NIET VERTROUWELIJKE VERSIE Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel. : 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS BESLISSING (B)081222-CDC-817 over ‘het voorstel van de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR betreffende de werkingsregels van de markt voor de compensatie van de kwartieronevenwichten voor 2009’ genomen met toepassing van artikel 159, §1, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe 22 december 2008 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt in deze beslissing, met toepassing van artikel 159, §1, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR (hierna: Elia) betreffende een mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten voor het jaar
- De CREG ontving dit voorstel van ELIA bij brief van 8 oktober
- Deze beslissing bestaat uit drie delen. Het eerste deel vat het wettelijke kader samen en het tweede deel geeft een analyse van het voorstel weer. Het derde deel omvat de eigenlijke beslissing. De begeleidende brief van ELIA van 8 oktober 2008 en het voorstel van ELIA worden als bijlage 1 aan deze beslissing toegevoegd. Op 22 december 2008 keurde het Directiecomité van de CREG de onderhavige beslissing goed. aaaa NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 2/21 I.
- WETTELIJK KADER Deze beslissing wordt genomen met toepassing van artikel 159, §1, van het technisch reglement, volgens hetwelk, op voorstel van de netbeheerder, de werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartieronevenwichten worden goedgekeurd door de CREG en gepubliceerd door de netbeheerder.
- Artikel 2 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder de taken en verplichtingen uitvoert die hij dient uit te voeren krachtens de wet van 29 april 1999 teneinde de elektriciteitsuitwisselingen tussen de verschillende op het net aangesloten personen te behouden en te ontwikkelen en het behoud van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net te bewaken, te handhaven dan wel te herstellen.
- Artikel 3, §1, van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder het technisch beheer van de elektriciteitsstromen op het transmissienet organiseert en zijn taken waarneemt teneinde met de hem ter beschikking staande middelen een permanent evenwicht tussen de vraag en het aanbod van elektriciteit te bewaken, te handhaven dan wel te herstellen overeenkomstig artikel 8 van de wet van 29 april
- De netbeheerder waakt over de compensatie van het globaal onevenwicht van de regelzone, veroorzaakt door de eventuele individuele onevenwichten van de verschillende toegangsverantwoordelijken.
- Krachtens artikel 8 van het technisch reglement moet de netbeheerder zich onthouden van elke discriminatie tussen netgebruikers, toegangsverantwoordelijken, leveranciers van ondersteunende diensten of tussen elk andere persoon die op een of andere manier met het net verbonden is in het kader van zijn taken en verplichtingen of uitgevoerde diensten.
- Krachtens artikel 157, §2, van het technisch reglement bewaakt, handhaaft dan wel herstelt de netbeheerder op elk moment het evenwicht tussen aanbod en vraag van elektrisch vermogen in de regelzone, onder meer veroorzaakt door de eventuele individuele onevenwichten van de verschillende toegangsverantwoordelijken. Ten dien einde schakelt de netbeheerder tijdens de uitbating van het net, in volgorde de hem ter beschikking zijnde middelen in, met name : 1° activering van de primaire regeling van de frequentie overeenkomstig de bepalingen bedoeld in Hoofdstuk XIII van Titel IV; NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 3/21 2° de secundaire regeling van het evenwicht in de regelzone overeenkomstig de bepalingen bedoeld in Hoofdstuk XIII van Titel IV; 3° het vermogen ter beschikking gesteld door de producenten conform art. 159, §2; en 4° de aanpassingen aan de dagelijkse toegangsprogramma's van belastingen die door de toegangsverantwoordelijken aan de netbeheerder worden aangeboden. §3 van ditzelfde artikel voegt eraan toe dat indien de modaliteiten, bedoeld in §2, niet volstaan om tot het herstel te leiden van het evenwicht tussen de vraag en het aanbod van actief vermogen in de regelzone, de netbeheerder opdraagt om het tertiaire reservevermogen dat door derden ter beschikking wordt gesteld overeenkomstig de bepalingen bedoeld in Hoofdstuk XIII van Titel IV, te activeren.
- Artikel 158 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder de hem ter beschikking staande middelen activeert overeenkomstig artikel 157, § 2, met name volgens het criterium van de laagste prijs.
- Krachtens artikel 159, §2, van het technisch reglement houden alle producenten van de regelzone waarvan het nominale vermogen voor de toegang tot het net hoger of gelijk is aan 75 MW hun beschikbare vermogen ter beschikking van de netbeheerder overeenkomstig artikelen 222 en
- Deze inschrijving voor dit reservevermogen gaat vergezeld met een prijsofferte. De producenten waarvan het nominale vermogen voor de toegang tot het net lager is dan 75 MW, alsook de producenten actief in een andere regelzone voor zover de operationele regels tussen de betrokken regelzones het toelaten, kunnen eveneens, overeenkomstig door de netbeheerder bepaalde objectieve en transparante modaliteiten, hun beschikbaar kwartiervermogen ter beschikking stellen.
- Hoofdstuk XIII van Titel IV van het technisch reglement heeft betrekking op de ondersteunende diensten. Artikel 233 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder het primair, secundair en tertiair reservevermogen dat bijdraagt tot het waarborgen van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het net in de regelzone evalueert en bepaalt. Hij deelt zijn evaluatiemethode en het resultaat aan de commissie mee ter goedkeuring. Artikel 243 van het technisch reglement bepaalt in §1 dat de netbeheerder het reservevermogen voor de secundaire regeling koopt via een mededingingsprocedure en/of aanbesteding. De netbeheerder bepaalt de technische specificaties betreffende de NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 4/21 terbeschikkingstelling en de levering van dit vermogen. §2 van dit artikel bepaalt dat de leverancier van deze dienst het secundaire reservevermogen activeert op aanvraag van de netbeheerder. Krachtens artikel 249, §1, van het technisch reglement koopt de netbeheerder het reservevermogen voor de tertiaire regeling via een mededingingsprocedure en/of aanbesteding. De netbeheerder bepaalt de technische specificaties betreffende de terbeschikkingstelling en de levering van dit vermogen. §2 van dit artikel bepaalt dat de leverancier van deze dienst het tertiaire reservevermogen activeert op aanvraag van de netbeheerder. Tot slot bepaalt artikel 256 van het technisch reglement dat de netbeheerder de middelen waarover hij beschikt aanwendt overeenkomstig dit besluit, teneinde de afwijkingen tussen het daadwerkelijk uitgewisseld actief vermogen en het geprogrammeerd actief vermogen met de buitenlandse regelzones te beperken. Deze afwijkingen worden eveneens kwartieronevenwichten genoemd.
- Krachtens artikel 159, §4, van het technisch reglement publiceert de netbeheerder ten minste elke dag de prijzen voor de onevenwichten van de voorgaande dag. Artikel 244, §1, van het technisch reglement stelt dat de netbeheerder, overeenkomstig artikel 26, de benodigde hoeveelheden alsmede de technische specificaties betreffende de beschikbaarheid en levering van actief vermogen aan het net voor de secundaire regeling bepaalt en publiceert. Artikel 250, §1, van het technisch reglement voegt eraan toe dat de netbeheerder, overeenkomstig artikel 26, de benodigde hoeveelheden alsmede de technische specificaties betreffende de beschikbaarheid en levering van actief vermogen aan het net voor de tertiaire regeling bepaalt en publiceert. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 5/21 II. ANALYSE VAN HET VOORSTEL II.
- Voorafgaande voorbehouden
- opmerkingen en Zoals de inleiding ervan verduidelijkt, wordt het voorstel door ELIA ingediend voor het jaar
- Deze beslissing heeft dus uitsluitend betrekking op de toepassing van de marktregels voor de compensatie van de kwartieronevenwichten gedurende het jaar
- ELIA wordt verzocht later een voorstel van marktregels voor de compensatie van de kwartieronevenwichten toepasselijk na het jaar 2009 in te dienen.
- De CREG heeft op verschillende plaatsen in het voorstel van ELIA vergissingen opgemerkt die onder meer het gevolg lijken te zijn van een te snelle aanpassing van het in 2007 door ELIA gedane voorstel voor het jaar
- Zo zou in de derde paragraaf van het woord vooraf moeten verwezen worden naar het aangepaste tariefvoorstel 2007 van ELIA, dat aanleiding gaf tot beslissing (B)071213-CDC-658E/09 van de CREG. Evenzo is de wijziging van de marktreferenties voor de berekening van de brandstofprijs in het raam van de activering van het niet-gereserveerder tertiaire vermogen, zoals vermeld in de laatste paragraaf van het woord vooraf nergens terug te vinden in hoofdstuk 5.4 van het voorstel. Er kunnen nog andere voorbeelden van vergissingen in de rest van de tekst gegeven worden. Het is echter niet aan de CREG om er de volledige lijst van op te stellen. De goedkeuring door de CREG van het geheel of een deel van het voorstel van ELIA houdt geenszins de goedkeuring van dergelijke vergissingen in.
- In het voorstel verwijst ELIA rechtstreeks of onrechtstreeks naar voorwaarden opgenomen in de overeenkomsten gesloten of nog te sluiten tussen ELIA en de marktspelers. Deze beslissing heeft, overeenkomstig artikel 159, §1, van het technisch reglement, enkel betrekking op de voorstellen van werkingsregels van de markt bestemd voor de compensatie van de kwartieronevenwichten en vormt op geen enkele manier een expliciete of impliciete goedkeuring van de overeenkomsten waarnaar in het voorstel wordt verwezen. ELIA dient zonodig deze overeenkomsten in overeenstemming te brengen met de marktregels die de onderhavige beslissing inhoudt. Zo spreekt het onderhavige voorstel zich ook niet uit over de tariefaspecten. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 6/21 II.
- In overweging genomen beoordelingselementen
- Op grond van de wetteksten weergegeven in deel I werd een aantal beoordelingselementen in overweging genomen voor het uitwerken van deze beslissing. Deze beoordelingselementen worden hierna ontleed.
- Het mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten vormt een belangrijk element voor de werking van de Belgische markt. Het is dus van essentieel belang om rekening te houden met de structuur en de opbouw van de markt waarvoor het bestemd is. Zo moet het rekening houden met de volgende elementen: − het aantal lokale producenten dat diensten voor de compensatie van de onevenwichten kan aanbieden is zeer beperkt, − om nieuwe marktspelers aan te trekken die in staat zijn op de Belgische markt diensten voor de compensatie van de kwartieronevenwichten aan te bieden, dient een evenwicht gevonden te worden tussen een redelijke vergoeding van deze diensten en een regulering van de aanbiedingen, die gezien de beperkte mededinging noodzakelijk is.
- Zo is het belangrijk dat het mechanisme voldoende flexibel is om de deelneming toe te laten van een zo groot mogelijk aantal spelers op de markt van de levering van diensten bestemd voor de compensatie van de kwartieronevenwichten. Met het oog hierop mag de structuur van het mechanisme niet de deur sluiten voor toekomstige evoluties die het mogelijk maken deze richting uit te gaan.
- Verder is het ook noodzakelijk dat het mechanisme een adequate transparantie biedt op het vlak van de aanbiedingen en hun activering. Deze transparantie brengt een merkbare zichtbaarheid mee in termen van informatie aan de marktspelers over de aanbiedingen met betrekking tot de compensatie van de kwartieronevenwichten en draagt er aldus toe bij om het potentieel abusieve gedrag van sommige marktspelers te ontmoedigen. Bovendien is het belangrijk dat het mechanisme de producenten die wensen deel te nemen aan de levering van diensten voor de compensatie van de kwartieronevenwichten duidelijke signalen geeft met betrekking tot de kosten en inkomsten die zij van hun deelneming aan deze diensten kunnen verwachten. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 7/21
- Het zou echter gevaarlijk zijn mochten de ARP de compensatie van de kwartieronevenwichten in België beschouwen als een hulpmiddel dat hen ter beschikking staat om hun verplichting tot evenwicht na te komen. Het mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten moet onder de huidige omstandigheden een hulpmiddel blijven dat ter beschikking van de TNB wordt gesteld om het evenwicht van de Belgische regelzone te verzekeren. Het mechanisme moet gebaseerd zijn op de marktregels en tevens toch zoveel mogelijk gaming door arbitrage met de spotmarkt voorkomen. Dit aspect wordt hoofdzakelijk verzekerd via het tarief voor de compensatie van de kwartieronevenwichten. De goedkeuring ervan behoort bij de goedkeuring van de tarieven van de netbeheerder en valt buiten het kader van deze beslissing.
- Bovendien moeten het mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten en het eraan verbonden tarief een minimalisering van de kosten voor de compensatie van de kwartieronevenwichten voor de ARP beogen.
- Tot slot is het van primordiaal belang dat het mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten geen hinderpaal vormt voor de oprichting van een Noordwest Europese lokale markt. De integratie van deze markten is immers noodzakelijk om tot mededinging op nationaal niveau te komen. Het is dus belangrijk dat het mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten zonder al te grote moeilijkheden met die van de buurlanden kan geïntegreerd worden. II.
- Toepassing van het wettelijk kader en van de beoordelingselementen op het voorstel II.3.
- Openstelling van de markt van de levering van diensten bestemd voor de compensatie van de kwartieronevenwichten
- In het voorgestelde mechanisme staat de markt van de levering van de secundaire regeling open voor alle producenten, ongeacht of ze al dan niet reserveringscontracten in het kader van de secundaire regeling hebben getekend. Enerzijds is elke marktspeler bij wie ELIA secundair regelvermogen heeft gereserveerd verplicht ELIA een offerte te maken voor een vermogen dat minstens gelijk is aan het NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 8/21 gereserveerde vermogen, zowel voor het opregelen als het afregelen. De eenheidsprijs waartegen een dergelijke marktspeler een offerte doet, moet lager zijn dan een bepaalde limiet voor de offertes van opregelvermogen en hoger dan een andere limiet voor de offertes van afregelvermogen. Deze beide limieten worden weergegeven door formules die afhangen van de referentiemarktprijs op het beschouwde uur en van het deel brandstof in de productiekosten van het desbetreffende type van centrale. Bovendien is het verschil tussen deze beide limieten constant. In geval van onbeschikbaarheid van het offertesysteem stelt ELIA voor het te vervangen door een eenheidsprijs voor de offertes in stijgende zin en een andere eenheidsprijs voor de offertes in dalende zin. Deze twee prijzen worden weergegeven door formules die slechts afhangen van de referentiemarktprijs op het beschouwde uur. Anderzijds hebben de marktspelers bij wie ELIA geen secundair regelvermogen heeft gereserveerd wel de mogelijkheid om aan de secundaire regeling deel te nemen, maar zijn ze niet verplicht om dit te doen. Als ze beslissen om eraan deel te nemen, zijn de prijzen van hun offertes niet gelimiteerd.
- De CREG stelt vast dat twee marktspelers aan de secundaire regeling deelnemen. Door de limieten die het mechanisme op het vlak van de prijzen van de offertes invoert, beperkt het voorgestelde mechanisme de macht van deze spelers op een markt waar het beperkte aantal spelers niet tot een daadwerkelijke mededinging leidt. Bovendien voert het flexibiliteit in door het jaar onder te verdelen in subperiodes, die ‘loten’ genoemd worden, en door het mogelijk te maken om voor elk lot contracten voor het reserveren van secundair regelvermogen te ondertekenen. Een van de marktspelers heeft trouwens in 2008 van deze mogelijkheid gebruik gemaakt door de secundaire reserve niet op dezelfde wijze voor alle loten te contracteren. Het mechanisme voert tevens flexibiliteit in door de markt van de secundaire regeling open te stellen voor marktspelers die geen contracten voor het reserveren van secundair regelvermogen met ELIA gesloten hebben. Daardoor kunnen naar deze markt spelers aangetrokken worden die over een kleiner park beschikken en die bijgevolg misschien niet het risico kunnen nemen om aan de secundaire regeling deel te nemen op zo’n regelmatige basis als de bepaling van de loten vereist. De CREG is van mening dat de voorgestelde werkingsregels voor de markt van de secundaire regeling een goed compromis vormt tussen het reguleren van de prijzen van de offertes en het aanmoedigen van de kleinere marktspelers om aan de secundaire regeling deel te nemen. Dat is des te belangrijker daar de secundaire regeling totnogtoe meer dan NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 9/21 95% van de tijd alleen gebruikt wordt om de kwartieronevenwichten van de Belgische regelzone te compenseren.
- Op dit ogenblik bestaat het tertiair vermogen uit vier types van hulpbronnen : niet- gereserveerd tertiair vermogen (CIPU contracten), tertiair regelvermogen gecontracteerd van de kant van de productie, tertiair regelvermogen gecontracteerd op de onderbreekbare belasting en de bijstandsovereenkomsten tussen TNB’s. Het niet-gereserveerd tertiair vermogen vloeit voort uit de toepassing van artikel 159, §2, van het technisch reglement. Tertiair regelvermogen gecontracteerd aan de kant van de productie en op de onderbreekbare belasting is vermogen dat contractueel door de TNB werd gereserveerd op basis van de reacties op een internationale offerteaanvraag. Voor de selectie van de hulpbronnen stelt ELIA voor de ontvangen offertes per kwartier in stijgende volgorde van prijs te klasseren. In de praktijk wordt het tertiair regelvermogen gewoonlijk geplaatst op de duurste eenheden die de vereiste technische kenmerken vertonen. Aangezien niet-gereserveerd tertiair vermogen (CIPU contracten) onder andere samengesteld is uit ongebruikt vermogen van eenheden in werking, zou dit vermogen in termen van kosten op een voordeliger niveau moeten geplaatst worden dan het tertiair regelvermogen. Dit mechanisme impliceert dat indien een marktspeler een maximum aan kansen wil hebben om zijn niet-gereserveerd tertiair vermogen aan ELIA te verkopen, hij er belang bij heeft een lagere prijs te bieden dan die van de offertes van tertiair regelvermogen, waarvan de prijs geplafonneerd is volgens een formule die rekening houdt met de prijs van de brandstof. Dit mechanisme laat het dus aan de markt over om ervoor te zorgen de prijzen zodanig te bepalen dat het niet-gereserveerd tertiair vermogen, waarvan de prijs vrij wordt gelaten maar waarvan het aanbod verplicht is, wordt aangeboden tegen een lagere prijs dan die van het gereserveerd tertiair vermogen, dat op duurdere machines geplaatst dient te worden. Voor de activering van de onderbreekbare belastingcontracten wordt voorzien dat het aantal offerteaanvragen per jaar dat contractueel mogelijk is voor deze contracten beperkt zou zijn. Verder kunnen deze hulpbronnen ook gebruikt worden bij het opheffen van congesties. Teneinde de mogelijkheid te behouden om gedurende het hele jaar een beroep te doen op de onderbreekbare belasting, stelt ELIA een procedure voor die rekening houdt met de opgelegde beperking inzake het aantal activeringen en het frequenter aantal periodes waarin zich congesties op het net voordoen. Deze procedure geeft voorrang aan de tertiaire reserve op de productie-eenheden in het eerste deel van het jaar en maakt in het tweede jaargedeelte een soepelere activering van de onderbreekbare belasting mogelijk volgens de NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 10/21 economische stapeling. Gezien hun aard van laatste toevlucht, wordt er enkel gebruik gemaakt van de bijstandsovereenkomsten tussen TNB’s als alle andere mogelijkheden uitgeput zijn of wanneer de TNB voorziet dat hij niet over toereikende reserves in de regelzone zal beschikken. De CREG is van mening dat deze werkwijze artikelen 157 en 158 van het technisch reglement naleeft. Bovendien is de CREG van oordeel dat deze selectiemethode kleinere producenten die zich, gezien de structuur van hun park, niet noodzakelijk contractueel willen verbinden om deel te nemen aan de tertiaire regeling, toch de mogelijkheid biedt om deel te nemen aan de diensten voor compensatie van de kwartieronevenwichten op tertiair niveau.
- Het voorgestelde mechanisme biedt het voordeel dat het in de toekomst evoluties zal mogelijk maken om de mededinging op de markt van de tertiaire reserve te versterken. Zo stelt ELIA voor het secundair regelvermogen en het niet-gereserveerd tertiair regelvermogen (CIPU contracten) in concurrentie te brengen vooraleer de secundaire regeling verzadigd is. Het niet-gereserveerd tertiair vermogen zou dan vóór het secundair regelvermogen geactiveerd worden indien zijn activeringsprijs interessanter is. Vervolgens stelt ELIA voor een systeem uit te werken waarbij de ARP op het vlak van onderbreekbare belasting blokken van regelvermogen tegen een vrij vastgestelde prijs zouden mogen aanbieden. Dat zou toelaten de hulpbronnen te vermeerderen die aan de compensatie van de kwartieronevenwichten deelnemen in het kader van artikel 157, §2, 4°, van het technisch reglement, daar waar de onderbreekbare belasting vandaag wordt aangeboden met toepassing van artikel 157, §3, van het technisch reglement, tegen een prijs die volgens een in het voorstel beschreven methode wordt vastgesteld. Deze onderbreekbare belastingen zouden dan in concurrentie treden met de andere hulpbronnen van regelvermogen van artikel 157, §2, 4°, van het technisch reglement. Tot slot stelt ELIA ook de studie voor van een uitbreiding van het mechanisme tot offertes afkomstig uit het buitenland, waarvan sommige goedkoper dan de lokale offertes zouden kunnen zijn. Eerst moet echter de impact op het grensoverschrijdend vermogen nog nader onderzocht worden. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 11/21
- Voor zover deze evoluties ertoe leiden de mededinging op de Belgische markt van de compensatie van de kwartieronevenwichten te versterken, moedigt de CREG ELIA aan ze te blijven bestuderen en, wanneer ze voldoende gerijpt zijn, ze in een nieuw voorstel van een mechanisme voor het compenseren van de kwartieronevenwichten in te dienen. Aangezien deze elementen al sinds enkele jaren in het voorstel van ELIA vermeld worden, vraagt de CREG aan ELIA om in zijn volgend voorstel inzake de werkingsregels van de markt met betrekking tot de compensatie van de kwartieronevenwichten te verduidelijken welke concrete vooruitgang er op dit gebied gemaakt werd. Toch wil ze de aandacht van ELIA erop vestigen dat het absoluut noodzakelijk is dat de volgorde van aanspreken van de hulpbronnen slechts op basis van het criterium van de laagste prijs gebeurt voor zover dit niet de veiligheid van de Belgische regelzone in gevaar brengt. Ze vestigt de aandacht van ELIA tevens op de kwestie van de overeenstemming van eventuele voorstellen inzake de evolutie van het mechanisme met het technisch reglement en meer bepaald met de artikelen 157 en 158, onder andere voor wat betreft de hulpbronnen die buiten de Belgisch regelzone liggen. II.3.
- Beschikbaarheid van de gecontracteerde secundair en tertiair regelvermogen.
- hulpbronnen van De reservatie van het secundair regelvermogen en van het tertiair regelvermogen heeft betrekking op hoeveelheden waarvan de waarde bepaald wordt in de documenten van ELIA met als titel « Evaluatiemethode van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor 2009 » en « Bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor 2009». Deze documenten vormden het onderwerp van beslissing (B)080513-CDC-762 van de CREG van 13 mei 2008 over de vraag tot goedkeuring van de evaluatiemethode voor en de bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor
- De onderhavige beslissing komt dus niet op deze elementen terug.
- Op verschillende plaatsen in het voorstel, onder meer in afdelingen 4.1.1 en 4.2.1, vermeldt ELIA hetzij expliciet, hetzij impliciet, de mogelijkheid van hulpbronnen die een beschikbaarheid lager dan 100% kunnen vertonen. De CREG is van oordeel dat de toevlucht tot hupbronnen die een beschikbaarheid lager dan 100% kunnen vertonen gunstig is voor de werking van de betrokken markten, omdat het NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 12/21 producenten naar deze markten kan aantrekken die over een park beschikken waarvan de omvang de beschikbaarheid van de in reserve gehouden hulpbronnen niet altijd voor 100% kan waarborgen. Toch wil de CREG eraan herinneren dat de secundaire regelvermogens die bijdragen tot het verzekeren van de veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van het net in de regelzone werden bepaald door ELIA. Het heeft ze meegedeeld onder de vorm van een voorstel aan de CREG, die ze in haar beslissing (B)080513-CDC-762 goedkeurde op basis van artikel 233 van het technisch reglement. Bijgevolg is de CREG van oordeel dat het aanvaarden door ELIA van offertes waaraan een beschikbaarheid lager dan 100% verbonden is, op zulke wijze dient te gebeuren dat de offertes van secundair regelvermogen die ELIA worden aangeboden toelaten te voldoen aan de hoeveelheid die het onderwerp vormde van beslissing (B)080513-CDC-762 van de CREG. Om dezelfde reden is de CREG van oordeel dat het aanvaarden van Belgische offertes van tertiair regelvermogen gecontracteerd van de kant van de productie op zulke wijze dient te gebeuren dat de offertes van tertiair regelvermogen van de kant van de productie die ELIA worden aangeboden toelaten te voldoen aan de hoeveelheid die het onderwerp vormde van beslissing (B)080513-CDC-762 van de CREG. II.3.
- Activering van de hulpbronnen voor de secundaire regeling
- In zijn voorstel selecteert ELIA op D-1 voor elk kwartier van dag D offertes voor 150 MW in stijgende zin en 150 MW in dalende zin
- Deze offertes kunnen zowel afkomstig zijn van het gereserveerd vermogen als van het niet-gereserveerd vermogen. De selectie van de offertes door ELIA gebeurt onafhankelijk voor de offertes in stijgende zin en de offertes in dalende zin, in stijgende volgorde van de eenheidsprijs van de offertes. De geselecteerde offertes nemen deel aan de secundaire regeling op dag D voor het beschouwde uur. Elke producent waarvan minstens één offerte geselecteerd werd voor het beschouwde uur ontvangt een signaal gebaseerd op het onevenwicht van de zone, in verhouding tot het vermogen van zijn geselecteerde offertes. Deze verhouding kan verschillend zijn voor de regeling in dalende zin en de regeling in stijgende zin. Het signaal wordt door ELIA naar elke producent verstuurd voor het geheel van de productie-eenheden die hij van plan is te laten deelnemen aan de tweede regeling. 1 Tenzij het totale bedrag aangeboden door de leveranciers lager is dan deze waarde. Het mag echter niet lager zijn dan 100 MW. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 13/21 De niet-geselecteerde offertes worden door ELIA behandeld als toenemende en afnemende offertes, in het kader van het niet-gereserveerd tertiair vermogen (CIPU contracten).
- De CREG is van mening dat deze werkwijze conform artikelen 157, §2, 158 en 159, §2, van het technisch reglement is.
- De CREG stelt echter vast dat het activeringsmechanisme van de secundaire regeling geen nauwkeurig verband legt tussen een in aanmerking genomen offerte en de machine die zal gebruikt worden bij de activering ervan. Ze is van mening dat deze werkwijze voor de producent soepelheid op het vlak van de activering van het secundair regelvermogen invoert. Ze brengt echter in herinnering dat ELIA zich ervan moet verzekeren dat elke offerte om deel te nemen aan de secundaire regeling die niet volledig of gedeeltelijk geselecteerd werd op dag D-1 toch aanwezig is, met het vermogen dat overeenstemt met het niet-geselecteerde deel van de offerte, op het vlak van de offertes van niet-gereserveerd tertiair vermogen (CIPU contracten), zoals ELIA aanstipt in de laatste paragraaf van afdeling 5.2.2 van het voorstel, overeenkomstig artikel 159, §2, van het technisch reglement. Het is eveneens noodzakelijk dat ELIA de nodige gegevens opslaat om na de activering te kunnen bepalen wat het bedrag is van de deelneming van elke eenheid in elk type van regeling of reserve, voor elk kwartier.
- In haar beslissing (B)070927-CDC-703 van 27 september 2007 over de reserves voor 2008 verzoekt de CREG ELIA om samen met de grote industriële afnemers na te gaan op welke manier deze zouden kunnen deelnemen aan de secundaire regeling van het zoneevenwicht. De CREG heeft haar belangstelling voor dit onderwerp nogmaals bevestigd in haar beslissing (B)080513-CDC-762 over de reserves voor 2009, onder andere door ELIA te vragen een studie te maken over de uitbreiding tot de secundaire regeling van de mogelijkheden van de grote industriële afnemers om aan de primaire regeling deel te nemen. De CREG herinnert eraan dat ze in deze beslissing heeft gevraagd dat de besluiten van deze studie zouden in aanmerking genomen worden in het voorstel van ELIA aangaande de reserves voor
- Bovendien verwacht de CREG van ELIA een verslag dat de toestand in dit verband beschrijft en dat onder andere de lijst van de individueel gecontacteerde afnemers bevat, evenals het met redenen omklede standpunt van elk van hen voor wat hun deelneming aan de secundaire regeling betreft. Dit verslag zou haar uiterlijk tegelijk met het voorstel van ELIA aangaande de reserves voor 2010 moeten overgemaakt worden. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 14/21 II.3.
- Wijze van vergoeding van de leveranciers van de diensten voor de compensatie van de kwartieronevenwichten
- Al valt de goedkeuring van het tarief voor de compensatie van de kwartieronevenwichten buiten het kader van deze beslissing, toch heeft het voor de tarifering toegepaste principe gevolgen voor het mechanisme zelf, in de mate dat, om een goede werking hiervan te bekomen, de wijze van vergoeding van de producenten die diensten voor de compensatie van de kwartieronevenwichten aanbieden niet onafhankelijk mag zijn van de wijze van tarifering van de onevenwichten van de ARP. Deze vergoeding bestaat uit twee luiken : de vergoeding voor het reserveren van de hulpbronnen en die voor het activeren van de hulpbronnen. Voor het reserveren van de hulpbronnen stelt ELIA voor een « pay as bid » vergoeding goed te keuren. Deze wijze van vergoeding werd bij voorkeur toegepast op een vergoeding op basis van de prijs van de marginale offerte met de bedoeling een lagere reservatiekost te bekomen, in een systeem waar het aantal producenten dat aan deze markt kan deelnemen voor het ogenblik beperkt is tot drie. Voor het activeren van de hulpbronnen stelt ELIA eveneens een vergoeding van het type « pay as bid » voor. Deze wijze van vergoeding is aangewezen omwille van het geringe aantal marktspelers dat in staat is producten op de Belgische markt voor de compensatie van de kwartieronevenwichten aan te bieden. Bovendien beperkt ze de gevolgen van de prijspieken en tempert ze het belang dat de producenten erbij kunnen hebben om productievermogen aan de markt te ontrekken. En tot slot is de toegepaste tarifering voor de compensatie van de kwartieronevenwichten, namelijk een tarifering tegen gemiddelde kost, coherent met de wijze van vergoeding « pay as bid ». Rekening houdend met de voornoemde elementen, is de CREG van mening dat deze vergoedingsmethode het best aangepast is aan de huidige structuur van de Belgische markt voor de compensatie van de kwartieronevenwichten.
- Voor de activering van het gecontracteerde tertiaire regelvermogen stelt ELIA voor de formule voor het bepalen van de prijslimiet van de offertes af te stemmen op die welke gebruikt wordt in de procedure « nominatie » van het CIPU contract. De CREG stemt met dit voorstel in, aangezien het de formules voor de berekening van de NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 15/21 prijslimieten van de offertes voor de gecontracteerde tertiaire reserves en de niet gecontracteerde tertiaire reserves standaardiseert.
- Het activeren van de onderbreekbare belasting gebeurt volgens de principes vermeld in punt
- De vergoeding van deze activering gebeurt tegen een prijs van 110% van de laatste geactiveerde hulpbron voor het beschouwde kwartier, met een voorgestelde vaste minimumprijs. De CREG is van oordeel dat de wijze van activering van de onderbreekbare belasting een noodzakelijk compromis vormt tussen de voorzichtigheid ingegeven door de bezorgdheid om de veiligheid van het systeem waartoe de netbeheerder gedwongen wordt en de wil om de dwingende regels verbonden aan de onderbreekbare ladingen te versoepelen en zo deze laatste tegen voordeligere prijzen te kunnen gebruiken als de omstandigheden het toelaten. Toch is ze van mening dat het achteraf herwaarderen van de onderbreekbare belasting dient vermeden te worden. Ze vraagt dat de prijs van een hulpbron eens en voor altijd vooraf voor een gegeven kwartier zou vastgesteld worden en dat deze prijs de plaats van de hulpbron op de oproeplijst zou bepalen. II.3.
- Intraday markt
- De eventuele inwerkingstelling tegen eind 2008 in België van een intraday groothandelsmarkt vormt een belangrijke evolutie in termen van marktwerking. Voor zover ELIA onder andere de correcte werking van het mechanisme voor de compensatie van de onevenwichten baseert op overwegingen met het oog op het vermijden van gaming en sourcing van de ARP op de markt van de secundaire en tertiaire regelvermogens, vestigt de CREG de aandacht van ELIA op de mogelijke interacties die zich zouden kunnen voordoen tussen de nieuwe intraday markt en de markt voor de compensatie van de kwartieronevenwichten.
- De CREG legt bovendien de nadruk op de noodzaak voor ELIA om erover te waken dat het over de nodige reserves blijft beschikken zoals ELIA die zelf bepaalde en die het onderwerp vormden van beslissing (B)080513-CDC-762 van 13 mei 2008 van de CREG over de reserves voor
- In die zin verzoekt ze ELIA om haar vóór de inwerkingstelling van de intraday markt , zoniet tegen eind januari 2009, een mechanisme voor te stellen dat het mogelijk maakt te controleren of de deelneming van de verschillende betrokken spelers aan de intraday markt NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 16/21 niet gebeurt ten nadele van de gecontracteerde reserves die ter beschikking van ELIA moeten gesteld worden of van de reservecapaciteit waarover de spelers moeten beschikken in toepassing van het CIPU contract. ELIA zal dit mechanisme uiterlijk een maand na de voorstelling ervan aan de CREG in werking stellen. II.3.
- Transparantie en marktinformatie
- In hoofdstuk 6 van het voorstel stelt ELIA dat zij op haar website inlichtingen verstrekt die moeten bijdragen tot de transparantie van het mechanisme voor de compensatie van de kwartieronevenwichten. De CREG stelt vast dat deze inlichtingen overeenstemmen met wat tussen ELIA en de CREG werd afgesproken naar aanleiding van de in het voorstel vermelde brief van ELIA en het antwoord van de CREG in haar brief 20060724124 van 24 juli
- De CREG merkt tevens op dat ELIA in het raam van de activering van het secundaire regelvermogen de contracterende spelers een signaal stuurt dat het gedeelte van de ACE weergeeft dat door de activering van het secundaire regelvermogen op de productieunits van deze speler dient te worden gecompenseerd. Voor bepaalde uren, meerbepaald wanneer een enkele speler aan deze dienst deelneemt, geeft het verstuurde signaal de totaliteit van de ACE weer. Om alle marktspelers een niet discriminerende toegang tot de informatie over de waarde van de ACE te verlenen, verzoekt de CREG ELIA op haar website de momentele waarde van de ACE weer te geven, evenals de cumulatie ervan sinds het begin van het lopende kwartier en daarbij de positieve waarden te onderscheiden van de negatieve waarden. Deze waarden moeten digitaal weergegeven worden op één megawatt (MW) nauwkeurig, met minstens dezelfde updatefrequentie als die van de huidige weergave van het onevenwicht van de regelzone op zijn website, namelijk om de twee minuten. De CREG verzoekt ELIA deze wijziging uit te voeren vóór eind februari
- Verder, in punt 6.4, heeft ELIA het over de publicatie van een fiche waarin de werking wordt beschreven van het mechanisme voor het in evenwicht brengen van de marktwerking met betrekking tot de compensatie van de kwartieronevenwichten. De CREG verzoekt ELIA zonodig het document vóór 31 januari 2009 bij te werken opdat het een getrouwe weergave zou vormen van onderhavige beslissing en van het voorstel waarop ze slaat. NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 17/21 II.3.
- Monitoring
- Hoofdstuk 7 van het voorstel heeft betrekking op de monitoring. Na twee jaar van gebruikmaking van de van ELIA ontvangen monitoringgegevens wenst de CREG verder te gaan met de haar door ELIA bezorgde gegevens uit te breiden om te kunnen overgaan tot een grondigere evaluatie van de markten voor de compensatie van de kwartieronevenwichten. Deze aanvullende gegevens hebben betrekking op de intraday markt, het activeren van de secundaire reserve op kwartierbasis en de kwartierafnamen van de ARP.
- Wat de monitoring van de intraday markt betreft, vraagt de CREG aan ELIA om haar vóór eind februari 2009 een voorstel te doen. Dit voorstel zal als basis dienen voor besprekingen tussen ELIA en de CREG en heeft zowel betrekking op het maandelijkse monitoringverslag als op het versturen van monitoringgegevens op maandbasis. Ze moet het onderscheid in stand houden tussen de nominaties en reserveringen van de procedure « nominatie » en die van de procedure « nominatie intraday » in de zin die het CIPU contract 2008 aan deze beide procedures toekent. De CREG vraagt dat de inwerkingstelling zo vlug mogelijk en uiterlijk drie maanden na de inwerkingstelling van de intraday markt zou gebeuren. De informatie vervat in het eerste maandverslag en in de eerste verzending van de desbetreffende maandelijkse gegevens zal betrekking hebben op alle informatie van de intraday markt sinds haar oprichting.
- Wat de aanvullende monitoring van de activering van het secundaire regelvermogen betreft, verzoekt de CREG ELIA om aan de maandelijkse monitoringgegevens vanaf de gegevens betreffende januari 2009 de volgende kwartierinformatie toe te voegen die wordt geleverd door elke producent die een secundaire regelingsovereenkomst heeft getekend: − de informatie vermeld in punt 6.2.
- van de secundaire regelingsovereenkomst
- − de informatie vermeld in bijlage 4 van de secundaire regelingsovereenkomst 2008, eventueel weergegeven in gemiddelde per kwartier. De CREG vraagt dat haar een elektronische versie van deze informatie zou bezorgd worden, tegelijk met de monitoringgegevens van de maand waarop ze betrekking hebben.
- Wat de kwartierafnamen van de ARP betreft, verzoekt de CREG ELIA deze te NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 18/21 versturen volgens een driemaandelijkse periodiciteit, zoals dat reeds het geval is voor de individuele kwartieronevenwichten. De CREG vraagt dat deze gegevens tegelijk met de gegevens aangaande de individuele kwartieronevenwichten zouden verzonden worden en dat de eerste verzending zou betrekking hebben op het eerste kwartaal van
- De periodiciteit van de verzending van de monitoringverslagen en -gegevens, evenals de termijn tussen het einde van de beschouwde periode en het ogenblik waarop ze worden overgemaakt aan de CREG vormen belangrijke elementen van het monitoringproces. Om te beantwoorden aan het verzoek dat de CREG formuleerde in haar beslissing (B)061220-CDC-611 van 20 december 2006 over het het voorstel van ELIA betreffende de werkingsregels van de markt voor de compensatie van de kwartieronevenwichten voor 2007, werd tussen ELIA en de CREG2 overeengekomen om de verzendingsfrequentie van de verslagen en de monitoringgegevens evenals de structuur van deze verslagen te herdefiniëren. De verslagen en gegevens werden opgesplitst in elementen die de CREG moeten bezorgd worden op maandbasis en elementen die moeten bezorgd worden op driemaandelijkse basis. Deze laatste hebben betrekking op de verslagen en gegevens over de individuele kwartieronevenwichten van de ARP. De uitvoering van deze verzending van documenten gebeurde geleidelijk aan in de loop van het jaar 2007 en zette zich verder in 2008.Wat de verzendingstermijn van de verslagen en gegevens betreft, stelt de CREG vast dat dezelfde problemen zich blijven voordoen met de driemaandelijkse verzendingen. Voor de maandelijkse verzendingen is de toestand globaal genomen verbeterd. Op het ogenblik dat deze beslissing wordt opgesteld heeft ze echter nog altijd niet de maandelijkse gegevens over september ontvangen, terwijl ze het verslag van de maand september al sinds 14 november heeft ontvangen. De CREG verzoekt ELIA zijn inspanningen met het oog op de verbetering van de verzendingstermijn van de verslagen en monitoringgegevens verder te zetten. Verder heeft de CREG opgemerkt dat de kwaliteit van de verzendingen van de gegevens sinds vorig jaar verslechterd is. Sommige gegevens ontbreken of zijn onvolledig. De CREG zal ELIA een afzonderlijk schrijven richten om de balans van de toestand op te maken en verzoekt ELIA de kwaliteit van de overgemaakte gegevens te verbeteren. 2 Zie onder andere de brief van ELIA van 28 februari 2007 en het antwoord van de CREG van 14 maart
- NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 19/21 III. BESLISSING Gelet op het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. Gelet op het voorstel « Proposition de règles de fonctionnement du marché relatif à la compensation des déséquilibres quart horaires pour l’année 2009 », overgemaakt door de NV ELIA SYSTEM OPERATOR bij brief van 8 oktober
- Gelet op de beslissing van de CREG van 13 mei 2008 over de vraag tot goedkeuring van de evaluatiemethode voor en de bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor
- Gelet op de voorgaande analyse. Overwegende dat de NV ELIA SYSTEM OPERATOR zijn voorstel heeft ingediend voor het jaar
- Overwegende dat het voorstel de voorschriften naleeft van de artikelen van het technisch reglement weergegeven in deel I van deze beslissing. Overwegende dat het voorstel voldoet aan de beoordelingselementen ontwikkeld in deel II.
- van deze beslissing. Beslist de CREG, in het raam van de opdracht die haar wordt toevertrouwd door artikel 159, §1 van het technisch reglement, het voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR voor het jaar 2009 goed te keuren. De CREG beslist echter ook dat de NV ELIA SYSTEM OPERATOR de nodige acties dient te ondernemen om te voldoen aan de opmerkingen die onder meer werden gemaakt in de paragrafen 24, 26, 29, 30, 33, 35, 37, 38, 40, 41, 42 en 43 van deze beslissing. Verder herinnert de CREG aan de noodzaak voor de NV ELIA SYSTEM OPERATOR om over de reserves te beschikken die het onderwerp vormen van de beslissing van de CREG van 13 mei 2008 over de vraag tot goedkeuring van de evaluatiemethode voor en de bepaling van het primair, secundair en tertiair reservevermogen voor
- NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 20/21 De CREG beslist tevens dat de N.V. ELIA SYSTEM OPERATOR zonodig de overeenkomsten verbonden aan de compensatie van de kwartieronevenwichten in overeenstemming dient te brengen met de nieuwe marktregels die de onderhavige beslissing inhoudt. Verder behoudt de CREG zich het recht voor om op elk ogenblik bijkomende opmerkingen te formuleren, in voorkomend geval in een latere beslissing. Ten slotte vestigt de CREG de aandacht op het feit dat haar aanvaarding van het voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR voor 2009 geenszins vooruitloopt op haar beslissing over de toepassing van een soortgelijk mechanisme na
- aaaa Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas : Dominique WOITRIN François POSSEMIERS Directeur Voorzitter van het Directiecomité NIET VERTROUWELIJKE VERSIE 21/21