VERTROUWELIJKE VERSIE Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02 289 76 11 Fax: 02 289 76 09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS BESLISSING (B)071213-CDC-735 over ‘de vraag tot goedkeuring van het indicatief vervoersprogramma 2008-2009 van de N.V. FLUXYS LNG’ genomen met toepassing van artikel 9 van het koninklijk besluit van 4 april 2003 betreffende de gedragscode inzake toegang tot de vervoersnetten voor aardgas 13 december 2007 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op grond van artikel 9 van het koninklijk besluit van 4 april 2003 betreffende de gedragscode inzake toegang tot de vervoersnetten voor aardgas (hierna : de gedragscode), het indicatief vervoersprogramma 2008-2009 van de N.V. FLUXYS LNG dat op 28 november 2007 ter goedkeuring werd ingediend bij de CREG per drager met ontvangstbewijs en dat gewijzigd werd door een reeks amendementen, op 7 december 2007 overgemaakt per drager met ontvangstbewijs . De onderstaande beslissing is ingedeeld in vier delen. Het eerste deel gaat over het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten van de onderhavige beslissing uiteengezet. In het derde deel wordt onderzocht of het voorstel de voorschriften van artikel 9 van de gedragscode naleeft. Het derde deel onderzoekt eveneens of het ter goedkeuring ingediende document verenigbaar is met de belangrijkste voorwaarden voor de toegang tot de aardgasterminal van Zeebrugge van de NV FLUXYS LNG, goedgekeurd door de CREG op 17 juni 2004 (hierna : de belangrijkste toegangsvoorwaarden). Het vierde deel, ten slotte, bevat de eigenlijke beslissing. Deze beslissing werd goedgekeurd door het Directiecomité van de CREG op zijn vergadering van 13 december
- aaaa VERTROUWELIJKE VERSIE 2/10 I.
- WETTELIJK KADER Overeenkomstig artikel 96 van de gedragscode legt de vervoersonderneming een indicatief vervoersprogramma ter goedkeuring voor aan de CREG uiterlijk twee maanden na de goedkeuring van de belangrijkste voorwaarden.
- In artikel 9, §§1 en 3 van de gedragscode worden bepaalde elementen omschreven die het indicatief vervoersprogramma moet bevatten en wordt gestipuleerd dat dit programma moet worden opgesteld voor een periode van minstens twee jaar en jaarlijks moet worden bijgestuurd, onder andere op basis van het door de vervoersonderneming gevoerde congestiebeleid, bedoeld in artikel 45 van de gedragscode. Overeenkomstig artikel 9, §1, van de gedragscode moet het indicatief vervoersprogramma voor de overbrenging onder meer de volgende elementen bevatten: de aangeboden vaste, niet-vaste en onderbreekbare capaciteiten, de gehanteerde capaciteitstoewijzingsregels, de vooropgestelde tolerantiewaarden, de verschillende types van vervoerscontracten en de looptijden van de standaardvervoerscontracten. Verder moeten zowel de looptijden van de vervoerscontracten als de verdeling van de beschikbare capaciteit over vaste, niet-vaste en onderbreekbare capaciteit en de toewijzingsregels de in de markt bestaande vraag weerspiegelen. De vervoersonderneming moet hierbij rekening houden met de specifieke kenmerken van de vervoersdiensten waarop ze betrekking hebben en de specifieke behoeften van de categorieën netgebruikers die volgens objectieve en pertinente criteria worden gedefinieerd.
- De inhoud van het indicatief vervoersprogramma moet volledig verenigbaar zijn met de belangrijkste voorwaarden, opgesteld krachtens artikel 10 van de gedragscode. De belangrijkste voorwaarden zijn immers de regels die de vervoersonderneming moet naleven in elk dienstencontract.
- Op 1 juni 2005 werd de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen (hierna : de gaswet) gewijzigd door de wet tot wijziging van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen (Belgisch Staatsblad, 14 juni 2005). Artikel 24 van deze wet vervangt artikel 15/5, §3 van de gaswet door een artikel 15/5undecies dat het wettelijk VERTROUWELIJKE VERSIE 3/10 kader van de gedragscode wijzigt. Zoals vermeld in de voorbereidende werkzaamheden van deze wet1 « (werd) een aantal bepalingen (…) toegevoegd. Zo bepaalt de gedragscode ook : - de minimumvereisten met betrekking tot de juridische en operationele scheiding van vervoerfuncties en leveringsfuncties van aardgas binnen geïntegreerde beheerders van het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas of de LNG-installatie ; - de basisbeginselen met betrekking tot de rechten en verplichtingen van enerzijds de beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas en de beheerder van de LNG-installatie en anderzijds de gebruikers inzake het gebruik van het desbetreffende aardgasvervoersnet, opslaginstallatie voor aardgas of de LNG-installatie en in ieder geval voor de verhandelbaarheid van vervoerscapaciteiten, voor het congestiebeheer en voor de publicatie van informatie ; - de maatregelen die in het nalevingsprogramma moeten worden opgenomen om te waarborgen dat discriminerend gedrag is uitgesloten en ervoor te zorgen dat er adequaat toezicht wordt gehouden op de naleving ervan. »
- Op 27 december 2006 werd voornoemd artikel 15/5undecies, §1 aangevuld door artikel 65 van de wet houdende diverse bepalingen (I) (Belgisch Staatsblad, 28 december 2006). Volgens deze nieuwe beschikking bepaalt de gedragscode bovendien : - de regels en de organisatie van de secundaire markt waarop netgebruikers onderling capaciteit en flexibiliteit verhandelen en waarop de beheerders eveneens capaciteit en flexibiliteit kunnen kopen ;
- de basisprincipes betreffende de organisatie van de toegang tot de hubs. Als gevolg van deze wetswijzigingen zal de gedragscode dus moeten gewijzigd worden om de inhoud ervan aan te passen aan de wetten van 1 juni 2005 en 27 december
- In afwachting van deze wijziging blijft het huidige reglementaire kader van toepassing. Daaruit volgt onder meer dat in de huidige beslissing de CREG nog altijd de term « vervoersonderneming » blijft gebruiken, overeenkomstig voornoemd artikel 9 van de gedragscode, hoewel de gaswet voortaan de preciezere term « beheerder van een LNGinstallatie » gebruikt. 1 Parlementaire stukken, Kamer, zitting 2004-2005, nr. 1595/001, Memorie van toelichting, p.
- VERTROUWELIJKE VERSIE 4/10 II. ANTECEDENTEN
- Overeenkomstig artikel 96 van de gedragscode en zoals vermeld in paragraaf 1 van deze beslissing, is de NV FLUXYS LNG wettelijk verplicht haar indicatief vervoersprogramma ter goedkeuring aan de CREG voor te leggen binnen de twee maanden die volgen op de goedkeuring van de belangrijkste voorwaarden. De belangrijkste toegangsvoorwaarden werden goedgekeurd door de beslissing van 17 juni
- De NV FLUXYS LNG heeft de CREG een aantal indicatieve vervoersprogramma’s ter goedkeuring voorgelegd die achtereenvolgens door de CREG werden afgewezen (cf. ontwerpbeslissing (B)041202-CDC-379 en beslissingen (B)050113-CDC-379/1, (B)050707CDC-379/2 en (B)051027-CDC-379/3). Omdat de door deze beslissingen gedekte periode verstreken is, beperkt de CREG zich in de huidige beslissing tot het onderzoek van het laatste voorstel, dat de periode 2008-2009 dekt. Zonodig verwijst ze naar de standpunten die bij het verwerpen van de voorgaande voorstellen verdedigd werden.
- Een systematisch onderzoek van de naleving door de NV FLUXYS LNG van de eisen die de CREG in de voornoemde beslissingen stelt zou weinig zin hebben, aangezien het terminallingmodel inmiddels sterk aangepast werd als gevolg van het in werking treden van de nieuwe terminallingcontracten die ondertekend werden na afloop van de open season van capaciteit van
- De NV FLUXYS LNG diende op 29 juni 2007 per drager met ontvangstbewijs een nieuw voorstel van indicatief vervoersprogramma in dat de periode 2008-2009 dekt. Een tweede versie, die eveneens werd bezorgd per drager met ontvangstbewijs en die de versie van 29 juni 2007 vervangt, werd ingediend op 26 november
- Een reeks amendementen werd per drager met ontvangstbewijs ingediend op 7 december
- De huidige beslissing heeft dus betrekking ophet document dat werd ingediend op 26 november 2007, zoals gewijzigd door de brief van 7 december 2007 (hierna : het voorstel). VERTROUWELIJKE VERSIE 5/10 III. ANALYSE VAN HET VERVOERSPROGRAMMA NV FLUXYS LNG
- Tenzij anders vermeld, is de hiernavolgende INDICATIEF VAN DE analyse opgebouwd in overeenstemming met de opeenvolgende hoofdstukken en titels van het nieuwe voorstel. De hierna geformuleerde opmerkingen drukken een zeker voorbehoud of specifieke eisen uit in verband met de toepassing van het indicatief vervoersprogramma 2008-2009 van de NV FLUXYS LNG of van de versies ingediend voor latere periodes. Het gebrek aan opmerkingen over een bepaald punt van het voorstel betekent dat de CREG er zich niet tegen verzet, maar houdt geenszins vooraf de goedkeuring van dit punt in indien het op identieke wijze wordt ingediend voor een latere periode. Hoofdstuk 1 – Definities
- De NV FLUXYS LNG verwijst in haar voorstel naar de definities die vervat zijn in het op haar website gepubliceerde glossarium van definities. De CREG aanvaardt en steunt zelfs het principe volgens hetwelk de definities worden verstrekt in een apart document los van het indicatief vervoersprogramma, op voorwaarde dat de definities van de in het indicatief vervoersprogramma gebruikte termen niet gewijzigd worden zonder de uitdrukkelijke instemming van de CREG. Zoals aangeduid in haar beslissing (B)061221CDC-565/3 van 21 december 2006, is de CREG immers van oordeel dat het glossarium van definities, zelfs al wordt het apart van het indicatief vervoersprogramma gepubliceerd, integraal deel ervan uitmaakt, althans wat de definities van de termen die er betrekking op hebben. De CREG verzoekt de NV FLUXYS LNG echter de definities van de gebruikte termen na te gaan en in het bijzonder van de termen « Jour » en « Journée gazière » in het in het Frans gepubliceerde glossarium van definities. Aangezien deze termen hetzelfde begrip lijken te dekken, vraagt de CREG de NV FLUXYS LNG hetzij de ene, hetzij de andere term te gebruiken, maar een nodeloze verwisseling van beide te vermijden, die tot verwarring kan leiden. VERTROUWELIJKE VERSIE 6/10 Hoofdstuk 2 – Inleiding
- De NV FLUXYS LNG vermeldt in hoofdstuk 2 van het voorstel dat « les dates d’introduction de nouveaux Services sont indicatives et peuvent être modifiées en fonction du résultat des développements et des tests menés par Fluxys LNG ». De CREG is van oordeel dat de vervoersonderneming in staat moet zijn om de precieze datum van invoering van de de nieuwe diensten aan te kondigen, althans voor het eerste jaar dat door het indicatief vervoersprogramma wordt gedekt. Rekening houdend met de wisselvalligheden van de voltooiing van de uitbreiding van van de aardgasterminal, aanvaardt de CREG echter, bij wijze van uitzondering, de door de NV FLUXYS LNG voorgestelde formulering. Ze gelast de NV FLUXYS LNG echter om haar op de hoogte te stellen van eventuele vertragingen die bij de invoering van de beschreven diensten zouden opgelopen worden en om haar een verantwoording van deze vertragingen te geven. Hoofdstuk 5 – Dienstenaanbod 5.1 Capaciteitsdiensten
- De NV FLUXYS LNG voorziet in punt 5.1.1.2 van het voorstel dat, vanaf het in dienst stellen van de uitbreiding van de LNG-terminal, het aantal aangeboden slots geleidelijk zal toenemen tot 110 slots/jaar. Dit aantal vloeit voort uit besprekingen tussen de NV FLUXYS LNG en de bevrachters die in 2003 langetermijncapaciteit hadden onderschreven en houdt rekening met de door deze laatsten gewenste flexibiliteit bij de werking van de terminal om het hoofd te kunnen bieden aan toevallige omstandigheden die bijvoorbeeld de programmering van de lossingen kunnen verstoren. De CREG aanvaardt dat dit aantal als referentie voor de periode 2008-2009 dient. Ze verzoekt de NV FLUXYS LNG echter om haar periodiek en minstens eenmaal per jaar op de hoogte te stellen van haar evaluatie van de LNG-terminal en van de mogelijkheid om het jaarlijks aangeboden aantal slots geleidelijk te verhogen.
- De allocatieregels die in punt 5.1.2.4.3 van het voorstel uiteengezet worden bij de beschrijving van de pooling van emissiecapaciteit zijn onvolledig . Omdat deze bijkomende rechten op basisemissiecapaciteit enkel beschikbaar zijn voor terminalgebruikers die de terminallingcode ondertekend hebben en de volledige beschrijving van de allocatieregels terzake in de voornoemde code staat (cf. terminallingcode, Bijlage A, paragraaf 5 en Bijlage C, punt 5.2.4), aanvaardt de CREG de vereenvoudigde beschrijving van de dienst die de NV FLUXYS LNG in haar voorstel opneemt. VERTROUWELIJKE VERSIE 7/10
- De NV FLUXYS LNG bepaalt in punt 5.1.2.7.3 van het voorstel dat het laadvermogen van de LNG-vrachtwagens bij voorrang wordt toegewezen aan de NV FLUXYS « pour ce qui est nécessaire au remplissage de l’installation de Stockage de GNL située à Dudzele ». De CREG is voorstander van deze aanpak, die de verrichtingen van de gebruikers van de opslaginstatllatie van Dudzele moet vergemakkelijken. Het voorstel van indicatief vervoersprogramma 2008-2009 van de NV FLUXYS voor haar opslagactiviteit ligt eveneens in de lijn van het huidige voorstel. Als gevolg van haar goedkeuring van dit punt, gelast de CREG de NV FLUXYS LNG de regels voor toewijzing van het laadvermogen van de vrachtwagens in de terminallingcode (Bijlage A, paragraaf 9) aan te passen. 5.3 Aanvullende diensten
- De NV FLUXYS LNG bepaalt in punt 5.3.1 van het voorstel dat het systeem van automatische reservering niet toelaat capaciteitsdiensten te reserveren die op de secundaire markt worden aangeboden. De CREG aanvaardt voorlopig deze beperking maar verzoekt de NV FLUXYS LNG te overwegen om via dit systeem van automatische reservering de capaciteit aan te bieden die ze zelf onder mandaat verhandelt, met toepassing van artikel 31 van de belangrijkste toegangsvoorwaarden. De CREG vraagt aan de NV FLUXYS LNG dat ze haar te gelegener tijd op de hoogte zou brengen van haar standpunt, opdat deze dienst evenuteel zou kunnen toegevoegd worden in haar indicatief vervoersprogramma 2009-
- Zoals vermeld in punt 5.3.4.1 is de NV FLUXYS LNG wettelijk verplicht de secundaire markt te organiseren. De CREG hecht haar goedkeuring aan het ter beschikking stellen door de NV FLUXYS LNG van een Bulletin Board waarin de capaciteitsaanbiedingen gepubliceerd worden, maar behoudt zich het recht voor om een latere herziening van de organisatie van de secundaire markt te vragen als gevolg van een evolutie van het reglementair kader en/of haar evaluatie van de effectieve werking van het door de NV FLUXYS LNG ingevoerde systeem.
- De CREG staat gunstig tegenover de invoering door de NV FLUXYS LNG van de dienst Ship loading. Ze vindt de beschrijving van deze dienst in het voorstel echter onvolledig en verzoekt de NV FLUXYS LNG ze aan de vullen bij de indiening van haar indicatief vervoersprogramma voor de periode 2009-
- De CREG verzoekt de NV FLUXYS LNG tevens haar terminallingcode te vervolledigen opdat deze de werkingsregels verbonden aan deze nieuwe dienst zou beschrijven. VERTROUWELIJKE VERSIE 8/10
- De CREG stelt vast dat de dienst bunkering, waarnaar de terminallingcode herthaaldelijk verwijst, onder meer in punt 2.1.2 (h) van zijn bijlage C, niet in het voorstel wordt beschreven. Omdat de markt nooit geklaagd heeft over het gebrek aan precieze regels in verband met deze dienst, besluit de CREG niet van de NV FLUXYS LNG te eisen om hem te beschrijven. Wel verzoekt ze de NV FLUXYS LNG om ter gelegenheid van een volgende openbare raadpleging de belangstelling van de markt voor nader uitgewerkte toegangsregels tot de bunkering-installaties te peilen en de CREG op de hoogte te houden van de resultaten van deze peiling. De CREG wil er tevens onverwijld van op de hoogte gebracht worden indien een gebruiker of potentieel gebruiker van de LNG-terminal spontaan contact met de NV FLUXYS LNG zou opnemen in dit verband. VERTROUWELIJKE VERSIE 9/10