangrijkste voorwaarden verwijzen naar het verschil van de algemene energiebalans. Hier moet worden gepreciseerd of het gaat om onevenwichten tussen de gebudgetteerde hoeveelheid aardgas die bestemd is om te voldoen aan de operationele behoeften van de N.V. FLUXYS LNG, en de hoeveelheid gas die daarvoor uiteindelijk werd verbruikt. 84. Het verschil waarnaar in artikel 43 van de Belangrijkste voorwaarden wordt verwezen, namelijk tussen de vergoeding van de N.V. FLUXYS LNG voor het eigen gebruik op basis van de gereguleerde tarieven die door de CREG zijn goedgekeurd, enerzijds, en het werkelijke gasverbruik dat in het eigen-gebruiksregister is geregistreerd, anderzijds, rekening houdend met het werkelijke verschil dat in het algemene energiebalansregister is geregistreerd, moet uiterlijk op 14 februari van ieder jaar aan de CREG worden gemeld, zodat dit verschil in de regularisatierekening kan worden geboekt. De vermelding van de berekening van dit verschil hoort evenwel niet thuis in de belangrijkste voorwaarden van een vervoersonderneming, maar wel in het tariefvoorstel. Daarom moet afdeling IV van hoofdstuk X verdwijnen. Hoofdstuk XI – Aansprakelijkheid en financiële waarborgen Artikel 44 85. In strijd met artikel 10, §2, 12°, van de gedragscode stelt de N.V. FLUXYS LNG dat de aansprakelijkheid tussen haarzelf en de netgebruiker nader gepreciseerd zal worden in het vervoerscontract. De CREG verzoekt de N.V. FLUXYS LNG in de Belangrijkste voorwaarden een volledige regeling te treffen aangaande de contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid. 86. Verder wordt in het eerste punt van artikel 44 van de Belangrijkste voorwaarden bepaald dat voor zowel contractuele als buitencontractuele schade, indirecte en/of immateriële schade uitgesloten wordt. De CREG vraagt de N.V. FLUXYS LNG deze beperking te motiveren. Verder wijst de CREG erop dat de foutieve partij haar aansprakelijkheid nooit kan beperken voor schade die voortvloeit uit een bedrieglijke of opzettelijke fout. 32/42 87. De CREG kan niet aanvaarden dat de aansprakelijkheidslimiet voor directe en materiële schade wordt overeengekomen in het terminallingcontract, zoals bepaald in het tweede punt van artikel 44 van de Belangrijkste voorwaarden. Indien de N.V. FLUXYS LNG meent de aansprakelijkheid van de partijen te moeten beperken, zal ze dat in de Belangrijkste voorwaarden moeten doen en de CREG uitleggen op grond van welke criteria ze deze limiet vaststelt 88. De vrijwaringsclausule voorzien in het derde puntje van artikel 44 betreft een wederzijdse vrijwaring van de N.V. FLUXYS LNG en de netgebruiker voor contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid t.a.v. derden, niet-netgebruikers. Deze vrijwaringsclausule betreft zowel directe/indirecte schade als materiële/immateriële schade. De aansprakelijkheidsgrens waarnaar verwezen wordt, is niet nader begroot. De CREG verzoekt de N.V. FLUXYS LNG dit dan ook te doen voor de vier mogelijke schadeposten waarvoor de vrijwaring geldt. De CREG aanvaardt niet dat deze aansprakelijkheidsgrens in het kader van een vervoerscontract zou worden onderhandeld, daar dit opnieuw de poort opent tot mogelijke discriminaties. 89. In het vierde puntje van artikel 44 wordt van de netgebruiker geëist dat hij een bewijs van verzekering voorlegt aan de N.V. FLUXYS LNG waaruit blijkt dat hij gedekt is voor zijn aansprakelijkheid voor het gebruik van de terminal en zijn aansprakelijkheid t.a.v. derden. Indien dit louter ter informatie gevraagd wordt, heeft de CREG geen bezwaar. Indien de N.V. FLUXYS LNG de toegang tot het net of het behoud ervan wenst te koppelen aan de voorlegging van dergelijke attesten, dient volgend onderscheid gemaakt te worden : indien deze certificaten voor de N.V. FLUXYS LNG nodig zijn om haar wettelijke of contractuele verplichtingen na te komen, dan kunnen deze conform artikel 19, 10°, van de gedragscode de toegang tot de terminal bepalen. In dat geval vraagt de CREG aan de N.V. FLUXYS LNG om aan te tonen waarom zij deze certificaten nodig heeft. Bovendien moeten de Belangrijkste voorwaarden voor ieder certificaat de minimumvoorwaarden vermelden waaraan moet worden voldaan, en dit op een objectieve en niet-discriminerende basis ; in het omgekeerde geval, namelijk als de N.V. FLUXYS LNG deze certificaten niet absoluut nodig heeft om aan haar eigen verplichtingen te kunnen voldoen, dan kan het ontbreken van deze certificaten op zich geen reden zijn om de toegang te weigeren, maar kan het wel een inbreuk zijn op een contractuele clausule en een eventueel motief voor een geding vormen. In elk geval moeten de Belangrijkste voorwaarden dit onderscheid duidelijk maken. 33/42 Artikelen 45 en 46 90. Artikel 93 van de gedragscode bepaalt dat indien de vervoersonderneming voorschotten of bankgaranties vraagt aan de netgebruiker, deze in verhouding moeten staan met het te verwachten factuurbedrag, rekening houdend met de contractueel bepaalde betalingstermijnen. De voorschotten en de bankgaranties mogen niet hoger zijn dan de gemiddelde prijs van de vervoersdiensten gerekend over de periode van levering van de diensten tot aan de betaling van de facturen. Over enige andere financiële waarborg, zoals het refereren aan een rating tot staving van de financiële draagkracht van de aanvrager, handelt de gedragscode niet. De CREG leidt hieruit af dat de gedragscode daarom alleen voorschotten of bankgaranties aanvaardt als financiële waarborg. Ook de bezorgdheid om elke discriminatie tussen netgebruikers te voorkomen, gebiedt dat elke netgebruiker, ongeacht zijn rating, een voorschot of een bankgarantie dient te geven, respectievelijk te stellen, waarbij de hoogte van dit voorschot of deze bankgaranties uitsluitend bepaald wordt in functie van de gemiddelde prijs van de vervoersdiensten waarop hij een beroep doet. Alleen door van elke netgebruiker een voorschot of een bankgarantie te vragen, plaatst men hen op voet van gelijkheid. Men legt aan elke netgebruiker in functie van de vervoersdiensten waarop hij beroep doet, een zelfde kost op. Dit is niet het geval wanneer men bepaalde ondernemingen die een bepaalde rating hebben, zou vrijstellen van het geven van een voorschot of het stellen van een bankgarantie. Deze ondernemingen zouden daarom de kosten verbonden aan het geven van een voorschot of van het stellen van een bankgarantie, niet hebben, terwijl de andere ondernemingen deze kosten wel dienen te dragen. Daarbij komt dat doorgaans de gevestigde en historische marktspelers eerder over de nodige rating zullen beschikken dan de nieuwkomers, terwijl men zeker bij het begin van een liberalisering van een markt de toegang tot deze markt vooral voor de nieuwkomers dient te vergemakkelijken. Bijgevolg kan de CREG de artikelen 45 en 46 van de Belangrijkste voorwaarden niet aanvaarden in de mate dat ze met ratings werken en op basis hiervan bepaalde aanvragers vrijstellen van voorschotten of bankgaranties. De CREG kan bijgevolg ook niet aanvaarden dat de vervoersonderneming in de loop van het vervoerscontract de financiële draagkracht van de netgebruiker gaat analyseren om de gestelde bankgarantie aan te passen. Artikel 93 van de gedragscode is duidelijk waar het stelt dat de voorschotten of bankgaranties enkel in verhouding staan tot het te verwachten factuurbedrag, rekening houdend met de contractueel bepaalde betalingstermijnen. Het bevat geen enkele referentie aan de financiële draagkracht van de netgebruiker. 34/42 Hoofdstuk XII – Belangrijkste opzeggingsbepalingen in het terminallingcontract van Fluxys LNG 91. De CREG wijst erop dat artikel 10, §2, 13°, van de gedragscode eist dat de vervoersonderneming in haar belangrijkste voorwaarden bepaalt welke voorwaarden verbonden zijn aan de opzeg van een vervoerscontract, waaronder de eventuele schadevergoedingen. 92. Opzeg (résiliation) duidt op een beëindiging van een geldig afgesloten vervoerscontract zonder dat een contractuele en/of buitencontractuele wanprestatie van de tegenpartij bewezen moet worden. Opzeg vindt zijn juridische grondslag terug in artikel 1134 van het B.W. Daarnaast is het een feitelijk gegeven dat vervoerscontracten steeds worden afgesloten voor een bepaalde duur en dus in principe niet beëindigd kunnen worden voor het verstrijken van de overeengekomen duur, dan tenzij in volgende gevallen. Opzeg is mogelijk wanneer de wet het uitdrukkelijk toelaat. Steunend op artikel 10, §2, 13°, van de gedragscode, is het wettelijk toegelaten een vervoerscontract van bepaalde duur vroegtijdig op te zeggen. Deze opzegmogelijkheid geldt alleen ten voordele van de netgebruiker en niet ten voordele van de N.V. FLUXYS LNG. Opzeg van een vervoerscontract heeft onvermijdelijk tot gevolg dat de toegang tot het vervoersnet geweigerd wordt. Artikel 15/7 van de gaswet bepaalt dat slechts in drie specifieke gevallen een vervoersonderneming de toegang tot het vervoersnet geldig kan weigeren. Ieder van de in artikel 15/7 van de gaswet opgesomde situaties zijn situaties die zich uitsluitend kunnen voordoen alvorens een vervoerscontract met een netgebruiker wordt afgesloten. Met andere woorden uitsluitend in de fase van de aanvraag tot toegang. Daarnaast moeten elk van deze weigeringen gemotiveerd worden. Eens een vervoerscontract is afgesloten voorziet de gaswet nergens dat een vervoersonderneming de toegang kan weigeren en dus het vervoerscontract vroegtijdig kan beëindigen. Het in de gaswet gehanteerde begrip “enkel geldig weigeren” is voor geen andere interpretatie vatbaar zodat buiten de gevallen opgesomd in artikel 15/7 van de gaswet, geen afwijkingen mogelijk zijn. Wanneer de gedragscode dan bepaalt dat de belangrijkste voorwaarden ook voorwaarden van opzeg moeten inhouden, betekent dit, om geen afbreuk te doen aan het principe dat een uitvoeringsbesluit niet strijdig mag zijn met een hogere rechtsnorm, dat de voorwaarden van opzeg uitsluitend gelden voor de netgebruiker en niet voor de vervoersonderneming. Zoals reeds hoger in paragrafen 1 tot en met 3 van deze beslissing werd uiteengezet, is het recht van toegang tot het vervoersnet van openbare orde. Vrije toegang tot het vervoersnet is één van de basispijlers voor de vrijmaking van de gasmarkt. Opdat er concurrentie op de 35/42 gasmarkt zou kunnen komen en afnemers daadwerkelijk hun leverancier van aardgas zouden kunnen kiezen, is het essentieel dat de afnemers, de houders van leveringsvergunningen en andere netgebruikers gegarandeerd toegang hebben tot het vervoersnet en dat zij van dit recht kunnen genieten op een niet-discriminatoire wijze. Het recht van toegang tot het vervoersnet is dan ook een basisprincipe en een principieel recht dat niet beperkend geïnterpreteerd mag worden. Elke uitzondering hierop moet beperkend geïnterpreteerd worden. Een opzegrecht voor vervoerscontracten van bepaalde duur is zo’n uitzondering. Niet alleen is dit een uitzondering op het algemeen principe dat contracten van bepaalde duur niet vroegtijdig kunnen worden opgezegd, maar bovendien is dit opzegrecht een uitzondering op het principe dat het recht van toegang tot het vervoersnet van openbare orde is. Bijgevolg kan dit opzegrecht uitsluitend gelden voor de netgebruiker. Met het oog op een efficiënte en niet-discriminerende toegang tot het vervoersnet moet alles in het werk gesteld worden opdat alle marktdeelnemers, inclusief de nieuwe deelnemers, daadwerkelijk toegang hebben tot de gasmarkt, waaronder ook de LNG-markt. Een volledig opengestelde markt waarbij de handels- en industriesector, evenals de consument vrij hun leveranciers kunnen kiezen, veronderstelt dat alle aanbieders, opdat zij vrij aan hun klanten zouden kunnen leveren, de absolute garantie moeten hebben dat hen de toegang tot het vervoersnet, waarvan de LNG-terminal deel uit maakt, niet ontzegd wordt door de vervoersonderneming via het mechanisme van opzeg van het vervoerscontract. Het niet verlenen van een opzegrecht in hoofde van de N.V. FLUXYS LNG is alzo een veiligheidsmaatregel die een maximale betrouwbaarheid van de bevoorradingsstromen uit de producerende landen moet waarborgen, waardoor de mogelijkheid gecreëerd wordt voor een afnemer om daadwerkelijk over te kunnen stappen naar een andere leverancier, wat de concurrentie binnen de markt bewerkstelligt. Tot slot, bepaalt de gedragscode in artikel 5 dat de vervoersonderneming zich moet onthouden van elke discriminatie tussen netgebruikers en categorieën van netgebruikers, zodat het logisch is dat aan de N.V. FLUXYS LNG geen opzegrecht verleend kan worden. 93. Opzeg is ook mogelijk in geval van overeenkomsten van onbepaalde duur en wegens de bijzondere aard van het contract. Geen van beide laatste uitzonderingen vinden in casu toepassing zodat hierop niet verder moet worden ingegaan. 94. De CREG merkt op dat in de Belangrijkste voorwaarden van Hoofdstuk XII bijna uitsluitend bepalingen zijn opgenomen die verband houden met ontbinding en opschorting van een vervoerscontract. Zoals voor opzeg, leidt ontbinding en opschorting van een vervoerscontract onvermijdelijk tot weigering van toegang tot het vervoersnet. Hoofdstuk XII van de Belangrijkste voorwaarden kent aldus aan de N.V. FLUXYS LNG en aan de 36/42 netgebruiker het recht toe om eenzijdig en zonder enige voorafgaande rechterlijke controle het vervoerscontract te ontbinden. Dit betekent dat de N.V. FLUXYS LNG unilateraal de toegang tot haar vervoersnet kan weigeren enkel en alleen omdat zij en zij alleen van oordeel is dat bijvoorbeeld de netgebruiker een of andere contractuele verplichting niet nakomt. Nergens kent de gaswet evenwel dergelijk ontbindingsrecht toe aan een van de partijen bij het vervoerscontract. Daarbij komt dat het recht van toegang tot de vervoersnetten van openbare orde is zodat de partijen bij een vervoerscontact geen uitzonderingen of beperkingen op dit recht van toegang kunnen bepalen. Bijgevolg is hoofdstuk XII van de Belangrijkste voorwaarden met de gaswet strijdig en kan het om die reden niet door de CREG worden goedgekeurd. Dit betekent niet dat een ontbinding van het vervoerscontract steeds onmogelijk zou zijn. Ontbinding is wel mogelijk, maar wel alleen overeenkomstig het gemeenrecht, in het bijzonder artikel 1184 van het B.W. Dit betekent dat een vervoerscontract wel kan worden ontbonden na voorafgaande instemming van de bevoegde rechter die, na alle partijen de kans te hebben gegeven zich te verdedigen, een contractuele en/of buitencontractuele wanprestatie in hoofde van de tegenpartij bewezen en voldoende zwaarwichtig acht om de ontbinding van het contract uit te spreken. Precies door de vereiste van de tussenkomst van de rechter wordt gegarandeerd dat de evaluatie of ontbinding al dan niet gepast is, op objectieve, niet-discriminerende, redelijke en transparante wijze gebeurt. Zoals het eenzijdig ontbindingsrecht zonder voorafgaande tussenkomst van de rechter, komt de opschorting van het vervoerscontract neer op een (weliswaar tijdelijke) weigering van de toegang tot het vervoersnet op eenzijdig initiatief van een van de partijen bij het vervoerscontract. Om dezelfde redenen kan de CREG dergelijk opschortingsrecht dan ook niet aanvaarden, tenzij er duidelijke indicaties zijn dat de netgebruiker zijn facturen niet betaalt. Inderdaad, artikel 15/5, § 1, van de gaswet kent immers het recht van toegang toe “op basis van de tarieven bedoeld in § 2” van hetzelfde artikel. Hiermee stelt de gaswet het betalen van de vervoerstarieven als de enige beperkende voorwaarde op het recht van toegang tot de vervoersnet. Iemand die de vervoerstarieven niet kan of niet wil betalen, heeft aldus geen recht van toegang. Omdat de gaswet het betalen van de vervoerstarieven uitdrukkelijk als een beperkende voorwaarde op het recht van toegang tot de vervoersnetten vooropstelt, kan de CREG ermee instemmen indien de Belangrijkste voorwaarden een eenzijdig opschortingsrecht aan de vervoersonderneming toekennen wanneer de netgebruiker niet tijdig zijn voorschot of bankgarantie aanzuivert nadat de vervoersonderneming erop beroep heeft gedaan om de facturen waarvan de betaling uitbleef zelfs na een ingebrekestelling door de vervoersonderneming, aan te zuiveren. Het uitblijven van de betaling van de facturen na uitputting van de normale betalingstermijn en na verloop van een redelijke 37/42 periode volgend op een ingebrekestelling, samen met het niet tijdig aanzuiveren van het vereiste voorschot of de vereiste bankgarantie, is immers een ernstige aanwijzing dat de netgebruiker niet meer beantwoordt aan de beperkende voorwaarde vervat in artikel 15/5, § 1, van de gaswet volgens welk de netgebruiker de vervoerstarieven moet betalen om zijn recht van toegang te kunnen afdwingen. De CREG is evenwel van mening dat de opschorting voldoende is om de vervoersonderneming in staat te stellen haar vermogensrechten te vrijwaren. De opschorting komt er immers op neer dat de vervoersonderneming de toegang tot haar vervoersnet kan ontzeggen zolang het voorschot of de bankgarantie niet is aangezuiverd en zolang dus zij geen zekerheid heeft dat haar facturen ook effectief zullen betaald worden. Indien de vervoersonderneming meent dat het vervoerscontract dient ontbonden te worden, dient zij zich te wenden tot de bevoegde rechter. In afwachting van diens uitspraak over de vraag tot ontbinding, kan de vervoersonderneming het vervoerscontract opschorten zolang als de netgebruiker zijn voorschot of bankgarantie niet aanzuivert Artikel 47 95. De voorwaarden van opzeg van het vervoerscontract moeten niet nader gepreciseerd worden in het vervoerscontract, maar maken integendeel deel uit van de Belangrijkste voorwaarden. De CREG verzoekt de N.V. FLUXYS LNG nader te preciseren welke opzegtermijn in acht genomen zal worden en in welke gevallen een schadevergoeding verschuldigd zal zijn. Verwijzen naar opschorting in een bepaling betreffende opzeg van het vervoerscontract is verwarrend daar beide juridische begrippen niet hetzelfde betekenen en zeker niet tot dezelfde rechtsgevolgen aanleiding geven. 96. Zoals hoger onder paragraaf 19 van deze beslissing reeds uitvoerig werd uiteengezet, zijn de goedgekeurde Belangrijkste voorwaarden ook van toepassing op de lopende contracten. 97. In punt 1° van artikel 47 van de Belangrijkste voorwaarden wordt bepaald dat elk van de partijen het terminallingcontract kan opzeggen in geval van insolvabiliteit of faillissement. Eerst en vooral laat de CREG opmerken dat insolvabiliteit niet hetzelfde is als het faillissement van een rechtssubject, maar het onvermogen om een krediet te bekomen betekent. Het staat dus los van staking tot betaling. In elk geval geeft de insolvabiliteit noch het faillissement van één van de partijen de contractanten het recht om het contract op te 38/42 zeggen of op te schorten buiten de voorwaarden omschreven in paragraaf 94 van deze beslissing. 98. Onverminderd het bepaalde in paragraaf 94 van deze beslissing, kan het niet naleven van de bepalingen met betrekking tot de financiële waarborgen van de gebruiker van de LNG-terminal geen aanleiding geven tot opzeg en/of opschorting. Punt 2° van artikel 47 van de Belangrijkste voorwaarden is dus onaanvaardbaar. Hetzelfde geldt voor de punten 3° tot 5° van artikel 47 van de Belangrijkste voorwaarden. 99. De CREG verzoekt de N.V. FLUXYS LNG de bepaling van artikel 47 van de Belangrijkste voorwaarden dan ook in haar geheel aan te passen overeenkomstig de door de CREG gemaakte opmerkingen. Hoofdstuk XIII – Gebruik van de toegewezen capaciteit 100. In paragraaf 20 van deze beslissing stelt de CREG dat de methode voor het berekenen van niet-gebruikte capaciteit, zoals bedoeld in artikel 47, §2, van de gedragscode en voorzien door artikel 10, §2, 2°, van de gedragscode, niet is opgenomen in de belangrijkste voorwaarden die door de N.V. FLUXYS LNG werden ingediend. Aangezien deze methode in een nieuw punt van de Belangrijkste voorwaarden moest worden opgenomen, lijkt het opportuun om de inhoud van het huidige hoofdstuk XIII te integreren in dit nieuwe punt. Het register waarnaar in de artikelen 48 en 49 van de Belangrijkste voorwaarden wordt verwezen, moet bovendien worden aangevuld. Het moet onder meer een onderscheid maken tussen de capaciteiten voor het lossen, voor de opslag en voor de emissie en het moet in voorkomend geval informatie over het gebruik van de capaciteit geven per dag of per uur. 39/42 DEEL IV : BESLUIT 101. Op grond van de redenen uiteengezet in deel II en III van deze beslissing, beslist de CREG, in toepassing van artikel 11, tweede lid, van de gedragscode, de belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG af te wijzen. De CREG vraagt dat haar, binnen de 75 kalenderdagen na ontvangst van deze beslissing van afwijzing, door de N.V. FLUXYS LNG aangepaste belangrijkste voorwaarden overeenkomstig de redenen uiteengezet in deel II en III van deze beslissing worden overgemaakt met het oog op de goedkeuring hiervan zoals bedoeld in artikel 11 derde lid van de gedragscode. De CREG verzoekt de N.V. FLUXYS LNG haar eveneens, samen met de aangepaste belangrijkste voorwaarden, de gevraagde informatie te bezorgen met betrekking tot de gestelde vragen en vastgestelde onduidelijkheden uiteengezet in deel II en III van deze beslissing. aaaa Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas : Jean-Paul PINON Directeur – Directie voor de technische werking van de aardgasmarkt Christine VANDERVEEREN Voorzitter van het directiecomité Directeur – Directie Marktcontentieux 40/42 BIJLAGE Synthese van het resultaat van de raadpleging met betrekking tot de belangrijkste voorwaarden voor toegang tot de LNG-terminal van Zeebrugge van de N.V. FLUXYS LNG. Opmerking In september 2003 heeft de CREG een raadpleging georganiseerd over het voorstel van belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG. De CREG heeft tijdens deze raadpleging vele opmerkingen gekregen, die bij de uitwerking van deze beslissing allen met de grootste aandacht werden bekeken. Een groot deel van deze opmerkingen kan hier evenwel niet worden behandeld, omwille van het feit dat ze al te gedetailleerd zijn of betrekking hebben op specifieke vragen van bepaalde spelers op de aardgasmarkt. De CREG wenst hieronder dan ook alleen de grote lijnen weer te geven die uit deze raadpleging naar voren zijn gekomen. De onderstaande opmerkingen weerspiegelen niet noodzakelijk de mening van de CREG. Algemene opmerkingen 1. Het is van belang dat de LNG-terminallingactiviteit is onderworpen aan de bepalingen van de gedragscode. Een niet-discriminatoire toegang tot de LNG-terminal van Zeebrugge is cruciaal om nieuwkomers op de Europese markt de mogelijkheid te bieden de concurrentie aan te gaan met de historische operatoren. Dit geldt onder meer voor de toewijzing van capaciteit en de bekendmaking van informatie. 2. De toegang tot de LNG-terminal moet eveneens worden onderworpen aan een systeem om het hamsteren van capaciteit te vermijden (anti-hoarding). Het mechanisme dat hiervoor in de artikelen 16 en 37 van het voorstel van belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG is opgenomen, moet worden gepreciseerd. 3. Er moet een precieze en transparante beschrijving komen van de methodologie voor het berekenen van capaciteiten. Onder meer de operationele behoeften moeten worden gepreciseerd (artikelen 9 en 11 van het voorstel van belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG). 41/42 4. De mogelijkheid om het lossen van LNG dat niet voldoet aan de kwaliteitseisen opgenomen in hoofdstuk VII van het voorstel van belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG « ten dele » te weigeren, lijkt een probleem te zijn. Het is bovendien nodig om de verdeling van de verantwoordelijkheid in geval van niet-naleving van deze specificaties duidelijker te beschrijven (zie bijvoorbeeld artikel 34 van het voorstel van belangrijkste voorwaarden van de N.V. FLUXYS LNG). 42/42