← België

Beslissing over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de metho

Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS BESLISSING (B) 101125-CDC-1018 over de „aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangsverantwoordelijken‟ genomen met toepassing van artikelen 180, §2, en 183, §2 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe 25 november 2010 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 180, §2, en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van de N.V. Elia System Operator (hierna: Elia) betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangsverantwoordelijken. Artikel 180, §2, van het technisch reglement bepaalt dat de methoden voor congestiebeheer, alsook de veiligheidsregels, aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht door de netbeheerder. Artikel 183, §2, van het technisch reglement bepaalt dat de methoden voor de toekenning aan de toegangsverantwoordelijken van de beschikbare capaciteit voor energie- uitwisselingen met de buitenlandse netten, aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht door de netbeheerder. Het voorstel betreffende de regels voor de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten voor het jaar 2011 (hierna: het verdelingsvoorstel voor 2011) werd door Elia per brief van 4 november 2010 aan de CREG bezorgd (en door de CREG op dezelfde datum ontvangen). Het door Elia ingediende dossier bestaat uit de volgende documenten: het voorstel van Elia en RTE betreffende de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten op de koppelverbinding België - Frankrijk voor het jaar 2011 evenals de analyses en gedetailleerde opmerkingen van de netbeheerders over de toewijzing en het gebruik van de capaciteiten op de koppelverbinding België - Frankrijk in 2007, 2008, 2009 en 2010. Het dossier bevat tevens een document dat de regels voor de verdeling van de capaciteit op de koppelverbinding België – Nederland beschrijft. Onderhavige beslissing is opgesplitst in vier delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten van de beslissing toegelicht. Het derde deel ontleedt de voorgestelde gewijzigde methoden voor congestiebeheer en voor 2/28 de toekenning van capaciteit op de Belgisch - Franse grens. Het vierde deel, ten slotte, bevat de eigenlijke beslissing. Als bijlage bij onderhavige beslissing worden een kopie van het voorstel van de netbeheerders inzake de verdeling van de capaciteit voor het jaar 2011 gevoegd, evenals de analyses en gedetailleerde opmerkingen van de netbeheerders over de toewijzing en het gebruik van de capaciteiten op de koppelverbinding België - Frankrijk in 2007, 2008, 2009 en 2010. Op zijn vergadering van 25 november 2010 nam het Directiecomité van de CREG de onderhavige beslissing.  3/28 I. WETTELIJK KADER I.1. Richtlijn 2003/54/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2003 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en houdende intrekking van richtlijn 96/92/EG 1. Richtlijn 2003/54/EG van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2003 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en houdende intrekking van richtlijn 96/92/EG (hierna: richtlijn 2003/54/EG) legt in haar artikel 9.

  1. e)een algemene verplichting op volgens dewelke de netbeheerder de niet-discriminatie tussen gebruikers of categorieën van gebruikers van het net, met name ten gunste van verwante bedrijven, moet waarborgen. Richtlijn 2003/54/EG benadrukt meer bepaald het principe van de niet-discriminerende toegang tot het transmissiesysteem in artikel 20.1, dat bepaalt dat de Lidstaten erop dienen toe te zien dat voor alle in aanmerking komende klanten een systeem van toegang voor derden tot de transmissie- en distributienetten wordt ingevoerd. Dit systeem, gebaseerd op gepubliceerde tarieven, moet objectief en zonder discriminatie tussen de gebruikers van het net worden toegepast. Artikel 20.2 van richtlijn 2003/54/EG bepaalt onder meer dat de transmissienetbeheerder de toegang kan weigeren als hij niet over de nodige capaciteit beschikt. Artikel 23.1.
  2. a)van richtlijn 2003/54/EG heeft betrekking op de regelgevende instanties en voorziet dat ze, ten minste, verantwoordelijk moeten zijn voor het garanderen van nondiscriminatie, daadwerkelijke mededinging en een doeltreffende marktwerking ten aanzien van de voorschriften inzake het beheer en de toekenning van koppelingscapaciteit, in overleg met de regelgevende instanties van de Lidstaten waarmee een koppelverbinding bestaat. 4/28 I.2. Verordening (EG) Nr. 1228/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2003 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit 2. De CREG herinnert eraan dat, krachtens de bepalingen van artikel 249 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, verordening nr. 1228/2003 een algemene draagwijdte heeft, in al zijn elementen bindend is en rechtstreeks van toepassing is in iedere Lidstaat. 3. Artikel 6.1 preciseert dat de congestieproblemen op het net moeten worden aangepakt met niet-discriminerende, op de markt gebaseerde oplossingen waarvan voor de marktdeelnemers en de betrokken transmissiesysteembeheerders efficiënte economische signalen uitgaan. 4. te Artikel 6.2 van verordening nr. 1228/2003 bepaalt dat de procedures om transacties beperken slechts mogen worden toegepast in noodsituaties wanneer de transmissiesysteembeheerder snel moet optreden en redispatching of compensatiehandel niet mogelijk is, en dat, behoudens gevallen van overmacht, de marktdeelnemers aan wie een capaciteit werd toegekend, moeten worden vergoed voor elke beperking. 5. Artikel 6.3 bepaalt dat marktdeelnemers de beschikking krijgen over de maximale capaciteit van de transmissiesystemen koppelverbindingen waarmee en/of de grensoverschrijdende maximale stromen capaciteit worden van de verzorgd, in overeenstemming met de voor een bedrijfszekere exploitatie van het net geldende veiligheidsnormen. 6. Artikel 6.4 betreft het tijdschema van de nominaties en de herverdeling van de ongebruikte capaciteiten. Het bepaalt dat de marktdeelnemers de betrokken transmissienetbeheerders voldoende lang vóór de aanvang van de betrokken exploitatieperiode in kennis moeten stellen van hun voornemen om de toegekende capaciteit al dan niet te gebruiken. Elke ongebruikte toegekende capaciteit wordt opnieuw aan de markt toegekend volgens een open, transparante en niet-discriminerende procedure. 5/28 7. Artikel 6.5 van verordening nr. 1228/2003 bepaalt dat, voor zover dit technisch mogelijk is, de transmissienetbeheerders de behoeften aan capaciteit voor elektriciteitsstromen in tegengestelde richting op de overbelaste koppelverbinding moeten vereffenen, teneinde de capaciteit van deze lijn maximaal te benutten. De nieuwe “Richtsnoeren voor het beheer en de toewijzing van I.3. beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties tussen nationale systemen” 8. Overeenkomstig artikel 8

(4)van verordening nr. 1228/2003 besliste de Europese Commissie de in de bijlage van deze verordening nr. 1228/2003 opgenomen richtsnoeren voor het beheer en de toekenning van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties (koppelverbindingen) tussen nationale systemen te wijzigen1. Aldus werd een nieuwe versie van de bijlage van kracht op 1 december 2006 (hierna: de nieuwe richtsnoeren). De bepalingen van deze nieuwe richtsnoeren die relevant zijn voor onderhavige beslissing, worden hierna weergegeven. 1. ALGEMEEN […] 1.9. Uiterlijk op 1 januari 2008 moeten op gecoördineerde wijze en onder veilige exploitatieomstandigheden mechanismen voor het intra-dagelijks beheer van congestie van de interconnectiecapaciteit worden opgesteld, teneinde zoveel mogelijk handelsopportuniteiten te scheppen en een grensoverschrijdend evenwicht tot stand te brengen. 1.10. De nationale regelgevende instanties zullen regelmatig de methoden voor congestiebeheer evalueren, waarbij zij met name aandacht zullen besteden aan de naleving van de beginselen en regels die in de verordening en de richtsnoeren zijn vastgelegd en aan de voorwaarden die de regelgevende instanties zelf hebben vastgesteld op basis van die 1 Zie beslissing van de Commissie van 9 november 2006 tot wijziging van de bijlage bij verordening (EG) nr. 1228/2003 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit, PBEG, nr. L 312 van 11 november 2006, p. 59. 6/28 beginselen en regels. In het kader van een dergelijke evaluatie moeten alle marktspelers worden geraadpleegd en moeten gerichte studies worden uitgevoerd. 2. METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER 2.1. Methoden voor congestiebeheer moeten op de markt gebaseerd zijn, zodat een efficiënte grensoverschrijdende handel wordt gefaciliteerd. Daarom zal capaciteit alleen worden toegewezen door expliciete (capaciteit) of impliciete (capaciteit en energie) veilingen. Beide methoden mogen worden gebruikt voor een en dezelfde interconnectie. Met betrekking tot intra-day handel is continuhandel mogelijk. 2.2. Afhankelijk van de concurrentievoorwaarden moeten de mechanismen voor congestiebeheer zowel lange- als kortetermijntoewijzing van transmissiecapaciteit mogelijk maken. 2.3. Bij elke procedure voor capaciteitstoewijzing wordt een voorgeschreven gedeelte van de beschikbare interconnectiecapaciteit toegewezen, alsook de resterende capaciteit die niet eerder is toegewezen en alle capaciteit die is vrijgegeven door de begunstigden van eerdere toewijzingen. […] 2.5. De toegangsrechten voor toewijzingen op lange en middellange termijn moeten vaste transmissiecapaciteitsrechten zijn. Voor deze toegangsrechten gelden de beginselen “use-itor-lose-it” of “use-it-or-sell-it” op het ogenblik van de nominering. 2.6. De transmissiesysteembeheerders stellen een passende structuur vast voor de toewijzing van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken. Hierin kan een optie zijn opgenomen om een minimumpercentage aan interconnectiecapaciteit te reserveren voor dagelijkse of “intra-day”-toewijzing. Deze toewijzingsstructuur moet worden beoordeeld door de respectievelijke regelgevende instanties. Bij het opstellen van hun voorstellen houden de transmissiesysteembeheerders rekening met:
  1. a)de kenmerken van de markten,
  2. b)de exploitatieomstandigheden, zoals de gevolgen van de vereffening van vaste programma‟s, 7/28
  3. c)het niveau van harmonisering van de percentages en tijdsbestekken die zijn goedgekeurd voor de verschillende geldende mechanismen voor de toewijzing van capaciteit. […] 2.10. In beginsel mogen alle potentiële marktdeelnemers zonder beperking deelnemen aan het toewijzingsproces. Om te vermijden dat problemen in verband met het mogelijk gebruik van een dominante positie door marktdeelnemers ontstaan of verergeren, mogen de bevoegde regelgevings- en/of mededingingsinstanties om redenen van marktdominantie algemene of ten aanzien van een bedrijf geldende beperkingen opleggen. 2.11. Voor elk tijdsbestek vindt er door de marktdeelnemers vaste nominatie plaats van hun capaciteitsgebruik bij de transmissiesysteembeheerders binnen een vastgestelde uiterste termijn. Deze uiterste termijn wordt zodanig vastgesteld dat de transmissiesysteembeheerders in staat zijn ongebruikte capaciteit opnieuw toe te wijzen voor gebruik in het volgende relevante tijdsbestek, zelfs binnen een en dezelfde dag. 2.12. Capaciteit mag vrij worden verhandeld op secundaire basis voorzover de transmissiesysteembeheerder lang genoeg van tevoren hiervan in kennis wordt gesteld. Wanneer een transmissiesysteembeheerder een secundaire transactie weigert, moet hij dit op duidelijke en transparante wijze meedelen en uitleggen aan alle marktdeelnemers, en moet hij de regelgevende instantie daarvan in kennis stellen. 2.13. De financiële gevolgen van het niet naleven van verplichtingen in verband met de toewijzing van capaciteit komen ten laste van degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn. Wanneer marktdeelnemers geen gebruik maken van de capaciteit waartoe ze zich verbonden hebben, of, in het geval van expliciet geveilde capaciteit, deze niet verhandelen op secundaire basis of tijdig teruggeven, verliezen ze de rechten op die capaciteit en zijn ze een op de kosten gebaseerde vergoeding verschuldigd. Deze op de kosten gebaseerde vergoedingen voor het niet gebruiken van capaciteit dienen gerechtvaardigd en proportioneel te zijn. Wanneer een transmissiesysteembeheerder zijn verplichting niet nakomt, dient hij de marktdeelnemer te vergoeden voor het verlies van de capaciteitsrechten. Met andere verliezen die het gevolg zijn van het verlies van capaciteitsrechten, wordt geen rekening gehouden. De belangrijkste concepten en methoden voor het vaststellen van de aansprakelijkheid voor het niet naleven van de verplichtingen worden van tevoren 8/28 uiteengezet voor wat de financiële gevolgen betreft, en dienen te worden beoordeeld door de relevante nationale regelgevende instantie(s). […] 3. COÖRDINATIE […] 4. TIJDSCHEMA VOOR MARKTOPERATIES […] 4.2. De nominering van transmissierechten dient, met volle aandacht voor de netwerkveiligheid, lang genoeg van tevoren plaats te vinden, en wel vóór de “day-ahead”sessies van alle relevante georganiseerde markten en vóór de bekendmaking van de capaciteit die zal worden toegewezen op basis van het “day-ahead”- of het “intra-day”toewijzingsmechanisme. Om doeltreffend gebruik te maken van de interconnectie, worden nomineringen van transmissierechten in de omgekeerde richting vereffend. […] 5. TRANSPARANTIE 5.1. Transmissiesysteembeheerders publiceren alle relevante gegevens met betrekking tot de beschikbaarheid van het netwerk, de netwerktoegang en het netwerkgebruik, inclusief een verslag waarin wordt nagegaan waar en waarom er sprake is van congestie, welke methoden worden toegepast om de congestie te beheren en welke plannen er bestaan voor congestiebeheer in de toekomst. […] 5.3. De toegepaste procedures voor congestiebeheer en capaciteitstoewijzing, de tijdstippen en procedures voor het aanvragen van capaciteit, een beschrijving van de aangeboden producten en de rechten en plichten van transmissiesysteembeheerders en van de partijen die de capaciteit verkrijgen, inclusief de aansprakelijkheid bij niet-naleving van deze plichten, moeten nauwkeurig door de transmissiesysteembeheerders worden beschreven en op transparante wijze aan alle potentiële netwerkgebruikers worden meegedeeld. […] 9/28 5.5. De transmissiesysteembeheerders dienen alle relevante gegevens betreffende grensoverschrijdende handel te publiceren op basis van de best mogelijke voorspelling. De betrokken marktdeelnemers verschaffen de transmissiesysteembeheerders de nodige informatie, zodat die aan hun verplichting kunnen voldoen. De wijze waarop deze informatie wordt gepubliceerd, moet ter beoordeling aan de regelgevende instanties worden voorgelegd. De transmissiesysteembeheerders moeten minstens de volgende gegevens publiceren:
  4. a)jaarlijks: informatie over de langetermijnevolutie van de transmissie-infrastructuur en het effect ervan op de grensoverschrijdende transmissiecapaciteit;
  5. b)maandelijks: maand- en jaarvoorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit, rekening houdend met alle relevante informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling (bv. de gevolgen van zomer en winter op de capaciteit van de lijnen, onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden, enz.);
  6. c)wekelijks: voorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit voor de komende week, rekening houdend met alle informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling, zoals de weersvoorspelling, gepland onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productieeenheden, enz.;
  7. d)dagelijks: voor de markt beschikbare “day-ahead”- en “intra-day”-transmissiecapaciteit voor elke tijdseenheid van de markt, rekening houdend met alle vereffende “day-ahead”nomineringen, “day-ahead”-productieschema‟s, vraagprognoses en gepland onderhoud aan het net;
  8. e)totale reeds toegewezen capaciteit per tijdseenheid van de markt en alle relevante omstandigheden waarin deze capaciteit kan worden gebruikt (bv. de toewijzingsprijs op de veiling, de verplichtingen inzake de wijze waarop de capaciteit moet worden gebruikt, enz.), teneinde alle resterende capaciteit te identificeren;
  9. f)de toegewezen capaciteit, zo snel mogelijk na elke toewijzing, en een indicatie van de betaalde prijs;
  10. g)de totale gebruikte capaciteit, per tijdseenheid van de markt, onmiddellijk na de nominering;
  11. h)zo dicht mogelijk bij de werkelijke tijd: verzamelde informatie over gerealiseerde commerciële en fysieke stromen, per tijdseenheid van de markt, inclusief een beschrijving 10/28 van de effecten van eventuele corrigerende maatregelen (zoals beperking) die door de transmissiesysteembeheerders zijn genomen om problemen met het systeem of netwerk op te lossen;
  12. i)informatie vooraf over geplande uitval en verzamelde informatie achteraf over geplande en niet-geplande uitval die de vorige dag heeft plaatsgevonden in opwekkingseenheden van meer dan 100 MW. 5.6. De markt moet tijdig over alle relevante informatie beschikken om over alle transacties te kunnen onderhandelen (industriële klanten moeten bijvoorbeeld tijdig kunnen onderhandelen over jaarcontracten en biedingen moeten tijdig naar georganiseerde markten worden gestuurd). 5.7. De transmissiesysteembeheerder moet de relevante informatie over de voorspelde vraag en opwekking publiceren volgens de in de punten 5.5 en 5.6 vermelde tijdschema‟s. De transmissiesysteembeheerder moet ook de relevante informatie publiceren die nodig is voor de grensoverschrijdende vereffeningsmarkt. 5.8. Wanneer de voorspellingen zijn gepubliceerd, moeten ook de ex-post gerealiseerde waarden voor de informatie over de voorspelling worden gepubliceerd in de tijdsperiode die volgt op die waarop de voorspelling betrekking heeft of ten laatste op de volgende dag (D+1). 5.9. Alle door de transmissiesysteembeheerders gepubliceerde informatie moet gratis ter beschikking worden gesteld in een gemakkelijk toegankelijk formaat. Het moet ook mogelijk zijn om via adequate en genormaliseerde middelen voor informatie-uitwisseling, die in nauwe samenwerking met de marktpartijen worden vastgesteld, toegang te krijgen tot alle gegevens. De gegevens omvatten informatie over voorbije tijdsperiodes, en minstens over de voorbije twee jaar, zodat nieuwe marktdeelnemers ook toegang hebben tot dergelijke gegevens. […] 11/28 I.4. 9. De elektriciteitswet Artikel 2, 7°, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: elektriciteitswet) verstaat onder “transmissienet” het nationaal transmissienet voor elektriciteit, dat de bovengrondse lijnen, ondergrondse kabels en installaties omvat die dienen voor het vervoer van elektriciteit van land tot land en naar rechtstreekse afnemers van de producenten en naar distributeurs gevestigd in België, alsook voor de koppeling tussen elektrische centrales en tussen elektriciteitsnetten. 10. Artikel 15, §1, van dezelfde wet bepaalt dat de in aanmerking komende afnemers een recht van toegang tot het transmissienet hebben tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12 en dat de netbeheerder de toegang alleen kan weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt, of wanneer de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het technisch reglement. I.5. 11. Het technisch reglement Artikel 180, §1, van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder op niet- discriminerende en transparante wijze de door hem toegepaste methoden voor congestiebeheer moet bepalen. Artikel 180, §2, preciseert dat de methoden voor congestiebeheer en de veiligheidsregels ter goedkeuring aan de CREG ter kennis worden gebracht en gepubliceerd worden overeenkomstig artikel 26 van dit reglement. Overeenkomstig artikel 180, §3, van het technisch reglement moet de netbeheerder er, bij de uitvaardiging en de inwerkingstelling van deze methoden, met name op toezien om: 1° zoveel mogelijk rekening te houden met de richting van de elektriciteitsstromen, en in het bijzonder wanneer de energie-uitwisselingen effectief de congestie doen verminderen; 2° zoveel mogelijk betekenisvolle invloeden te vermijden op de elektriciteitsstromen in andere netten; 12/28 3° problemen van congestie op het net op te lossen bij voorkeur met methoden die geen selectie tussen de energie-uitwisselingen van de verschillende toegangsverantwoordelijken inhouden; 4° geschikte economische signalen te geven aan de betrokken netgebruikers. Overeenkomstig artikel 180, §4, van het technisch reglement moeten deze methoden van congestiebeheer onder meer gebaseerd zijn op: 1° de veilingen van de beschikbare capaciteit; 2° de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de regelzone en/of, middels akkoord met de buitenlandse netbeheerder(s), door de gecoördineerde inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de betrokken buitenlandse regelzone(s). Krachtens artikel 181, §1, van het technisch reglement hebben de methoden voor congestiebeheer voorzien in artikel 180 onder meer als doel om: 1° elke beschikbare capaciteit aan de markt ter beschikking te stellen volgens transparante en niet-discriminerende methoden via, in voorkomend geval, veilingen waarin de capaciteiten kunnen worden verkocht met verschillende duurtijden en met verschillende karakteristieken (bijvoorbeeld wat betreft de verwachte betrouwbaarheid van de betreffende beschikbare capaciteit); 2° de beschikbare capaciteit in een serie verkopen aan te bieden die op een verschillende tijdsbasis gehouden kunnen worden; 3° bij elk van deze veilingen een bepaald gedeelte van de beschikbare capaciteit aan te bieden, met inbegrip van alle overblijvende capaciteiten die niet toegekend werden bij de vorige verkopen; 4° de commercialisering van de aangeboden capaciteit toe te laten. Artikel 181, §2, bepaalt dat de methoden voor congestiebeheer, in noodsituaties, een beroep kunnen doen op de onderbreking van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen, overeenkomstig vooraf vastgestelde prioriteitsregels die de CREG ter kennis zijn gebracht en gepubliceerd zijn overeenkomstig artikel 26 van dit besluit. 13/28 Zijn paragraaf 3 preciseert dat, voor wat de methoden voor congestiebeheer betreft, de netbeheerder overleg dient te plegen met de netbeheerders van de betrokken buitenlandse regelzones. 12. Artikel 183, §1, van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder waakt over de uitvoering van één of meerdere methoden voor de toekenning van beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met buitenlandse netten. Volgens artikel 183, §2, van het technisch reglement zijn deze methoden transparant en nietdiscriminerend. Ze worden aan de CREG ter goedkeuring ter kennis gebracht en gepubliceerd overeenkomstig artikel 26 van het technisch reglement. Ten slotte preciseert artikel 183, §3, van het technisch reglement dat deze methoden tot doel hebben het gebruik van de capaciteit van het net te optimaliseren overeenkomstig artikel 179. 13. Overeenkomstig artikel 184 van het technisch reglement beogen de methoden van toekenning van capaciteit onder meer: 1° in de mate van het mogelijke elk verschil in behandeling te minimaliseren bij het beheer van een congestie, tussen de verschillende soorten van grensoverschrijdende energieuitwisselingen door fysische wederkerige overeenkomsten of aanbiedingen op georganiseerde buitenlandse markten; 2° elke ongebruikte capaciteit aan andere marktdeelnemers ter beschikking te stellen; 3° de precieze voorwaarden van de garantiegraad van de aan de marktdeelnemers ter beschikking gestelde capaciteit te bepalen. 14/28 II. 14. ANTECEDENTEN Op 1 december 2005 neemt de CREG beslissing (B)051201-CDC-494 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding Frankrijk - België (hierna: de beslissing van 1 december 2005). Door haar beslissing aanvaardt de CREG het voorstel van Elia om op jaarbasis 1300 MW en maandelijks minstens 400 MW toe te kennen. De idee bestond erin om de maandelijkse beschikbare capaciteit maximaal op te voeren, met een minimale waarde van 400 MW. 15. Bij schrijven van 28 november 2006 deelt Elia de CREG mee dat tijdens de bijeenkomst van de “Users’ Group Elia” van 23 november 2006 een voornemen ten gunste van een herafstemming tussen de jaar-, maand- en dagcapaciteiten toegekend aan de Frans-Belgische grens (richting Frankrijk - België) voor het jaar 2007 werd besproken, en dat een aantal aanwezige leden instemde met een nieuwe verdeling die een vermindering op jaarbasis van de toegekende capaciteit en een verhoging van de capaciteit voor marktkoppeling beoogt. Dergelijke maatregel zou een gunstig effect kunnen hebben op de prijzen van de Belgische markt. In haar schrijven stelt Elia te hopen dat de CREG zich niet verzet tegen de doorvoering van dit voornemen. 16. Op 7 december 2006 neemt de CREG beslissing (B) 061207-CDC-610 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk - België aan de toegangsverantwoordelijken (hierna: de beslissing van 7 december 2006). Door deze beslissing, genomen met toepassing van de artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, weigert de CREG onder meer om het voorstel van Elia over de herschikking van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. De CREG motiveert haar weigering door te stellen dat ze, gezien het feit dat de door Elia voorgestelde maatregel enkel gebaseerd is op een analyse van Elia en rekening houdend met de uiterst korte tijd waarover ze beschikt, onmogelijk geldig kan evalueren. De CREG verwijst eveneens naar de afwezigheid van een open en 15/28 transparant overleg met alle marktdeelnemers en naar het gebrek aan voorzienbaarheid van de maatregel voor alle marktdeelnemers. De CREG meldt in haar beslissing echter te blijven openstaan voor de idee van een herschikking van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten die in het belang van de markt zou zijn. 17. Nadat de CREG op de internetsite van Elia vaststelde dat de maandelijkse capaciteit die voor de maanden januari en februari 2007 werd aangekondigd, aan de FransBelgische grens (richting Frankrijk - België) 400 MW zou bedragen, terwijl de toegekende capaciteit voor diezelfde maanden van 2006 1450 MW bedroeg, richt zij op 18 december 2006 een schrijven aan Elia met het verzoek de precieze redenen voor deze aanzienlijke daling toe te lichten. 18. Bij schrijven van 22 december 2006 antwoordt Elia de verbazing van de CREG niet te begrijpen, gezien de argumenten die Elia in haar brieven van 28 november en 4 december 2006 al ten gunste van een rechtzetting van de capaciteitsverdeling inriep. Elia verduidelijkt in haar schrijven dat zij samen met RTE (de Franse transmissienetbeheerder) besliste om de maandelijkse capaciteit voor de maanden januari en februari 2007 vast te stellen op 400 MW, in naleving van de beslissing van de CREG van 7 december 2006. 19. Bij schrijven van 27 december 2006 brengt Elia de CREG op de hoogte van haar voornemen om met alle marktdeelnemers een overleg over de herverdeling van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten te organiseren. 20. Bij schrijven van 8 februari 2007 stelt de CREG dat Elia deze maatregel eenzijdig en dus zonder hem vooraf ter goedkeuring aan de CREG voor te leggen heeft genomen, terwijl dergelijke maatregel een wijziging van de tot dan geldende methoden voor congestiebeheer veronderstelt. De CREG stelt in dit schrijven vast dat Elia met deze eenzijdige maatregel de weigering van de CREG in haar beslissing van 7 december 2006 om het voorstel van Elia geformuleerd in haar schrijven van 4 december 2006 goed te keuren, omzeilt. In afwachting dat een volledig dossier bij de CREG wordt ingediend en Elia een volledige marktraadpleging heeft georganiseerd, vraagt de CREG in dit schrijven aan Elia om terug te keren naar het beginsel waarbij de maandelijkse capaciteit wordt gelijkgesteld met de maximale capaciteit die op 16/28 maandbasis kan worden gewaarborgd, en deze dus niet kunstmatig te beperken tot 400 MW. 21. Bij schrijven van 14 februari 2007 stelt Elia verbaasd te zijn over de reactie van de CREG. Verder beweert Elia dat de CREG ten onrechte besluit dat zij de weigering van de CREG in haar beslissing van 7 december 2006 omzeild heeft. Elia wijst er bovendien op dat de maatregel overeenkomstig de beslissing van de CREG van 1 december 2005 werd genomen, aangezien de drempel voor de maandcapaciteit van 400 MW werd gerespecteerd. Verder haalt Elia opnieuw de argumenten aan die zij reeds in haar brieven van 28 november en 4 december 2006 uiteenzette. 22. Op 2 maart 2007 ontvangt de CREG een schrijven van Elia van 27 februari 2007 met documenten die tijdens de overlegvergadering van de marktdeelnemers van 6 maart 2007, waarvan hiervoor sprake onder §23, zullen worden gebruikt. 23. Op 6 maart 2007 organiseert Elia samen met RTE een overlegvergadering met de marktdeelnemers over de herschikking van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten voor de resterende maanden van het jaar 2007 enerzijds en voor het jaar 2008 anderzijds. Kort daarna publiceren Elia en RTE het verslag van deze vergadering op hun respectieve websites. 24. Bij schrijven van 16 maart 2007 legt Elia haar voorstel betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding Frankrijk - België, met het oog op de herschikking van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten, voor toepassing bij het vaststellen van de toe te kennen maandelijkse capaciteit voor de maanden mei tot december 2007, ter goedkeuring voor aan de CREG. Elia verbindt zich ertoe om voor het jaar 2008 samen met RTE hierover tijdens de herfst van 2007 overleg te plegen. 25. Op 12 april 2007 neemt de CREG beslissing (B)070412-CDC-677 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding Frankrijk - België (hierna: de beslissing van 12 april 2007). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk, met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de 17/28 verschillende tijdhorizonten, zoals voorgelegd goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2007 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG Elia eveneens om het beheer van de koppelverbinding transparanter te maken. Daarnaast verzoekt zij haar uiterlijk op 15 oktober 2007 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor 2008 over te maken. Dit voorstel moet een goed uitgewerkte rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling, waaronder de impact van de secundaire markt, omvatten en, rekening houdend met de versterkingen op de koppelverbinding, duidelijk het gewaarborgde capaciteitsniveau voor het hele jaar 2008 aangeven. 26. Op 1 oktober 2007 organiseren Elia en RTE in Parijs een overlegronde voor de marktspelers met als centraal thema de nieuwe voorstellen van de netbeheerders voor de herschikking van de capaciteit over de verschillende tijdhorizonten. Die bijeenkomst maakt het mogelijk een verdeelsleutel voor te stellen die voor alle deelnemers aanvaardbaar is. 27. Op 24 oktober 2007 deelt Elia aan de CREG, conform artikel 2.6 van de nieuwe richtsnoeren, haar in samenspraak met RTE opgestelde voorstel voor de capaciteitsherschikking voor 2008 mee. 28. Tijdens de maand november 2007 plegen de Franse regulator CRE (Commission de Régulation de l’Energie) en de CREG overleg over het voorstel van de netbeheerders met betrekking tot de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdshorizonten. 29. Op 20 november 2007 ontvangt de CREG een brief van Elia waarin deze laatste aanstipt dat haar voorstel van 24 oktober 2007 meer bepaald werd voorgelegd in het kader van de artikelen 180, §2, en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 30. Op 22 november 2007 neemt de CREG beslissing (B)071122-CDC-729 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator 18/28 betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding Frankrijk België (hierna: de beslissing van 22 november 2007). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België-Frankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2008 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG Elia eveneens om haar uiterlijk op 15 oktober 2008 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor 2009 over te maken. Dit voorstel moet een goed uitgewerkte rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling, waaronder de impact van de secundaire markt, omvatten en duidelijk het gewaarborgde capaciteitsniveau voor het hele jaar 2009 aangeven. 31. Op 7 november 2008 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2009 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 1228/2003 en in het kader van de artikelen 180, §2 en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 32. Bij schrijven van 5 december 2008 richt de CREG het verzoek tot Elia om uitleg te verschaffen over het volume aan gewaarborgde capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk -België en in het bijzonder over de impact van de recent geïnstalleerde dwarsregeltransformators. Tijdens de vergadering van 9 december 2008 legde Elia de methodes voor het berekenen van de capaciteiten uit en de impact van de loop flows hierop. De CREG drukte haar bezorgdheid uit over het rendement van de door Elia gedane investeringen in de koppelverbindingen, rekening houdend met de herhaalde beloften die Elia in het verleden heeft gedaan. Elia legde de verschillen uit op basis van de recente evolutie van de fysische stromen in de regio en hun impact op de congesties. Elia verbond zich ertoe om tegen januari 2009 een uitvoerige rechtvaardiging van haar berekeningen ex-ante en van de werkelijk waargenomen resultaten en voordelen voor de Belgische markt te geven. 19/28 33. Op 11 december 2008 neemt de CREG beslissing (B) 081211-CDC-801 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangsverantwoordelijken (hierna: de beslissing van 11 december 2008). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2009 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG Elia eveneens om haar uiterlijk op 15 oktober 2009 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor het jaar 2010 over te maken. De CREG verzoekt Elia, voor de maand januari 2009, de gegrondheid van de in het verleden gedane investeringen met betrekking tot koppelverbindingscapaciteit te rechtvaardigen en een uitvoerige verantwoording van de lopende investeringen te geven en tevens de minimale capaciteit tot 2000 MW op te trekken zodra de commerciële indienstneming van de dwarsregeltransformators afgerond is. De CREG vraagt dat Elia in november 2009 de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) inzake het minimumpeil van de capaciteit die ze gedurende heel het jaar 2010 zullen toewijzen, zou publiceren. 34. Op 13 november 2009 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2010 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 1228/2003 en in het kader van de artikelen 180, §2 en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 35. Bij schrijven van 13 november 2009 legt Elia het « Model voor de berekening van de totale overdrachtcapaciteit en de transportbetrouwbaarheidsmarge voor jaar- en maandcapaciteiten » ter goedkeuring voor aan de CREG. 20/28 36. Op 26 november 2009 neemt de CREG beslissing (B) 091126-CDC-926 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangsverantwoordelijken (hierna: de beslissing van 26 november 2009). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2010 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG eveneens dat Elia haar uiterlijk op 15 oktober 2010 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor het jaar 2011 zou voorleggen. De CREG vraagt dat Elia in november 2010 de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) inzake het minimumpeil van de capaciteit die ze gedurende heel het jaar 2011 zullen toewijzen, zou publiceren. 37. Op 4 november 2010 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2011 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 1228/2003 en in het kader van de artikelen 180, §2 en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 21/28 III. ANALYSE VAN DE METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER OP DE KOPPELVERBINDING BELGIË - FRANKRIJK, VOORGESTELD DOOR ELIA III.1. Voorafgaande opmerkingen 38. Onder deze titel wordt de conformiteit geanalyseerd van het voorstel van Elia met het wettelijke kader, omschreven in titel I van deze beslissing. 39. De CREG onderzoekt meer bepaald of het nieuwe voorstel van Elia rekening houdt met de kritiek die de CREG formuleerde in haar beslissing van 26 november 2009. 40. Onderhavige beslissing doet op geen enkele wijze afbreuk aan de beslissingen van de CREG van 7 december 2006, 22 november 2007 en 11 december 2008. De daarin gemaakte opmerkingen blijven volkomen geldig. 41. Onderhavige beslissing geldt zonder afbreuk te doen aan elke latere aanpassing van de methoden voor congestiebeheer die zou kunnen worden geëist in het kader van de nieuwe richtsnoeren. 42. Het voorstel van Elia voor de verdeling van de beschikbare capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten heeft enkel betrekking op het jaar 2011. Het standpunt van de CREG geldt dan ook enkel voor deze periode. Bijgevolg moet Elia voor het jaar 2012 tegen uiterlijk 15 oktober 2011 (zie paragraaf 57 hierna) een nieuw voorstel bij de CREG indienen. 43. De CREG stelt vast dat Elia en RTE zich ertoe verbinden hogere capaciteitsniveaus van 2200 MW en 2000 MW, respectievelijk gedurende 90 en 95 % van de tijd, aan te bieden en tegelijk hetzelfde gewaarborgd minimumpeil van 1700 MW tot 1850 MW in de richting Frankrijk – België te verhogen. Voor de richting België – Frankrijk noteert de CREG dat 800 MW haalbaar is. Deze waarde is eveneens hoger dan de besproken minimumwaarde van 600 MW voor deze grens en deze richting. 22/28 44. Onderhavige beslissing betreft enkel de kwestie van de capaciteitsverdeling over de verschillende tijdshorizonten en niet de berekeningsmethode van de maand- en jaarcapaciteit. 45. Onderhavige beslissing betreft enkel de kwestie van de capaciteitsverdeling over de verschillende tijdshorizonten voor de koppelverbinding België – Frankrijk en niet de koppelverbinding België – Nederland. III.2. 46. Analyse Het voorstel van Elia voor de regels inzake capaciteitsverdeling voor 2011 wordt in de twee onderstaande tabellen samengevat, een voor elke richting, naargelang de totale capaciteit die ten aanzien van de maandelijkse horizon (maandelijkse NTC) kan worden gewaarborgd. Voorstel van ELIA: Richting Frankrijk naar België Maandelijkse NTC Jaarlijkse ATC Maandelijkse NTC Minimum dagelijkse ATC 1850 1950 2150 2350 1450 1450 1450 1450 75 100 150 200 325 400 550 700 Voor de richting Frankrijk naar België stelt Elia voor om 1450 MW toe te wijzen aan de jaarlijkse veiling van 2011, m.a.w. een waarde die 150 MW hoger is dan deze die in 2010 werd toegewezen. Elia preciseert ook dat, in de mate van het mogelijke, minimum 100 MW voor de maandelijkse veiling en minstens 400 MW voor de dagtoekenning via de marktkoppeling wordt voorbehouden. Blijkt deze 500 MW niet te kunnen worden gewaarborgd, dan wordt de vermindering voor 25% op de maandelijkse capaciteit en voor 75% op de dagcapaciteit toegepast. Van het bijkomende volume dat maandelijks bovenop deze eerste 500 MW wordt berekend, wordt 25% aan de maandelijkse veiling en 75% aan de dagtoekenning via de marktkoppeling toegewezen. Dit volume wordt berekend vóór de integratie van de herverkoop van jaarcapaciteit naar de maandveilingen. 23/28 Voorstel van ELIA: Richting België naar Frankrijk Maandelijkse NTC Jaarlijkse ATC Maandelijkse NTC Jaarlijkse ATC 800 1000 1200 400 400 400 200 300 400 200 300 400 Voor de richting België – Frankrijk stelt Elia voor om 400 MW toe te wijzen aan de jaarlijkse veiling van 2011, m.a.w. een zelfde waarde als toegewezen in 2010. Elia preciseert ook dat, in de mate van het mogelijke, minstens 200 MW voor de maandelijkse veiling en minstens 200 MW voor de dagtoekenning via de marktkoppeling wordt voorbehouden. Van het bijkomende volume dat maandelijks bovenop deze eerste 400 MW wordt berekend, wordt 50% aan de maandelijkse veiling en 50% aan de dagtoekenning via de marktkoppeling toegewezen. Dit volume wordt berekend vóór de integratie van de herverkoop van jaarcapaciteit naar de maandveilingen. 47. De CREG noteert dat, conform haar principes, de totaliteit van de bijkomende capaciteit vrijgegeven voor de richting Frankrijk – België ter beschikking van de jaarlijkse veiling wordt gesteld. De CREG noteert eveneens dat de toewijzing van minimum 400 MW aan de jaarlijkse veiling en van minimum 200 MW aan de maandelijkse veiling in de richting België – Frankrijk het mogelijk maken impliciet te voldoen aan de eisen van de CREG voor wat het niveau van de beschikbare minimumcapaciteit betreft (dat 600 MW bedraagt). 48. De CREG stelt vast dat, over het geheel genomen, het voorstel van Elia opnieuw het principe in twijfel trekt dat de verdeling van de beschikbare capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten bepaalt, zoals dit door Elia en RTE werd voorgesteld in hun gemeenschappelijke begeleidende nota (pagina 6) van het dossier inzake de regels voor de capaciteitstoekenning op de koppelverbinding Frankrijk – België dat op 22 november 2005 werd ingediend. Dit principe bepaalt: «de maandelijks beschikbare capaciteit is de maximale capaciteitswaarde die maandelijks in gemeenschappelijk overleg tussen de twee TNB‟s kan worden gegarandeerd volgens de voorwaarden bepaald in de IFB-regels en door te streven naar het behoud van een minimumcapaciteit die is toe te kennen aan het dagelijkse 24/28 tijdsbestek. Volgens deze eerste benadering zou de beschikbare capaciteit voor het dagelijkse tijdsbestek gelijk zijn aan de capaciteit die bovenop de reeds aan de jaarlijkse en maandelijkse horizonten toegekende capaciteit wordt vrijgemaakt, vermeerderd voor elk uur van de volgende dag, conform het “Use-It-Or-Lose-It” principe, met de capaciteit die niet wordt gebruikt door de Deelnemers die capaciteit voor voorafgaande tijdshorizonten kregen toegewezen. Om evenwel de goede werking van het dagelijkse mechanisme van toekenning te garanderen, kunnen in de capaciteitsberekeningen bepaalde beperkingen worden opgenomen, zodat de “minimale” kenmerken van de dagelijks gebruikte capaciteit kunnen worden gewaarborgd. Concreet zal 100 MW worden ingehouden vóór vaststelling van de beschikbare jaarcapaciteit en zal 100 MW extra worden ingehouden vóór vaststelling van de beschikbare maandcapaciteit.» 49. De CREG stelt vast dat het voorstel van Elia voor het jaar 2011 en meerbepaald de toewijzing van de bijkomende capaciteit vrijgegeven op jaarbasis, namelijk 150 MW aan de jaarveiling, overeenstemt met de oorspronkelijke verdeelregel waar de CREG om vraagt en die bepaalt dat de beschikbare of vrijgegeven capaciteit voor een bepaalde tijdhorizont wordt toegewezen aan deze tijdhorizont en niet wordt gereserveerd voor kortere termijnen. 50. De CREG stelt tevens vast dat het door Elia ingediende dossier geen enkele rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling bevat, zoals ze Elia nochtans had gevraagd in haar beslissingen van 22 november 2007 en 11 december 2008 en herhaald in haar beslissing van 26 november 2009. Meer bepaald had de CREG in haar beslissing van 22 november 2007 aangestipt dat « De efficiëntie van de door Elia voorgestelde maatregel wordt aangetoond aan de hand van simulaties van de evolutie van de voor marktkoppeling voorgestelde capaciteiten die resulteren uit andere verdeelsleutels. Deze simulaties houden echter geen rekening met de impact van de overdracht van de niet-gebruikte capaciteit naar de marktkoppeling (UIOLI) en met de herverkoop (resale) van de jaar- en maandcapaciteit (secundaire capaciteitsmarkt) ten gunste van de dagcapaciteit waarvan de invloed op de ter beschikking van de koppeling gestelde capaciteit duidelijk is aangetoond (407 MW gemiddeld in de richting van Frankrijk naar België voor de periode van februari tot augustus 2007) ». De CREG had er in haar beslissing van 12 april 2007 nochtans op aangedrongen om deze mechanismen in aanmerking te nemen. De CREG herhaalt haar verzoek om rekening te houden met het principe van overdracht van de niet-gebruikte capaciteit naar de marktkoppeling door het Use-It-Or-Sell-It systeem (UIOSI). 25/28 51. Bijgevolg stelt de CREG vast dat Elia nog altijd niet het bewijs heeft geleverd van de opportuniteit van de voorgestelde verdelingsregels, rekening houdend met de structuur van de Belgische elektriciteitsmarkt, zelfs al werden dit jaar verbeteringen aangebracht. 52. Gelet op wat in de voorgaande paragrafen 48 tot 51 werd uiteengezet, kan de CREG het voorstel van Elia van regels inzake verdeling van de capaciteit over de verschillende tijdshorizonten niet goedkeuren. 53. Niettemin stelt de CREG vast dat de door de netbeheerders voorgestelde verdeling in haar geheel genomen aanvaard werd door de marktspelers, ook al spraken sommigen onder hen hun voorkeur uit voor een terugkeer naar de vroegere methode. Bovendien dreigt de door Elia voorgestelde verdeling volgens de CREG geen zeer negatieve impact op de markt te hebben. 54. In haar verdelingsvoorstel voor 2011 verwijst Elia naar een eventuele nieuwe raadpleging van de marktspelers over de regels voor capaciteitsverdeling in de loop van 2011. De CREG steunt een dergelijk initiatief en vraagt om op de hoogte gehouden te worden van het verloop en de resultaten van dit initiatief. 55. Om deze redenen en hoewel zij het voorstel van Elia tot verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdshorizonten niet goedkeurt, kan de CREG de toepassing van de door Elia voorgestelde regels voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdhorizonten tot eind december 2011 toelaten. 56. Gezien de belangstelling van bepaalde marktspelers voor financiële transmissierechten (FTR) herhaalt de CREG haar verzoek aan Elia om de voorwaarden voor de eventuele invoering van dit producttype te onderzoeken (voorgesteld volume, horizonten, opties of verplichtingen). 57. Bovendien vraagt de CREG aan ELIA om uiterlijk op 15 oktober 2011 haar voorstel tot verdeling van de capaciteiten op de koppelverbinding België - Frankrijk voor het jaar 2012 ter goedkeuring aan de CREG voor te leggen. Dit voorstel moet een rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling omvatten (waarbij de marktstructuur, de werking van Belpex sinds de lancering, de secundaire markt, de interactie met de 26/28 verschillende grenzen,... in aanmerking moeten worden genomen). Dit voorstel moet verder rekening houden met de studie over de financiële transmissierechten. 58. Tot slot vraagt de CREG aan ELIA (zoals dat voor het jaar 2011 gebeurde) om de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) betreffende de minimumpeil van de capaciteit die zij gedurende het volledige jaar 2012 zullen toewijzen, in november 2011 te publiceren. Deze verbintenis moet er vroeg genoeg komen – met andere woorden vóór midden november 2011 – zodat de marktspelers er bij de jaarlijkse capaciteitsveilingen aan beide grenzen rekening mee kunnen houden. 27/28 BESLISSING Met toepassing van artikel 180, §2, van het technisch reglement beslist de CREG, om voorgaande redenen, het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met betrekking tot de regels voor de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten niet goed te keuren. Om de redenen aangehaald in paragraaf 55 van onderhavige beslissing laat de CREG Elia niettemin toe de voorgestelde regels inzake verdeling van de capaciteiten over de verschillende tijdshorizonten tot het einde van de maand december 2011 toe te passen. Om hetzelfde niveau van transparantie met betrekking tot de gewaarborgde minimumcapaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk te behouden, vraagt de CREG dat Elia de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) betreffende het minimumpeil van de capaciteit die zij gedurende het volledige jaar 2012 zullen toewijzen, conform de vereisten geformuleerd onder paragraaf 58 van onderhavige beslissing, in november 2011 zou publiceren. De CREG vraagt Elia om uiterlijk tegen 15 oktober 2011 een nieuw voorstel voor de verdeling van de capaciteit voor het jaar 2012 ter goedkeuring in te dienen, dat onder meer rekening houdt met de eisen geformuleerd in de paragrafen 56 en 57 van onderhavige beslissing.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Dominique WOITRIN François POSSEMIERS Directeur Voorzitter van het Directiecomité 28/28

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.