← België

Eindbeslissing over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de intraday toewijzing van capaciteit op

Niet-vertrouwelijk Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas Nijverheidsstraat 26-38 1040 Brussel Tel.: 02/289.76.11 Fax: 02/289.76.09 COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS EINDBESLISSING (B)160218-CDC-1467 over “de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de intraday toewijzing van capaciteit op de koppelverbindingen Frankrijk-België en Nederland-België” genomen met toepassing van artikel 3.2 van Bijlage 1 van Verordening (EG) nr. 714/2009 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1228/2003, van artikel 23, §2, 35° van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarktartikelen en van artikelen 180, §2, en 183, §2, van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe 18 februari 2016 INHOUDSOPGAVE I. WETTELIJK KADER .................................................................................................... 6 I.1 Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 13 juli 2009 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van Richtlijn 2003/54/EG ......................................................................... 6 I.2 Verordening (EG) nr. 714/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit en tot intrekking van verordening (EG) Nr. 1228/2003 .......................................................................................................... 7 I.3 Richtsnoeren voor congestiebeheer en toewijzing van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties tussen nationale systemen ........................ 8 I.4 De elektriciteitswet ..................................................................................................16 I.5 Het technisch reglement .........................................................................................18 I.6 VERORDENING (EU) Nr. 1227/2011 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie .............................................................................20 I.7 Verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer ........................21 II. III. ANTECEDENTEN .......................................................................................................45 II.1 Algemeen ...............................................................................................................45 II.2 Raadpleging ...........................................................................................................49 ANALYSE VAN HET ELIA VOORSTEL OVER DE TOEWIJZING VAN INTRADAY CAPACITEITEN OP DE KOPPELVERBINDINGEN BELGIË-FRANKRIJK EN BELGIËNEDERLAND ..............................................................................................................51 III.1 Voorstel van Elia .....................................................................................................51 III.2 Context ...................................................................................................................52 III.3 Europees intra-day streefmechanisme....................................................................53 III.4 Evaluatie van de expliciete FCFS-allocatie die begin 2016 ingevoerd moet worden op de Frans-Belgische grens ..................................................................................53 Niet-vertrouwelijk 2/80 III.5 Evaluatie van het bilaterale impliciete mechanisme voorgesteld op de BelgischFranse en Belgisch-Nederlandse grenzen ..............................................................56 III.6 Evaluatie van de invoering van een expliciete allocatie van de interconnectiecapaciteit op basis van FCFS in parallel met het impliciete mechanisme op de Belgisch-Franse grens .............................................................59 III.7 Evaluatie van de invoering van het voorgestelde bilaterale impliciete mechanisme op de Belgisch-Franse grens aangevuld met een “fallback” mechanisme dat wordt toegepast in geval het impliciete mechanisme niet beschikbaar is ..........................63 III.8 Vragen met betrekking tot de drie scenario's: .........................................................63 III.9 Toegang tot de grensoverschrijdende capaciteit voor de NEMO's ..........................64 IV. Antwoorden op de opmerkingen bij de publieke raadpleging .......................................66 IV.1 Reactie van Elia ......................................................................................................66 IV.1.1 Paragraaf 43 van de ontwerpbeslissing .......................................................66 IV.1.2 Paragrafen 48, 49, 70, 73 en 87 van de ontwerpbeslissing ..........................66 IV.1.3 Paragraaf 69 van de ontwerpbeslissing .......................................................67 IV.1.4 Paragraaf 80 van de ontwerpbeslissing .......................................................68 IV.1.5 Paragraaf 82 van de ontwerpbeslissing .......................................................68 IV.1.6 Paragraaf 84 van de ontwerpbeslissing .......................................................68 IV.1.7 Aanpassing van het ARP-contract ...............................................................69 IV.2 Reactie van Febeliec ..............................................................................................69 IV.3 Reactie van RWE ...................................................................................................70 IV.4 Reactie van EFET...................................................................................................70 IV.5 Reactie van UFE.....................................................................................................73 IV.6 Reactie van FEBEG ................................................................................................74 IV.7 Reactie van MPP ....................................................................................................75 IV.8 Reactie Nord Pool Spot ..........................................................................................76 V. BESLISSING ...............................................................................................................77 Bijlage 1: Elia voorstel ..........................................................................................................79 Bijlage 2: Antwoorden op de consultatie ...............................................................................80 Niet-vertrouwelijk 3/80 INLEIDING DE COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna: de CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 23, §2, 35° van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: de elektriciteitswet) en van artikelen 180, §2 en 183, §2 van het koninklijk besluit van 19 december 2002 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het technisch reglement), het voorstel van de N.V. Elia System Operator (hierna: Elia) betreffende de intraday toewijzing van capaciteit op de koppelverbindingen Frankrijk-België en Nederland-België. Het voorstel over het mechanisme voor de toewijzing van intraday capaciteit op de koppelverbinding Frankrijk-België en Nederland-België werd door Elia aan de CREG overgemaakt per brief van 13 november 2015. Het door Elia ingediende dossier bevat een beschrijving van de te gebruiken methoden (“Implémentation du marché infra-journalier sur les frontières belges"), de procedures voor expliciete toewijzing ("Règles d’Allocation des Capacités Infra-journalières sur l’Interconnexion France-Belgique (Règles IFB). Version 3.0"), twee versies van de beschrijving van de impliciete toewijzing gepland voor de tweede fase, die twee mogelijke scenario's voor het aantal gates op de grens Nederland-België Intraday Implicit Cross-Border allocation on BE-NL and BE-FR borders. Version 1.0.A") en Intraday Implicit Cross-Border allocation on BE-NL and BE-FR borders. Version 1.0.B") en een overzicht van de wijzigingen in de IFB regels in het geval van co-existentie van impliciete en expliciete toewijzingen ("Amendements à apporter aux Règles IFB 3.0 dans le cadre d’allocations implicite et explicite en parallèle pour la capacité transfrontalière infrajournalière"). Deze ontwerpbeslissing is opgesplitst in vijf delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijk kader. In het tweede deel worden de antecedenten van de ontwerpbeslissing toegelicht. Het derde deel gaat over de analyse van het voorstel. Het vierde deel bevat een samenvatting van de ontvangen opmerkingen bij de publieke raadpleging en geeft een antwoord op de aangehaalde punten. Het vijfde deel bevat de eigenlijke beslissing. Een kopie van de beschrijving van het intradaymechanisme dat Elia aan de CREG heeft voorgesteld per brief van 13 november 2015, met de hierboven beschreven elementen, evenals de antwoorden op de raadpleging zijn bij onderhavige beslissing gevoegd. Niet-vertrouwelijk 4/80 De onderhavige eindbeslissing werd door het Directiecomité van de CREG aangenomen tijdens de vergadering van 18 februari 2016. Niet-vertrouwelijk 5/80 I. WETTELIJK KADER I.1 Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 13 juli 2009 houdende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van Richtlijn 2003/54/EG 1. Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 houdende de gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot intrekking van richtlijn 2003/54/EG (hierna "richtlijn 2009/72/EG") legt in haar artikel 12.

  1. f)een algemene verplichting op volgens dewelke de netbeheerder de niet-discriminatie tussen gebruikers of categorieën van gebruikers van het net, meer bepaald ten gunste van zijn gelieerde maatschappijen, moet waarborgen. Richtlijn 2009/72/EG benadrukt in het bijzonder het principe van de niet-discriminerende toegang tot het transmissiesysteem in artikel 32.1, dat bepaalt dat de Lidstaten erop dienen toe te zien dat voor alle in aanmerking komende afnemers een systeem voor toegang van derden tot de transmissie- en distributienetten wordt ingevoerd. Dit systeem, gebaseerd op bekendgemaakte tarieven, moet objectief worden toegepast, zonder onderscheid te maken tussen systeemgebruikers. Artikel 32.2 van richtlijn 2009/72/EG bepaalt onder meer dat de transmissienetbeheerder de toegang kan weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. 2. Artikel 37.6.
  2. c)van richtlijn 2009/72/EG heeft betrekking op de taken en bevoegdheden van de regulerende instanties en bepaalt dat ze bevoegd zijn voor de vaststelling of de voldoende ruim aan de inwerkingtreding voorafgaande goedkeuring van ten minste de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake toegang tot grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. 3. Artikel 37.9 van richtlijn 2009/72/EG bepaalt dat de regulerende instanties het congestiebeheer van de nationale elektriciteitssystemen, inclusief interconnectoren, en de uitvoering van de regels inzake congestiebeheer transmissiesysteembeheerders of monitoren en dat hiertoe de marktdeelnemers hun congestiebeheersprocedures, inclusief de toewijzing van capaciteit, aan de nationale regulerende instanties ter Niet-vertrouwelijk 6/80 goedkeuring voorleggen. De nationale regulerende instanties mogen verzoeken om wijzigingen in deze procedures. 4. Artikel 37.10. bepaalt het volgende: « De regulerende instanties zijn bevoegd om zo nodig van de transmissie- en distributiesysteembeheerders te verlangen dat zij de voorwaarden wijzigen, met inbegrip van de in dit artikel bedoelde tarieven of methoden, om ervoor te zorgen dat deze evenredig zijn en op niet-discriminerende wijze worden toegepast. » 5. Artikel 38.2.
  3. c)van richtlijn 2009/72/EG bepaalt dat de regulerende instanties ten minste samenwerken op regionaal niveau om de ontwikkeling van de regels inzake congestiebeheer te coördineren. I.2 Verordening (EG) nr. 714/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel in elektriciteit en tot intrekking van verordening (EG) Nr. 1228/2003 6. De CREG herinnert eraan dat, krachtens de bepalingen van artikel 249 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, de Verordening 714/2009 een algemene draagwijdte heeft, in al zijn elementen bindend is en rechtstreeks van toepassing is in iedere Lidstaat. 7. Artikel 15.2 bepaalt dat « de door de transmissiesysteembeheerders gehanteerde veiligheids-, operationele en planningsnormen worden openbaar gemaakt. Dit omvat tevens een algemeen model voor de berekening van de totale overdrachtcapaciteit en de transmissiebetrouwbaarheidsmarge, een en ander gebaseerd op de elektrische en fysieke eigenschappen van het netwerk. Dergelijke modellen moeten door de regulerende instanties worden goedgekeurd ». 8. Artikel 16.1 preciseert dat de congestieproblemen van het netwerk worden aangepakt met niet-discriminerende, aan de markt gerelateerde oplossingen waarvan voor de marktspelers en de betrokken transmissiesysteembeheerders efficiënte economische signalen uitgaan. Bovendien bepaalt dit artikel dat de netcongestieproblemen bij voorkeur moeten worden opgelost met van transacties losstaande methodes, d.w.z. methodes waarbij geen keuze moet worden gemaakt tussen de contracten van afzonderlijke marktspelers. Niet-vertrouwelijk 7/80 9. Artikel 16.3 bepaalt dat marktspelers de beschikking krijgen over de maximale capaciteit van de interconnecties en/of de maximale capaciteit van de transmissiesystemen waarmee grensoverschrijdende stromen worden verzorgd, in overeenstemming met de voor een bedrijfszekere exploitatie van het netwerk geldende veiligheidsnormen. 10. Artikel 16.4 betreft het tijdschema van de nomineringen en de herverdeling van de ongebruikte capaciteiten. Het bepaalt dat de marktspelers de betrokken transmissiesysteembeheerders voldoende lang vóór de aanvang van de betrokken exploitatieperiode in kennis moeten stellen van hun voornemen om de toegekende capaciteit al dan niet te gebruiken. Eventueel toegewezen capaciteit die niet gaat worden benut, wordt op een open, transparante en niet-discriminerende wijze weer op de markt gebracht. 11. Artikel 16.5 van de Verordening 714/2009 bepaalt dat de transmissiesysteembeheerders, voor zover dit technisch mogelijk is, de behoeften aan capaciteit voor elektriciteitsstromen in tegengestelde richting over de overbelaste koppellijn vereffenen, teneinde de capaciteit van deze lijn maximaal te benutten. I.3 Richtsnoeren voor congestiebeheer en toewijzing van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties tussen nationale systemen 12. De bijlage 1 van de Verordening 714/2009 bevat richtsnoeren voor congestiebeheer en toewijzing van beschikbare overdrachtcapaciteit op interconnecties (koppelverbindingen) tussen nationale systemen (hierna "Richtsnoeren"). De bepalingen van deze Richtsnoeren, die relevant zijn voor onderhavige beslissing, worden hierna weergegeven. 1. ALGEMENE BEPALINGEN […] 1.5. De congestiebeheermethoden moeten doeltreffende economische signalen geven aan de marktdeelnemers en transmissiesysteembeheerders, de mededinging bevorderen en geschikt zijn om regionaal en gemeenschapsbreed te worden toegepast. 1.6. Bij congestiebeheer wordt geen onderscheid gemaakt op basis van de transactie. Een specifiek verzoek voor een transmissiedienst wordt enkel afgewezen wanneer aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan: Niet-vertrouwelijk 8/80
  4. a)de extra fysieke elektriciteitsstromen die voortvloeien uit de aanvaarding van dit verzoek hebben tot gevolg dat de veilige exploitatie van het elektriciteitssysteem niet langer kan worden gegarandeerd, en
  5. b)het met dat verzoek gemoeide bedrag aan geld in de congestiebeheerprocedure is lager dan alle andere voor aanvaarding bedoelde verzoeken om dezelfde dienst en voorwaarden. 1.7. Bij het definiëren van passende netwerkgebieden waarop en waartussen congestiebeheer van toepassing is, moeten de transmissiesysteembeheerders zich laten leiden door de beginselen van rendabiliteit en minimalisering van de negatieve gevolgen voor de interne markt voor elektriciteit. Met name mogen transmissiesysteembeheerders de interconnectiecapaciteit niet beperken om congestie binnen hun eigen controlegebied op te lossen, behalve om de hierboven vermelde redenen en redenen van operationele veiligheid

(1). Indien een dergelijke situatie zich voordoet, moeten de transmissiesysteembeheerders ze beschrijven en alle systeemgebruikers hiervan op transparante wijze in kennis stellen. Een dergelijke situatie wordt alleen getolereerd zolang geen oplossing op lange termijn is gevonden. De methoden en projecten waarmee zo’n oplossing kan worden bereikt, worden door de transmissiesysteembeheerders beschreven en op transparante wijze aan de systeemgebruikers gepresenteerd. […] 1.9. Uiterlijk op 1 januari 2008 moeten op gecoördineerde wijze en onder veilige exploitatieomstandigheden mechanismen voor het intra-dagelijks beheer van congestie van de interconnectiecapaciteit worden opgesteld teneinde zoveel mogelijk handelsopportuniteiten te scheppen en een grensoverschrijdend evenwicht tot stand te brengen. 1.10. De nationale regelgevende instanties zullen regelmatig de methoden voor congestiebeheer evalueren, waarbij zij met name aandacht zullen besteden aan de naleving van de beginselen en regels die in de verordening en de richtsnoeren zijn vastgelegd en aan de voorwaarden die de regelgevende instanties zelf hebben vastgesteld op basis van die beginselen en regels. In het kader van een dergelijke evaluatie moeten alle marktspelers worden geraadpleegd en moeten gerichte studies worden uitgevoerd. 2. METHODEN VOOR CONGESTIEBEHEER 2.1. Methoden voor congestiebeheer moeten op de markt gebaseerd zijn zodat een efficiënte grensoverschrijdende handel wordt gefaciliteerd. Daarom zal capaciteit alleen worden Niet-vertrouwelijk 9/80 toegewezen door expliciete (capaciteit) of impliciete (capaciteit en energie) veilingen. Beide methoden mogen worden gebruikt voor een en dezelfde interconnectie. Met betrekking tot intra-day handel is continuhandel mogelijk. […] 2.3. Bij elke procedure voor capaciteitstoewijzing wordt een voorgeschreven gedeelte van de beschikbare interconnectiecapaciteit toegewezen, alsook de resterende capaciteit die niet eerder is toegewezen en alle capaciteit die is vrijgegeven door de begunstigden van eerdere toewijzingen. […] 2.6. De transmissiesysteembeheerders stellen een passende structuur vast voor de toewijzing van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken. Hierin kan een optie zijn opgenomen om een minimumpercentage aan interconnectiecapaciteit te reserveren voor dagelijkse of "intra-day"-toewijzing. Deze toewijzingsstructuur moet worden beoordeeld door de respectievelijke regelgevende instanties. Bij het opstellen van hun voorstellen houden de transmissiesysteembeheerders rekening met:
  1. a)de kenmerken van de markten;
  2. b)de exploitatieomstandigheden, zoals de gevolgen van de vereffening van vaste programma's;
  3. c)het niveau van harmonisering van de percentages en tijdsbestekken die zijn goedgekeurd voor de verschillende geldende mechanismen voor de toewijzing van capaciteit. 2.7. Bij de toewijzing van capaciteit mag geen onderscheid worden gemaakt tussen marktdeelnemers die gebruik maken van hun recht om bilaterale leveringscontracten te sluiten en zij die een bod te doen op een energiebeurs. De capaciteit wordt toegewezen aan het hoogste bod, ongeacht of het een impliciet of expliciet bod binnen een gegeven tijdsbestek is. […] 2.11. Voor elk tijdsbestek vindt er door de marktdeelnemers vaste nominatie plaats van hun capaciteitsgebruik bij de transmissiesysteembeheerders binnen een vastgestelde uiterste termijn. Deze Niet-vertrouwelijk uiterste termijn wordt zodanig vastgesteld dat de 10/80 transmissiesysteembeheerders in staat zijn ongebruikte capaciteit opnieuw toe te wijzen voor gebruik in het volgende relevante tijdsbestek, zelfs binnen een en dezelfde dag. […] 2.13. De financiële gevolgen van het niet naleven van verplichtingen in verband met de toewijzing van capaciteit komen ten laste van degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn. Wanneer marktdeelnemers geen gebruik maken van de capaciteit waartoe ze zich verbonden hebben of, in het geval van expliciet geveilde capaciteit, deze niet verhandelen op secundaire basis of tijdig teruggeven, verliezen ze de rechten op die capaciteit en zijn ze een op de kosten gebaseerde vergoeding verschuldigd. Deze op de kosten gebaseerde vergoedingen voor het niet gebruiken van capaciteit dienen gerechtvaardigd en proportioneel te zijn. Wanneer een transmissiesysteembeheerder zijn verplichting niet nakomt, dient hij de marktdeelnemer te vergoeden voor het verlies van de capaciteitsrechten. Met andere verliezen die het gevolg zijn van het verlies van capaciteitsrechten wordt geen rekening gehouden. De belangrijkste concepten en methoden voor het vaststellen van de aansprakelijkheid voor het niet naleven van de verplichtingen worden van tevoren uiteengezet voor wat de financiële gevolgen betreft, en dienen te worden beoordeeld door de relevante nationale regelgevende instantie(s). […] 3. COÖRDINATIE 3.1. De betrokken transmissiesysteembeheerders coördineren en implementeren de toewijzing van interconnectiecapaciteit aan de hand van gemeenschappelijke toewijzingsprocedures. Wanneer verwacht wordt dat de handel tussen twee landen (transmissiesysteembeheerders) een aanzienlijke invloed zal hebben op de fysieke stroom van elektriciteit in een derde land (transmissiesysteembeheerder), coördineren de betrokken transmissiesysteembeheerders hun congestiebeheermethodes via een gemeenschappelijke congestiebeheerprocedure. De nationale regelgevende instanties en de transmissiesysteembeheerders zien erop toe dat geen congestiebeheerprocedure unilateraal wordt opgezet die aanzienlijke gevolgen heeft voor de fysieke elektriciteitsstromen in andere netwerken. 3.2. Uiterlijk op 1 januari 2007 moet tussen landen in de volgende gebieden een gemeenschappelijke congestiebeheermethode en -procedure voor toewijzing van capaciteit aan de markt worden opgezet, en dit minstens voor de jaar-, maand- en "day-ahead"toewijzing: Niet-vertrouwelijk 11/80
  4. a)Noord-Europa (Denemarken, Zweden, Finland, Duitsland en Polen),
  5. b)Noordwest-Europa (Benelux, Duitsland en Frankrijk),
  6. c)Italië (d.w.z. Italië, Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk, Slovenië en Griekenland),
  7. d)Centraal Oost-Europa (Duitsland, Polen, Tsjechië, Slowakije, Hongarije, Oostenrijk en Slovenië),
  8. e)Zuidwest-Europa (Spanje, Portugal en Frankrijk),
  9. f)VK, Ierland en Frankrijk,
  10. g)de Baltische staten (Estland, Letland en Litouwen). In geval van een interconnectie waarbij tot meerdere gebieden behorende landen betrokken zijn mag een andere congestiebeheermethode worden gebruikt ter verzekering van verenigbaarheid met de methoden die worden toegepast in de andere gebieden waartoe genoemde landen behoren. In dat geval stellen de betreffende transmissiesysteembeheerders de methode voor die ter beoordeling aan de betreffende regelgevende instanties zal worden voorgelegd. […] 3.4. In de zeven bovenvermelde gebieden worden verenigbare congestiebeheerprocedures vastgesteld om een volledig geïntegreerde interne Europese elektriciteitsmarkt tot stand te brengen. De marktpartijen mogen niet worden geconfronteerd met onverenigbare regionale systemen. 3.5. Ter bevordering van eerlijke en doeltreffende mededinging en grensoverschrijdende handel, dient de in punt 2 beschreven coördinatie tussen de transmissiesysteembeheerders binnen de gebieden alle stappen te bestrijken, gaande van capaciteitsberekening en optimalisering van toewijzing tot veilige exploitatie van het netwerk, en worden de verantwoordelijkheden duidelijk verdeeld. Deze coördinatie heeft met name betrekking op:
  11. a)het gebruik van een gemeenschappelijk transmissiemodel dat doeltreffend omspringt met fysieke loop-flows en rekening houdt met de verschillen tussen fysieke en commerciële stromen;
  12. b)de toewijzing en nominering van capaciteit om doeltreffend om te springen met onderling afhankelijke fysieke loop-flows; Niet-vertrouwelijk 12/80
  13. c)het gelijktrekken van de verplichtingen van capaciteithouders om informatie te verstrekken over het geplande gebruik van de capaciteit, d.w.z. de nominering van capaciteit (voor expliciete veilingen);
  14. d)identieke tijdsbestekken en sluitingstijden;
  15. e)identieke structuren voor de toewijzing van capaciteit tussen verschillende tijdsbestekken (bv. 1 dag, 3 uren, 1 week enz.) en in termen van verkochte capaciteitsblokken (hoeveelheid elektriciteit in MW, MWh enz.);
  16. f)consequentheid wat het kader voor contracten met marktdeelnemers betreft;
  17. g)de verificatie van de stromen om te voldoen aan de eisen inzake netwerkbeveiliging voor operationele planning en real-time exploitatie;
  18. h)de verrekening en de uitvoering van maatregelen inzake congestiebeheer. […] 4. TIJDSCHEMA VOOR MARKTOPERATIES […] 4.2. De nominering van transmissierechten dient, met volle aandacht voor de netwerkveiligheid, lang genoeg van tevoren plaats te vinden, en wel vóór de "day-ahead"sessies van alle relevante georganiseerde markten en vóór de bekendmaking van de capaciteit die zal worden toegewezen op basis van het "day-ahead"- of het "intra-day"toewijzingsmechanisme. Om doeltreffend gebruik te maken van de interconnectie worden nomineringen van transmissierechten in de omgekeerde richting vereffend. 4.3. Opeenvolgende "intra-day"-toewijzingen van beschikbare transmissiecapaciteit voor dag D vinden plaats op de dagen D-1 en D, na bekendmaking van de geraamde of werkelijke "day-ahead"-productieschema's. […] 5. TRANSPARANTIE 5.1. Transmissiesysteembeheerders publiceren alle relevante gegevens met betrekking tot de beschikbaarheid van het netwerk, de netwerktoegang en het netwerkgebruik, inclusief een verslag waarin wordt nagegaan waar en waarom er sprake is van congestie, welke Niet-vertrouwelijk 13/80 methoden worden toegepast om de congestie te beheren en welke plannen er bestaan voor congestiebeheer in de toekomst. 5.2. Transmissiesysteembeheerders publiceren een algemene beschrijving van de congestiebeheermethoden die in diverse omstandigheden worden toegepast om zoveel mogelijk capaciteit ter beschikking te stellen van de markt, alsook een algemeen systeem voor de berekening van de interconnectiecapaciteit voor de verschillende tijdsbestekken, gebaseerd op de werkelijke elektrische en fysieke toestand van het netwerk. Een dergelijk systeem moet door de regulerende instanties van de lidstaten worden beoordeeld. 5.3. De toegepaste procedures voor congestiebeheer en capaciteitstoewijzing, de tijdstippen en procedures voor het aanvragen van capaciteit, een beschrijving van de aangeboden producten en de rechten en plichten van transmissiesysteembeheerders en van de partijen die de capaciteit verkrijgen, inclusief de aansprakelijkheid bij niet naleving van deze plichten, moeten nauwkeurig door de transmissiesysteembeheerders worden beschreven en op transparante wijze aan alle potentiële netwerkgebruikers worden meegedeeld. […] 5.5. De transmissiesysteembeheerders dienen alle relevante gegevens betreffende grensoverschrijdende handel te publiceren op basis van de best mogelijke voorspelling. De betrokken marktdeelnemers verschaffen de transmissiesysteembeheerders de nodige informatie, zodat die aan hun verplichting kunnen voldoen. De wijze waarop deze informatie wordt gepubliceerd moet ter beoordeling aan de regelgevende instanties worden voorgelegd. De transmissiesysteembeheerders moeten minstens de volgende gegevens publiceren:
  19. a)jaarlijks: informatie over de langetermijnevolutie van de transmissie-infrastructuur en het effect ervan op de grensoverschrijdende transmissiecapaciteit;
  20. b)maandelijks: maand- en jaarvoorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit, rekening houdend met alle relevante informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de voorspelling (bv. de gevolgen van zomer en winter op de capaciteit van de lijnen, onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden enz.);
  21. c)wekelijks: voorspellingen van de voor de markt beschikbare transmissiecapaciteit voor de komende week, rekening houdend met alle informatie waarover de transmissiesysteembeheerder beschikt op het ogenblik van de berekening van de Niet-vertrouwelijk 14/80 voorspelling, zoals de weersvoorspelling, gepland onderhoud aan het net, beschikbaarheid van productie-eenheden enz.;
  22. d)dagelijks: voor de markt beschikbare "day-ahead"- en "intra-day"-transmissiecapaciteit voor elke tijdseenheid van de markt, rekening houdend met alle vereffende "day-ahead"nomineringen, "day-ahead"-productieschema's, vraagprognoses en gepland onderhoud aan het net;
  23. e)totale reeds toegewezen capaciteit per tijdseenheid van de markt en alle relevante omstandigheden waarin deze capaciteit kan worden gebruikt (bv. de toewijzingsprijs op de veiling, de verplichtingen inzake de wijze waarop de capaciteit moet worden gebruikt enz.), teneinde alle resterende capaciteit te identificeren;
  24. f)de toegewezen capaciteit, zo snel mogelijk na elke toewijzing, en een indicatie van de betaalde prijs;
  25. g)de totale gebruikte capaciteit, per tijdseenheid van de markt, onmiddellijk na de nominering;
  26. h)zo dicht mogelijk bij de werkelijke tijd: verzamelde informatie over gerealiseerde commerciële en fysieke stromen, per tijdseenheid van de markt, inclusief een beschrijving van de effecten van eventuele corrigerende maatregelen (zoals beperking) die door de transmissiesysteembeheerders zijn genomen om problemen met het systeem of netwerk op te lossen;
  27. i)informatie vooraf over geplande uitval en verzamelde informatie achteraf over geplande en niet-geplande uitval die de vorige dag heeft plaatsgevonden in opwekkingseenheden van meer dan 100 MW. 5.6. De markt moet tijdig over alle relevante informatie beschikken om over alle transacties te kunnen onderhandelen (industriële klanten moeten bijvoorbeeld tijdig kunnen onderhandelen over jaarcontracten en biedingen moeten tijdig naar georganiseerde markten worden gestuurd). 5.7. De transmissiesysteembeheerder moet de relevante informatie over de voorspelde vraag en opwekking publiceren volgens de in de punten 5.5 en 5.6 vermelde tijdschema's. De transmissiesysteembeheerder moet ook de relevante informatie publiceren die nodig is voor de grensoverschrijdende vereffeningsmarkt. Niet-vertrouwelijk 15/80 5.8. Wanneer de voorspellingen zijn gepubliceerd, moeten ook de ex-post gerealiseerde waarden voor de informatie over de voorspelling worden gepubliceerd in de tijdsperiode die volgt op die waarop de voorspelling betrekking heeft of ten laatste op de volgende dag (D+1). 5.9. Alle door de transmissiesysteembeheerders gepubliceerde informatie moet gratis ter beschikking worden gesteld in een gemakkelijk toegankelijk formaat. Het moet ook mogelijk zijn om via adequate en genormaliseerde middelen voor informatie-uitwisseling, die in nauwe samenwerking met de marktpartijen worden vastgesteld, toegang te krijgen tot alle gegevens. De gegevens omvatten informatie over voorbije tijdsperiodes, en minstens over de voorbije twee jaar, zodat nieuwe marktdeelnemers ook toegang hebben tot dergelijke gegevens. […] I.4 De elektriciteitswet 13. Artikel 8, § 1, 11° van de wet bepaalt dat de netbeheerder onder meer met de volgende taak wordt belast: het publiceren van normen voor het plannen, uitbaten en de veiligheid die worden aangewend, met inbegrip van een algemeen plan voor de berekening van het totale transfertvermogen en de betrouwbaarheidsmarge van de transmissie op basis van de elektrische en fysische karakteristieken van het net. 14. Artikel 8, § 2 van de wet bepaalt het volgende: “Overeenkomstig zijn maatschappelijk doel, kan de netbeheerder elke andere activiteit uitoefenen op of buiten het Belgisch grondgebied, onverminderd de bepalingen van artikel 9, § 1. Onder voorbehoud van overleg met de Gewesten, kan de netbeheerder een gecombineerd transmissie- en distributienet exploiteren en ook activiteiten uitoefenen die onder meer bestaan uit diensten voor de exploitatie, het onderhoud, de verbetering, de vernieuwing, de uitbreiding en/of het beheer van lokale, regionale transmissie- en/of distributienetten met een spanningsniveau van 30 kV tot 70 kV. Hij kan deze activiteiten, met inbegrip van handelsactiviteiten, rechtstreeks uitoefenen of via deelnemingen in publieke of private instellingen, vennootschappen of verenigingen die reeds bestaan of nog opgericht zullen worden. Deze werkzaamheden mogen slechts worden uitgeoefend, hetzij rechtstreeks hetzij door participatiedeelnames, indien zij geen negatieve invloed hebben op de onafhankelijkheid van de netbeheerder of op het vervullen van de taken die hem bij de wet zijn toevertrouwd. De netbeheerder deelt deze rechtsreeks of via participatiedeelnemingen uitgeoefende werkzaamheden mee aan de commissie, evenals elke wijziging die erop betrekking heeft. De netbeheerder stelt nalevingsregels op met de genomen maatregelen die ertoe trekken ook Niet-vertrouwelijk 16/80 discriminerend gedrag uit te sluiten en draagt er zorg voor dat er adequaat toezicht wordt gehouden op de toepassing ervan.” 15. Artikel 15, § 1 van dezelfde wet bepaalt dat de in aanmerking komende afnemers een recht van toegang tot het transmissienet hebben tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12 en dat de netbeheerder de toegang alleen kan weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt, of wanneer deze toegang de behoorlijke uitvoering van een openbare dienstverplichting in het algemeen economisch belang ten zijne laste zou verhinderen en voor zover de ontwikkeling van de uitwisselingen niet wordt beïnvloed in een mate die strijdig is met de belangen van de Europese Gemeenschap. De belangen van de Europese Gemeenschap omvatten, onder meer, de mededinging met betrekking tot de in aanmerking komende afnemers overeenkomstig Richtlijn 2009/72/EG en artikel 106 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. 16. Artikel 23, §2, 9° van de wet bepaalt dat de CREG de toepassing van het technisch reglement controleert en de documenten goedkeurt die door dit reglement worden beoogd, met name met betrekking tot de voorwaarden voor de aansluiting en de toegang tot het transmissienet. 17. Artikel 23, §2, 26° bepaalt dat de CREG moet « toezien op de implementering van de regels betreffende de functies en verantwoordelijkheden van de netbeheerder, van de leveranciers, de eindafnemers en de andere marktpartijen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 714/2009 »; 18. Artikel 23, §2, 35° bepaalt dat de CREG, op voorstel van de netbeheerder, de methoden goedkeurt die gebruikt zijn om de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuren mogelijk te maken, met inbegrip van de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. Deze methoden zijn transparant en niet-discriminerend. De commissie publiceert de goedgekeurde methoden op haar website; 19. Artikel 23, §2, 36° bepaalt dat de CREG moet « toezien op het congestiebeheer van het transmissienet, met inbegrip van de interconnecties, en de invoering van de regels voor het congestiebeheer. De commissie brengt de Algemene Directie Energie hiervan op de hoogte. De netbeheerder dient bij de commissie, ten behoeve van dit punt, zijn ontwerp van regels voor congestiebeheer in, met inbegrip van de toewijzing van capaciteit. De commissie kan hem op een met redenen omklede wijze verzoeken om zijn regels te wijzigen, met inachtneming van de congestieregels die werden vastgelegd door de buurlanden waarvan de interconnectie betrokken is en in samenspraak met het ACER »; Niet-vertrouwelijk 17/80 20. Artikel 23, §2, 38° bepaalt dat de CREG het algemeen plan goedkeurt voor de berekening van de totale overdrachtcapaciteit en van de betrouwbaarheidsmarge van de transmissie vanuit elektrische en fysische kenmerken van het net dat gepubliceerd wordt door de netbeheerder met toepassing van artikel 8, § 1, derde lid, 11° »; I.5 Het technisch reglement 21. Artikel 180, §1 van het technisch reglement bepaalt dat de netbeheerder op niet- discriminerende en transparante wijze de methodes voor het beheer van congestie die door hem zijn toegepast, moet bepalen. Artikel 180, §2, preciseert dat de methodes voor congestiebeheer, alsook de veiligheidsregels, ter goedkeuring aan de CREG ter kennis gebracht moeten worden en gepubliceerd moeten worden overeenkomstig artikel 26. Overeenkomstig artikel 180, §3, van het technisch reglement moet de netbeheerder er, bij de uitvaardiging en de inwerkingstelling van deze methoden, inzonderheid op toezien om: 1) zoveel mogelijk rekening te houden met de richting van de elektriciteitsstromen en in het bijzonder wanneer de energie-uitwisselingen effectief de congestie doen verminderen; 2) zoveel mogelijk betekenisvolle invloeden te vermijden op de elektriciteitsstromen in andere netten; 3) problemen van congestie op het net op te lossen bij voorkeur met methoden die geen selectie tussen de energie-uitwisselingen van de verschillende toegangsverantwoordelijken inhouden; 4) geschikte economische signalen te geven aan de betrokken netgebruikers. Overeenkomstig artikel 180, §4, van het technisch reglement moeten deze methoden van congestiebeheer onder meer gebaseerd zijn op: 1) veilingen van de beschikbare capaciteit; 2) de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de regelzone en/of, middels akkoord met de buitenlandse netbeheerder(s), door de gecoördineerde inschakeling van productie-eenheden aangesloten op de betrokken buitenlandse regelzone(s). 22. Krachtens artikel 181, §1, van het technische reglement hebben de methodes voor congestiebeheer onder meer als doel om: Niet-vertrouwelijk 18/80 1) elke beschikbare capaciteit aan de markt ter beschikking te stellen volgens transparante en niet-discriminerende methoden via, in voorkomend geval, veilingen waarin de capaciteiten kunnen worden verkocht met verschillende duurtijden en met verschillende karakteristieken (bijvoorbeeld wat betreft de verwachte betrouwbaarheid van de betreffende beschikbare capaciteit); 2) de beschikbare capaciteit in een serie verkopen aan te bieden die op een verschillende tijdsbasis gehouden kunnen worden; 3) bij elk van deze veilingen een bepaald gedeelte van de beschikbare capaciteit aan te bieden, met inbegrip van alle overblijvende capaciteiten die niet toegekend werden bij de vorige verkopen; 4) de commercialisering van de aangeboden capaciteit toe te laten. Artikel 181, §2, bepaalt dat de methodes voor congestiebeheer, in noodsituaties, een beroep kunnen doen op de onderbreking van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen, overeenkomstig op voorhand vastgestelde prioriteitsregels. Deze prioriteitsregels worden ter kennis gegeven aan de commissie en gepubliceerd overeenkomstig artikel 26 van dit besluit. Paragraaf 3 preciseert dat, voor wat betreft de methodes voor congestiebeheer tussen de regelzones, de netbeheerder overleg dient te plegen met de netbeheerders van de betrokken buitenlandse regelzones. 23. Volgens artikel 183, §1, van het technisch reglement waakt de netbeheerder over de uitvoering van één of meer methodes voor de toekenning van de beschikbare capaciteit aan de toegangsverantwoordelijken van energie-uitwisselingen met de buitenlandse netten. Volgens artikel 183, §2, van het technisch reglement zijn deze methodes transparant en nietdiscriminerend. Zij worden aan de CREG ter goedkeuring ter kennis gebracht en gepubliceerd overeenkomstig artikel 26 van het technisch reglement. Ten slotte voegt artikel 183, §3, van het technisch reglement eraan toe dat deze methodes tot doel hebben het gebruik van de capaciteit van het net te optimaliseren, overeenkomstig artikel 179. 24. Overeenkomstig artikel 184 van het technisch reglement beogen de methodes van toekenning van capaciteit onder meer: Niet-vertrouwelijk 19/80 1) in de mate van het mogelijke elk verschil in behandeling te minimaliseren bij het beheer van een congestie, tussen de verschillende soorten van grensoverschrijdende energie-uitwisselingen door fysieke wederkerige overeenkomsten of aanbiedingen op georganiseerde buitenlandse markten; 2) elke ongebruikte capaciteit aan andere marktdeelnemers ter beschikking te stellen; 3) de precieze voorwaarden van de garantiegraad van de aan de marktdeelnemers ter beschikking gestelde capaciteit te bepalen. I.6 VERORDENING (EU) Nr. 1227/2011 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie 25. Krachtens Verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie (ook REMIT-Verordening genoemd, hierna: Verordening 1227/2011), is het verboden zich in te laten, of te pogen zich in te laten, met marktmanipulatie van de groothandelsmarkten voor energie (artikel 5). Een van de vormen van marktmanipulatie is de uitvoering van een transactie of de plaatsing van een order voor de handel in een voor de groothandel bestemd energieproduct “waarbij gebruik wordt gemaakt van of gepoogd wordt gebruik te maken van een oneigenlijke constructie of enigerlei andere vorm van bedrog of misleiding, waarmee onjuiste of misleidende signalen met betrekking tot de levering van, de vraag naar of de prijs van een voor de groothandel bestemd energieproduct worden afgegeven of waarschijnlijk worden afgegeven” (artikel 2.2.a.iii en 2.3.a.iii). Dit zou immers een hindernis kunnen vormen bij de aanvaarding van transacties tegen vooraf overeengekomen prijzen. 26. Artikel 2.2.a.ii beschrijft marktmanipulatie ook als het aangaan van een transactie of het plaatsen van een handelsorder met betrekking tot een voor de groothandel bestemd energieproduct “waarbij één of meer personen samenwerken om de prijs van één of meerdere voor de groothandel bestemde energieproducten op een kunstmatig niveau te houden, of pogen dat te doen, tenzij de persoon die de transactie is aangegaan of de handelsorders heeft geplaatst, aantoont dat zijn beweegredenen om de betreffende transactie aan te gaan of de handelsorder te plaatsen, gerechtvaardigd en in overeenstemming zijn met de gebruikelijke marktpraktijken op de desbetreffende groothandelsmarkt voor energie”. Niet-vertrouwelijk 20/80 I.7 Verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer 27. De verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer (hierna: Verordening 2015/1222) dekt het intraday tijdsbestek van het congestiebeheer. De artikels met betrekking tot de capaciteitstoewijzing, die relevant zijn voor onderhavige beslissing, worden hieronder overgenomen. Overwegende hetgeen volgt: …
(3)Bij Verordening (EG) nr. 714/2009 zijn niet-discriminerende regels vastgesteld voor voorwaarden voor toegang tot het net voor de grensoverschrijdende handel in elektriciteit, met name regels betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer voor interconnecties en transmissiesystemen die een effect hebben op grensoverschrijdende elektriciteitsstromen. Om vooruitgang in de richting van een daadwerkelijk geïntegreerde elektriciteitsmarkt te boeken, moeten de huidige regels inzake capaciteitstoewijzing, congestiebeheer en handel in elektriciteit verder worden geharmoniseerd. Bij deze verordening worden derhalve minimale geharmoniseerde regels voor de uiteindelijke eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling vastgesteld teneinde te zorgen voor een duidelijk rechtskader voor een efficiënt en modern systeem voor capaciteitstoewijzing en congestiebeheer, waarbij elektriciteitshandel in de hele Unie wordt vergemakkelijkt, het netwerk efficiënter wordt gebruikt en concurrentie wordt gestimuleerd ten bate van de consument.
(4)Om eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling tot stand te brengen, moet de beschikbare grensoverschrijdende capaciteit op een gecoördineerde wijze door de transmissiesysteembeheerders (hierna „TSB's”) worden berekend. Met dat doel moeten zij een gemeenschappelijk netwerkmodel opstellen, met inbegrip van ramingen inzake elektriciteitsproductie, basislast en netwerkstatus voor elk uur. De beschikbare capaciteit moet normaliter worden berekend aan de hand van de zogenaamde stroomgebaseerde berekeningsmethode, een methode die er rekening mee houdt dat elektriciteit via verschillende routes kan stromen en die de beschikbare capaciteit in onderling sterk afhankelijke netwerken optimaliseert. De beschikbare grensoverschrijdende capaciteit is één van de belangrijke inputs voor het verdere berekeningsproces, waarin alle op de Niet-vertrouwelijk 21/80 elektriciteitsbeurzen verzamelde biedingen en aanbiedingen in de Unie met elkaar in evenwicht worden gebracht („matching”) en er op economisch optimale wijze rekening wordt gehouden met de beschikbare grensoverschrijdende capaciteit. Door eenvormige dayahead- en intradaykoppeling wordt gewaarborgd dat elektriciteit doorgaans stroomt van gebieden met lage naar gebieden met hoge prijzen.
(5)De marktkoppelingsbeheerder („market coupling operator” — hierna „MCO”) gebruikt een specifiek algoritme om biedingen en aanbiedingen optimaal te matchen. De resultaten van de berekening moeten op niet-discriminerende basis aan alle elektriciteitsbeurzen ter beschikking worden gesteld. Op basis van de resultaten van de MCO- berekening lichten de elektriciteitsbeurzen hun cliënten in over succesvolle biedingen en aanbiedingen. De energie wordt vervolgens over het netwerk getransporteerd overeenkomstig de resultaten van de MCO-berekening. De processen voor eenvormige day-ahead- en voor eenvormige intradaykoppeling zijn vergelijkbaar, met dat verschil dat voor de intradaykoppeling een continu proces gedurende de gehele dag moet worden gebruikt, terwijl bij dayaheadkoppeling gebruik wordt gemaakt van één enkele berekening.
(7)Voor het berekenen van de zoneoverschrijdende capaciteit zijn er twee aanvaardbare methoden: de stroomgebaseerde aanpak en de aanpak op basis van gecoördineerde nettotransmissiecapaciteit. De stroomgebaseerde aanpak moet worden gebruikt als basismethode voor de berekening van de day-ahead- en intradaycapaciteit in regio's waar de zoneoverschrijdende capaciteit tussen biedzones een sterke onderlinge afhankelijkheid kent. Die stroomgebaseerde aanpak mag pas worden ingevoerd als de marktdeelnemers zijn geraadpleegd en zij voldoende voorbereidingstijd hebben gekregen om een soepele overgang mogelijk te maken. De aanpak op basis van gecoördineerde nettotransmissiecapaciteit dient uitsluitend te worden toegepast in regio's waar de zoneoverschrijdende capaciteit minder onderling afhankelijk is en waar de stroomgebaseerde aanpak aantoonbaar geen meerwaarde biedt.
(11)Biedzones die de spreiding van vraag en aanbod weerspiegelen, zijn een hoeksteen van de marktgebaseerde elektriciteitshandel en zijn een voorwaarde voor de verwezenlijking van het volledige potentieel van capaciteitstoewijzingsmethoden, inclusief de stroomgebaseerde methode. De biedzones moeten daarom zodanig worden vastgesteld dat een efficiënt congestiebeheer en een doeltreffende algemene marktwerking zijn gewaarborgd. De biedzones kunnen vervolgens worden aangepast door deze te splitsen of samen te voegen, dan wel de grenzen van de zones te wijzigen. De biedzones moeten voor alle markttijdsbestekken identiek zijn. Het in deze verordening omschreven proces van herziening van de biedzoneconfiguraties zal een belangrijke rol spelen bij de identificatie van Niet-vertrouwelijk 22/80 de structurele knelpunten en zal een efficiëntere afbakening van de biedzones mogelijk maken.
(13)Capaciteit moet binnen de tijdsbestekken voor day-ahead- en intradaymarkten worden toegewezen door middel van impliciete toewijzingsmethoden, met name methoden waarbij elektriciteit en capaciteit gezamenlijk worden toegewezen. In het geval van eenvormige dayaheadkoppeling moet deze methode bestaan uit impliciete veilingen en in het geval van eenvormige intradaykoppeling uit continue impliciete toewijzingen. De methode van impliciete veilingen moet gebaseerd zijn op een effectieve en tijdige wisselwerking tussen TSB's, elektriciteitsbeurzen en een reeks andere partijen, zodat is gewaarborgd dat de capaciteitstoewijzing en het congestiebeheer op efficiënte wijze verlopen.
(22)Er moet een betrouwbare tarifering van transmissiecapaciteit voor het tijdsbestek van intradaymarkten worden ingevoerd, dat rekening houdt met congestie in het geval van schaarse capaciteit.
(33)Deze verordening vult bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009 aan overeenkomstig de in artikel 16 van die verordening vastgelegde beginselen. Artikel 1 Onderwerp en toepassingsgebied 1. Bij deze verordening worden gedetailleerde richtsnoeren inzake zoneoverschrijdende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer op de day-ahead- en intradaymarkten vastgesteld, met inbegrip van eisen voor de vaststelling van gemeenschappelijke methodologieën voor het bepalen van de capaciteitsvolumes die simultaan in verschillende biedzones beschikbaar zijn, criteria voor de evaluatie van de efficiëntie en een herzieningsproces voor de vaststelling van biedzoneconfiguraties. 2. Deze verordening is van toepassing op alle transmissiesystemen en interconnecties in de Unie, met uitzondering van transmissiesystemen op eilanden die niet door middel van interconnecties met andere transmissiesystemen zijn verbonden. Artikel 2 Definities 9. „stroomgebaseerde aanpak”: een capaciteitsberekeningsmethode waarbij uitwisseling van energie tussen biedzones beperkt is door vermogensoverdrachtverdelingsfactoren en beschikbare marges in kritische netwerkelementen; Niet-vertrouwelijk 23/80 20. „matching”: de handelsmodus waarbij verkooporders worden toegewezen aan bijpassende kooporders teneinde maximalisering van de economische meerwaarde voor de eenvormige day-ahead- of intradaykoppeling te waarborgen; 29. „continumatchingalgoritme”: het algoritme dat bij de eenvormige intradaykoppeling wordt gebruikt om op continue wijze orders te matchen en zoneoverschrijdende capaciteit toe te wijzen; 37. „tijdsbestek voor intradaymarkten”: het tijdsbestek van de elektriciteitsmarkt na de gateopeningstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt en vóór de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt waarin voor elke markttijdseenheid producten worden verhandeld voorafgaand aan de levering van de verhandelde producten; 38. „gate-openingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt”: het tijdstip waarop zoneoverschrijdende capaciteit tussen biedzones wordt vrijgegeven voor een bepaalde markttijdseenheid en een bepaalde biedzonegrens; 39.„gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt”: het tijdstip waarop zoneoverschrijdende capaciteitstoewijzing voor een bepaalde markttijdseenheid niet meer is toegestaan; 40. „capaciteitsbeheersmodule”: een systeem waarin up-to-date-informatie over de beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit beschikbaar is met het oog op de toewijzing van zoneoverschrijdende intradaycapaciteit; 41. „niet-standaard-intradayproduct”: een product voor continue intradaykoppeling dat ofwel niet bestemd is voor constante energielevering ofwel bestemd is voor een periode van meer dan één markttijdseenheid en dat over specifieke kenmerken beschikt die bedoeld zijn om systeembeheerspraktijken of marktbehoeften weer te geven, bijvoorbeeld orders die betrekking hebben op meerdere markttijdseenheden of producten waarin aanloopkosten van productie-eenheden worden doorberekend; Artikel 3 Doelstellingen van samenwerking op het gebied van capaciteitstoewijzing en congestiebeheer Met deze verordening worden de volgende doelstellingen nagestreefd:
  1. a)bevorderen van doeltreffende concurrentie bij de opwekking en levering van elektriciteit alsmede de handel in elektriciteit; Niet-vertrouwelijk 24/80
  2. b)waarborgen van een optimaal gebruik van de transmissie-infrastructuur;
  3. c)waarborgen van de operationele veiligheid;
  4. d)optimaliseren van de berekening en toewijzing van zoneoverschrijdende capaciteit;
  5. e)waarborgen van de niet-discriminerende behandeling van TSB's, NEMO's, het Agentschap, regulerende instanties en marktdeelnemers;
  6. f)waarborgen en verbeteren van de transparantie en betrouwbaarheid van gegevens;
  7. g)bijdragen tot de efficiënte langetermijnexploitatie en -ontwikkeling van het elektriciteitstransmissiesysteem en de elektriciteitssector in de Unie;
  8. h)rekening houden met de behoefte aan een billijke en ordelijke markt en prijsvorming;
  9. i)creëren van een gelijk speelveld voor NEMO's;
  10. j)zorgen voor niet-discriminerende toegang tot zoneoverschrijdende capaciteit. Artikel 7 Taken van NEMO’s 1. De NEMO's treden op als marktbeheerders op nationale of regionale markten om in samenwerking met de TSB's eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling uit te voeren. Hun taken omvatten het in ontvangst nemen van orders van marktdeelnemers, het opnemen van de algemene verantwoordelijkheid voor het matchen en toewijzen van orders in overeenstemming met de resultaten van de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling, het bekendmaken van prijzen en het clearen en afwikkelen van contracten die resulteren uit de transacties overeenkomstig de relevante overeenkomsten en voorschriften van de marktdeelnemers. Wat de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling betreft, zijn de NEMO's met name verantwoordelijk voor de volgende taken: a. het ten uitvoer leggen van de in lid 2 bedoelde MCO-functies in coördinatie met andere NEMO's; b. het gezamenlijk vaststellen van de eisen voor de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling, de eisen voor de MCO-functies en het prijskoppelingsalgoritme, met betrekking tot alle kwesties die verband houden met de werking van de elektriciteitsmarkten, overeenkomstig lid 2 van dit artikel en de artikelen 36 en 37; c. het vaststellen van de maximum- en minimumprijzen, overeenkomstig de artikelen 41 en 54; Niet-vertrouwelijk 25/80 d. het anoniem maken en delen van de ontvangen orderinformatie die vereist is voor de uitoefening van de MCO-functies als bedoeld in lid 2 van dit artikel en in de artikelen 40 en 53; e. het evalueren van de resultaten als berekend op basis van de in lid 2 van dit artikel bedoelde MCO-functies, het toewijzen van de orders op basis van deze resultaten, het definitief valideren van deze resultaten wanneer zij correct worden geacht, en het nemen van verantwoordelijkheid voor die resultaten, overeenkomstig de artikelen 48 en 60; f. het informeren van de marktdeelnemers over de resultaten van hun orders, overeenkomstig de artikelen 48 en 60; g. het optreden als centrale tegenpartijen voor de clearing en afwikkeling van de uitwisseling van energie, resulterend uit de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling, overeenkomstig artikel 68, lid 3; h. het gezamenlijk met de relevante NEMO's en TSB's vaststellen van back-upprocedures voor de nationale of regionale marktwerking, overeenkomstig artikel 36, lid 3, wanneer geen resultaten beschikbaar zijn van de MCO-functies overeenkomstig artikel 39, lid 2, rekening houdend met de reserveprocedures als bedoeld in artikel 44; i. het gezamenlijk verstrekken van kostenprognoses en kosteninformatie met betrekking tot de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling aan de bevoegde regulerende instanties en de TSB's wanneer de NEMO-kosten voor de vaststelling, wijziging en uitvoering van eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling moeten worden gedekt door de bijdrage van de betrokken TSB's, overeenkomstig de artikelen 75 tot en met 77 en artikel 80; j. in voorkomend geval en overeenkomstig de artikelen 45 en 57, het coördineren met TSB's van de vaststelling van regelingen betreffende meer dan één NEMO binnen een biedzone en het uitvoeren van eenvormige day-ahead- en/of intradaykoppeling overeenkomstig de goedgekeurde regelingen. 2. De NEMO's oefenen de MCO-functies gezamenlijk met andere NEMO's uit. Deze functies zijn onder meer de volgende: a. het ontwikkelen en bijwerken van de algoritmes, systemen en procedures voor de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling, overeenkomstig de artikelen 36 en 51; Niet-vertrouwelijk 26/80 b. de verwerking van inputgegevens inzake de zoneoverschrijdende capaciteit en de toewijzingsbeperkingen als verstrekt op grond van de gecoördineerde capaciteitscalculatoren, overeenkomstig de artikelen 46 en 58; c. het beheer van de prijskoppelings- en continumatchingalgoritmes, overeenkomstig de artikelen 48 en 60; d. de validatie van de resultaten van de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling en de toezending daarvan aan de NEMO's, overeenkomstig de artikelen 48 en 60. 3. Uiterlijk acht maanden na de inwerkingtreding van deze verordening dienen alle NEMO's bij alle regulerende instanties en bij het Agentschap een plan in waarin wordt uiteengezet hoe de in lid 2 bedoelde MCO-functies gezamenlijk zullen worden opgezet en uitgeoefend, inclusief de vereiste ontwerpovereenkomsten tussen de NEMO's en met derde partijen. Dit plan omvat een gedetailleerde beschrijving en het voorgestelde tijdschema voor de tenuitvoerlegging, die niet meer dan twaalf maanden in beslag mag nemen, alsook een beschrijving van het verwachte effect van de voorwaarden of methodologieën op de vaststelling en uitoefening van de in lid 2 bedoelde MCO-functies. 4. De samenwerking tussen de NEMO's wordt strikt beperkt tot wat vereist is voor het ontwerp, de tenuitvoerlegging en het beheer van een efficiënte en verzekerde eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling. De gezamenlijke uitoefening van de MCO-functies is gebaseerd op het beginsel van niet-discriminatie, waarbij erover wordt gewaakt dat geen NEMO ongerechtvaardigde voordelen kan krijgen dankzij deelname aan de uitoefening van MCO-functies. 5. Het Agentschap monitort de vooruitgang van de NEMO's bij de vaststelling en uitoefening van de MCO-functies, met name wat betreft het contractuele en regelgevingskader en de technische voorbereiding van de uitoefening van de MCO-functies. Uiterlijk twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze verordening rapporteert het Agentschap aan de Commissie over de mate waarin de vooruitgang bij de opzet en uitvoering van de eenvormige dayahead- of intradaykoppeling bevredigend is. Het Agentschap kan de doeltreffendheid en efficiëntie van de vaststelling en uitoefening van de MCO-functies te allen tijde evalueren. Wanneer uit die evaluatie blijkt dat niet aan de eisen is voldaan, kan het Agentschap de Commissie alle nodige extra maatregelen aanbevelen die vereist zijn voor een tijdige, effectieve en doeltreffende totstandbrenging van eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling. Niet-vertrouwelijk 27/80 6. Indien NEMO's nalaten om overeenkomstig artikel 7, lid 3, een plan voor de vaststelling van de in lid 2 van dit artikel bedoelde MCO-functies voor hetzij de intraday- hetzij de dayaheadmarkttijdsbestekken in te dienen, kan de Commissie overeenkomstig artikel 9, lid 4, een wijziging van deze verordening voorstellen, waarbij het met name mogelijk wordt het ENTSO voor elektriciteit of een andere entiteit in de plaats van de NEMO's aan te wijzen als verantwoordelijk voor de uitoefening van de MCO-functies voor eenvormige day-ahead- of eenvormige intradaykoppeling. Artikel 9 Vaststelling van voorwaarden of methodologieën 6. De voorstellen voor de volgende voorwaarden of methodologieën worden ter goedkeuring voorgelegd aan alle regulerende instanties:
  11. a)het plan betreffende de gezamenlijke uitoefening van de MCO-functies, overeenkomstig artikel 7, lid 3; …
  12. g)het door de NEMO's ingediende algoritme, overeenkomstig artikel 37, lid 5, met inbegrip van de door de TSB's en NEMO's opgestelde reeks eisen voor de ontwikkeling van het algoritme, overeenkomstig artikel 37, lid 1; h)de producten waarmee de NEMO's rekening kunnen houden bij het eenvormige dayahead- en intradaykoppelingsproces, overeenkomstig de artikelen 40 en 53;
  13. i)de maximum- en minimumprijzen, overeenkomstig de artikelen 41, lid 1, en 54, lid 2;
  14. k)de gate-openingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt en de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt, overeenkomstig artikel 59, lid 1;
  15. l)de termijn voor de day-aheadvastheid, overeenkomstig artikel 69;
  16. m)de methodologie voor het verdelen van de congestie-inkomsten, overeenkomstig artikel 73, lid 1. 7.De voorstellen voor de volgende voorwaarden of methodologieën worden ter goedkeuring voorgelegd aan alle regulerende instanties van de betrokken regio: …
  17. g)de voorwaarden voor expliciete toewijzingen, overeenkomstig artikel 64, lid 2; Niet-vertrouwelijk 28/80 … Artikel 14: Tijdsbestekken voor capaciteitsberekening 1.Alle TSB's berekenen de zoneoverschrijdende capaciteit voor ten minste de volgende tijdsbestekken:
  18. a)day-ahead, voor de day-aheadmarkt;
  19. b)intraday, voor de intradaymarkt. 2. Voor het tijdsbestek van de day-aheadmarkt worden de specifieke waarden voor de zoneoverschrijdende capaciteit voor elke day-aheadmarkttijdseenheid berekend. Voor het tijdsbestek van de intradaymarkt worden de specifieke waarden voor de zoneoverschrijdende capaciteit voor elke resterende intradaymarkttijdseenheid berekend. … 4. Alle TSB's in elke capaciteitsberekeningsregio zorgen ervoor dat de zoneoverschrijdende capaciteit binnen het tijdsbestek van de intradaymarkt wordt herberekend op basis van de laatste beschikbare informatie. De frequentie van deze herberekening wordt bepaald rekening houdend met de efficiëntie en de operationele veiligheid. Artikel 15: Regio's voor de capaciteitsberekening 1. Binnen een tijdsbestek van drie maanden na de inwerkingtreding van deze verordening ontwikkelen alle TSB's gezamenlijk een gemeenschappelijk voorstel voor de afbakening van de capaciteitsberekeningsregio's. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. 2. In het in lid 1 bedoelde voorstel worden de biedzonegrenzen omschreven die worden toegewezen aan de TSB's die lid zijn van elke capaciteitsberekeningsregio. Aan de volgende eisen wordt voldaan:
  20. a)er wordt rekening gehouden met de in punt 3.2 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009 gespecificeerde regio's;
  21. b)elke biedzonegrens, of indien van toepassing twee afzonderlijke biedzonegrenzen, waardoor interconnectie tussen twee biedzones bestaat, wordt toegewezen aan één capaciteitsberekeningsregio; Niet-vertrouwelijk 29/80
  22. c)minimaal die TSB's worden toegewezen aan alle capaciteitsberekeningsregio's waarin zij biedzonegrenzen hebben. 3. Capaciteitsberekeningsregio's die een stroomgebaseerde aanpak gebruiken, worden samengesmolten tot één capaciteitsberekeningsregio indien aan alle volgende voorwaarden is voldaan:
  23. a)hun transmissiesystemen zijn direct met elkaar verbonden;
  24. b)zij nemen deel aan hetzelfde eenvormige day-ahead- of intradaykoppelingsgebied;
  25. c)samensmelting van de desbetreffende regio's is efficiënter dan hen gescheiden te houden. De bevoegde regulerende instanties kunnen een gezamenlijke kostenbatenanalyse eisen van de betrokken TSB's om de efficiëntie van de samensmelting te evalueren. Artikel 18: Scenario's 1. Alle TSB's ontwikkelen gezamenlijk gemeenschappelijke scenario's voor elk capaciteitsberekeningstijdsbestek als bedoeld in artikel 14, lid 1, onder
  26. a)en b). De gemeenschappelijke scenario's worden gebruikt om specifieke prognoses op te stellen inzake opwekking, basislast en netwerktopologie voor het transmissiesysteem in het gemeenschappelijk netwerkmodel. 2. Er wordt één scenario uitgewerkt per markttijdseenheid, zowel voor het tijdsbestek van de day-ahead- als voor dat van de intradaycapaciteitsberekening. 3. Voor elk scenario stellen alle TSB's gezamenlijk gemeenschappelijke regels op voor de bepaling van de nettoposities in elke biedzone en de stroom voor elke gelijkstroomlijn. Deze gemeenschappelijke regels worden gebaseerd op de beste prognose van de nettopositie voor elke biedzone en op de beste prognose van de stromen in elke gelijkstroomlijn voor elk scenario en omvatten het algemene evenwicht tussen basislast en elektriciteitsopwekking voor het transmissiesysteem in de Unie. Bij de vaststelling van de scenario's mag er, overeenkomstig punt 1.7 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009, geen ongeoorloofde discriminatie tussen interne en zoneoverschrijdende uitwisselingen ontstaan. Artikel 19: Individueel netwerkmodel 1. Voor elke biedzone en voor elk scenario: Niet-vertrouwelijk 30/80
  27. a)verstrekken alle TSB's in de biedzone gezamenlijk een uniek individueel netwerkmodel dat voldoet aan het bepaalde in artikel 18, lid 3, of
  28. b)verstrekt elke TSB in de biedzone een individueel netwerkmodel voor zijn regelzone, inclusief interconnecties, mits de som van de nettoposities in de regelzones, inclusief interconnecties, van de biedzone voldoet aan het bepaalde in artikel 18, lid 3. 2. Elk individueel netwerkmodel vertegenwoordigt de best mogelijke voorspelling van de transmissiesysteemcondities voor elk scenario dat door de TSB('
  29. s)is gespecificeerd op het tijdstip waarop het individueel netwerkmodel gecreëerd is. 3. De individuele netwerkmodellen hebben betrekking op alle netwerkelementen van het transmissiesysteem die worden gebruikt in de regionale operationele veiligheidanalyse voor het desbetreffende tijdsbestek. 4. Alle TSB's harmoniseren maximaal de manier waarop de individuele netwerkmodellen worden opgebouwd. 5. Elke TSB neemt in het individuele netwerkmodel alle gegevens op die nodig zijn om een actieve en reactieve elektriciteitsstroom- en -spanningsanalyse in stationaire toestand mogelijk te maken. 6. Waar passend en op basis van overeenstemming tussen alle TSB's binnen een capaciteitsberekeningsregio wisselen alle TSB's in die capaciteitsberekeningsregio met elkaar gegevens uit om spannings- en dynamische-stabiliteitsanalyses mogelijk te maken. Artikel 20: Invoering van een stroomgebaseerde capaciteitsberekeningsmethodologie 1. Voor het tijdsbestek voor day-aheadmarkten en het tijdsbestek voor intradaymarkten wordt in de gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologieën de stroomgebaseerde aanpak gebruikt, behalve wanneer aan de eis van lid 7 is voldaan. 2. Uiterlijk tien maanden na de goedkeuring van het voorstel voor een capaciteitsberekeningsregio overeenkomstig artikel 15, lid 1, dienen alle TSB's in elke capaciteitsberekeningsregio een voorstel in voor een gemeenschappelijke gecoördineerde capaciteitsberekeningsmethodologie voor de desbetreffende regio. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. Het voorstel voor de capaciteitsberekeningsmethodologie binnen regio's overeenkomstig dit lid, in capaciteitsberekeningsregio's die gebaseerd zijn op de gebieden „Noordwest-Europa” („NWE”) en „Centraal Oost-Europa” („COE”) als gedefinieerd in punt 3.2, onder
  30. b)en d), van Niet-vertrouwelijk 31/80 bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009, alsook in de in de leden 3 en 4 bedoelde regio's, zal worden aangevuld met een overeenkomstig lid 5 te ontwikkelen gemeenschappelijk kader voor de coördinatie en verenigbaarheid van stroomgebaseerde methodologieën over regio's heen. 3. De TSB's van de capaciteitsberekeningsregio waarin Italië, als gedefinieerd in punt 3.2, onder
  31. c)van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009, is opgenomen, kunnen, onverlet de in lid 1 vervatte verplichting tot indiening van een voorstel voor een gemeenschappelijke gecoördineerde capaciteitsberekeningsmethodologie met gebruikmaking van de stroomgebaseerde aanpak voor de respectieve regio overeenkomstig lid 2, de uiterste termijn met maximaal zes maanden verlengen nadat Zwitserland is toegetreden tot de eenvormige day-aheadkoppeling. Het voorstel hoeft geen biedzonegrenzen binnen Italië en tussen Griekenland te omvatten. 4. Uiterlijk zes maanden nadat alle SEE-partijen (South East Europe) bij het Energiegemeenschapsverdrag deelnemen aan de eenvormige day-aheadkoppeling, dienen de TSB's van ten minste Kroatië, Roemenië, Bulgarije en Griekenland gezamenlijk een voorstel in om een gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie met gebruikmaking van de stroomgebaseerde aanpak in te voeren voor het tijdsbestek van de day-ahead- en intradaymarkt. Dit voorstel omvat een tenuitvoerleggingsdatum van de gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie met gebruikmaking van de stroomgebaseerde aanpak die niet later mag vallen dan twee jaar na de deelname van alle SEE-partijen bij het Energiegemeenschapsverdrag aan de eenvormige day-aheadkoppeling. De TSB's van lidstaten die grenzen aan andere regio's worden ertoe aangespoord deel te nemen aan de initiatieven om een gemeenschappelijke stroomgebaseerde capaciteitsberekeningsmethodologie met deze regio's ten uitvoer te leggen. 5. Op het tijdstip dat twee of meer aangrenzende capaciteitsberekeningsregio's in dezelfde synchrone zone een capaciteitsberekeningsmethodologie met gebruikmaking van de stroomgebaseerde aanpak ten uitvoer leggen voor de tijdsbestekken voor day-ahead- of intradaymarkten, worden die regio's voor dit doel als één regio beschouwd en dienen de TSB's van deze regio binnen een termijn van zes maanden een voorstel in voor de toepassing van een gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie met gebruikmaking van de stroomgebaseerde aanpak voor de tijdsbestekken voor day-ahead- of intradaymarkten. Dit voorstel omvat een tenuitvoerleggingsdatum van de gemeenschappelijke regio-overschrijdende capaciteitsberekeningsmethodologie die niet later mag vallen dan twaalf maanden na de tenuitvoerlegging van de stroomgebaseerde aanpak in deze regio's voor de methodologie voor het day-aheadmarkttijdsbestek en 18 maanden Niet-vertrouwelijk 32/80 voor de methodologie voor het intradaymarkttijdsbestek. De in het onderhavige lid aangegeven tijdschema's mogen worden aangepast overeenkomstig lid 6. De methodologie in de twee capaciteitsberekeningsregio's die het initiatief hebben genomen voor de ontwikkeling van een gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie mag eerst ten uitvoer worden gelegd alvorens een gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie met een extra capaciteitsberekeningsregio wordt ontwikkeld. 6. Indien de betrokken TSB's kunnen aantonen dat de toepassing van gemeenschappelijke stroomgebaseerde methodologieën overeenkomstig de leden 4 en 5 nog niet efficiënter is uitgaande van eenzelfde niveau van operationele veiligheid van het systeem, mogen zij gezamenlijk bij de bevoegde regulerende instanties een verzoek indienen om de desbetreffende termijnen te verlengen. 7. TSB's kunnen de bevoegde regulerende instanties gezamenlijk verzoeken om de gecoördineerde nettotransmissiecapaciteitsaanpak toe te passen in regio's en biedzonegrenzen, andere dan die welke in de leden 2 tot en met 4 zijn bedoeld, indien de betrokken TSB's kunnen aantonen dat de toepassing van de capaciteitsberekeningsmethodologie met gebruikmaking van de stroomgebaseerde aanpak nog niet efficiënter is dan de gecoördineerde nettotransmissiecapaciteitsaanpak uitgaande van eenzelfde niveau van operationele veiligheid van het systeem in de betrokken regio. 8. Om de marktdeelnemers in staat te stellen zich aan te passen aan elke wijziging van de capaciteitsberekeningsaanpak, testen de betrokken TSB's de nieuwe aanpak samen met de bestaande aanpak en betrekken zij hierbij de marktdeelnemers gedurende minimaal zes maanden voordat zij een voorstel tot wijziging van hun capaciteitsberekeningsaanpak ten uitvoer leggen. 9. De TSB's van elke capaciteitsberekeningsregio die de stroomgebaseerde aanpak toepassen, ontwikkelen een instrument, en maken dit beschikbaar, dat het voor de marktdeelnemers mogelijk maakt de interactie tussen zoneoverschrijdende capaciteiten en zoneoverschrijdende uitwisselingen tussen biedzones te evalueren. Artikel 21: Methodologie voor capaciteitsberekeningen 1. Het overeenkomstig artikel 20, lid 2, bepaalde voorstel voor een gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie voor een bepaalde capaciteitsberekeningsregio omvat minimaal de volgende elementen voor elk capaciteitsberekeningstijdsbestek: Niet-vertrouwelijk 33/80
  32. a)methodologieën voor de berekening van de inputs voor de capaciteitsberekening, die de volgende aspecten omvatten: (
  33. i)een methodologie voor de bepaling van de betrouwbaarheidsmarge, overeenkomstig artikel 22; (
  34. ii)de methodologieën voor de bepaling van de operationele veiligheidsgrenzen, de voor de capaciteitsberekening relevante onvoorziene gebeurtenissen en de eventueel te gebruiken toewijzingsbeperkingen, overeenkomstig artikel 23; (iii) de methodologie voor de bepaling van de veranderingssleutels betreffende opwekking, overeenkomstig artikel 24; (
  35. iv)de methodologie voor de bepaling van remediërende maatregelen die bij de capaciteitsberekening moeten worden overwogen, overeenkomstig artikel 25.
  36. b)een gedetailleerde beschrijving van de capaciteitsberekeningsaanpak die de volgende aspecten omvat: (
  37. i)een wiskundige beschrijving van de gebruikte capaciteitsberekeningsaanpak met verschillende capaciteitsberekeningsinputs; (
  38. ii)regels voor het vermijden van ongeoorloofde discriminatie tussen interne en zoneoverschrijdende uitwisseling van elektriciteit teneinde de inachtneming van punt 1.7 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009 te waarborgen; (iii) regels om, waar passend, rekening te houden met in het verleden toegewezen zoneoverschrijdende capaciteit; (
  39. iv)regels betreffende de aanpassing van elektriciteitsstromen in kritische netwerkelementen of van de zoneoverschrijdende capaciteit ten gevolge van remediërende maatregelen, overeenkomstig artikel 25; (
  40. v)voor de stroomgebaseerde aanpak, een wiskundige beschrijving van de berekening van de vermogensoverdrachtverdelingsfactoren en van de berekening van de beschikbare marges in kritische netwerkelementen; (
  41. vi)voor de gecoördineerde nettotransmissiecapaciteitsaanpak, de regels voor de berekening van de zoneoverschrijdende capaciteit, met inbegrip van de regels voor het op efficiënte wijze delen van de elektriciteitsstroomcapaciteiten van kritische netwerkelementen tussen verschillende biedzonegrenzen; (vii) waar de elektriciteitsstromen in kritische netwerkelementen beïnvloed zijn door de zoneoverschrijdende uitwisseling van elektriciteit in verschillende capaciteitsberekeningsregio's, de regels voor het verdelen van de elektriciteitsstroomcapaciteiten van kritische netwerkelementen over de verschillende capaciteitsberekeningsregio's teneinde deze stromen te kunnen opvangen.
  42. c)een methodologie voor de validatie van zoneoverschrijdende capaciteit, overeenkomstig artikel 26. Niet-vertrouwelijk 34/80 2. Voor het tijdsbestek van de intraday-capaciteitsberekening, omvat de capaciteitsberekeningsmethodologie ook de frequentie waarmee de capaciteit wordt herberekend overeenkomstig artikel 14, lid 4, met opgave van de redenen voor de gekozen frequentie. … 4. Alle TSB's in elke capaciteitsberekeningsregio gebruiken voor zover mogelijk geharmoniseerde capaciteitsberekeningsinputs. Tegen 31 december 2020 gebruiken alle regio's een geharmoniseerde capaciteitsberekeningsmethodologie die met name een geharmoniseerde capaciteitsberekeningsmethodologie voor de stroomgebaseerde aanpak en voor de gecoördineerde nettotransmissiecapaciteitsaanpak omvat. De harmonisatie van de capaciteitsberekeningsmethodologie wordt onderworpen aan een efficiëntiebeoordeling betreffende de harmonisatie van de stroomgebaseerde methodologieën en van de gecoördineerde nettotransmissiecapaciteitsmethodologieën die eenzelfde niveau van operationele veiligheid van het systeem waarborgen. Binnen een termijn van twaalf maanden nadat ten minste twee capaciteitsberekeningsregio's een gemeenschappelijke capaciteitsberekeningsmethodologie overeenkomstig artikel 20, lid 5, ten uitvoer hebben gelegd, dienen alle TSB's de hierboven bedoelde beoordeling samen met een voorstel voor de overgang naar een geharmoniseerde capaciteitsberekeningsmethodologie in bij alle regulerende instanties. HOOFDSTUK 4 Algoritmeontwikkeling Artikel 36 Algemene bepalingen 1. Alle NEMO's ontwikkelen, actualiseren en gebruiken de volgende algoritmes:
  43. a)een prijskoppelingsalgoritme;
  44. b)een continumatchingalgoritme. 2. De NEMO's zorgen ervoor dat het prijskoppelingsalgoritme en het continumatchingalgoritme voldoen aan de eisen van respectievelijk artikel 39 en artikel 52. 3. Binnen een termijn van 18 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening ontwikkelen alle NEMO's in samenwerking met TSB's een voorstel voor een backupmethodologie om te voldoen aan de in artikel 39, respectievelijk artikel 52 uiteengezette verplichtingen. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. Niet-vertrouwelijk 35/80 4. Wanneer mogelijk gebruiken de NEMO's reeds goedgekeurde oplossingen voor de efficiënte tenuitvoerlegging van de doelstellingen van deze verordening. Artikel 37 Algoritmeontwikkeling 1. Uiterlijk acht maanden na de inwerkingtreding van deze verordening:
  45. a)dienen alle TSB's gezamenlijk bij alle NEMO's een voorstel in voor een gemeenschappelijke reeks eisen voor een efficiënte capaciteitstoewijzing teneinde de ontwikkeling van het prijskoppelings- en het continumatchingalgoritme mogelijk te maken. In deze eisen worden de functionaliteiten en prestaties gespecificeerd, met inbegrip van uiterste termijnen voor de levering van de resultaten van de eenvormige day-ahead- en intradaykoppeling en bijzonderheden over de in acht te nemen zoneoverschrijdende capaciteit en toewijzingsbeperkingen;
  46. b)dienen alle NEMO's gezamenlijk een voorstel in voor een gemeenschappelijke reeks eisen voor efficiënte matching teneinde de ontwikkeling van het prijskoppelings- en het continumatchingalgoritme mogelijk te maken. 2. Binnen een termijn van drie maanden na de indiening van de voorstellen van de TSB's en NEMO's voor een gemeenschappelijke reeks eisen overeenkomstig lid 1 werken alle NEMO's een voorstel voor het algoritme uit dat in overeenstemming is met die eisen. In dit voorstel wordt de uiterste termijn aangegeven voor de indiening van de ontvangen orders bij de NEMO's als vereist voor de uitoefening van de MCO-functies overeenkomstig artikel 7, lid 1, onder b). 3. Het in lid 2 bedoelde voorstel wordt voorgelegd aan alle TSB's. Wanneer extra tijd nodig is om dit voorstel op te stellen, werken alle NEMO's, ondersteund door alle TSB's, gedurende een periode van maximaal twee maanden samen om ervoor te zorgen dat het voorstel in overeenstemming is met het bepaalde in de leden 1 en 2. … 5. Uiterlijk 18 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening leggen alle NEMO's het overeenkomstig de leden 2 en 3 ontwikkelde voorstel ter goedkeuring voor aan de regulerende instanties. Doelstellingen, voorwaarden en resultaten van eenvormige intradaykoppeling Artikel 51 Doelstellingen van het continumatchingalgoritme Niet-vertrouwelijk 36/80 1. Vanaf de gate-openingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt tot de gatesluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt, bepaalt het continumatchingalgoritme welke orders met het oog op matching moeten worden geselecteerd, op een dergelijke manier dat de matching:
  47. a)gericht is op maximalisering van de economische meerwaarde voor eenvormige intradaykoppeling per transactie binnen het tijdsbestek van de intradaymarkt, meer bepaald door de toewijzing van capaciteit aan orders waarvoor een matching op basis van de prijs en indieningstijd haalbaar is;
  48. b)de toewijzingsbeperkingen, als gemeld overeenkomstig artikel 58, lid 1, in acht neemt;
  49. c)de zoneoverschrijdende capaciteit, als gemeld overeenkomstig artikel 58, lid 1, in acht neemt;
  50. d)de eisen voor de mededeling van resultaten, als bedoeld in artikel 60, in acht neemt;
  51. e)herhaalbaar en schaalbaar is. 2. Het continumatchingalgoritme levert de in artikel 52 bedoelde resultaten op en stemt overeen met de productcapaciteiten en -functionaliteiten overeenkomstig artikel 53. Artikel 52 Resultaten van het continumatchingalgoritme 1. Alle NEMO's zorgen er in het kader van hun MCO-functie voor dat het continumatchingalgoritme minimaal de volgende resultaten oplevert:
  52. a)de uitvoeringsstatus van orders en de prijzen per transactie;
  53. b)een unieke nettopositie voor elke biedzone en markttijdseenheid binnen de intradaymarkt. 2. Alle NEMO's waarborgen de accuraatheid en efficiëntie van de door het continumatchingalgoritme geproduceerde resultaten. 3. Alle TSB's verifiëren of de resultaten van het continumatchingalgoritme consistent zijn met de zoneoverschrijdende capaciteit en de toewijzingsbeperkingen overeenkomstig artikel 58, lid 2. Artikel 53 Producten waarmee rekening wordt gehouden Niet-vertrouwelijk 37/80 1. Uiterlijk 18 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening dienen de NEMO's een gezamenlijk voorstel in betreffende de producten waarmee bij de eenvormige intradaykoppeling rekening kan worden gehouden. De NEMO's waken erover dat alle uit deze producten resulterende orders die zijn ingediend om het mogelijk te maken dat de MCO- functies overeenkomstig artikel 7 worden uitgeoefend, zijn uitgedrukt in euro en een verwijzing bevatten naar de markttijd en de markttijdseenheid. 2. Alle NEMO's waken erover dat uit deze producten resulterende orders verenigbaar zijn met de kenmerken van zoneoverschrijdende capaciteit, zodat deze gelijktijdig kunnen worden gematcht. 3. Alle NEMO's waken erover dat het continumatchingalgoritme in staat is orders te verwerken die op één markttijdseenheid, dan wel verschillende markttijdseenheden betrekking hebben. 4. Uiterlijk twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening en in elk tweede daarop volgende jaar raadplegen alle NEMO's overeenkomstig artikel 12:
  54. a)de marktdeelnemers, om erover te waken dat de beschikbare producten voldoen aan hun behoeften;
  55. b)alle TSB's, om erover te waken dat bij de producten op passende wijze rekening is gehouden met de operationele veiligheid;
  56. c)alle regulerende instanties, om erover te waken dat de beschikbare producten in overeenstemming zijn met de doelstellingen van deze verordening. 5. Alle NEMO's passen de producten zo nodig aan naargelang van de resultaten van de overeenkomstig lid 4 uitgevoerde raadpleging. Artikel 54 Maximum- en minimumprijzen 1. Binnen een termijn van 18 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening werken alle NEMO's, in samenwerking met de desbetreffende TSB's, een voorstel uit betreffende geharmoniseerde maximum- en minimumclearingprijzen die moeten worden gehanteerd in alle aan de eenvormige intradaykoppeling deelnemende biedzones. In dit voorstel wordt rekening gehouden met een raming van de waarde van de verloren last. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. Niet-vertrouwelijk 38/80 2. Alle NEMO's leggen het voorstel ter goedkeuring voor aan alle regulerende instanties. Wanneer een lidstaat heeft bepaald dat een andere autoriteit dan de nationale regulerende instantie bevoegd is om maximum- en minimumclearingprijzen op nationaal niveau vast te stellen, bespreekt de regulerende instantie het voorstel met de desbetreffende autoriteit wat de impact ervan op de nationale markten betreft. … Artikel 55 Prijsstelling voor intradaycapaciteit 1. Zodra zij wordt toegepast, weerspiegelt de overeenkomstig artikel 55, lid 3, ontwikkelde eenvormige methodologie voor de prijsstelling voor zoneoverschrijdende intradaycapaciteit de marktcongestie en wordt zij gebaseerd op de feitelijke orders. 2. Voorafgaand aan de goedkeuring van de in lid 3 bedoelde eenvormige methodologie voor de prijsstelling voor zoneoverschrijdende intradaycapaciteit kunnen de TSB's een toewijzingsmechanisme voor zoneoverschrijdende intradaycapaciteit voorstellen met een betrouwbare prijsstelling die consistent is met de eisen van lid 1, dat zij ter goedkeuring voorleggen aan de regulerende instanties van de relevante lidstaten. Dit mechanisme waarborgt dat de prijs van zoneoverschrijdende intradaycapaciteit op het tijdstip van matching van de orders beschikbaar is voor de marktdeelnemers. 3. Binnen een termijn van 24 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening werken alle TSB's een voorstel uit voor een eenvormige methodologie voor de prijsstelling voor zoneoverschrijdende intradaycapaciteit. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. 4. Afgezien van de in de leden 1, 2 en 3 bedoelde heffingen, worden er geen heffingen, zoals onbalansvergoedingen of extra vergoedingen, aangerekend voor zoneoverschrijdende intradaycapaciteit. Artikel 56 Methodologie voor de berekening van geplande uitwisselingen resulterend uit de eenvormige intradaykoppeling 1. Binnen een termijn van 16 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening werken de TSB's die voornemens zijn geplande uitwisselingen resulterend uit de eenvormige intradaykoppeling te berekenen, een voorstel uit voor een gemeenschappelijke methodologie Niet-vertrouwelijk 39/80 voor deze berekening. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. 2. De methodologie omvat een beschrijving van de berekening en, waar vereist, een lijst van gegevens die door de relevante NEMO's moeten worden verstrekt aan de calculator betreffende geplande uitwisselingen, alsook de termijnen voor het verstrekken van deze gegevens 3. De berekening van de geplande uitwisselingen wordt gebaseerd op de nettoposities als gespecificeerd in artikel 52, lid 1, onder b).. … Artikel 57 Regelingen betreffende meer dan één NEMO in een biedzone en voor interconnectoren die niet door gecertificeerde TSB's worden beheerd 1. TSB's in biedzones waarin meer dan één NEMO is aangewezen en/of handelsdiensten aanbiedt, of waarin interconnectoren aanwezig zijn die niet als TSB zijn gecertificeerd overeenkomstig artikel 3 van Verordening (EG) nr. 714/2009, ontwikkelen een voorstel voor zoneoverschrijdende capaciteitstoewijzing en andere noodzakelijke regelingen voor dergelijke biedzones in samenwerking met de betrokken TSB's, NEMO's en exploitanten van interconnectoren die niet als TSB zijn gecertificeerd, teneinde te waarborgen dat de desbetreffende NEMO's en interconnectoren de vereiste gegevens en financiële dekking voor dergelijke regelingen verstrekken. Daarbij moet ervoor worden gezorgd dat additionele TSB's en NEMO's zich bij deze regelingen kunnen aansluiten. 2. Het voorstel wordt ter goedkeuring ingediend bij de relevante nationale regulerende instanties binnen een termijn van vier maanden na de datum waarop meer dan één NEMO is aangewezen en/of handelsdiensten in een biedzone mag aanbieden of wanneer een nieuwe interconnector niet als een TSB is gecertificeerd. Voor bestaande interconnectoren die niet als TSB zijn gecertificeerd, wordt het voorstel ingediend binnen een termijn van vier maanden na de inwerkingtreding van deze verordening. Artikel 59 Werking van de eenvormige intradaykoppeling 1. Uiterlijk 16 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening zijn alle TSB's belast met het voorstellen van de gate-openingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt en de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. Niet-vertrouwelijk 40/80 2. De gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt wordt op een dergelijke manier vastgesteld dat die sluitingstijd:
  57. a)de kansen van de marktdeelnemers maximaliseert om hun balansen aan te passen via handel, zo dicht mogelijk bij realtime, binnen het tijdsbestek van de intradaymarkt, en
  58. b)de TSB's en de marktdeelnemers voldoende tijd geeft voor hun plannings- en balanceringsprocessen met het oog op de netwerk- en operationele veiligheid. 3. Er wordt één gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt vastgesteld voor elke markttijdseenheid voor een bepaalde biedzonegrens. Die tijd is maximaal één uur vóór de start van de relevante markttijdseenheid, waarbij rekening wordt gehouden met de relevante balanceringsprocessen met het oog op de operationele veiligheid. 4. De intraday-energiehandel voor een gegeven markttijdseenheid voor een biedzonegrens start niet later dan de gate- openingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt van de relevante biedzonegrenzen, en wordt toegestaan tot de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt. 5. Vóór de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt dienen de marktdeelnemers bij de desbetreffende NEMO's alle orders voor een gegeven markttijdseenheid in. Alle NEMO's dienen die orders voor een gegeven markttijdseenheid in met het oog op een unieke matching, en wel onmiddellijk nadat die orders zijn ontvangen van de marktdeelnemers. 6. Orders die in het kader van een eenvormige intradaykoppeling zijn gematcht, worden als vast beschouwd. 7. De MCO-functies waarborgen de anonimiteit van de via een gedeelde orderportefeuille ingediende orders. Artikel 63 Aanvullende regionale veilingen 1. Binnen een termijn van 18 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening kunnen de relevante NEMO's en TSB's aan biedzonegrenzen gezamenlijk een gemeenschappelijk voorstel indienen voor het ontwerp en de uitvoering van aanvullende regionale intradayveilingen. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. Niet-vertrouwelijk 41/80 2. Bovenop de in artikel 51 bedoelde eenvormige intradaykoppelingsoplossing kunnen aanvullende regionale intradayveilingen binnen of tussen biedzones worden uitgevoerd. Om regionale intradayveilingen te kunnen houden, kan de continuhandel binnen en tussen de relevante biedzones vóór de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt gedurende een beperkte periode worden stilgelegd, een periode die de voor het houden van de veiling vereiste minimumtijd en in ieder geval 10 minuten niet mag overschrijden. 3. Bij aanvullende regionale intradayveilingen kan de methodologie voor de prijsstelling van de zoneoverschrijdende intradaycapaciteit verschillen van de overeenkomstig artikel 55, lid 3, vastgestelde methodologie, maar moet die methodologie in ieder geval voldoen aan de in artikel 55, lid 1, bedoelde beginselen. 4. De bevoegde regulerende instanties kunnen het voorstel met betrekking tot aanvullende regionale intradayveilingen goedkeuren wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:
  59. a)regionale veilingen mogen geen negatief effect hebben op de liquiditeit van de eenvormige intradaykoppeling;
  60. b)alle zoneoverschrijdende capaciteit wordt toegewezen via de capaciteitsbeheersmodule;
  61. c)de regionale veiling mag geen ongeoorloofde discriminatie tussen marktdeelnemers van aanpalende regio's veroorzaken;
  62. d)de tijdschema's voor regionale veilingen moeten consistent zijn met de eenvormige intradaykoppeling teneinde het voor de marktdeelnemers mogelijk te maken handel te drijven zo dichtbij realtime als mogelijk is;
  63. e)de regulerende instanties hebben de marktdeelnemers in de betrokken lidstaten geraadpleegd. 5. Minimaal om de twee jaar na vaststelling van het besluit over aanvullende regionale veilingen evalueren de regulerende instanties van de betrokken lidstaten de verenigbaarheid van regionale oplossingen met de eenvormige intradaykoppeling om te waarborgen dat nog steeds aan de hierboven vermelde voorwaarden is voldaan. Afdeling 3 Overgangsregelingen voor de intradaymarkt Artikel 64 Bepalingen met betrekking tot expliciete toewijzingen 1. Wanneer daarom door de regulerende instanties van de lidstaten van elk van de betrokken biedzonegrenzen gezamenlijk wordt verzocht, voorzien de betrokken TSB's, Niet-vertrouwelijk 42/80 bovenop impliciete toewijzingen, ook in expliciete toewijzingen, dat wil zeggen capaciteitstoewijzingen los van de elektriciteitshandel, via de capaciteitsbeheersmodule aan biedzonegrenzen. 2. De TSB's aan de betrokken biedzonegrenzen werken gezamenlijk een voorstel uit betreffende de voorwaarden waaraan marktdeelnemers moeten voldoen om deel te nemen aan expliciete toewijzingen. Dit voorstel wordt onderworpen aan de gezamenlijke goedkeuring van de regulerende instanties van de lidstaten van elk van de betrokken biedzonegrenzen. 3. Bij de vaststelling van de capaciteitsbeheersmodule wordt discriminatie vermeden in de gevallen waarin capaciteit simultaan impliciet en expliciet wordt toegewezen. De capaciteitsbeheersmodule bepaalt welke orders met het oog op matching worden geselecteerd en welke expliciete verzoeken om capaciteit worden aanvaard, overeenkomstig een rangschikking op basis van prijs en indieningstijdstip. Artikel 66 Bepalingen met betrekking tot intradayregelingen 1. De marktdeelnemers waarborgen de voltooiing van de nominatie, clearing en afwikkeling met betrekking tot de expliciete toewijzing van zoneoverschrijdende capaciteit. 2. De marktdeelnemers voldoen aan alle uit expliciete toewijzingen voortkomende financiële verplichtingen met betrekking tot clearing en afwikkeling. 3. De deelnemende TSB's publiceren de relevante informatie met betrekking tot de interconnecties waarop expliciete toewijzing van toepassing is, met inbegrip van de zoneoverschrijdende capaciteit voor expliciete toewijzingen. Artikel 67 Expliciete verzoeken om capaciteit Een verzoek om expliciete zoneoverschrijdende capaciteit mag door een marktdeelnemer uitsluitend worden ingediend voor een interconnectie waarvoor de expliciete toewijzing toepasbaar is. Voor elk verzoek om expliciete capaciteit verstrekt de marktdeelnemer volume- en prijsinformatie aan de capaciteitsbeheersmodule. Het volume en de prijs van de expliciet toegewezen capaciteit worden door de relevante TSB's openbaar gemaakt. Artikel 71 Vastheid van intradaycapaciteit De zoneoverschrijdende intradaycapaciteit wordt vast zodra zij is toegewezen. Niet-vertrouwelijk 43/80 Niet-vertrouwelijk 44/80 II. ANTECEDENTEN II.1 Algemeen 28. Zoals beschreven in hoofdstuk I van onderhavige beslissing, moest een intra-day beheer op de grens tussen Nederland en België volgens de Europese reglementering worden opgestart op 1 januari 2008. Artikel 1.9 van de richtsnoeren bepaalt immers: « uiterlijk op 1 januari 2008 moeten op gecoördineerde wijze en onder veilige exploitatieomstandigheden mechanismen voor het intra-dagelijks beheer van congestie van de interconnectiecapaciteit worden opgesteld teneinde zoveel mogelijk handelsopportuniteiten te scheppen en een grensoverschrijdend evenwicht tot stand te brengen». 29. Begin juni 2008 vernam de CREG dat de invoering van de voorlopige oplossing voor de intra-day markt met moeilijkheden kampte en dat het project vertraging zou kunnen oplopen. Het intra-day project zou pas van start kunnen gaan in het eerste kwartaal 2009, hoofdzakelijk als gevolg van problemen in verband met de IT. 30. Op 25 augustus 2008 stelden de CREG en de « Energiekamer » (Nederlandse reguleringsoverheid) een gemeenschappelijke brief ter attentie van Elia en TenneT op waarin ze uiting gaven aan hun bezorgdheid over het gebrek aan vooruitgang op het gebied van de invoering van het intra-day project. In deze gemeenschappelijke brief toonden de regulatoren zich bereid een tussentijdse oplossing toe te staan in afwachting van een volledige en definitieve goedkeuring. Bovendien drongen beide regulatoren erop aan dat het project zo vlug mogelijk en uiterlijk op 1 oktober 2008 zou worden opgestart. 31. Op 9 september 2008 legde Elia de CREG, met toepassing van artikelen 180, § 2, en 183, § 2, van het technisch reglement, een voorstel van regels voor intra-day toewijzing van capaciteit op de koppelverbinding Nederland-België voor. Op 18 december 2008 neemt de CREG beslissing (B)081218-CDC-819 over “de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de regels voor Intra-day toewijzing van capaciteit op de interconnectie Nederland-België (INB regels)”. 32. De grensoverschrijdende toewijzing van transmissiecapaciteit op basis van een verbeterd prorata mechanisme werd in werking gesteld op 26 mei 2009. 33. In december 2009 gaf het Forum van Florence een gunstig onthaal aan het voorstel van een « Project Coordination Group » met het oog op de definitie, voor de intra-day Niet-vertrouwelijk 45/80 toewijzing van transmissiecapaciteit, van een mechanisme op basis van een impliciete (transmissiecapaciteit en energie) en continu toewijzing. 34. Op 22 december 2009 neemt de CREG, op voorstel van Elia beslissing (B)091222- CDC-933 over “de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de regels voor de toewijzing van intradaycapaciteit op de interconnecties Nederland-België (INB-regels) en Frankrijk-België (IFB-regels)”. 35. In 2010, tijdens de ontwikkeling van de Capacity Allocation en Congestion Management Framework Guidelines (FG CACM), toont de eerste impactstudie gepubliceerd op de website van ERGEG, de superioriteit van impliciete veilingen aan, het gebrek aan efficiëntie van Over The Counter (OTC) First Come First Served (FCFS) - voorgesteld als een "quick win" op de interconnectie Frankrijk-België -, hiaten in de behandeling van blokorders in de implementatie van een continuhandel en beval het uiteindelijk de impliciete handel aan, ondanks de vele nadelen geïdentificeerd. 36. Op 26 juli 2010 onderzochten de CREG, de Nederlandse regulator NMa, Elia, de Nederlandse netbeheerder Tennet, Belpex en de Nederlandse beurs APX tijdens een vergadering de voorwaarden voor het opstellen van een intraday mechanisme op basis van continuhandel. Bij die gelegenheid gaf de CREG uiting aan haar bezorgdheid om het tot stand brengen van een adequaat toezicht op de blokorders die verscheidene uren dekken. Volgens de CREG vereiste dit toezicht het dagelijks doorspelen door Elia van informatie over het op gang brengen van de productie-eenheden. 37. Op 27 oktober 2010 ontving de CREG het voorstel van Elia over het opstellen van een intra-day capaciteitstoewijzing tussen België en Nederland op basis van een impliciet mechanisme. Op 3 februari 2011 nam de CREG beslissing (B)110203-CDC-1034 over de “aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de intra-day toewijzing van capaciteit op de koppelverbinding Nederland-België”. 38. In maart 2011 is de Cross-Regional Coordination Committee (CRCC) van regulatoren een gemeenschappelijk standpunt over de uitvoering van het Europees doelmodel (target model) voor grensoverschrijdende intraday handel overeengekomen. De CRCC stelde de invoering van een basisoplossing voor de intraday grensoverschrijdende handel in de Noordwest-Europese regio (NWE) tegen het einde van 2012. De verwachting was dat de intraday basisoplossing dan moest evolueren naar het doelmodel met de voorziening van het prijzen van capaciteit (capacity pricing) bij congestie en geavanceerde producten, tegen het einde van 2014. Niet-vertrouwelijk 46/80 39. In september gemeenschappelijk 2011, standpunt presenteerden over de te EUROPEX volgen weg voor en de ENTSO-E een toewijzing van grensoverschrijdende capaciteit in intraday: een gedeeld orderboek (Shared Order Book SOB), die de continue impliciete grensoverschrijdende matching in intraday uitvoert, en een capaciteitsbeheermodule (Capacity Management Module - CMM) die op continue wijze grensoverschrijdende intraday capaciteit toewijst. Als interim model, stelden ENTSO-E en EUROPEX ELBAS1 voor als het beginpunt van de technische oplossing om grens per grens in te voeren in 2012. De technische oplossing zou continue uurlijkse grensoverschrijdende uitwisseling van gestandaardiseerde producten op hub-to-hub basis toelaten. ENTSO-E en EUROPEX stelden dat het doel was om minstens de NWE regio te dekken aan het eind van 2012. Het einde van 2014 werd gehanteerd als de streefdatum voor de lancering van het doelmodel op Europees niveau. 40. Op 22 november 2011, tijdens het Forum van Firenze, verkondigde IFIEC, de organisatie voor de vertegenwoordiging van (grote) energieverbruikers, tegen de implementatie van een Over-The-Counter (OTC) mechanisme in de intraday markt te zijn: "Intraday and balancing markets are “corrective” markets only. On cross-border: no OTC". 41. Het intraday project werd geblokkeerd in juni 2012, toen de elektriciteitsbeurzen, ondanks eerdere afspraken, het niet eens konden worden over welke van de bestaande intraday-platforms te gebruiken als basis voor de ontwikkeling van de NWE2 oplossing. Op 21 augustus 2012, zijn zes beurzen (EPEX Spot, APX-ENDEX, Belpex, Nord Pool Spot, OTE, Omie) met de steun van ACER overeengekomen een aanbesteding voor het NWE intraday-platform te lanceren. De selectieprocedure werd verwacht om in de loop van het eerste kwartaal van 2013 af te ronden. 42. Op 18 oktober 2012, hebben de beurzen een Request for Information (RFI) uitgegeven. Deze vraag om informatie werd gevolgd door de verzending van een aanbesteding (RFO) naar vier mogelijke kandidaten op 21 december 2012. Twee van de vier potentiële leveranciers hebben op 18 januari 2013 offertes ingediend. Op 26 april 2013 schrijven de beurzen ACER dat ze niet tot een consensus over de keuze van de leverancier kunnen komen. ACER geeft een informele opinie uit op 17 juni 2013. Uiteindelijk werd Deutsche Börse gekozen als leverancier voor het intraday platform. 1 De eerste stappen naar een interim model voor continue toewijzing, gebaseerd op Elbas, werden op 29 juli 2010 voorgesteld tijdens een vergadering tussen NWE TNBs, beurzen en regulatoren. 2 De geografische regio zal later uitbreiden tot een NWE+ regio met hierbij Oostenrijk, Zwitserland, Spanje en Portugal. Niet-vertrouwelijk 47/80 43. De onderhandelingen tussen Deutsche Börse en de beurzen begon pas in oktober 2013. De eerste raamovereenkomst onderhandeling is uitgegroeid tot een twee-staps proces dat een Early Start Agreement (ESA) omvat. De voltooiing van de ESA werd verwacht voor het Forum van Firenze in november 2013. Deze deadline werd niet gehaald en het Forum van Firenze van 12/13 november 2013 vroeg de Europese Commissie om in te grijpen3. De ESA werd verdeeld in ESA stap 1 en ESA stap 2. De ESA overeenkomst is een voorwaarde voor de ondertekening van het contract die de ontwikkeling van de intraday oplossing in de NWE+ regio, ook wel “XBID” oplossing genoemd, zal toelaten. ESA stap 1 werd eind 2013 afgerond. 44. Op 16 januari 2014 schrijven de betrokken toezichthouders van de regio Noordwest- Europa evenals Oostenrijk, Zwitserland en Spanje (NWE+) een brief met betrekking tot het ontwerp en de ontwikkeling van de XBID oplossing aan de deelnemende beurzen. Op 31 maart 2015 schrijven de NWE+ toezichthouders een principeverklaring over aspecten van kostendekking, met inbegrip van de voorwaarden en de verwachtingen ten opzichte van de partners van het XBID project. 45. De ESA stap 2 en de ondertekening van de contracten tussen de NWE+ beurzen en Deutsche Börse werden in april 2015 voltooid. De lancering van het NWE+ intraday project is voorzien in Q3 2017. 46. In het licht van de bijkomende terugkerende vertragingen die optreden bij het opzetten van het interim intraday XBID project, bestuderen TNBs, beurzen en toezichthouders van sommige landen, zoals België, Frankrijk en Nederland de implementatie van "quick wins", ook wel " Early Local Implementation Projects" op bepaalde grenzen in afwachting van de lancering van het NWE+ project. Deze gesprekken vinden plaats in 2014 en 2015. 47. Tijdens een ontmoeting tussen FEBEG en de CREG van 4 april 2015, geeft FEBEG haar standpunt over de implementatie van "quick wins" in intraday. Volgens FEBEG moet een oplossing, in afwachting van het “NWE+ intraday-project”, de methode voor de toewijzing van grensoverschrijdende capaciteit verbeteren door een evolutie naar een impliciete toegang, zoals bepaald door het Europees doelmodel, en met een expliciete toegang tot grensoverschrijdende capaciteit als noodoplossing (fallback). 3 “EC to intervene and develop an alternative solution…the EC should inter alia explore the possibility of TSOs to take over the early implementation process and take a decision on the way forward by the end of the year”. http://ec.europa.eu/energy/gas_electricity/doc/forum_florence_electricity/meeting_025_conclusions.pdf Niet-vertrouwelijk 48/80 48. Op 28 mei 2015 stuurt de CREG aan Elia een brief met de vraag verbeteringen uit te werken aan de toekenning van intradaycapaciteit. De CREG vraagt ook een mogelijkheid te bekijken om te beschikken over meerdere beurzen die actief zijn op de intradaymarkt. 49. Op 31 juli 2015 antwoorden de CRE en de CREG op gecoördineerde wijze op een vraag tot begeleiding die werd gesteld door RTE en Elia. Het antwoord verwijst naar een gezamenlijke presentatie van RTE en Elia van de mogelijkheden voor “quick wins” van intradaykoppeling. 50. Op 12 oktober 2015 ontving de CREG het voorstel (verzonden 7 oktober 2015), met verzoek tot goedkeuring, van Elia over de invoering van een intraday marktkoppeling op de Belgische grenzen. 51. Op 13 november 2015 stuurt Elia de CREG een nieuw verzoek tot goedkeuring over de invoering van een intraday marktkoppeling op de Belgische grenzen. Het nieuwe voorstel vervangt de op 12 oktober 2015 door de CREG ontvangen documenten en vormt de basis van deze ontwerpbeslissing. 52. Op 15 december 2015 nam de CREG de ontwerpbeslissing (B)151215-CDC-1467 met betrekking tot “de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de N.V. Elia System Operator betreffende de intraday toewijzing van capaciteit op de koppelverbindingen Frankrijk-België en Nederland-België”. Deze ontwerpbeslissing werd gevolgd door een publieke raadpleging van 16 december 2015 tot 12 januari 2016. Deze raadpleging wordt gecoördineerd met de CRE. 53. In januari en februari 2016 hebben de CRE en de CREG overleg gepleegd over de antwoorden op de publieke raadpleging. 54. als Bij ministerieel besluit van 28 januari 2016 werden zowel SA Belpex (hierna: Belpex) Nord Pool AS (hierna: Nord Pool) aangewezen als benoemde elektriciteitsmarktbeheerders (NEMO). De NEMO’s voeren taken uit met betrekking tot eenvormige day-ahead- of eenvormige intradaykoppeling volgens Verordening 2015/1222. Deze aanwijzingen zijn op 5 februari 2016 in het Belgisch Staatsblad verschenen. II.2 Raadpleging 55. Het Directiecomité van de CREG heeft krachtens artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement beslist, in het kader van de eindbeslissing met betrekking tot dit Niet-vertrouwelijk 49/80 dossier, op zijn website een publieke raadpleging over de ontwerpbeslissing te organiseren van 16 december 2015 tot 12 januari 2016. Niet-vertrouwelijk 50/80 III. ANALYSE VAN HET ELIA VOORSTEL OVER DE TOEWIJZING VAN INTRADAY CAPACITEITEN OP DE KOPPELVERBINDINGEN BELGIËFRANKRIJK EN BELGIË-NEDERLAND 56. Hierna worden het voorstel van Elia, de context van “quick-wins”, het Europese streefmechanisme, evenals de overeenstemming van de twee fasen van dit voorstel met het wettelijk kader beschreven in hoofdstuk I van de onderhavige beslissing gepresenteerd en geanalyseerd III.1 57. Voorstel van Elia Elia stelt voor om op de Belgisch-Franse grens een continu impliciet bilateraal mechanisme op te zetten met 24 tijdvakken voor het 3e kwartaal 2016. De invoering van dit impliciete mechanisme op de Belgisch-Franse grens wordt voorafgegaan door de invoering door de netbeheerders, voor het begin van 2016, van een expliciet mechanisme voor de transmissiecapaciteit gebaseerd op een allocatieregel "first come, first served" (“FCFS”) gebaseerd op 24 tijdvakken (in plaats van de huidige 12). Dit mechanisme biedt uurproducten en producten die meerdere achtereenvolgende uren dekken. De TSO's stellen eveneens voor om gelijktijdig met het impliciete mechanisme een reserveoplossing (fallback-mechanisme) op te zetten in geval het impliciete mechanisme niet beschikbaar is. Deze reserveoplossing zou gebaseerd zijn op het systeem voor nominaties van Elia en beroep doen op een allocatieregel "first come, first served" van de transmissiecapaciteit. 58. Op de Belgisch-Nederlandse grens, waar een impliciet intra-day mechanisme reeds bestaat, stelt Elia voor om voor het 3e kwartaal 2016, [VERTROUWELIJK], een impliciet mechanisme op te zetten gebaseerd op 24 tijdvakken in plaats van de momenteel bestaande 12. Dit mechanisme biedt al uurproducten en producten die meerdere achtereenvolgende uren dekken. Niet-vertrouwelijk 51/80 59. Het voorstel van Elia, evenals deze beslissing, hebben uitsluitend betrekking op het allocatiemechanisme van de intra-day capaciteiten en niet op de berekeningsmethoden van de intra-day capaciteiten die apart worden behandeld (op dit moment in afwachting van de implementatie van een methode die is gebaseerd op de stromen). 60. Het voorstel van ELIA is uitgewerkt in de bijlage bij deze beslissing. III.2 61. Context Om verschillende redenen is de “go-live” van het XBID-project, dat voorziet in de invoering van een impliciet mechanisme dat wordt gecoördineerd op het niveau van de regio NWE+ (de Scandinavische landen, de CWE-regio, Engeland, Oostenrijk en Zwitserland), uitgesteld tot op zijn vroegst medio 2017. Dit mechanisme zal echter niet mogelijk maken dat voldaan wordt aan het geheel van vereisten van het Europese streefmodel, waarvan de geografische strekking verder reikt en dat bovendien voorziet in het tariferen van de transmissiecapaciteit in geval van congestie, in een allocatie op basis van de stromen en in voldoende gedefinieerde biedzones (zie hieronder). 62. Gezien de omvang van de geziene vertraging hebben de marktspelers gevraagd om zo spoedig mogelijk verbeterde mechanismen aan de Belgische grenzen in te voeren. Deze verbeteringen hebben onder meer betrekking op het loslaten van het pro-rata mechanisme dat is gebaseerd op 12 tijdvakken, de overgang naar tijdvakken met een neutralisatietijd van een uur en op een herberekening, naar intra-day, van de transmissiecapaciteiten. 63. De overname van de Belpex/APX door EPEX Spot in 2015 heeft het mogelijk gemaakt om op korte termijn een bilateraal impliciet mechanisme op te zetten op de Belgisch-Franse grens. 64. Op basis van deze elementen hebben de Belgische en Franse netbeheerders oplossingen en een voorstel genaamd “Quick Wins” ontwikkeld gericht op een snellere verbetering van de mechanismen voor intra-day uitwisseling op de Belgisch-Franse grens. Dit voorstel bestaat erin de marktspelers direct te laten profiteren van de ontwikkelingen die nodig zijn voor het opzetten van een bilateraal impliciet mechanisme. Vandaar dat Elia voorstelt om in eerste instantie een expliciet mechanisme voor de transmissiecapaciteit op de Belgisch-Franse grens in te voeren gebaseerd op 24 tijdvakken waarvan de ontwikkeling van de kant van de TSO's sowieso nodig zijn voor het opzetten van het bilaterale impliciete mechanisme. Niet-vertrouwelijk 52/80 65. De grootverbruikers en de CREG waren altijd gekant tegen het opzetten van mechanismen voor de expliciete allocatie van de transmissiecapaciteit. De redenen van de CREG zijn hieronder uitgewerkt. 66. Voor de mechanismen voor expliciete allocatie van de capaciteit die bestaan op de andere grenzen met Frankrijk is door de CRE en de CREG overeengekomen om een raadpleging van de marktspelers te organiseren, onder meer over het al dan niet hebben van een expliciet mechanisme voor de allocatie van de transmissiecapaciteit. Deze raadpleging is als bijlage 6 aan deze ontwerpbeslissing toegevoegd. De vragen van deze raadpleging zijn in herinnering gebracht in deze analyse van het voorstel van Elia. Het dient opgemerkt te worden dat de raadpleging van de marktspelers wat betreft deze ontwerpbeslissing van de CREG niet beperkt is tot deze 4 vragen en betrekking heeft op de ontwerpbeslissing van de CREG als geheel. 67. Desalniettemin wil de CREG in het bijzonder kennis nemen van de redenen die het organiseren van een expliciet mechanisme (uitsluitend transmissiecapaciteit) in parallel aan een impliciet mechanisme (energie en transmissiecapaciteit) rechtvaardigen in het geval impliciete blokproducten beschikbaar zijn. Het betreft vraag nummer 4 van de raadpleging. III.3 68. Europees intra-day streefmechanisme Het Europese streefmechanisme voor de grensoverschrijdende en intra-day uitwisselingen van energie is gebaseerd op een continu en impliciet (energie en transmissiecapaciteit) proces van allocatie van de capaciteiten gebaseerd op de stromen, die op voldoende wijze de transmissiecapaciteit waardeert in geval van schaarste. Dit mechanisme zal moeten worden toegepast op de intra-day uitwisselingen tussen de biedzones die voldoende zullen zijn gedefinieerd. III.4 Evaluatie van de expliciete FCFS-allocatie die begin 2016 ingevoerd moet worden op de Frans-Belgische grens 69. Elia stelt voor om in eerste instantie een expliciet intra-day mechanisme voor de allocatie van grensoverschrijdende transmissiecapaciteit in te voeren gebaseerd op de regel van “first come, first served” (“FCFS”) die gebaseerd zal zijn op 24 tijdvakken met een neutralisatietijd van maximaal een uur. Niet-vertrouwelijk 53/80 70. De invoering van dit mechanisme kan, aldus Elia, zeer snel gerealiseerd worden (begin 2016) en vormt het verplichte overgangspunt, voor de netbeheerders, voor de invoering van het bilaterale impliciete mechanisme. 71. Dit mechanisme zou moeten voldoen aan de verwachtingen die sommige marktspelers hebben wat betreft de flexibiliteit en die de traagheid bekritiseren van het huidige mechanisme dat gebaseerd is op slechts 12 tijdvakken. 72. De CREG is van mening dat het mechanisme voor allocatie van capaciteiten niet in overeenstemming is met de Verordening 714/2009, die een op de markt gebaseerde allocatie vereist, en niet in overeenstemming is met Verordening 2015/1222 die, indien de betreffende toezichthouders hierom verzoeken, de invoering van een expliciet mechanisme voor de intra-day transmissiecapaciteit toestaat, parallel aan een impliciete allocatie. 73. Inderdaad staat de expliciete FCFS-allocatie van de transmissiecapaciteit op geen enkele wijze toe dat de waarde die deze capaciteit voor diens verkrijger heeft een rol speelt en is derhalve niet gebaseerd op de markt en is niet overeenkomstig met Artikel 16.1 van Verordening 714/2009. Bovendien is dit mechanisme niet in overeenstemming met de artikelen 1.6, 2.1 en 2.7 van bijlage 1 van deze Verordening 714/2009. 74. Dit mechanisme heeft vele nadelen (gebrek aan efficiëntie voor zover het afzonderlijk de energie en de transmissiecapaciteit toewijst, ongunstig voor kleine marktspelers,...) die uitgewerkt zijn in sectie III.6 hieronder. 75. Bovendien voorziet de Verordening 2015/1222 niet in het op geïsoleerde wijze invoeren van een expliciet allocatiemechanisme van de intra-day transmissiecapaciteit gebaseerd op een FCFS-selectieregel. 76. Meer in het algemeen beantwoordt dit mechanisme niet aan de doelstelling van het Europese streefmechanisme voor zover het niet gecoördineerd is (op het niveau van de regio van de berekening van de capaciteiten), voorziet het niet in een allocatie op basis van de stromen, staat het geen enkele tarifering toe van de transmissiecapaciteit in geval van congestie of schaarste en is het niet gebaseerd op adequate biedzones. 77. Bovendien zou deze toewijzingsmethode compatibiliteitsproblemen kunnen opleveren met de REMIT-wetgeving4 die hiervoor van toepassing is en in het bijzonder met de onlangs 4 Verordening (EU) n°1227/2011 van het Europees Parlement en de Europese Raad betreffende de integriteit en de transparantie van de groothandelsmarkt voor energie. Niet-vertrouwelijk 54/80 door ACER uitgegeven nota over dit onderwerp5 (zie, onder andere;sectie 6.4.3.d over vooraf afgesproken handel: "Pre-arranged trading: The practice of two commodity dealers trading with each other at prices upon which they have agreed in advance. Pre-arranged trading is designed to exclude other dealers from the market, to gain a tax advantage, or both. As a result, pre-arranged trading is illegal." ). De CREG zal zich aandachtig tonen ten aanzien van deze kwestie. 78. Ten slotte dient opgemerkt te worden dat er op deze vorm van handel moeilijker toezicht kan worden gehouden door de regulator. In dit kader begrijpt de CREG dat de individuele orders op dagelijkse basis haar moeten worden verzonden op niet-anonieme basis en dat de prijzen6 en volumes van de uitgevoerde transacties zonder vertraging op anonieme wijze gepubliceerd zullen worden op het handelsplatform. De CREG vraagt eveneens om verwittigd te worden zodra een schorsingsprocedure wordt opgestart tegen marktpartijen. 79. Vanwege de redenen die in de hierboven staande paragrafen 69 tot 78 uiteengezet zijn, kan de CREG de invoering van het door Elia voorgestelde mechanisme niet goedkeuren. Desalniettemin kan de CREG, in afwachting van een impliciet mechanisme dat beter voldoet aan het streefmodel, in samenspraak met de CRE de invoering van dit mechanisme toestaan voor een overgangsperiode die eind september 2016 afloopt teneinde de marktspelers snel te laten profiteren van de flexibiliteit die wordt geboden door het bestaan van 24 tijdvakken en een neutralisatietijd van een uur. Deze goedkeuring is afhankelijk van de naleving van de vereisten met betrekking tot monitoring en transparantie zoals beschreven in paragraaf 78 hierboven. 80. De vragen van de raadpleging (zie laatste bijlage) die meer in het bijzonder betrekking hebben op dit deel van het voorstel van Elia, zijn opgenomen in het kader hieronder. Vraag 1: Bent u voorstander van de invoering begin februari 2016 van een expliciete allocatie van de intra-day capaciteit over de 24 tijdvakken aan de Frans-Belgische grens ter vervanging van het verbeterde pro-rata mechanisme? 5 Guidance on the application of Regulation (EU) No 1227/2011 of the European Parliament and of the Council of 25 October 2011 on wholesale energy market integrity and transparency http://www.acer.europa.eu/Media/Pages/3rd%20Edition%20ACER%20Guidance%20REMIT%20
(2).pd f 6 De vereiste voor publicatie van de prijzen van de aanvaarde transacties is geschrapt na de opmerking van Elia: zie paragrafen 136 tot 140 Niet-vertrouwelijk 55/80 Vraag 2: Hebt u opmerkingen over het ontwerp van IFB-regels dat is voorgesteld door RTE (zie bijlage)?
  1. De CREG vestigt de aandacht echter op het belang zo spoedig mogelijk te beschikken over een mechanisme voor herberekening van de intra-day transmissiecapaciteit. Dit punt is herhaald en maakt deel uit van andere beslissingen van de CREG. Het zou inderdaad bijzonder onwenselijk zijn dat tegelijk met de invoering van dit mechanisme de aan de markt aangeboden capaciteiten nabij nul zouden zijn als gevolg van de invoering van een koppeling gebaseerd op de stromen op D-
  2. Dankzij de coördinatie met de CRE kon men de aandacht van de CREG vestigen op een punt dat als relevant werd beschouwd en dat verband hield met de IFB-regels en met de vastheid. Het betreft de kwestie van de compensatie van de intradayrechten. De CREG is van mening, in samenspraak met de CRE, dat deze kwestie moet worden behandeld in het kader van de invoering van het intradaymodel dat in Verordening 2015/1222 is voorzien. III.5 Evaluatie van het bilaterale

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.