← België

Beslissing over het tariefverslag met inbegrip van het saldo ingediend door Interconnector Ltd voor de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024

(B)1442/15 21 augustus 2025 Beslissing over het tariefverslag met inbegrip van het saldo ingediend door Interconnector Ltd voor de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024 Artikel 15/14, § 2, 2de lid, 9°bis, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen en artikel 10, van het besluit (B)1654/1 van 21 december 2017 tot vaststelling van de tariefmethodologie voor de aansluiting op en het gebruik van een interconnectie Niet-vertrouwelijke versie CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 WOORDENLIJST ....................................................................................................................................... 3 1. WETTELIJKE BASIS............................................................................................................................ 4 1.1. Europeesrechtelijk ................................................................................................................. 4 1.2. Brexit ...................................................................................................................................... 6 1.3. Belgisch recht ......................................................................................................................... 7 1.3.1. Tariefmethodologie ....................................................................................................... 7 1.3.2. Tariefverslag .................................................................................................................. 9 2. ANTECEDENTEN............................................................................................................................. 10 3. RAADPLEGING ............................................................................................................................... 10 4. ANALYSE VAN HET TARIEFVERSLAG .............................................................................................. 10 5. ALGEMEEN VOORBEHOUD ............................................................................................................ 12 6. DISPOSITIEF ................................................................................................................................... 13 Vertrouwelijke versie 2/13 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna het tariefverslag met inbegrip van het saldo ingediend op 31 maart 2025 door Interconnector Ltd (hierna: Interconnector) voor de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024. Op 11 juni 2025 besliste de CREG het tariefverslag 2024 van Interconnector af te wijzen, en dat Interconnector bijkomende afdoende informatie diende op te leveren om goedkeuring te verkrijgen voor de saldi met betrekking tot het exploitatiejaar 2024 (hierna: de ontwerpbeslissing van 11 juni 2025). Op 11 juli 2025 bezorgde Interconnector zijn reactie op de ontwerpbeslissing van 11 juni 2025 van de CREG. Naast de inleiding en de verklarende woordenlijst bevat onderhavige beslissing zes delen. Het wettelijk kader wordt uiteengezet in het eerste deel. Het tweede deel behandelt de antecedenten. Het derde deel beschrijft de modaliteiten en het raadplegingsverslag. Het vierde deel bevat de analyse van de definitieve tariefafrekening. Het vijfde deel bevat een algemeen voorbehoud. Het zesde deel bevat het dispositief. Onderhavige beslissing werd goedgekeurd door het directiecomité van de CREG op 21 augustus 2025. WOORDENLIJST ‘CREG’ : de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas, met name het federale autonome organisme dat werd opgericht door artikel 23 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt. ‘Interconnector’: de vennootschap naar Engels recht Interconnector Limited die werd gecertificeerd door de CREG op 11 juli 2013. ‘Besluit (Z)1654/1’ : het besluit van de CREG van 21 december 2017 tot vaststelling van de tariefmethodologie voor de aansluiting op en het gebruik van een interconnectie. ‘Gaswet’: de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige produkten en andere door middel van leidingen, laatst gewijzigd door de wet van 20 maart 2025. ‘Richtlijn 2024/1788’: Richtlijn (EU) 2024/1788 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2023/1791 en tot intrekking van Richtlijn 2024/1788/EG. ‘Verordening 2024/1789': Verordening (EU) 2024/1789 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 inzake de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1227/2011, (EU) 2017/1938, (EU) 2019/942 en (EU) 2022/869 en Besluit (EU) 2017/684, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2024/1789. ‘Verordening 2017/460’: Verordening 2017/460 van de Europese Commissie van 16 maart 2017 tot vaststelling van een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas. Vertrouwelijke versie 3/13 1. WETTELIJKE BASIS 1.1. EUROPEESRECHTELIJK 1. Artikel 2, lid 18, van richtlijn 2024/1788 definieert ‘transmissiesysteembeheerder’ als volgt1: “natuurlijk persoon of rechtspersoon die de transmissiefunctie verricht en in een bepaald gebied verantwoordelijk is voor de exploitatie, het onderhoud en zo nodig de ontwikkeling van het transmissiesysteem alsook, indien van toepassing, voor de interconnecties ervan met andere systemen, en die ervoor moet zorgen dat het systeem op lange termijn kan voldoen aan een redelijke vraag naar transport van aardgas” 2. Artikel 76, lid 1, van Richtlijn 2024/1788 stelt: “Iedere lidstaat wijst één enkele regulerende instantie op nationaal niveau aan.” In België is dit de CREG, terwijl dit in Groot-Brittannië OFGEM is (t.t.z. tot de Britse uittreding in voege ging). 3. Artikel 71, lid 1, van Richtlijn 2024/1788 stelt: “Voordat een bedrijf wordt goedgekeurd en als transmissiesysteembeheerder of waterstoftransmissienetbeheerder wordt aangewezen, wordt zij gecertificeerd volgens de procedures van de leden 4, 5 en 6 van dit artikel en artikel 14 van Verordening (EU) 2024/1789.” In toepassing van dit artikel werd Interconnector gecertificeerd door de CREG bij beslissing van 11 juli 20132 en OFGEM3. 4. Artikel 31, lid 1, van Richtlijn 2024/1788 stelt: “De lidstaten dragen zorg voor de invoering van een systeem voor derdentoegang tot het transmissie- en distributiesysteem en LNG-installaties, gebaseerd op bekendgemaakte tarieven die gelden voor alle afnemers, inclusief leveringsbedrijven, en die objectief worden toegepast zonder onderscheid te maken tussen systeemgebruikers. De lidstaten zorgen ervoor dat deze tarieven of de aan de berekening daarvan ten grondslag liggende methoden voorafgaand aan hun toepassing overeenkomstig artikel 78 worden goedgekeurd door een regulerende instantie, en dat deze tarieven en, indien alleen de methoden zijn goedgekeurd, de methoden worden bekendgemaakt voordat zij in werking treden.” 5. Artikel 78.1,

  1. a)van Richtlijn 2024/1788 stelt: “De regulerende instantie heeft de volgende taken:
  2. a)vaststellen of goedkeuren, volgens transparante criteria, van transmissie- of distributietarieven of de berekeningsmethoden hiervoor, of beide;”. 1 Ingevolge artikel 96 van Richtlijn 2024/1788 is ze op 5 augustus 2024 in werking getreden, en ingevolge artikel 95 werd Richtlijn 2009/73/EG, met ingang van 4 augustus 2024 ingetrokken. Hoewel nog twee jaar voorzien is voor de omzetting van de Richtlijn 2024/1788 (zie artikel 94) zijn de geciteerde bepalingen grotendeels equivalent aan de bepalingen van de ingetrokken Richtlijn (zie de concordantietabel als bijlage IV bij de Richtlijn 2024/1788). 2 Eindbeslissing (B)130711-CDC-1236 over de aanvraag tot certificering van Interconnector (UK) Limited. 3 Certification decision of 21 May 2013: https://www.ofgem.gov.uk/ofgem-publications/59214/certification-decisioninterconnector-uk-limited-iuk.pdf Vertrouwelijke versie 4/13 6. Artikel 78, lid 7, van Richtlijn 2024/1788 preciseert: “De regulerende instanties zijn bevoegd om ten minste de methoden voor het berekenen of tot stand komen van de volgende voorwaarden vast te stellen of voldoende ruim vóór hun inwerkingtreding goed te keuren:
  3. a)de aansluiting op en toegang tot nationale aardgasnetten, inclusief de transmissieen distributietarieven en voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties, waarbij tarieven of methoden het mogelijk maken dat de noodzakelijke investeringen in de netten en LNG-installaties op een zodanige wijze worden uitgevoerd dat deze investeringen de levensvatbaarheid van de netten en de LNG-installaties kunnen waarborgen;”. 7. Conform artikel 78, eerste lid,
  4. j)van Richtlijn 2024/1788 met betrekking tot de infrastructuur van en naar een derde land kan de regulerende instantie van de lidstaat waar zich het eerste interconnectiepunt met het net van de lidstaten bevindt, samenwerken met de bevoegde autoriteiten van het derde land. 8. Verordening 2024/1789 beoogt onder meer niet-discriminerende regels vast te stellen betreffende de toegangsvoorwaarden voor aardgastransmissiesystemen. Dit omvat onder meer de vaststelling van geharmoniseerde beginselen inzake de tarieven, of de methoden voor de berekening van de tarieven, voor de toegang tot het aardgasnet4. 9. In het bijzonder bepaalt artikel 17 inzake de tarieven voor de toegang tot netten: “1. De door de transmissiesysteembeheerders toegepaste tarieven, of de voor de berekening daarvan gebruikte methoden die zijn goedgekeurd door de regulerende instanties op grond van artikel 78, lid 7, van Richtlijn (EU) 2024/1788, alsmede de tarieven die worden gepubliceerd op grond van artikel 31, lid 1, van die richtlijn, zijn transparant, houden rekening met de noodzaak van systeemintegriteit en verbetering ervan en zijn een afspiegeling van de werkelijke kosten, voor zover deze overeenkomen met die van een efficiënte, structureel vergelijkbare netbeheerder en transparant zijn, waarbij tevens wordt gelet op de nodige winst op de investeringen. De tarieven of de voor de berekening daarvan gebruikte methoden zijn niet-discriminerend. De tarieven kunnen ook worden vastgesteld aan de hand van marktgerichte regelingen, zoals veilingen, mits dergelijke regelingen en de eruit voortvloeiende inkomsten door de regulerende instantie worden goedgekeurd. De tarieven, of de methoden voor de berekening daarvan, zijn bevorderlijk voor de efficiënte handel in aardgas en voor de concurrentie en zijn tegelijk gericht op het vermijden van kruissubsidiëring tussen de netgebruikers en op het bieden van stimulansen voor investeringen en het handhaven of creëren van interoperabele transmissienetten. Tarieven voor netgebruikers worden op niet-discriminerende wijze en voor elk entry- en exitpunt van het transmissiesysteem apart vastgesteld. Kostenverdelingsmechanismen en methoden voor tariefbepaling voor entry- en exitpunten worden goedgekeurd door de regulerende instanties. De regulerende instanties zorgen ervoor dat nettarieven niet berekend worden op basis van contractuele paden. 2. De tarieven voor de toegang tot netten werken niet beperkend op de marktliquiditeit of verstorend voor de grensoverschrijdende handel van de verschillende transmissiesystemen. Indien, niettegenstaande artikel 78, lid 7, van Richtlijn (EU) 2024/1788, verschillen in de tariefstructuren de handel tussen transmissiesystemen zouden belemmeren, streven transmissiesysteembeheerders, in nauwe samenwerking met de betrokken nationale instanties, actief naar de convergentie van tariefstructuren en tariefbeginselen.” 4 Zie toepassingsgebied in art. 1 van Verordening 2024/1789 Vertrouwelijke versie 5/13 10. Uit bovenstaande volgt dat zowel OFGEM als de CREG ten minste de methoden voor de berekening van de tarieven van Interconnector dienen goed te keuren. 11. Daarenboven volgt uit het verbod op kruissubsidiëring tussen netgebruikers dat Interconnector zijn kosten (en winsten) enkel kan verhalen op de netgebruikers van Interconnector. In toepassing van deze Verordening besliste de CREG5 op 16 oktober 2017 dat de verplichtingen vastgelegd in artikels 5

(1), 6
(1), 6
(4)(b), 6
(4)(c), 10
(2)(b), 10
(7)26
(1), 26
(3), 27
(1), 29(a)(i), 29(a)(ii), 29(a)(iv), 29(b), 30
(1), 30
(2)en 30
(3)van verordening 2017/460 toegewezen worden aan de beheerder van een interconnector, voor onbepaalde duur en vanaf de bekendmaking van deze beslissing van de CREG.
  1. Eind 2017 diende Interconnector een verzoek in tot ontheffing van de toepassing van bepaalde artikelen van verordening 2017/
  2. De CREG6 en OFGEM hebben dit verzoek in nauwe samenwerking behandeld en gezamenlijk beoordeeld. Beide regulatoren hebben beslist Interconnector te ontheffen van de toepassing van artikelen 5, 7(a), 12.3, 13, 26.1(a)(iii)(vi), 26.2, 28, 29(a), 29(b)(i), 31.2(a), 30.1(a)(ii)(iii), 30.1(b)(i)(ii), 30.1(b)(iii)(1-2), 30.1(b)(iii)
(3)(b), 30.1(b)(iii)
(5), 30.1(b)(iv)(v), en 30.2 van verordening 2017/460 overeenkomstig artikel 37 van deze verordening. Zij hebben de Europese Commissie en ACER in kennis gesteld van hun besluiten tot verlening van zulke ontheffingen.
  1. Overeenkomstig artikel 27, lid 4, van verordening 2017/460 dienen de CREG en OFGEM binnen vijf maanden na het einde van de definitieve raadpleging door Interconnector een met redenen omkleed besluit te nemen over alle in artikel 26, lid 1, van verordening 2017/460 vastgestelde punten.
  2. Op 28 maart 2019 heeft CREG een dergelijk besluit7 genomen en op 3 april 2019 ter kennis gebracht van de Europese Commissie en ACER. 1.
  3. BREXIT
  4. Het Verenigd Koninkrijk heeft zich uit de Europese Unie teruggetrokken met ingang van 1 januari
  5. Tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, enerzijds, en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland, anderzijds werd een handels- en samenwerkingsakkoord afgesloten van toepassing op 1 januari
  6. Op vlak van energie is onder meer overeengekomen dat vanaf 1 januari 2021 het Verenigd Koninkrijk niet langer deelneemt aan de interne energiemarkt van de EU en het op voorwaarden van een derde land handel moet drijven met de EU. In het bijzonder voorziet het Handels- en Samenwerkingsakkoord dat: - elke partij een onafhankelijke regelgevingsinstantie aanstelt, verantwoordelijk voor onder meer het vaststellen of goedkeuren van netwerktarieven (art. 310); - bestaande ontheffingen voor interconnectoren voort blijven lopen (art. 309); - het efficiënt gebruik van gasinterconnectoren wordt gegarandeerd (art. 313); - de TSO’s werkregelingen aannemen rond het efficiënt gebruik van gasinterconnectoren (art. 317
(1)f); - de regulatoren contacten leggen en administratieve regelingen treffen rond het efficiënt gebruik van gasinterconnectoren (art. 318
(1)g. 5 Beslissing (B)1657 Beslissing (B)1783 7 Beslissing (B)1442/5 6 Vertrouwelijke versie 6/13
  1. Toch voorziet de overeenkomst in de mogelijkheid om in de loop van de tijd afzonderlijke regelingen te ontwikkelen voor de handel over interconnectoren, op basis van een koppelingsmodel. De overeenkomst omvat ook: - bepalingen die niet-discriminerende toegang tot de energie-infrastructuur en een voorspelbaar en efficiënt gebruik van elektriciteits- en gasinterconnectoren garanderen. Deze moeten energieleveranciers in staat stellen efficiënt en concurrerend te handelen in het hele Kanaal; - een nieuw kader voor samenwerking tussen transmissiesysteembeheerders (TSB's) en energieregulators in de EU en het VK (aangezien het VK niet langer deelneemt aan onder meer het Europees netwerk van transmissiesysteembeheerders voor elektriciteit en gas); - bepalingen ter regulering van subsidies aan de energiesector om ervoor te zorgen dat deze niet worden gebruikt om de mededinging te verstoren; - bepalingen die de partijen verplichten de voorzieningszekerheid te waarborgen, met name voor Ierland, dat geïsoleerd zal blijven van de interne energiemarkt van de EU totdat nieuwe interconnecties operationeel worden.
  2. In België werd bij wet van 18 mei 2021 de gaswet gewijzigd waarbij onder meer de taken en de bevoegdheden van de CREG in grensoverschrijdende reguleringskwesties met derde landen uitgebreid worden. Voor gasinfrastructuur van en naar derde landen en de exploitatie daarvan, zal de CREG overleg kunnen plegen en samenwerken met de betrokken autoriteiten van derde landen om ervoor te zorgen dat de Europese wetgeving en de gaswet met betrekking tot de betrokken infrastructuur consequent wordt toegepast op het grondgebied en in de territoriale wateren van België.
  3. In het Verenigd Koninkrijk werd de “European Union Withdrawal Act
(2018)” aangenomen die rechtszekerheid beoogt door te voorzien in de omzetting van reeds bestaande, rechtstreeks toepasselijke EU-wetgeving in wetgeving van het Verenigd Koninkrijk, zodoende een nieuwe categorie van nationale rechtsregels te creëren, met name “behouden EU-recht”. 1.3. BELGISCH RECHT 1.3.1. Tariefmethodologie 20. Artikel 1 van de gaswet bevat onder andere de volgende definities: - “9° ‘vervoeronderneming’ : elke natuurlijke of rechtspersoon die gasvervoer verricht; - 28° ‘Commissie’ : de Commissie voor de regulering van de elektriciteit en het gas, bedoeld in artikel 15/14; - 60° ‘interconnector’ : een vervoersleiding die een grens tussen lidstaten overschrijdt of overspant met de bedoeling de nationale vervoersnetten van die lidstaten aan elkaar te koppelen, of een vervoersleiding tussen een lidstaat en een derde land tot aan het grondgebied van de lidstaten of tot aan de territoriale wateren van die lidstaat; - 60° bis: ’beheerder van een interconnector’: een natuurlijke of rechtspersoon die het beheer van een interconnector verzorgt en aangewezen is overeenkomstig artikel 8/1bis.” Vertrouwelijke versie 7/13 21. Artikel 15/14, § 2, tweede lid, 9°bis van de gaswet bepaalt dat de CREG: “de tariefbevoegdheden zal uitoefenen bedoeld in de artikelen 15/5 tot 15/5quinquies en de toepassing van de tarieven door de vervoersbedrijven wat hun respectievelijke netten betreft zal controleren.” 22. Gelet op de definitie van “vervoeronderneming/vervoerbedrijf” heeft dit voor gevolg dat de CREG, op basis van artikel 15/14, § 2, tweede lid, 9°bis van de gaswet, dezelfde tariefbevoegdheden kan uitoefenen ten aanzien van Interconnector als ten aanzien van de beheerders, zoals bedoeld in artikel 8, § 1 van de gaswet, daar beide entiteiten gekwalificeerd worden als vervoeronderneming/vervoerbedrijf. 23. Artikel 15/14quater, § 1 van de gaswet bepaalt dat de CREG voor de grensoverschrijdende zaken samenwerkt met de reguleringsoverheid of -overheden van de betrokken lidstaten van de Europese Unie en met ACER. 24. Artikel 15/5bis, § 15, eerste lid van de gaswet bepaalt het volgende: “De aansluiting op en het gebruik van een interconnector en, desgevallend, de door de beheerder van een interconnector aangeboden diensten overeenkomstig artikel 15/5undecies, § 3, maken vanaf 1 oktober 2018 het voorwerp uit van een tariefmethodologie die overeenkomstig de bepalingen van deze paragraaf wordt vastgesteld door de commissie.” 25. Over de procedure bepaalt artikel 15/5bis, § 15, tweede lid van de gaswet het volgende: “Na overleg met de beheerders van de interconnectoren en met de regulerende instanties van de andere lidstaten van de Europese Unie waarvan het territorium door de interconnecties wordt doorkruist, en na een gestructureerde, gedocumenteerde en transparante raadpleging van de markt, stelt de commissie de tariefmethodologie vast, die de basis vormt van de tarieven.” 26. Wat de inhoud betreft, bepaalt artikel 15/5bis, § 15, derde lid van de gaswet het volgende: “De tariefmethodologie bevat minstens regels met betrekking tot: a. de principes die de tarieven bepalen; b. de indienings- en goedkeuringsprocedure voor de tariefverslagen, inhoudende een afrekening van de werkelijke kosten en opbrengsten met betrekking tot de voorbije tariefperiode.” 27. Wat het eerste luik van de tariefmethodologie betreft, d.w.z. de principes die de tarieven bepalen, heeft de CREG op 30 juni 2015 de vergoedingsmethodologie van Interconnector goedgekeurd met betrekking tot de vervoerdiensten voor gebruik vanaf gasdag 1 oktober 2018 die worden verkocht vóór 1 november 2015 en onder de voorwaarden van de toegangsovereenkomst met Interconnector en het toegangsreglement van Interconnector.8 Met beslissingen van 28 januari 20169 en 22 december 201610 werd de geldigheid van deze vergoedingsmethodologie twee keer verlengd, de laatste keer tot 31 december 2017. Op voorstel van Interconnector keurde de CREG vervolgens11 verschillende aanpassingen aan de vergoedingsmethodologie goed. Ook Ofgem heeft de vergoedingsmethodologie van Interconnector telkens goedgekeurd.12 8 Beslissing (B)150730-CDC-1442/1 Beslissing (B)160128-CDC-1442/2 10 Beslissing (B)1442/3 11 Beslissingen (B)1442/4, (B)1442/5, (B)1442/6, (B)1442/9, en (B)1442/11 en (B)1442/13. 12 Zie https://www.ofgem.gov.uk/energy-policy-and-regulation/companies/interconnector-limited 9 Vertrouwelijke versie 8/13 28. Het tweede luik van de tariefmethodologie, d.w.z. “de procedure voor de indiening en goedkeuring van de tariefverslagen” is specifiek voor de CREG13 en maakt geen voorwerp uit van een goedkeuring door OFGEM. 29. Beide luiken vormen samen het besluit tot vaststelling van de tariefmethodologie voor de aansluiting op en het gebruik van een interconnectie. 1.3.2. 30. Tariefverslag Artikel 15/5bis, § 15, negende tot twaalfde lid van de gaswet bepalen het volgende: “Ongeacht zijn eigendomsregeling of rechtsvorm houdt de beheerder van een interconnector zich bij de opstelling, indiening voor accountantscontrole en publicatie van zijn jaarrekening aan de nationale voorschriften inzake de jaarrekening van kapitaalvennootschappen die zijn vastgesteld uit hoofde van de Vierde Richtlijn 78/660/EEG van de Raad van 25 juli 1978 op de grondslag van artikel 44, lid 2, sub g), van het Verdrag betreffende de jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen. Bij de accountantscontrole wordt in het bijzonder nagegaan dat de verplichting tot voorkoming van discriminatie en kruissubsidies, zoals bedoeld in het tiende lid, wordt nagekomen. Om discriminatie, kruissubsidiëring en concurrentievervalsing te voorkomen, voert de beheerder van een interconnector intern een afzonderlijke boekhouding voor al zijn transmissie-, distributie-, LNG- en opslagactiviteiten, zoals dit zou moeten gebeuren indien die activiteiten door verschillende ondernemingen worden uitgevoerd. Hij stelt ook al dan niet geconsolideerde jaarrekeningen op voor andere activiteiten op het gebied van gas, die geen verband houden met transmissie, distributie, LNG of opslag. In voorkomend geval voert hij een boekhouding op geconsolideerde basis voor zijn andere, niet op gasgebied liggende activiteiten. Deze interne boekhoudingen bevatten per activiteit een balans en een winst- en -verliesrekening. Onverminderd de nationaal geldende boekhoudvoorschriften specificeert de beheerder van een interconnector in zijn interne boekhouding welke regels hij bij de opstelling van de in het tiende lid bedoelde afzonderlijke rekeningen volgt voor de toerekening van de activa en passiva, de lasten en baten, alsmede de regels voor de afschrijving. Deze interne regels mogen slechts in uitzonderlijke gevallen worden gewijzigd. Dergelijke wijzigingen worden vermeld en naar behoren gemotiveerd. De beheerder van een interconnector specificeert in de toelichting bij de jaarrekening alle significante verrichtingen met verbonden of geassocieerde ondernemingen tijdens het betrokken boekjaar.” 31. Artikel 15/14, § 2, 2de lid, 9°bis van de gaswet geeft de CREG de bevoegdheid om de toepassing van de tarieven te controleren. Dit artikel vormt bijgevolg de juridische grondslag van deze beslissing. 32. Het besluit (Z)1654/1 voorziet in een procedure inzake de controle op de toepassing van de tarieven. Daarom past de CREG dit besluit toe in deze beslissing. 13 Besluit (B)1654/1 Vertrouwelijke versie 9/13 2. ANTECEDENTEN 33. In toepassing van artikel 7 van het besluit (Z)1654/1 heeft Interconnector op 31 maart 2025 zijn tariefverslag (hierna: het tariefverslag van 31 maart 2025) over het voorbije exploitatiejaar per elektronische post bij de CREG ingediend. 34. Het tariefverslag omvat het gerealiseerde totaalinkomen en het saldo dat voortvloeit uit het verschil tussen een niet buitensporig rendement van de investeringen en het gerealiseerde boekhoudkundig resultaat na belastingen. Het wordt ter goedkeuring aan de CREG voorgelegd aan de hand van het terdege ingevulde rapporteringsmodel ex post. 35. Ter aanvulling van het tariefverslag van 31 maart 2025 heeft de CREG bijkomende inlichtingen gevraagd aan Interconnector en specifieke controles uitgevoerd. 36. Op 11 juni 2025 heeft de CREG de ontwerpbeslissing (B)1442/15 genomen. Deze beslissing werd op diezelfde dag naar Interconnector gestuurd. In deze ontwerpbeslissing beslist de CREG om het tariefverslag 2024 van Interconnector te verwerpen. De CREG gaf eveneens aan dat het tariefverslag op drie vermelde punten moest worden verduidelijkt, opdat het zou kunnen worden goedgekeurd. 37. Op 11 juli 2025 heeft Interconnector zijn reactie overgemaakt aan de CREG. 3. RAADPLEGING 38. Het directiecomité van de CREG beslist om, krachtens artikel 23, § 1, van haar huishoudelijk reglement, een niet-openbare raadpleging te organiseren van Interconnector van 11 juni tot 11 juli 2025 met toepassing van artikel 41 van haar huishoudelijk reglement, omwille van de volgende redenen:
  1. a)de tariefmethodologie vermeldt uitdrukkelijk dat de beslissingen over de tariefverslagen enkel directe gevolgen hebben voor de beheerders ;
  2. b)de tariefmethodologie bevat een gedetailleerde procedure die beschrijft hoe men moet voldoen aan de plicht om de beheerders te horen en te raadplegen. 39. De CREG is van oordeel dat de reactie van Interconnector van 11 juli 2025 ook de antwoorden van Interconnector bevat op de raadpleging bedoeld in dit hoofdstuk. 4. ANALYSE VAN HET TARIEFVERSLAG 40. Rekening houdend met de bijkomende inlichtingen, stelt de CREG vast dat Interconnector een volledig tariefverslag heeft overgemaakt. 41. In het tariefverslag van 31 maart 2025 wordt de aansluiting gemaakt tussen het gerealiseerde boekhoudkundig resultaat van Interconnector en het ontwerp van jaarrekening enerzijds, en de aan de CREG gerapporteerde opsplitsing van de gereguleerde activiteiten anderzijds. Vertrouwelijke versie 10/13 42. De CREG gebruikt dit statutair resultaat om het regulatoir tegoed te berekenen. Dit resultaat wordt vergeleken met de goedgekeurde winstlimieten uit artikel 4 van het besluit (Z)1654/1. 43. In haar ontwerpbeslissing van 11 juni 2025 stelde de CREG bijkomende vragen met betrekking tot de berekening van Interconnector. Meer bepaald vroeg de CREG meer informatie over de indexering, de behandeling van een leasingcontract en bepaalde elementen i.v.m. de cash-flow. 44. De berekening van het over te dragen saldo van Interconnector gebeurt als volgt : Tabel 1: Winst van Interconnector Limited in 2024 en saldi van de regularisatierekeningen Jaar 2024 Toegestane marge Realiteit in miljoen £ in miljoen £ Gerealiseerde Statutaire winst na belastingen vóór transfer naar RR ** 84,6 Afrekening Toegestane marge plafond 1 (100% voor de beheerder) * Toegestane marge plafond 2 (50% voor de beheerder) * Marge vóór reclassificaties : Provisie OFGEM NIS Compliance ten laste van IC aandeelhouders Correctie leasing van vóór de liberalisering 45,8 59,0 45,8 6,6 52,4 -5,0 1,0 (59,0 - 45,8)/2 = 6,6 Marge voor de aandeelhouder 48,4 Voor de regularisatie-rekeningen *** 36,2 Saldo STANDAARD regul. rekening op 31/12/2023 : 55,6 34,7 3,0 93,3 } 37,7 22,0 -9,2 1,2 14,0 } -8,0 } 6,5 delta Bonus 2024 Interesten **** Saldo STANDAARD regul. rekening op 31/12/2024 : Saldo regularisatierekening voor investeringen 31/12/2023 : Gebruik voor Investeringen in 2024 Interesten **** Saldo regularisatierekening voor investeringen 31/12/2024 : Saldo veilingpremies op 31/12/2023 Veilingpremies in 2024 Interesten **** 93,5 1,5 5,0 Saldo veilingpremies op 31/12/2024 100,0 * Plafonds aangepast aan de Retail Price Index van 2024 zijnde 10,92% ** Winst na belasting exclusief interesten op de regularisatierekeningen *** Totale stijging van de regularisatierekeningen **** SONIA (Sterling Overnight Index Average) is gebruikt voor de berekening van de interesten 45. Interconnector heeft een gedetailleerd bestand toegestuurd over de berekening van de indexering voor de bepaling van de plafonds. Dit punt is in orde voor de CREG. 46. Interconnector heeft een bijkomend uitleg verschaft over het juiste bedrag van de correctie aangaande het leasingcontract van voor de regulering. Dit punt is in orde voor de CREG. 47. Interconnector heeft duidelijkheid verschaft over de M£ 25 investeringen en een geactualiseerde cash flow statement. Hieruit blijkt dat dit bedrag slaat op financiële beleggingen. [VERTROUWELIJK]. 48. Hierna volgt een tabel over de cash-flow van Interconnector voor 2024 en de geschatte vooruitzichten. Tabel 2: Cash-flow van Interconnector Limited in 2024 met de geschatte vooruitzichten [VERTROUWELIJK] Vertrouwelijke versie 11/13 Tabel 3: Detail van de investeringen van Interconnector in 2024 [VERTROUWELIJK] 49. De CREG stelt vast dat 50 % van het investeringsbedrag zijnde M£ 9,2 (laatste lijn van de bovenstaande tabel) gefinancierd werd door de regularisatierekening Investeringen, conform de afspraken met Interconnector. 50. Gezien er na de inval van Rusland in Oekraïne en het stopzetten van Russische aardgasleveringen aan Duitsland, er een ommekeer van gasstromen is ontstaan (niet meer van Oost naar West maar van West naar Oost) is het gebruik van Interconnector sterk gestegen. Die trend riskeert zich voor te zetten temeer dat Duitsland voorziet om nieuwe gascentrales te bouwen. Ook lijkt de invoer van LNG in West Europa te zullen stijgen. Hierdoor zal Interconnector een belangrijke rol van import van aardgas voor Noord-West Europa blijven spelen. [VERTROUWELIJK]. 51. Interconnector beheert een onderzeese gaspijpleiding en terminalfaciliteiten om bidirectionele gastransportdiensten aan te bieden tussen het Verenigd Koninkrijk en continentale Europese energiemarkten. Het systeem omvat compressieterminals in Bacton in het Verenigd Koninkrijk en Zeebrugge in België, verbonden door een 235 kilometer lange pijpleiding met een diameter van 40 inch. Het is momenteel in staat om 25,5 miljard kubieke meter (of 803 GWh/dag) gas per jaar (ongeveer 30 % van de huidige jaarlijkse gasvraag in het VK) van Zeebrugge naar Bacton ("reverse flow" of "BE -UK") en 20 miljard kubieke meter per jaar (of 651 GWh/dag) in de tegenovergestelde richting ("forward flow" of "UK-BE") te vervoeren. 52. Evenwel heeft Interconnector meermaals hoge niveaus van verontreinigingen ontvangen van National Grid in Bacton. Dit heeft Interconnector gedwongen tot ongepland onderhoud en beperking van de beschikbare capaciteiten, met aanzienlijke gevolgen voor de gebruikers en de markt. Het blijkt ook dat de huidige operationele maatregelen van National Grid niet toereikend zijn. 53. Recent consulteerde Ofgem over een ontwerpbeslissing aangaande investeringen door National Grid in bijkomende filters.14 [VERTROUWELIJK]. 54. De CREG herinnert eraan dat het tariefmodel van Interconnector geen vangnet (floor) voorziet zodat Interconnector in alle omstandigheden zichzelf moet bedruipen. Een belangrijke manier, om de vervoersactiviteiten te bestendigen, is het verlagen van kosten om aantrekkelijke tarieven te bekomen en hierdoor zo veel mogelijk opbrengsten te genereren. 5. ALGEMEEN VOORBEHOUD In onderhavige beslissing spreekt de CREG zich uit over het exploitatiesaldo van Interconnector op basis van de documenten die haar ter beschikking worden gesteld. De CREG behoudt zich het recht voor om de rechtvaardiging en het reële karakter van alle posten in de loop van de komende jaren aan een grondig onderzoek te onderwerpen. Overeenkomstig artikel 78, lid 2, in fine, van Richtlijn 2024/1788, laat onderhavige beslissing de toekomstige uitoefening van de tariefbevoegdheid onverlet. De CREG is bevoegd om de tarieven of de methode permanent aan te passen, zelfs tijdens de lopende regulatoire periode, op basis van de artikelen 78, lid 7, en 79, lid 1, van Richtlijn 2024/1788 en hun omzetting in Belgisch recht. 14 https://www.ofgem.gov.uk/consultation/asset-health-re-opener-applications-submitted-national-gas-transmissionjanuary-2023-and-june-2023 Vertrouwelijke versie 12/13 6. DISPOSITIEF Gelet op de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen; Gelet op het tariefverslag dat Interconnector aan de CREG op 31 maart 2025 heeft overgemaakt met het oog op de controle van de tarieven voor de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024; Gelet op de talrijke e-mails tussen Interconnector en de CREG over precieze punten; Gelet op de ontwerpbeslissing van 11 juni 2025 van de CREG; Gelet op de reactie van 11 juli 2025 van Interconnector; Gelet op het besluit (B)1654/1; Gelet op het huishoudelijk reglement van het directiecomité van de CREG van 4 december 2015, gewijzigd op 22 december 2016; Gelet op het algemeen voorbehoud uitgedrukt door de CREG; Gelet op de voorgaande analyse; Beslist de CREG dat de toepassing van de tarieven in de periode van 1 januari 2024 tot 31 december 2024 geresulteerd heeft in de volgende bewegingen: - een stijging van de standaard regularisatierekening met M£ 37,7 die aldus op 31 december 2024 gecumuleerd M£ 93,3 bedroeg; - een daling van de regularisatierekening voor investeringen van M£ 8,0 die aldus op 31 december 2024 gecumuleerd M£ 14,0 bedroeg; - een stijging van de regularisatierekening betreffende veilingpremies met M£ 6,5 die aldus op 31 december 2024 gecumuleerd M£ 100,0 bedroeg. Ter info : de gemiddelde wisselkoers GBP (£) / EUR (€) over 2024 bedroeg 1,16.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Sigrid JOURDAIN Directeur Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité Vertrouwelijke versie 13/13

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.