← België

Beslissing over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de metho

Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. 02/289.76.11 Fax 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS BESLISSING (B)070913-CDC-711 over de 'aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding België-Nederland' genomen met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 13 september 2007 INLEIDING DE COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 180, §2 en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van de N.V. Elia System Operator (hierna: Elia) betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België-Nederland aan de toegangsverantwoordelijken, zoals gewijzigd. Artikel 180, §2, van het technisch reglement bepaalt dat de methodes voor congestiebeheer, alsook de veiligheidsregels, aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht door de netbeheerder. Artikel 183, §2, van het technisch reglement bepaalt dat de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie- uitwisselingen met de buitenlandse netten, aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht door de netbeheerder. Het voorstel betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de capaciteit die beschikbaar is voor energie-uitwisselingen met het Nederlandse net, zoals gewijzigd, werd door Elia per brief van 23 augstus 2007 (ontvangen op dezelfde datum per drager met ontvangstbewijs) aan de CREG bezorgd. Het door Elia ingediende dossier bestaat uit de volgende documenten: een in het Engels opgesteld document met als titel « 2008 Regulations for the auctioning of cross-border electricity transfer capacity on the extra high-voltage Belgium-Netherlands, Germany-Netherlands interconnectors » en een begeleidende nota « TSOs’ joint proposal for the implementation of long term explicit auction rules in Central West Europe (CWE)». Bij brief van 31 augustus 2007 (ontvangen op 3 september 2007) vervolledigde Elia haar voorstel en bezorgde ze de CREG de Nederlandstalige versie van het veilingreglement 2008, met als titel « Reglement 2008 voor de veiling van grensoverschrijdende 2/31 transmissiecapaciteit voor elektriciteit op de internationale zeerhogespanningsinterconnecties België-Nederland, Duitsland-Nederland » (hierna: het veilingreglement 2008). Deze beslissing is opgesplitst in vier delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten van de beslissing toegelicht. Het derde deel onderzoekt de voorgestelde gewijzigde methodes voor congestiebeheer en voor de toekenning van capaciteit op de Belgisch-Nederlandse grens. Het vierde deel, ten slotte, bevat de eigenlijke beslissing Een kopie van het veilingreglement 2008 dat Elia per brief van 31 augustus 2006 aan de CREG ter kennis heeft gegeven is als bijlage aan deze beslissing toegevoegd. Op zijn vergadering van 13 september 2007 nam het Directiecomité van de CREG de onderhavige beslissing. 3/31 I. WETTELIJK KADER I.1. Richtlijn 2003/54/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2003 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 96/92/EG. 1. Richtlijn 2003/54/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2003 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 96/92/EG (hierna: richtlijn 2003/54/EG), legt in haar artikel 9.

  1. e)een algemene verplichting op volgens dewelke de netbeheerder de niet-discriminatie tussen gebruikers of categorieën van gebruikers van het net, met name ten gunste van verwante bedrijven, moet waarborgen. Richtlijn 2003/54/EG benadrukt meer bepaald het principe van de niet-discriminerende toegang tot het transmissiesysteem in artikel 20.1, dat bepaalt dat de Lidstaten erop dienen toe te zien dat voor alle in aanmerking komende klanten een systeem van toegang voor derden tot de transmissie- en distributienetten wordt ingevoerd. Dit systeem, gebaseerd op gepubliceerde tarieven, moet objectief en zonder discriminatie tussen de gebruikers van het net worden toegepast. Artikel 20.2 van richtlijn 2003/54/EG bepaalt onder meer dat de transmissienetbeheerder (transmissiesysteembeheerder) de toegang kan weigeren als hij niet over de nodige capaciteit beschikt. Artikel 23.1.
  2. a)van richtlijn 2003/54/EG heeft betrekking op de regelgevende instanties en voorziet dat ze, ten minste, verantwoordelijk moeten zijn voor het garanderen van nondiscriminatie, daadwerkelijke mededinging en een doeltreffende marktwerking ten aanzien van de voorschriften inzake het beheer en de toekenning van koppelingscapaciteit, in overleg met de regelgevende instanties van de Lidstaten waarmee een koppeling bestaat. 4/31 I.2. Verordening (EG) Nr.1228/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2003 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit 2. De CREG herinnert eraan dat, krachtens de bepalingen van artikel 249 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, verordening nr. 1228/2003 een algemene draagwijdte heeft, in al zijn elementen bindend is en rechtstreeks van toepassing is in iedere Lidstaat. 3. Artikel 6.1 preciseert dat de congestieproblemen op het net moeten worden aangepakt met niet-discriminerende, aan de markt gerelateerde oplossingen waarvan voor de marktdeelnemers en de betrokken transmissiesysteembeheerders efficiënte economische signalen uitgaan. Bovendien bepaalt dit artikel dat netcongestieproblemen bij voorkeur moeten worden opgelost met van transacties losstaande methoden, d.w.z. methoden waarbij geen keuze moet worden gemaakt tussen de contracten van afzonderlijke marktdeelnemers. 4. Artikel 6.2 van verordening nr. 1228/2003 bepaalt dat procedures om de transacties te beperken slechts transmissiesysteembeheerder snel in noodsituaties moet optreden worden en gebruikt waarbij waarbij de redispatching of compensatiehandel niet mogelijk zijn, en dat, behoudens gevallen van overmacht, de marktdeelnemers aan wie een capaciteit werd toegekend, moeten worden vergoed voor elke beperking. 5. Artikel 6.3 bepaalt dat marktdeelnemers de beschikking krijgen over de maximale capaciteit van de interconnecties en/of de maximale capaciteit van de transmissiesystemen waarmee grensoverschrijdende stromen worden verzorgd, zulks in overeenstemming met de voor een bedrijfszekere exploitatie van het net geldende veiligheidsnormen. 6. Artikel 6.4 betreft het tijdschema van de nominaties en de herverdeling van de ongebruikte capaciteiten. Het bepaalt dat de marktdeelnemers de betrokken transmissiesysteembeheerders voldoende lang vóór de aanvang van de betrokken exploitatieperiode in kennis moeten stellen van hun voornemen om de toegekende capaciteit 5/31 al dan niet te gebruiken. Elke ongebruikte toegekende capaciteit wordt opnieuw aan de markt toegekend volgens een open, transparante en niet-discriminerende procedure. 7. Artikel 6.5 van verordening nr. 1228/2003 bepaalt dat, voor zover dit technisch mogelijk is, de transmissiesysteembeheerders de behoeften aan capaciteit voor elektriciteitsstromen in tegengestelde richting over de overbelaste koppellijn moeten vereffenen, teneinde de capaciteit van deze lijn maximaal te benutten. I.3. De nieuwe « Richtsnoeren voor het beheer en de toewijzing van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties tussen nationale systemen » 8. Overeenkomstig artikel 8

(4)van verordening nr. 1228/2003, besliste de Europese Commissie de in de bijlage van deze verordening nr. 1228/2003 opgenomen richtsnoeren voor het beheer en de toekenning van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties (koppelverbindingen) tussen nationale systemen te wijzigen 1. Aldus is een nieuwe versie van de bijlage in werking getreden op 1 december 2006 (hierna : de nieuwe richtsnoeren). De bepalingen van deze nieuwe richtsnoeren die relevant zijn voor onderhavige beslissing, worden hierna weergegeven. 1. ALGEMENE BEPALINGEN […] 1.9. Uiterlijk op 1 januari 2008 moeten op gecoördineerde wijze en onder veilige exploitatieomstandigheden mechanismen voor het intra-dagelijksbeheer van congestie van de interconnectiecapaciteit worden opgesteld teneinde zoveel mogelijk handelsopportuniteiten te scheppen en een grensoverschrijdend evenwicht tot stand te brengen. 1 Zie beslissing van de Commissie van 9 november 2006 tot wijziging van verordening (EG) nr. 1228/2003 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit, PBEG nr. L 312 van 11 november 2006, p. 59. 6/31 1.10. De nationale regelgevende instanties zullen regelmatig de methoden voor congestiebeheer evalueren, waarbij zij met name aandacht zullen besteden aan de naleving van de beginselen en regels die in de verordening en de richtsnoeren zijn vastgelegd en aan de voorwaarden die de regelgevende instanties zelf hebben vastgesteld op basis van die beginselen en regels. In het kader van een dergelijke evaluatie moeten alle marktspelers worden geraadpleegd en moeten gerichte studies worden uitgevoerd. 2. METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER 2.1 Methoden voor congestiebeheer moeten op de markt gebaseerd zijn, zodat doeltreffende grensoverschrijdende handel wordt vergemakkelijkt. Daarom zal capaciteit alleen worden toegewezen door expliciete (capaciteit) of impliciete (capaciteit en energie) veilingen. Beide methoden mogen worden gebruikt voor een en dezelfde interconnectie. Met betrekking tot intra-day handel is continuhandel mogelijk. 2.2. Afhankelijk van de concurrentievoorwaarden moeten de mechanismen voor congestiebeheer zowel lange- als kortetermijntoewijzing van transmissiecapaciteit mogelijk maken. 2.3. Bij elke procedure voor capaciteitstoewijzing wordt een voorgeschreven gedeelte van de beschikbare interconnectiecapaciteit toegewezen, alsook de resterende capaciteit die niet eerder is toegewezen en alle capaciteit die is vrijgegeven door de begunstigden van eerdere toewijzingen. […] 2.5. De toegangsrechten voor toewijzingen op lange en middellange termijn moeten vaste transmissiecapaciteitsrechten zijn. Voor deze toegangsrechten gelden de beginselen „use-itor-lose-it” of „use-it-or-sell-it” op het ogenblik van de nominering. 2.6. De transmissiesysteembeheerders stellen een passende structuur vast voor de toewijzing van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken. Hierin kan een optie zijn opgenomen om een minimumpercentage aan interconnectiecapaciteit te reserveren voor dagelijkse of „intra-day”-toewijzing. Deze toewijzingsstructuur moet worden beoordeeld door de respectievelijke regelgevende instanties. Bij het opstellen van hun voorstellen houden de transmissiesysteembeheerders rekening met:
  1. a)de kenmerken van de markten; 7/31
  2. b)de exploitatieomstandigheden, zoals de gevolgen van de vereffening van vaste programma's;
  3. c)het niveau van harmonisering van de percentages en tijdsbestekken die zijn goedgekeurd voor de verschillende geldende mechanismen voor de toewijzing van capaciteit. […] 2.10. In beginsel mogen alle potentiële marktdeelnemers zonder beperking deelnemen aan het toewijzingsproces. Om te vermijden dat problemen in verband met het mogelijk gebruik van een dominante positie door marktdeelnemers ontstaan of verergeren, mogen de bevoegde regelgevings- en/of mededingingsinstanties om redenen van marktdominantie algemene of ten aanzien van een bedrijf geldende beperkingen opleggen. 2.11. Voor elk tijdsbestek vindt er door de marktdeelnemers vaste nominatie plaats van hun capaciteitsgebruik bij de transmissiesysteembeheerders binnen een vastgestelde uiterste termijn. Deze uiterste termijn wordt zodanig vastgesteld dat de transmissiesysteembeheerders in staat zijn ongebruikte capaciteit opnieuw toe te wijzen voor gebruik in het volgende relevante tijdsbestek, zelfs binnen een en dezelfde dag. 2.12. Capaciteit mag vrij worden verhandeld op secundaire basis voor zover de transmissiesysteembeheerder lang genoeg van tevoren hiervan in kennis wordt gesteld. Wanneer een transmissiesysteembeheerder een secundaire transactie weigert, moet hij dit op duidelijke en transparante wijze meedelen en uitleggen aan alle marktdeelnemers, en moet hij de regelgevende instantie daarvan in kennis stellen. 2.13. De financiële gevolgen van het niet naleven van verplichtingen in verband met de toewijzing van capaciteit komen ten laste van degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn. Wanneer marktdeelnemers geen gebruik maken van de capaciteit waartoe ze zich verbonden hebben of, in het geval van expliciet geveilde capaciteit, deze niet verhandelen op secundaire basis of tijdig teruggeven, verliezen ze de rechten op die capaciteit en zijn ze een op de kosten gebaseerde vergoeding verschuldigd. Deze op de kosten gebaseerde vergoedingen voor het niet gebruiken van capaciteit dienen gerechtvaardigd en proportioneel te zijn. Wanneer een transmissiesysteembeheerder zijn verplichting niet nakomt, dient hij de marktdeelnemer te vergoeden voor het verlies van de capaciteitsrechten. Met andere verliezen die het gevolg zijn van het verlies van capaciteitsrechten wordt geen rekening gehouden. De belangrijkste concepten en methoden voor het vaststellen van de aansprakelijkheid voor het niet naleven van de verplichtingen worden van tevoren 8/31 uiteengezet voor wat de financiële gevolgen betreft, en dienen te worden beoordeeld door de relevante nationale regelgevende instantie(s). […] 3. COÖRDINATIE […] 4. TIJDSCHEMA VOOR MARKTOPERATIES […] 4.2. De nominering van transmissierechten dient, met volle aandacht voor de netwerkveiligheid, lang genoeg van tevoren plaats te vinden, en wel vóór de „day-ahead” sessies van alle relevante georganiseerde markten en vóór de bekendmaking van de capaciteit die zal worden toegewezen op basis van het „day-ahead”- of het „intra-day”toewijzingsmechanisme. Om doeltreffend gebruik te maken van de interconnectie worden nomineringen van transmissierechten in de omgekeerde richting vereffend. […] 5. TRANSPARANTIE 5.1. Transmissiesysteembeheerders publiceren alle relevante gegevens met betrekking tot de beschikbaarheid van het netwerk, de netwerktoegang en het netwerkgebruik, inclusief een verslag waarin wordt nagegaan waar en waarom er sprake is van congestie, welke methoden worden toegepast om de congestie te beheren en welke plannen er bestaan voor congestiebeheer in de toekomst. […] 5.3. De toegepaste procedures voor congestiebeheer en capaciteitstoewijzing, de tijdstippen en procedures voor het aanvragen van capaciteit, een beschrijving van de aangeboden producten en de rechten en plichten van transmissiesysteembeheerders en van de partijen die de capaciteit verkrijgen, inclusief de aansprakelijkheid bij niet naleving van deze plichten, moeten nauwkeurig door de transmissiesysteembeheerders worden beschreven en op transparante wijze aan alle potentiële netwerkgebruikers worden meegedeeld. […] 9/31 5.5. De transmissiesysteembeheerders dienen alle relevante gegevens betreffende grensoverschrijdende handel te publiceren op basis van de best mogelijke voorspelling. De betrokken marktdeelnemers verschaffen de transmissiesysteembeheerders de nodige informatie, zodat die aan hun verplichting kunnen voldoen. De wijze waarop deze informatie wordt gepubliceerd moet ter beoordeling aan de regelgevende instanties worden voorgelegd. De transmissiesysteembeheerders moeten minstens de volgende gegevens publiceren:
  4. a)jaarlijks: informatie over de langetermijnevolutie van de transmissie-infrastructuur en het effect ervan op de grensoverschrijdende transmissiecapaciteit;
  5. b)maandelijks: maand- en jaarvoorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit, rekening houdend met alle relevante informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling (bv. de gevolgen van zomer en winter op de capaciteit van de lijnen, onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden enz.);
  6. c)wekelijks: voorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit voor de komende week, rekening houdend met alle informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling, zoals de weersvoorspelling, gepland onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden enz.;
  7. d)dagelijks: voor de markt beschikbare „day-ahead”- en „intra-day”-transmissiecapaciteit voor elke tijdseenheid van de markt, rekening houdend met alle vereffende „day-ahead” nomineringen, „day-ahead”-productieschema's, vraagprognoses en gepland onderhoud aan het net;
  8. e)totale reeds toegewezen capaciteit per tijdseenheid van de markt en alle relevante omstandigheden waarin deze capaciteit kan worden gebruikt (bv. de toewijzingsprijs op de veiling, de verplichtingen inzake de wijze waarop de capaciteit moet worden gebruikt enz.), teneinde alle resterende capaciteit te identificeren;
  9. f)de toegewezen capaciteit, zo snel mogelijk na elke toewijzing, en een indicatie van de betaalde prijs;
  10. g)de totale gebruikte capaciteit, per tijdseenheid van de markt, onmiddellijk na de nominering;
  11. h)zo dicht mogelijk bij de werkelijke tijd: verzamelde informatie over gerealiseerde commerciële en fysieke stromen, per tijdseenheid van de markt, inclusief een beschrijving van de effecten van eventuele corrigerende maatregelen (zoals beperking) die door de 10/31 transmissiesysteembeheerders zijn genomen om problemen met het systeem of netwerk op te lossen;
  12. i)informatie vooraf over geplande uitval en verzamelde informatie achteraf over geplande en niet-geplande uitval die de vorige dag heeft plaatsgevonden in opwekkingseenheden van meer dan 100 MW. 5.6. De markt moet tijdig over alle relevante informatie beschikken om over alle transacties te kunnen onderhandelen (industriële klanten moeten bijvoorbeeld tijdig kunnen onderhandelen over jaarcontracten en biedingen moeten tijdig naar georganiseerde markten worden gestuurd). 5.7. De transmissiesysteembeheerder moet de relevante informatie over de voorspelde vraag en opwekking publiceren volgens de in de punten 5.5 en 5.6 vermelde tijdschema's. De transmissiesysteembeheerder moet ook de relevante informatie publiceren die nodig is voor de grensoverschrijdende vereffeningsmarkt. 5.8. Wanneer de voorspellingen zijn gepubliceerd, moeten ook de ex-post gerealiseerde waarden voor de informatie over de voorspelling worden gepubliceerd in de tijdsperiode die volgt op die waarop de voorspelling betrekking heeft of ten laatste op de volgende dag (D+1). 5.9. Alle door de transmissiesysteembeheerders gepubliceerde informatie moet gratis ter beschikking worden gesteld in een gemakkelijk toegankelijk formaat. Het moet ook mogelijk zijn om via adequate en genormaliseerde middelen voor informatie-uitwisseling, die in nauwe samenwerking met de marktpartijen worden vastgesteld, toegang te krijgen tot alle gegevens. De gegevens omvatten informatie over voorbije tijdsperiodes, en minstens over de voorbije twee jaar, zodat nieuwe marktdeelnemers ook toegang hebben tot dergelijke gegevens. […] I.4. 9. De elektriciteitswet Artikel 2, 7° van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna : elektriciteitswet) verstaat onder « transmissienet » het nationaal transmissienet voor elektriciteit, dat de bovengrondse lijnen, ondergrondse kabels en 11/31 installaties omvat die dienen voor het vervoer van elektriciteit van land tot land en naar rechtstreekse afnemers van de producenten en naar distributeurs gevestigd in België, alsook voor de koppeling tussen elektrische centrales en tussen elektriciteitsnetten. 10. Artikel 15, § 1 van dezelfde wet bepaalt dat de in aanmerking komende afnemers een recht van toegang tot het transmissienet hebben tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12 en dat de netbeheerder de toegang alleen kan weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt, of wanneer de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het technisch reglement. 11. Artikel 180, §1, van het technisch reglement, bepaalt dat de netbeheerder op niet- discriminerende en transparante wijze de door hem toegepaste methodes voor congestiebeheer moet bepalen. Artikel 180, §2, preciseert dat de methodes voor congestiebeheer, alsook de veiligheidsregels aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht en gepubliceerd worden overeenkomstig artikel 26 van dit reglement. Overeenkomstig artikel 180, §3, van het technisch reglement moet de netbeheerder er, bij de uitvaardiging en de inwerkingstelling van deze methodes, inzonderheid op toezien om, 1° zoveel mogelijk rekening te houden met de richting van de elektriciteitsstromen en in het bijzonder wanneer de energie-uitwisselingen effectief de congestie doen verminderen; 2° zoveel mogelijk betekenisvolle invloeden te vermijden op de elektriciteitsstromen in andere netten; 3° problemen van congestie op het net op te lossen bij voorkeur met methodes die geen selectie tussen de energie-uitwisselingen van de verschillende toegangsverantwoordelijken inhouden; 4° geschikte economische signalen te geven aan de betrokken netgebruikers. Overeenkomstig artikel 180, §4 van het technisch reglement moeten deze methodes van congestiebeheer onder meer gebaseerd zijn op: 12/31 1° de veilingen van de beschikbare capaciteit 2° de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de regelzone en/of, middels akkoord met de buitenlandse netbeheerder(s), door de gecoördineerde inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de betrokken buitenlandse regelzone(s). Krachtens artikel 181, §1, van het technisch reglement hebben de methodes voor congestiebeheer bepaald in artikel 180 onder meer tot doel: 1° elke beschikbare capaciteit aan de markt ter beschikking te stellen volgens transparante en niet discriminerende methodes via, in voorkomend geval, veilingen waarin de capaciteiten kunnen worden verkocht met verschillende duurtijden en met verschillende karakteristieken (bijvoorbeeld wat betreft de verwachte betrouwbaarheid van de betreffende beschikbare capaciteit); 2° de beschikbare capaciteit in een serie verkopen aan te bieden die op verschillende tijdsbasis gehouden kunnen worden; 3° bij elk van deze veilingen een bepaald gedeelte van de beschikbare capaciteit aan te bieden, met inbegrip van alle overblijvende capaciteiten die niet toegekend werden bij de vorige verkopen, 4° de commercialisering van de aangeboden capaciteit toe te laten. Artikel 181, §2, bepaalt dat de methodes voor congestiebeheer, in noodsituaties, een beroep kunnen doen op de onderbreking van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen, overeenkomstig vooraf vastgestelde prioriteitsregels die de CREG ter kennis zijn gebracht en gepubliceerd zijn overeenkomstig artikel 26 van dit besluit. Zijn paragraaf 3 preciseert dat, voor wat de methodes voor congestiebeheer tussen de regelzones betreft, de netbeheerder overleg dient te plegen met de netbeheerders van de betrokken buitenlandse regelzones. 12. Artikel 183, §1, van het technisch reglement bepaalt bovendien dat de netbeheerder waakt over de uitvoering van een of meer methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken buitenlandse netten. 13/31 van energie-uitwisselingen met de Volgens artikel 183, §2, van het technisch reglement zijn deze methodes transparant en nietdiscriminerend. Zij worden aan de commissie ter goedkeuring ter kennis gebracht en gepubliceerd overeenkomstig artikel 26 van dit technisch reglement. Ten slotte preciseert artikel 183, §3, van het technisch reglement dat deze methodes tot doel hebben het gebruik van de capaciteit van het net te optimaliseren, overeenkomstig artikel 179. 13. Overeenkomstig artikel 184 van het technisch reglement beogen de methodes van toekenning van capaciteit onder meer: 1° in de mate van het mogelijke elk verschil in behandeling te minimaliseren bij het beheer van een congestie, tussen de verschillende soorten van grensoverschrijdende energieuitwisselingen door fysieke wederkerige overeenkomsten of aanbiedingen op georganiseerde buitenlandse markten; 2° elke ongebruikte capaciteit aan andere marktdeelnemers ter beschikking te stellen; 3° de precieze voorwaarden van de garantiegraad van de aan de marktdeelnemers ter beschikking gestelde capaciteit te bepalen. 14/31 II. 14. ANTECEDENTEN Op 22 december 2005 neemt de CREG beslissing (B)051222-CDC-502 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding België-Nederland. (hierna : de beslissing van 22 december 2005). Door deze beslissing, genomen met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, weigert de CREG de goedkeuring, maar staat ze voorlopig toe dat het mechanisme voor de toekenning van capaciteit en congestiebeheer op de Belgisch-Nederlandse grens op basis van expliciete veilingen en voorgesteld door Elia, van toepassing blijft. Bovendien maakt de CREG in haar beslissing enig voorbehoud en richt ze een aantal verzoeken tot Elia. 15. Op 7 september 2006 neemt de CREG beslissing (B)060907-CDC-564 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van Elia betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding België-Nederland (hierna : de beslissing van 7 september 2006). Het voorstel beoogde hoofdzakelijk in het veilingreglement van de nodige wijzigingen aan te brengen voor de invoering van een marktkoppeling op de BelgischNederlandse koppelverbinding en de organisatie van een jaarlijkse veiling in twee ronden. Door haar beslissing, genomen met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, weigert de CREG de goedkeuring van het voorstel van Elia voor een gewijzigd veilingreglement, maar geeft ze Elia wel de toelating om de voorgestelde wijzigingen voorlopig toe te passen, ten einde de inwerkingtreding van Belpex, de marktkoppeling en de organisatie van de jaarlijkse veiling in twee ronden geen vertraging te laten oplopen. 16. Op 12 februari 2007 publiceren de vijf regulatoren van de regio Centrum-West (Duitsland, België, Frankrijk, Luxemburg en Nederland) een actieplan om de integratie van de elektriciteitsmarkten van de regio te versnellen2. Eén van de prioritaire punten van dit actieplan is het harmoniseren en verbeteren van de expliciete veilingmechanismen (waaronder het vraagstuk van de vastheid van de koppelverbindingscapaciteiten). In dit actieplan 2 vragen de vijf regulatoren (BnetzA, CREG, CRE, ILR en DTe) de Dit actieplan is beschikbaar op de website van de CREG : www.creg.be, rubriek « persberichten ». 15/31 transmissienetbeheerders om hen tegen 1 maart 2007 een specifiek voorstel te doen van een stel geharmoniseerde en verbeterde veilingregels op de schaal van de regio CentrumWest. 17. Op 23 februari 2007 ontvangt de CREG een schrijven van Elia in verband met onder andere de compensatie van de genomineerde capaciteiten voor de berekening van de dagcapaciteiten (« netting ») op de koppelverbinding Frankrijk-België, waarin wordt aangegeven dat deze « netting » niet tot stand zal kunnen komen vóór midden 2008 en wordt gewezen op het ontbreken van enige toegevoegde waarde van de « netting » voor deze grens. 18. In de loop van de maand maart 2007 houden de CREG, de Nederlandse regulator (DTe) en de Duitse regulator (BnetzA) een overleg over het veilingreglement 2007. 19. Op 20 april 2007 verzoeken de regulatoren van de regio de transmissienetbeheerders hun voorstel voor te leggen aan de regulatoren en aan twee verenigingen die de marktspelers vertegenwoordigen. Tijdens deze vergadering wordt besloten dat alle aspecten van de veilingregels die niet rechtstreeks een wijziging van de IT-systemen inhouden (de « quick-wins ») moeten geharmoniseerd en verbeterd worden tegen de veilingen van 2008. Om het werk te vergemakkelijken laten de vijf regulatoren een document rondgaan waarin de verschillende in de regio bestaande veilingregels worden beschreven en waarin ze hun eerste opmerkingen aangeven over de wijze waarop de desbetreffende regels kunnen geharmoniseerd en verbeterd worden (hierna: het gemeenschappelijk document van de regulatoren). De regulatoren hebben dit document overigens aan een marktraadpleging onderworpen. 20. Op 22 mei 2007 organiseren de regulatoren van de regio Centrum-West een « technical workshop » waarop zowel de transmissienetbeheerders als vertegenwoordigers van de marktspelers worden uitgenodigd. Tijdens deze vergadering wordt overeengekomen dat de transmissienetbeheerders op 13 juli 2007 de regulatoren een voorstel van geharmoniseerde regels zullen voorleggen voor alle aspecten die tijdens de vergadering besproken werden en er als quick-wins konden geïdentificeerd worden. De ontwerpbesluiten van deze vergadering werden op 21 juni 2007 naar de deelnemers verstuurd en de door alle 16/31 deelnemers goedgekeurde besluiten werden door de CREG naar eerstgenoemden verstuurd op 26 juli 2007. 21. Bij brief van 12 juli 2007 (door de CREG ontvangen op 16 juli) bezorgt Elia de CREG onder andere het gezamenlijk voorstel van de transmissienetbeheerders voor de inwerkingtreding van expliciete veilingregels op lange termijn in de regio Centrum-West (« TSO’s joint proposal for the implementation of long term explicit auction rules in Central West Europe »). Dit voorstel wordt door de transmissienetbeheerders aan de regulatoren voorgelegd tijdens een vergadering op 18 juli 2007. Verder zetten tijdens deze zelfde vergadering van 18 juli de netbeheerders van de regio Centrum-West hun standpunt uiteen over de compensatie van de capaciteitsbeperkingen. 22. Op 1 augustus 2007 publiceren de regulatoren van de regio Centrum-West, in het kader van het regionaal initiatief Centrum-West, een uitvoerig rapport waarin een transparantieniveau wordt beschreven dat het mogelijk maakt aan de eisen van de nieuwe richtsnoeren op dit gebied te voldoen. 23. Op 17 augustus 2007 komen de regulatoren van de regio Centrum-West samen om onder meer het harmoniseringsvoorstel te bespreken dat de transmissienetbeheerders tijdens de vergadering van 18 juli 2007 voorlegden. 24. Op 23 augustus 2007 ontvangt de CREG van Elia, met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, de aanvraag tot goedkeuring van de methodes voor toekenning van de beschikbare capaciteit voor energie-uitwisselingen met het Nederlandse net, zoals gewijzigd hoofdzakelijk met het oog op het in werking stellen van het door de transmissienetbeheerders in het kader van de regionale harmonisering gedane voorstel. Enkel de Engelse versie van het veilingreglement 2008 is in het door Elia ingediende dossier opgenomen. 25. Op 27 augustus 2007 ontvangt de CREG een schrijven van Elia in antwoord op de op 1 augustus 2007 gestarte openbare raadpleging over de transparantie. 26. Op 3 september 2007 ontvangt de CREG van Elia via de post de Nederlandstalige versie van het veilingreglement 2008. 17/31 III. ANALYSE VAN DE METHODES VOOR CONGESTIEBEHEER EN VOOR DE TOEKENNING VAN CAPACITEIT OP DE KOPPELVERBINDING BELGIË-NEDERLAND, VOORGESTELD DOOR ELIA III.1. Voorafgaande opmerkingen 27. Onder deze titel wordt de conformiteit geanalyseerd van het voorstel van Elia met het wettelijke kader, omschreven in titel I van deze beslissing. 28. De CREG onderzoekt tevens of de nieuwe versie van het veilingreglement rekening houdt met de gezamenlijke opmerkingen van de regulatoren en met de besluiten van de vergadering van 22 mei 2007. 29. Verder doet deze beslissing geen afbreuk aan de beslissingen van de CREG van 22 december 2005 en 7 september 2006. De daarin gemaakte opmerkingen blijven volkomen geldig. 30. Deze beslissing geldt ongeacht elke latere aanpassing van het veilingreglement die zou kunnen geëist worden in het kader van de coördinatie (die onder andere de harmonisering omvat) bepaald in artikel 3 van de nieuwe richtsnoeren. 31. Deze beslissing heeft enkel betrekking op de Nederlandstalige versie van het gewijzigde veilingreglement. Deze versie is de enige rechtsgeldige, in tegenstelling tot wat de hoofding van de pagina’s van de Nederlandstalige versie van het veilingreglement lijkt aan te tonen. Elia dient erop toe te zien dat het document in het Engels dat gebruikt zal worden overeenkomt met het document in het Nederlands, dat het enige is waarop de analyse van de CREG en dus ook de toelating van de CREG om de regels toe te passen, betrekking heeft (zie verder). 18/31 III.2. Toepassing van het wettelijk kader op het voorstel van Elia III.2.1 Algemeen 32. De door Elia voorgestelde wijzigingen aan het van kracht zijnde veilingreglement beogen de invoering, in het veilingreglement, van de wijzigingen die door de transmissienetbeheerders worden voorgesteld in het kader van de harmonisering op het niveau van de regio Centrum-West. 33. De CREG wenst te verduidelijken dat ze, in het kader van deze beslissing, zich niet tevreden stelt met het onderzoeken van de wijzigingen aangebracht aan het van kracht zijnde veilingreglement, maar tevens elk eventueel probleem dat in het veilingreglement 2008 wordt vastgesteld aan het licht brengt. De CREG herinnert eraan dat het van kracht zijnde veilingreglement niet haar goedkeuring heeft gekregen, maar dat ze wel de toepassing ervan heeft toegelaten, zoals blijkt uit paragraaf 14 en 15 van deze beslissing. III.2.2 Analyse Artikelen 1.7 en 1.8 34. De CREG stelt vast dat de voorgestelde regels geen enkele verduidelijking geven wat de vastheid van de nomineringen betreft. De CREG is van oordeel dat een vermindering van de genomineerde capaciteiten enkel mogelijk mag zijn in omstandigheden die als overmacht kunnen beschouwd worden. De CREG wijst op het belang van deze kwestie om discriminatie te voorkomen tussen de capaciteiten die zouden genomineerd zijn in het kader van de jaarlijkse en maandelijkse veilingen en de capaciteiten genomineerd in het kader van de marktkoppeling. De CREG verwijst hierbij tevens naar de verzoeken die ze tot Elia richtte in het kader van haar beslissing (B)060825-CDC-5523 en haar beslissing van 7 september 2007, om haar tegen 1 januari 2007 regels voor te leggen die duidelijk het niveau van vastheid van de genomineerde capaciteiten aangeven. 3 Beslissing van 25 augustus 2006 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbindingen Frankrijk-België en België-Nederland door middel van impliciete veilingen. 19/31 35. Om al deze redenen is de CREG van oordeel dat het gebrek aan duidelijkheid op het vlak van de genomineerde capaciteiten onaanvaardbaar is en dat het niveau van vastheid van de nomineringen zo vlug mogelijk in de regels moet verduidelijkt worden. 36. De CREG stelt bovendien vast dat het veilingreglement 2008 onvoldoende transparant is op het vlak van de capaciteitsverminderingen. Het zou immers moeten bepalen dat, in geval van vermindering, het Auction Office (hierna : het AO) zo vlug mogelijk de precieze redenen hiervoor ter kennis van de deelnemer stelt. De CREG dringt er bovendien op aan dat het AO, overeenkomstig artikel 5.5.(
  13. h)van de nieuwe richtsnoeren, in geval van vermindering zo vlug mogelijk de publicatie op zijn website van de redenen die hieraan ten grondslag liggen zou mogelijk maken. Artikel 1.8A 37. In antwoord op een verzoek dat de CREG in 2005 gedaan had met betrekking tot de Frans-Belgische grens, stelt Elia een compensatie van de vermindering van de capaciteit verbonden aan de zekerheid van het systeem voor ten bedrage van 110% van de aankoopwaarde van deze capaciteit. 38. In december 2006 zijn de nieuwe richtsnoeren in werking getreden. Artikel 2.13 hiervan bepaalt de limieten van een eventuele compensatie ingeval van vermindering en geeft tevens de rol van de regulatoren op dit gebied weer. 39. De CREG houdt rekening met de argumenten die door de netbeheerders van de regio Centrum-West tijdens de vergadering van 18 juli 2007 aangehaald werden om zonder overmacht geen compensatie van de capaciteitsverminderingen toe te passen die zou gebaseerd zijn op het verschil tussen de beursprijzen. 40. De CREG is voorstander van een compensatie van de zonder overmacht doorgevoerde capaciteitsverminderingen op basis van het verschil tussen de beursprijzen. Bijgevolg kan de CREG het door Elia voorgestelde systeem voor het compenseren van capaciteitsverminderingen niet goedkeuren en, ten einde rekening te houden met de opmerkingen van de netbeheerders, verzoekt de CREG Elia de nadere regels voor de toepassing van het principe van compensatie op basis van het verschil tussen de 20/31 beursprijzen te onderzoeken, in overeenstemming met de tarifaire bepalingen van het Koninklijk besluit van 8 juni 20074, opdat ze zo vlug mogelijk zouden in werking treden. Artikel 1.9 en transparantie 41. Het voorstel van ELIA geeft niet duidelijk aan welke informatie op de website van de veilinghouder of op haar eigen website zal gepubliceerd worden. 42. De CREG wijst op de betere transparantie van de op de Frans-Belgische grens gehouden veilingen, waar onder andere melding gemaakt wordt van het totale aantal deelnemers aan de veiling, het aantal deelnemers dat capaciteit heeft gekregen en de curven van de vraag naar capaciteit voor alle marktspelers samen. Bijgevolg verzoekt de CREG Elia het transparantieniveau aan de Noordergrens gelijk te schakelen met dat aan de Zuidergrens. 43. De CREG herinnert Elia eraan dat de nieuwe richtsnoeren van toepassing sinds 1 december eisen dat er meer informatie gepubliceerd wordt om alle marktspelers dezelfde relevante informatie ter beschikking te stellen in verband met het verloop van de veilingen en in het bijzonder de elementen die bij het bepalen van hun prijzen aan bod komen. 44. De CREG verwijst naar het werk dat door de regulatoren van de regio Centrum-West in het kader van het regionale initiatief werd ondernomen om op geharmoniseerde wijze een transparantieniveau te bepalen dat aan deze nieuwe richtsnoeren voldoet. De CREG wijst erop dat dit werk onder andere zou moeten leiden tot specifieke vereisten voor wat betreft de toekenning van capaciteit op lange termijn aan de grenzen, waarvan sommige al in januari 2008 zouden moeten van toepassing zijn. 45. Uit het voorgaande volgt dat de CREG van oordeel is dat het transparantieniveau met betrekking tot de koppelverbinding België-Nederland ontoereikend is. 4 Koninklijk besluit van 8 juni 2007 betreffende de regels met betrekking tot de vaststelling van en de controle op het totaal inkomen en de billijke winstmarge, de algemene tariefstructuur, het saldo tussen kosten en ontvangsten en de basisprincipes en procedures inzake het voorstel en de goedkeuring van de tarieven, van de rapportering en kostenbeheersing door de beheerder van het nationaal transmissienet. 21/31 Artikel III.1, Artikel III.1A en Artikel III.1B Algemene opmerking 46. Volgens het standpunt van de CREG moet het toegangsrecht tot het net, dat een essentiële grondpijler van de vrijmaking van de elektriciteitsmarkt vormt, beschouwd worden als zijnde van openbare orde en moet elke uitzondering op dit recht op restrictieve wijze geïnterpreteerd worden. Het veilingreglement mag daaraan geen afbreuk doen. Artikel 15, §1 van de elektriciteitswet is immers ook van toepassing op de toegang tot de koppelverbindingen. Artikel 2, 7° van de elektriciteitswet definieert de term « transmissienet» duidelijk met inbegrip van de koppelverbinding met buitenlandse netten. De koppelverbindingen maken dus integraal deel uit van het transmissienet. Het is raadzaam te verduidelijken dat het toegangsrecht tot het net en in het bijzonder tot de koppelverbindingen die er integraal deel van uitmaken, niet alleen inhoudt dat men toelating krijgt om deel te nemen aan de veilingen, maar dat men tevens een in de tijd onbeperkte toegang tot de koppelverbindingen behoudt en dat de toegang slechts wordt opgeschort in de uitdrukkelijk in de wetgeving bepaalde gevallen Bijgevolg kan, krachtens artikel 15, 1° van de elektriciteitswet, de netbeheerder en dus het AO slechts de toegang tot het transmissienet weigeren indien hij niet over de nodige capaciteit beschikt5 of indien de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het technisch reglement. In alle ander gevallen is het gemeen recht van toepassing en moet de AO zich tot de rechter wenden om in voorkomend geval de ontbinding van de overeenkomst te vragen. Artikel III.1 47. De CREG stelt vast dat een deel van dit artikel geschrapt werd. Nochtans stelt deze bepaling zoals ze in stand wordt gehouden en wanneer ze wordt gelezen in combinatie met artikel III.1A een probleem, aangezien ze het AO de mogelijkheid biedt om de deelneming aan veilingen op te schorten in niet door de wet bepaalde gevallen. 5 Zie ook artikel 20, §2, van richtlijn 2003/54/CE. 22/31 Verder meent de CREG dat het AO niet de bevoegde overheid is om over dergelijke gedragingen te oordelen. De verantwoordelijkheid om een daadwerkelijke mededinging en een efficiënte marktwerking te verzekeren (onder meer wat de regels met betrekking tot de koppelverbindingen betreft) komt immers toe aan de onafhankelijke reguleringsinstanties van de elektriciteitssector6. Uit het voorgaande volgt dat artikel III.1 voor de CREG onaanvaardbaar is en uit het veilingreglement dient verwijderd te worden. Artikel III.1A 48. De CREG stelt vast dat dit artikel het AO de mogelijkheid biedt om de deelneming aan de veilingen op te schorten ingeval van schending van eender welke verplichting die in het veilingreglement 2008 wordt bepaald. Om de eerder uiteengezette redenen is deze bepaling te ruim en zou ze zich moeten beperken tot de uitdrukkelijk door de wet bepaalde gevallen. Omdat de nettoegang onderworpen is aan de voorwaarde van betaling van een tarief, is de CREG echter van mening dat een opschorting van deelneming wel aanvaardbaar is in geval van wanbetaling. De CREG kan eveneens aanvaarden dat een dergelijke opschorting gebeurt als de basisvoorwaarden om toegelaten te worden voor deelneming aan de veilingen niet meer vervuld worden. Uit het voorgaande volgt dat de CREG de formulering voorgesteld in artikel III.1A niet kan aanvaarden. Artikel III.1A en Artikel III.1B 49. De CREG preciseert dat het AO geen misbruik mag maken van de mogelijkheden die het door deze artikelen wordt geboden. De CREG behoudt zich aldus het recht voor om te vragen dat verbeteringen of verduidelijkingen aan de tekst worden aangebracht in het geval dat ze onredelijke gedragingen vanwege het AO zou vaststellen. 6 Zie artikel 23, §1 van dezelfde richtlijn. 23/31 50. De CREG stelt bovendien vast dat het veilingreglement 2008 een gebrek aan transparantie vertoont op het vlak van de maatregelen tot opschorting of beeindiging van de deelneming. Het zou immers moeten bepalen dat, wanneer dit soort maatregel wordt getroffen, het AO zo vlug mogelijk de precieze redenen hiervoor aan de deelnemer meedeelt. Artikel III.1C 51. DE CREG stelt vast dat het veilingreglement 2008 de mogelijkheid voor de deelnemer invoert om een einde te stellen aan zijn deelneming. Dit artikel maakt geen onderscheid tussen situaties waarbij de deelnemer van deze mogelijkheid gebruik maakt omwille van een verzuim van de AO en andere situaties. De CREG is van oordeel dat, als men met het eerstgenoemde geval te maken heeft, het duidelijk gesteld moet worden dat de deelnemer geen enkel bedrag meer verschuldigd is. De CREG is van mening dat dit onderscheid duidelijker uit het veilingreglement zou moeten naar voor komen. Artikel III.2, Artikel III.3 52. Wat het tijdschema van de veilingen betreft, stelt Elia voor de deelnemer aan de veiling het resultaat ervan uiterlijk drie uur na het afsluiten van de veiling mee te delen. Dezelfde termijn van drie uur wordt voorgesteld voor de publicatie van de resultaten van deze veilingen. 53. Ondanks de verbeteringen die op dit vlak worden vastgesteld, is de CREG van oordeel, in overeenstemming met de bekommernissen van de marktspelers, dat enkel een termijn van twee uur aanvaardbaar is voor het bekendmaken van de resultaten van de veilingen aan de deelnemer en dat het wenselijk zou zijn dat ook in een maximumtermijn van twee uur zou voorzien worden voor de publicatie van de resultaten van de veilingen. Artikel III.6 54. De CREG stelt bovendien vast dat het veilingreglement 2008 een gebrek aan transparantie vertoont en zou moeten bepalen dat, ingeval van annulering van een veiling, 24/31 de inschrijvers op biedingen daarvan zo vlug mogelijk zullen verwittigd worden en dat deze verwittiging de motivatie van de beslissing tot annulering van de veiling zal bevatten. Tevens dringt de CREG erop aan dat het AO ingeval van annulering zo vlug mogelijk de publicatie op zijn website van deze informatie en van de redenen voor de annulering zou mogelijk maken. Artikel IV.1 55. De CREG stelt vast dat het veilingreglement 2008 niet voorziet in een procedure voor het betwisten van de veilingresultaten. Een dergelijke procedure (nadere regels en termijnen) zou erin moeten voorzien worden. Artikel II.4, Artikel V.1, Artikel V.2 Artikel V.4 56. Het betalingssysteem waarin het veilingreglement voorziet is dat van de automatische inning, op een daartoe voldoende gedekte rekening, van de door het AO gefactureerde bedragen. Er wordt dus geen enkele bankwaarborg geëist. Verscheidene deelnemers aan een in maart 2006 gehouden marktraadpleging gaven hun voorkeur te kennen voor een mechanisme van bankwaarborg tegenover een systeem van regelmatige opvraging van storting. De CREG laat opmerken dat het moeilijk is om in het geval van de veilingen in een optimaal en niet discriminerend systeem van bankwaarborg te voorzien. Deze kwestie zal moeten opgelost worden in het kader van de harmonisering van de veilingregels. Artikel V.6 57. Het systeem van betaling via opvraging van storting heeft bijzondere gevolgen op het vlak van wanbetalingen, aangezien er hier geen sprake van is om een beroep te doen op de bankwaarborg. Zodra de rekening niet binnen een bepaalde termijn van voldoende dekking is voorzien (zelfs vóór de factuur uitgeschreven wordt) of wanneer automatische inning onmogelijk is, heeft het AO het recht de verkregen capaciteit ter beschikking van anderen te stellen en de deelnemer van deelneming aan latere veilingen uit te sluiten voor een minimum van 30 dagen na de veiling of van 90 dagen na de jaarveiling. Het aankoopbedrag van de capaciteit blijft door de deelnemer verschuldigd en hij kan op geen enkele vergoeding aanspraak maken. 25/31 Deze sancties die het AO kan treffen brengen een weigering van nettoegang met zich mee waartoe in principe slechts eenzijdig kan beslist worden in de gevallen opgesomd in artikel 15, §1 van de elektriciteitswet. De CREG heeft deze woorden al eerder genuanceerd door te stellen dat wie niet de tarieven om nettoegang te krijgen wil betalen ook geen toegangsrecht tot het net kan genieten (zie paragraaf 48 van deze beslissing). Het is dus aanvaardbaar dat, bij niet dekking van de rekeningen, de deelnemer de betrokken capaciteit verliest. De deelnemer moet echter wel de mogelijkheid hebben om deze capaciteit te recupereren door buiten de termijn te betalen, indien dit nog technisch mogelijk is en op voorwaarde dat de capaciteit nog niet aan een derde werd doorverkocht. Daarentegen zijn niet geldelijke sancties die neerkomen op een weigering van nettoegang, zoals het verbod om aan latere veilingen deel te nemen (artikel V.6
(2)), onaanvaardbaar voor de CREG. Het veilingreglement zou overigens moeten voorzien in een procedure die toelaat de factuur te betwisten, met inbegrip van een specifieke procedure die de automatische inning kan voorkomen indien de klacht duidelijk gegrond is. Ten slotte stelt de CREG vast dat een punt
(4)aan artikel V.6 werd toegevoegd. Dit punt
(4)bepaalt dat dezelfde rentevoet als degene die de deelnemer verschuldigd is in geval van laattijdige betaling zal toegepast worden op de bedragen die het AO eventueel zou verschuldigd zijn aan de deelnemer. De CREG preciseert dat ingeval van terugbetaling door het AO van onterecht door dit laatste geïnde bedragen, de intresten die het moet betalen beginnen te lopen vanaf de datum waarop de bedragen geïnd werden. Dit aspect zou in het veilingreglement moeten verduidelijkt worden. Uit het voorgaande volgt dat de CREG artikel V.6 niet kan goedkeuren. Artikel IX.2
  1. Dit artikel bepaalt dat het AO de houder van capaciteit kan verplichten de aangekochte capaciteit terug te geven indien hij misbruik heeft gemaakt van sommige van zijn rechten. Bij gebrek daaraan zal hij een boete moeten betalen. Om dezelfde redenen als die welke reeds vermeld werden in paragraaf 46 en 47 van deze beslissing, kan de CREG deze bepaling niet goedkeuren. Die zou uit het veilingreglement moeten geschrapt worden. 26/31 Artikel X.2
  2. Het stelsel van aansprakelijkheidsbeperking waarin dit artikel voorziet stelt een aantal problemen en roept enkele vragen op.
  3. Artikel X.2 voorziet in verscheidene aansprakelijkheidsbeperkingen in hoofde van de partijen. Het voorziet onder andere in de beperking van de aansprakelijkheid voor « typische en voorzienbare rechtstreekse schade », sluit « winstderving of onrechtstreekse, incidentele, bijzondere gevolgschade » uit en stelt het maximumbedrag van de schadevergoeding vast op 100.000 EUR.
  4. De aansluiting van dit artikel op het vergoedingsmechanisme bepaald in artikel I.8A is niet duidelijk. Artikel 1.8A betreft één van de contractuele hoofdgebreken die in hoofde van het AO kunnen plaats hebben, namelijk het niet ter beschikking stellen van de toegewezen capaciteit. Het veilingreglement geef niet duidelijk aan of artikel X.2 eveneens van toepassing is op de gevallen bedoeld in artikel I.8A of dat het laatstgenoemde artikel de toepassing van artikel X.2 uitsluit. Dit zou moeten verduidelijk worden door Elia.
  5. De CREG merkt op dat artikel 2.13 van de nieuwe richtsnoeren bepaalt : « de financiële gevolgen van het niet naleven van verplichtingen in verband met de toewijzing van capaciteit komen ten laste van degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn » en « wanneer een transmissiesysteembeheerder zijn verplichting niet nakomt, dient hij de marktdeelnemer te vergoeden voor het verlies van de capaciteitsrechten » en slechts de vergoeding van onrechtstreekse schade uitsluit. Verder bepaalt artikel 6.2 van Verordening 1228/2003 : « Behoudens in geval van overmacht worden marktdeelnemers met een capaciteitstoewijzing voor een eventuele beperking vergoed ». Zo voorzien artikel 2.13 van de nieuwe richtsnoeren (dat algemeen verwijst naar elke nietnakoming van de verplichtingen verbonden aan de toewijzing van capaciteit) en artikel 6.2 van Verordening 1228/2003 in de vergoeding van de schade, enkel en alleen met uitsluiting van de onrechtstreekse schade. Deze bepalingen aansprakelijkheid voor rechtstreekse schade te beperken. 27/31 laten bijgevolg niet toe de De CREG stelt echter vast dat het reglement de aansprakelijkheid niet alleen wil beperken tot de rechtstreekse schade (aanvaardbaar op zich) maar zelfs tot de « typische en voorzienbare » rechtstreekse schade, wat onaanvaardbaar is. De CREG noteert vervolgens dat het veilingreglement de winstderving uitsluit, terwijl deze schade in sommige gevallen rechtstreekse schade kan vormen. Wat de termen « onrechtstreekse, incidentele, bijzondere gevolgschade » behelzen is overigens niet zeer duidelijk. Om de verenigbaarheid van het veilingreglement met artikel 2.13 van de nieuwe richtsnoeren te verzekeren, stelt de CREG Elia voor dat in de tekst van het veilingreglement uitdrukkelijk en gewoonweg zou verwezen worden naar de « onrechtstreekse » schade waarvan sprake is in artikel 2.13 van de nieuwe richtsnoeren (zonder opsomming).
  6. De CREG merkt vervolgens op dat het maximumbedrag van 100.000 EUR per klacht voor de schade waarvoor de aansprakelijkheid niet uitgesloten is (rechtstreekse schade) onaanvaardbaar is. Immers, zoals eerder vermeld laten artikel 2.13 van de nieuwe richtsnoeren en artikel 6.2 van Verordening 1228/2003 geen beperking van de aansprakelijkheid voor rechtstreekse schade toe.
  7. Ten slotte zou de CREG graag weten wat precies bedoeld wordt in punt 3 van artikel X.
  8. Als Elia van mening is dat de transmissienetbeheerders en het AO geen enkele verplichting terzake hebben, ziet de CREG het nut van een dergelijke clausule niet in. In het tegengestelde geval lijkt deze aansprakelijkheidsbeperking haar overdreven en zou ze moeten geschrapt worden.
  9. Om de in de voorgaande paragrafen 59 tot 64 aangehaalde redenen kan de CREG artikel X.2 van het veilingreglement 2008 niet goedkeuren. Artikel X.3
  10. In punt
(1)van dit artikel zou het volgens de CREG om redenen van bewijs verkieslijk zijn te preciseren dat de voorafgaande vergunning schriftelijk dient te gebeuren. 28/31 Artikel XI.1
  1. De CREG merkt dat er een feitelijke vergissing in dit artikel geslopen is. Het tweede deel van de zin verwijst immers naar eigenlijk onbestaande overgangsbepalingen. Deze vergissing dient rechtgezet te worden. Compensatie van de genomineerde capaciteit
  2. De CREG stelt vast dat het door Elia ingediende dossier geen enkel voorstel bevat wat betreft het in aanmerking nemen, bij de berekening van de op dagbasis toegewezen capaciteit, van de compensatie (« netting ») van de in het kader van de dagelijkse en maandelijkse veilingen genomineerde capaciteit.
  3. De CREG brengt het verzoek in herinnering dat in december 2005 tot Elia gericht werd in het kader van haar beslissing van 22 december 2005, om haar een voorstel te doen in verband met de « netting » van de capaciteit op de Belgisch-Nederlandse grens, met het oog op de inwerkingtreding ervan vanaf 1 maart
  4. De CREG merkt op dat, op basis van de informatie waarover zij indertijd beschikte, deze termijn haar toen niet onredelijk leek.
  5. De CREG stelt tevens vast dat het voorstel dat Elia in haar op 23 februari 2007 ontvangen brief doet, namelijk het tot stand brengen van een « netting » van de tijdens de zomer van 2008 genomineerde capaciteit, betrekking heeft op de koppelverbinding FrankrijkBelgië en niet op de koppelverbinding België-Nederland.
  6. De CREG vestigt de aandacht van Elia op het verlies aan sociaal welzijn waarmee het gebrek aan compensatie van de genomineerde capaciteit gepaard gaat.
  7. De CREG herinnert aan de verplichting voor de netbeheerders om sinds 1 december 2006 deze compensatie van de genomineerde capaciteit tot stand te brengen, overeenkomstig artikel 4.2 van de nieuwe richtsnoeren dat bepaalt : « … Om doeltreffend gebruik te maken van de interconnectie worden nomineringen van transmissierechten in de omgekeerde richting vereffend. » 29/31 De CREG wijst er bijgevolg op dat dit gebrek aan « netting » een schending van het wettelijk toepasselijke kader vormt en verzoekt Elia alle nodige maatregelen te treffen om deze « netting » zo vlug mogelijk in werking te stellen. In dit verband onderzoekt de CREG overigens of het aangewezen is de procedure voor het opleggen van administratieve boetes in gang te zetten, zoals bepaald in artikel 31 van de elektriciteitswet. 30/31 BESLISSING Gelet op de hiervoor uiteengezette redenen beslist de CREG, met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, het voorstel van ELIA met betrekking tot de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding België-Nederland, zoals gewijzigd, niet goed te keuren Niettemin, aangezien de door Elia voorgestelde wijzigingen aan het veilingreglement een verbetering vormen ten opzichte van het veilingreglement 2007 en bewust van het feit dat de nabijheid van de eerste ronde van de jaarlijkse veiling van 2008 en de traagheid van het wijzigingsproces van het veilingreglement (veelvuldig overleg, …) niet zullen toelaten dat een nieuw voorstel, dat rekening houdt met de in deze beslissing geformuleerde opmerkingen, tijdig door Elia wordt ingediend, staat de CREG Elia toe het gewijzigde veilingreglement voorlopig toe te passen, in afwachting van een volledige en definitieve goedkeuring. De CREG verwacht van Elia in de loop van het jaar 2008 een voorstel van veilingregels te ontvangen dat aan de in deze beslissing gestelde eisen en verzoeken voldoet. Wat de « netting » betreft, verzoekt de CREG Elia alle nodige maatregelen te treffen om deze zo snel mogelijk in werking te stellen. aaaa Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Dominique WOITRIN François POSSEMIERS Directeur Voorzitter van het Directiecomité 31/31

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.