← België

Eindbeslissing over de ‘Methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding België-Frankrijk’

Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS EINDBESLISSING (B)121026-CDC-1200 over de ‘Methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding België-Frankrijk’ en de koppelverbinding België-Nederland. genomen met toepassing van artikel 23, §2, tweede lid, 9°, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt juncto de artikelen 180, §2 en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe 15 november 2012 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 180, §2, en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van de N.V. Elia System Operator (hierna: Elia) betreffende de “methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding BelgiëFrankrijk”. Artikel 180, §2, van het technisch reglement bepaalt dat de methoden voor congestiebeheer, alsook de veiligheidsregels, aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht door de netbeheerder. Artikel 183, §2, van het technisch reglement bepaalt dat de methoden voor de toekenning aan de toegangsverantwoordelijken van de beschikbare capaciteit voor energie- uitwisselingen met de buitenlandse netten, aan de CREG ter goedkeuring ter kennis worden gebracht door de netbeheerder. Paragraaf 2.6 van bijlage I van de Verordening bepaalt dat de toewijzingsstructuur van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken moet worden beoordeeld door de respectieve regulerende instanties. Het voorstel betreffende de regels voor de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten (met name jaar, maand en dag) vanaf het jaar 2013 (hierna: het verdelingsvoorstel vanaf 2013) werd door Elia per brief van 1 oktober 2012 aan de CREG bezorgd (en door de CREG op 2 oktober 2012 ontvangen). Het door Elia ingediende dossier bestaat uit de volgende documenten: het voorstel van Elia en RTE betreffende de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten op de koppelverbinding België Frankrijk vanaf 2013; een analysedocument “France-Belgium Interconnection, allocation and utilisation of capacities: Observations & analyses 2011-2012” (hierna: het analysedocument); de verdeling van de capaciteiten BE-NL. 2/30 Onderhavige beslissing is opgesplitst in vier delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten van de beslissing toegelicht. Het derde deel ontleedt de voorgestelde gewijzigde methoden voor congestiebeheer en voor de toekenning van capaciteit op de Belgisch - Franse grens. Het vierde deel, ten slotte, bevat de eigenlijke beslissing. Als bijlage bij onderhavige beslissing worden een kopie van het voorstel van de netbeheerders inzake de verdeling van de capaciteit vanaf het jaar 2013 gevoegd, evenals het analysedocument. Op zijn vergadering van 15 november 2012 nam het Directiecomité van de CREG de onderhavige beslissing.  3/30 I. I.1. WETTELIJK KADER Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 13 juli 2009 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 2003/54/EG 1. Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 houdende de gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 2003/54/EG (hierna: richtlijn 2009/72/EG) legt in haar artikel 12.

  1. f)een algemene verplichting op volgens dewelke de netbeheerder de niet-discriminatie tussen gebruikers of categorieën van gebruikers van het net, meer bepaald ten gunste van zijn gelieerde maatschappijen, moet waarborgen. Richtlijn 2009/72/EG benadrukt in het bijzonder het principe van de niet-discriminerende toegang tot het transmissiesysteem in artikel 32.1, dat bepaalt dat de Lidstaten erop dienen toe te zien dat voor alle in aanmerking komende klanten een systeem van toegang voor derden tot de transmissie- en distributienetten wordt ingevoerd. Dit systeem, gebaseerd op gepubliceerde tarieven, moet objectief en zonder discriminatie tussen de gebruikers van het net worden toegepast. Artikel 32.2 van richtlijn 2009/72/EG bepaalt onder meer dat de transmissienetbeheerder de toegang kan weigeren als hij niet over de nodige capaciteit beschikt. Artikel 37.6.
  2. c)van richtlijn 2009/72/EG heeft betrekking op de taken en bevoegdheden van de regulerende instanties en bepaalt dat ze bevoegd zijn voor de vaststelling of de voldoende ruim aan de inwerkingtreding voorafgaande goedkeuring van ten minste de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake toegang tot grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. Artikel 37.9 van richtlijn 2009/72/EG bepaalt dat de regulerende instanties het congestiebeheer van de nationale elektriciteitssystemen, inclusief interconnectoren, en de 4/30 uitvoering van de regels inzake congestiebeheer transmissiesysteembeheerders of monitoren en dat hiertoe de marktdeelnemers hun congestiebeheersprocedures, inclusief de toewijzing van capaciteit, aan de nationale regulerende instanties ter goedkeuring voorleggen. De nationale regulerende instanties mogen verzoeken om wijzigingen in deze procedures. Artikel 38.2.
  3. c)van richtlijn 2009/72/EG bepaalt dat de regulerende instanties ten minste samenwerken op regionaal niveau om de ontwikkeling van de regels inzake congestiebeheer te coördineren. I.2. Verordening (EG) Nr. 714/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit en tot intrekking van verordening (EG) Nr. 1228/2003 2. De CREG herinnert eraan dat, krachtens de bepalingen van artikel 249 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, verordening nr. 714/2009 een algemene draagwijdte heeft, in al zijn elementen bindend is en rechtstreeks van toepassing is in iedere Lidstaat. 3. Artikel 16.1 van verordening nr. 714/2009 preciseert dat de congestieproblemen op het net moeten worden aangepakt met niet-discriminerende, op de markt gebaseerde oplossingen waarvan voor de marktdeelnemers en de betrokken transmissiesysteembeheerders efficiënte economische signalen uitgaan. 4. te Artikel 16.2 van verordening nr. 714/2009 bepaalt dat de procedures om transacties beperken slechts mogen worden toegepast in noodsituaties wanneer de transmissiesysteembeheerder snel moet optreden en redispatching of compensatiehandel niet mogelijk is, en dat, behoudens gevallen van overmacht, de marktdeelnemers aan wie een capaciteit werd toegekend, moeten worden vergoed voor elke beperking. 5. Artikel 16.3 van verordening nr. 714/2009 bepaalt dat marktdeelnemers de beschikking krijgen over de maximale capaciteit van de koppelverbindingen en/of de maximale capaciteit van de transmissiesystemen waarmee grensoverschrijdende stromen 5/30 worden verzorgd, in overeenstemming met de voor een bedrijfszekere exploitatie van het net geldende veiligheidsnormen. 6. Artikel 16.4 van verordening nr. 714/2009 betreft het tijdschema van de nominaties en de herverdeling van de ongebruikte capaciteiten. Het bepaalt dat de marktdeelnemers de betrokken transmissienetbeheerders voldoende lang vóór de aanvang van de betrokken exploitatieperiode in kennis moeten stellen van hun voornemen om de toegekende capaciteit al dan niet te gebruiken. Elke ongebruikte toegekende capaciteit wordt opnieuw aan de markt toegekend volgens een open, transparante en niet-discriminerende procedure. 7. Artikel 16.5 van verordening nr. 714/2009 bepaalt dat, voor zover dit technisch mogelijk is, de transmissienetbeheerders de behoeften aan capaciteit voor elektriciteitsstromen in tegengestelde richting op de overbelaste koppelverbinding moeten vereffenen, teneinde de capaciteit van deze lijn maximaal te benutten. De “Richtsnoeren voor het beheer en de toewijzing van I.3. beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties tussen nationale systemen” 8. De bijlage I van verordening nr. 714/2009 bevat richtsnoeren voor congestiebeheer en toewijzing van beschikbare overdrachtscapaciteit op interconnecties (koppelverbindingen) tussen nationale systemen (hierna: richtsnoeren). De bepalingen van deze richtsnoeren die relevant zijn voor onderhavige beslissing worden hierna weergegeven. 1. ALGEMEEN […] 1.9. Uiterlijk op 1 januari 2008 moeten op gecoördineerde wijze en onder veilige exploitatieomstandigheden mechanismen voor het intra-dagelijks beheer van congestie van de interconnectiecapaciteit worden opgesteld, teneinde zoveel mogelijk handelsopportuniteiten te scheppen en een grensoverschrijdend evenwicht tot stand te brengen. 6/30 1.10. De nationale regelgevende instanties zullen regelmatig de methoden voor congestiebeheer evalueren, waarbij zij met name aandacht zullen besteden aan de naleving van de beginselen en regels die in de verordening en de richtsnoeren zijn vastgelegd en aan de voorwaarden die de regelgevende instanties zelf hebben vastgesteld op basis van die beginselen en regels. In het kader van een dergelijke evaluatie moeten alle marktspelers worden geraadpleegd en moeten gerichte studies worden uitgevoerd. 2. METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER 2.1. Methoden voor congestiebeheer moeten op de markt gebaseerd zijn, zodat een efficiënte grensoverschrijdende handel wordt gefaciliteerd. Daarom zal capaciteit alleen worden toegewezen door expliciete (capaciteit) of impliciete (capaciteit en energie) veilingen. Beide methoden mogen worden gebruikt voor een en dezelfde interconnectie. Met betrekking tot intra-day handel is continuhandel mogelijk. 2.2. Afhankelijk van de concurrentievoorwaarden moeten de mechanismen voor congestiebeheer zowel lange- als kortetermijntoewijzing van transmissiecapaciteit mogelijk maken. 2.3. Bij elke procedure voor capaciteitstoewijzing wordt een voorgeschreven gedeelte van de beschikbare interconnectiecapaciteit toegewezen, alsook de resterende capaciteit die niet eerder is toegewezen en alle capaciteit die is vrijgegeven door de begunstigden van eerdere toewijzingen. […] 2.5. De toegangsrechten voor toewijzingen op lange en middellange termijn moeten vaste transmissiecapaciteitsrechten zijn. Voor deze toegangsrechten gelden de beginselen “use-itor-lose-it” of “use-it-or-sell-it” op het ogenblik van de nominering. 2.6. De transmissiesysteembeheerders stellen een passende structuur vast voor de toewijzing van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken. Hierin kan een optie zijn opgenomen om een minimumpercentage aan interconnectiecapaciteit te reserveren voor dagelijkse of “intra-day”-toewijzing. Deze toewijzingsstructuur moet worden beoordeeld door de respectievelijke regelgevende instanties. Bij het opstellen van hun voorstellen houden de transmissiesysteembeheerders rekening met: 7/30
  4. a)de kenmerken van de markten,
  5. b)de exploitatieomstandigheden, zoals de gevolgen van de vereffening van vaste programma’s,
  6. c)het niveau van harmonisering van de percentages en tijdsbestekken die zijn goedgekeurd voor de verschillende geldende mechanismen voor de toewijzing van capaciteit. […] 2.10. In beginsel mogen alle potentiële marktdeelnemers zonder beperking deelnemen aan het toewijzingsproces. Om te vermijden dat problemen in verband met het mogelijk gebruik van een dominante positie door marktdeelnemers ontstaan of verergeren, mogen de bevoegde regelgevings- en/of mededingingsinstanties om redenen van marktdominantie algemene of ten aanzien van een bedrijf geldende beperkingen opleggen. 2.11. Voor elk tijdsbestek vindt er door de marktdeelnemers vaste nominatie plaats van hun capaciteitsgebruik bij de transmissiesysteembeheerders binnen een vastgestelde uiterste termijn. Deze uiterste termijn wordt zodanig vastgesteld dat de transmissiesysteembeheerders in staat zijn ongebruikte capaciteit opnieuw toe te wijzen voor gebruik in het volgende relevante tijdsbestek, zelfs binnen een en dezelfde dag. 2.12. Capaciteit mag vrij worden verhandeld op secundaire basis voorzover de transmissiesysteembeheerder lang genoeg van tevoren hiervan in kennis wordt gesteld. Wanneer een transmissiesysteembeheerder een secundaire transactie weigert, moet hij dit op duidelijke en transparante wijze meedelen en uitleggen aan alle marktdeelnemers, en moet hij de regelgevende instantie daarvan in kennis stellen. 2.13. De financiële gevolgen van het niet naleven van verplichtingen in verband met de toewijzing van capaciteit komen ten laste van degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn. Wanneer marktdeelnemers geen gebruik maken van de capaciteit waartoe ze zich verbonden hebben, of, in het geval van expliciet geveilde capaciteit, deze niet verhandelen op secundaire basis of tijdig teruggeven, verliezen ze de rechten op die capaciteit en zijn ze een op de kosten gebaseerde vergoeding verschuldigd. Deze op de kosten gebaseerde vergoedingen voor het niet gebruiken van capaciteit dienen gerechtvaardigd en proportioneel te zijn. Wanneer een transmissiesysteembeheerder zijn verplichting niet nakomt, dient hij de marktdeelnemer te vergoeden voor het verlies van de capaciteitsrechten. Met andere verliezen die het gevolg zijn van het verlies van capaciteitsrechten, wordt geen rekening 8/30 gehouden. De belangrijkste concepten en methoden voor het vaststellen van de aansprakelijkheid voor het niet naleven van de verplichtingen worden van tevoren uiteengezet voor wat de financiële gevolgen betreft, en dienen te worden beoordeeld door de relevante nationale regelgevende instantie(s). […] 3. COÖRDINATIE […] 4. TIJDSCHEMA VOOR MARKTOPERATIES […] 4.2. De nominering van transmissierechten dient, met volle aandacht voor de netwerkveiligheid, lang genoeg van tevoren plaats te vinden, en wel vóór de “day-ahead”sessies van alle relevante georganiseerde markten en vóór de bekendmaking van de capaciteit die zal worden toegewezen op basis van het “day-ahead”- of het “intra-day”toewijzingsmechanisme. Om doeltreffend gebruik te maken van de interconnectie, worden nomineringen van transmissierechten in de omgekeerde richting vereffend. […] 5. TRANSPARANTIE 5.1. Transmissiesysteembeheerders publiceren alle relevante gegevens met betrekking tot de beschikbaarheid van het netwerk, de netwerktoegang en het netwerkgebruik, inclusief een verslag waarin wordt nagegaan waar en waarom er sprake is van congestie, welke methoden worden toegepast om de congestie te beheren en welke plannen er bestaan voor congestiebeheer in de toekomst. […] 5.3. De toegepaste procedures voor congestiebeheer en capaciteitstoewijzing, de tijdstippen en procedures voor het aanvragen van capaciteit, een beschrijving van de aangeboden producten en de rechten en plichten van transmissiesysteembeheerders en van de partijen die de capaciteit verkrijgen, inclusief de aansprakelijkheid bij niet-naleving van deze plichten, 9/30 moeten nauwkeurig door de transmissiesysteembeheerders worden beschreven en op transparante wijze aan alle potentiële netwerkgebruikers worden meegedeeld. […] 5.5. De transmissiesysteembeheerders dienen alle relevante gegevens betreffende grensoverschrijdende handel te publiceren op basis van de best mogelijke voorspelling. De betrokken marktdeelnemers verschaffen de transmissiesysteembeheerders de nodige informatie, zodat die aan hun verplichting kunnen voldoen. De wijze waarop deze informatie wordt gepubliceerd, moet ter beoordeling aan de regelgevende instanties worden voorgelegd. De transmissiesysteembeheerders moeten minstens de volgende gegevens publiceren:
  7. a)jaarlijks: informatie over de langetermijnevolutie van de transmissie-infrastructuur en het effect ervan op de grensoverschrijdende transmissiecapaciteit;
  8. b)maandelijks: maand- en jaarvoorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit, rekening houdend met alle relevante informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling (bv. de gevolgen van zomer en winter op de capaciteit van de lijnen, onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden, enz.);
  9. c)wekelijks: voorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit voor de komende week, rekening houdend met alle informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling, zoals de weersvoorspelling, gepland onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productieeenheden, enz.;
  10. d)dagelijks: voor de markt beschikbare “day-ahead”- en “intra-day”-transmissiecapaciteit voor elke tijdseenheid van de markt, rekening houdend met alle vereffende “day-ahead”nomineringen, “day-ahead”-productieschema’s, vraagprognoses en gepland onderhoud aan het net;
  11. e)totale reeds toegewezen capaciteit per tijdseenheid van de markt en alle relevante omstandigheden waarin deze capaciteit kan worden gebruikt (bv. de toewijzingsprijs op de veiling, de verplichtingen inzake de wijze waarop de capaciteit moet worden gebruikt, enz.), teneinde alle resterende capaciteit te identificeren;
  12. f)de toegewezen capaciteit, zo snel mogelijk na elke toewijzing, en een indicatie van de betaalde prijs; 10/30
  13. g)de totale gebruikte capaciteit, per tijdseenheid van de markt, onmiddellijk na de nominering;
  14. h)zo dicht mogelijk bij de werkelijke tijd: verzamelde informatie over gerealiseerde commerciële en fysieke stromen, per tijdseenheid van de markt, inclusief een beschrijving van de effecten van eventuele corrigerende maatregelen (zoals beperking) die door de transmissiesysteembeheerders zijn genomen om problemen met het systeem of netwerk op te lossen;
  15. i)informatie vooraf over geplande uitval en verzamelde informatie achteraf over geplande en niet-geplande uitval die de vorige dag heeft plaatsgevonden in opwekkingseenheden van meer dan 100 MW. 5.6. De markt moet tijdig over alle relevante informatie beschikken om over alle transacties te kunnen onderhandelen (industriële klanten moeten bijvoorbeeld tijdig kunnen onderhandelen over jaarcontracten en biedingen moeten tijdig naar georganiseerde markten worden gestuurd). 5.7. De transmissiesysteembeheerder moet de relevante informatie over de voorspelde vraag en opwekking publiceren volgens de in de punten 5.5 en 5.6 vermelde tijdschema’s. De transmissiesysteembeheerder moet ook de relevante informatie publiceren die nodig is voor de grensoverschrijdende vereffeningsmarkt. 5.8. Wanneer de voorspellingen zijn gepubliceerd, moeten ook de ex-post gerealiseerde waarden voor de informatie over de voorspelling worden gepubliceerd in de tijdsperiode die volgt op die waarop de voorspelling betrekking heeft of ten laatste op de volgende dag (D+1). 5.9. Alle door de transmissiesysteembeheerders gepubliceerde informatie moet gratis ter beschikking worden gesteld in een gemakkelijk toegankelijk formaat. Het moet ook mogelijk zijn om via adequate en genormaliseerde middelen voor informatie-uitwisseling, die in nauwe samenwerking met de marktpartijen worden vastgesteld, toegang te krijgen tot alle gegevens. De gegevens omvatten informatie over voorbije tijdsperiodes, en minstens over de voorbije twee jaar, zodat nieuwe marktdeelnemers ook toegang hebben tot dergelijke gegevens. […] 11/30 I.4. 9. De elektriciteitswet Artikel 2, 7°, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: elektriciteitswet) verstaat onder “transmissienet” het nationaal transmissienet voor elektriciteit, dat de bovengrondse lijnen, ondergrondse kabels en installaties omvat die dienen voor het vervoer van elektriciteit van land tot land en naar rechtstreekse afnemers van de producenten en naar distributeurs gevestigd in België, alsook voor de koppeling tussen elektrische centrales en tussen elektriciteitsnetten. 10. Artikel 15, §1, van dezelfde wet bepaalt dat de in aanmerking komende afnemers een recht van toegang tot het transmissienet hebben tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12 en dat de netbeheerder de toegang alleen kan weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt, of wanneer de aanvrager niet voldoet aan de technische voorschriften bepaald in het technisch reglement. 11. Artikel 23, §2, 9° van de wet bepaalt dat de CREG de toepassing van het technisch reglement controleert en de documenten goedkeurt die door dit reglement worden beoogd met name met betrekking tot de voorwaarden voor de aansluiting en de toegang tot het transmissienet. I.5. 12. Het technisch reglement Artikel 180, §1, van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder op niet- discriminerende en transparante wijze de door hem toegepaste methoden voor congestiebeheer moet bepalen. Artikel 180, §2, preciseert dat de methoden voor congestiebeheer en de veiligheidsregels ter goedkeuring aan de CREG ter kennis worden gebracht en gepubliceerd worden overeenkomstig artikel 26 van dit reglement. 12/30 Overeenkomstig artikel 180, §3, van het technisch reglement moet de netbeheerder er, bij de uitvaardiging en de inwerkingstelling van deze methoden, met name op toezien om: 1° zoveel mogelijk rekening te houden met de richting van de elektriciteitsstromen, en in het bijzonder wanneer de energie-uitwisselingen effectief de congestie doen verminderen; 2° zoveel mogelijk betekenisvolle invloeden te vermijden op de elektriciteitsstromen in andere netten; 3° problemen van congestie op het net op te lossen bij voorkeur met methoden die geen selectie tussen de energie-uitwisselingen van de verschillende toegangsverantwoordelijken inhouden; 4° geschikte economische signalen te geven aan de betrokken netgebruikers. Overeenkomstig artikel 180, §4, van het technisch reglement moeten deze methoden van congestiebeheer onder meer gebaseerd zijn op: 1° de veilingen van de beschikbare capaciteit; 2° de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de regelzone en/of, middels akkoord met de buitenlandse netbeheerder(s), door de gecoördineerde inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de betrokken buitenlandse regelzone(s). Krachtens artikel 181, §1, van het technisch reglement hebben de methoden voor congestiebeheer voorzien in artikel 180 onder meer als doel om: 1° elke beschikbare capaciteit aan de markt ter beschikking te stellen volgens transparante en niet-discriminerende methoden via, in voorkomend geval, veilingen waarin de capaciteiten kunnen worden verkocht met verschillende duurtijden en met verschillende karakteristieken (bijvoorbeeld wat betreft de verwachte betrouwbaarheid van de betreffende beschikbare capaciteit); 2° de beschikbare capaciteit in een serie verkopen aan te bieden die op een verschillende tijdsbasis gehouden kunnen worden; 3° bij elk van deze veilingen een bepaald gedeelte van de beschikbare capaciteit aan te bieden, met inbegrip van alle overblijvende capaciteiten die niet toegekend werden bij de vorige verkopen; 4° de commercialisering van de aangeboden capaciteit toe te laten. 13/30 Artikel 181, §2, bepaalt dat de methoden voor congestiebeheer, in noodsituaties, een beroep kunnen doen op de onderbreking van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen, overeenkomstig vooraf vastgestelde prioriteitsregels die de CREG ter kennis zijn gebracht en gepubliceerd zijn overeenkomstig artikel 26 van dit besluit. Zijn paragraaf 3 preciseert dat, voor wat de methoden voor congestiebeheer betreft, de netbeheerder overleg dient te plegen met de netbeheerders van de betrokken buitenlandse regelzones. 13. Artikel 183, §1, van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder waakt over de uitvoering van één of meerdere methoden voor de toekenning van beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met buitenlandse netten. Volgens artikel 183, §2, van het technisch reglement zijn deze methoden transparant en nietdiscriminerend. Ze worden aan de CREG ter goedkeuring ter kennis gebracht en gepubliceerd overeenkomstig artikel 26 van het technisch reglement. Ten slotte preciseert artikel 183, §3, van het technisch reglement dat deze methoden tot doel hebben het gebruik van de capaciteit van het net te optimaliseren overeenkomstig artikel 179. 14. Overeenkomstig artikel 184 van het technisch reglement beogen de methoden van toekenning van capaciteit onder meer: 1° in de mate van het mogelijke elk verschil in behandeling te minimaliseren bij het beheer van een congestie, tussen de verschillende soorten van grensoverschrijdende energieuitwisselingen door fysische wederkerige overeenkomsten of aanbiedingen op georganiseerde buitenlandse markten; 2° elke ongebruikte capaciteit aan andere marktdeelnemers ter beschikking te stellen; 3° de precieze voorwaarden van de garantiegraad van de aan de marktdeelnemers ter beschikking gestelde capaciteit te bepalen. 14/30 II. 15. ANTECEDENTEN Op 1 december 2005 neemt de CREG beslissing (B)051201-CDC-494 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken op de koppelverbinding Frankrijk - België (hierna: de beslissing van 1 december 2005). Door haar beslissing aanvaardt de CREG het voorstel van Elia om op jaarbasis 1300 MW en maandelijks minstens 400 MW toe te kennen. De idee bestond erin om de maandelijkse beschikbare capaciteit maximaal op te voeren, met een minimale waarde van 400 MW. 16. Bij schrijven van 28 november 2006 deelt Elia de CREG mee dat tijdens de bijeenkomst van de “Users’ Group Elia” van 23 november 2006 een voornemen ten gunste van een herafstemming tussen de jaar-, maand- en dagcapaciteiten toegekend aan de Frans-Belgische grens (richting Frankrijk - België) voor het jaar 2007 werd besproken, en dat een aantal aanwezige leden instemde met een nieuwe verdeling die een vermindering op jaarbasis van de toegekende capaciteit en een verhoging van de capaciteit voor marktkoppeling beoogt. Dergelijke maatregel zou een gunstig effect kunnen hebben op de prijzen van de Belgische markt. In haar schrijven stelt Elia te hopen dat de CREG zich niet verzet tegen de doorvoering van dit voornemen. 17. Op 7 december 2006 neemt de CREG beslissing (B) 061207-CDC-610 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk - België aan de toegangsverantwoordelijken (hierna: de beslissing van 7 december 2006). Door deze beslissing, genomen met toepassing van de artikelen 180, §2, en 183, §2, van het technisch reglement, weigert de CREG onder meer om het voorstel van Elia over de herschikking van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. De CREG motiveert haar weigering door te stellen dat ze, gezien het feit dat de door Elia voorgestelde maatregel enkel gebaseerd is op een analyse van Elia en rekening houdend met de uiterst korte tijd waarover ze beschikt, onmogelijk geldig kan evalueren. De CREG verwijst eveneens naar de afwezigheid van een open en transparant overleg met alle marktdeelnemers en naar het gebrek aan voorzienbaarheid van de maatregel voor alle marktdeelnemers. De CREG meldt in haar 15/30 beslissing echter te blijven openstaan voor de idee van een herschikking van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten die in het belang van de markt zou zijn. 18. Nadat de CREG op de internetsite van Elia vaststelde dat de maandelijkse capaciteit die voor de maanden januari en februari 2007 werd aangekondigd, aan de Frans-Belgische grens (richting Frankrijk - België) 400 MW zou bedragen, terwijl de toegekende capaciteit voor diezelfde maanden van 2006 1450 MW bedroeg, richt zij op 18 december 2006 een schrijven aan Elia met het verzoek de precieze redenen voor deze aanzienlijke daling toe te lichten. 19. Bij schrijven van 22 december 2006 antwoordt Elia de verbazing van de CREG niet te begrijpen, gezien de argumenten die Elia in haar brieven van 28 november en 4 december 2006 al ten gunste van een rechtzetting van de capaciteitsverdeling inriep. Elia verduidelijkt in haar schrijven dat zij samen met RTE (de Franse transmissienetbeheerder) besliste om de maandelijkse capaciteit voor de maanden januari en februari 2007 vast te stellen op 400 MW, in naleving van de beslissing van de CREG van 7 december 2006. 20. Bij schrijven van 27 december 2006 brengt Elia de CREG op de hoogte van haar voornemen om met alle marktdeelnemers een overleg over de herverdeling van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten te organiseren. 21. Bij schrijven van 8 februari 2007 stelt de CREG dat Elia deze maatregel eenzijdig en dus zonder hem vooraf ter goedkeuring aan de CREG voor te leggen heeft genomen, terwijl dergelijke maatregel een wijziging van de tot dan geldende methoden voor congestiebeheer veronderstelt. De CREG stelt in dit schrijven vast dat Elia met deze eenzijdige maatregel de weigering van de CREG in haar beslissing van 7 december 2006 om het voorstel van Elia geformuleerd in haar schrijven van 4 december 2006 goed te keuren, omzeilt. In afwachting dat een volledig dossier bij de CREG wordt ingediend en Elia een volledige marktraadpleging heeft georganiseerd, vraagt de CREG in dit schrijven aan Elia om terug te keren naar het beginsel waarbij de maandelijkse capaciteit wordt gelijkgesteld met de maximale capaciteit die op maandbasis kan worden gewaarborgd, en deze dus niet kunstmatig te beperken tot 400 MW. 22. Bij schrijven van 14 februari 2007 stelt Elia verbaasd te zijn over de reactie van de CREG. Verder beweert Elia dat de CREG ten onrechte besluit dat zij de weigering van de 16/30 CREG in haar beslissing van 7 december 2006 omzeild heeft. Elia wijst er bovendien op dat de maatregel overeenkomstig de beslissing van de CREG van 1 december 2005 werd genomen, aangezien de drempel voor de maandcapaciteit van 400 MW werd gerespecteerd. Verder haalt Elia opnieuw de argumenten aan die zij reeds in haar brieven van 28 november en 4 december 2006 uiteenzette. 23. Op 2 maart 2007 ontvangt de CREG een schrijven van Elia van 27 februari 2007 met documenten die tijdens de overlegvergadering van de marktdeelnemers van 6 maart 2007, waarvan hiervoor sprake onder §23, zullen worden gebruikt. 24. Op 6 maart 2007 organiseert Elia samen met RTE een overlegvergadering met de marktdeelnemers over de herschikking van de beschikbare capaciteit over de verschillende tijdhorizonten voor de resterende maanden van het jaar 2007 enerzijds en voor het jaar 2008 anderzijds. Kort daarna publiceren Elia en RTE het verslag van deze vergadering op hun respectieve websites. 25. Bij schrijven van 16 maart 2007 legt Elia haar voorstel betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding Frankrijk - België, met het oog op de herschikking van de capaciteit tussen de verschillende tijdhorizonten, voor toepassing bij het vaststellen van de toe te kennen maandelijkse capaciteit voor de maanden mei tot december 2007, ter goedkeuring voor aan de CREG. Elia verbindt zich ertoe om voor het jaar 2008 samen met RTE hierover tijdens de herfst van 2007 overleg te plegen. 26. Op 12 april 2007 neemt de CREG beslissing (B)070412-CDC-677 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding Frankrijk - België (hierna: de beslissing van 12 april 2007). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk, met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten, zoals voorgelegd goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2007 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG Elia eveneens om het beheer van de koppelverbinding transparanter te maken. Daarnaast verzoekt zij haar uiterlijk op 15 oktober 2007 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor 2008 over te maken. Dit voorstel moet een goed uitgewerkte rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling, waaronder de impact van de 17/30 secundaire markt, omvatten en, rekening houdend met de versterkingen op de koppelverbinding, duidelijk het gewaarborgde capaciteitsniveau voor het hele jaar 2008 aangeven. 27. Op 1 oktober 2007 organiseren Elia en RTE in Parijs een overlegronde voor de marktspelers met als centraal thema de nieuwe voorstellen van de netbeheerders voor de herschikking van de capaciteit over de verschillende tijdhorizonten. Die bijeenkomst maakt het mogelijk een verdeelsleutel voor te stellen die voor alle deelnemers aanvaardbaar is. 28. Op 24 oktober 2007 deelt Elia aan de CREG, conform artikel 2.6 van de nieuwe richtsnoeren, haar in samenspraak met RTE opgestelde voorstel voor de capaciteitsherschikking voor 2008 mee. 29. Tijdens de maand november 2007 plegen de Franse regulator CRE (Commission de Régulation de l’Energie) en de CREG overleg over het voorstel van de netbeheerders met betrekking tot de verdeling van de capaciteit tussen de verschillende tijdshorizonten. 30. Op 20 november 2007 ontvangt de CREG een brief van Elia waarin deze laatste aanstipt dat haar voorstel van 24 oktober 2007 meer bepaald werd voorgelegd in het kader van de artikelen 180, §2, en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 31. Op 22 november 2007 neemt de CREG beslissing (B)071122-CDC-729 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding Frankrijk - België (hierna: de beslissing van 22 november 2007). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding BelgiëFrankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2008 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG Elia eveneens om haar uiterlijk op 15 oktober 2008 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor 2009 over te maken. Dit voorstel moet een goed uitgewerkte rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling, waaronder de impact van 18/30 de secundaire markt, omvatten en duidelijk het gewaarborgde capaciteitsniveau voor het hele jaar 2009 aangeven. 32. Op 7 november 2008 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2009 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 1228/2003 en in het kader van de artikelen 180, §2 en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 33. Bij schrijven van 5 december 2008 richt de CREG het verzoek tot Elia om uitleg te verschaffen over het volume aan gewaarborgde capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk België en in het bijzonder over de impact van de recent geïnstalleerde dwarsregeltransformators. Tijdens de vergadering van 9 december 2008 legde Elia de methodes voor het berekenen van de capaciteiten uit en de impact van de loop flows hierop. De CREG drukte haar bezorgdheid uit over het rendement van de door Elia gedane investeringen in de koppelverbindingen, rekening houdend met de herhaalde beloften die Elia in het verleden heeft gedaan. Elia legde de verschillen uit op basis van de recente evolutie van de fysische stromen in de regio en hun impact op de congesties. Elia verbond zich ertoe om tegen januari 2009 een uitvoerige rechtvaardiging van haar berekeningen exante en van de werkelijk waargenomen resultaten en voordelen voor de Belgische markt te geven. 34. Op 11 december 2008 neemt de CREG beslissing (B) 081211-CDC-801 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangsverantwoordelijken (hierna: de beslissing van 11 december 2008). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2009 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG Elia eveneens om haar uiterlijk op 15 oktober 2009 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor het jaar 2010 over te maken. De 19/30 CREG verzoekt Elia, voor de maand januari 2009, de gegrondheid van de in het verleden gedane investeringen met betrekking tot koppelverbindingscapaciteit te rechtvaardigen en een uitvoerige verantwoording van de lopende investeringen te geven en tevens de minimale capaciteit tot 2000 MW op te trekken zodra de commerciële indienstneming van de dwarsregeltransformators afgerond is. De CREG vraagt dat Elia in november 2009 de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) inzake het minimumpeil van de capaciteit die ze gedurende heel het jaar 2010 zullen toewijzen, zou publiceren. 35. Op 13 november 2009 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2010 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 1228/2003 en in het kader van de artikelen 180, §2 en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 36. Bij schrijven van 13 november 2009 legt Elia het « Model voor de berekening van de totale overdrachtcapaciteit en de transportbetrouwbaarheidsmarge voor jaar- en maandcapaciteiten » ter goedkeuring voor aan de CREG. 37. Op 26 november 2009 neemt de CREG beslissing (B) 091126-CDC-926 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangsverantwoordelijken (hierna: de beslissing van 26 november 2009). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2010 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG eveneens dat Elia haar uiterlijk op 15 oktober 2010 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor het jaar 2011 zou voorleggen. De CREG vraagt dat Elia in november 2010 de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) inzake het minimumpeil van de capaciteit die ze gedurende heel het jaar 2011 zullen toewijzen, zou publiceren. 20/30 38. Op 4 november 2010 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2011 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 1228/2003 en in het kader van de artikelen 180, §2 en 183, §3 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. 39. Op 7 oktober 2010 neemt de CREG beslissing (B)101007-CDC-993 over de ‘aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator tot wijziging van de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor de toekenning aan de toegangsverantwoordelijken van de capaciteit die beschikbaar is voor energie-uitwisselingen met het Franse en het Nederlandse net, zoals vastgelegd in het kader van het Centraal West-Europees regionaal initiatief’. 40. Op 28 oktober 2010 neemt de CREG beslissing (B)101028-CDC-998 over ‘de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende de methodes voor congestiebeheer en de methodes voor het toekennen, aan de toegangsverantwoordelijken, van de beschikbare dagcapaciteit op de koppelverbindingen België-Frankrijk en België-Nederland via impliciete veilingen, gedaan in het kader van de marktkoppeling van de regio Centraal West-Europa’ 41. Op 25 november 2010 neemt de CREG beslissing (B) 101125-CDC-1018 over de ‘aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangs-verantwoordelijken’ (hierna: de beslissing van 25 november 2010). Met haar beslissing weigert de CREG om het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met het oog op de herschikking van de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed te keuren. Omdat er geen sterk negatieve impact op de markt valt te verwachten, laat de CREG Elia niettemin toe om de voorgestelde herschikking van de maand- en dagcapaciteiten tot het einde van de maand december 2010 door te voeren. In haar beslissing vraagt de CREG eveneens dat Elia haar uiterlijk op 15 oktober 2011 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor het jaar 2012 zou voorleggen. De CREG vraagt dat Elia in november 2011 de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) inzake het minimumpeil van de capaciteit die ze gedurende heel het jaar 2012 zullen 21/30 toewijzen, zou publiceren. 42. Op 29 juni 2011 organiseert Elia, samen met RTE, een markconsultatie “on the Split Rules on the French-Belgian Border”. 43. Op 15 september 2011 neemt de CREG beslissing (B)110915-CDC-1097 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia System Operator betreffende het algemeen model voor de berekening van de overdrachtcapaciteit voor jaar en maand en de transportbetrouwbaarheidsmarge en betreffende de methodes voor congestiebeheer voor energie-uitwisselingen met het Franse en het Nederlandse net, zoals vastgelegd in het kader van de Centraal West-Europese regio. 44. Op 14 oktober 2011 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die in 2012 zal toegewezen worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 714/2009. 45. Op 10 november 2011 neemt de CREG beslissing (B)111110-CDC-1123 over de ‘aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de methoden voor congestiebeheer en de methoden voor de toekenning van de beschikbare capaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk aan de toegangs-verantwoordelijken’ (hierna: de beslissing van 10 november 2011). Met haar beslissing keurt de CREG het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België - Frankrijk met het oog op de capaciteitsverdeling tussen de verschillende tijdhorizonten goed. In haar beslissing vraagt de CREG eveneens dat Elia haar uiterlijk op 15 oktober 2012 een nieuw voorstel voor de capaciteitsverdeling voor het jaar 2013 zou voorleggen. De CREG vraagt dat Elia in november 2012 de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) inzake het minimumpeil van de capaciteit die ze gedurende heel het jaar 2013 zullen toewijzen, zou publiceren. 46. Op 2 oktober 2012 ontvangt de CREG het voorstel van Elia, dat samen met RTE werd opgesteld, over de regels voor de verdeling tussen de verschillende tijdshorizonten van de capaciteit die vanaf 2013 zal toegepast worden op de koppelverbinding Frankrijk - België. Dit voorstel wordt door Elia ingediend in het kader van artikel 2.6 van de bijlage van verordening (EG) nr. 714/2009. 22/30 47. Op 26 oktober 2012 stuurt de CREG haar “ontwerpbeslissing 1200 over de methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding België-Frankrijk voor 2013” naar Elia. Hierbij voorzag de CREG de mogelijkheid aan Elia om opmerkingen op de ontwerpbeslissing over te maken. 48. In haar brief van 5 november 2012, ontvangen op 6 november 2012, maakt Elia haar opmerkingen op de voornoemde ontwerpbeslissing over. Elia merkt hierin op dat haar voorstel zich niet beperkt tot 2013 maar betrekking heeft op 2013 en de volgende jaren. Elia vraagt om een aanpassing aan de relevante paragrafen. Verder geeft Elia ook aan welke passages van de bijlage aan de beslissing vertrouwelijke gegevens bevatten. III. ANALYSE VAN DE METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER OP DE KOPPELVERBINDING BELGIË - FRANKRIJK, VOORGESTELD DOOR ELIA III.1. Voorafgaande opmerkingen 49. Onder deze titel wordt de conformiteit geanalyseerd van het voorstel van Elia met het wettelijke kader, omschreven in titel I van deze beslissing. 50. De CREG onderzoekt meer bepaald of het nieuwe voorstel van Elia rekening houdt met de opmerkingen die de CREG formuleerde in haar beslissing van 10 november 2011. 51. Onderhavige beslissing doet op geen enkele wijze afbreuk aan de beslissingen van de CREG van 7 december 2006, 22 november 2007, 11 december 2008, 26 november 2010 en 10 november 2011. De daarin gemaakte opmerkingen blijven volkomen geldig. 52. Onderhavige beslissing geldt zonder afbreuk te doen aan elke latere aanpassing van de methoden voor congestiebeheer die zou kunnen worden geëist in het kader van de nieuwe richtsnoeren. 23/30 53. Het voorstel van Elia voor de verdeling van de beschikbare capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten heeft betrekking op de methode voor verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding België-Frankrijk vanaf het jaar 2013. De CREG verwacht dat Elia bij elke aanpassing aan deze methode hiervoor een voorstel ter goedkeuring voorlegt aan de CREG. 54. Onderhavige beslissing betreft enkel de kwestie van de capaciteitsverdeling over de verschillende tijdshorizonten en niet de berekeningsmethode van de maand- en jaarcapaciteit. 55. De CREG wenst eraan te herinneren dat zij beschouwt dat de minimale NTC waarden 600 MW bedragen in de richting België – Frankrijk en 1700 MW in de richting Frankrijk – België. 56. Onderhavige beslissing betreft enkel de kwestie van de capaciteitsverdeling over de verschillende tijdshorizonten voor de koppelverbinding België – Frankrijk en niet de koppelverbinding België – Nederland. 57. De CREG houdt rekening met de opmerkingen die Elia haar heeft overgemaakt naar aanleiding van de ontwerpbeslissing 1200. De CREG noteert dat het voorstel betrekking heeft tot 2013 en de volgende jaren. III.2. 58. Analyse Het voorstel van Elia voor de regels inzake methode voor capaciteitsverdeling vanaf 2013 wordt in wat volgt samengevat. . De waarde voor de jaarlijkse Netto Transfer Capaciteit of “Net Transfer Capacity” (NTCy) voor 2013 zijn volgens Elia pas begin November 2012 beschikbaar. De waarde van deze NTCy vormt de basis voor het bepalen van de capaciteiten voor de verschillende termijnen, die worden aangeduid met ATC (“Available Transfer Capacity”). De jaarlijkse ATC wordt als volgt bepaald: ATCy = NTCy – MAmin – DAmin, waarbij MAmin en DAmin de op jaarbasis gereserveerde maand- en dagcapaciteiten zijn en 24/30 200 MW bedragen. De bijkomende capaciteit die op maandbasis wordt bepaald, bovenop de minimaal gegarandeerde capaciteit op jaarbasis, wordt verdeeld over maand- en dagcapaciteit. Voor de richting Frankrijk – België gaat 25% van deze bijkomende capaciteit naar de maandcapaciteit en 75% naar de dagcapaciteit. Voor de richting België – Frankrijk gaat 50% van deze bijkomende capaciteit naar de maandcapaciteit en 50% naar de dagcapaciteit 59. De CREG noteert dat, conform haar principes, de totaliteit van elke bijkomende capaciteit die op jaarbasis wordt bepaald volgens de verdeelformules ter beschikking van de jaarlijkse veiling wordt gesteld. 60. Het reserveren van capaciteit voor dagelijkse toewijzing, bij het bepalen van de jaarlijkse en de maandelijkse capaciteit, wordt expliciet voorzien in paragraaf 2.6 van de richtsnoeren en werd ook reeds voorgesteld in een nota van Elia en RTE uit 2005:1 «de maandelijks beschikbare capaciteit is de maximale capaciteitswaarde die maandelijks in gemeenschappelijk overleg tussen de twee TNB’s kan worden gegarandeerd volgens de voorwaarden bepaald in de IFB-regels en door te streven naar het behoud van een minimumcapaciteit die is toe te kennen aan het dagelijkse tijdsbestek. Volgens deze eerste benadering zou de beschikbare capaciteit voor het dagelijkse tijdsbestek gelijk zijn aan de capaciteit die bovenop de reeds aan de jaarlijkse en maandelijkse horizonten toegekende capaciteit wordt vrijgemaakt, vermeerderd voor elk uur van de volgende dag, conform het “Use-It-Or-Lose-It” principe, met de capaciteit die niet wordt gebruikt door de Deelnemers die capaciteit voor voorafgaande tijdshorizonten kregen toegewezen. Om evenwel de goede werking van het dagelijkse mechanisme van toekenning te garanderen, kunnen in de capaciteitsberekeningen bepaalde beperkingen worden opgenomen, zodat de “minimale” kenmerken van de dagelijks gebruikte capaciteit kunnen worden gewaarborgd. Concreet zal 100 MW worden ingehouden vóór vaststelling van de beschikbare jaarcapaciteit en zal 100 MW extra worden ingehouden vóór vaststelling van de beschikbare maandcapaciteit.». Bovendien zal een gegarandeerde capaciteit die wordt toegewezen aan de dagelijkse horizon bijdragen aan een goede marktwerking via marktkoppeling en aan marktconvergentie. Om deze redenen gaat de CREG akkoord met het principe van (beperkt) reserveren van capaciteit aan de dagelijkse horizon. 61. 1 Het reserveren van capaciteit voor maandelijkse toewijzing, bij het bepalen van de Enchères sur l’Interconnexion France-Belgique. Note d’accompagnement. 22/11/2005 25/30 jaarlijkse capaciteit wordt ook voorgesteld in de nota van Elia en RTE uit 2005. Bovendien blijkt uit een studie van de CREG van 31 maart 20112 dat bij een lage toewijzing van capaciteit op de maandelijkse horizon kan leiden tot een hoge markconcentratie. Om deze redenen gaat de CREG akkoord met het principe van (beperkt) reserveren van capaciteit aan de maandelijkse horizon. 62. De CREG merkt evenwel op dat Elia in haar verdelingsvoorstel vanaf 2013 geen rechtvaardiging geeft van de percentages die gehanteerd worden bij de verdeling van bijkomende maandcapaciteit over de maandelijkse en dagelijkse horizon, met name respectievelijk 25% en 75% voor de richting Frankrijk – België en 50% en 50% voor de richting België – Frankrijk. De CREG merkt eveneens op dat de deelnemers aan de marktconsultatie in 2011 geen bezwaren maakten over dit specifieke punt. 63. De CREG merkt op dat volgens artikel 16.3 van de Verordening de maximale capaciteit van de interconnecties moet aangeboden worden aan de marktspelers. Dit geldt voor elk tijdsbestek. De CREG verwacht dat Elia bij elke bepaling van capaciteit op haar interconnectoren dit principe hanteert en de hoogst mogelijke gegarandeerde capaciteit aanbiedt aan de markt voor elk tijdsbestek. 64. De CREG merkt op dat Elia, samen met RTE, een raadpleging van de marktspelers over de regels voor capaciteitsverdeling heeft georganiseerd op 29 juni 2011. De CREG steunt een dergelijk initiatief en vraagt om op de hoogte gehouden te worden van toekomstige raadplegingen. 65. De CREG merkt op dat het in haar vorige beslissingen over de regels voor capaciteitsverdeling om een rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling vroeg die ook rekening hield met de impact van het mechanisme van overdracht van de niet-gebruikte capaciteit naar de marktkoppeling door het Use-It-Or-Sell-It systeem (UIOSI).3 In bijlage 2 2 Studie (F) 110331-CDC-1050 over “de werking van de Belgische groothandelsmarkt voor elektriciteit – monitoringrapport 2010” 3 Beslissing (B)071122-CDC-729 van 22 november 2007 waarin gesteld werd « De efficiëntie van de door Elia voorgestelde maatregel wordt aangetoond aan de hand van simulaties van de evolutie van de voor marktkoppeling voorgestelde capaciteiten die resulteren uit andere verdeelsleutels. Deze simulaties houden echter geen rekening met de impact van de overdracht van de niet-gebruikte capaciteit naar de marktkoppeling (UIOLI) en met de herverkoop (resale) van de jaar- en maandcapaciteit (secundaire capaciteitsmarkt) ten gunste van de dagcapaciteit waarvan de invloed op 26/30 van het verdelingsvoorstel vanaf 2013 simuleren Elia en RTE de impact van de voorgestelde verdelingsregels aan de hand van drie parameters, met name de impact op prijsconvergentie binnen de CWE regio en tussen Frankrijk en België, de impact op beschikbare dagcapaciteit en de invloed op marktprijzen. Hiermee komt Elia tegemoet aan de vraag van de CREG om rechtvaardiging van het verdelingsprincipe. De CREG vraagt aan Elia om ook in de toekomst deze en mogelijke aanvullende studies te hanteren als rechtvaardiging voor de verdelingsprincipes. 66. Gezien de belangstelling van bepaalde marktspelers voor financiële transmissie- rechten (FTR) verzocht de CREG in haar beslissing van 10 november 2011 aan Elia om de impact van de eventuele invoering van dit producttype te onderzoeken. De CREG merkt op dat Elia en RTE de vraag naar FTRs in hun marktconsultatie van 2011 hebben geïntegreerd. Hieruit komt naar voor dat volgens de markt een regionale aanpak aangewezen en gaven de marktdeelnemers aan dat het invoeren van FTRs voor hen niet de hoogste prioriteit heeft. Verder stelt de CREG ook vast dat de CWE-transmissienetbeheerders een studie hebben uitgevoerd met betrekking tot de voorgestelde volumes, tijdshorizonten en een vergelijking tussen “FTR options” en “FTR obligations”. De studie beveelt, in een eerste fase, de invoering van FTR options aan. Bovendien rondt ACER tegen eind oktober 2012 een marktconsultatie af met betrekking tot lange-termijn producten en de nood aan harmonisatie voor veilingregels, IT-platformen en nominatieprocedures. De CREG vraagt Elia om de invoering van FTRs verder te blijven onderzoeken, na te gaan wat de impact op de markt zou zijn en de CREG hiervan op de hoogte te houden. 67. De CREG stelt vast dat de huidige verdelingsregel in haar geheel genomen aanvaard werd door de marktspelers. Bovendien dreigt de door Elia voorgestelde verdeling, indien de jaarlijkse NTC waarden niet lager liggen dan voorgaande jaren, volgens de CREG geen zeer negatieve impact op de markt te hebben. 68. Gelet op wat in de voorgaande paragrafen 58 tot 67 werd uiteengezet, kan de CREG het voorstel van Elia van regels inzake verdeling van de capaciteit over de verschillende tijdshorizonten vanaf het jaar 2013 goedkeuren. 69. De CREG vraagt aan ELIA om telkens zodra de jaarlijkse NTC waarden gekend zijn, de ter beschikking van de koppeling gestelde capaciteit duidelijk is aangetoond (407 MW gemiddeld in de richting van Frankrijk naar België voor de periode van februari tot augustus 2007) » 27/30 deze waarden te publiceren op haar website en aan de CREG mee te delen. 70. De CREG vraagt aan ELIA om bij elke wijziging aan de methode voor de verdeling van de capaciteiten op de koppelverbinding België - Frankrijk een voorstel hiervan ter goedkeuring aan de CREG voor te leggen. Dit voorstel moet een rechtvaardiging van de voorgestelde verdeling omvatten (waarbij de marktstructuur, de werking van Belpex sinds de lancering, de secundaire markt, de interactie met de verschillende grenzen,... in aanmerking moeten worden genomen). Dit voorstel moet verder rekening houden met de studies over de financiële transmissierechten. 71. De CREG oordeelt dat de capaciteitsverdeling op de koppelverbinding België- Nederland zijn rechtvaardiging niet vindt in de Nederlandse Netcode Elektriciteit en vraagt ELIA zo snel mogelijk een voorstel tot methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding België-Nederland in te dienen die voldoet aan de wettelijke vereisten. Enerzijds verwijst Elia in haar begeleidende brief en bijlage 3 (“de verdeling van de capaciteiten BE-NL“) naar de Nederlandse Netcode Elektriciteit ter rechtvaardiging van de gehanteerde capaciteitsverdelingsmethode over de verschillende tijdshorizonten. Anderzijds schrijft Elia in een brief van 25 juni 2012, uitdrukkelijk verwijzend naar de Nederlandse Netcode Elektriciteit, dat ze zich niet bekwaam acht een analyse te maken van buitenlandse wetteksten (“…Elia ne s’estime pas suffisamment habilitée que pour officialiser une analyse de dispositions issues de législations étrangères”). De CREG verwacht een voorstel tot methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding BelgiëNederland die voldoet aan het in deel I opgesomde Belgisch en Europees wettelijk kader. 72. Tot slot vraagt de CREG aan ELIA (zoals dat voor het jaar 2013 gebeurde) om de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) betreffende de minimumpeil van de capaciteit die zij gedurende een volledig jaar zullen toewijzen, telkens in november van het jaar hieraan voorafgaand te publiceren. Deze verbintenis moet er vroeg genoeg komen – met andere woorden vóór midden november in het jaar voor het betrokken jaar – zodat de marktspelers er bij de jaarlijkse capaciteitsveilingen aan beide grenzen rekening mee kunnen houden. 28/30 BESLISSING Met toepassing van artikel 23, §2, tweede lid, 9°, van de elektriciteitswet juncto artikel 180, §2, van het technisch reglement beslist de CREG, om voorgaande redenen, het voorstel van Elia betreffende de methoden voor congestiebeheer op de koppelverbinding België Frankrijk met betrekking tot de regels voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdhorizonten vanaf 2013 goed te keuren. De CREG vraagt aan ELIA om telkens zodra de jaarlijkse NTC waarden gekend zijn, deze waarden te publiceren op haar website en aan de CREG mee te delen. Om hetzelfde niveau van transparantie met betrekking tot de gewaarborgde minimumcapaciteit op de koppelverbinding België - Frankrijk te behouden, vraagt de CREG dat Elia de verbintenis van de netbeheerders (RTE en ELIA) betreffende het minimumpeil van de capaciteit die zij gedurende een volledig jaar zullen toewijzen, conform de vereisten geformuleerd onder paragraaf 72 van onderhavige beslissing, telkens ten laatste in november van het voorafgaande jaar zou publiceren. De CREG beslist dat de capaciteitsverdeling op de koppelverbinding België-Nederland geen rechtvaardiging heeft en eist zoals aangegeven in paragraaf 71 ELIA zo snel mogelijk een voorstel tot methode voor de verdeling van de capaciteiten tussen de verschillende tijdshorizonten op de koppelverbinding België-Nederland in te dienen dat voldoet aan de wettelijke vereisten, in analogie met de methode voor de koppelverbinding België-Frankrijk. 29/30 De CREG vraagt Elia om een nieuw voorstel voor de verdeling van de capaciteit ter goedkeuring in te dienen bij elke aanpassing aan de methode. Het voorstel dient onder meer rekening te houden met de eisen geformuleerd in de paragrafen 66, 70 en 71 van onderhavige beslissing.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Dominique WOITRIN Directeur François POSSEMIERS Voorzitter van het Directiecomité 30/30

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.