← België

Beslissing betreffende het voorstel van de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR betreffende werkingsregels van de markt voor de compensatie van de kwartuuroneven

NIET VERTROUWELIJKE VERSIE Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.:. 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE E

LEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt

deze beslissing, met toepassing van artikel 159, §1, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR (hierna : ELIA) betreffende een nieuw mechanisme voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten voor het kalenderjaar

  1. De CREG heeft dit voorstel van ELIA ontvangen per brief gedateerd op 23 november
  2. Op 12 december 2005 heeft de CREG van ELIA een brief ontvangen met het verzoek het voorstel te wijzigen op basis van een bij de brief gevoegd document. Dat document maakt noodzakelijk deel uit van het voorstel. De onderhavige beslissing telt vier delen.

het eerste deel wordt het wettelijke kader samengevat. Het tweede deel gaat over de antecedenten.

het derde deel wordt het voorstel geanalyseerd en

het vierde deel staat de eigenlijke beslissing. De onderhavige beslissing werd door het Directiecomité van de CREG goedgekeurd op zijn vergadering van 22 december

  1. aaaa NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 2/21 I.
  2. WETTELIJK KADER De onderhavige beslissing wordt genomen op grond van artikel 159, §1, van het technisch reglement, waarin wordt bepaald dat de werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten worden goedgekeurd door de CREG op voorstel van de netbeheerder en door de netbeheerder worden gepubliceerd.
  3. Artikel 2 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder de taken en verplichtingen uitvoert die hij dient uit te voeren krachtens de wet van 29 april 1999 teneinde de elektriciteitsuitwisselingen tussen de verschillende op het net aangesloten personen te behouden en te ontwikkelen en het behoud van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net te bewaken, te handhaven dan wel te herstellen.
  4. Artikel 3, §1, van het technisch reglement preciseert dat de netbeheerder het technisch beheer van de elektriciteitsstromen op het transmissienet organiseert en zijn taken waarneemt teneinde met de hem ter beschikking staande middelen een permanent evenwicht tussen de vraag en het aanbod van elektriciteit te bewaken, te handhaven dan wel te herstellen overeenkomstig artikel 8 van de wet van 29 april
  5. De netbeheerder waakt over de compensatie van het globaal onevenwicht van de regelzone, veroorzaakt door de eventuele

dividuele onevenwichten van de verschillende toegangsverantwoordelijken. 4. Krachtens artikel 8 van het technisch reglement moet de netbeheerder zich onthouden van elke discriminatie tussen netgebruikers, toegangsverantwoordelijken, leveranciers van ondersteunende diensten of tussen elke andere persoon die op een of andere manier met het net verbonden is

het kader van zijn taken en verplichtingen of uitgevoerde diensten. 5. Volgens artikel 157, §2, van het technisch reglement bewaakt, handhaaft dan wel herstelt de netbeheerder op elk moment het evenwicht tussen aanbod en vraag van elektrisch vermogen

de regelzone, onder meer veroorzaakt door de eventuele

dividuele onevenwichten van de verschillende toegangsverantwoordelijken. Ten dien einde schakelt de netbeheerder tijdens de uitbating van het net

volgorde de hem ter beschikking zijnde middelen

, onder andere: 1° activering van de primaire regeling van de frequentie overeenkomstig de bepalingen bedoeld

Hoofdstuk XIII

van Titel IV; NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 3/21 2° de secundaire regeling van het evenwicht

de regelzone overeenkomstig de bepalingen bedoeld

Hoofdstuk XIII

van Titel IV; 3° het vermogen ter beschikking gesteld door de producenten overeenkomstig artikel 159, §2; en 4° de aanpassingen aan de dagelijkse toegangsprogramma’s met betrekking tot belastingen die door de toegangsverantwoordelijken aan de netbeheerder worden aangeboden.

§3

van datzelfde artikel wordt toegevoegd dat,

dien de modaliteiten, bedoeld

§2

, niet volstaan om tot het herstel te leiden van het evenwicht tussen de vraag en het aanbod van actief vermogen

de regelzone, de netbeheerder opdraagt om het tertiaire reservevermogen dat door derden ter beschikking wordt gesteld overeenkomstig de bepalingen bedoeld

Hoofdstuk XIII

van Titel IV, te activeren.

  1. Artikel 158 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder de hem ter beschikking staande middelen activeert overeenkomstig artikel 157, § 2, onder andere volgens het criterium van de laagste prijs.
  2. Krachtens artikel 159, §2, van het technisch reglement houden alle producenten van de regelzone waarvan het nominale vermogen voor de toegang tot het net hoger is dan of gelijk is aan 75 MW, hun beschikbare vermogen ter beschikking van de netbeheerder

overeenkomst met artikelen 222 en 223. Die

schrijving voor dat reservevermogen gaat vergezeld met een prijsofferte. De producenten waarvan het nominale vermogen voor de toegang tot het net lager is dan 75 MW, alsook de producenten actief

een andere regelzone voor zover de operationele regels tussen de betrokken regelzones het toelaten, kunnen eveneens overeenkomstig door de netbeheerder bepaalde objectieve en transparante modaliteiten, hun beschikbaar kwartuurvermogen ter beschikking stellen. 8. Hoofdstuk XIII van Titel IV van het technisch reglement heeft betrekking op de ondersteunende diensten. Artikel 233 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder het primair, secundair en tertiair reservevermogen bepaalt dat bijdraagt tot het waarborgen van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net

de regelzone. Hij deelt zijn evaluatiemethode en het resultaat aan de commissie mee ter goedkeuring. Artikel 243, §1, van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder het reservevermogen voor de secundaire regeling koopt via een mededingingsprocedure en/of NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 4/21 aanbesteding. De netbeheerder bepaalt de technische specificaties betreffende de terbeschikkingstelling en de levering van dat vermogen.

§2

van dat artikel wordt daaraan toegevoegd dat de leverancier van die dienst het secundaire reservevermogen activeert op aanvraag van de netbeheerder. Volgens artikel 249, §1, van het technisch reglement koopt de netbeheerder het reservevermogen voor de tertiaire regeling via een mededingingsprocedure en/of aanbesteding. De netbeheerder bepaalt de technische specificaties betreffende de terbeschikkingstelling en de levering van dat vermogen.

§2

van dat artikel wordt gestipuleerd dat de leverancier van die dienst het tertiaire reservevermogen activeert op aanvraag van de netbeheerder. Ten slotte bepaalt artikel 256 van het technisch reglement dat de netbeheerder de middelen waarover hij beschikt, aanwendt overeenkomstig het technisch reglement, teneinde de afwijkingen tussen het daadwerkelijk uitgewisseld actief vermogen en het geprogrammeerde actief vermogen met de buitenlandse regelzones te beperken. Die afwijkingen worden ook kwartieronevenwichten of kwartuuronevenwichten genoemd.

  1. Krachtens artikel 159, §4, van het technisch reglement, publiceert de netbeheerder ten minste elke dag de prijzen voor de onevenwichten van de voorgaande dag. Artikel 244, §1, van het technisch reglement preciseert dat de netbeheerder overeenkomstig artikel 26 de benodigde hoeveelheden alsmede de technische specificaties betreffende de beschikbaarheid en levering van actief vermogen aan het net voor de secundaire regeling bepaalt en publiceert. Artikel 250, §1, van het technisch reglement voegt daaraan toe dat de netbeheerder overeenkomstig artikel 26 de benodigde hoeveelheden alsmede de technische specificaties betreffende de beschikbaarheid en levering van actief vermogen aan het net voor de tertiaire regeling bepaalt en publiceert. II. ANTECEDENTEN
  2. Op datum van 22 september 2004, 2 maart 2005, 25 mei 2005 en 22 juni 2005, organiseerde de CREG vergaderingen met ELIA over het

stellen van een nieuw mechanisme voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 5/21

navolging van deze vergaderingen, heeft de CREG

een brief gedateerd op 12 juli 2005 aan ELIA gevraagd haar overeenkomstig artikel 159, §1, van het technisch reglement, een voorstel over te maken betreffende de nieuwe werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten. Bij brief van 20 juli 2005 vroeg de CREG aan ELIA om naast het voornoemde voorstel tevens een afzonderlijk document over te maken waarin de impact van de voorgestelde regels op de tarieven, zou worden toegelicht. Bij brief van 31 augustus 2005, maakte ELIA een tweedelig document aan de CREG over, bestaande uit een voorstel betreffende een nieuw mechanisme voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten voor het kalenderjaar 2006 en een aansluitend deel met betrekking tot de tarifaire impact en de tariefvorming voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten. 11. Op 27 september 2005 heeft de CREG een vergadering belegd waarop ELIA haar voorstel uiteenzette aan de marktpartijen. Die kregen de gelegenheid om ELIA vragen te stellen en hun mening te geven. Bovendien kregen zij de kans schriftelijk hun commentaar op te zenden

de week na die vergadering. Twee marktpartijen hebben een schriftelijk document opgezonden. 12. Op 2 november 2005 heeft de CREG een vergadering gehouden met ELIA om sommige punten van het voorstel dat op 31 augustus 2005 was

gediend, te bespreken.

gevolge die vergadering heeft ELIA de CREG bij brief gedateerd op 23 november 2005 een herwerkt voorstel van nieuw mechanisme voor compensatie van de kwartuuronevenwichten voor het kalenderjaar 2006 toegestuurd

de vorm van een document “Voorstel werkingsregels van de markt bestemd voor compensatie van de kwartuuronevenwichten: Werkingsregels voor de aankoop door de transportnetbeheerder van ondersteunende diensten voor de regeling van de Belgische regelzone – Aangepast voorstel

het kader van de vergadering met de CREG op 2 november 2005” (hierna “het voorstel” genoemd). Bij brief van 12 december 2005 heeft ELIA de CREG een verzoek tot wijziging van het voorstel overgemaakt, getiteld “Wijziging van de paragrafen 1 & 2 van het punt 4.5.2. van het document ‘werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten’”

aansluiting op een telefonisch contact tussen de CREG en ELIA. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 6/21 Die wijziging moet het voorstel verduidelijken op het punt van de activering van afschakelbare belastingen. De brief en zijn bijlage maken

tegrerend deel uit van het voorstel. III. ANALYSE VAN HET VOORSTEL III.

  1. Voorafgaande opmerkingen en voorbehouden
  2. ELIA doet het voorstel voor het jaar 2006, zoals gepreciseerd

haar

leiding. De onderhavige beslissing betreft dus enkel de toepassing van werkingsregels van de markt voor compensatie van kwartuuronevenwichten tijdens

  1. ELIA wordt uitgenodigd om later een voorstel van werkingsregels van de markt voor compensatie van kwartuuronevenwichten te doen die zouden gelden na
  2. Op verschillende plaatsen van het voorstel verwijst ELIA rechtstreeks of onrechtstreeks naar voorwaarden

de contracten die zijn gesloten of te sluiten zijn tussen ELIA en de marktpartijen. De onderhavige beslissing heeft, overeenkomstig artikel 159, §1, van het technisch reglement, enkel betrekking op het voorstel van werkingsregels van de markt voor compensatie van kwartuuronevenwichten en vormt geenszins een expliciete of impliciete goedkeuring van de contracten waarnaar aldus wordt verwezen

het voorstel. ELIA zal deze contracten conformeren aan de nieuwe werkingsregels van de markt die

de onderhavige beslissing opgenomen zijn. Zo ook spreekt onderhavige beslissing zich niet uit over de tarifaire aspecten, hierin

begrepen de voorstellen met cijfers van ELIA wat betreft de boven- en ondergrensformules die toepasbaar zijn op de aankoopprijzen van de secundaire en tertiaire regelmiddelen. III.2.

aanmerking genomen beoordelingselementen 15. Op basis van de wetteksten die onder hoofdstuk I zijn vermeld, zijn een aantal beoordelingselementen

aanmerking genomen om de onderhavige beslissing uit te werken. Die beoordelingselementen worden hierna geanalyseerd. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 7/21 16. Het momenteel geldende mechanisme voor compensatie van kwartuuronevenwichten wordt door velen beschouwd als een belemmering voor de komst van nieuwe spelers op de Belgische elektriciteitsmarkt.

die mate is de

voering van een nieuw mechanisme een belangrijke ontwikkeling voor de werking van de Belgische markt. Het is dus van fundamenteel belang rekening te houden met de structuur en de vormgeving van de markt waarvoor dat nieuwe mechanisme bedoeld is. Het mechanisme voor compensatie van de kwartuuronevenwichten dat

België moet worden

gevoerd, moet dan ook rekening houden met de volgende elementen: 17. − het aantal lokale producenten die diensten

zake kwartuuronevenwichten kunnen aanbieden, is erg beperkt; − om nieuwe marktpartijen aan te trekken die de Belgische markt diensten

verband met compensatie van kwartuuronevenwichten kunnen aanbieden, is het wenselijk dat een evenwicht wordt gevonden tussen een redelijke vergoeding van die diensten en een noodzakelijke regulering van de aanbiedingen, gezien de beperkte concurrentie. compensatie van Bijgevolg is het belangrijk dat het nieuwe mechanisme voldoende flexibel is om zo veel mogelijk partijen te laten deelnemen aan de markt voor levering van diensten bestemd voor compensatie van kwartuuronevenwichten. Vanuit dat standpunt moet de structuur van het nieuwe mechanisme openstaan voor toekomstige ontwikkelingen die

die richting gaan. 18. Overigens is het ook nodig dat het nieuwe mechanisme transparanter is wat de aanbiedingen en hun activering betreft dan het huidige systeem. Die transparantie betekent een waardevolle en goed zichtbare

formatieverstrekking aan de marktpartijen over de aanbiedingen

zake compensatie van kwartuuronevenwichten en draagt op die manier bij tot het ontmoedigen van mogelijk onrechtmatig gedrag van sommige marktpartijen. Bovendien is het belangrijk dat het nieuwe mechanisme producenten die wensen deel te nemen aan de levering van diensten voor compensatie van de kwartuuronevenwichten, duidelijke signalen geeft over de kosten en de

komsten die zij van die deelneming kunnen verwachten. 19. Het zou echter gevaarlijk zijn als de toegangsverantwoordelijken (ARP, Access Responsible Parties) de compensatie van kwartuuronevenwichten

België zouden kunnen beschouwen als een tot hun beschikking staand middel om hun evenwichtsverplichting na te leven. Het mechanisme voor compensatie van kwartuuronevenwichten moet

de huidige omstandigheden een werkmiddel blijven ter beschikking van de TNB om het evenwicht van de Belgische regelzone te verzekeren, en het is belangrijk dat dat mechanisme voor toegangsverantwoordelijken die

onevenwicht zijn, een allerlaatste middel blijft. Het nieuwe NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 8/21 mechanisme moet steunen op de marktregels, maar moet tegelijkertijd gaming door arbitrage met de spotmarkt zoveel mogelijk vermijden. Dat aspect wordt vooral geregeld via het tarief voor compensatie van de kwartuuronevenwichten. De goedkeuring van dat tarief valt onder de goedkeuring van de tarieven van de netbeheerder en treedt buiten het kader van de onderhavige beslissing.

  1. Bovendien moeten het nieuwe mechanisme voor compensatie van kwartuuronevenwichten en het bijbehorende tarief erop gericht zijn de kosten van de compensatie van kwartuuronevenwichten te minimaliseren voor de toegangs- verantwoordelijken.
  2. Ten slotte is het van het grootste belang dat het nieuwe mechanisme voor compensatie van de kwartuuronevenwichten, dat wordt

gevoerd om de werking van de Belgische elektriciteitsmarkt te verbeteren, geen belemmering vormt voor de oprichting van een Europese regionale noord-westmarkt. De

tegratie van die markten is immers onontbeerlijk om de concurrentie op nationaal niveau te ontwikkelen. Het is dus belangrijk dat het nieuwe mechanisme voor compensatie van de kwartuuronevenwichten zonder al te veel moeilijkheden kan worden geïntegreerd met de mechanismen van de buurlanden. III.3. Toepassing van het wettelijke kader en de beoordelingselementen op het voorstel III.3.1. Openstelling van de markt voor levering van diensten

zake compensatie van de kwartuuronevenwichten 22.

het nieuwe mechanisme staat de markt voor levering van de secundaire regeling open voor alle producenten, ongeacht of ze al dan niet reserveringscontracten hebben afgesloten

het kader van de secundaire regeling. Enerzijds is elke marktpartij bij wie ELIA vermogen voor secundaire regeling heeft gereserveerd, verplicht ELIA een aanbieding te bezorgen voor een vermogen dat ten minste gelijk is aan het gereserveerde vermogen, zowel ter verhoging als ter verlaging. De eenheidsprijs waartegen een dergelijke marktpartij een aanbieding

dient, moet lager zijn dan een bepaalde grenswaarde voor vermogensaanbiedingen ter verhoging en hoger dan een andere grenswaarde voor NIET VERTROUWELIJKE VERSIE vermogensaanbiedingen ter verlaging. Die twee 9/21 grenswaarden worden berekend met formules die alleen afhankelijk zijn van de referentiemarktprijs op het beschouwde uur. Als het aanbiedingssysteem voor vermogen voor secundaire regeling niet klaar is om te worden toegepast vanaf 1 januari 2006, stelt ELIA voor het prijsaanbiedingsysteem te vervangen door een eenheidsprijs voor aanbiedingen ter verhoging en een eenheidsprijs voor aanbiedingen ter verlaging. Die twee prijzen worden berekend met formules die alleen afhankelijk zijn van de referentiemarktprijs op het beschouwde uur. Anderzijds hebben de marktpartijen bij wie ELIA geen vermogen voor secundaire regeling heeft gereserveerd, de mogelijkheid deel te nemen aan de secundaire regeling, zonder daartoe verplicht te zijn. Als ze beslissen deel te nemen, zijn de prijzen waartegen zij een aanbieding

dienen, niet gelimiteerd. 23. [Vertrouwelijke

formatie]. Het voorgestelde nieuwe mechanisme beperkt het marktoverwicht [Vertrouwelijke

formatie] doordat het een beperking van de prijs van de aanbiedingen

voert. Het voorgestelde nieuwe mechanisme brengt flexibiliteit

zoverre het jaar wordt

gedeeld

subperiodes, loten genoemd, en

zoverre de mogelijkheid wordt geboden contracten voor vermogensreservering voor secundaire regeling te sluiten voor elk lot. Hij brengt ook flexibiliteit door de markt voor levering van de secundaire regeling te openen voor marktpartijen die geen contract voor vermogensreservering van secundaire regeling hebben afgesloten met ELIA. Daardoor kan het voorgestelde nieuwe mechanisme deze markt aantrekkelijk maken voor marktpartijen met een kleiner park die daardoor misschien niet het risico kunnen nemen deel te nemen aan de secundaire regeling op een even regelmatige basis als de definitie van de loten vereist. De CREG vindt dat de voorgestelde regels voor de werking van de markt voor secundaire regeling een goed compromis vormen tussen regulering van de prijs van de aanbiedingen en aanmoediging van kleinere marktpartijen om deel te nemen aan de secundaire regeling. Dat is des te belangrijker daar tot dusver voor meer dan 95% van de tijd alleen secundaire regeling wordt gebruikt om kwartuuronevenwichten van de Belgische regelzone te compenseren. 24. Momenteel bestaat de tertiaire reserve uit vier types van middelen: het niet- gereserveerde tertiaire vermogen (CIPU-overeenkomsten), vermogen voor tertiaire regeling aan de productiezijde, vermogen voor tertiaire regeling via afschakelbare belastingen en de noodreserve tussen TNB’s. Het vermogen voor tertiaire regeling aan de productiezijde en het NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 10/21 vermogen voor tertiaire regeling via de afschakelbare belastingen worden contractueel gereserveerd door de TNB. Wat de selectie van de middelen betreft, stelt ELIA voor de aanbiedingen die voor elk kwartuur zijn ontvangen, te rangschikken volgens toenemende prijs.

de praktijk wordt het vermogen voor tertiaire regeling geplaatst op de duurste eenheden die de vereiste technische kenmerken bezitten. Aangezien het niet-gereserveerde tertiaire vermogen (CIPUovereenkomsten) onder andere bestaat uit ongebruikt vermogen van eenheden die

werking zijn, zou het qua kostprijs voordeliger gepositioneerd moeten zijn dan vermogen voor tertiaire regeling. Dit mechanisme impliceert dat een marktpartij die haar kansen om haar niet-gereserveerde tertiaire vermogen te verkopen aan ELIA wil maximaliseren, er belang bij heeft dat vermogen aan te bieden tegen een lagere prijs dan die van de aanbiedingen van het vermogen voor tertiaire regeling, waarvan de prijs, behoudens gemotiveerde uitzondering, geplafonneerd is. Dit mechanisme laat het dus aan de markt over om de prijzen dusdanig te bepalen dat het niet-gereserveerde tertiaire vermogen, waarvan de prijs vrij is, maar waarvoor een aanbieding verplicht is, wordt aangeboden tegen een prijs die lager is dan die van het gereserveerde vermogen voor tertiaire regeling, dat op duurdere

stallaties zou moeten worden geplaatst. De noodreserve tussen TNB’s wordt alleen gebruikt als de andere middelen uitgeput zijn, aangezien de noodreserve een allerlaatste middel is. De CREG meent dat die manier van werken

overeenstemming is met artikelen 157 en 158 van het technisch reglement. Bovendien is de CREG van oordeel dat deze selectiemethode kleinere producenten die gezien de structuur van hun park niet per se de vaste wil hebben zich contractueel te verbinden tot deelname aan de tertiaire regeling,

staat stelt deel te nemen aan de diensten voor compensatie van de kwartuuronevenwichten op het niveau van de tertiaire regeling. 25.

teressant aan het voorgestelde mechanisme is dat het ontwikkelingen mogelijk maakt,

de toekomst, ter versterking van de concurrentie op de markt van de tertiaire reserve. Zo stelt ELIA voor om het vermogen voor secundaire regeling en het niet-gereserveerde tertiaire vermogen (CIPU-overeenkomsten) met elkaar

concurrentie te brengen voordat de secundaire regeling verzadigd is. Het niet-gereserveerde tertiaire vermogen zou dan vóór het NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 11/21 vermogen voor secundaire regeling geactiveerd worden als het een

teressantere activeringsprijs heeft. Vervolgens stelt ELIA voor een systeem uit te werken waarin de toegangsverantwoordelijken afschakelbare belastingen zouden kunnen aanbieden tegen een vrij vastgestelde prijs. Dat zou het mogelijk maken de middelen die betrokken zijn bij de compensatie van de kwartuuronevenwichten

het kader van artikel 157, §2, 4°, van het technisch reglement te verhogen, terwijl de afschakelbare belastingen momenteel worden aangeboden

het kader van de toepassing van artikel 157, §3, van het technisch reglement, tegen een prijs die wordt vastgesteld volgens een methode die

het voorstel beschreven staat. Die afschakelbare belastingen zouden dan concurreren met het niet-gereserveerde tertiaire vermogen (CIPUovereenkomsten). Ten slotte stelt ELIA ook voor een uitbreiding van het mechanisme naar aanbiedingen uit het buitenland te bestuderen, waarvan sommige goedkoper zouden kunnen zijn dan de plaatselijke aanbiedingen. De impact op de grensoverschrijdende capaciteit moet echter nog nader worden onderzocht. 26.

de mate dat die ontwikkelingen erop gericht zijn de concurrentie op de Belgische markt voor compensatie van de kwartuuronevenwichten te versterken, moedigt de CREG ELIA aan ze voort te bestuderen en, als ze zijn uitgerijpt, op te nemen

een nieuw voorstel van mechanisme voor compensatie van de kwartuuronevenwichten. Ze maakt ELIA er echter opmerkzaam op dat het absoluut noodzakelijk is dat de volgorde waarin een beroep wordt gedaan op de middelen, alleen maar op het criterium van de laagste prijs mag steunen voor zover de veiligheid van de Belgische regelzone daardoor niet

gevaar komt. Ze vestigt de aandacht van ELIA ook op het feit dat eventuele voorstellen tot verdere ontwikkeling van het mechanisme

overeenstemming moeten zijn met het technisch reglement,

het bijzonder de artikelen 157 en 158, onder andere wat betreft middelen buiten de Belgische regelzone. III.3.2. Beschikbaarheid van de gecontracteerde middelen

zake vermogen voor secundaire en tertiaire regeling 27. De reservering van vermogen voor secundaire regeling en vermogen voor tertiaire regeling heeft betrekking op hoeveelheden waarvan de waarde wordt bepaald

het document van ELIA “Evaluatiemethode en bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor 2006 volgens art. 233 van het Technisch Reglement”. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 12/21 Dat document heeft het voorwerp gevormd van beslissing (B)050526-CDC-438 van de CREG van 26 mei 2005 over “de vraag tot goedkeuring van de evaluatiemethode voor en de bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor 2006”.

de onderhavige beslissing wordt dus niet op die elementen teruggekomen. 28. Op verschillende plaatsen van het voorstel, onder andere

punten 3.1.1 en 3.2.1, maakt ELIA melding van de mogelijkheid om middelen te contracteren die een beschikbaarheid van minder dan 100% kunnen vertonen. De CREG vindt dat het beroep op middelen die een beschikbaarheid van minder dan 100% kunnen vertonen, positief is voor de werking van de betrokken markten,

zoverre daardoor producenten van wie de parkomvang niet altijd toelaat de beschikbaarheid van de als reserve gehouden middelen voor 100% te garanderen, tot die markten kunnen worden aangetrokken. De CREG wil er echter uitdrukkelijk aan herinneren dat de vermogens voor secundaire regeling die bijdragen tot het verzekeren van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net

de regelzone, door ELIA zijn vastgesteld. Die vermogens heeft ELIA

een voorstel meegedeeld aan de CREG en de CREG heeft ze goedgekeurd

beslissing (B)050526-CDC-438, op basis van artikel 233 van het technisch reglement. De CREG is bijgevolg van oordeel dat ELIA bij het aanvaarden van aanbiedingen waaraan een beschikbaarheid van minder dan 100% is gekoppeld, ervoor moet zorgen dat voor elk kwartuur van het jaar de vermogensaanbiedingen voor secundaire regeling die te harer beschikking worden gesteld, toelaten te voldoen aan de hoeveelheid die het voorwerp heeft gevormd van beslissing (B)050526-CDC-438 van de CREG, dit is [Vertrouwelijke

formatie] MW ter verhoging en [Vertrouwelijke

formatie] MW ter verlaging, zelfs bij het ontbreken van aanbiedingen van de marktpartijen die geen overeenkomst voor secundaire regeling hebben ondertekend. Om dezelfde reden vindt de CREG dat er bij het aanvaarden van aanbiedingen van vermogen voor tertiaire regeling dat wordt gecontracteerd aan productiezijde en waaraan een beschikbaarheid van minder dan 100% is gekoppeld, voor moet worden gezorgd dat voor elk kwartuur van het jaar de aanbiedingen van vermogen voor tertiaire regeling aan de productiezijde die ter beschikking worden gesteld van ELIA toelaten te voldoen aan de hoeveelheid die het voorwerp heeft gevormd van beslissing (B)050526-CDC-438 van de CREG, hetzij [Vertrouwelijke

formatie] MW. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 13/21 III.3.

  1. Activering van de middelen voor de secundaire regeling

het voorstel selecteert ELIA op D-1 voor elk kwartuur van dag D aanbiedingen voor [Vertrouwelijke

formatie] MW ter verhoging en [Vertrouwelijke

formatie] MW ter verlaging. Die aanbiedingen kunnen evengoed afkomstig zijn van gereserveerd vermogen als van niet-gereserveerd vermogen. De selectie door ELIA van de aanbiedingen gebeurt onafhankelijk voor de aanbiedingen ter verhoging en de aanbiedingen ter verlaging,

stijgende volgorde van de eenheidsprijs van de aanbiedingen. De geselecteerde aanbiedingen doen mee aan de secundaire regeling op D voor het beschouwde uur. Elke producent van wie ten minste één aanbieding is geselecteerd voor het beschouwde uur, krijgt een signaal dat gebaseerd is op het onevenwicht van de zone,

verhouding tot het vermogen van zijn geselecteerde aanbiedingen. Die verhouding kan verschillen voor de regeling ter verhoging en de regeling ter verlaging. ELIA stuurt het signaal naar elke producent voor alle productie-eenheden die ELIA van plan is te laten deelnemen aan de secundaire regeling. ELIA behandelt de niet-geselecteerde aanbiedingen als

crementele en decrementele aanbiedingen,

het kader van het niet-gereserveerde tertiaire vermogen (CIPUovereenkomsten). 30. De CREG meent dat die manier van doen

overeenstemming is met artikelen 157, §2, 158 en 159, §2, van het technisch reglement. 31. De CREG stelt echter vast dat het mechanisme voor activering van de secundaire regeling geen beschrijving bevat van een precies verband tussen een geselecteerde aanbieding en de

stallatie die zal worden gebruikt bij de activering van die aanbieding. De CREG meent dat die werkwijze de producent soepelheid biedt op het vlak van de activering van het vermogen voor secundaire regeling. De CREG herinnert er echter aan dat ELIA zich ervan moet vergewissen dat elke aanbieding voor deelname aan de secundaire regeling die voor een deel of

haar geheel niet zou zijn geselecteerd, wel degelijk aanwezig is op D-1, samen met het vermogen dat beantwoordt aan het niet-geselecteerde deel van deze aanbieding, op het niveau van de aanbiedingen van niet-gereserveerd tertiair vermogen (CIPU-overeenkomsten), zoals ELIA vermeldt

de laatste paragraaf van punt 4.2.2 van het voorstel, overeenkomstig artikel 159, §2, van het technisch reglement. Het is eveneens nodig dat ELIA over de nodige gegevens beschikt om na activering voor elk kwartuur te kunnen bepalen voor welk bedrag elke eenheid deelneemt aan elk type van regeling of reserve. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 14/21 32.

punt 4.2.2 van het voorstel beschrijft ELIA hoe zij voorstelt de activering van de secundaire regeling door de producenten te controleren. De geplande controlefrequentie bedraagt [Vertrouwelijke

formatie]. Gezien het belang van de secundaire regeling voor het compenseren van kwartuuronevenwichten, vraagt de CREG dat die controle voor elk kwartuur zou gebeuren. III.3.4. Vergoeding van de leveranciers van diensten

zake compensatie van de kwartuuronevenwichten 33. Ook al valt de goedkeuring van het tarief voor compensatie van de kwartuuronevenwichten buiten het bestek van de onderhavige beslissing, toch heeft dat tarief implicaties voor het mechanisme zelf,

zoverre de wijze van vergoeding van de producenten die diensten

zake compensatie van de kwartuuronevenwichten verstrekken, ter wille van de goede werking van dat mechanisme niet los mag staan van de wijze van tarifering van de onevenwichten van de toegangsverantwoordelijken. Die vergoeding bestaat uit twee delen: de vergoeding van de reservering van de middelen en de vergoeding van de activering van de middelen. Voor de reservering van de middelen stelt ELIA de toepassing van een “pay as bid”vergoedingswijze voor. Die vergoedingswijze kreeg de voorkeur boven een vergoeding op basis van de prijs van het marginale bod met als doel een lagere reserveringsprijs te verkrijgen,

een systeem waar het aantal producenten dat kan deelnemen aan die markt momenteel beperkt is tot twee. Voor de activering van de middelen stelt ELIA eveneens een vergoeding van het “pay as bid”-type voor. Die vergoedingswijze is gerechtvaardigd door het geringe aantal marktpartijen dat producten kan aanbieden op de Belgische markt voor compensatie van de kwartuuronevenwichten. Bovendien beperkt die vergoedingswijze de gevolgen van prijspieken en mindert ze het belang dat producenten erbij kunnen hebben productiecapaciteiten aan de markt te onttrekken. Ten slotte is de tarifering die wordt gehanteerd voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten, namelijk een tarifering tegen de gemiddelde prijs, coherent met de “pay as bid”-vergoedingswijze. Rekening houdend met de bovenstaande elementen is de CREG van mening dat die vergoedingsmethode het best is aangepast aan de huidige structuur van de Belgische markt voor compensatie van de kwartuuronevenwichten. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 15/21 34. Wat betreft de wijze van vergoeding van de activering van afschakelbare belastingen wordt vertrokken van de vaststelling dat de afschakelbare belastingen slechts viermaal per jaar kunnen worden geactiveerd. Na vier activeringen

een zelfde jaar zijn ze niet meer beschikbaar. [Vertrouwelijke

formatie]. De CREG meent dat de voorgestelde vergoedingswijze voor de activering van de afschakelbare belastingen, een noodzakelijk compromis vormt tussen de voorzichtigheid die wordt

gegeven door de bekommernis om de veiligheid van het systeem waartoe de netbeheerder genoopt is, en de wil om de beperkingen die gepaard gaan met de afschakelbare belastingen te versoepelen en de afschakelbare belastingen aldus te kunnen gebruiken tegen een voordeliger prijs als de omstandigheden dat toelaten. Zij meent echter dat het opwaarderen van de afschakelbare belastingen a posteriori zonder wijziging van hun plaats

de opvraaglijst, moet worden vermeden. Zij vraagt dat de prijs van een middel eens en voor altijd a priori zou worden vastgesteld voor een bepaald kwartuur en, zoals ELIA trouwens

haar voorstel vermeldt, dat die prijs bepalend zou zijn voor de plaats van het middel

de opvraaglijst. III.3.

  1. Transparantie en marktinformatie

hoofdstuk 5 van het voorstel stelt ELIA voor om op haar website de volgende gegevens te publiceren per kwartuur: het bruto opregelvolume, het bruto afregelvolume, het netto regelvolume, de gewogen gemiddelde prijs van de regeling ter verhoging, de gewogen gemiddelde prijs van de regeling ter verlaging, de hoogst geactiveerde opregelprijs en de laagst geactiveerde afregelprijs. Bovendien zal ELIA het momentane onevenwicht van de regelzone blijven publiceren, zoals zij dat nu doet. 36. De CREG is van oordeel dat de publicatie van die gegevens bijdraagt tot de transparantie van het systeem voor compensatie van de kwartuuronevenwichten. Vanuit dat standpunt moet de bovengenoemde gepubliceerde

formatie worden aangevuld,

zoverre: − die gegevens

formatie met betrekking tot de aanbiedingen van secundair vermogen en tertiair vermogen aggregeren; − die gegevens hoofdzakelijk betrekking hebben op de geselecteerde aanbiedingen en geen

formatie bieden over de andere aanbiedingen. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 16/21

dat opzicht is het

teressant erop te wijzen dat op de websites van de naburige TNB’s, zoals TenneT en RTE, meer gedetailleerde

formatie staat dan op de website van ELIA. Bijgevolg verzoekt de CREG ELIA om op haar website vanaf dag D-1 de aanvullende

formatie te publiceren op basis van de volgende elementen: − de

formatie heeft betrekking op de aanbiedingen van elk kwartuur van dag D; − de

formatie wordt berekend op toegangsverantwoordelijken op D-1; − er wordt onderscheid gemaakt tussen de verschillende gebruikte reservetypes, namelijk vermogen voor secundaire regeling, niet-gereserveerd tertiair vermogen, gecontracteerd vermogen voor tertiaire regeling van het productietype en vermogen voor tertiaire regeling dat gecontracteerd is via de afschakelbare belastingen; − er wordt voor elk van die types van middelen onderscheid gemaakt tussen de regeling ter verhoging en de regeling ter verlaging; − er wordt onderscheid gemaakt tussen de geselecteerde aanbiedingen en het geheel van de aanbiedingen; − de

formatie betreft het totale volume, de gewogen gemiddelde prijs en de minimumprijs (

dien negatief)/maximumprijs (

dien positief) van de aanbiedingen. basis van de nominaties van de De CREG vraagt ELIA de

formatie te publiceren

numerieke en

grafische vorm,

een formaat dat soepel genoeg is om vlot te kunnen worden gebruikt door de marktpartijen. Aangezien de

voering van het nieuwe mechanisme gepland is voor een nabije datum, stelt de CREG voor dat ELIA de

formatie die

het voorstel staat, publiceert vanaf de

voering van het nieuwe mechanisme en dat zij de hierboven door de CREG gevraagde

formatie geleidelijk zou toevoegen, zodat al die

formatie ten laatste tegen eind februari 2006 op haar website verschijnt. III.3.

  1. Monitoring Het voorstel bevat geen onderdeel waarin een algemene procedure

zake controle (monitoring) van de werking van het mechanisme voor compensatie van de kwartuuronevenwichten wordt beschreven. Controle is van cruciaal belang, onder andere om misbruiken en het gebruik van de compensatie van de kwartuuronevenwichten als bron van “commodity” te ontraden. Controle zou het ook mogelijk moeten maken de werking van het voorgestelde mechanisme te analyseren en eventuele verbeteringen voor te stellen. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 17/21

dat opzicht verzoekt de CREG ELIA een dergelijke controle tot stand te brengen, volgens samen met de CREG vast te stellen uitvoeringsbepalingen, en haar resultaten ter beschikking van de CREG te stellen. Die monitoring moet onder andere de volgende aspecten bestrijken. − Hij moet het mogelijk maken te controleren of de contractanten de contracten betreffende het vermogen voor secundaire regeling en het vermogen voor tertiaire regeling aan de productiezijde alsook de contracten voor afschakelbare belasting naleven. Hij moet het bovendien mogelijk maken de aanbiedingen op kwartuurniveau volledig te controleren op het vlak van vermogen en prijs. − [Vertrouwelijke

formatie]. − Die monitoring moet het bovendien mogelijk maken te controleren of de aanbiedingen permanent de beschikbaarheid waarborgen van de vermogenshoeveelheden voor secundaire en tertiaire regeling die ELIA heeft voorgesteld en die de CREG heeft goedgekeurd

beslissing (B)050526-CDC-438. − Die monitoring moet het eveneens mogelijk maken a posteriori op kwartuurniveau de deelname van elke productie-eenheid en elke afschakelbare belasting aan de compensatie van de kwartuuronevenwichten te identificeren en te kwantificeren, zowel op het punt van de aanbiedingen van de vorige dag (beschikbaar vermogen en prijs) als op het punt van de activering op de dag zelf (beschikbaar vermogen, geactiveerde energie en prijs). − Die monitoring moet ten slotte de identificatie op kwartuurniveau (energie en prijs) mogelijk maken van het beroep gedaan door ELIA op

voer van noodreserve alsook van de uitvoer van noodreserve naar de naburige zones en de activeringen van reserves

België waardoor die tot stand kon komen. Die monitoring moet drie onderdelen bevatten. Het eerste betreft de bezorging, aan de CREG, tijdens week W+1, van de kwartuurgegevens van week W. Het tweede deel bestaat

een driemaandelijks syntheseverslag van de werking van de markt voor compensatie van de kwartuuronevenwichten, dat aan de CREG moet worden bezorgd

de loop van de maand na het betrokken kwartaal. Het derde deel betreft uitzonderlijke omstandigheden. Het verslag waarin die uitzonderlijke omstandigheden worden beschreven, moet op

itiatief van ELIA worden opgestuurd ten laatste binnen twee weken na de gebeurtenis. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 18/21 IV. BESLISSING Gelet op het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende het technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. Gelet op het voorstel “Voorstel werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten voor het jaar 2006”, dat door de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR werd overgemaakt per brief van 30 augustus

  1. Gelet op de beslissing van de CREG van 26 mei 2005 ter goedkeuring van de evaluatiemethode voor de bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen en haar toepassing voor
  2. Gelet op de consultatie van de marktpartijen op 27 september
  3. Gelet op de vergadering tussen de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR en de CREG op 2 november 2005

de lokalen van de CREG. Gelet op het aangepaste voorstel “Voorstel werkingsregels van de markt bestemd voor compensatie van de kwartuuronevenwichten: werkingsregels voor de aankoop door de transportnetbeheerder van ondersteunende diensten voor de regeling van de Belgische regelzone – Aangepast voorstel

het kader van de vergadering met de CREG op 2 november 2005”, dat de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR heeft opgestuurd per brief gedateerd op 23 november

  1. Gelet op het aanpassingsvoorstel “Wijziging van de paragrafen 1 & 2 van het punt 4.5.
  2. van het document ‘werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten’”, dat de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR heeft opgestuurd per brief gedateerd op 12 december
  3. Gelet op de voorgaande analyse. Overwegende dat de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR haar voorstel voor het jaar 2006 heeft

gediend. Overwegende dat het voorstel de voorschriften van de artikelen van het technisch reglement die onder hoofdstuk I van de onderhavige beslissing vermeld staan,

acht neemt. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 19/21 Overwegende dat het voorstel voldoet aan de beoordelingselementen die zijn uiteengezet onder punt III.2. van de onderhavige beslissing. Beslist de CREG het voorstel van de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR voor 2006 goed te keuren

het kader van de opdracht die haar is toevertrouwd bij artikel 159, §1, van het technisch reglement. De CREG onderwerpt de implementatie van het nieuwe mechanisme echter aan de voorwaarde dat een monitoring tot stand wordt gebracht, overeenkomstig de overwegingen

paragraaf 37 van de onderhavige beslissing. Bovendien zal de het nodige moeten doen om tegemoet te komen aan de opmerkingen

onder andere de paragrafen 26, 28, 32, 34 en 36 van de onderhavige beslissing. De CREG herinnert overigens aan de noodzaak dat de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR permanent beschikt over de reserves die het voorwerp vormen van de beslissing van de CREG van 26 mei 2005 ter goedkeuring van de evaluatiemethode voor de bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen en haar toepassing voor 2006. De CREG beslist tevens dat de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR de contracten met betrekking tot de compensatie van de kwartuuronevenwichten moet conformeren aan de nieuwe marktregels vervat

onderhavige beslissing. De CREG behoudt zich overigens het recht om op elk moment aanvullende opmerkingen te formuleren, desgevallend

een latere beslissing. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 20/21

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.