← België

Beslissing over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de metho

Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. 02/289.76.11 Fax 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS BESLISSING (B)061207-CDC-610 over de 'aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk-België aan de toegangsverantwoordelijken.' genomen met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe 7 december 2006 INLEIDING DE COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 180, §2 en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van NV Elia System Operator (hierna: Elia) betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk-België aan de toegangsverantwoordelijken, zoals gewijzigd. Artikel 180, §2 van het technisch reglement bepaalt dat de methoden voor congestiebeheer, alsook de veiligheidsregels, ter goedkeuring aan de CREG worden voorgelegd door de netbeheerder. Artikel 183, §2 van het technisch reglement bepaalt dat de methoden voor de toekenning, aan de toegangsverantwoordelijken, van de capaciteit die beschikbaar is voor energieuitwisselingen met de buitenlandse netten, ter goedkeuring aan de CREG worden voorgelegd door de netbeheerder. Het voorstel betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de capaciteit die beschikbaar is voor energie-uitwisselingen met het Franse net, zoals gewijzigd, werd door Elia per brief van 5 december 2006 (dezelfde dag ontvangen per drager met bericht van ontvangst) aan de CREG bezorgd. Het door Elia ingediende dossier bestaat uit de volgende documenten: de « Règles d’Allocation par Enchères des Capacités sur l’Interconnexion France-Belgique (Règles IFB), version 1.2 [03/01/07] modifiée le 05-12-06 », en de « Réponses aux remarques communes de la CRE et de la CREG relatives à la version 1.2 [03/01/07] des Règles d’Allocation par Enchères des Capacités sur l’Interconnexion France-Belgique ». Dit dossier vervangt het dossier dat Elia indiende per brief van 11 oktober 2006 (dezelfde dag ontvangen per drager met bericht van ontvangst) en dat twee documenten bevatte : de « Règles d’Allocation par Enchères des Capacités sur l’Interconnexion France-Belgique (Règles IFB), version 1.2 [03/01/07]» en een begeleidende nota « Enchères sur l’Interconnexion France-Belgique. Modifications des Règles IFB dans le cadre de la mise en place du marché secondaire de capacités », evenals het dossier dat Elia indiende per brief van 22 november 2006 (dezelfde dag ontvangen per drager met bericht 2/27 van ontvangst), ter vervanging van de versie van 11 oktober 2006, die het document bevatte met als titel : « Règles d’Allocation par Enchères des Capacités sur l’Interconnexion FranceBelgique (Règles IFB), version 1.2 [03/01/07] ». Het voorstel van Elia werd aangevuld met twee brieven van 28 november en 4 december 2006 met als titel « Allocation de capacité à la frontière franco-belge » en met verscheidene bijlagen. Deze beslissing is opgesplitst in vier delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten van de beslissing toegelicht. Het derde deel ontleedt de voorgestelde gewijzigde methoden voor capaciteitstoekenning op de FransBelgische grens. Het vierde deel, tenslotte, bevat de eigenlijke beslissing. Een kopie van de IFB Regels die Elia ter kennis bracht van de CREG op 5 december 2006 wordt als bijlage aan deze beslissing toegevoegd. Op zijn vergadering van 7 december 2006 nam het Directiecomité van de CREG de onderhavige beslissing. 3/27 I. WETTELIJK KADER I.1. Richtlijn 2003/54/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2003 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 96/92/EG. 1. Richtlijn 2003/54/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2003 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 96/92/EG (hierna: richtlijn 2003/54/EG), legt in haar artikel 9.

  1. e)een algemene verplichting op volgens dewelke de netbeheerder de niet-discriminatie tussen gebruikers of categorieën van gebruikers van het net, meer in het bijzonder ten gunste van zijn gelieerde maatschappijen, moet waarborgen. Richtlijn 2003/54/EG benadrukt meer bepaald het principe van de niet-discriminerende toegang tot het transmissiesysteem in artikel 20.1, dat bepaalt dat de Lidstaten erop dienen toe te zien dat voor alle in aanmerking komende klanten een systeem van toegang voor derden tot de transmissie- en distributienetten wordt ingevoerd. Dit systeem, gebaseerd op gepubliceerde tarieven, moet objectief en zonder discriminatie tussen de gebruikers van het net worden toegepast. Artikel 20.2 van richtlijn 2003/54/EG bepaalt onder meer dat de transmissienetbeheerder (TNB) de toegang kan weigeren als hij niet over de nodige capaciteit beschikt. Artikel 23.1.
  2. a)van richtlijn 2003/54/EG heeft betrekking op de regelgevende instanties en voorziet dat ze, ten minste, verantwoordelijk moeten zijn voor het garanderen van nondiscriminatie, daadwerkelijke mededinging en een doeltreffende marktwerking ten aanzien van de voorschriften inzake het beheer en de toekenning van koppelingscapaciteit, in overleg met de regelgevende instanties van de Lidstaten waarmee een koppeling bestaat. 4/27 I.2. Verordening (EG) Nr.1228/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2003 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit 2. De CREG herinnert eraan dat, krachtens de bepalingen van artikel 249 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, verordening nr. 1228/2003 een algemene draagwijdte heeft, in al zijn elementen bindend is en rechtstreeks van toepassing is in iedere Lidstaat. 3. Artikel 6.1 preciseert dat de problemen inzake congestiebeheer worden aangepakt met niet-discriminerende oplossingen die op de markt gebaseerd zijn en de betrokken marktdeelnemers en transmissiesysteembeheerders doeltreffende economische signalen geven. 4. Artikel 6.2 van verordening nr. 1228/2003 bepaalt dat de procedures voor de beperking van de transacties alleen mogen worden gebruikt in noodsituaties waarbij de TNB snel moet ingrijpen en waarbij redispatching of compensatiehandel niet mogelijk zijn, en dat, behoudens gevallen van overmacht, de marktdeelnemers aan wie een capaciteit werd toegekend, moeten worden vergoed voor elke beperking. 5. Artikel 6.3 bepaalt dat marktdeelnemers de beschikking krijgen over de maximale capaciteit van de koppelverbindingen en/of de maximale capaciteit van de transmissiesystemen waarmee grensoverschrijdende stromen worden verzorgd, met naleving van de voor een bedrijfszekere exploitatie van het net geldende veiligheidsnormen. 6. Artikel 6.4 betreft het tijdschema van de nominaties en de herverdeling van de ongebruikte capaciteiten. Het bepaalt dat de marktdeelnemers de betrokken TNB’s voldoende lang vóór de aanvang van de betrokken exploitatieperiode in kennis moeten stellen van hun voornemen om de toegekende capaciteit al dan niet te gebruiken. Elke ongebruikte toegekende capaciteit wordt opnieuw aan de markt toegekend volgens een open, transparante en niet-discriminerende procedure. 5/27 7. Artikel 6.5 van verordening nr. 1228/2003 bepaalt dat, voor zover dit technisch mogelijk is, de TNB’s de behoeften aan capaciteit voor elektriciteitsstromen in tegengestelde richting over de overbelaste koppellijn moeten vereffenen, teneinde de capaciteit van deze lijn maximaal te benutten. I.3. De nieuwe « Richtsnoeren voor het beheer en de toewijzing van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties tussen nationale systemen » 8. Overeenkomstig artikel 8

(4)van verordening nr. 1228/2003, besliste de Europese Commissie de in de bijlage van deze verordening nr. 1228/2003 opgenomen richtsnoeren voor het beheer en de toekenning van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties (koppelverbindingen) tussen nationale systemen te wijzigen. Aldus werd een nieuwe versie van de bijlage van kracht op 1 december 2006 (hierna : de nieuwe richtsnoeren). De bepalingen van deze nieuwe richtsnoeren die relevant zijn voor onderhavige beslissing, worden hierna weergegeven. […] 1.10. De nationale regelgevende instanties zullen regelmatig de methoden voor congestiebeheer evalueren, waarbij zij met name aandacht zullen besteden aan de naleving van de beginselen en regels die in de verordening en de richtsnoeren zijn vastgelegd en aan de voorwaarden die de regelgevende instanties zelf hebben vastgesteld op basis van die beginselen en regels. In het kader van een dergelijke evaluatie moeten alle marktspelers worden geraadpleegd en moeten gerichte studies worden uitgevoerd. 2. METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER 2.1 Methoden voor congestiebeheer moeten op de markt gebaseerd zijn, zodat doeltreffende grensoverschrijdende handel wordt vergemakkelijkt. Daarom zal capaciteit alleen worden toegewezen door expliciete (capaciteit) of impliciete (capaciteit en energie) veilingen. Beide methoden mogen worden gebruikt voor een en dezelfde interconnectie. Met betrekking tot intra-day handel is continuhandel mogelijk. 6/27 2.2. Afhankelijk van de concurrentievoorwaarden moeten de mechanismen voor congestiebeheer zowel lange- als kortetermijntoewijzing van transmissiecapaciteit mogelijk maken. 2.3. Bij elke procedure voor capaciteitstoewijzing wordt een voorgeschreven gedeelte van de beschikbare interconnectiecapaciteit toegewezen, alsook de resterende capaciteit die niet eerder is toegewezen en alle capaciteit die is vrijgegeven door de begunstigden van eerdere toewijzingen. […] 2.5. De toegangsrechten voor toewijzingen op lange en middellange termijn moeten vaste transmissiecapaciteitsrechten zijn. Voor deze toegangsrechten gelden de beginselen „use-itor-lose-it” of „use-it-or-sell-it” op het ogenblik van de nominering. 2.6. De TNB’s stellen een passende structuur vast voor de toewijzing van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken. Hierin kan een optie zijn opgenomen om een minimumpercentage aan interconnectiecapaciteit te reserveren voor dagelijkse of „intra-day”toewijzing. Deze toewijzingsstructuur moet worden beoordeeld door de respectievelijke regelgevende instanties. Bij het opstellen van hun voorstellen houden de TNB’s rekening met:
  1. a)de kenmerken van de markten;
  2. b)de exploitatieomstandigheden, zoals de gevolgen van de vereffening van vaste programma's;
  3. c)het niveau van harmonisering van de percentages en tijdsbestekken die zijn goedgekeurd voor de verschillende geldende mechanismen voor de toewijzing van capaciteit. […] 2.10. In beginsel mogen alle potentiële marktdeelnemers zonder beperking deelnemen aan het toewijzingsproces. Om te vermijden dat problemen in verband met het mogelijk gebruik van een dominante positie door marktdeelnemers ontstaan of verergeren, mogen de bevoegde regelgevings- en/of mededingingsinstanties om redenen van marktdominantie algemene of ten aanzien van een bedrijf geldende beperkingen opleggen. […] 2.12. Capaciteit mag vrij worden verhandeld op secundaire basis voor zover de TNB lang genoeg van tevoren hiervan in kennis wordt gesteld. Wanneer een TNB een secundaire transactie weigert, moet hij dit op duidelijke en transparante wijze meedelen en uitleggen aan alle marktdeelnemers, en moet hij de regelgevende instantie daarvan in kennis stellen. 7/27 2.13. De financiële gevolgen van het niet naleven van verplichtingen in verband met de toewijzing van capaciteit komen ten laste van degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn. Wanneer marktdeelnemers geen gebruik maken van de capaciteit waartoe ze zich verbonden hebben of, in het geval van expliciet geveilde capaciteit, deze niet verhandelen op secundaire basis of tijdig teruggeven, verliezen ze de rechten op die capaciteit en zijn ze een op de kosten gebaseerde vergoeding verschuldigd. Deze op de kosten gebaseerde vergoedingen voor het niet gebruiken van capaciteit dienen gerechtvaardigd en proportioneel te zijn. Wanneer een TNB zijn verplichting niet nakomt, dient hij de marktdeelnemer te vergoeden voor het verlies van de capaciteitsrechten. Met andere verliezen die het gevolg zijn van het verlies van capaciteitsrechten wordt geen rekening gehouden. De belangrijkste concepten en methoden voor het vaststellen van de aansprakelijkheid voor het niet naleven van de verplichtingen worden van tevoren uiteengezet voor wat de financiële gevolgen betreft, en dienen te worden beoordeeld door de relevante nationale regelgevende instantie(s). […] 3. COÖRDINATIE […] 4. TIJDSCHEMA VOOR MARKTOPERATIES […] 4.2. De nominering van transmissierechten dient, met volle aandacht voor de netwerkveiligheid, lang genoeg van tevoren plaats te vinden, en wel vóór de „day-ahead” sessies van alle relevante georganiseerde markten en vóór de bekendmaking van de capaciteit die zal worden toegewezen op basis van het „day-ahead”- of het „intra-day”toewijzingsmechanisme. Om doeltreffend gebruik te maken van de interconnectie worden nomineringen van transmissierechten in de omgekeerde richting vereffend. […] 5. TRANSPARANTIE 5.1. TNB’s publiceren alle relevante gegevens met betrekking tot de beschikbaarheid van het netwerk, de netwerktoegang en het netwerkgebruik, inclusief een verslag waarin wordt nagegaan waar en waarom er sprake is van congestie, welke methoden worden toegepast om de congestie te beheren en welke plannen er bestaan voor congestiebeheer in de toekomst. […] 8/27 5.3. De toegepaste procedures voor congestiebeheer en capaciteitstoewijzing, de tijdstippen en procedures voor het aanvragen van capaciteit, een beschrijving van de aangeboden producten en de rechten en plichten van transmissiesysteembeheerders en van de partijen die de capaciteit verkrijgen, inclusief de aansprakelijkheid bij niet naleving van deze plichten, moeten nauwkeurig door de TNB’s worden beschreven en op transparante wijze aan alle potentiële netwerkgebruikers worden meegedeeld. […] 5.5. De TNB’s dienen alle relevante gegevens betreffende grensoverschrijdende handel te publiceren op basis van de best mogelijke voorspelling. De betrokken marktdeelnemers verschaffen de TNB’s de nodige informatie, zodat die aan hun verplichting kunnen voldoen. De wijze waarop deze informatie wordt gepubliceerd moet ter beoordeling aan de regelgevende instanties worden voorgelegd. De TNB’s moeten minstens de volgende gegevens publiceren:
  4. a)jaarlijks: informatie over de langetermijnevolutie van de transmissie-infrastructuur en het effect ervan op de grensoverschrijdende transmissiecapaciteit;
  5. b)maandelijks: maand- en jaarvoorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit, rekening houdend met alle relevante informatie waarover de TNB beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling (bv. de gevolgen van zomer en winter op de capaciteit van de lijnen, onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden enz.);
  6. c)wekelijks: voorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit voor de komende week, rekening houdend met alle informatie waarover de TNB beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling, zoals de weersvoorspelling, gepland onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden enz.;
  7. d)dagelijks: voor de markt beschikbare „day-ahead”- en „intra-day”-transmissiecapaciteit voor elke tijdseenheid van de markt, rekening houdend met alle vereffende „day-ahead” nomineringen, „day-ahead”-productieschema's, vraagprognoses en gepland onderhoud aan het net;
  8. e)totale reeds toegewezen capaciteit per tijdseenheid van de markt en alle relevante omstandigheden waarin deze capaciteit kan worden gebruikt (bv. de toewijzingsprijs op de veiling, de verplichtingen inzake de wijze waarop de capaciteit moet worden gebruikt enz.), teneinde alle resterende capaciteit te identificeren;
  9. f)de toegewezen capaciteit, zo snel mogelijk na elke toewijzing, en een indicatie van de betaalde prijs;
  10. g)de totale gebruikte capaciteit, per tijdseenheid van de markt, onmiddellijk na de nominering; 9/27
  11. h)zo dicht mogelijk bij de werkelijke tijd: verzamelde informatie over gerealiseerde commerciële en fysieke stromen, per tijdseenheid van de markt, inclusief een beschrijving van de effecten van eventuele corrigerende maatregelen (zoals beperking) die door de TNB’s zijn genomen om problemen met het systeem of netwerk op te lossen;
  12. i)informatie vooraf over geplande uitval en verzamelde informatie achteraf over geplande en niet-geplande uitval die de vorige dag heeft plaatsgevonden in opwekkingseenheden van meer dan 100 MW. 5.6. De markt moet tijdig over alle relevante informatie beschikken om over alle transacties te kunnen onderhandelen (industriële klanten moeten bijvoorbeeld tijdig kunnen onderhandelen over jaarcontracten en biedingen moeten tijdig naar georganiseerde markten worden gestuurd). 5.7. De TNB moet de relevante informatie over de voorspelde vraag en opwekking publiceren volgens de in de punten 5.5 en 5.6 vermelde tijdschema's. De TNB moet ook de relevante informatie publiceren die nodig is voor de grensoverschrijdende vereffeningsmarkt. 5.8. Wanneer de voorspellingen zijn gepubliceerd, moeten ook de ex-post gerealiseerde waarden voor de informatie over de voorspelling worden gepubliceerd in de tijdsperiode die volgt op die waarop de voorspelling betrekking heeft of ten laatste op de volgende dag (D+1). 5.9. Alle door de TNB’s gepubliceerde informatie moet gratis ter beschikking worden gesteld in een gemakkelijk toegankelijk formaat. Het moet ook mogelijk zijn om via adequate en genormaliseerde middelen voor informatie-uitwisseling, die in nauwe samenwerking met de marktpartijen worden vastgesteld, toegang te krijgen tot alle gegevens. De gegevens omvatten informatie over voorbije tijdsperiodes, en minstens over de voorbije twee jaar, zodat nieuwe marktdeelnemers ook toegang hebben tot dergelijke gegevens. […] 10/27 I.4. 9. De elektriciteitswet Artikel 2, 7° van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna : elektriciteitswet) verstaat onder « transmissienet » het nationaal transmissienet voor elektriciteit, dat de bovengrondse lijnen, ondergrondse kabels en installaties omvat die dienen voor het vervoer van elektriciteit van land tot land en naar rechtstreekse afnemers van de producenten en naar distributeurs gevestigd in België, alsook voor de koppeling tussen elektrische centrales en tussen elektriciteitsnetten. 10. Artikel 15, § 1 van dezelfde wet bepaalt dat de in aanmerking komende afnemers een recht van toegang tot het transmissienet hebben tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12 en dat de netbeheerder de toegang alleen kan weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt, of wanneer de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het technisch reglement. I.5. 11. Het technisch reglement Artikel 180, §1, van het technisch reglement, bepaalt dat de netbeheerder op niet-discriminerende en transparante wijze de door hem toegepaste congestiebeheermethoden moet bepalen. Artikel 180, §2, preciseert dat de methoden voor congestiebeheer en de veiligheidsregels ter goedkeuring aan de CREG ter kennis gebracht moeten worden en gepubliceerd moeten worden overeenkomstig artikel 26. Overeenkomstig artikel 180, §3, van het technisch reglement moet de netbeheerder er, bij de uitvaardiging en de inwerkingstelling van deze methoden, inzonderheid op toezien om, 1° zoveel mogelijk rekening te houden met de richting van de elektriciteitsstromen en in het bijzonder wanneer de energie-uitwisselingen effectief de congestie doen verminderen; 2° zoveel mogelijk betekenisvolle invloeden te vermijden op de elektriciteitsstromen in andere netten; 11/27 3° problemen van congestie op het net op te lossen bij voorkeur met methoden die geen selectie tussen de energie-uitwisselingen van de verschillende toegangsverantwoordelijken inhouden; 4° geschikte economische signalen te geven aan de betrokken netgebruikers. Overeenkomstig artikel 180, §4 van het technisch reglement moeten deze methoden van congestiebeheer onder meer gebaseerd zijn op: 1° procedures voor het in mededinging stellen van de beschikbare capaciteit 2° de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de regelzone en/of, middels akkoord met de buitenlandse netbeheerder(s), door de gecoördineerde inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de betrokken buitenlandse regelzone(s). Krachtens artikel 181, §1, van het technisch reglement hebben de methoden voor congestiebeheer bepaald in artikel 180 onder meer tot doel: 1° elke beschikbare capaciteit aan de markt ter beschikking te stellen volgens transparante en niet discriminerende methoden via, in voorkomend geval, veilingen waarin de capaciteiten kunnen worden verkocht met verschillende duurtijden en met verschillende karakteristieken (bijvoorbeeld wat betreft de verwachte betrouwbaarheid van de betreffende beschikbare capaciteit); 2° de beschikbare capaciteit in een serie verkopen aan te bieden die op verschillende tijdsbasis gehouden kunnen worden; 3° bij elk van deze veilingen een bepaald gedeelte van de beschikbare capaciteit aan te bieden, met inbegrip van alle overblijvende capaciteiten die niet toegekend werden bij de vorige verkopen, 4° de commercialisering van de aangeboden capaciteit toe te laten. Artikel 181, §2, bepaalt dat de methoden voor congestiebeheer, in noodsituaties, een beroep kunnen doen op de onderbreking van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen, overeenkomstig vooraf vastgestelde prioriteitsregels die de CREG ter kennis zijn gebracht en gepubliceerd zijn overeenkomstig artikel 26 van dit besluit. 12/27 Zijn paragraaf 3 preciseert dat, voor wat de methoden voor congestiebeheer tussen de regelzones betreft, de netbeheerder overleg dient te plegen met de netbeheerders van de betrokken buitenlandse regelzones. 12. Artikel 183, §1, van het technisch reglement bepaalt bovendien dat de netbeheerder waakt over de uitvoering van een of meer methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met de buitenlandse netten. Volgens artikel 183, §2, van het technisch reglement zijn deze methoden transparant en nietdiscriminerend. Zij worden aan de commissie ter goedkeuring ter kennis gebracht en gepubliceerd overeenkomstig artikel 26 van dit besluit. Ten slotte preciseert artikel 183, §3, van het technisch reglement dat deze methoden tot doel hebben het gebruik van de capaciteit van het net te optimaliseren, overeenkomstig artikel 179. 13. Overeenkomstig artikel 184 van het technisch reglement beogen de methoden van toekenning van capaciteit onder meer: 1° in de mate van het mogelijke elk verschil in behandeling te minimaliseren bij het beheer van een congestie, tussen de verschillende soorten van grensoverschrijdende energieuitwisselingen door fysieke wederkerige overeenkomsten of aanbiedingen op georganiseerde buitenlandse markten; 2° elke ongebruikte capaciteit aan andere marktdeelnemers ter beschikking te stellen; 3° de precieze voorwaarden van de garantiegraad van de aan de marktdeelnemers ter beschikking gestelde capaciteit te bepalen. 13/27 II. 14. ANTECEDENTEN Op 1 december 2005 keurde de CREG beslissing (B) 051201-CDC-494 goed betreffende de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator over de methoden voor congestiebeheer en voor de toekenning aan de toegangsverantwoordelijken van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding FrankrijkBelgië. (hierna : de beslissing van 1 december 2005). Door deze beslissing, genomen met uitvoering van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, weigerde de CREG de goedkeuring, maar stond ze voorlopig de inwerkingstelling toe van een nieuw mechanisme voor capaciteitstoewijzing en congestiebeheer op de Frans-Belgische grens, op basis van expliciete veilingen voorgesteld door Elia. In haar beslissing maakte de CREG overigens enig voorbehoud en richtte ze een aantal verzoeken tot ELIA. Het voorbehoud heeft onder meer betrekking op de juridische aspecten van het voorstel van ELIA en wordt onder andere gerechtvaardigd door het feit dat de CREG het noodzakelijke overleg met de Franse regulator, de Commission de Régulation de l’Energie (CRE) niet volledig kon afronden. 15. Op 14 april 2006 ontving de CREG van Elia het gemeenschappelijk standpunt van Elia, RTE en Tennet met betrekking tot de secundaire capaciteitsmarkt gevormd in het kader van het stappenplan van CRE, CREG en DTe van 7 december 2005. 16. Op 5 juli 2006 beantwoordde de CREG de brief van Elia van 14 april 2006 en verzocht ze Elia onder meer om vóór 1 januari 2007 aan de Frans-Belgische markt een secundair marktmechanisme op te stellen dat verwant is met dat aan de Belgisch-Nederlandse grens. 17. Op 25 augustus 2006 nam de CREG beslissing (B)060825-CDC-552 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning aan de toegangsverantwoordelijken van de beschikbare dagcapaciteit op de koppelverbinding Frankrijk-België en België-Nederland door middel van impliciete veilingen. Door haar beslissing keurt de CREG het voorstel van Elia goed onder welbepaald voorbehoud en richt ze een aantal verzoeken tot Elia. 18. Op 25 augustus 2006 nam de CREG eveneens beslissing (B)060825-CDC-560 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende 14/27 de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding Frankrijk-België (hierna : de beslissing van 25 augustus 2006). Door deze beslissing, genomen met toepassing van artikel 183, §2, van het technisch reglement, weigerde de CREG het voorstel van Elia van nieuwe IFB Regels met de nodige wijzigingen aan de inwerkingstelling van een marktkoppeling op de koppelverbinding Frankrijk-België goed te keuren. Maar om de inwerkingstelling van Belpex en de marktkoppeling niet te vertragen en de betrokken markten niet te benadelen, stond de CREG Elia toe de voorgestelde wijzigingen voorlopig toe te passen. 19. Op 11 oktober 2006 ontving de CREG van Elia, met toepassing van de artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, de aanvraag tot goedkeuring van de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met het Franse net, namelijk de IFB Regels zoals die gewijzigd werden, hoofdzakelijk met het oog op de invoering van de noodzakelijke bepalingen voor de inwerkingstelling van een secundaire capaciteitsmarkt. 20. In de loop van de maanden oktober en november 2006 pleegden de CRE en de CREG overleg met het oog op de bespreking van de inhoud van de IFB Regels en stelden daarbij een lijst op met de punten die door Elia en RTE (Réseau de Transport d’Electricité) moesten gewijzigd worden om hun goedkeuring te bekomen (hierna : de gemeenschappelijke opmerkingen). Bij brief van 9 november 2006 bezorgde de CREG het voornoemde document aan Elia en verzocht ze deze laatste haar een nieuw voorstel van IFB Regels ter goedkeuring voor te leggen dat rekening houdt met de gemeenschappelijke opmerkingen van beide regulatoren en aldus het dossier vervangt dat op 11 oktober 2006 werd ingediend. Een gelijkaardige brief werd door de CRE naar RTE verzonden. 21. Op 22 november 2006 ontving de CREG van Elia, met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, een nieuwe aanvraag tot goedkeuring van de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met het Franse net, namelijk een nieuwe versie van de IFB Regels ter vervanging van de versie ingediend op 11 oktober 2006. 22. Op 28 november 2006 ontving de CREG van Elia een brief betreffende de toekenning van capaciteit op de Frans-Belgische grens waarin Elia de CREG in kennis stelt van een 15/27 ontwerp voor de nieuwe verdeling, onder de jaar-, maand- en dagveilingen, van de capaciteit geveild op de Frans-Belgische grens voor het jaar 2007. 23. Bij brief van 30 november 2006 reageerde de CREG op de brief van Elia van 28 november 2006. In deze brief stelt de CREG dat ze openstaat voor het onderzoek van een herschikking van de capaciteit, maar dringt ze aan op de noodzaak om daarvoor een volledig dossier ter goedkeuring in te dienen bij de CREG en betreurt ze de laattijdigheid van de aanvraag van Elia ten opzichte van de datum van de jaarveiling van 2007. 24. Op 4 december 2006 ontving de CRE van Elia een brief waarin deze laatste het voorstel gedaan in zijn brief van 28 november 2006 vervolledigt en herhaalt en de goedkeuring van de CREG vraagt. Bij deze brief werd een analysenota gevoegd. 25. Op 5 december 2006 ontving de CREG van Elia, met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, een nieuwe aanvraag tot goedkeuring van de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met het Franse net, namelijk een nieuwe versie van de IFB Regels die de op 22 november 2006 ingediende versie vervangt en die volgens Elia rekening houdt met de gemeenschappelijke opmerkingen van de CRE en de CREG. 26. CRE en CREG pleegden overleg in verband met het voorstel voor een nieuwe verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdhorizonten. 16/27 ANALYSE VAN DE METHODES VOOR CONGESTIEBEHEER EN VOOR DE TOEKENNING VAN CAPACITEIT OP DE KOPPELVERBINDING FRANKRIJK – BELGIË, VOORGESTELD DOOR ELIA II.1. 27. Voorafgaande opmerkingen Onder deze titel wordt de conformiteit geanalyseerd van het voorstel van Elia met het wettelijke kader, omschreven in titel I van deze beslissing. 28. De CREG onderzoekt tevens of de nieuwe versie van de IFB Regels, voorgesteld door Elia, rekening houdt met de gemeenschappelijke opmerkingen van de CRE en de CREG en haalt hierna de punten aan die daaraan niet zouden voldoen. 29. De CREG betreurt de laattijdigheid van de aanvraag van Elia, die werd ingediend op 5 december 2006, aangezien de jaarlijkse veilingen van 2007 gepland zijn voor 15 december 2006 en de publicatiedatum van de IFB Regels toepasselijk op deze veilingen werd vastgesteld op 8 december 2006. 30. Verder doet deze beslissing geen afbreuk aan de beslissingen van de CREG van 1 december 2005 en 25 augustus 2006. De daarin gemaakte opmerkingen blijven volkomen geldig. 31. Om een grotere efficiëntie te verzekeren, strekt het onderzoek van de CREG zich tevens uit tot het voorstel dat Elia formuleerde in zijn brieven van 28 november en 4 december 2006 met betrekking tot de nieuwe verdeling, onder de jaar-, maand- en dagveilingen, van de capaciteit geveild op de Frans-Belgische grens voor het jaar 2007. De CREG herinnert eraan dat de huidige capaciteitsverdeling het voorwerp was van de voorlopige toelating tot inwerkingstelling vervat in de beslissing van de CRE van 1 december 2005. 17/27 II.2. Analyse II.2.1 De IFB Regels Artikel 1.06 32. De CREG merkt op dat in het eerste lid een niet-inhoudelijke fout geslopen is. Dat verwijst immers naar beslissing (B)1105-CDC-545 van de CREG, terwijl het in werkelijkheid gaat om haar beslissing (B)051201-CDC-494. 33. De CREG zal nagaan hoe deze bepaling door de deelnemers toegepast wordt en behoudt zich bijgevolg het recht voor te vragen dat verbeteringen of verduidelijkingen aan de tekst aangebracht worden ingeval ze misbruiken zou vaststellen. In dat verband herinnert de CREG er bijvoorbeeld aan dat de maatregel van capaciteitsbeperking moet begrepen worden alsof hij van toepassing is op een marktspeler, samen met de rechtstreeks of onrechtstreeks ermee verbonden vennootschappen of groepen van vennootschappen. Artikel 2.05 34. In het vierde lid van dit artikel stelt de CREG vast dat de capaciteitsnetting waarvan sprake in dit artikel pas in werking zal treden op een tijdstip dat aan de deelnemers zal meegedeeld worden. DE CREG noteert dat deze netting uitdrukkelijk voorzien is in artikel 4.2 van de nieuwe richtsnoeren en zo vlug mogelijk moet in werking gesteld worden. Artikel 2.07 35. Zoals de CRE en de CREG het al in hun gemeenschappelijke opmerkingen aanstipten moet, voor een beter begrip en een grotere duidelijkheid van de IFB Regels, op het einde van het derde lid gepreciseerd worden dat ingeval van overmacht de deelnemer het bedrag zal terugkrijgen dat hij aan het Gemeenschappelijke Veilingbureau (hierna: het GV) heeft betaald, overeenstemmend met de verminderde capaciteit. In dergelijk geval wordt de verplichting tot betalen met betrekking tot de verminderde capaciteit immers opgeschort in 18/27 hoofde van de deelnemer, overeenkomstig het gemeen recht. De CREG begrijpt de terughoudendheid van Elia en RTE in dit opzicht niet. Artikel 9.06 van de IFB Regels bepaalt immers dat ingeval van overmacht de verplichtingen van de partijen worden opgeschort, dus ook de verplichting tot betalen. Heeft de betaling al plaats gehad, dan was ze niet verschuldigd en moet ze teruggestort worden. Deze aan artikel 2.07 aan te brengen precisering is dus slechts een toepassing van dit principe en zou bijgevolg geen probleem mogen stellen. De toevoeging ervan is noodzakelijk om verwarring bij de interpretatie van het derde lid te voorkomen. De CREG verzoekt Elia bijgevolg om zo vlug mogelijk en uiterlijk tegen 1 maart 2007 een nieuw voorstel in te dienen dat aan deze eis voldoet. 36. De CREG dringt er bovendien op aan, wat het vierde lid betreft, dat het GV, overeenkomstig artikel 5.5.(
  13. h)van de nieuwe richtsnoeren, in geval van vermindering zo vlug mogelijk de publicatie op zijn website van de redenen voor deze vermindering zou mogelijk maken. Artikel 2.08 37. Wat het derde streepje van het tweede lid betreft, dringt de CREG er op aan dat het GV, overeenkomstig artikel 5.5.(
  14. h)van de nieuwe richtsnoeren, in geval van vermindering zo vlug mogelijk de publicatie op zijn website van de redenen voor deze vermindering zou mogelijk maken. Artikel 2.09 38. De CREG stelt vast dat de nieuwe richtsnoeren hogere eisen inzake transparantie stellen (zie afdeling 5 van de richtsnoeren). Dit geldt in elk geval voor de publicatie van de volgende gegevens : jaarvoorspellingen van transmissiecapaciteit (artikel 5.5.(b)) ; weekvoorspellingen van transmissiecapaciteit (artikel 5.5.(c)) ; de beschikbaarheid van de productie-eenheden (artikel 5.5.(i)) ; en de achteraf gerealiseerde waarden (artikel 5.8). De CREG verzoekt Elia alles in het werk te stellen om zich zo vlug mogelijk te conformeren aan de voornoemde bepalingen. 19/27 Artikel 3.02 39. De marktspelers lijken eerder voorstander te zijn van een bankgarantiesysteem dan van een systeem waarbij regelmatig fondsen opgevraagd worden. De CRE en de CREG stipten in hun gemeenschappelijke opmerkingen aan dat bankgarantiesysteem zoals dat wat wordt voorgesteld niet optimaal lijkt en als discriminerend kan voorkomen in het geval van veilingen. Deze kwestie zal moeten opgelost worden in het kader van de harmonisering van de IFB Regels zoals voorzien in het « stappenplan » van CRE-CREG-DTe en het regionale actieplan. Artikel 3.05 (
  15. b)40. De CREG stelt vast dat het voorstel van Elia geen rekening houdt met de door de CRE en de CREG gemaakte opmerkingen over de kwestie van de opschorting van de machtiging. 41. Dit artikel is niet in overeenstemming met artikel 15, §1 van de elektriciteitswet, volgens hetwelk de netbeheerder de toegang tot het transmissienet slechts kan weigeren indien hij niet over de nodige capaciteit beschikt1 of indien de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het technisch reglement. Volgens het traditionele standpunt van de CREG moet het toegangsrecht tot het net, dat een essentiële grondpijler van de vrijmaking van de elektriciteitsmarkt vormt, beschouwd worden als zijnde van openbare orde en moet elke uitzondering op dit recht op restrictieve wijze geïnterpreteerd worden. De IFB Regels mogen daaraan geen afbreuk doen. Artikel 15, §1 van de elektriciteitswet is immers ook van toepassing op de toegang tot de koppelverbindingen (interconnecties). Artikel 2, 7° van de elektriciteitswet definieert de term « transmissienet» duidelijk met inbegrip van de koppelverbinding met buitenlandse netten. De koppelverbindingen maken dus integraal deel uit van het transmissienet. Het is raadzaam te verduidelijken dat het toegangsrecht tot het net en in het bijzonder tot de koppelverbindingen die er integraal deel van uitmaken, niet alleen inhoudt dat men toelating 1 Zie eveneens artikel 20, §2 van richtlijn 2003/54/EG. 20/27 krijgt om deel te nemen aan de veilingen, maar dat men tevens een in de tijd onbeperkte toegang tot de koppelverbindingen behoudt en dat de toegang slechts wordt opgeschort in de uitdrukkelijk in de wetgeving bepaalde gevallen. In tegenstelling tot wat Elia beweert, vormt een eventuele schorsing van de machtiging door het GV wel degelijk een weigering van toegang tot het net. Bijgevolg kan het GV in principe de toegang tot de koppelverbindingen slechts eenzijdig opschorten in de twee gevallen bepaald door artikel 15, §1 van de elektriciteitswet. In alle andere gevallen is het gemeen recht van toepassing en moet het GV zich tot de rechter wenden om de opzegging van de overeenkomst te vragen. De CREG is van mening dat de gevallen van opschorting van de machtiging (en dus van de nettoegang) die in de Veilingregels voorzien worden, volstaan om het GV toe te laten zijn vermogensrechten te beschermen en dat, indien deze toestand aanhoudt, het zich nog altijd tot de bevoegde rechter kan wenden om een einde aan de overeenkomst te maken. De CREG kan dan ook niet aanvaarden dat in de IFB Regels een mogelijkheid tot opschorting van de machtiging door het GV wordt behouden en verzoekt Elia zo vlug mogelijk en uiterlijk tegen 1 maart 2007 een nieuw voorstel in te dienen dat aan deze eis voldoet. Artikel 4.04 42. De CREG dringt erop aan, wat het derde lid betreft, dat het GV, om een grotere transparantie te verzekeren, zo vlug mogelijk de publicatie op zijn website van de redenen voor het annuleren van een veiling, indien dit zich voordoet, zou mogelijk maken. Artikel 7.03 43. Overeenkomstig de vraag die de CRE en de CREG in hun gemeenschappelijke opmerkingen stelden, bevatten de voorgestelde IFB Regels van nu af aan de modaliteiten en termijnen die van toepassing zijn in geval van betwisting van de veilingresultaten. Niettemin stelt de CREG vast dat het nieuwe voorstel van Elia in het laatste lid uitdrukkelijk voorziet in de mogelijkheid voor het GV om op zijn website, in de specificaties van de veilingen, termijnen aan te kondigen die hiervan afwijken. Dit houdt in dat de betwistingtermijnen die 21/27 uitdrukkelijk bepaald worden in de twee eerste paragrafen zonder gevolg zullen blijven indien het GV ze eenzijdig kan wijzigen. Een dergelijke eenzijdige wijziging die aan de controle van de CRE en de CREG ontsnapt is echter onaanvaardbaar. De laatste paragraaf van artikel 7.03 moet dus geschrapt worden. De CREG verzoekt Elia zo vlug mogelijk en uiterlijk tegen 1 maart 2007 een nieuw voorstel in te dienen dat aan deze eis voldoet. Artikel 8.01 (
  16. b)44. De CREG herinnert eraan dat zijzelf en de CRE in hun gemeenschappelijke opmerkingen al hebben aangestipt dat ze de opportuniteit en de voorwaarden zouden onderzoeken van een vergoeding van de vermindering van de verkregen capaciteit op basis van het verschil van de beursprijzen. Artikel 8.01 (
  17. c)en (
  18. d)45. De CREG herinnert eraan dat zijzelf en de CRE in hun gemeenschappelijke opmerkingen al hebben aangestipt dat over de kwestie van de kosten van de diensten voor overdracht en herverkoop van capaciteit nog besprekingen tussen de regulatoren onderling moeten gevoerd worden. Artikel 8.02 (
  19. b)46. De CREG vindt het onbillijk om niet te bepalen dat, als de deelnemer een betwiste factuur volledig betaald heeft en vervolgens blijkt dat de betwisting terecht was, de deelnemer recht heeft op dezelfde verwijlinterest als die welke hij zou verschuldigd geweest zijn indien hij zijn factuur niet tijdig betaald had, en dat deze verwijlinterest begint te lopen vanaf de datum van betaling. De CREG merkt op dat deze verduidelijking een geringe weerslag op het GV zou hebben, aangezien enerzijds de interesten logischerwijze slechts verschuldigd zouden zijn op het verschil tussen het betaalde bedrag en het echt door de deelnemer verschuldigde bedrag en dat anderzijds, zoals Elia en RTE beklemtonen, betwistingen van facturen totnogtoe zeer 22/27 zelden zijn voorgekomen. Bovendien is er geen reden om aan te nemen dat enkel de deelnemer door een factureringsfout van het GV zou benadeeld worden. De CREG merkt op dat een dergelijke clausule overigens in de toegangscontracten van Elia voorkomt. De CREG kan dus niet aanvaarden dat de IFB Regels geen wederkerigheid in de betaling van interesten vooropstellen en verzoekt Elia zo vlug mogelijk en uiterlijk tegen 1 maart 2007 een nieuw voorstel in te dienen dat aan deze eis voldoet. Artikel 9.02 47. De CREG herinnert eraan dat zijzelf en de CRE in hun gemeenschappelijke opmerkingen al hebben aangestipt dat het begrenzen van de aansprakelijkheid tot 100.000€ principieel onaanvaardbaar is en uit de IFB Regels moet geschrapt worden, aangezien het erop neerkomt de aansprakelijkheid van het GV en de TNB’s eventueel ten nadele van de deelnemers te beperken. Bovendien ziet de CREG niet goed in waarom deze eis in strijd zou zijn met een eerder door de CREG ingenomen standpunt, zoals Elia en RTE beweren. De CREG wijst erop dat een dergelijke beperking niet voorkomt in de door RTE toegepaste toegangsregels tot het Franse openbare transmissienet voor import en export. De CREG kan dus niet aanvaarden dat deze aansprakelijkheidsbeperking in hoofde van het GV en de TNB’s behouden blijft in de IFB regels en verzoekt Elia zo vlug mogelijk en uiterlijk tegen 1 maart 2007 een nieuw voorstel in te dienen dat aan deze eis voldoet. II.2.2 De aanvraag van Elia met betrekking tot de nieuwe verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdhorizonten 48. In zijn op 4 december 2006 ontvangen brief stelt Elia een herschikking van de op de Belgisch-Franse grens toegekende capaciteiten over de verschillende tijdhorizonten voor, bestaande uit een vermindering van de jaarcapaciteit van 1300 MW tot 1000 MW, om op die 23/27 manier een bijkomende 300 MW ter beschikking van de marktkoppeling op dagbasis te stellen. 49. Artikel 1.10 van de nieuwe richtsnoeren bepaalt : « De nationale regelgevende instanties zullen regelmatig de methoden voor congestiebeheer evalueren, waarbij zij met name aandacht zullen besteden aan de naleving van de beginselen en regels die in de verordening en de richtsnoeren zijn vastgelegd en aan de voorwaarden die de regelgevende instanties zelf hebben vastgesteld op basis van die beginselen en regels. In het kader van een dergelijke evaluatie moeten alle marktspelers worden geraadpleegd en moeten gerichte studies worden uitgevoerd. ». 50. De CREG is van mening dat de door Elia voorgestelde maatregel de exploitatievoorwaarden van de koppelverbinding gevoelig wijzigt. Ze is van oordeel dat ze de door Elia voorgestelde maatregel onmogelijk naar behoren kan inschatten aan de hand van de analyse die verstrekt wordt in de nota bij het voorstel van Elia van 4 december 2006, rekening houdend met de uiterst korte termijn tussen de ontvangstdatum van het voorstel en de datum van de jaarveiling, die vastgesteld is op 15 december eerstkomend. 51. Ze herinnert er tevens aan dat ze verplicht is een overleg met de CRE te organiseren vóór iedere beslissing tot wijziging van de beheersvoorwaarden van de koppelverbinding. 52. De CREG stelt vast dat de op 23 november 2006 gehouden raadpleging binnen de Users’ Group van Elia niet voldoet aan het voorschrift van artikel 1.10 van de nieuwe richtsnoeren. De CREG is tevens van oordeel dat een open en transparante raadpleging van alle marktspelers onontbeerlijk is voor een goede marktwerking. 53. De CREG stelt vast dat de door Elia geplande kalender voor het informeren van de deelnemers aan de veiling van de jaarcapaciteit en de realisatie hiervan de marktspelers zeer weinig tijd overlaat om de door Elia voorgestelde gevoelige wijziging van de exploitatievoorwaarden van de koppelverbinding in hun strategie in te lassen. De CREG herinnert er in dit verband aan dat artikel 5.6 van de nieuwe richtsnoeren bepaalt dat de markt tijdig over alle relevante informatie moet beschikken om over alle transacties te kunnen onderhandelen (onder andere de onderhandelingsdatum van de jaarlijkse leveringscontracten voor de industriële klanten). De CREG acht deze voorzienbaarheid noodzakelijk als men een klimaat van vertrouwen in de marktwerking wil bewaren . 24/27 54. Bovendien is de CREG van mening dat men ervoor moet opletten geen discriminatie in te voeren ten opzichte van sommige marktspelers die niet op dezelfde wijze en op hetzelfde ogenblik zouden geïnformeerd worden over het plan voor de herschikking van de toegekende capaciteiten. Dit kan enkel bereikt worden door een open en transparante raadpleging van alle marktspelers. 55. Gelet op wat voorafgaat, beslist de CREG het voorstel van Elia af te wijzen. 56. De CREG is niet gekant tegen een herschikking van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten in het belang van de markt. De door Elia ingediende aanvraag zal moeten vergezeld gaan van een open en transparante raadpleging van alle marktspelers en van een goed uitgewerkt dossier dat het voorstel rechtvaardigt. II.2.3 57. Opmerking De huidige beslissing geldt zonder afbreuk te doen aan elke latere aanpassing van de IFB Regels die geëist zou kunnen worden in het kader van de harmonisatie voorzien in afdeling 3 van de nieuwe richtsnoeren. 25/27 BESLISSING Gelet op de hiervoor uiteengezette redenen beslist de CREG, met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, het voorstel van ELIA met betrekking tot de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit voor de energie-uitwisselingen met het Franse net aan de toegangsverantwoordelijken, zoals gewijzigd, niet goed te keuren. Deze weigering slaat zowel op de voorgestelde IFB Regels als op het voorstel betreffende de herschikking van de capaciteiten toegekend over de verschillende tijdhorizonten. Niettemin, aangezien de door Elia voorgestelde wijzigingen aan de IFB Regels een significante verbetering vormen ten opzichte van de op dit ogenblik van kracht zijnde versie van de IFB Regels en om de inwerkingstelling van de secundaire markt niet te vertragen en de markt niet te benadelen, laat de CREG Elia toe om, in afwachting van een totale en definitieve goedkeuring, de door Elia voorgestelde wijzigingen aan de op dit ogenblik van kracht zijnde IFB Regels voorlopig toe te passen. De CREG verzoekt Elia zo vlug mogelijk en uiterlijk tegen 1 maart 2007 een nieuw voorstel in te dienen dat voldoet aan de eisen gesteld in paragrafen 35, 41, 43, 46 en 47 van deze beslissing. 26/27

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.